dashboard Alfa Romeo MiTo 2011 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ALFA ROMEO, Model Year: 2011, Model line: MiTo, Model: Alfa Romeo MiTo 2011Pages: 262, PDF Size: 5.31 MB
Page 147 of 262

146VEILIGHEID
FRONTAIRBAGS
De auto is uitgerust met meertraps-frontairbags („Smartbags”) aan
bestuurders- en passagierszijde en een knie-airbag aan bestuur-
derszijde.
„SMARTBAGS”
(MEERTRAPS-FRONTAIRBAGS)
De frontairbags (bestuurder en passagier) en de knie-airbag aan
bestuurderszijde beschermen de inzittenden voor bij middelzware
en zware frontale botsingen, door het opblazen van een luchtkussen
tussen de inzittende en het stuurwiel of het dashboard.
De airbags zijn geen vervanging voor de veiligheidsgordels, maar
een aanvulling. Draag dus altijd veiligheidsgordels. Bij een onge-
val kan een inzittende die geen veiligheidsgordel heeft omgelegd,
in contact komen met een airbag die nog niet volledig opgebla-
zen is. Hierdoor wordt de inzittende minder door de airbag be-
schermd.
Het is mogelijk dat de frontairbags in de volgende gevallen niet
worden geactiveerd:
❍bij frontale botsingen, met een ander deel van de auto dan het
front, tegen makkelijk vervormbare objecten (bijv. als het voor-
spatbord tegen de vangrail komt);
❍als de auto onder andere auto’s of veiligheidsvoorzieningen
schuift (bijvoorbeeld onder vrachtwagens of de vangrail);
omdat geen enkele aanvullende bescherming wordt geboden op
de veiligheidsgordels. Als de airbags in deze gevallen niet geacti-
veerd worden, betekent dit niet dat het systeem niet goed func-
tioneert.
FRONTAIRBAG AAN BESTUURDERSZIJDE
fig. 15
Deze is in een daarvoor bestemde ruimte in het midden van het
stuurwiel is geplaatst.
Plaats geen stickers of andere objecten op het stuurwiel, op het deksel van de airbag aan pas-sagierszijde of op de zijkant van de hemelbekle-
ding. Plaats geen voorwerpen op het dashboard aan pas- sagierszijde, omdat deze het correct openen van de airbagaan passagierszijde kunnen hinderen en de inzittendenernstig kunnen verwonden.
fig. 15A0J0047m
Page 148 of 262

VEILIGHEID147
2
FRONTAIRBAG AAN PASSAGIERSZIJDE fig. 16
Deze is in een daarvoor bestemde ruimte in het dashboard geplaatst.
Rijd altijd met beide handen op de stuurwielrand,zodat bij het in werking treden van de airbag, hetsysteem niet wordt gehinderd door obstakels. Rijd
niet met voorover gebogen lichaam, maar ga goed recht- op zitten en steun tegen de rugleuning.
fig. 16A0J0050m
Monteer absoluut geen kinderzitje achterstevorenop de passagiersstoel voor als de airbag aan pas-sagierszijde is ingeschakeld. Als bij een ongeval deairbag in werking treedt (opblaast), kan dit ern-stig letsel en zelfs de dood tot gevolg hebben, on-
geacht de zwaarte van het ongeluk. Als er geen andere mogelijkheid is, moet altijd de airbag aan passagierszij-de uitgeschakeld worden als het kinderzitje op de passa-giersstoel voor wordt geplaatst. Bovendien moet de pas-sagiersstoel zo ver mogelijk naar achteren zijn geschovenom te voorkomen dat het kinderzitje eventueel in aan-raking komt met het dashboard. Ook als het niet wette-lijk verplicht is, raden wij u aan, voor een optimale be-scherming van de volwassenen, de airbag onmiddellijkweer in te schakelen zodra er geen kinderen meer ver-voerd worden.
Page 152 of 262

VEILIGHEID151
2
De geldigheidsduur van de pyrotechnische ladingen die van het spiraalmechanisme zijn vermeld ophet betreffende plaatje in het dashboardkastje.
Wendt u vóór het verstrijken van deze periode tot het Alfa Romeo Servicenetwerk om de gordelspanner te la-ten vervangen.
Reis niet met voorwerpen op schoot of voor deborst en houd vooral geen pijp, potlood enz. inde mond. Bij een ongeval waarbij de airbag in wer-
king treedt, kan dit ernstig letsel veroorzaken.
Laat bij diefstal of een poging tot diefstal, bij be- schadiging of als de auto bij een overstroming on-der water is geweest, het airbagsysteem door het
Alfa Romeo Servicenetwerk controleren.
Bedenk dat als de contactsleutel in stand MAR staat, ook bij uitgezette motor de airbags geacti-veerd kunnen worden als de auto wordt aange-
reden door een andere auto. Daarom mogen, ook als de auto stilstaat, absoluut geen kinderen op de passagiers-stoel voor worden geplaatst. Als de contactsleutel echterin stand STOP staat, wordt bij een ongeval geen enkel be-veiligingssysteem (airbag of gordelspanners) geactiveerd;als een systeem niet in werking treedt, betekent dit nietdat het systeem niet goed werkt.
Als u de contactsleutel in stand MAR draait, gaathet lampje
“(met ingeschakelde frontairbag aan
passagierszijde) enige seconden branden en ver-
volgens enige seconden knipperen, om aan te geven dat de airbag aan passagierszijde bij een ongeval wordt ge-activeerd. Hierna moet het lampje doven.
De frontairbag treedt in werking als de botsingzwaarder is dan een botsing waarbij alleen de gor-delspanners worden geactiveerd.
Bij aanrijdingen die tussen die twee drempelwaarden in liggen, treden alleen de gordelspanners in werking.
Page 174 of 262

NOODGEVALLEN173
4
Reparatieset „Fix&Go Automatic”
Deze bevindt zich in de bagageruimte. In de reparatieset bevindt
zich ook de schroevendraaier en het sleepoog. De set bestaat uit:
❍een spuitbus A-fig. 13 met afdichtvloeistof, die voorzien is van:
een vulbuis B en een sticker C met het opschrift „max. 80
km/h”. Na het repareren van het wiel moet deze sticker op
een voor de bestuurder goed zichtbare plaats worden aange-
bracht (op het dashboard);
❍een compressor D met manometer en verbindingsstukken;
❍een informatiefolder fig. 14, voor een correct gebruik van de
snelle reparatieset. De folder moet overhandigd worden aan
het personeel dat de band die behandeld is met de bandenre-
paratieset, moet repareren;
❍een paar werkhandschoenen dat in het zijvak van de com-
pressor is te vinden;
❍adapters voor het oppompen van diverse voorwerpen. BELANGRIJK De afdichtvloeistof werkt bij buitentemperaturen tus-
sen –20°C en +50°C. De afdichtvloeistof heeft een houdbaar-
heidsdatum.
fig. 13A0J0112mfig. 14A0J0113m
Overhandig de informatiefolder aan het personeel
dat de band repareert die behandeld is met de
reparatieset Fix&Go Automatic.
Als u een lekke band krijgt, kan de band gerepa-
reerd worden als de diameter van het lek niet gro-
ter is dan 4 mm.
Page 180 of 262

NOODGEVALLEN179
4
5/21W–
55W
55W D1S
21W
21W 5W –
–
5W
55W
21W
21W
10W 5W
5W
5WA
– D
D
–
B
BA
–
– AE
B
B CA
C AW21/5W LEDH7
H7 F
WY21W P21WW5W LED
LED
W5W H1
P21W
P21W
C10W W5W C5W
W5W
Lampen TypeVermogen Figuur
Buitenverlichting voor/dagverlichting
Achterlichten
Dimlicht
Grootlicht
Grootlicht/Dimlicht
(uitvoeringen met Bixenon koplampen
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Richtingaanwijzer voor
Richtingaanwijzer achter
Richtingaanwijzer op voorspatbord
Remlicht
Derde remlicht
Kentekenplaatverlichting
Mistlampen voor
Mistachterlicht
Achteruitrijlicht
Plafondverlichting voor
Bagageruimteverlichting
Verlichting dashboardkastje
Dorpelverlichting
Page 186 of 262

NOODGEVALLEN185
4
❍open het beschermdeksel B-fig. 34 en vervang de lamp;
❍sluit het beschermdeksel B op het lampenglas;
❍monteer de verlichtingsunit A-fig. 33 door deze eerst aan een
zijde in de juiste stand te plaatsen en vervolgens de andere zij-
de aan te drukken, totdat de borging inklikt.
VERLICHTING DASHBOARDKASTJE
Gloeilamp vervangen:
❍open het dashboardkastje en verwijder de verlichtingsunit
A-fig. 35;
❍maak de lamp B los uit de veercontacten en vervang hem; con-
troleer of de nieuwe lamp goed vastzit in de veercontacten.
fig. 34A0J0118mfig. 35A0J0122m
Page 190 of 262

NOODGEVALLEN189
4
fig. 41A0J0204m
Als de motorruimte moet worden gereinigd, dan
mag de waterstraal niet direct op de zekeringen-
kast bij de ruitenwissermotor worden gericht.TOEGANG TOT DE ZEKERINGEN
De zekeringen bevinden zich in drie zekeringenkasten; in de mo-
torruimte, op het dashboard en in de bagageruimte.
Zekeringenkast in motorruimte
Deze bevindt zich naast de accu: de zekeringen zijn bereikbaar na-
dat de schroeven A-fig. 40 zijn losgedraaid en het beschermdeksel
B is verwijderd.
De nummers die op de binnenzijde van het deksel zijn aangebracht,
geven de elektrische componenten aan die door de betreffende ze-
kering worden beveiligd.
Controleer na het vervangen van een zekering dat beschermdek-
sel B van de zekeringenkast goed gesloten is.
fig. 40A0J0126m
Page 191 of 262

190NOODGEVALLEN
Zekeringenkast op dashboard
De zekeringen zijn bereikbaar nadat de klep A-fig.42 omlaag is geklapt, vervolgens met de hand het deksel B bij gedeelte C is vastge-
pakt en het deksel eerst van inwendige borgingen C en vervolgens van lippen D is losgemaakt en daarna is verwijderd.
fig. 43A0J0205mfig. 42A0J0334m
Page 193 of 262

192NOODGEVALLEN
F14
F12
F13
F12
F13
F30
F37
F51
F3241
43
43
43
43
41
43
43
4315
7,5
7,5 15
15
15 5
5
5
ZEKERINGENTABEL
VERLICHTING ZEKERINGAMPÈRE FIGUUR
Grootlicht
Dimlicht rechts
Dimlicht links
Gasontladingslamp (rechterzijde)
Gasontladingslamp (linkerzijde)
Mistlampen voor
Derde remlicht
Achteruitrijlicht
Plafondlampje voor,
Bagageruimteverlichting,
Zonneklepverlichting,
Dorpelverlichting,
Dashboardkastverlichting
Page 195 of 262

43
43
43
43
4315
20
20
205F38
F43
F47
F48
F49
194NOODGEVALLEN
VERBRUIKERS ZEKERINGAMPÈREFIGUUR
Motor voor portiervergrendeling,
Motor Safe Lock op portieren,
Motor ontgrendeling achterklep
Ruitensproeier-/achterruitsproeierpomp
Motor elektrische ruitbediening en regeleenheid
(bestuurderszijde)
Motor elektrische ruitbediening en regeleenheid
(passagierszijde)
Regeleenheid parkeersensoren, Regeleenheid
bandenspanningcontrole, Regensensor/schemersensor
op binnenspiegel, Sensor elektronisch dimbare
binnenspiegel, Display lampje inschakeling
veiligheidsgordels op binnenspiegel, Verlichting
schakelaarpanelen (centraal schakelaarpaneel,
schakelaarpaneel bestuurderszijde, schakelaarpaneel
op stuurwiel, schakelaarpaneel Blue&Me
TM),
Bedieningsschakelaars stoelverwarming,
Regeleenheid bewegingssensoren van het alarm,
Regeleenheid elektrisch bediend opendak,
PND-aansluiting op dashboard