airbag MAZDA MODEL 2 2018 Handleiding (in Dutch)

Page 88 of 735

OPMERKING
•Zet de motor altijd stop en sluit de
portieren. Laat bovendien ter
voorkoming van diefstal nooit
waardevolle voorwerpen in het interieur
achter.
•Als de sleutel op de volgende plaatsen is
achtergelaten en u de auto verlaat,
bestaat de kans dat de portieren
afhankelijk van de condities van de
radiogolven vergrendeld worden, ook
als de sleutel in de auto is achtergelaten.
•Rondom het instrumentenpaneel
•In een opbergvak zoals de
handschoenenkast of de
middenconsole
•Op de hoedenplank (sedan)
•Vlakbij communicatieapparatuur
zoals een mobiele telefoon
•De buitensluitingspreventiefunctie
voorkomt dat u uzelf uit de auto kunt
buitensluiten.
(Europees model)
Alle portieren en de achterklep/het
kofferdeksel zullen automatisch
ontgrendeld worden als deze
vergrendeld worden met behulp van de
centrale portiervergrendeling wanneer
een van de portieren geopend is.
Als alle portieren gesloten zijn zullen
alle portieren vergrendeld worden,
alhoewel de achterklep/het kofferdeksel
open staat.
(Behalve Europese modellen)
Alle portieren en de achterklep/het
kofferdeksel zullen automatisch
ontgrendeld worden als deze
vergrendeld worden met behulp van de
centrale portiervergrendeling wanneer
een van de portieren of de achterklep
geopend is.
•(Portierontgrendel(regel)systeem met
botsingsdetectie)
*
Dit systeem ontgrendelt automatisch de
portieren en de achterklep/het
kofferdeksel in het geval de auto bij een
ongeluk is betrokken om de passagiers
in staat te stellen het voertuig
onmiddellijk te verlaten en te voorkomen
dat zij binnenin opgesloten raken. In het
geval de auto een botsing te verwerken
krijgt die krachtig genoeg is om de
airbags op te blazen en het contact is
ingeschakeld, worden ongeveer 6
seconden na het tijdstip van het ongeval
alle portieren en de achterklep/het
kofferdeksel automatisch ontgrendeld.
Het is mogelijk dat de portieren en de
achterklep/het kofferdeksel niet
ontgrendelen afhankelijk van hoe de
botsing wordt opgevangen, de kracht
van de botsing en andere
omstandigheden die zich bij het ongeval
voordoen.
Als systemen die verband houden met de
portieren of de accu defect zijn geraakt,
zullen de portieren en de achterklep/het
kofferdeksel niet ontgrendelen.
$OYRUHQVWHJDDQULMGHQ
3RUWLHUHQHQVORWHQ

%HSDDOGHPRGHOOHQ

Page 203 of 735

▼+DQGEHGLHQGRSVFKDNHOHQ
2SVFKDNHOHQYDQGHYHUVQHOOLQJHQLV
PRJHOLMNPHWEHKXOSYDQGHNHX]HKHQGHO
RIGHVWXXUYHUVQHOOLQJVFKDNHODDUV


0:0:0:0:0:0
*HEUXLNYDQGHNHX]HKHQGHO
9RRUKHWRSVFKDNHOHQQDDUHHQKRJHUH
YHUVQHOOLQJGHNHX]HKHQGHOHHQPDDOOLFKW
QDDUDFKWHUHQ
GXZHQ

*HEUXLNYDQGH
VWXXUYHUVQHOOLQJVFKDNHODDU
9RRUKHWRSVFKDNHOHQQDDUHHQKRJHUH
YHUVQHOOLQJPHWEHKXOSYDQGH
VWXXUYHUVQHOOLQJVFKDNHODDUVGH83
VFKDNHODDU
HHQPDDOPHWXZ
YLQJHUVQDDUXWRHWUHNNHQ

UP schakelaar
(+/OFF)
:$$56&+8:,1*
Houd uw handen op de rand van het
stuurwiel wanneer u met uw vingers de
stuurversnellingschakelaars bedient:
Het plaatsen van uw handen binnen de rand
van het stuurwiel bij gebruik van de
stuurversnellingschakelaars is gevaarlijk. Als
de bestuurdersairbag bij een botsing
geactiveerd zou worden, zou deze tegen uw
handen kunnen slaan en letsel veroorzaken.
OPMERKING
•Tijdens langzaam rijden is het mogelijk
dat de versnellingen niet automatisch
opgeschakeld worden.
•Laat tijdens het rijden in de
handbediende overschakelfunctie de
naald van de toerentalmeter niet in de
RODE ZONE komen. Verder zal bij het
volledig intrappen van het gaspedaal de
handbediende overschakelfunctie
overschakelen naar de automatische
overschakelfunctie.
Wanneer het DSC systeem is
uitgeschakeld, is deze functie
geannuleerd. Als echter continu met
hoge toerentallen wordt gereden, zal de
transmissie automatisch opschakelen om
de motor te beschermen.
•De stuurversnellingschakelaar kan
tijdelijk gebruikt worden als de
keuzehendel tijdens het rijden in de
stand D staat. De automatische
overschakelfunctie wordt weer terug
ingesteld wanneer de UP schakelaar
(
) voldoende lang naar achteren
getrokken wordt.
7LMGHQVKHWULMGHQ
$XWRPDWLVFKHWUDQVPLVVLH

%HSDDOGHPRGHOOHQ

Page 204 of 735

▼+DQGEHGLHQGWHUXJVFKDNHOHQ
7HUXJVFKDNHOHQYDQGHYHUVQHOOLQJHQLV
PRJHOLMNPHWEHKXOSYDQGHNHX]HKHQGHO
RIGHVWXXUYHUVQHOOLQJVFKDNHODDUV


0:0:0:0:0:0
*HEUXLNYDQGHNHX]HKHQGHO
9RRUWHUXJVFKDNHOHQQDDUHHQODJHUH
YHUVQHOOLQJGHNHX]HKHQGHOHHQPDDOOLFKW
QDDUYRUHQ
GXZHQ

*HEUXLNYDQGH
VWXXUYHUVQHOOLQJVFKDNHODDU
9RRUKHWWHUXJVFKDNHOHQQDDUHHQODJHUH
YHUVQHOOLQJPHWEHKXOSYDQGH
VWXXUYHUVQHOOLQJVFKDNHODDUVGH'2:1
VFKDNHODDU
HHQPDDOPHWXZYLQJHUVQDDUX
WRHWUHNNHQ

DOWN schakelaar (-)
:$$56&+8:,1*
Op gladde wegen of bij hoge snelheden
niet plotseling afremmen op de motor:
Het terugschakelen tijdens het rijden op
natte of met sneeuw of ijs overdekte
wegen, of tijdens het rijden met hoge
snelheden veroorzaakt plotseling
afremmen op de motor, hetgeen gevaarlijk
is. Door de plotselinge verandering in de
draaisnelheid van de banden kunnen de
banden gaan slippen. Dit kan er toe leiden
dat u de macht over het stuur verliest en
een ongeluk veroorzaakt.
Houd uw handen op de rand van het
stuurwiel wanneer u met uw vingers de
stuurversnellingschakelaars bedient:
Het plaatsen van uw handen binnen de
rand van het stuurwiel bij gebruik van de
stuurversnellingschakelaars is gevaarlijk.
Als de bestuurdersairbag bij een botsing
geactiveerd zou worden, zou deze tegen
uw handen kunnen slaan en letsel
veroorzaken.
7LMGHQVKHWULMGHQ
$XWRPDWLVFKHWUDQVPLVVLH

%HSDDOGHPRGHOOHQ

Page 522 of 735

▼$FKWHUVWHNOHGLQJKDNHQ
:$$56&+8:,1*
Hang nooit zware of scherpe voorwerpen
aan de steungrepen en kledinghaken:
Het hangen van zware of puntige
voorwerpen zoals een kleerhanger aan de
steungrepen of kledinghaken is gevaarlijk,
aangezien deze in het geval van activering
van een gordijn-airbag van hun plaats
kunnen vliegen en een inzittende kunnen
raken, wat ernstig of dodelijk letsel tot
gevolg kan hebben.
+DQJNOHGLQJVWHHGV]RQGHUNOHHUKDQJHUV
RSDDQGHNOHGLQJKDNHQHQVWHXQJUHSHQ
7\ S H  $
Kledinghaak
7\ S H  %
Kledinghaak
,QWHULHXUYRRU]LHQLQJHQ
,QWHULHXUXLWUXVWLQJ


Page 616 of 735

 %HYHVWLJGH
ULMVQHOKHLGVEHSHUNLQJVWLFNHURSHHQ
SODDWVGLHYRRUGHEHVWXXUGHUJRHG
]LFKWEDDULV
:$$56&+8:,1*
Bevestig de snelheidsbeperkingssticker
niet aan het instrumentenpaneel,
aangezien dit het zicht op onderdelen
zoals de waarschuwingsindicators of
de snelheidsmeter kan hinderen:
Bevestigen van de
rijsnelheidsbeperkingsticker op de
afdekking van het stuurwiel is
gevaarlijk. Wanneer de airbag wordt
opgeblazen, kan de sticker een obstakel
vormen en ernstig letsel veroorzaken.
 %HYHVWLJGHFRPSUHVVRUVODQJDDQKHW
EDQGYHQWLHO
Ventiel Compressorslang
 6WHHNGHVWHNNHUYDQGHFRPSUHVVRULQ
GHVWHNNHUEXVYRRUDFFHVVRLUHVLQKHW
LQWHULHXUHQ]HWKHWFRQWDFWRS$&&
Compressor
Stekker van compressor
23*(/(7
¾Controleer alvorens de stekker van de
compressor uit de elektrische
insteekbus te verwijderen of de
aan/uit schakelaar van de
compressor uitgeschakeld is.
¾De compressor kan met behulp van
de druktoets schakelaar in- en
uitgeschakeld worden.
 =HWGHFRPSUHVVRUVFKDNHODDUDDQHQ
SRPSGHEDQGYRRU]LFKWLJRSWRWGH
FRUUHFWHEDQGHQVSDQQLQJLVYHUNUHJHQ
$OVHU]LFKHHQSUREOHHPYRRUGRHW
/HNNHEDQG


Page 644 of 735

6LJQDDO :DDUVFKXZLQJ
:DDUVFKXZLQJV
ODPSMHYRRUV\VWHHP
YDQDLUEDJYRRU
VSDQQHUVYDQYHLOLJ
KHLGVJRUGHOV(HQGHIHFWLQKHWV\VWHHPZRUGWDDQJHGXLGDOVKHWZDDUVFKXZLQJVODPSMHFRQVWDQWNQLS
SHUWFRQVWDQWEUDQGWRIKHOHPDDOQLHWEUDQGWZDQQHHUKHWFRQWDFWRS21JH]HWZRUGW%LM
HONYDQGH]HJHYDOOHQGLHQWX]RVSRHGLJPRJHOLMNHHQGHVNXQGLJHUHSDUDWHXUELMYRRUNHXU
HHQRIILFLsOH0D]GDUHSDUDWHXUWHUDDGSOHJHQ+HWV\VWHHP]DOGDQZHOOLFKWLQKHWJHYDO
YDQHHQDDQULMGLQJQLHWLQZHUNLQJWUHGHQ:$$56&+8:,1*
Sleutel nooit zelf aan de systemen van airbag/veiligheidsgordelvoorspanners en laat altijd
alle onderhoud en reparatie door een deskundige reparateur, bij voorkeur een officiële
Mazda-reparateur, uitvoeren:
Het zelf uitvoeren van onderhoud of sleutelen aan de systemen is gevaarlijk. De kans be‐
staat dat een airbag/voorspanner onvoorzien geactiveerd of buiten werking gesteld wordt.
.QLSSHUW
:DDUVFKXZLQJV
ODPSMHYDQEDQGHQ
VSDQQLQJVFRQWUROH
V\VWHHP

$OVKHWEDQGHQVSDQQLQJVFRQWUROHV\VWHHPGHIHFWLVJDDWKHWZDDUVFKXZLQJVODPSMHYRRUGH
EDQGHQVSDQQLQJJHGXUHQGHRQJHYHHUPLQXXWNQLSSHUHQZDQQHHUKHWFRQWDFWRS21JH
]HWZRUGWHQYHUYROJHQVFRQWLQXEUDQGHQ/DDWXZDXWR]RVSRHGLJPRJHOLMNGRRUHHQGHV
NXQGLJHUHSDUDWHXUELMYRRUNHXUHHQRIILFLsOH0D]GDUHSDUDWHXUFRQWUROHUHQ
:$$56&+8:,1*
Als het waarschuwingslampje van het bandenspanningscontrolesysteem gaat branden of
knipperen of als de waarschuwingszoemtoon voor lage bandenspanning wordt gegeven,
onmiddellijk de rijsnelheid verminderen en plotseling manoeuvreren en remmen vermijden:
Als het waarschuwingslampje van het bandenspanningscontrolesysteem gaat branden of
knipperen of als de waarschuwingszoemtoon voor lage bandenspanning wordt gegeven, is
het gevaarlijk met hoge snelheden te rijden of plotseling te manoeuvreren of te remmen.
De kans bestaat dat u de macht over het stuur verliest en een ongeluk veroorzaakt.
Om te bepalen of u een langzaam leeglopende band of een lekke band heeft, de auto op
een veilige plaats parkeren waar u visueel de toestand van de band kunt controleren en
bepalen of de band voldoende lucht heeft om verder te gaan naar een plaats waar lucht
bijgevuld kan worden en het systeem opnieuw gecontroleerd kan worden door een deskun‐
dige reparateur, bij voorkeur een officiële Mazda reparateur of een bandenreparatiewerk‐
plaats.
Het TPMS waarschuwingslampje mag nooit genegeerd worden:
Negeren van het TPMS waarschuwingslampje is gevaarlijk, ook als u de reden weet waar‐
om het brandt. Laat het probleem zo spoedig mogelijk verhelpen alvorens dit tot een ernsti‐
gere situatie leidt, zoals het plotseling lek raken van een band met een gevaarlijk ongeluk
als mogelijk gevolg.
$OVHU]LFKHHQSUREOHHPYRRUGRHW
:DDUVFKXZLQJVLQGLFDWLHODPSMHVHQZDDUVFKXZLQJV]RHPHUV

%HSDDOGHPRGHOOHQ

Page 655 of 735

,QGHYROJHQGHJHYDOOHQ
ZRUGWHHQ
ZDDUVFKXZLQJV]RHPHU
JHDFWLYHHUG
▼:DDUVFKXZLQJYRRU
QLHWXLWJHVFKDNHOGHYHUOLFKWLQJ
$OVGHYHUOLFKWLQJLVLQJHVFKDNHOGHQKHW
FRQWDFWRS$&&RIXLWJH]HWZRUGW]DOHU
HHQFRQWLQXHSLHSWRRQNOLQNHQ]RGUDKHW
EHVWXXUGHUVSRUWLHUJHRSHQGZRUGW
OPMERKING
•Wanneer het contact op ACC gezet
wordt, heeft de
“Waarschuwingspieptoon voor
niet-uitgeschakeld contact (STOP)”
(pagina 7-54) voorrang boven de
waarschuwing voor niet-uitgeschakelde
verlichting.
•Een gebruikersfunctie is beschikbaar
voor het veranderen van het
geluidsvolume voor de waarschuwing
voor niet-uitgeschakelde verlichting.
Zie Gebruikersinstellingen op pagina
9-13.
▼:DDUVFKXZLQJV]RHPHUYRRUDLUEDJ
JRUGHOVSDQQHUV\VWHHP
$OVHUHHQSUREOHHPLVPHWGHV\VWHPHQ
YDQGHDLUEDJYRRUVSDQQHUVYDQ
YHLOLJKHLGVJRUGHOVHQKHWRSOLFKWHQYDQKHW
ZDDUVFKXZLQJVODPSMH]DOHUHONHPLQXXW
JHGXUHQGHRQJHYHHUVHFRQGHQHHQ
ZDDUVFKXZLQJV]RHPHUNOLQNHQ

+HWJHOXLGYDQGHZDDUVFKXZLQJV]RHPHU
YRRUKHWV\VWHHPYDQDLUEDJHQ
YHLOLJKHLGVJRUGHOYRRUVSDQQHUV]DO
JHGXUHQGHRQJHYHHUPLQXWHQKRRUEDDU
EOLMYHQ/DDWXZDXWR]RVSRHGLJPRJHOLMN
GRRUHHQGHVNXQGLJHUHSDUDWHXUELM
YRRUNHXUHHQRIILFLsOH0D]GDUHSDUDWHXU
LQVSHFWHUHQ
:$$56&+8:,1*
Rijd niet met de auto wanneer de
waarschuwingszoemer voor het systeem
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels klinkt:
Rijden met de auto terwijl de
waarschuwingszoemer voor het systeem
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels klinkt is gevaarlijk. Bij
een botsing zullen de airbags en het
systeem van de voorspanners van de
veiligheidsgordels niet in werking treden,
hetgeen ernstig of mogelijk dodelijk letsel
tot gevolg kan hebben. Neem contact op
met een deskundige reparateur, bij
voorkeur een officiële Mazda reparateur
om de auto zo spoedig mogelijk te laten
inspecteren.
$OVHU]LFKHHQSUREOHHPYRRUGRHW
:DDUVFKXZLQJVLQGLFDWLHODPSMHVHQZDDUVFKXZLQJV]RHPHUV


Page 698 of 735

(OHNWURPDJQHWLVFKHFRPSDWLELOLWHLW
8Z0D]GDLVJHWHVWHQJRHGJHNHXUGLQ]DNHEHSDOLQJ81(&(
ZHONHYHUEDQGKRXGWPHW
HOHNWURPDJQHWLVFKHFRPSDWLELOLWHLW5DGLR)UHTXHQWLH 5) ]HQGDSSDUDWXXU ELMYPRELHOH
WHOHIRRQVDPDWHXUUDGLR]HQGHUVHQ] PDJHQNHOLQXZ0D]GDJHwQVWDOOHHUGZRUGHQDOV
GH]HYROGRHWDDQGHSDUDPHWHUVGLHLQRQGHUVWDDQGHWDEHOZRUGHQJHWRRQG

 81(&(VWDDWYRRU(FRQRPLVFKH5DDGYDQGH9HUHQLJGH1DWLHVYRRU(XURSD 8QLWHG
1DWLRQV(FRQRPLF&RPPLVVLRQIRU(XURSH 

+HWLVXZYHUDQWZRRUGHOLMNKHLGHUYRRUWH]RUJHQGDWDOOHDSSDUDWXXUGLHXKHHIW
JHwQVWDOOHHUGYROGRHWDDQGHJHOGHQGHZHWWHOLMNHEHSDOLQJHQ/DDWDOOHDSSDUDWXXULQVWDOOHUHQ
GRRUGHVNXQGLJHPRQWHXUV
23*(/(7
¾Installeer geen zendontvangapparaat, microfoons, luidsprekers of enig ander voorwerp in
het werkingsbereik van het airbagsysteem.
¾Bevestig de antennekabel niet aan de oorspronkelijke bedrading,
brandstofleidingen of
remleidingen van de auto. Probeer zo veel mogelijk te voorkomen dat de antennekabel
parallel loopt met de bedradingsbundels.
¾Houd antenne- en spanningskabels op een afstand van tenminste 100 mm van
elektronische modules en airbags.
¾Vermijd het gebruik van de sigarettenaansteker of de insteekbus voor accessoires als een
stroomvoorziening voor RF-zendontvangapparatuur.

Antenneposities:
: rechtsvoor op dak
: linksvoor op dak
: midden van dak
: beide zijden van achterklep
(Hatchback)
)UHTXHQWLHEDQG 0+] 0D[LPDDOXLWJDQJVYHUPRJHQ :DWW $QWHQQHSRVLWLHV


Page:   < prev 1-10 11-20 21-30