airbag MAZDA MODEL 3 HATCHBACK 2016 Handleiding (in Dutch)

Page 94 of 819

3–14
Alvorens te gaan rijden
Portieren en sloten
*Bepaalde modellen.
OPMERKING
  Zet de motor altijd stop en sluit
de portieren. Laat bovendien ter
voorkoming van diefstal nooit
waardevolle voorwerpen in het
interieur achter.
 Als de sleutel op de volgende plaatsen
is achtergelaten en u de auto verlaat,
bestaat de kans dat de portieren
afhankelijk van de condities van de
radiogolven vergrendeld worden, ook
als de sleutel in de auto is achtergelaten.
 


 Rondom het instrumentenpaneel



 In een opbergvak zoals de
handschoenenkast of de
middenconsole
 


 Op de hoedenplank (sedan)



 Vlakbij communicatieapparatuur
zoals een mobiele telefoon
  De buitensluitingpreventiefunctie
voorkomt dat u uwzelf uit de auto
kunt buitensluiten.
(Europees model) Alle portieren en de achterklep/
het kofferdeksel zullen automatisch
ontgrendeld worden als deze
vergrendeld worden met behulp van
de centrale portiervergrendeling
wanneer een van de portieren
geopend is.
 Als alle portieren gesloten zijn
zullen alle portieren vergrendeld
worden, alhoewel de achterklep/het
kofferdeksel open staat.
(Behalve Europese modellen) Alle portieren en de achterklep/
het kofferdeksel zullen automatisch
ontgrendeld worden als deze
vergrendeld worden met behulp van
de centrale portiervergrendeling
wanneer een van de portieren of de
achterklep geopend is.
OPMERKING
 

(Portierontgrendel(regel)systeem
met collisiedetectie) *
 Dit systeem ontgrendelt automatisch
de portieren en de achterklep/het
kofferdeksel in het geval de auto
bij een ongeluk is betrokken om
de passagiers in staat te stellen het
voertuig onmiddellijk te verlaten
en te voorkomen dat zij binnenin
opgesloten raken. In het geval
de auto een botsing te verwerken
krijgt die krachtig genoeg is om
de airbags op te blazen en het
contact is ingeschakeld, worden
ongeveer 6 seconden na het tijdstip
van het ongeval alle portieren en
de achterklep/het kofferdeksel
automatisch ontgrendeld.
 Het is mogelijk dat de portieren
en de achterklep/het kofferdeksel
niet ontgrendelen afhankelijk van
hoe de botsing wordt opgevangen,
de kracht van de botsing en andere
omstandigheden die zich bij het
ongeval voordoen.
 Als systemen die verband houden
met de portieren of de accu defect
zijn geraakt, zullen de portieren en
de achterklep/het kofferdeksel niet
ontgrendelen.


Page 211 of 819

4–47
Tijdens het rijden
Instrumentengroep en display
*Bepaalde modellen.
Waarschuwingslampjes
Deze lampjes gaan branden of knipperen om de gebruiker te informeren over de
bedrijfstoestand van het systeem of om een defect te melden.
Signaal Waarschuwing Pagina
Remsysteemwaarschuwingslampje *1*2 7-36
ABS waarschuwingslampje *1
Waarschuwing
van elektronisch
remkrachtverdelingssysteem
7-36 ,
ABS waarschuwing
7-40
Laadsysteemwaarschuwingslampje *1 7-36
Motoroliewaarschuwingslampje *1 7-36
(Rood) Waarschuwingslampje voor hoge
motorkoelvloeistoftemperatuur*1 7-36
(Oranje)
* i-stop waarschuwingslampje *1 7-40
Stuurbekrachtiging defect waarschuwingslampje *1 7-36
Hoofdwaarschuwingslampje *1 7-40
* Waarschuwingslampje elektrische handrem *1 7-40
Motorwaarschuwingslampje *1 7-40
Waarschuwingslampje voor automatische transmissie *1 7-40
Waarschuwingslampje voor systeem van airbag/voorspanners
van veiligheidsgordels *1 7-40
* Waarschuwingslampje van bandenspanningcontrolesysteem *1
Knippert
7-40,
Brandt
7-46


Page 229 of 819

4–65
Tijdens het rijden
Automatische transmissie
*Bepaalde modellen.
OPMERKING
Het schakelstand-indicatielampje wordt
op de volgende manieren uitgeschakeld.
 
 De auto wordt stopgezet. 
 De modus voor handbediende
overschakeling wordt geannuleerd.
Handbediend opschakelen
Opschakelen van de versnellingen is
mogelijk met behulp van de keuzehendel
of de stuurversnellingschakelaars
* .
Model met 4-versnellingsbak: M1 : M2
: M3 : M4
Model met 6-versnellingsbak: M1 : M2
: M3 : M4 : M5 : M6
Gebruik van de keuzehendel
Voor het opschakelen naar een hogere
versnelling, de keuzehendel eenmaal licht
naar achteren
duwen.
Gebruik van de
stuurversnellingschakelaar*
Voor het opschakelen naar een hogere
versnelling met behulp van de
stuurversnellingschakelaars, de UP
schakelaar (
) eenmaal met uw
vingers naar u toe trekken.
UP schakelaar
(+/OFF)
WAARSCHUWING
Houd uw handen op de rand van het
stuurwiel wanneer u met uw vingers de
stuurversnellingschakelaars bedient:
Het plaatsen van uw handen binnen
de rand van het stuurwiel bij gebruik
van de stuurversnellingschakelaars is
gevaarlijk. Als de bestuurdersairbag bij
een botsing geactiveerd zou worden,
zou deze tegen uw handen kunnen
slaan en letsel veroorzaken.


Page 231 of 819

4–67
Tijdens het rijden
Automatische transmissie
WAARSCHUWING
Op gladde wegen of bij hoge snelheden
niet plotseling afremmen op de motor:
Het terugschakelen tijdens het rijden
op natte of met sneeuw of ijs overdekte
wegen, of tijdens het rijden met hoge
snelheden veroorzaakt plotseling
afremmen op de motor, hetgeen
gevaarlijk is. Door de plotselinge
verandering in de draaisnelheid van
de banden kunnen de banden gaan
slippen. Dit kan er toe leiden dat u de
macht over het stuur verliest en een
ongeluk veroorzaakt.
Houd uw handen op de rand van het
stuurwiel wanneer u met uw vingers de
stuurversnellingschakelaars bedient:
Het plaatsen van uw handen binnen
de rand van het stuurwiel bij gebruik
van de stuurversnellingschakelaars is
gevaarlijk. Als de bestuurdersairbag bij
een botsing geactiveerd zou worden,
zou deze tegen uw handen kunnen
slaan en letsel veroorzaken.
OPMERKING
  Tijdens het rijden met hoge
snelheden is het mogelijk dat
de versnelling niet automatisch
teruggeschakeld wordt.
  Tijdens afremmen op de motor is
het mogelijk dat de versnelling
automatisch teruggeschakeld wordt,
afhankelijk van de rijsnelheid.
  Wanneer het gaspedaal volledig
wordt ingedrukt, zal de transmissie
terugschakelen naar een lagere
versnelling, afhankelijk van de
rijsnelheid. Wanneer het DSC
systeem is uitgeschakeld, is de
kickdown-functie echter buiten
werking.
Blokkeermodus voor tweede
versnelling
Wanneer bij een rijsnelheid van ongeveer
10 km/h of minder de keuzehendel naar
achteren wordt verplaatst
, wordt de
transmissie ingesteld in de blokkeermodus
voor de tweede versnelling. In deze stand
wordt de transmissie in de tweede
versnelling vergrendeld om het accelereren
vanuit stilstand en het rijden op gladde,
met sneeuw bedekte wegen te
vergemakkelijken.
Als in de blokkeermodus voor de tweede
versnelling de keuzehendel naar achteren
of naar voren wordt verplaatst, zal de
modus geannuleerd worden.


Page 601 of 819

5–175
Interieurvoorzieningen
Interieuruitrusting
*Bepaalde modellen.
Achterste kledinghaken
WAARSCHUWING
Hang nooit zware of scherpe
voorwerpen aan de steungrepen en
kledinghaken:
Het hangen van zware of puntige
voorwerpen zoals een kleerhanger aan
de steungrepen of kledinghaken is
gevaarlijk, aangezien deze in het geval
van activering van een gordijn-airbag
van hun plaats kunnen vliegen en een
inzittende kunnen raken, wat ernstig of
dodelijk letsel tot gevolg kan hebben.
Hang kleding steeds zonder kleerhangers
op aan de kledinghaken en steungrepen.
Kledinghaak
Uitneembare asbak *
De uitneembare asbak kan vastgezet en
gebruikt worden in een van beide voorste
bekerhouders.
WAARSCHUWING
Gebruik de uitneembare asbak
uitsluitend in zijn vaste positie en zorg
ervoor dat deze volledig is ingestoken:
Gebruik van een asbak die uit zijn
vaste positie verwijderd is of niet
volledig is ingestoken is gevaarlijk.
Sigaretten kunnen gaan rollen of uit
de asbak in het interieur vallen en
brand veroorzaken. Bovendien zullen
sigarettenpeuken niet vanzelf volledig
doven, ook niet als het deksel van de
asbak gesloten is.
OPGELET
De asbakken niet als prullenbak
gebruiken. Dit kan brandgevaar
opleveren.


Page 679 of 819

6–77
Onderhoud en verzorging
Zelf uit te voeren onderhoud
*Bepaalde modellen.
BESCHRIJVING ZEKERINGCAPACITEIT BEVEILIGD ONDERDEEL
20 AT 15 A Transmissiebesturingssysteem
21 R.WIPER 15 A Achterruitenwisser
*
22 A/C 7,5 A Airconditioning
23 ENGINE3 15 A Motorbesturingssysteem
24 ENGINE2 15 A Motorbesturingssysteem
25 ENGINE1 15 A Motorbesturingssysteem
26 GLOW SIG 5 A Motorbesturingssysteem
*
27 EVVT 20 A Motorbesturingssysteem *
28 WIPER 20 A Voorruitenwisser en ruitensproeier
29 DCDC REG 30 A Voor beveiliging van diverse circuits *
30 E P B L
FUEL.P2 30 A Elektrische handrem (Links) *
31 ADD FAN DE 40 A Koelventilator *
32 P.WINDOW1 30 A Elektrische ruitbediening
33 H/L LOW R 15 A Koplamp (dimlicht) (Rechts) *2
34 H/L LOW L HID L 15 A Koplamp (Links) *1 , koplamp dimlicht (Links) *2
35 METER1 10 A Instrumentengroep
36 IG2 30 A Voor beveiliging van diverse circuits
37 EPB R
L P G 30 A Elektrische handrem (Rechts)
*
38 FUEL.P3
FAN DE 40 A Brandstofsysteem *
39 DCDC DE 40 A Voor beveiliging van diverse circuits *
40 SRS1 7,5 A Airbag
41 ENGINE. IG1 15 A Motorbesturingssysteem
42 C/U IG1 15 A Voor beveiliging van diverse circuits
43 METER3 10 A Instrumentengroep
*
*1 Met LED koplampen
*2 Met halogeen koplampen


Page 707 of 819

7–15
Als er zich een probleem voordoet
Lekke band
OPMERKING
  Controleer voor de correcte
bandenspanning het
bandenspanningslabel (frame van het
bestuurdersportier).
  Laat de luchtcompressor niet 10
minuten of langer achter elkaar
werken, aangezien gebruik
gedurende langere tijd defecten kan
veroorzaken.
  Als de bandenspanning niet
toeneemt, is reparatie van de
band niet mogelijk. Als de
band niet binnen 10 minuten de
voorgeschreven bandenspanning
bereikt, heeft deze mogelijk grote
schade opgelopen. In dit geval kan
reparatie met gebruik van de lekke
band reparatieset niet met succes
worden uitgevoerd. Raadpleeg een
deskundige reparateur, bij voorkeur
een of¿ ciële Mazda reparateur.
13. Bevestig de snelheidsbeperkingsticker
op een plaats waar deze voor de
bestuurder goed zichtbaar is.
WAARSCHUWING
Bevestig de snelheidsbeperkingsticker
niet op het stootkussengedeelte van het
stuurwiel:
Bevestigen van de
snelheidsbeperkingsticker op het
stootkussengedeelte van het stuurwiel
is gevaarlijk, omdat de kans bestaat
dat de airbag dan niet normaal
functioneert (activeert), wat ernstig
letsel kan veroorzaken. Bevestig
de sticker ook niet op plaatsen
waar waarschuwingslampjes of de
snelheidsmeter niet gezien kunnen
worden.
14. Wanneer de band op de voorgeschreven
bandenspanning is gebracht, de
luchtcompressorschakelaar UIT zetten,
de mof van de inspuitslang naar links
draaien en deze uit het bandventiel
trekken. Draai de mof van de
inspuitslang naar links en trek deze uit
het bandventiel.
15. Verwijder de compressorslang uit het
inspuitventiel van de À es. Monteer
daarna de inspuitslang aan het
inspuitventiel van de À es om lekkage
van achtergebleven afdichtmiddel te
voorkomen.


Page 734 of 819

7–42
Als er zich een probleem voordoet
Waarschuwings-/indicatielampjes en waarschuwingszoemers
*Bepaalde modellen.
Signaal Waarschuwing
(Oranje)
i-stop
waarschuwingslampje
*
Wanneer het lampje brandt
Raadpleeg een deskundige reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur
als het i-stop waarschuwingslampje (oranje) blijft branden nadat de i-stop OFF
schakelaar onder andere omstandigheden dan wanneer de motorkap geopend is of de
bestuurder de auto verlaten heeft (veiligheidsgordel van bestuurder is losgemaakt en
bestuurdersportier is geopend) continu ingedrukt is gehouden.
Wanneer het lampje knippert
Het lampje knippert als er een defect in het i-stop systeem is. Raadpleeg een
deskundige reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur.
Waarschuwingslampje
voor automatische
transmissie De indicatie/het lampje gaat branden wanneer er een probleem is met de transmissie.
OPGELET
Als de waarschuwingsindicatie/-lampje voor de automatische transmissie gaat
branden, is er een elektrisch probleem in de transmissie. Wanneer u in deze
toestand met uw Mazda blijft doorrijden, kan dit beschadiging van uw transmissie
tot gevolg hebben. Raadpleeg zo spoedig mogelijk een deskundige reparateur, bij
voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur.
(Brandt)
TCS/DSC
indicatielampje Als het lampje blijft branden, is er mogelijk een defect in het TCS, DSC of het
rembekrachtigingsysteem en bestaat de kans dat deze niet correct functioneren. Breng
uw auto naar een deskundige reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur.
Waarschuwingslampje
voor systeem van airbag/
voorspanners van
veiligheidsgordels Een defect in het systeem wordt aangeduid als het waarschuwingslampje constant
knippert, constant brandt of helemaal niet brandt wanneer het contact op ON gezet
wordt. Bij elk van deze gevallen dient u zo spoedig mogelijk een deskundige
reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur te raadplegen. Het systeem zal
dan wellicht in het geval van een aanrijding niet in werking treden. WAARSCHUWING
Sleutel nooit zelf aan de airbag/voorspannersystemen en laat altijd alle
onderhoud en reparatie door een deskundige reparateur, bij voorkeur een
of¿ ciële Mazda reparateur uitvoeren:
Het zelf uitvoeren van onderhoud of sleutelen aan de systemen is gevaarlijk.
De kans bestaat dat een airbag/voorspanner onvoorzien geactiveerd of buiten
werking gesteld wordt.


Page 746 of 819

7–54
Als er zich een probleem voordoet
Waarschuwings-/indicatielampjes en waarschuwingszoemers
In de volgende
gevallen wordt een
waarschuwingszoemer
geactiveerd
Waarschuwing voor niet-
uitgeschakelde verlichting
De waarschuwing voor niet-uitgeschakelde
verlichting is operationeel wanneer
de tijdinstelling
*1 van de automatische
uitschakelfunctie van de koplampen uit is.
Als de verlichting is ingeschakeld en het
contact op ACC of uit gezet wordt, zal er
een continue pieptoon klinken zodra het
bestuurdersportier geopend wordt.
*1 Als u de verlichtingsschakelaar aan
laat staan, schakelt de automatische
uitschakelfunctie van de koplampen
de verlichting ongeveer 30 seconden
na het uitzetten van het contact
automatisch uit. De tijdinstelling kan
worden gewijzigd.
Zie Gebruikersinstellingen op pagina
9-17 .
OPMERKING
  Wanneer het contact op
ACC gezet wordt, heeft de
“Waarschuwingspieptoon voor
niet-uitgeschakeld contact (STOP)”
(pagina 7-55 ) voorrang boven
de waarschuwing voor niet-
uitgeschakelde verlichting.
 Een gebruikersfunctie is beschikbaar
voor het veranderen van het
geluidsvolume voor de waarschuwing
voor niet-uitgeschakelde verlichting.
 Zie Gebruikersinstellingen op pagina
9-17 .
Waarschuwingszoemer voor
systeem van airbag/voorspanners
van voorste veiligheidsgordels
Als er een probleem is met de systemen
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels en het oplichten van het
waarschuwingslampje, zal er elke minuut
gedurende ongeveer 5 seconden een
waarschuwingszoemer klinken.
Het geluid van de waarschuwingszoemer
voor het systeem van airbag en
veiligheidsgordelvoorspanners zal
gedurende ongeveer 35 minuten hoorbaar
blijven. Laat uw auto zo spoedig mogelijk
door een deskundige reparateur, bij
voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur
inspecteren.
WAARSCHUWING
Rijd niet met de auto wanneer de
waarschuwingszoemer voor het systeem
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels klinkt:
Rijden met de auto terwijl de
waarschuwingzoemer voor het systeem
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels klinkt is gevaarlijk.
Bij een botsing zullen de airbags en
het systeem van de voorspanners van
de veiligheidsgordels niet in werking
treden, hetgeen ernstig of mogelijk
dodelijk letsel tot gevolg kan hebben.
Neem contact op met een deskundige
reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële
Mazda reparateur om de auto zo
spoedig mogelijk te laten inspecteren.


Page 759 of 819

8–3
Informatie voor de eigenaar
Garantie
Installatie van niet-originele onderdelen en accessoires
Het aanbrengen van technische wijzigingen aan de originele staat van uw Mazda kan van
invloed zijn op de veiligheid van uw auto. Dergelijke technische wijzigingen omvatten
niet alleen het gebruik van niet geschikte onderdelen, maar ook accessoires, uitrusting of
hulpstukken, zoals velgen en banden.
Originele Mazda onderdelen en originele Mazda accessoires zijn speci¿ ek ontworpen voor
Mazda automobielen.
Andere dan de hierboven vermelde onderdelen en accessoires zijn niet door Mazda
geïnspecteerd en goedgekeurd tenzij dit door Mazda uitdrukkelijk wordt vermeld. Wij
kunnen niet garant staan voor de geschiktheid van dergelijke producten. Mazda kan niet
aansprakelijk gesteld worden voor enigerlei schade veroorzaakt door het gebruik van
dergelijke producten.
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig bij het kiezen en installeren van aanvullende elektrische apparatuur,
zoals mobiele telefoons, zend- en ontvanginstallaties, stereo-systemen en auto-
alarmsystemen:
Een simpele fout bij het kiezen of het installeren van verkeerde aanvullende apparatuur
of het kiezen van een verkeerde installateur is gevaarlijk. Essentiële systemen kunnen
beschadigd worden, hetgeen het afslaan van de motor, activering van de airbag (SRS),
buiten werking treden van het ABS/TCS/DSC systeem of brand in de wagen kan
veroorzaken.
Mazda kan niet aansprakelijk gesteld worden voor dood, letsel of onkosten die het gevolg
kunnen zijn van het installeren van aanvullende niet-originele onderdelen of accessoires.


Page:   < prev 1-10 ... 11-20 21-30 31-40 41-50 51-60 next >