symbool Alfa Romeo Giulietta 2014 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ALFA ROMEO, Model Year: 2014, Model line: Giulietta, Model: Alfa Romeo Giulietta 2014Pages: 280, PDF Size: 6.6 MB
Page 132 of 280

Wat het betekent Wat te doen
geelELEKTRONISCHE STABILITEITSREGELING
(ESC)
Wanneer de contactsleutel naar MAR wordt
gedraaid, gaat het lampje branden maar het moet
doven zodra de motor is gestart. Inwerkingtreding
van het systeem wordt aangegeven door het
knipperen van het waarschuwingslampje: dit
geeft aan dat de stabiliteit en de grip van de auto
in kritieke toestand verkeren.
Als het
waarschuwingslampje niet dooft, of als het
blijft branden als de motor draait, betekent dit
dat er een storing in het ESC-systeem is
gedetecteerd.
Bij sommige versies verschijnt een speciaal
bericht op het display.Neem zo snel mogelijk contact op met het Alfa
Romeo Servicenetwerk om het probleem te laten
diagnosticeren en oplossen.
Storing ASR-systeem
Wanneer de contactsleutel naar MAR wordt
gedraaid, gaat het lampje branden maar het moet
doven zodra de motor is gestart. Het lampje gaat
tijdens het rijden knipperen om aan te geven dat
het ASR-systeem in werking is getreden.waarschuwingslampje niet dooft, of als het
blijft branden als de motor loopt, betekent dit
dat er een storing in het ASR-systeem is
gedetecteerd.
Neem in dit geval zo snel mogelijk contact op met
het Alfa Romeo Servicenetwerk.
Storing Hill Holdersysteem
Het waarschuwingslampje gaat tegelijk branden
met het symbool
en het bijbehorende bericht
verschijnt op het display om een storing in het Hill
Holdersysteem aan te geven.Neem in dit geval zo snel mogelijk contact op met
het Alfa Romeo Servicenetwerk.
128
KENNIS VAN HET INSTRUMENTENPANEEL
Waarschuwingslampjes
op
instrumentenpaneel
Bij sommige versies verschijnt een
bericht op het display. speciaal
Als het
Page 135 of 280

SYMBOLEN EN MELDINGEN OP HET DISPLAYSymbool op het
displayWat het betekent Wat te doen
AFSLUITER VAN DE BRANDSTOFTOEVOER
Bij sommige versies verschijnt een bericht plus
symbool op het display wanneer de afsluiter van
de brandstoftoevoer inschakelt.Zie, voor het resetten van het
brandstofafsluitsysteem, het deel "Afsluiter van de
brandstoftoevoer" van de paragraaf
"Bedieningselementen" in het hoofdstuk
"Kennismaking met de auto". Neem contact op
met het Alfa Romeo Servicenetwerk als de
brandstoftoevoer nog steeds niet hersteld kan
worden.MOGELIJKE IJSVORMING OP WEGDEK
Bij versies met "Herconfigureerbaar
multifunctioneel display" verschijnen er een
bericht en een symbool wanneer de
buitentemperatuur 3°C of lager bedraagt.
Bij versies met “Multifunctioneel display”
verschijnt alleen het speciale bericht.
BELANGRIJK Indien er een storing is in de
buitentemperatuursensor, worden de cijfers die
de waarde aangeven door streepjes vervangen.STORING REMLICHTEN
Bij sommige versies verschijnt er een bericht plus
symbool op het display wanneer een storing in de
remlichten optreedt.De storing kan veroorzaakt zijn door een
doorgebrande lamp, een doorgebrande zekering
of een onderbroken elektrische verbinding.
131
Page 136 of 280

Symbool op het
displayWat het betekent Wat te doen
STORING SCHEMERSENSOR
(voor bepaalde versies/markten)
Bij sommige versies verschijnt er een bericht plus
symbool op het display wanneer een storing in de
schemersensor optreedt.Neem contact op met het Alfa Romeo
Servicenetwerk om de storing zo spoedig
mogelijk te laten verhelpen.STORING REGENSENSOR
(voor bepaalde versies/markten)
Bij sommige versies verschijnt er een bericht plus
symbool op het display wanneer een storing in de
regensensor optreedt.Neem contact op met het Alfa Romeo
Servicenetwerk om de storing zo spoedig
mogelijk te laten verhelpen.STORING PARKEERSENSOR
(voor bepaalde versies/markten)
Bij sommige versies verschijnt er een bericht plus
symbool op het display wanneer een storing in de
parkeersensoren optreedt.Neem contact op met het Alfa Romeo
Servicenetwerk om de storing zo spoedig
mogelijk te laten verhelpen.
132
KENNIS VAN HET INSTRUMENTENPANEEL
Page 137 of 280

Symbool op het
displayWat het betekent Wat te doen
INSCHAKELING/UITSCHAKELING
START&STOP-SYSTEEM
(voor bepaalde versies/markten)
Inschakeling Start&Stop-systeem
Er verschijnt een bericht op het display wanneer
het Start&Stop-systeem wordt ingeschakeld. In
dit geval is de led op de knop
gedoofd (zie
paragraaf “Start&Stop” in dit hoofdstuk).
Uitschakeling Start&Stop-systeem
Versies met multifunctioneel display: een bericht
wordt weergegeven wanneer het Start&Stop-
systeem wordt uitgeschakeld.
Versies met herconfigureerbaar multifunctioneel
display:het symbool
plus een bericht
verschijnt op het display wanneer het Start&Stop-
systeem wordt uitgeschakeld.
De led op de knopbrandt wanneer het
systeem is uitgeschakeld.
STORING START&STOP
Als er een storing optreedt in het Start&Stop
systeem, knippert het symbool
(versies met
multifunctioneel display) of
(versies met
herconfigureerbaar multifunctioneel display) op
het display.
Bij bepaalde versies/markten wordt er ook een
bericht weergegeven.Neem in deze gevallen contact op met het Alfa
Romeo Servicenetwerk om de storing zo spoedig
mogelijk te laten verhelpen.
133
Page 138 of 280

Symbool op het
displayWat het betekent Wat te doen
WEERGAVE VAN GEKOZEN RIJMODUS
(“Alfa DNA”-systeem)
Bij versies met een "Herconfigureerbaar
multifunctioneel display", worden een bericht en
het symbool van de gekozen rijmodus,
“DYNAMIC”, “NATURAL” of “ALL WEATHER”,
weergegeven. Er verschijnt een
waarschuwingsbericht op het display wanneer
een van deze rijmodi niet beschikbaar is.
Bij versies met multifunctioneel display, wordt
samen met het speciale bericht ook de letter ("d"
of "a") van de gekozen rijmodus weergegeven.
134
KENNIS VAN HET INSTRUMENTENPANEEL
Page 162 of 280

DE MOTOR STARTENSTARTPROCEDURE
VOOR BENZINEVERSIES
Ga als volgt te werk:
❒trek de handrem aan en zet de
versnellingspook in de vrijstand;
❒trap het koppelingspedaal volledig in
zonder het gaspedaal aan te raken;
❒draai de contactsleutel naar AVV en
laat deze los zodra de motor start.
BELANGRIJKE INFORMATIE
100) 101)
102)
❒Als de motor niet bij de eerste poging
start, draai dan de contactsleutel
naar de stand STOP alvorens de
procedure te herhalen.
❒Als, met de contactsleutel in de stand
MAR, het waarschuwingslampje
op het instrumentenpaneel (of
het symbool op het display) samen
met het waarschuwingslampjeblijft branden, draai dan de
sleutel naar STOP en weer terug naar
MAR. Als het waarschuwingslampje
(of het symbool op het display) blijft
branden, probeer dan met de andere
sleutels die bij de auto zijn geleverd.
Neem contact op met het Alfa
Romeo Servicenetwerk als de motor
nog steeds niet gestart kan worden.❒Laat de contactsleutel nooit in de
MAR stand bij afgezette motor.
STARTPROCEDURE
VOOR DIESELVERSIES
Ga als volgt te werk:
❒trek de handrem aan en zet de
versnellingspook in de vrijstand;
❒draai de contactsleutel naar MAR: de
waarschuwingslampjes
en
op het instrumentenpaneel gaan
branden (voor bepaalde versies/
markten);
❒wacht tot de waarschuwingslampjes
doven;
❒trap het koppelingspedaal volledig in
zonder het gaspedaal aan te raken;
❒draai de contactsleutel naar AVV
zodra het waarschuwingslampjedooft. Als te lang wordt
gewacht, is het werk van de
voorgloeibougies tevergeefs. Laat de
sleutel los zodra de motor start.
DE GESTARTE MOTOR
OPWARMEN
Ga als volgt te werk:
❒rijd langzaam weg en laat de motor
bij gemiddelde toerentallen draaien
zonder bruusk te accelereren;❒verlang in het begin geen maximale
prestaties. Wacht tot de wijzer van
de koelvloeistoftemperatuurmeter
begint te bewegen.
DE MOTOR UITZETTEN
Draai de contactsleutel naar de stand
STOP terwijl de motor stationair draait.
BELANGRIJK Voordat de motor na
een zware rit wordt uitgezet, moet men
hem even stationair laten draaien.
Hierdoor kan de temperatuur in de
motorruimte dalen.
BELANGRIJK
100) Het is gevaarlijk om de motor in
afgesloten ruimten te laten
draaien. De motor verbruikt
zuurstof en produceert
kooldioxide, koolmonoxide en
andere giftige gassen.
101) De rembekrachtiging werkt niet
zolang de motor niet is gestart;
om die reden is meer kracht dan
normaal benodigd voor de
bediening van het rempedaal.
158
STARTEN EN RIJDEN
1)
17)
1)19) 6
8
Page 170 of 280

"Kick Down" functie
Om weer snel snelheid te kunnen
maken, schakelt het regelsysteem van
de versnellingsbak, als het gaspedaal
volledig wordt ingetrapt, naar een
lagere versnelling (kick-downfunctie).
BELANGRIJK Bij het rijden over wegen
met weinig grip (sneeuw, ijs, enz.)
wordt geadviseerd de kick-down
functie niet te gebruiken.
Integratie met "Alfa
DNA" systeem
Met het "Alfa DNA" systeem fig. 134
kunnen drie verschillende rijmodi
geselecteerd worden:
❒“Dynamic”: er wordt bij hogere
toerentallen geschakeld. Dit legt het
accent op een sportieve rijstijl;❒“Natural”: er wordt bij lage
toerentallen geschakeld. Dit legt het
accent op comfort en verlaagt het
verbruik;
❒"All Weather": rijprogramma voor
wegen met weinig grip (bijv. sneeuw,
ijs, modder, enz.).
Schakeladvies
Als men bij versnellingsbak in de
automatische modus (keuzehendel in
stand D), wil schakelen met de
schakelpeddels op het stuurwiel (voor
bepaalde versies/markten), schakelt het
systeem over naar de "sequentiële
modus", met bijbehorende weergave
van de ingeschakelde versnelling
gedurende ongeveer 5 seconden.
Als na deze tijd de schakelpeddels niet
meer bediend worden, keert het
systeem terug naar de automatische
modus (D) (met betreffende weergave
op het display).
SEQUENTIËLE RIJMODUS
In de sequentiële rijmodus werkt de
versnellingsbak als een
handgeschakelde bak.Schakelen met de
keuzehendel
Verplaats de hendel vanuit stand D
opzij (naar links) in de sequentiële
stand:
❒hendel naar "+": inschakeling hogere
versnelling;
❒hendel naar "−": inschakeling lagere
versnelling.
De correcte stand van de hendel in de
sequentiële modus wordt aangegeven
door het oplichten van de symbolen "+"
en "−" en het doven van symbool D
op het display (op het display wordt
alleen de ingeschakelde versnelling
getoond).
Schakelen met de
schakelpeddels op het
stuurwiel
(voor bepaalde versies/markten)
Bij sommige versies kan worden
geschakeld met de schakelpeddels op
het stuurwiel fig. 135.
106)
Om de schakelpeddels op het stuurwiel
te gebruiken, moet de keuzehendel in
de sequentiële stand of stand D staan:
❒schakelpeddel "+" (door de peddel
naar de bestuurder te trekken fig.
136): inschakelen van hogere
versnelling;
134
A0K0612
166
STARTEN EN RIJDEN
Page 225 of 280

BELANGRIJK
137) Rook nooit als u
werkzaamheden in de
motorruimte verricht. Er kunnen
brandbare gassen en dampen
aanwezig zijn en in brand vliegen.
138) Wees bijzonder voorzichtig
bij het werken in de motorruimte
wanneer de motor heet is: gevaar
voor brandwonden.
139) Wacht voor het bijvullen van de
olie tot de motor is afgekoeld
alvorens de vulplug los te maken.
Dit geldt in het bijzonder voor
auto's met een aluminium vulplug
(voor bepaalde versies/markten).
WAARSCHUWING: gevaar voor
brandwonden!
140) Het koelsysteem staat onder
druk. Vervang, indien nodig, de
dop alleen door een origineel
exemplaar om de werking van het
systeem niet negatief te
beïnvloeden. Draai bij warme
motor de dop van het reservoir
niet los: gevaar voor
brandwonden.141) Rijd nooit met een leeg
ruitensproeierreservoir:
ruitensproeiers zijn van
fundamenteel belang voor een
goed zicht. Herhaaldelijke werking
van het systeem zonder vloeistof
kan leiden tot schade aan of
snelle verslechtering van
sommige systeemcomponenten.
142) Bepaalde in de handel
verkrijgbare additieven voor
ruitensproeiervloeistoffen zijn
ontvlambaar. De motorruimte
bevat warme onderdelen die bij
contact met de vloeistof brand
kunnen veroorzaken.
143) Remvloeistof is giftig en uiterst
corrosief. Als er per ongeluk
remvloeistof gemorst wordt,
moeten de betrokken delen
onmiddellijk worden gewassen
met water en neutrale zeep.
Vervolgens met veel water
afspoelen. In geval van inslikken
onmiddellijk een arts raadplegen.
144) Het symbool
op de
verpakking geeft een synthetische
remvloeistof aan, die dus
verschilt van een minerale
remvloeistof. Het gebruik van
minerale vloeistoffen kan de
speciale rubbers in het
remsysteem onherstelbaar
beschadigen.
BELANGRIJK
3) Gebruikte motorolie en oliefilters
bevatten stoffen die schadelijk
zijn voor het milieu. Neem contact
op met het Alfa Romeo
Servicenetwerk om de olie en de
filters te laten vervangen.
4) Gebruikte transmissievloeistof
bevat stoffen die schadelijk zijn
voor het milieu. Men adviseert om
voor het vervangen van de olie
contact op te nemen met het Alfa
Romeo Servicenetwerk.
221