airbag MAZDA MODEL CX-3 2016 Handleiding (in Dutch)

Page 96 of 719

3–14
Alvorens te gaan rijden
Portieren en sloten
*Bepaalde modellen.
OPMERKING
  De buitensluitingpreventiefunctie
voorkomt dat u uwzelf uit de auto
kunt buitensluiten.
 (Europees model)  Alle portieren en de achterklep zullen
automatisch ontgrendeld worden als
deze vergrendeld worden met behulp
van de centrale portiervergrendeling
wanneer een van de portieren
geopend is.
 Als alle portieren gesloten zijn,
worden alle portieren vergrendeld,
ook als de achterklep open staat.
 (Behalve Europese modellen)  Alle portieren en de achterklep zullen
automatisch ontgrendeld worden als
deze vergrendeld worden met behulp
van de centrale portiervergrendeling
wanneer een van de portieren of de
achterklep geopend is.
OPMERKING
 

 (Portierontgrendel(regel)systeem
met collisiedetectie) *  Dit systeem ontgrendelt automatisch
de portieren en de achterklep in het
geval de auto bij een ongeluk is
betrokken om de passagiers in staat
te stellen het voertuig onmiddellijk
te verlaten en te voorkomen dat
zij binnenin opgesloten raken. In
het geval de auto een botsing te
verwerken krijgt die krachtig genoeg
is om de airbags op te blazen en
het contact is ingeschakeld, worden
ongeveer 6 seconden na het tijdstip
van het ongeval alle portieren en de
achterklep automatisch ontgrendeld.
 Het is mogelijk dat de portieren
en de achterklep niet ontgrendelen
afhankelijk van hoe de botsing
wordt opgevangen, de kracht van de
botsing en andere omstandigheden
die zich bij het ongeval voordoen.
 Als systemen die verband houden
met de portieren of de accu defect
zijn geraakt, zullen de portieren en de
achterklep niet ontgrendelen.


Page 198 of 719

4–42
Tijdens het rijden
Instrumentengroep en display
*Bepaalde modellen.
Waarschuwingslampjes
Deze lampjes gaan branden of knipperen om de gebruiker te informeren over de
bedrijfstoestand van het systeem of om een defect te melden.

Signaal Waarschuwingslampjes Pagina

Hoofdwaarschuwingslampje *1 7-38

Remsysteemwaarschuwingslampje *1*2 7-38

ABS waarschuwingslampje *1 7-38

Laadsysteemwaarschuwingslampje *1 7-38

Motoroliewaarschuwingslampje *1 7-38

Motorwaarschuwingslampje *1 7-38


(Rood) Waarschuwingslampje voor hoge
motorkoelvloeistoftemperatuur *1 7-38


(Oranje) * i-stop waarschuwingslampje *1 4-20

(Oranje) * i-ELOOP waarschuwingslampje 7-38

* Waarschuwingslampje voor automatische transmissie *1 7-38

* 4WD waarschuwingslampje *1 7-38

Indicatielampje voor defecte stuurbekrachtiging *1 7-38

Waarschuwingslampje voor systeem van airbag/voorspanners
van veiligheidsgordels *1 7-38

Waarschuwingslampje voor laag brandstofpeil 7-38


Page 214 of 719

4–58
Tijdens het rijden
Transmissie
*Bepaalde modellen.
OPMERKING
Het schakelstand-indicatielampje wordt
op de volgende manieren uitgeschakeld.
 
 De auto wordt stopgezet. 
 De modus voor handbediende
overschakeling wordt geannuleerd.
Handbediend opschakelen
Opschakelen van de versnellingen
is mogelijk met behulp van
de versnellingshendel of de
stuurversnellingschakelaars
* .
M 1 : M2 : M3 : M4 : M5 : M6
Gebruik van de keuzehendel
Voor het opschakelen naar een hogere
versnelling, de versnellingshendel eenmaal
licht naar achteren
duwen.



Gebruik van de
stuurversnellingschakelaar
*
Voor het opschakelen naar een hogere
versnelling met behulp van de
stuurversnellingschakelaars, de UP
schakelaar (
) eenmaal met uw
vingers naar u toe trekken.


UP schakelaar
(+/OFF)

WAARSCHUWING
Houd uw handen op de rand van het
stuurwiel wanneer u met uw vingers de
stuurversnellingschakelaars bedient:
Het plaatsen van uw handen binnen
de rand van het stuurwiel bij gebruik
van de stuurversnellingschakelaars is
gevaarlijk. Als de bestuurdersairbag bij
een botsing geactiveerd zou worden,
zou deze tegen uw handen kunnen
slaan en letsel veroorzaken.


Page 216 of 719

4–60
Tijdens het rijden
Transmissie
WAARSCHUWING
Op gladde wegen of bij hoge snelheden
niet plotseling afremmen op de motor:
Het terugschakelen tijdens het rijden
op natte of met sneeuw of ijs overdekte
wegen, of tijdens het rijden met hoge
snelheden veroorzaakt plotseling
afremmen op de motor, hetgeen
gevaarlijk is. Door de plotselinge
verandering in de draaisnelheid van
de banden kunnen de banden gaan
slippen. Dit kan er toe leiden dat u de
macht over het stuur verliest en een
ongeluk veroorzaakt.

Houd uw handen op de rand van het
stuurwiel wanneer u met uw vingers de
stuurversnellingschakelaars bedient:
Het plaatsen van uw handen binnen
de rand van het stuurwiel bij gebruik
van de stuurversnellingschakelaars is
gevaarlijk. Als de bestuurdersairbag bij
een botsing geactiveerd zou worden,
zou deze tegen uw handen kunnen
slaan en letsel veroorzaken.
OPMERKING
  Tijdens het rijden met hoge
snelheden is het mogelijk dat
de versnelling niet automatisch
teruggeschakeld wordt.
  Tijdens afremmen op de motor is
het mogelijk dat de versnelling
automatisch teruggeschakeld wordt,
afhankelijk van de rijsnelheid.
  Wanneer het gaspedaal volledig
wordt ingedrukt, zal de transmissie
terugschakelen naar een lagere
versnelling, afhankelijk van de
rijsnelheid.
Blokkeermodus voor tweede versnelling
Wanneer bij een rijsnelheid van ongeveer
10 km/h of minder de keuzehendel naar
achteren wordt verplaatst
, wordt de
transmissie ingesteld in de blokkeermodus
voor de tweede versnelling. In deze stand
wordt de transmissie in de tweede
versnelling vergrendeld om het accelereren
vanuit stilstand en het rijden op gladde,
met sneeuw bedekte wegen te
vergemakkelijken.
Als in de blokkeermodus voor de tweede
versnelling de keuzehendel naar achteren

of naar voren wordt verplaatst, zal de
modus geannuleerd worden.


Page 524 of 719

5–16 6
Interieurvoorzieningen
Interieuruitrusting
*Bepaalde modellen.
Achterste kledinghaken
WAARSCHUWING
Hang nooit zware of scherpe
voorwerpen aan de steungrepen en
kledinghaken:
Het hangen van zware of puntige
voorwerpen zoals een kleerhanger aan
de steungrepen of kledinghaken is
gevaarlijk, aangezien deze in het geval
van activering van een gordijn-airbag
van hun plaats kunnen vliegen en een
inzittende kunnen raken, wat ernstig of
dodelijk letsel tot gevolg kan hebben.
Hang kleding steeds zonder kleerhangers
op aan de kledinghaken en steungrepen.

Kledinghaak
Uitneembare asbak *
De uitneembare asbak kan vastgezet en
gebruikt worden in een van beide voorste
bekerhouders.
WAARSCHUWING
Gebruik de uitneembare asbak
uitsluitend in zijn vaste positie en zorg
ervoor dat deze volledig is ingestoken:
Gebruik van een asbak die uit zijn vaste
positie verwijderd is of niet volledig
is ingestoken is gevaarlijk. Sigaretten
kunnen gaan rollen of uit de asbak in het
interieur vallen en brand veroorzaken.
Bovendien zullen sigarettenpeuken niet
vanzelf volledig doven, ook niet als het
deksel van de asbak gesloten is.
OPGELET
De asbakken niet als prullenbak
gebruiken. Dit kan brandgevaar
opleveren.
Voor gebruik van de asbak, deze recht in
de bekerhouder steken.
Voor het verwijderen van de asbak, deze
omhoog trekken.





Page 586 of 719

6–62
Onderhoud en verzorging
Zelf uit te voeren onderhoud
*Bepaalde modellen.
Beschrijving van het zekeringenpaneel
Zekeringenblok (Motorruimte)



BESCHRIJVING ZEKERINGCAPACITEIT BEVEILIGD ONDERDEEL
1 C/U IG1 15 A Voor beveiliging van diverse circuits
2 ENGINE IG1 7,5 A Motorbesturingssysteem
3 SUNROOF 10 A Schuifdak
*
4 INTERIOR 15 A Plafondlamp
5

7,5 A Motorbesturingssysteem
6 AUDIO2 15 A Audio-installatie
7 METER1 10 A Instrumentengroep
8 SRS1 7,5 A Airbag
9 METER2 7,5 A Instrumentengroep
*
10 RADIO 7,5 A Audio-installatie
11 ENGINE3 15 A Motorbesturingssysteem
12 ENGINE1 15 A Motorbesturingssysteem
13 ENGINE2 15 A Motorbesturingssysteem
14 AUDIO1 25 A Audio-installatie
15 A/C MAG 7,5 A Airconditioning
*


Page 615 of 719

7–15
Als er zich een probleem voordoet
Lekke band
14. Bevestig de
rijsnelheidsbeperkingsticker op een
plaats die voor de bestuurder goed
zichtbaar is.


WAARSCHUWING
Bevestig de snelheidsbeperkingssticker
niet aan het instrumentenpaneel,
aangezien dit het zicht op onderdelen
zoals de waarschuwingsindicators of de
snelheidsmeter kan hinderen:
Bevestigen van de
rijsnelheidsbeperkingsticker op
de afdekking van het stuurwiel is
gevaarlijk. Wanneer de airbag wordt
opgeblazen, kan de sticker een obstakel
vormen en ernstig letsel veroorzaken. 15. Bevestig de compressorslang aan het
bandventiel.

Ventiel Compressorslang

16. Steek de stekker van de compressor in
de stekkerbus voor accessoires in het
interieur en zet het contact op ACC.

Compressor
Stekker van compressor

OPGELET
  Controleer alvorens de stekker van
de compressor uit de elektrische
insteekbus te verwijderen of de aan/
uit schakelaar van de compressor
uitgeschakeld is.
  De compressor kan met behulp
van de druktoets schakelaar in- en
uitgeschakeld worden.


Page 643 of 719

7–43
Als er zich een probleem voordoet
Waarschuwings-/indicatielampjes en waarschuwingszoemers
*Bepaalde modellen.
Signaal Waarschuwing

Waarschuwingslampje
voor automatische
transmissie
*
Het lampje blijft branden wanneer er een probleem is met de transmissie.
OPGELET
Als het waarschuwingslampje voor de automatische transmissie gaat branden, is
er een elektrisch probleem in de transmissie. Wanneer u in deze toestand met uw
Mazda blijft doorrijden, kan dit beschadiging van uw transmissie tot gevolg hebben.
Raadpleeg zo spoedig mogelijk een deskundige reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële
Mazda reparateur.

4WD
waarschuwingslampje *
Wanneer het lampje brandt
Als het 4WD waarschuwingslampje gaat branden, contact opnemen met een deskundige
reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur.
Gaat branden wanneer er een afwijking is in het 4WD systeem.
Gaat branden als er teveel verschil is in de bandradius tussen de voor- en achterwielen.
Wanneer het lampje knippert
Parkeer de auto op een veilige plaats. Start de motor na enkele ogenblikken opnieuw, als
het waarschuwingslampje ophoudt met knipperen kunt u verder rijden. Als het lampje niet
ophoudt met knipperen, contact opnemen met een deskundige reparateur, bij voorkeur een
of¿ ciële Mazda reparateur.
Gaat knipperen wanneer de temperatuur van de differentieelolie abnormaal hoog wordt.
Knippert wanneer er voortdurend een groot verschil is tussen het aantal omwentelingen
van de voor- en achterwielen, zoals wanneer u probeert weg te rijden op een bevroren
wegdek of wanneer u de auto probeert vrij te trekken uit modder, zand of soortgelijke
omstandigheden.

Waarschuwingslampje
voor systeem van
airbag/voorspanners
van veiligheidsgordels
Een defect in het systeem wordt aangeduid als het waarschuwingslampje constant
knippert, constant brandt of helemaal niet brandt wanneer het contact op ON gezet wordt.
Bij elk van deze gevallen dient u zo spoedig mogelijk een deskundige reparateur, bij
voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur te raadplegen. Het systeem zal dan wellicht in het
geval van een aanrijding niet in werking treden.
WAARSCHUWING
Sleutel nooit zelf aan de airbag/voorspannersystemen en laat altijd alle onderhoud
en reparatie door een deskundige reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële Mazda
reparateur uitvoeren:
Het zelf uitvoeren van onderhoud of sleutelen aan de systemen is gevaarlijk. De
kans bestaat dat een airbag/voorspanner onvoorzien geactiveerd of buiten werking
gesteld wordt.


Page 653 of 719

7–53
Als er zich een probleem voordoet
Waarschuwings-/indicatielampjes en waarschuwingszoemers
In de volgende
gevallen wordt een
waarschuwingszoemer
geactiveerd
Waarschuwing voor niet-
uitgeschakelde verlichting
Als de verlichting is ingeschakeld en het
contact op ACC of uit gezet wordt, zal er
een continue pieptoon klinken zodra het
bestuurdersportier geopend wordt.
OPMERKING
  Wanneer het contact op
ACC gezet wordt, heeft de
“Waarschuwingspieptoon voor
niet-uitgeschakeld contact (STOP)”
(pagina 7-54 ) voorrang boven
de waarschuwing voor niet-
uitgeschakelde verlichting.
  Een gebruikersfunctie is
beschikbaar voor het veranderen
van het geluidsvolume voor
de waarschuwing voor niet-
uitgeschakelde verlichting.
 Zie Gebruikersinstellingen op pagina
9-14 .
Waarschuwingszoemer voor
systeem van airbag/voorspanners
van veiligheidsgordels
Als er een probleem is met de systemen
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels en het oplichten van het
waarschuwingslampje, zal er elke minuut
gedurende ongeveer 5 seconden een
waarschuwingszoemer klinken.

Het geluid van de waarschuwingszoemer
voor het systeem van airbag en
veiligheidsgordelvoorspanners zal
gedurende ongeveer 35 minuten hoorbaar
blijven. Laat uw auto zo spoedig mogelijk
door een deskundige reparateur, bij
voorkeur een of¿ ciële Mazda reparateur
inspecteren.
WAARSCHUWING
Rijd niet met de auto wanneer de
waarschuwingszoemer voor het systeem
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels klinkt:
Rijden met de auto terwijl de
waarschuwingzoemer voor het systeem
van de airbag/voorspanners van
veiligheidsgordels klinkt is gevaarlijk.
Bij een botsing zullen de airbags en
het systeem van de voorspanners van
de veiligheidsgordels niet in werking
treden, hetgeen ernstig of mogelijk
dodelijk letsel tot gevolg kan hebben.
Neem contact op met een deskundige
reparateur, bij voorkeur een of¿ ciële
Mazda reparateur om de auto zo
spoedig mogelijk te laten inspecteren.


Page 665 of 719

8–3
Informatie voor de eigenaar
Garantie
Installatie van niet-originele onderdelen en accessoires
Het aanbrengen van technische wijzigingen aan de originele staat van uw Mazda kan van
invloed zijn op de veiligheid van uw auto. Dergelijke technische wijzigingen omvatten
niet alleen het gebruik van niet geschikte onderdelen, maar ook accessoires, uitrusting of
hulpstukken, zoals velgen en banden.

Originele Mazda onderdelen en originele Mazda accessoires zijn speci¿ ek ontworpen voor
Mazda automobielen.
Andere dan de hierboven vermelde onderdelen en accessoires zijn niet door Mazda
geïnspecteerd en goedgekeurd tenzij dit door Mazda uitdrukkelijk wordt vermeld. Wij
kunnen niet garant staan voor de geschiktheid van dergelijke producten. Mazda kan niet
aansprakelijk gesteld worden voor enigerlei schade veroorzaakt door het gebruik van
dergelijke producten.
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig bij het kiezen en installeren van aanvullende elektrische apparatuur,
zoals mobiele telefoons, zend- en ontvanginstallaties, stereo-systemen en auto-
alarmsystemen:
Een simpele fout bij het kiezen of het installeren van verkeerde aanvullende apparatuur
of het kiezen van een verkeerde installateur is gevaarlijk. Essentiële systemen kunnen
beschadigd worden, hetgeen het afslaan van de motor, activering van de airbag (SRS),
buiten werking treden van het ABS/TCS/DSC systeem of brand in de wagen kan
veroorzaken.
Mazda kan niet aansprakelijk gesteld worden voor dood, letsel of onkosten die het gevolg
kunnen zijn van het installeren van aanvullende niet-originele onderdelen of accessoires.


Page:   < prev 1-10 ... 11-20 21-30 31-40 41-50 51-60 next >