ESP FIAT 500X 2019 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2019, Model line: 500X, Model: FIAT 500X 2019Pages: 300, PDF Size: 7.73 MB
Page 262 of 300

SYSTEEM IN-/
UITSCHAKELEN
Het systeem wordt in-/uitgeschakeld
door het indrukken van de
toets/knop.
Draai de toets/knop respectievelijk
rechtsom/linksom om het radiovolume
te verhogen/verlagen.
RADIO (TUNER) MODUS
Het systeem heeft de volgende tuners:
AM, FM.
Selectie radio-modus
Druk op de RADIO-toets op het
frontpaneel om de radio in te
schakelen.
Een golfband kiezen
De verschillende tunerfuncties kunnen
gekozen worden door de RADIO-toets
op het voorpaneel in te drukken.
Aanwijzingen op de
display
Nadat het gewenste radiostation op het
display is gekozen, wordt de volgende
informatie getoond (INFO-functie
ingeschakeld):
In het bovenste gedeelte: het
voorkeuzestation, de tijd en de overige
actieve radio-instellingen worden
aangegeven.In het middelste gedeelte: de naam van
het huidige station, de frequentie en
tekstinformatie (indien aanwezig)
worden weergegeven.
Lijst FM-stations
Druk op de toets/knop BROWSE
ENTER om de volledige lijst van de
FM-stations die ontvangen kunnen
worden weer te geven.
Voorkeuze-instellingen
De voorkeuzestations zijn in alle
systeemmodi beschikbaar en kunnen
gekozen worden door een van de
voorkeuzetoetsen1-2-3-4-5-6op het
frontpaneel aan te raken.
Als op een radiostation is afgestemd
dat opgeslagen moet worden, druk dan
op de betreffende voorkeuzetoets en
houd deze ingedrukt totdat ter
bevestiging een geluidssignaal wordt
afgegeven.
Kiezen van AM/FM-
radiostations
Om het gewenste radiostation te
zoeken, op de toetsen
of
drukken of aan het wieltje van de
bedieningselementen op het stuurwiel
draaien, of aan de knop
"BROWSE ENTER" draaien.
Vorige/volgende
radiostation zoeken
Druk kort op de toetsofof
gebruik het wieltje van de
bedieningselementen op het stuurwiel
: wanneer de knop wordt
losgelaten, wordt het vorige of volgende
radiostation weergegeven.
Snel vorige/volgende
radiostation zoeken
Houd de toetsofingedrukt
om het snel zoeken te starten: wanneer
de toets wordt losgelaten, hoort men
het eerste radiostation waarop
afgestemd kan worden.
MEDIA-MODUS
Selecteer de USB-bron met een druk
op deMEDIA-knop.
Druk op de toets BROWSE ENTER en
selecteer Mappen dan Kaart om
muzieknummers op de cd-kaart van de
mobiele telefoon te selecteren en af te
spelen (wanneer de telefoon dit
toestaat).
BELANGRIJK Sommige
multimediaspelers kunnen mogelijk niet
compatibel zijn met hetUconnect™
systeem.
260
MULTIMEDIA
Page 263 of 300

Nummer wijzigen
(vorige/volgende)
Druk kort op de toetsof draai de
toets/knop BROWSE ENTER rechtsom
om het volgende nummer af te spelen.
Druk kort op de toets
of draai de
toets/knop BROWSE ENTER linksom
om terug te keren na het begin van het
gekozen nummer of naar het begin van
het vorige nummer (als het huidige
nummer minder dan 3 seconden is
afgespeeld).
Snel vooruit-/
terugspoelen door
nummers
Houd de toetsingedrukt om het
gekozen nummer snel vooruit te
spoelen.
Houd de toets
ingedrukt om het
gekozen nummer snel achteruit te
spoelen.
SELECTIE TRACK
(Browse)
Gebruik deze functie om door de
nummers op het actieve apparaat te
bladeren en een nummer te selecteren.
De beschikbare keuzes hangen af van
het apparaat dat aangesloten is.
Op een USB-apparaat kunt u
bijvoorbeeld de knop/toets BROWSE
ENTER gebruiken om door de lijst van
beschikbare artiesten, genres enalbums te bladeren, afhankelijk van de
informatie die aanwezig is op de tracks.
Gebruik binnen elke alfabetisch
geordende lijst de toets "A-B-C"op
het frontpaneel om naar de gewenste
letter in de lijst te springen.
OPMERKING Deze toets kan voor
bepaalde
Apple®
apparaten
uitgeschakeld zijn.
Druk op de toets BROWSE ENTER om
deze functie te activeren voor de bron
die afgespeeld wordt.
Draai de toets/knop BROWSE ENTER
om de gewenste categorie te kiezen en
druk vervolgens op deze toets/knop om
de keuze te bevestigen.
Druk op de toets
om de functie te
annuleren.
Weergave
nummerinformatie
Druk op de toetsINFOom de
informatie die weergegeven wordt
tijdens het afspelen (Artiest, Album,
Genre, Naam, Map, Bestandsnaam) te
selecteren.
Druk op de toets
om het scherm
af te sluiten.
SHUFFLE
Druk op de knopom de nummers
op de USB in een willekeurige volgorde
af te spelen.
Druk nogmaals op de knop om de
functie te deactiveren.
Herhalen
Druk, om het nummer weer af te
spelen, opnieuw op de
toets.
Nogmaals indrukken om de functie uit
te schakelen.
USB-BRON
Activeer de USB-modus door een
compatibel apparaat op de USB-poort
op de tunnelconsolefig. 187 aan te
sluiten of, indien aanwezig, op de
USB-poort aan de achterkant van de
tunnelconsole fig. 188.
BELANGRIJK Na gebruik van een
USB-oplaadaansluiting, wordt
aangeraden het apparaat (smartphone)
los te koppelen, waarbij de kabel altijd
eerst uit de aansluiting van het voertuig
verwijderd moet worden, nooit eerst
vanaf het apparaat (voorveld
infig. 187 ). Kabels die blijven
rondslingeren of aangesloten blijven,
kunnen de correcte oplaadfunctie en/of
de conditie van de USB-poort
aantasten.
261
Page 264 of 300

OPMERKING De USB-poorten zorgen
voor de gegevensoverdracht van de
Pen Drive/smartphone enzovoorts en
het langzaam opladen van een extern
toestel, wat niet gegarandeerd is omdat
dit afhangt van het type/merk toestel.
OPMERKING Het is mogelijk dat het
Uconnect™-systeem niet alle
USB-pennen ondersteunt. In dit geval
kan niet automatisch van de“Radiomodus” naar de “Mediamodus”
worden overgeschakeld.
Controleer de compatibiliteit van het
toestel als het niet afgespeeld wordt
door Mediamodus te selecteren. Een
specifiek bericht zal op het display van
hetU-connect™-systeem worden
weergegeven.
TELEFOONMODUS
Activering telefoonmodus
Druk op de toetsTELEFOONop het
frontpaneel om de Telefoonmodus te
activeren.
Is er geen telefoon aangesloten, dan
verschijnt op het display het betreffende
waarschuwingsscherm:
Een
Bluetooth®
mobiele telefoon
koppelen
Het systeem verbindt zich automatisch
met de gekoppelde mobiele telefoon
met de hoogste prioriteit.
Ga als volgt te werk om een specifieke
Bluetooth®
mobiele telefoon te kiezen:
druk op de toetsMENUop het
frontpaneel;
selecteer de optie "Telefoonmenu/
Bluetooth" op het display;
selecteer de lijst "Bluetooth/
Telefoons" met behulp van de
bijbehorende toets;
selecteer het specifieke apparaat
(
Bluetooth®
mobiele telefoon);
selecteer "Aansluiten";
het aangesloten apparaat wordt in de
lijst gemarkeerd.
Loskoppeling van een
Bluetooth®
mobiele telefoon
Ga als volgt te werk om een specifieke
Bluetooth®
mobiele telefoon los te
koppelen:
druk op de toetsMENUop het
frontpaneel;
selecteer de optie "Telefoonmenu/
Bluetooth" op het display;
selecteer de lijst "Bluetooth/
Telefoons" met behulp van de
bijbehorende toets;
selecteer het specifieke apparaat
(mobiele telefoon of
Bluetooth®
-
apparaat);
selecteer "Loskoppelen".
Een nummer bellen
Een nummer kan op de volgende
manieren gebeld worden:
door het selecteren van "Contacten"
(Telefoonboek ......);
selecteer de “Lijst recente
oproepen”: de ontvangen, gemaakte en
gemiste oproepen worden
weergegeven;
druk opTELEFOONop het
frontpaneel, selecteer vervolgens
“Toetsenpaneel” voor het invoeren van
de cijfers met behulp van de
rechterknop “BROWSE/ENTER” en
187F1B0701
188F1B0734
262
MULTIMEDIA
Page 265 of 300

druk tenslotte op het pictogramom
het nummer te kiezen. Als alternatief
kan het toetsenbord van uw telefoon
gebruikt worden (niet wanneer u rijdt).
Een gesprek beëindigen
Druk op de toets "Einde" of op de toets
op het stuurwiel (indien
aanwezig) om het lopende gesprek te
beëindigen.
INSTELLINGEN
Druk op toets MENU op het frontpaneel
voor de weergave van het menu
"Instellingen".
OPMERKING De weergegeven
menu-items hangen van de versie af.
Het menu omvat de volgende opties:
Systeeminstellingen: Taal, Terug
naar standaardinstellingen, Systeem
uitschakelen, Volumelimiet bij starten,
Radio Automatisch Aan.
Radio-instellingen: Bladeren
FM-zenders, Verkeersberichten,
Regionaal, Alternatieve Frequentie.
Vertraging uitschakelen radio:
door middel van deze functie kan het
systeem ingeschakeld blijven
gedurende een vooraf bepaalde tijd
nadat de startinrichting naar STOP is
verplaatst.
Instellingen audio: openen van het
menu voor de instellingen van de audio.
Telefoon: openen van het menu
voor de instellingen van de telefoon.
AUDIO-INSTELLINGEN
Met deze optie wordt het
audio-instellingenmenu geopend.
Het menu omvat de volgende opties:
HOOG: aanpassing hoge tonen;
MID: aanpassing middelhoge tonen;
BASS: aanpassing van lage tonen;
FADER: balancering van speakers
voor/achter;
BALANCE: balancering van speaker
rechts/links;
SVC: snelheidsaanpassing op basis
van de voertuigsnelheid;
LOUDNESS: verbetering audio bij
laag volume;
263
Page 270 of 300

OVERZICHTSTABEL BEDIENINGSELEMENTEN OP HET STUURWIEL
Toets Interactie
Inkomend gesprek aannemen
Een tweede inkomend gesprek aannemen en het lopende gesprek in de wacht zetten
Weergave van het overzicht met de laatste 10 oproepen en favoriete telefoonnummers op het instrumentenpaneel
(alleen met het bladeren door oproepen actief)
Spraakherkenning inschakelen
Spraakbericht onderbreken om nieuwe spraakopdracht te kunnen geven
Spraakherkenning onderbreken
Lang indrukken: functies inschakelen van Siri, Apple CarPlay en Android Auto
Inkomend gesprek weigeren
Lopend telefoongesprek beëindigen
Sluit de weergave van de laatste oproepen op het display op het instrumentenpaneel af (alleen met het bladeren door
oproepen actief) (voor bepaalde versies/markten)
Kort drukken (Telefoonmodus): selectie, op het display van het instrumentenpaneel, van de laatste oproepen/SMS-
berichten (alleen met de actieve modus bladeren oproepen)
268
MULTIMEDIA
Page 272 of 300

SYSTEEM IN-/
UITSCHAKELEN
Het systeem wordt in-/uitgeschakeld
door het indrukken van de toets/knop
.
Draai de toets/knop respectievelijk
rechts-/linksom om het radiovolume te
verhogen/verlagen. De elektronische
volumeregeling kan continu (360°) in
beide richtingen, zonder stopposities,
worden gedraaid.
FUNCTIE
"TOUCHSCREEN"
Het systeem maakt gebruik van de
"touchscreen"-functie; druk, om van de
verschillende functies gebruik te maken,
op de weergegeven "grafische
toetsen".
Een selectie bevestigen: druk op de
knop "OK".
Terugkeren naar het vorige scherm:
druk op de knop
(Wissen) of,
afhankelijk van het ingeschakelde
scherm,
/Gereed.
RADIOMODUS
Nadat de gewenste radiozender
gekozen is, wordt de volgende
informatie op het display weergegeven:
Bovenaan: de lijst van opgeslagen
radiozenders (voorkeuze) wordt
weergegeven; de momenteel
beluisterde zender is gemarkeerd.In het midden: de naam van de
beluisterde zender wordt weergegeven.
Links: de toetsen "AM", "FM", "DAB”
(voor bepaalde versies/markten, indien
aanwezig) voor de selectie van de
gewenste frequentieband, worden
weergegeven (de met de geselecteerde
band overeenkomende toets wordt
gemarkeerd);
Rechts: weergave van de volgende
toetsen:
"Info": aanvullende informatie over de
beluisterde bron;
"Kaart": navigatie met kaartweergave
(alleen versies metUconnect™7" HD
Nav LIVE).
Onderaan: weergave van de volgende
toetsen:
"Browse": lijst van beschikbare
radiozendeers;
/selectie vorige/volgende
radiozender;
"Afst.": handmatige afstemming
radiozenders;
"Audio": toegang tot het scherm
"Audio-instellingen".
Audiomenu
Druk op de toets "Audio" aan de
onderkant van het display om het menu
“Audio” te openen.
Door middel van het menu “Audio”
kunnen de volgende aanpassingen
worden uitgevoerd:
"Balanceren/Fade" (aanpassing
audiobalans links/rechts en voor/achter)
"Equalizer" (voor bepaalde
versies/markten, indien aanwezig)
"Volume naar snelheid"
(automatische, snelheidsafhankelijke
volumeregeling)
“Luidheid" (voor bepaalde
versies/markten, indien aanwezig)
“AUX Volumecompensatie” (alleen
actief wanneer een AUX-apparaat
wordt aangesloten) (indien aanwezig)
“AutoPlay”
"Radio automatisch aan"
MEDIA-MODUS
Druk op de knop Media om de
gewenste audiobron onder de
beschikbare bronnen te selecteren:
USB,
Bluetooth®
en AUX (indien
aanwezig).
BELANGRIJK Toepassingen die worden
gebruikt op draagbare apparaten zijn
mogelijk niet compatibel met het
Uconnect™-systeem.
Na de selectie van de media-modus
wordt op het display de volgende
informatie weergegeven.
Bovenaan: informatie over het nummer
dat wordt afgespeeld en de volgende
grafische knoppen:
"Herhaal": om het huidige nummer
opnieuw af te spelen
270
MULTIMEDIA
Page 273 of 300

“Shuffle”: om de nummers in
willekeurige volgorde af te spelen
Voortgang en duur van het nummer
In het midden: informatie over het
nummer dat wordt afgespeeld.
Links: weergave van de volgende
toetsen:
Geselecteerd apparaat of audiobron
"Bron selecteren": de gewenste
audiobron selecteren
Rechts: weergave van de volgende
toetsen:
"Info": aanvullende informatie over
het nummer dat wordt afgespeeld
"Tracks": lijst met de beschikbare
nummers
"Kaart": weergave navigatiekaart
(alleen versies metUconnect™7" HD
Nav LIVE)
Onderaan: informatie over het nummer
dat wordt afgespeeld en de volgende
grafische toetsen:
“Bluetooth” (voor eenBluetooth®
-
audiobron): weergave van de lijst van
apparaten
“Bladeren” (van USB-bron): opent de
functie bladeren
/: selectie vorig/volgend
nummer;
: pauzeert het afgespeelde
nummer
“Audio”: openen van de
schermafbeelding “Instell. Audio”Nummer selecteren
Met de “Tracks”-functie kunt u een
venster openen met de lijst van
nummers die afgespeeld worden.
De beschikbare keuzes hangen af van
het apparaat dat aangesloten is. Zo
kunt u op een USB-apparaat
bijvoorbeeld bladeren door de lijst van
de op het apparaat beschikbare
artiesten, genres en albums, op basis
van de informatie aanwezig op de
nummers, door middel van de
toets/knop TUNE SCROLL of door
middel van de toetsen
en.
Binnen elke lijst kan de toets “ABC”
gebruikt worden om naar de gewenste
letter van de lijst te springen.
OPMERKING Deze toets kan voor
bepaalde
Apple®
apparaten
uitgeschakeld zijn.
OPMERKING Met de knop TUNE
SCROLL is het niet mogelijk om te
handelen op een AUX-apparaat (indien
aanwezig).
Bluetooth® BRON
Deze modus wordt geactiveerd door
een
Bluetooth®
-apparaat met daarop
muziek met het systeem te koppelen.
EEN Bluetooth®
AUDIOAPPARAAT
KOPPELEN
Ga als volgt te werk om een
Bluetooth®
audioapparaat te
koppelen:
schakel de functieBluetooth®
in op
het apparaat;
druk op de knop “Media” op het
display;
druk op de knop "Bron selecteren";
selecteer deBluetooth®
Mediabron;
druk op de knop "Appar toev.";
zoekUconnect™op het
Bluetooth®
audioapparaat (tijdens de
koppelingsfase verschijnt op het
scherm de voortgang van het proces);
voer, als het audioapparaat hierom
vraagt, de PIN-code in die wordt
getoond op het display van het systeem
of bevestig de op het apparaat
getoonde PIN;
als de koppelingsprocedure met
succes is afgesloten, wordt een scherm
getoond. Als "Ja" op de vraag wordt
geselecteerd, wordt het
Bluetooth®
-
audioapparaat als favoriet gekoppeld
(het apparaat heeft voorrang op alle
andere apparaten die later worden
gekoppeld). Als "Nee" wordt
geselecteerd, wordt de prioriteit op
basis van de volgorde van verbinding
bepaald. Het laatst verbonden apparaat
heeft de hoogste prioriteit;
271
Page 274 of 300

een audioapparaat kan ook
gekoppeld worden door te drukken op
de toets "Telefoon" op het display en
door "Instellingen" te selecteren of door,
vanuit het menu "Instellingen"
"Telefoon/Bluetooth" te selecteren.
OPMERKING Wanneer het
naam-apparaat gewijzigd wordt in de
Bluetooth®
-instellingen van de
telefoon (indien aanwezig), kan de radio
het nummer dat afgespeeld wordt
wijzigen als het apparaat na de
Bluetooth®
-verbinding via USB wordt
aangesloten. Nadat er, voor uw eigen
behoeften, een softwareupdate op de
telefoon is uitgevoerd, wordt
aangeraden om de telefoon te
verwijderen vanaf de lijst van de met de
radio gekoppelde apparaten; wis de
eerdere systeemkoppeling ook vanaf de
lijst van de
Bluetooth®
-apparaten op
de telefoon en voer de koppeling
opnieuw uit.
BELANGRIJK Raadpleeg het
instructieboekje van de mobiele
telefoon als deBluetooth®
verbinding
tussen mobiele telefoon en systeem
wordt verbroken.
USB-BRON
Activeer de USB-modus door een
compatibel apparaat op de USB-poort
op de tunnelconsolefig. 191 aan te
sluiten of, indien aanwezig, op de
USB-poort aan de achterkant van de
tunnelconsole fig. 192.
BELANGRIJK Na gebruik van een
USB-oplaadaansluiting, wordt
aangeraden het apparaat (smartphone)
los te koppelen, waarbij de kabel altijd
eerst uit de aansluiting van het voertuig
verwijderd moet worden, nooit eerst
vanaf het apparaat (voorveld
infig. 191 ).Kabels die blijven rondslingeren of
aangesloten blijven, kunnen de correcte
oplaadfunctie en/of de conditie van de
USB-poort aantasten.
OPMERKING Het is mogelijk dat het
Uconnect™-systeem niet alle
USB-pennen ondersteunt. In dit geval
kan niet automatisch van de
“Radiomodus” naar de “Mediamodus”
worden overgeschakeld.
Controleer de compatibiliteit van het
toestel als het niet afgespeeld wordt
door Mediamodus te selecteren. Een
specifiek bericht zal op het display van
hetU-connect™-systeem worden
weergegeven.
OPMERKING De USB-poorten zorgen
voor de gegevensoverdracht van de
Pen Drive/smartphone enzovoorts en
het langzaam opladen van een extern
toestel, wat niet gegarandeerd is omdat
dit afhangt van het type/merk toestel.
USB-oplaadaansluiting
(indien aanwezig)
Sommige versies hebben een
USB-oplaadaansluiting op de
tunnelconsole fig. 193.
Wanneer er bij ingeschakelde radio een
USB-apparaat wordt aangesloten en
wanneer de functie "AutoPlay" in het
menu "Audio" is ingesteld op "ON",
worden de nummers op het apparaat
afgespeeld.
191F1B0383C
192F1B0734
272
MULTIMEDIA
Page 275 of 300

AUX-BRON(indien aanwezig)
Om de AUX-modus in te schakelen,
moet een geschikt apparaat worden
aangesloten op de AUX-aansluiting van
de auto.
Als een apparaat wordt ingebracht met
een AUX-stekker, dan begint het
systeem de aangesloten AUX-bron af te
spelen als deze reeds op weergave is
ingesteld.
Stel het volume in met de toets/knop
op het voorpaneel of met de
volume-instelknop op het aangesloten
apparaat.
De functie “AUX volumecompensatie"
kan alleen geselecteerd worden in de
Audio-instellingen als de AUX-bron atief
is.BELANGRIJKE OPMERKINGEN
De functies van het apparaat dat
aangesloten is op het AUX-aansluiting
worden rechtstreeks geregeld door het
apparaat zelf; het is niet mogelijk om
van nummer/map/playlist te wiijzigen of
start/einde/pauze te bedienen met de
bedieningstoetsen op het voorpaneel of
die op het stuurwiel.
Voor het voorkomen van eventueel ruis
van de speakers, moet de kabel van de
draagbare lezer na de ontkoppeling niet
blijven aangesloten op de
AUX-aansluiting.
TELEFOONMODUS
Activering telefoonmodus
Druk op de knop "Telefoon" op het
display om de telefoonmodus in te
schakelen.
OPMERKING Ga, om de lijst met
mobiele telefoons en ondersteunde
functies te raadplegen, naar de website
www.driveuconnect.eu
Met de knoppen op het display kan
men:
het telefoonnummer kiezen (met
behulp van het grafische toetsenbord
op het display);
de contacten in het telefoonboek van
de mobiele telefoon weergeven en
bellen;
de contacten uit de registers van
vorige gesprekken weergeven en
bellen;
een maximum van 10 telefoons/
audioapparaten koppelen om de
toegang en de verbinding eenvoudiger
en sneller te maken;
gesprekken van het systeem naar de
mobiele telefoon en andersom
overzetten en het geluid van de
microfoon uitschakelen bij
privégesprekken.
Het geluid van de mobiele telefoon
wordt over het audiosysteem van het
voertuig uitgezonden: het systeem
schakelt automatisch het geluid van de
autoradio uit wanneer de
Telefoonfunctie wordt gebruikt.
Mobiele telefoon koppelen
BELANGRIJK Voer deze handeling uit
bij stilstaand voertuig en onder veilige
omstandigheden; deze functie is
uitgeschakeld wanneer het voertuig
rijdt.
Hieronder wordt de
koppelingsprocedure van de mobiele
telefoon beschreven: raadpleeg in elk
geval ook de handleiding van de
mobiele telefoon.
193F1B0212C
273
Page 276 of 300

Ga als volgt te werk voor het koppelen
van de mobiele telefoon:
schakel de functieBluetooth®
in op
de mobiele telefoon;
druk op de knop “Telefoon” op het
display;
als er nog geen telefoon aan het
systeem gekoppeld is, toont het display
een speciaal scherm;
Ga naar “Instellingen” en selecteer
"Toestel toev." om het koppelen te
starten en zoek dan naar het
Uconnect™-toestel op de mobiele
telefoon;
voer, als de mobiele telefoon hierom
vraagt, de PIN-code getoond op het
display van het systeem in op het
toetsenbord van uw telefoon of
bevestig de op de mobiele telefoon
getoonde PIN;
tijdens de koppelingsfase verschijnt
een scherm dat de voortgang van het
proces toont;
als de koppelingsprocedure met
succes is voltooid, wordt een scherm
getoond: als "Ja" op de vraag wordt
geselecteerd, wordt de mobiele
telefoon als favoriet gekoppeld (de
mobiele telefoon heeft voorrang op alle
andere mobiele telefoons die later
worden gekoppeld). Als geen andere
apparaten worden gekoppeld, zal het
systeem het eerst gekoppelde apparaat
als favoriet beschouwen.OPMERKING Na het updaten van de
telefoonsoftware voor eigen bediening
wordt het aanbevolen de telefoon te
verwijderen uit de lijst apparaten gelinkt
aan de radio, verwijder de koppeling
van het vorige systeem uit de lijst met
Bluetooth®
apparaten op de telefoon
en maak een nieuwe koppeling.
Een nummer bellen
De hieronder beschreven procedures
zijn alleen toegankelijk indien ze door de
gebruikte mobiele telefoon worden
ondersteund. Raadpleeg de handleiding
van de mobiele telefoon om alle
beschikbare functies te kennen.
Een nummer kan op de volgende
manieren gebeld worden:
selecteer "Telefoonboek";
selecteer "Recent";
selecteer "Kies";
selecteer "Opnieuw bellen".
Favorieten
U kunt tijdens een gesprek een nummer
of een contact toevoegen (indien al
aanwezig in Contacten) aan de lijst met
favorieten door boven aan het display
op een van de 5 grafische knoppen
"Leeg" te drukken. Favorieten kunnen
ook worden beheerd via de Opties
telefoonboek.SMS-lezer
Het systeem kan de SMS-berichten die
de mobiele telefoon ontvangt voorlezen.
Om deze functie te gebruiken, moet de
mobiele telefoon de uitwisseling van
SMS via
Bluetooth®
ondersteunen.
Als deze functie niet door de telefoon
wordt ondersteund, kan de knop
"Tekst" niet worden gekozen (is grijs).
Bij ontvangst van een SMS-bericht, ziet
u op het display een scherm waarop de
opties "Lees", "Toon", "Bellen" of
"Negeer" gekozen kunnen worden.
Druk op de grafische knop "sms" voor
toegang tot de lijst van tekstberichten
die door de mobiele telefoon zijn
ontvangen (de lijst toont een maximum
van 60 ontvangen berichten).
OPMERKING Bij sommige mobiele
telefoons moet, om de leesfunctie van
gesproken SMS-berichten ter
beschikking te krijgen, de optie
SMS-melding op de telefoon
ingeschakeld worden; deze optie is
meestal beschikbaar op de telefoon, in
het
Bluetooth®
verbindingsmenu voor
een apparaat dat geregistreerd is als
Uconnect™. Na het inschakelen van
deze functie op de mobiele telefoon,
moet deze uit- en weer ingeschakeld
worden met hetUconnect™systeem
om de functie te laten werken.
274
MULTIMEDIA