airbag FIAT 500X 2018 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2018, Model line: 500X, Model: FIAT 500X 2018Pages: 296, PDF Size: 8.24 MB
Page 119 of 296

Als de airbags niet worden opgeblazen
bij andere soorten botsingen (botsingen
opzij, achterop, over de kop slaan enz.),
wijst dit niet op een storing van het
systeem.
De frontairbags voor bestuurder en
passagier zijn geen vervanging voor de
veiligheidsgordels, maar een aanvulling
hierop. Draag dus altijd
veiligheidsgordels, zoals trouwens bij de
wet voorgeschreven is in alle Europese
landen en de meeste landen
daarbuiten.
Bij een botsing worden degenen die
geen veiligheidsgordel dragen naar
voren geworpen en kunnen zo in
contact komen met een airbag die nog
niet volledig opgeblazen is. Onder deze
omstandigheden wordt de inzittende
minder door de airbag beschermd.
In de volgende omstandigheden kan
het voorkomen dat de frontairbags niet
worden opgeblazen:
frontale botsingen tegen makkelijk
vervormbare onderdelen, die niet het
plaatwerk aan de voorkant van het
voertuig zijn (bijv. spatbord tegen de
vangrail, etc.);
de auto schuift onder andere auto’s
of veiligheidsbarrières (bijvoorbeeld
onder vrachtwagens of vangrails);Als de airbags onder de hierboven
beschreven omstandigheden niet
opgeblazen worden, dan bieden ze
geen aanvullende bescherming ten
opzichte van de veiligheidsgordels,
zodat hun activering geen zin heeft.
In deze gevallen wijst de uitgebleven
activering dus niet op een storing van
het systeem.
De frontairbags voor bestuurder en
passagier zijn ontworpen en afgesteld
om inzittenden voorin met omgelegde
veiligheidsgordels te beschermen.
Wanneer de airbags volledig
opgeblazen zijn, nemen ze bijna alle
ruimte in beslag tussen het stuurwiel en
de bestuurder en tussen het dashboard
en de passagier.
Bij lichte frontale botsingen (waarbij de
bescherming van de omgelegde gordel
volstaat) worden de airbags niet
opgeblazen. De veiligheidsgordels
moeten dus altijd gedragen worden. Bij
een frontale aanrijding zorgen de
veiligheidsgordels ervoor dat de
inzittenden in de juiste stand worden
gehouden.
Frontairbag bestuurderszijde
Deze bestaat uit een onmiddellijk
opblaasbaar kussen dat in een speciale
ruimte in het midden van het stuurwiel
is geplaatst fig. 86.Frontairbag passagierszijde
Deze bestaat uit een onmiddellijk
opblaasbaar kussen dat in een speciale
ruimte in dashboard fig. 87 is
opgeborgen; deze airbag heeft een
groter volume dan de
bestuurdersairbag.
86F1B0629C
87F1B0126C
117
Page 120 of 296

Frontairbag passagier en
kinderzitjes
PlaatsNOOITeen kinderzitje tegen de
rijrichting in op de voorstoel met een
actieve passagiersairbag. Als bij een
botsing de airbag wordt opgeblazen,
kan dit leiden tot dodelijk letsel van het
kind.
NeemALTIJDde aanwijzingen vermeld
op het label op de zonneklep aan
passagierszijde fig. 88 in acht.
Knie-airbag bestuurder
(indien aanwezig)
Deze bevindt zich onder een speciale
afdekking fig. 89 in een speciale ruimte
onder het dashboard. Deze biedt extra
bescherming in het geval van een
frontale botsing.Uitschakeling frontairbag passagier
en in de stoel gemonteerde
zijairbag ter bescherming van
bekken, borst en schouders
Als een kind in een kinderzitje dat
achterstevoren op de voorstoel is
geplaatst vervoerd moet worden,
schakel dan de frontairbag en de
zijairbag aan passagierszijde uit.
Gebruik het displaymenu voor het
uitschakelen van de airbags (zie de
paragraaf "Display" in het hoofdstuk
"Kennismaking met het
instrumentenpaneel").
De leds
OFFenONbevinden
zich midden op het instrumentenpaneel
fig. 90.Als de startinrichting naar MAR wordt
verplaatst, zullen de twee leds
gedurende ongeveer 8 seconden
branden. Als dit niet het geval is, neem
dan contact op met het Fiat
Servicenetwerk.
Tijdens de eerste seconden geeft het
branden van de led niet de werkelijke
toestand van de
passagiersbescherming aan, maar
heeft alleen tot doel om de correcte
werking ervan te controleren. Na een
controle van enkele seconden zullen de
ledden de beschermingsstatus van de
passagiersairbag aangeven.
Passagiersbescherming
ingeschakeld:deled
ONgaat
continu branden.
Passagiersbescherming
uitgeschakeld:deled
OFFgaan
vast branden.
88F1B0127C
89F1B0132C90F1B0630C
118
VEILIGHEID
Page 122 of 296

Frontairbag passagier en kinderzitje: WAARSCHUWING
91F1B0129C
120
VEILIGHEID
Page 123 of 296

ZIJAIRBAGS
Om de bescherming van de inzittenden
in geval van een flankbotsing te
vergroten, is de auto uitgerust met
zijairbags voorin en hoofdairbags.
Zijairbag
Deze bestaan uit twee kussens die zich
in de rugleuning van de voorstoelen
bevinden fig. 92 en die het bekken, de
borst en schouders van de inzittenden
bij middelzware flankbotsingen
beschermen.
De plaats van deze airbags is
gemarkeerd met het etiket "AIRBAG"
bevestigd op de buitenzijde van de
voorstoelen.Hoofdairbag
Deze bestaat uit twee “omlaag
vallende” kussens, die zich achter de
bekleding aan de zijkant van het dak
bevinden en die afgedekt zijn met
afwerkingselementen fig. 93.
Deze zijn ontworpen om het hoofd van
de inzittenden voorin en achterin te
beschermen bij flankbotsingen, dankzij
het grote oppervlak dat in opgeblazen
toestand wordt beslagen.
Bij lichte flankbotsingen is het opblazen
van de hoofdairbags niet vereist.
Het systeem biedt de beste
bescherming bij een zijdelingse botsing
als de passagier correct op zijn stoel zit,
zodat de hoofdairbag zo goed mogelijk
opgeblazen kan worden.
90) 91) 92) 93) 94) 95) 96) 97) 98) 99) 100) 101) 102) 103) 104)
105)
Belangrijke opmerkingen
Reinig de stoelen niet met water of
stoom onder druk (met de hand of in
een automatisch wasapparaat).
De front- en/of zijairbags kunnen in
werking treden bij heftige botsingen
tegen de onderkant van de auto (bijv.
botsing met treden, trottoirbanden,
kuilen of verkeersdrempels, enz.).
Als de airbag geactiveerd wordt,
ontsnapt er een kleine hoeveelheid
poeder: dit poeder is niet schadelijk en
duidt niet op het begin van een brand.
Dit poeder kan echter de huid en ogen
irriteren: was ze in dit geval met
neutrale zeep en water.
De controle, reparatie en vervanging
van de airbags moeten door het Fiat
Servicenetwerk worden uitgevoerd.
Als de auto wordt gesloopt, moet het
airbagsysteem onbruikbaar gemaakt
worden door het Fiat Servicenetwerk.
Gordelspanners en airbags worden op
verschillende manieren geactiveerd,
afhankelijk van het type botsing. Als een
of meerdere van deze voorzieningen
niet in werking treden, dan duidt dat
niet op een storing in het systeem.
92F1B0130C
93F1B0131C
121
Page 124 of 296

BELANGRIJK
90)Breng geen stickers of andere
voorwerpen op het stuurwiel, op het
dashboard in de zone van de
passagiersairbag, op de zijkant van de
dakbekleding en op de stoelen aan. Plaats
nooit voorwerpen (bijv. mobiele telefoons)
op het dashboard aan passagierszijde,
omdat deze het correct openen van de
passagiersairbag kunnen hinderen en
tevens de inzittenden ernstig kunnen
verwonden.
91)Rijd altijd met de handen op de rand
van het stuurwiel zodat de airbag indien
nodig ongehinderd opgeblazen kan
worden. Rijd niet met het lichaam naar
voren gebogen, maar houd de rugleuning
in een rechte stand en steun er goed tegen
met uw rug.
92)Plaats NOOIT een kinderzitje tegen de
rijrichting in op de passagiersstoel van
auto's met een actieve passagiersairbag.
Bij een ongeval, hoe klein ook, kan de
airbag ernstig letsel en zelfs de dood van
het kind tot gevolg hebben. Daarom moet
de passagiersairbag altijd uitgeschakeld
worden als een kinderzitje tegen de
rijrichting in gemonteerd wordt op de
voorste passagiersstoel. Bovendien moet
de voorste passagiersstoel zo ver mogelijk
naar achteren zijn geschoven om te
voorkomen dat het kinderzitje eventueel in
aanraking komt met het dashboard.
Schakel de passagiersairbag onmiddellijk
weer in als het kinderzitje is verwijderd.93)Zie voor het uitschakelen van de
airbags via het menu van het
instrumentenpaneel, de beschrijving in het
hoofdstuk "Kennismaking met het
instrumentenpaneel", paragraaf
"Menuopties".
94)Hang geen harde voorwerpen aan de
kledinghaken of de steunhandgrepen.
95)Steun niet met het hoofd, de armen of
de ellebogen tegen het portier, de ruiten of
in het gebied van de Hoofdairbag om
mogelijke verwondingen tijdens het
opblazen te voorkomen.
96)Steek nooit het hoofd, de armen of
ellebogen uit het raam.
97)Als het startsysteem op MAR wordt
gezet en het
lampje niet gaat branden
of tijdens het rijden blijft branden, dan is er
mogelijk een storing in de
veiligheidssystemen; in dat geval kunnen
de airbags of gordelspanners niet in
werking treden bij een ongeval of, in een
zeer beperkt aantal gevallen, onbedoeld in
werking treden. Laat het systeem
onmiddellijk controleren door het Fiat
Servicenetwerk alvorens verder te rijden.
98)In sommige versies gaat in het geval
van een storing van de led
OFF(op de
plaat van het instrumentenpaneel) het
lampje
op het instrumentenpaneel
branden en worden de airbags aan de
passagierszijde uitgeschakeld. In sommige
versies gaat in het geval van een storing
van de led
ON(op de plaat van het
instrumentenpaneel) het lampjeop de
console branden.
99)Bedek bij voertuigen met zijairbags de
rugleuning van de voorstoelen niet met
extra hoezen.100)Reis niet met voorwerpen op schoot
of voor de borst en houd niets in de mond
(pijp, pen, enz.): deze kunnen ernstig letsel
veroorzaken als de airbag in werking treedt.
101)Laat na diefstal of poging tot diefstal,
vandalisme of overstromingen het
airbagsysteem door het Fiat
Servicenetwerk controleren.
102)Als de contactsleutel in stand MAR
staat, ook wanneer de motor is uitgezet,
kunnen de airbags ook geactiveerd worden
als de auto door een andere auto wordt
aangereden. Daarom mag, wanneer de
passagiersairbag is ingeschakeld, en ook al
staat de auto stil, GEEN tegen de rijrichting
in gemonteerd kinderzitje op de voorstoel
gemonteerd worden. Als bij een botsing de
airbag wordt opgeblazen, kan dit leiden tot
ernstig letsel en zelfs tot de dood van het
kind. Daarom moet de passagiersairbag
altijd uitgeschakeld worden als een
kinderzitje tegen de rijrichting in
gemonteerd wordt op de voorste
passagiersstoel. Bovendien moet de
voorste passagiersstoel zo ver mogelijk
naar achteren zijn geschoven om te
voorkomen dat het kinderzitje eventueel in
aanraking komt met het dashboard.
Schakel de passagiersairbag onmiddellijk
weer in als het kinderzitje is verwijderd.
Onthoud ten slotte dat als het startsysteem
in de STOP-stand staat, bij een botsing
geen enkel veiligheidssysteem (airbag of
gordelspanners) wordt geactiveerd; het is
dus geen systeemstoring als deze
systemen in deze gevallen niet worden
ingeschakeld.
122
VEILIGHEID
Page 125 of 296

103)Een storing van het lampjewordt
aangegeven door het aangaan van het
symbool ‘storing airbag’ en een speciaal
bericht op het display van het
instrumentenpaneel. De pyrotechnische
ladingen zijn niet uitgeschakeld. Neem
onmiddellijk contact op met het Fiat
Servicenetwerk en laat het systeem
controleren
104)De activeringsdrempel van de airbag
is hoger dan die van de gordelspanners. Bij
aanrijdingen die tussen deze twee
drempelwaarden liggen, treden alleen de
gordelspanners in werking.
105)De airbag vervangt niet de
veiligheidsgordels, maar verhoogt hun
doeltreffendheid. Omdat de frontairbags
niet worden geactiveerd bij frontale
botsingen bij lage snelheden, zijdelingse
botsingen, botsingen achterop en over de
kop slaan, worden in deze gevallen de
inzittenden uitsluitend door de zijairbags en
de veiligheidsgordels beschermd, die dus
altijd gedragen moeten worden.
123
Page 292 of 296

ALFABETISCH
REGISTER
Aandachtig lezen..............2
Aanhangers trekken...........155
ABS (systeem)...............81
Accu....................210
advies voor verlengen
levensduur...............210
vervangen..............210
Accu opladen...............212
Achterbank.................23
Achterlichtunit (lamp vervangen) . . .166
Achterruitsproeier
niveau vloeistof voor
ruitensproeiers/
achterruitsproeier..........209
Achterruitwisser/-sproeier........36
Achteruitkijkcamera...........153
Achteruitkijkspiegels...........26
Actieve veiligheidssystemen.......81
Adaptive Cruise Control........142
Afmetingen................230
Afsluitsysteem brandstoftoevoer . . .183
Airbags
Frontairbags.............116
Zijairbags...............121
Airbags (SRS aanvullend
veiligheidssysteem)..........116
Alarm.....................17Alarmknipperlichten...........162
noodremmen.............162
Automatische dual-zone
klimaatregeling.............39
Automatische inschakeling
grootlicht.................31
Automatische lichtregeling
(AUTO-functie).............29
Automatische versnellingsbak. . . .130
Automatische versnellingsbak -
contactsleutel verwijderen.....184
Automatische versnellingsbak -
versnellingspook ontgrendelen . .184
Automatische versnellingsbak met
dubbele koppeling..........134
Automatische versnellingsbak met
dubbele koppeling - sleutel
verwijderen...............186
Automatische versnellingsbak met
dubbele koppeling -
versnellingspook ontgrendelen . .186
Bagageruimte...............46
Bagageruimte (uitbreiding)........23
Banden (bandenspanning).......229
Bedieningsknoppen............55
Bedieningspaneel en
boordinstrumenten...........53
Belangrijke informatie en
aanbevelingen.............282
Beschermingssystemen
inzittenden................96
Blind-Spot Assist-Systeem.......85Brandstofverbruik............244
Buitenverlichting..............28
Carrosserie (reiniging en
onderhoud)..............218
CO2-emissie...............247
Daytime running lights (DRL)......29
De auto parkeren............126
De sleutels.................13
Dead Lock (systeem)...........20
Derde remlicht (lamp vervangen) . . .167
Dimlicht...................29
Display....................55
DST (systeem)...............83
DTC (systeem)...............81
Een lamp vervangen..........162
Een wiel vervangen...........174
Elektrisch schuifdak............43
Elektrisch verstelbare
voorstoelen...............22
Elektrische parkeerrem (EPB).....126
Elektrische ruitbediening.........42
Elektrische verwarming
voorstoelen...............23
Elektronische Cruise-Control.....140
EPB (Elektrische parkeerrem).....126
ERM (systeem)...............83
ESC (systeem)...............81
Fiat Code (systeem)...........16
Fix&Go Automatic kit..........179
Follow Me Home.............30
Page 293 of 296

Full Brake Control (systeem)......88
Gebruik van de auto onder
zware omstandigheden
(geprogrammeerd
onderhoudsschema).........201
Gebruik van het instructieboek......6
Geprogrammeerd onderhoud.....191
Geprogrammeerd
onderhoudsschema......192 ,196
Gewichten.................232
Gordelspanners.............100
krachtbegrenzers..........101
Grootlicht..................30
GSI (Gear Shift Indicator)........55
Handbediende klimaatregeling....37
Handgeschakelde
versnellingsbak............129
Herconfigureerbare laadvloer......47
Het voertuig opkrikken.........217
HHC (systeem)...............83
Hoofdairbag................121
Hoofdmenu.................56
Hoofdsteunen...............24
Hoogteregeling instelling
koplampen................31
Hoogteregeling koplampen.......31
i-Size kinderzitjes.............110
Identificatiegegevens
chassisnummer...........223
motorcode..............223VIN-plaatje..............223
Interieur (reiniging)............220
Interieurverlichting.............32
ISOFIX-kinderzitje (montage).....107
iTPMS (indirect Tyre Pressure
Monitoring System)..........93
Kentekenverlichting (lamp
vervangen)...............167
Keyless Entry (systeem).........18
Kinderen veilig vervoeren........103
Kinderslot..................20
Kinderzitjes................103
Kleurendisplay...............54
Klimaatregeling...............37
Koplampen (reiniging)..........219
Koplampen dimlicht/grootlicht
(lamp vervangen)...........165
Lakwerk
(reiniging en onderhoud)......218
Lamp buitenverlichting
vervangen...............165
Lampade
tipi di lampade............163
Lampjes en berichten...........58
Lane Assist systeem..........151
Lichtschakelaar..............28
Mistachterlicht..............29
Mistlampen.................29
Mistlampen (lamp vervangen).....166Monochroom display...........53
Mood Selector / Drive Mode
(keuzeschakelaar rijmodus).....147
Mopar Connect.............280
Motor....................224
code..................223
niveau motorkoelvloeistof.....209
Motor starten...............125
Motorkap..................45
Motorolie
niveau controleren..........209
verbruik................209
Motorruimte................202
Motorruimte (uitspuiten)........219
Niveaus controleren..........202
Noodstart.................181
Officiële typegoedkeuringen.....281
Onderhoudsprocedures........213
Park Assist (systeem).........149
Parkeerlichten...............29
PBA (systeem)...............82
Periodieke controles
(geprogrammeerd
onderhoudsschema).........201
Plafondverlichting voor..........32
Portieren...................18
Prestaties (topsnelheid).........243
RCP-systeem...............87
Regensensor................34
ALFABETISCH REGISTER
"Intelligente" wis-/wasfunctie......33
Page 294 of 296

Remmen
remvloeistofniveau..........209
Richtingaanwijzers............31
Richtingaanwijzers zijkant (lamp
vervangen)...............166
Richtlijnen voor de behandeling
van de auto aan het einde van
de levensduur.............249
Rijbaanwissel................31
Rijhulpsystemen..............85
Ruiten (reinigen).............219
Ruitenwisser/-sproeier..........33
Ruitenwissers/achterruitwisser.....33
SBR-systeem (Seat Belt
Reminder)................98
Service Position (ruitenwisser).....35
Slepen van het voertuig........188
Sleutels
elektronische sleutel.........13
sleutel met afstandsbediening . . .13Sneeuwkettingen............217
Snelheidsbegrenzer...........140
Stadslichten/dagverlichting (DRL)
(lamp vervangen)...........165
Start&Stop systeem...........138
Starten met hulpaccu..........181
Startinrichting................14
Stoelen....................22
Stuurslot...................15
Stuurwiel...................26
Symbolen...................4
Tanken..................157
Tankprocedure..............158
tanken in een noodgeval......158
TC (systeem)................82
Technische gegevens..........223
Tips, bediening en algemene
informatie................251
Trip Computer...............57TSC (systeem)...............83
Uconnect™ 7” HD LIVE /
Uconnect™ 7” HD Nav LIVE. . . .263
Uconnect™ Radio............253
Veiligheidsgordels............96
Velgen en banden (afmetingen). . . .228
Versie met LPG-systeem........49
Vloeistoffen en smeermiddelen. . . .239
Voorstoelen (handmatig
verstelbaar)...............22
Vulinhouden................235
Wielen en banden...........217
Wijzigingen/modificaties aan de
auto.....................5
Zekeringen (vervangen)........168
Zekeringenkasten............169
Zijairbag..................121
FCA Italy S.p.A. - MOPAR - Technical Services - Service Engineering
Largo Senatore G. Agnelli, 3 - 10040 Volvera - Torino (Italia)
603.9 L - 2017 - Druknummer
Editie
1.550N 12/ 1