parkeerlicht Peugeot Bipper 2011 Handleiding (in Dutch)

Page 14 of 180

12
In een oogopslag

ZICHT


Ring
Uit.
Parkeerlicht.
Dimlicht/grootlicht.

Mistlampen vóór
Mistachterlicht.
of
Mistlampen vóór en mistachterlicht.



41




Richtingaanwijzers


Functie "autosnelweg"
Beweeg de lichtschakelaar kort omhoog
of omlaag tot aan het zware punt. De
richtingaanwijzers aan de desbetreffende zijde
knipperen drie keer.



41




Ruitenwissers


Ring A: ruitenwissers vóór



43


Ring B: ruitenwisser achter



43

Eén keer wissen.
Interval.
Ruitensproeier. Ruitensproeiers.
Uit.


Verlichting

Uit.
Interval.
Constant wissen met lage snelheid.
Constant wissen met hoge snelheid. Beweeg de lichtschakelaar omhoog of
omlaag tot voorbij het zware punt. De
richtingaanwijzers aan de desbetreffende zijde
blijven knipperen tot de schakelaar weer in de
middelste stand terugkomt.

Page 28 of 180

26


Cockpit



Verklikkerlampje


status
signaleert
Wat te doen
Parkeerlichten brandt. dat deze stand handmatig
is geselecteerd. Draai de ring van de lichtschakelaar in de eerste
stand.
Dimlicht
brandt. dat deze stand handmatig
is geselecteerd. Draai de ring van de lichtschakelaar in de
tweede stand.
Grootlicht dat de lichtschakelaar
naar de bestuurder toe is
getrokken. Trek de lichtschakelaar nogmaals naar u toe
om weer van grootlicht naar dimlicht over te
schakelen.
Richtingaanwijzers knippert met
geluidssignaal. een verandering
van richting, via de
bedieningshendel aan
de linkerzijde van het
stuurwiel. Naar rechts: hendel omhoog bewegen.
Naar links: hendel omlaag bewegen.
Alarmknipperlichten knippert met
geluidssignaal. dat de schakelaar van
de alarmknipperlichten is
ingedrukt. Deze schakelaar
bevindt zich centraal op het
dashboard. De richtingaanwijzers links en rechts knipperen
gelijktijdig, samen met de bijbehorende
controlelampjes.
Mistlampen vóór brandt. dat de knop op het
dashboard is ingedrukt. Handmatige bediening.
De mistlampen werken alleen als de
parkeerlichten of het dimlicht is ingeschakeld.
Mistachterlichten brandt. dat de knop op het
dashboard is ingedrukt. Handmatige bediening. De mistachterlichten
werken alleen als het dimlicht is ingeschakeld.
Bij normaal zicht mogen de mistachterlichten
niet worden ingeschakeld, hiervoor kunt u een
boete krijgen. "Het mistachterlicht geeft een
rood verblindend licht".

Page 43 of 180

41
1
VOORDAT u GAAT RIJDEN


Stuurkolomschakelaars
LICHTSCHAKELAAR
Draai de ring met het witte merkteken in de
gewenste stand, met het contact AAN
.


Alle verlichting uit

Parkeerverlichting aan

Dit wordt aangegeven door
middel van een controlelampje op
het instrumentenpaneel.


Dimlicht/grootlicht aan

Schakelen tussen dim- en grootlicht

Trek de lichtschakelaar naar u toe.


Lichtsignaal

Richtingaanwijzers
Functie "snelweg"

Deze functie is bedoeld om een verandering
van rijbaan aan te geven tijdens het rijden
op de snelweg.
Wanneer u de lichtschakelaar kort omhoog
of omlaag duwt zonder het zware punt te
passeren, knipperen de richtingaanwijzers
driemaal.
Trek de lichtschakelaar iets naar
u toe, ongeacht de stand van de
ring.
Links: omlaag. Het pijlvormige
groene lampje op het
instrumentenpaneel knippert.
Rechts: omhoog. Het pijlvormige
groene lampje op het instrumentenpaneel
knippert. Draai de ring in de juiste stand.














Parkeerlichten

De zijkant van de auto wordt gemarkeerd
door het inschakelen van de parkeerlichten
aan de kant van het verkeer.
Contact in de stand STOP
of contactsleutel
verwijderd uit het slot:


)
draai de ring in de stand "Alle verlichting
uit" en vervolgens in de stand
"Parkeerlichten aan",

)
beweeg de lichtschakelaar omhoog of
omlaag om de parkeerlichten aan de
kant van het verkeer in te schakelen
(voorbeeld: rechts van de weg parkeren;
lichtschakelaar omlaag duwen;
parkeerlichten links gaan branden).
Het inschakelen wordt bevestigd door het
branden van het controlelampje van de
parkeerlichten.
Zet om de parkeerlichten uit te schakelen de
lichtschakelaar in de middelste stand en zet
de ring in de stand "Alle verlichting uit".

Page 146 of 180



Lamp vervangen



1 - Dimlicht

Type D
, H4 - 55 W


- Draai het deksel linksom open en
verwijder het.

- Neem de stekker los.

- Druk op de twee haakjes en duw de
borgveer open.

- Vervang de lamp en let erop dat het
metalen gedeelte goed aansluit op de
groeven van de lampunit.


2 - Parkeerlicht

Type A
, W 5 W - 5 W


- Draai het deksel linksom open en
verwijder het.

- Trek de lamphouder los om bij de lamp te
komen.

- Vervang de lamp.

3 - Grootlicht

Type D
, H4 - 55 W


- Draai het deksel linksom open en
verwijder het.

- Neem de stekker los.

- Druk op de twee haakjes en duw de
borgveer open.

- Verwijder de lamphouder.

- Vervang de lamp en let erop dat het
metalen gedeelte goed aansluit op de
groeven van de lampunit.

4 - Richtingaanwijzers

Type B,
PY21W - 21W amberkleurig


- Draai de lamphouder een kwart
omwenteling linksom.

- Druk de lamp iets in en draai hem
linksom.

- Vervang de lamp.
Raadpleeg in geval van problemen het
PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde
werkplaats.

Controleer na het vervangen of de
verlichting goed werkt.

5 - Mistlampen vóór

Type E,
H1 - 55W
Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.

Page 148 of 180

14
6


Lamp vervangen



Achterlichten



- Bepaal de plaats van de defecte lamp en
open de achterdeuren.

- Draai de twee schroeven los met de
schroevendraaier uit het etui (achter
de bestuurdersstoel) en verwijder de
lamphouder.

- Maak de lampunit los.

- Neem de stekker los.

- Verwijder de houder door de borglippen
uit elkaar te drukken.

- Vervang de lamp.


Kentekenplaatverlichting


Type A,
C5W - 5W


- Maak het lampglas los met de
schroevendraaier uit het etui (achter
de bestuurdersstoel) en verwijder de
lamphouder.

- Druk de twee contacten uit elkaar en
vervang de lamp.

- Controleer of de nieuwe lamp goed
tussen de contacten vastzit.

- Breng het lampglas aan en druk het aan
de bovenzijde vast.
Zie voor meer informatie de tabel "Lampen".





1.
Remlichten

Type B,
P21W - 21W

2.
Richtingaanwijzers

Type B,
PY 21W - 21W amberkleurig

3.
Achteruitrijlichten

Type B,
P 21W - 21W

4.
Parkeerlichten

/ Mistlampen

Type B,
P4/21W - 4W/21W

Op de achterdeuren
Op de achterklep

Page 174 of 180

172


Cockpit


BESTUURDERSPLAATS


Instrumentenpaneel, displays,
tellers ............................................ 21
Verklikkerlampjes........................22-28
Meters.........................................29-30

Lichtschakelaar...........................41-42
Follow me home verlichting ............. 42
Parkeerlichten.................................. 41

Motorkap openen........................... 159
Zekeringen..............................149-151
Ruitenwissers voor/achter ............... 43
Ruitensproeiers ............................... 43
Boordcomputer ................................ 68
Stuurwiel, verstellen ........................ 48
Claxon ........................................... 114
Cockpit............................................... 7

Ruitbediening................................... 47
Buitenspiegels ................................. 46
Confi guratie - persoonlijke
instellingen ...............................68-71
Tijd instellen ..................................... 70
Koplampverstelling .......................... 42
Mistlampen vóór/mistachterlicht ...... 42
Dimmer dashboardverlichting .......... 30
Snelheidsregelaar.......................44-45

Starten, contactslot .................... 18, 34