USB OPEL CORSA 2017 Handleiding Infotainment (in Dutch)
Page 35 of 97
Spraakherkenning35SpraakherkenningAlgemene informatie....................35
Gebruik ........................................ 35Algemene informatie
Via de spraakdoorschakel-toepas‐ sing van het Infotainmentsysteem
hebt u toegang tot de spraakherken‐
ningscommando's op uw smart‐
phone. Zie de gebruikershandleiding
van uw smartphone om te controleren of uw smartphone deze functie onder‐ steunt.
Om de spraakdoorschakel-toepas‐
sing te kunnen gebruiken, moet de
smartphone op het infotainmentsys‐
teem zijn aangesloten via een USB-
kabel 3 27 of via Bluetooth 3 37.
Gebruik Spraakherkenning activeren Houd g op het bedieningspaneel of
7w op het stuurwiel ingedrukt om een
spraakherkenningssessie te starten.
Er verschijnt een spraakbesturings‐
bericht op het scherm.
Na de pieptoon kunt u direct een
commando geven. Raadpleeg voor
informatie over ondersteunde
commando's de gebruiksaanwijzing
van uw smartphone.Volume van gesproken vragen
aanpassen
Draai aan m op het bedieningspaneel
of druk op + / - rechts op het stuurwiel
om het volume van de gesproken
instructies hoger of lager te zetten.
Spraakherkenning deactiveren
Druk op xn op het stuurwiel. Het
spraakbesturingsbericht verdwijnt, de
spraakherkenningssessie wordt
beëindigd.
Page 37 of 97
Telefoon37mobiel telefoneren verboden is,
als de mobiele telefoon interferen‐
tie veroorzaakt of als er zich
gevaarlijke situaties kunnen voor‐
doen.
Bluetooth
Het telefoonportal is gecertificeerddoor de Bluetooth Special Interest
Group (SIG).
Meer informatie over de specificatie
kunt u op internet op http://www.blue‐
tooth.com vinden
Bluetooth-verbinding
Bluetooth is een standaard voor het
draadloos verbinden van bijv.
mobiele telefoons, smartphones of
andere apparaten.
Bluetooth-apparaten met het Infotain‐ mentsysteem gekoppeld (uitwisselen
van pincode tussen Bluetooth-appa‐
raat en Infotainmentsysteem) en
verbonden via het menu Bluetooth.
Menu Bluetooth
Druk op ; en selecteer dan
INSTELLINGEN .
Selecteer Bluetooth om het Blue‐
tooth-menu weer te geven.
Een apparaat koppelen
Opmerkingen ● U kunt maximaal tien apparaten met het systeem koppelen.
● Er kan slechts één gekoppeld apparaat tegelijk met het infotain‐
mentsysteem worden verbon‐
den.
● Koppelen is in de regel slechts één keer noodzakelijk, tenzij het
apparaat van de lijst met gekop‐
pelde apparaten wordt gewist.
Als het apparaat eerder verbon‐
den was, brengt het Infotain‐
mentsysteem de verbinding
automatisch tot stand.
● Bij werken via Bluetooth wordt de
accu van het apparaat aanzienlijk
belast. Sluit het apparaat daarom
aan op een USB-poort, zodat het wordt opgeladen.
Een nieuw apparaat koppelen 1. Activeer de Bluetooth-functie van het Bluetooth-apparaat. Raad‐
pleeg voor meer informatie de
gebruiksaanwijzing van het Blue‐
tooth-apparaat.
2. Druk op ; en selecteer vervol‐
gens INSTELLINGEN op het info‐
display.
Selecteer Bluetooth en dan
Apparaatbeheer om het betref‐
fende menu weer te geven.
Page 43 of 97
Telefoon43Selecteer v op het scherm of druk op
qw op het stuurwiel.
Snelkiesnummers gebruiken
Snelkiesnummers die op de mobiele
telefoon zijn opgeslagen, kunt u ook
met het toetsenblok van het telefoon‐
hoofdmenu kiezen.
Druk op ; en selecteer dan
TELEFOON .
Houd het desbetreffende getal op het toetsenblok ingedrukt om de oproep
te starten.
Inkomend telefoongesprek
Een oproep aannemen
Als bij een inkomende oproep een
audiomodus actief is, bijv. de radio- of
USB-modus, wordt het geluid van de
audiobron onderdrukt totdat het
gesprek wordt beëindigd.
Er verschijnt een melding met het
telefoonnummer of de naam van de beller (indien beschikbaar).
Selecteer v in het bericht of druk op
qw op het stuurwiel om de oproep te
beantwoorden.
Een oproep weigeren
Selecteer J in het bericht of druk op
xn op het stuurwiel om de oproep
te weigeren.
Beltoon wijzigen
Druk op ; en selecteer dan
INSTELLINGEN .
Selecteer Bluetooth en dan Beltonen
om het betreffende menu weer te
geven. Er verschijnt een lijst met alle
gekoppelde apparaten.
Kies het gewenste apparaat. Er wordt
een lijst weergegeven met alle belto‐
nen voor dit apparaat.
Selecteer een van de beltonen.
Functies tijdens het gesprek
Tijdens een telefoongesprek
verschijnt het hoofdmenu op het
display.
Handsfreemodus tijdelijk deactiveren
Activeer m om het mobiele telefoon‐
gesprek te vervolgen.
Deactiveer m om terug te keren naar
de handsfree-modus.
Page 46 of 97
46TrefwoordenlijstAAfbeeldingen weergeven ..............30
Afbeeldingsbestanden ..................27
Afbeelding via USB activeren .......30
Algemene aanwijzingen ...........6, 36
Algemene informatie ..............27, 35
Bluetooth ................................... 27
DAB ........................................... 24
Infotainment-systeem ..................6
Smartphone-applicaties ............27
Telefoon .................................... 36
USB ........................................... 27
Antidiefstalfunctie ..........................7
Audio afspelen .............................. 29
Audiobedieningsknoppen aan stuurwiel ...................................... 8
Audiobestanden ........................... 27
Audio via USB activeren ...............29
Automatisch volume .....................16
B Basisbediening ............................. 13
Bediening...................................... 40 Externe apparaten ....................27
Menu ......................................... 13
Radio ......................................... 20
Telefoon .................................... 40
Bedieningselementen Infotainment-systeem ..................8
Stuurwiel ..................................... 8Bedieningspaneel Infotainment ......8
Beginmenu ................................... 13
Bel Beltoon ...................................... 40
Functies tijdens het gesprek .....40
Inkomend gesprek ....................40
Telefoongesprek initiëren ..........40
Beltoon Beltoon wijzigen ........................40
Beltoonvolume .......................... 16
Bestandsindelingen Afbeeldingsbestanden ..............27
Audiobestanden ........................27
Filmbestanden........................... 27
Bluetooth Algemene informatie .................27
Apparaat aansluiten ..................27
Bluetooth-verbinding .................37
Koppelen ................................... 37
Menu Streaming audio via
Bluetooth ................................... 29
Telefoon .................................... 40
Bluetooth-verbinding ....................37
BringGo ........................................ 33
D DAB .............................................. 24
Digital Audio Broadcasting ...........24
Display-instellingen................. 30, 32
Page 47 of 97
47F
Favoriete lijsten Zenders oproepen .....................22
Zenders opslaan .......................22
Favorietenlijst ............................... 22
Filmbestanden .............................. 27
Films afspelen .............................. 32
Film via USB activeren .................32
G Gebruik ............................. 11, 20, 35
Bluetooth ................................... 27
Menu ......................................... 13
Radio ......................................... 20
Telefoon .................................... 40
USB ........................................... 27
Geluidsinstellingen .......................16
I
Infotainmentsysteem inschakelen 11 Intellitext ....................................... 24
K Koppelen ...................................... 37
M Maximaal inschakelvolume........... 16
Menubediening ............................. 13
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur ...................44
Mute.............................................. 11N
Noodoproep .................................. 39
O
Oproepenhistorie ..........................40
Overzicht bedieningselementen .....8
R Radio Afstemmen op zender ...............20
Configureren DAB .....................24
Configureren van RDS ..............23
DAB-berichten ........................... 24
Digital audio broadcasting
(DAB) ........................................ 24
Favoriete lijsten ......................... 22
Frequentiebereik selecteren .....20
Gebruik...................................... 20
Inschakelen ............................... 20
Intellitext .................................... 24
Radio Data System (RDS) ........23
Regio-instelling.......................... 23
Regionaal .................................. 23
Zender zoeken .......................... 20
Zenders oproepen .....................22
Zenders opslaan .......................22
Radio activeren............................. 20
Radio Data System (RDS) ........... 23
RDS .............................................. 23
Regio-instelling ............................. 23
Regionaal ..................................... 23S
Selectie van frequentiebereik .......20
Smartphone .................................. 27
Telefoonweergave ....................33
Smartphone-applicaties gebruiken .................................. 33
Snelkiesnummers .........................40
Spraakherkenning ........................35
Stemherkenning ........................... 35
Streaming audio via Bluetooth activeren.................................... 29
Systeeminstellingen...................... 17
T Telefoon Algemene informatie .................36
Beltoon selecteren ....................40
Bluetooth ................................... 36
Bluetooth-verbinding .................37
Een nummer invoeren ...............40
Functies tijdens het gesprek .....40
Hoofdmenu Telefoon ................40
Inkomend gesprek ....................40
Noodoproepen .......................... 39
Oproepenhistorie ......................40
Snelkiesnummer .......................40
Telefoonboek ............................ 40
Telefoon activeren ........................40
Telefoonboek ................................ 40
Telefoonweergave ........................33
Page 48 of 97
48UUSB Afbeeldingenmenu USB ............30
Algemene informatie .................27
Apparaat aansluiten ..................27
Audiomenu USB........................ 29
Filmmenu USB .......................... 32
V Volume Automatisch volume ..................16
Beltoonvolume .......................... 16
Maximaal inschakelvolume .......16
Mutefunctie................................ 11
Volume aanraakpiep .................16
Volume instellen ........................11
Volume TP ................................ 16
Volumebeperking bij hoge
temperaturen ............................. 11
Voor snelheid
gecompenseerd volume ............16
Volume aanraakpiep ....................16
Volume-instellingen ......................16
Volume TP .................................... 16
Z Zenders oproepen ........................22
Zenders opslaan ........................... 22
Zender zoeken.............................. 20
Page 49 of 97
Inleiding....................................... 50
Radio ........................................... 63
Cd-speler ..................................... 71
AUX-ingang ................................. 74
USB-poort .................................... 75
Streaming audio via Bluetooth .....78
Telefoon ....................................... 80
Trefwoordenlijst ........................... 90CD 3.0 BT / R 3.0
Page 50 of 97
50InleidingInleidingAlgemene aanwijzingen...............50
Antidiefstalfunctie ......................... 51
Overzicht bedieningselementen ..52
Gebruik ........................................ 57
Basisbediening ............................ 58
Geluidsinstellingen ......................60
Volume-instellingen .....................61Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u
eersteklas infotainment voor in uw
auto.
Met de radiotunerfuncties kunt u
maximaal 36 zenders op zes favo‐
riete pagina's registreren.
De geïntegreerde cd-speler onder‐
houdt u met audio- en MP3/WMA-
CD’s.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als andere audiobronnen op het
Infotainmentsysteem aansluiten,
bijv. iPod ®
, mp3-speler, USB-stick of
een draagbare cd-speler; via een
kabel of via Bluetooth ®
.
Ook is het Infotainmentsysteem
uitgevoerd met een telefoonportal
waarmee u uw mobiele telefoon
comfortabel en veilig in de auto kunt
gebruiken.
Eventueel kunt u het Infotainmentsys‐
teem met de knoppen op het stuur‐
wiel bedienen.
Door het goeddoordachte design van de bedieningselementen en de
heldere displays kunt u het systeem
gemakkelijk en intuïtief bedienen.Let op
Deze handleiding beschrijft alle voor
de diverse Infotainmentsystemen
beschikbare opties en functies.
Bepaalde beschrijvingen, zoals die
voor display- en menufuncties,
gelden vanwege de modelvariant,
landspecifieke uitvoeringen, speci‐
ale uitrusting en toebehoren wellicht
niet voor uw auto.
Belangrijke informatie over de
bediening en de
verkeersveiligheid9 Waarschuwing
Het Infotainmentsysteem moet
worden gebruikt zodat er te allen
tijde veilig met de auto kan worden gereden. Zet bij twijfel de auto aan de kant en bedien het Infotain‐
mentsysteem terwijl u stilstaat.
Page 58 of 97
58InleidingAudiospelers
R 3.0
Druk op AUX om de modus AUX te
activeren.
CD 3.0 BT
Druk één of meerdere keren op
MEDIA om naar het hoofdmenu CD,
USB, iPod of AUX te gaan of om
tussen deze menu's te wisselen.
Druk op MENU-TUNE om naar de
betreffende menu's met opties voor
trackselectie te gaan.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van CD-spelerfuncties 3 71, AUX-
functies 3 74, USB-poortfuncties
3 75 en functies voor streaming
audio via Bluetooth 3 78.
Telefoon
Druk kort op y / @ om naar het tele‐
foonmenu te gaan.
Druk op MENU-TUNE om naar het
telefoonmenu met opties voor het invoeren en selecteren van nummers te gaan.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de telefoonportal 3 80.Systeeminstellingen
De taal aanpassen
De menuteksten op het display van
het infotainmentsysteem zijn beschik‐ baar in diverse talen.
Druk op CONFIG om het menu
Instellingen op te roepen.
Selecteer Talen (Languages) in het
menu Instellingen om het betreffende
menu weer te geven.
Kies de gewenste taal voor de menu‐ teksten.
Let op
Voor een gedetailleerde beschrij‐
ving van de menubediening 3 58.
Tijd- en datuminstellingen
Vind een gedetailleerde beschrijving
in de Gebruikershandleiding.
Voertuiginstellingen
Vind een gedetailleerde beschrijving
in de Gebruikershandleiding.
Andere instellingen
U vindt een gedetailleerde beschrij‐
ving voor alle andere instellingen in
de betreffende hoofdstukken.
Fabrieksinstellingen terugzetten
Alle instellingen, bijv. de volume- en
geluidsinstellingen, de favorietenlijs‐
ten of de lijst met Bluetooth-appara‐
ten, kunnen worden teruggezet op de fabrieksinstellingen.
Druk op CONFIG om het menu
Instellingen op te roepen. Selecteer
Auto-instellingen en vervolgens
Fabrieksinstellingen herstellen .
In het submenu wordt u een vraag
gesteld. Selecteer Ja om alle waar‐
den op de fabriekswaarden terug te
zetten.
Basisbediening MENU-TUNE-knop De knop MENU-TUNE is het centrale
bedieningselement voor de menu's.
Page 75 of 97
USB-poort75USB-poortAlgemene aanwijzingen...............75
Opgeslagen audiobestanden
afspelen ....................................... 76Algemene aanwijzingen
In de middenconsole bevindt zich een
USB-poort voor het aansluiten van
externe audiodatabronnen.
Let op
Deze poort moet u altijd schoon- en
drooghouden.
Op de USB-poort kunt u een mp3-
speler, USB-drive, SD Card (via USB- aansluiting/adapter) of iPod aanslui‐
ten.
Na het aansluiten op de USB-poort
kunnen diverse functies van de
bovenstaande apparaten worden
bediend via de bedieningsorganen en menu's van het infotainmentsysteem.
Let op
Niet alle aanvullende apparaten
worden ondersteund door het Info‐
tainmentsysteem.
Opmerkingen
● De op de USB-poort aangesloten
externe apparaten moeten
voldoen aan de USB Mass
Storage Class-specificatie (USB
MSC).● Via USB aangesloten apparaten worden ondersteund volgens
USB-specificatie V 2.0. Maxi‐
male ondersteunde snelheid:
12 Mbit/s.
● Alleen apparaten met een FAT16/FAT32-bestandssysteemworden ondersteund.
● Vaste-schijfstations (HDD) worden niet ondersteund.
● USB-hubs worden niet onder‐ steund.
● De volgende bestandsformaten kunnen worden gebruikt:
ISO9660 Level 1, Level 2
(Romeo, Joliet).
Het is mogelijk dat MP3- en
WMA-bestanden die in een
ander formaat zijn geschreven
dan hierboven vermeld niet
correct worden afgespeeld en dat hun bestands- en mapnamen
niet correct worden weergege‐
ven.
● De volgende beperkingen zijn van toepassing op de bestanden
die op het externe apparaat zijn
opgeslagen: