door lock CITROEN C-ZERO 2012 Instructieboekjes (in Dutch)

Page 60 of 166

i
i
i
Zicht
58
Dagrijverlichting
Specifieke verlichting voor overdag, waardoor
de auto extra goed zichtbaar is.De dagrijverlichting gaat automatisch branden
zodra u de motor star t en er geen andere
verlichting is ingeschakeld.
Deze verlichting kan niet uitgeschakeld
w
orden. Als de rin
g in de stand AUTO
staat, wordt
het parkeerlicht en het dimlicht automatisch
ingeschakeld als de lichtsterkte van de
omgeving onvoldoende is.
De verlichting wordt uitgeschakeld als delichtsterkte van de omgeving weer voldoende is.
De sensor bevindt zich aan de onderzijde vande voorruit.
Automatische verlichting






Automatisch uitschakelen

Als de lichtschakelaar in de stand "AUTO"
staat, terwijl het contact in de stand "LOCK"
of "ACC" staat of als de sleutel uit het contact
wordt ver wijderd, wordt de verlichtingautomatisch uitgeschakeld wanneer het
bestuurdersportier wordt geopend .
Stand "0": basisinstelling.







Koplampen
verstellen

Verstel de koplampen met halogeenlampen
afhankelijk van de belading van uw auto
om verblinding van medeweggebruikers te
voorkomen. 0. Alleen bestuurder of bestuurder +
1 passa
gier voorin.

1 of 2. 4 personen (inclusief bestuurder).3.4 personen (inclusief bestuurder) +maximaal toegestane belading. 4.
Bestuurder + maximaal toegestane
belading.

De dagrijverlichting bevindt zich in dezelfde behuizing als die van de mistlampen vóór, maar voor deze verlichting worden wel speciale gloeilampen gebruikt.
Het gebruik van dagrijverlichting is in dewegenverkeerswet omschreven.
Bij mist of sneeuwval kan de lichtsensor voldoende licht waarnemen en zullen de lichten niet automatisch wordeningeschakeld. Dek de lichtsensor niet af, debijbehorende functies worden dan nietmeer bediend.

Page 82 of 166

!
!
i
Praktische informatie
80






Tractiebatterij laden
)Trek aan de hendel 1
aan de linkerzijde
onder het dashboard om het klepje van
de aansluiting voor het normaal laden(rechterzijde van de auto) te openen.
Normaal laden
Controleer voordat u de stekker aansluit, of het elektriciteitsnet datu voor het laden wilt gebruiken,voldoet aan de specificaties die op het controlepaneel van de laadkabel zijn aangegeven. Laat uw elektriciteitsnet altijd door een erkend installateur controleren.
Er zijn twee manieren om de tractiebatterij teladen: normaal laden en snelladen.
Het normaal laden verdient de voorkeur; dit
kunt u doen met een
gewone stekker in een stopcontact bij u thuis.
Voor het snelladen is een speciale
voedin
gsbron nodig.
) Zet de selectiehendel in stand P
en trek deparkeerrem stevig aan. )
Schakel alle verbruikers uit en zet hetcontact van uw auto in de stand "LOCK".
Gebruik uitsluitend een laadkabel van CITROËN.
Als de buitenluchttemperatuur lager is dan -25°C, is het laden wellicht niet mogelijk.

Page 86 of 166

!
!
Praktische informatie
84
Controleer of het snellaadapparaat met de kabel geschikt is voor uw auto.
)
Druk de borglip 4
opzij om de afdekkap te openen. )
Controleer of er geen vuil of vreemde delen
in de stekkeraansluiting zitten.
Snelladen
)Zet de selectiehendel in stand Pen trek de parkeerrem stevig aan. )Schakel alle verbruikers uit en zet het contact van uw auto in de stand "LOCK".)Trek aan de hendel 3
aan de linkerzijde
onder de bestuurdersstoel om het klepje
van de snellaadaansluiting (linkerzijde van
de auto) te openen.
Raak de metalen uiteinden van de beide stekkers van de kabel niet aan. Anders bestaat de kans op elektrocutieen/of storingen door schade.
)Sluit de laadkabel op de aansluiting in de auto aan volgens de gebruiksaanwijzing
van het snellaadapparaat.

Page 107 of 166

8
i
!
Praktische informatie
105








Zekeringen vervangen

De speciale tang voor het ver wijderen van
zekeringen is bevestigd aan de binnenzijde
van het deksel van de zekeringkast in het
dashboard (links).
To egang:)Klik het deksel los en trek het in zijn geheelnaar u toe. )Neem de zekeringentang los.


To egang tot het gereedschap
Voordat u een zekering ver vangt, dient u eerstde oorzaak van de storing op te sporen en te(laten) verhelpen.)
Controleer of het contact in de stand " LOCK" staat. )
Traceer de defecte zekering door de geleidende draad te bekijken.
Vervangen van een zekering
Goed Defect
)
Gebruik de speciale tang om de zekering uit de houder te nemen.)
Vervang een zekering altijd door een zekering met dezelfde stroomsterkte. )
Controleer of het getal op de zekeringkast en de stroomsterkte op de zekeringovereenkomen met de waarden in de onderstaande tabel.

CITROËN is niet verantwoordelijk voor kosten die voortvloeien uit het verhelpen van storingen veroorzaakt door het monteren van extra accessoires die niet door haar aanbevolen en geleverd worden of door voorzieningen die niet volgensde voorschriften van CITROËN zijn gemonteerd. Dit geldt met name voor apparatuur met een stroomverbruik vanmeer dan 10 milliampère.

Bij het ontwerp van het elektrischecircuit van uw auto is reeds rekeninggehouden met de montage van zowel destandaarduitrusting als eventuele opties.
Raadpleeg het CITROËN-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats voordatu andere elektrische voorzieningen of accessoires in de auto monteert of laat monteren.