display Seat Arona 2018 Handleiding (in Dutch)
Page 257 of 332
Systemen ter ondersteuning van de bestuurder
een sensor vooraan, worden uitsluitend
o b
s
takels getoond in de zone B .
W ac
ht
niet te lang met naar een gespeciali-
seerde werkplaats te gaan om de klacht te la-
ten verhelpen.
Trekhaak Wanneer in wagens met in de fabriek gemon-
teer
de tr
ekhaak de aanhangwagen op elektri-
sche wijze aangesloten is, worden de senso-
ren achteraan voor de parkeerhulp niet geac-
tiveerd bij het schakelen van de achteruitver-
snelling, wanneer de keuzehendel in stand R
wordt gezet of wordt gedrukt op de toets .
Parkeerhulp plus
De afstand tot mogelijke obstakels aan de
achterzijde van de wagen wordt niet weerge-
geven op het scherm en wordt ook niet aan-
gegeven met geluidssignalen.
Op het display van het Easy Connect-systeem
worden enkel de objecten getoond die wor-
den gedetecteerd aan de voorzijde, terwijl de
weergave van het traject wordt verborgen.
Manoeuvreerremfunctie* 3 Enkel
geldig met Parkeerhulp Plus
D
e noodremfunctie dient om de kans op bot-
singen tot een minimum te beperken. Afhankelijk van de uitrusting kan de manoeu-
vreerr
emf
unctie bij actieve parkeerhulp het
noodremmen activeren wanneer een obsta-
kel met botsingsgevaar wordt waargenomen
op het traject, in elke rijrichting.
De functie zal niet remmen indien de parkeer-
hulp als gevolg van een automatische active-
ring ingeschakeld is. Voor de werking moet
worden gemanoeuvreerd met een snelheid
tussen 2,5-10 km/u (1,5-6 mph) voor de zo-
ne voorin en tussen 1,5-10 km/u (1-6 mph)
voor de zone achterin.
Na een ingreep blijft de manoeuvreerrem-
functie inactief in dezelfde rijrichting gedu-
rende 5 meter. Na het veranderen van de ver-
snelling of stand van de keuzehendel is de
functie weer actief. De beperkingen van de
parkeerhulp zijn van toepassing.
De manoeuvreerremfunctie wordt ingesteld
in het Easy Connect-systeem met het menu en de functietoetsen
S
ETUP en
P ark
er
en en manoeuvreren ●
on – maakt het gebruik van de manoeu-
vr
eerremfunctie mogelijk.
● off – maakt het
gebruik van de ma-
noeuvreerremfunctie niet mogelijk.
Tijdelijk uitschakelen van het noodremmen
● Wanneer de functie wordt uitgeschakeld
met de t oets
Manoeuvreerremfunctie op hetscherm van
Park
eerhu
lp van het Easy Con-
nect-systeem.
● Wanneer een van de portieren, bagage-
ruimte of ac
hterklep worden geopend.
Achteruitrijsysteem "Rear View
Camera"* Ger
elateerde video Afb. 219
Veiligheid Veiligheidsaanwijzingen en gebruiks-
in
s
tructie
s ATTENTIE
● De ac ht
eruitrijhulp kan niet heel nauwkeu-
rig de afstand tot obstakels meten (personen,
voertuigen enz.) noch kan hiermee meer be-
reikt worden dan zonder de hulp. Daarom be-
staat er mogelijk gevaar voor ongevallen en
zware verwondingen als het achteloos of zon-
der de nodige aandacht wordt gebruikt. De » 255
Technische gegevens
Aanwijzingen
Bedienen
Noodgevallen
Veiligheid
Page 258 of 332
Bedienen
bestuurder moet altijd de omgeving nauw-
keurig o
b
serveren zodat de bewegingen in al-
le veiligheid gebeuren.
● De cameralens vergroot en vervormt het ge-
zicht
sveld en dit kan voorwerpen anders en
minder nauwkeurig weergeven op het scherm
dan ze in werkelijkheid zijn. Dit effect zorgt
ook voor een vervormde weergave van afstan-
den.
● Door de schermresolutie of door zwakke
lichtoms
tandigheden kunnen bepaalde voor-
werpen niet of slechts gedeeltelijk zichtbaar
zijn. Let speciaal op palen, afsluitingen, hek-
ken of kleine boompjes die de wagen kunnen
beschadigen doordat ze onzichtbaar zijn op
het scherm.
● De achteruitrijhulp heeft dode hoeken
waarin noch per
sonen of voorwerpen te zien
zijn (bijv. kleine kinderen, dieren of bepaalde
voorwerpen liggen mogelijk niet in zijn ge-
zichtsveld). Hou altijd goed de omgeving van
de wagen in het oog.
● Houd de cameralens schoon en vrij van
sneeuw en ij
s. Dek ze niet af.
● Ondanks het systeem moet de bestuurder
te al
len tijde opmerkzaam blijven. Controleer
altijd het parkeermanoeuvre en de omgeving
van de wagen. De snelheid en de rijstijl aan-
passen aan het zicht, het weer, het wegdek
en het verkeer.
● Laat u niet afleiden van het verkeer door de
beelden op het s
cherm.
● De beelden van de achteruitrijhulp op het
scherm
zijn slechts tweedimensionaal. Door
gebrek aan ruimtelijk dieptezicht is het mo- gelijk dat uitstekende voorwerpen of putten
in het w
e
gdek moeilijk of helemaal niet waar
te nemen zijn.
● De lading van de wagen beïnvloed de weer-
gave
van de geprojecteerde oriëntatielijnen.
De breedte van deze lijnen vermindert vol-
gens het niveau van de lading van de wagen.
Speciaal opletten voor de omgeving van de
wagen als het interieur of de bagageruimte
volgeladen is.
● Bij de volgende omstandigheden lijkt het of
voorw
erpen of andere voertuigen dichterbij of
verder weg zijn op het scherm dan in werke-
lijkheid. Let vooral op in de volgende geval-
len:
– Bij het overgaan van een vlakke onder-
grond naar een helling.
– Bij het overgaan van een helling naar een
vlakke ondergrond.
– Als achter in de wagen te veel lading ligt.
– Als de wagen dichter bij voorwerpen
komt die niet op het grondoppervlak lig-
gen of die uitsteken vanaf een steunpunt
op de grond. Deze voorwerpen kunnen bij
het achteruitrijden buiten de gezichts-
veld van de camera vallen. Let op
● Het i s
ook belangrijk om speciaal te letten
en voorzichtig te zijn als de bestuurder nog
niet met het systeem vertrouwd is.
● De achteruitrijhulp is niet beschikbaar in-
dien de achterk
lep openstaat. Gebruiksaanwijzing
Afb. 220
In de greep van de achterklep: in-
bou wp
l
aats van achteruitkijkcamera. Een in de achterbumper ingebouwde kamera
helpt
de be
s
tuurder bij het achteruit parkeren
of manoevreren ››› afb. 220. Het beeld van de
camera wordt weergegeven samen met enke-
le door het systeem geprojecteerde oriënta-
tielijnen op het display van het infotainment-
systeem. Onderaan op het scherm is een
deel van de bumper te zien, als referentie-
punt voor de gebruiker.
Achteruitrijhulp instellen
De achteruitrijhulp biedt de gebruiker de mo-
gelijkheid om helderheid, contrast en kleur
van het beeld in te stellen.
Om die instellingen uit te voeren:
● Breng de wagen op een veilige plaats tot
sti l
stand.
256
Page 259 of 332
Systemen ter ondersteuning van de bestuurder
● Sc h
ak
el de parkeerrem in.
● Contact inschakelen.
● Schakel zo nodig het infotainmentsysteem
in.
● Schakel de achteruitversnelling in of zet de
keuzehendel
in stand R.
● Druk op de functietoets aan de recht
er-
kant van het beeld.
● Voer de gewenste instellingen in het menu
uit door te drukk
en op de functietoetsen –/+,
of door de overeenkomstige schuifknop te
bewegen.
Vereiste omstandigheden om te parkeren en
te manoeuvreren met de achteruitrijhulp
Gebruik het systeem in de volgende gevallen
niet:
● Als geen betrouwbaar beeld te zien is of als
het v
ervormd is, bijvoorbeeld in het geval
van slechte zichtbaarheid of als de lens vuil
is.
● Als het gebied achter de wagen niet helder
zicht
baar is of slechts onvolledig te zien is.
● Als achter in de wagen te veel lading ligt.
● Als de stand of de inbouwhoek van de ca-
mera is
veranderd, bijvoorbeeld na een aan-
rijding van achteren. Laat het systeem door
een gespecialiseerde werkplaats controleren. Vertrouwd raken met het systeem
Om ver
trouwd te raken met het systeem, de
oriëntatielijnen en hun functie en hoe te par-
keren en te manoeuvreren met de achteruit-
rijhulp raadt SEAT aan te oefenen op een plek
met weinig verkeer of een parkeerplaats als
de weersomstandigheden en zichtbaarheid
gunstig zijn.
Cameralens schoonmaken
Houd de cameralens schoon en vrij van snee-
uw en ijs:
● De lens met universeel glasreinigingsmid-
del op alcoho
lbasis bevochtigen en de lens
met een droge doek schoonmaken.
● Sneeuw met een handveger verwijderen.
● Verwijder ijs bij voorkeur met een ontdoois-
pray
. VOORZICHTIG
● Gebruik nooit
schurende schoonmaakmid-
delen voor het schoonmaken van de lens.
● Gebruik nooit lauw of warm water voor het
verw
ijderen van sneeuw of ijs van de ruiten
en buitenspiegels. Anders kan de lens be-
schadigd raken. Parkeren en manoeuvreren met de
ac
ht
eruitrijhu
lp Afb. 221
Weergave op het display van het in-
f ot
ainmentsy
steem: oriëntatielijnen. Systeem in- en uitschakelen
● De achteruitrijhulp wordt ingeschakeld als
het c
ont
act aan is of de motor draait en wan-
neer de achteruitrijversnelling wordt gekozen
(handgeschakelde versnellingsbak) of wan-
neer de keuzehendel voor de versnelling in
de stand R wordt gezet (automatische ver-
snellingsbak).
● Het systeem wordt uitgeschakeld 8 secon-
den na het ontk
oppelen van de achteruitver-
snelling (handgeschakelde versnellingsbak)
of als de keuzehendel voor de versnelling uit
de stand R wordt gezet (automatische ver-
snellingsbak). Het systeem wordt ook onmid-
dellijk uitgeschakeld bij het uitzetten van het
contact. »
257
Technische gegevens
Aanwijzingen
Bedienen
Noodgevallen
Veiligheid
Page 260 of 332
Bedienen
● Wanneer s
nel
ler dan 15 km/u (9 mph) ach-
teruit wordt gereden, stopt de camera met
uitzenden.
In combinatie met het systeem van parkeer-
hulp Plus ››› pag. 249 wordt het beeld van de
camera onmiddellijk stopgezet wanneer uit
de achteruitversnelling wordt geschakeld of
de keuzehendel in stand R wordt gezet; er
wordt dan optische informatie weergegeven
die wordt geleverd door het systeem van par-
keerhulp.
Ook in combinatie met dit systeem bestaat
de mogelijkheid om het beeld van de achter-
uitrijhulp te verbergen:
● Door op het display te drukken op een van
de toetsen v
an het infotainmentsysteem.
● OF: door te drukken op de miniatuurweer-
gav
e van de wagen aan de linkerzijde van het
display (het volledige scherm van het opti-
sche systeem van de parkeerhulp plus wordt
dan getoond).
Om terug te keren naar het beeld van de ach-
teruitrijhulp:
● Schakel de achteruitrijversnelling uit of ver-
ander de stand
van de keuzehendel, en scha- kel dan opnieuw de achteruitversnelling of
zet de k
euzehendel in stand R.
● OF: druk op de functietoets RVC1)
Bet
ekenis van de oriëntatielijnen
››› afb. 221
Zijlijnen: verlenging van de wagen (onge-
veer de breedte van de wagen inclusief
de buitenspiegels) op het oppervlak van
het wegdek.
Einde van de zijlijnen: het in het groen
aangeduide gebied eindigt ongeveer 2 m
achter de wagen op het wegdek.
Middelste lijn: duidt een afstand van on-
geveer 1 m achter de wagen aan op het
wegdek.
Rode horizontale lijn: duidt een veilige
afstand aan van ca. 40 cm tot het achter-
ste deel van de wagen op het oppervlak
van het wegdek.
Parkeermanoeuvre
● Plaats de wagen voor een parkeerplek en
sch
akel de achteruitversnelling in (handge-
schakelde versnellingsbak) of zet de keuze-
hendel voor de versnelling in de stand R (au-
tomatische versnellingsbak). 1 2
3
4 ●
Rij l an
g
zaam achteruit en draai het stuur-
wiel zodanig dat de oriëntatielijnen opzij
naar de open parkeerplek leiden.
● Oriënteer de wagen zodanig in de open
parkeerp
lek dat de oriëntatielijnen opzij
evenwijdig lopen met de wagen. 1)
WAARSCHUWING: de functietoets RVC (Rear
View
Camera) zal enkel beschikbaar zijn wanneer de ach-
teruitrijversnelling is geschakeld of de keuzehendel
zich in stand R bevindt.
258
Page 279 of 332
Verzorging en onderhoud
ATTENTIE
Gebruik nooit een bodembeschermingslaag
of c orr
osiewerende middelen voor uitlaten,
katalysatoren of warmtewerende platen. Door
een heet uitlaatsysteem of door hete motor-
delen kunnen deze stoffen vlam vatten.
Brandgevaar! Motorruimte schoonmaken
Neem extra voorzorgsmaatregelen voor het
sc
hoonm
aken van de motorruimte.
Corrosiewerende laag
De motorruimte en het oppervlak van de mo-
tor zijn af fabriek met een corrosiewerende
laag behandeld.
Vooral in de winter, wanneer u vaak op met
zout bestrooide wegen rijdt, is een goede be-
scherming tegen corrosie heel belangrijk.
Opdat het zout geen schade kan aanrichten,
moet de motorruimte voor en na de strooipe-
riode grondig worden schoongemaakt.
De Technische Dienst beschikt over de juiste
schoonmaak- en conserveringsmiddelen en
de benodigde gereedschappen. Daarom ad-
viseren wij u om deze werkzaamheden daar
te laten uitvoeren.
Wanneer de motorruimte met vetoplossende
middelen wordt schoongemaakt of wanneer
de motor wordt gewassen, wordt de corrosie- werende laag bijna altijd verwijderd. Daarna
bes
li
st alle vlakken, groeven, naden en alle
componenten in de motorruimte laten con-
serveren. ATTENTIE
● Let
vóór alle werkzaamheden in het motor-
compartiment op de waarschuwingen ››› pag.
285.
● Motor uitschakelen, handrem aantrekken
en altijd de cont
actsleutel uit het contactslot
trekken, voordat u de motorkap opent.
● Motor laten afkoelen, voordat u de motor-
ruimte sc
hoonmaakt.
● Handen en armen tegen metalen delen met
scherpe k
anten beschermen, als u bijvoor-
beeld de onderkant van de wagen, de binnen-
zijde van de wielkasten of de wieldoppen
schoonmaakt. Gevaar voor verwondingen!
● Vocht, ijs en strooizout in het remsysteem
verminderen de r
emwerking - gevaar voor on-
gevallen! Na het wassen van de wagen abrup-
te en plotselinge remmanoeuvres vermijden.
● Nooit het koelsysteem aanraken. Deze
wordt
afhankelijk van de temperatuur gere-
geld en kan automatisch worden ingescha-
keld – ook bij uit het contact getrokken con-
tactsleutel! Milieu-aanwijzing
Omdat bij het wassen van een motor resten
brand s
tof, vet en olie kunnen worden afge-
spoeld, het vervuilde water door een olie-af- scheider schoonmaken. Daarom mag de mo-
tor a
l
leen worden schoongespoten in een ge-
specialiseerde werkplaats of bij een daartoe
uitgerust tankstation. Verzorging van de wagen, bin-
nenz
ijde
Di
splay van de radio/Easy Connect*
en bedieningspaneel* Het display kan worden schoongemaakt met
een in s
pec
i
aalzaken verkrijgbare "LCD-clea-
ner". Om het display schoon te maken, de
doek licht bevochtigen met de reinigings-
vloeistof.
Het bedieningspaneel van het Easy Connect-
systeem* moet eerst met een penseeltje wor-
den ontdaan van vuil, om te voorkomen dat
dit in het apparaat of tussen de toetsen en
de behuizing komt te zitten. Daarna wordt
geadviseerd om het bedieningspaneel van
Easy Connect-systeem* schoon te maken met
een vochtige doek en vaatwasmiddel. VOORZICHTIG
● Om kr a
ssen te voorkomen, mag u het dis-
play niet droog schoonmaken.
● Om schade te voorkomen, moet u erop let-
ten dat
er geen vocht terechtkomt in het be-
dieningspaneel van Easy Connect-systeem*. 277
Technische gegevens
Aanwijzingen
Bedienen
Noodgevallen
Veiligheid
Page 317 of 332
Trefwoordenlijst
Trefwoordenlijst A
Aanbev o
l
en versnelling . . . . . . . . . . . . . . . . 42, 201
Aandrijfslipregeling . . . . . . . . . . . . . . 187, 188, 189 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 188
Aanhaalmomenten van de wielbouten . . . . . . . . 306
Aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 259, 264 aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 265, 266
achterlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 265
bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 237
dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 237
parkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 255
rijden met een aanhangwagen . . . . . . . . . . . . 266
sleepkabel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 265
stopcontact . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 266
vasthaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 265
veiligheidsring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 266
Aanhangwagengewichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . 306
Aanhangwagenknipperlichten Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 149
Aanslepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
Aantal zitplaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 81
Aantrekmoment wielbouten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 69
ABS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
ACC . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222 radarsensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
Accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270
Accuzuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 295
Achterbank rugleuning neer- en terugklappen . . . . . . . . . . 159
Achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16, 17, 144
Achterlichten in achterklep fitting uitbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 112 Achterlichten in zijpaneel
achterlic ht uitbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 111
Achterruitverwarming . . . . . . . . . . . . . . . 52, 54, 55 schakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 153
verwarmingsdraden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 275
Achterste mistlicht Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 147
Achteruitkijkspiegel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 154 zelfdimmend binnen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 154
Achteruitkijkspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 154 handmatig naar binnen klappen . . . . . . . . . . . 155
Achteruitrijsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 255 bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 257
display . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 256
gebruiksaanwijzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 256
parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 257
Achteruitversnelling (automatische versnellings- bak) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194
AdBlue beladen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
informatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
minimale vulhoeveelheid . . . . . . . . . . . . . . . . 283
specificatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
Tankinhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
Afdekkingen van de airbags . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
Afdichtrubbers Waxbehandeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 275
Afmetingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 312
Afneembare kogelkop de bevestiging controleren . . . . . . . . . . . . . . . 262
inbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 261, 262
in reservestand plaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . 260
reservestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 261
verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 263
Afsleepalarm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 143
Afstandsregeling zie Automatische afstandsregeling . . . . . . . . . 222 Afvoer
Gordels panner . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86
Airbags . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87 beschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 88
Airbagsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20, 87 activering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 88
beschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 88
Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
de frontairbag uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . 91
frontairbags . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21, 89
hoofdairbags . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23, 90
Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 88
zijairbags . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22, 90
Airconditioning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 51 algemene aanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 169
bedieningselementen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
Climatronic . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 176
handbediende airconditioning . . . . . . . . . . . . . 53
Alarmlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32, 151
Alarmsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 141 aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 142
Alcantara: schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 279
Algemeen schema Bestuurdersruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 117
knipperlicht- en grootlichthendel . . . . . . . . . . 149
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . . 47
Anti-diefstal alarmsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . 141 interieurbewaking en afsleepalarm . . . . . . . . 143
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 142
Antiblokkeersysteem . . . . . . . . . . . . . 187, 189, 191 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Aquaplaning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 298
Asbak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 161
ASR . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 188 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 188
315
Page 318 of 332
Trefwoordenlijst
Automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . . 222 aan w
ijz
ingen op het display . . . . . . . . . . . . . . 223
bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 225
bijzondere rijsituaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 229
functie om rechts inhalen te vermijden . . . . . 228
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 223
radarsensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
tijdelijk uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 229
waarschuwings- en controlelampje . . . . . . . . . 223
Automatische rijlichtregeling . . . . . . . . . . . . . . . 147
Automatische versnellingsbak . . . . . . . . . . . . . . 194 aanwijzingen voor het rijden . . . . . . . . . . . . . . 197
bergafdaalhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
keuzehendelstanden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194
keuzehendelvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . 195
kick-downsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
launch-control programma . . . . . . . . . . . . . . . 198
noodontgrendelen van de keuzehendel . . . . . . 50
noodprogramma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
stuurwiel met peddels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 196
tiptronic . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194, 196
Automatische wasinstallaties . . . . . . . . . . . . . . . 272
AUX-IN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 131
B Bagage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 162
Bagage opbergen Bevestigingsogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 164
dakdragersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . 166, 168
Bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16, 162 bagageruimteverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . 152
hoedenplank opbergen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 163
noodontgrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17
verstelbare bodem van de bagageruimte . . . . 165
zie ook Bagageruimte beladen . . . . . . . . . . . . 162
Bagageruimte beladen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 162
Balans van de wielen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 298 Banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 296
draairichtin ggebonden . . . . . . . . . . . . . . 69, 296
druk . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 297, 300
levensduur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 297
nieuwe banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 298
Slijtagemerktekens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 298
verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 65
Bandenafdichtingset . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64, 100
Bandenafdichtset . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64, 100 componenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 101
controle na 10 minuten . . . . . . . . . . . . . . . . . . 101
de band afdichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 101
de band oppompen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 101
Bandenprofiel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 298
Bandenreparatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 100
Bandenreparatieset zie Bandenafdichtset . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 100
Bandenspanning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 297, 306
Batterij . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 133
Batterij opladen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
Bedieningselementen aan het stuurwiel . . . . . . 126 met spraakbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 127
zonder spraakbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . 129
Bedieningselementen van de ruiten . . . . . . 18, 144
Beeldscherm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119, 120
Benzine additieven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
Bergafdaalhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
Bergafondersteuning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
Bescherming tegen bevriezing . . . . . . . . . . . . . . . 59
Besparingstips (efficiency-programma) . . . . . . . . 42
Besturing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 77, 202 bekrachtiging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 203
Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 202
elektromechanisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 203 stuurslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 203
teg
enstuurhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 203
Bestuurder zie Juiste zithouding . . . . . . . . . . . . . . . 76, 77, 78
Bestuurdersgedeelte overzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 117
Bestuurdersinformatiesysteem assistenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40
bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
besparingstips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
buitentemperatuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
extra verbruikers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
indicatie van de versnellingen . . . . . . . . . . . . . . 42
menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
motorkap, achterklep en portieren geopend . . 41
motorolietemperatuurmeter . . . . . . . . . . . . . . . 42
Onderhoudsintervallen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
ritgegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
snelheidssignaal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
waarschuwings- en informatieberichten . . . . . . 41
Beveiliging Safe . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 135
Bevestigingsogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 164
Bijrijder zie Juiste zithouding . . . . . . . . . . . . . . . 76, 77, 78
Bijzonderheden aanslepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 103
Binnenaanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
Binnengreep van het portier . . . . . . . . . . . . . . . . 117
Binnenspiegel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 154 zelfdimmend . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 154
Binnenverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 33
Biodiesel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
Blikjeshouder aan voorzijde . . . . . . . . . . . . . . . . 161
Bodem van de bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . 165
Bodem van de wagen bescherming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 276
316
Page 319 of 332
Trefwoordenlijst
Boordcomputer zie
B
estuurdersinformatiesysteem . . . . . . . . . . 37
Brandblusser . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99
Brandstof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57, 281 besparing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 205
brandstofmeter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 123
diesel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
ethanol . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
verbruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 305
Brandstof besparen inertiestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
Brandstofverbruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 205 waarom neemt het verbruik toe? . . . . . . . . . . . 207
BSD zie Dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
Buitenaanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7, 8
Buitenantenne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 271
Buitenspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 155 elektrisch naar binnen klappen . . . . . . . . . . . . 155
instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
knop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 155
verwarmbaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 155
Buitentemperatuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
C Centrale vergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134 alarmsysteem uitgeschakeld . . . . . . . . . . . . . . 141
automatische ontgrendeling . . . . . . . . . . . . . . 136
automatisch vergrendelen door onbedoeldopenen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
automatisch vergrendelen door snelheid . . . . 136
drukknop voor centrale vergrendeling . . . . . . 137
Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
noodvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 146
Safe-beveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134 sleutel met afstandsbediening . . . . . . . . . . . . 132
veiligheid
sontgrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
Centrale wieldop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 65, 66
Cetaangetal (diesel) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
Chroomdelen schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 276
Claxon . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 117
Climatronic . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 51 aanjagerregeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 177
algemene aanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 169
Automatische regeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 177
bedieningselementen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 176
temperatuur instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 177
voorruitverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 177
Coming Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
Connectivity Box . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 131
Contactsleutel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 178
Contactslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31, 178 zie Startknop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 181
Controlelampjes dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
snelheidsbegrenzer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
uitparkeerhulp (RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
Cruisecontrol . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45, 212
Cruise control . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 212
Cruisecontrol bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
waarschuwings- en controlelampje . . . . . . . . . 212
D
Dagteller terugzetten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 122
Dakbelasting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 168 technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 168
Dakdrager . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 166
Dakdragersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 166 dwarsdragers bevestigen . . . . . . . . . . . . . . . . . 167
Dashboard . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 160
De auto s
tarten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
De batterij vervangen van de autosleutel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 133
Defecte lampen een lampje vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 108
De motor voorverwarmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 183
De voorairbag uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 91
De wagen slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70, 102
Dichtschuiven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132 motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 286
Ramen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 144
Diesel roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 207
Dieselolie roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 207
tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
Digitale klok . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 120
Display van de radio: schoonmaken . . . . . . . . . . 277
Dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232 aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 237
Controlelampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
indicatie in de buitenspiegel . . . . . . . . . . . . . . 233
rijsituaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 235
Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 233
DSG . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194
DSG-versnellingsbak: zie Automatische versnellingsbak . . . . . . . . . . 194
Dynamische lichtbundel-hoogteverstelling . . . . 151
Dynamo Waarschuwingslampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 295
E
E10 zie Ethanol (brandstof) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
Easy Connect . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34, 125
317
Page 320 of 332
Trefwoordenlijst
Easy Connect-systeem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125
ED S
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 190
zi
e ook Elektronisch sperdifferentieel . . . . . . . 190
Een lampje vervangen achterlicht in de achterklep . . . . . . . . . . . . . . . 112
achterlicht in zijpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 111
algemene aanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 108
bagageruimteverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . 114
derde remlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 113
dimlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 110
DRL-/stadslicht (daglicht) . . . . . . . . . . . . . . . . 110
Grootlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 109
interieurverlichting en leeslampje . . . . . . . . . 113
kentekenverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 113
knipperlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 110
mistlamp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 111
Een wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 65 afsluitende werkzaamheden . . . . . . . . . . . . . . . 69
wielbouten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 67
Efficiency-programma besparingstips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
extra verbruikers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
Elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . 18, 144 comfortopenen en -sluiten . . . . . . . . . . . . . . . 146
Elektronisch beheer van het aandrijfkoppel (XDS) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 192
Elektronische Stabiliseringscontrole (ESC) . . .187, 189
Elektronische startblokkering . . . . . . . . . . . 15, 180
Elektronisch sperdifferentieel . . . . . . 187, 189, 190 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 190, 191
Emissiegegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 305
ESC . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 187 elektronische stabiliseringscontrole . . . . . . . . 187
rem voor meervoudige aanrijdingen . . . . . . . . 192
Sport-modus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 189
Ethanol (brandstof) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
Event Data Recorder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 98
Extra verbruikers (efficiency-programma) . . . . . . . 42 F
Filter t egen schadelijke stoffen . . . . . . . . . . . . . . 169
Frontairbag aan bijrijderszijde Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Frontairbag aan bijrijderszijde buiten werking stellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Frontale botsingen en natuurkundige wetten . . . 84
Front Assist aanwijzingen op het display . . . . . . . . . . . . . . 217
zie ook Noodremhulpsysteem . . . . . . . . . . . . . 217
Functie Coming Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
Functie Leaving Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
Functiestoringen automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . 223
inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . . . . 241
katalysator . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 207
koppeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
Noodremhulpsysteem (Front Assist) . . . . . . . . 219
roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 207
verversen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 201
G
Geluiden automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . 223
banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 69
Geluidssignaal veiligheidsgordel niet vastgegespt . . . . . . . . . . 82
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 123
Gevarendriehoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99, 151
Gewichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 305
Gordel spannen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86
Gordelspanners . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20, 86 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
GRA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
Grootlichthendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 149
Grote Onderhoud Service . . . . . . . . . . . . . . . . . . 288 H
Handbediende airconditionin
g . . . . . . . . . . . . . . 174
Handrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 185 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 186
HBA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 190
Het contact in- en uitschakelen . . . . . . . . . . 31, 178
Hoedenplank opbergen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 163
Hoofdairbags beschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23
veiligheidsaanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23
Hoofdsteunen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19 achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
Hoofdsteunen achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
Hoofdsteunen voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 79
regeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 156
voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 79
Hoofdsteunen regelen hoofdsteunen achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
hoofdsteunen voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 156
Hoofdsteunen uit- en inbouwen . . . . . . . . . . . . . 157
Hulpsystemen ACC . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222
automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . 222
dodehoekhulp (BSD) met uitparkeerhulp(RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . . . . 241
noodremmen (Front Assist) . . . . . . . . . . . . . . . 217
parkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 249, 251
snelheidsbegrenzer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
Snelheidsregelsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . 212
uitparkeerhulp (RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
vermoeidheidsherkenning . . . . . . . . . . . . . . . . 239
Hydraulische remkrachtassistent automatisch oplichten van de alarmlichten . . 190
318
Page 321 of 332
Trefwoordenlijst
I
Inbr aak
bev
eiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Indicatie van de versnellingen . . . . . . . . . . . . . . . 42
Inertiestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
Infotainmentsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34
Inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . . . . . . 241 automatische remingreep . . . . . . . . . . . . . . . . 249
automatisch onderbreken . . . . . . . . . . . . . . . . 242
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 241
recht parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 246
schuin parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 246
uitparkeren (enkel rechte parkeerplaatsen) . . 248
voortijdig beëindigen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 242
voorwaarden om te parkeren . . . . . . . . . . . . . . 246
voorwaarden om uit te parkeren . . . . . . . . . . . 248
Inrijden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 296 banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 204
motor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 203
remblokken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 204
Inspectiebeurt . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 288
instellen CAR-menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34, 125
hoofdsteunen achterin . . . . . . . . . . . . . . . 80, 157
hoofdsteunen voorin . . . . . . . . . . . . . . . . 79, 156
lichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
stoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Instrumenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Instrumentenpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119 display . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119, 120
instrumenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
kilometerteller . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 122
service-intervalindicatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 123
Interieurbewaking en wegsleepbeveiliging . . . . 143 Activering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 142
Interieurverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 152
Interieur verwarmen of koelen . . . . . . . . . . . . . . . 174 ISOFIX . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 27, 29
ISOFIX-sy
steem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 27, 29
J
Juiste zithouding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76 bestuurder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Bijrijder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 77
passagiers achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 78
K Katalysator . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 207 functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 207
Keuzehendelvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
Keuzehendel (automatische versnellingsbak) functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
noodontgrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50
standen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194
Keyless-Entry zie Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
Keyless-Exit zie Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
Keyless Access bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140
de motor starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 183
de wagen ontgrendelen en vergrendelen . . . . 138
Keyless-Entry . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
Keyless-Exit . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
Press & Drive . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 181
Kickdown automatische versnellingsbak . . . . . . . . . . . . 198
Schakelbak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 239
Kilometerteller . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 122 gedeeltelijk . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Resetknop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 122
totaal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Kinderslot elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . 144 Kinderzitjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23, 95
beves tiging met de veiligheidsgordel . . . . . . . 25
Indeling in klassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 95
ISOFIX-systeem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 27
Top Tether-systeem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 27, 30
veiligheidsaanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . 24, 94
Kleine Onderhoud Service . . . . . . . . . . . . . . . . . . 290
Knipperlichten Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 149
Knipperlichthendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32, 149
Koelsysteem koelvloeistof bijvullen . . . . . . . . . . . . . . 290, 291
koelvloeistof controleren . . . . . . . . . . . . 290, 291
koelvloeistoftemperatuurmeter . . . . . . . . . . . . 122
Koelvloeistof het peil controleren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 291
Koelvloeistofpeil Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 290
Koelvloeistoftemperatuur Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 290
Veiligheidsaanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . . . 291
Koplampen Mistlampen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
rijden in het buitenland . . . . . . . . . . . . . . . . . . 208
Koppeling (lampje) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
Krik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 65 steunpunten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 68
Kunststofdelen: schoonmaken . . . . . . . . . 274, 278
L Lampjes een lampje vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 108
Lampjes interieurverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . 113
Lamp van mistlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 111
Launch-control (automatische versnellingsbak) 198
Leaving Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
319