park assist MAZDA MODEL 3 HATCHBACK 2015 Handleiding (in Dutch)

Page 166 of 741

*Bepaalde modellen.4–2
i-ACTIVSENSE............................... 4-114
i-ACTIVSENSE*........................ 4-114
Aanpasbaar voorverlichtingssysteem
(AFS)
* ........................................ 4-117
Koplampregelsysteem (HBC)* .... 4-118
Rijstrookafwijkingwaarschuwingssysteem
(LDWS)* ..................................... 4-121
Rijbaanveranderingcontrolesysteem
(RVM)
* ....................................... 4-128
Afstandherkenninghulpsysteem
(DRSS)
* ...................................... 4-135
Mazda Radar Cruise Control (MRCC)
systeem
*...................................... 4-138
Afstelbare snelheidsbegrenzer* .... 4-149
Stadsverkeer-remassistent
(SCBS)
* ...................................... 4-155
Smart Brake Support remhulpsysteem
(SBS)
* ......................................... 4-161
Vooruitrijcamera (FSC)* ............. 4-164
Radarsensor (Voor)* ................... 4-166
Lasersensor (Voor)* .................... 4-169
Radarsensoren (Achter)* ............ 4-171
Kruissnelheidsregelaar ................... 4-172
Kruissnelheidsregelaar
* .............. 4-172
Bandenspanningcontrolesysteem .... 4-178
Bandenspanningcontrolesysteem* .... 4-178
Dieseldeeltjesfi lter
(SKYACTIV-D 2.2) ......................... 4-183
Dieseldeeltjesfi lter (SKYACTIV-D
2.2) ............................................. 4-183
Achteruitkijkmonitor...................... 4-185
Achteruitkijkmonitor
* ................ 4-185 Parkeersensorsysteem ..................... 4-194
Parkeersensorsysteem
* ............... 4-194
/C\FCA'(&0#A'FKVKQPKPFD

Page 310 of 741

4–14 6
Tijdens het rijden
i-ACTIVSENSE
Wanneer het systeem tijdelijk wordt
uitgeschakeld
In de volgende gevallen wordt het
Mazda Radar Cruise Control (MRCC)
systeem tijdelijk uitgeschakeld en wordt
de “MRCC uitgeschakeld” indikatie
weergegeven in de display van de
instrumentengroep. Het indikatielampje
(groen) van het Mazda Radar Cruise
Control (MRCC) systeem gaat
tegelijkertijd uit.
 


 De CANCEL schakelaar wordt
ingedrukt.
 


 Het rempedaal is ingedrukt.



 De handrem is aangetrokken.



 De keuzehendel wordt in de
parkeerstand (P), neutraalstand (N) of
achteruit (R) (automatische transmissie)
gezet.
 


 De keuzehendel staat in de achteruit
(R) stand (handgeschakelde
versnellingsbak).
 


 In de volgende gevallen wordt de
“MRCC uitgeschakeld” indikatie
getoond en klinkt de pieptoon één keer.
 

 
 De rijsnelheid neemt af tot minder dan
25 km/h.
 

 
 Het DSC systeem is in werking
getreden.
 

 
 Het TCS systeem heeft gedurende een
bepaalde periode gewerkt.
 

 
 Het Smart Brake Support
remhulpsysteem (SBS) is in werking
getreden.
 

 
 De stadsverkeer-remassistent (SCBS)
is in werking getreden.
 

 
 Bij het rijden op een afl opende helling
gedurende langere tijd.
 

 
 Er is een probleem met het systeem.


 
 De motor slaat af.

(Handgeschakelde versnellingsbak)



 
 De keuzehendel is gedurende een
bepaalde tijd in de neutraalstand (N)
gezet.
 

 
 De koppeling is gedurende een
bepaalde periode ingetrapt.
/C\FCA'(&0#A'FKVKQPKPFD

Page 358 of 741

*Bepaalde modellen.4–194
Tijdens het rijden
Parkeersensorsysteem
Parkeersensorsysteem *
Het parkeersensorsysteem maakt gebruik van ultrasonische sensoren voor het opsporen
van hindernissen rondom de auto bij het parkeren van de auto in een garage of tijdens het
fi leparkeren wanneer er met een snelheid van ongeveer 10 km/h of minder met de auto
wordt gereden. Het systeem is uitgerust met een hulpinrichting die de bestuurder op de
hoogte stelt van de benaderde afstand vanaf de auto tot aan de omliggende hindernis via het
gebruik van een pieptoon en een hindernisdetectieaanduiding
* .
Voorste sensor
Achterste sensorAchterste sensor
Voor Achter
Sedan Hatchback
Voorste hoeksensor Achterste
hoeksensorAchterste
hoeksensor
WAARSCHUWING
Vertrouw niet volledig op het parkeersensorsysteem en controleer tijdens het rijden
steeds visueel de veiligheid rondom uw auto.
Het systeem kan de bestuurder assisteren bij de besturing van de auto in voorwaartse
en achterwaartse richting tijdens het parkeren. Het detectiebereik van de sensoren
is beperkt, dus door tijdens het rijden enkel op het systeem te vertrouwen kunnen
er ongelukken veroorzaakt worden. Controleer tijdens het rijden steeds visueel de
veiligheid rondom uw auto.
OPMERKING
  Breng geen accessoires aan binnen het detectiebereik van de sensoren. Dit kan de
werking van het systeem hinderen.
  Afhankelijk van de soort hindernis en de omgevingscondities, kan het detectiebereik
van een sensor verminderd worden, of bestaat de kans dat de sensoren de hindernissen
niet kunnen opsporen.
/C\FCA'(&0#A'FKVKQPKPFD