zekering FIAT DUCATO 2015 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2015, Model line: DUCATO, Model: FIAT DUCATO 2015Pages: 367, PDF Size: 19.31 MB
Page 226 of 367

Zekeringenkast in rechter stijl in
interieur
(voor bepaalde versies/markten)
Verwijder het beschermdeksel fig. 229
voor toegang tot de zekeringenkast
fig. 228.
BELANGRIJK
46) Vervang een doorgebrande
zekering nooit door metalen
draden of ander materiaal.
BELANGRIJK
165) Vervang een zekering nooit
door een exemplaar met een
hogere stroomsterkte (ampère);
BRANDGEVAAR. Als een
hoofdzekering (MEGA-FUSE,
MIDIFUSE) doorbrandt, neem dan
contact op met het Fiat
Servicenetwerk.
166) Alvorens een zekering te
vervangen, moet men controleren
of de contactsleutel uit het slot
is genomen en of alle
stroomverbruikers uit staan en/of
zijn uitgeschakeld.
167) Als de zekering opnieuw
doorbrandt, neem dan contact op
met het Fiat Servicenetwerk.
168) Als een hoofdzekering voor
veiligheidssystemen
(airbagsysteem, remsysteem),
motorsystemen (motorsysteem,
transmissiesysteem) of de
stuurinrichting doorbrandt, neem
dan contact op met het Fiat
Servicenetwerk.
228F1A0217
229F1A0218
222
NOODGEVALLEN
Page 227 of 367

Zekeringenkast in het dashboard
fig. 224 - fig. 225
STROOMVERBRUIKER ZEKERING AMPÈRE
Rechter dimlichtF12 7,5
Linker dimlichtF13 7,5
Relais zekeringenkast motorruimte, relais zekeringenkast dashboard (+sleutel) F31 5
Plafondverlichting inzittendenruimte (+accu) F32 7,5
Sensor accubewaking voor Start&Stop versies (+accu) F33 7,5
Interieurverlichting minibus (nood) F34 7,5
Radio, klimaatregeling, alarm, tachograaf, regeleenheid accuschakelaar,
Webasto timer (+accu)F36 10
Bediening remlichten (hoofd), derde remlicht, instrumentenpaneel (+sleutel) F37 7,5
Portiervergrendeling (+accu) F38 20
Ruitenwisser (+sleutel) F43 20
Elektrische ruitbediening bestuurderszijde F47 20
Elektrische ruitbediening passagierszijde F48 20
Regeleenheid parkeersensor, radio, bedieningsorganen op het stuurwiel,
middelste bedieningspaneel, linker bedieningspaneel, extra paneel, regeleenheid
accuschakelaar (+sleutel)F49 5
Klimaatregeling, regeleenheid stuurbekrachtiging, achteruitrijlichten, sensor water
in dieselfilter, debietmeter, tachograaf (+sleutel)F51 5
Instrumentenpaneel (+accu) F53 7,5
AfwezigF89 -
223
Page 228 of 367

STROOMVERBRUIKER ZEKERING AMPÈRE
Linker grootlichtF90 7,5
Rechter grootlicht F91 7,5
Linker mistlampF92 7,5
Rechter mistlamp F93 7,5
224
NOODGEVALLEN
Page 229 of 367

Zekeringenkast in motorruimte
fig. 226 - fig. 227
STROOMVERBRUIKER ZEKERING AMPÈRE
Contactslot (+accu) F03 30
Verwarmd filterF04 40
Verstuiver voor Puma motor/ventilatie interieur met Webasto, pomp
gerobotiseerde versnellingsbak (+accu)F05 20/50
Hoge snelheid ventilator motorkoeling (+accu) F06 40/60
Lage snelheid ventilator motorkoeling (+accu) F07 40/50/60
Ventilator inzittendenruimte (+sleutel) F08 40
Stopcontact achter (+accu) F09 15
ClaxonF10 15
Stopcontact (+accu) F14 15
Aansteker (+accu) F15 15
Motorregeleenheid, regeleenheid gerobotiseerde versnellingsbak (+accu) F18 7,5
AircocompressorF19 7,5
RuitenwisserF20 30
Extra bedieningspaneel voor verstellen en neerklappen spiegels (+sleutel) F24 7,5
Spiegelverwarming F30 15
225
Page 230 of 367

Zekeringenkast in rechter stijl in interieur
fig. 228 - fig. 229
STROOMVERBRUIKER ZEKERING AMPÈRE
AfwezigF54 –
StoelverwarmingF55 15
Stopcontact inzittenden achter F56 15
Extra verwarming onder de stoel F57 10
Achterruitverwarming links F58 15
Achterruitverwarming rechts F59 15
AfwezigF60 –
AfwezigF61 –
AfwezigF62 –
Bediening extra verwarming passagiers F63 10
AfwezigF64 –
Ventilator extra verwarming passagiers F65 30
226
NOODGEVALLEN
Page 255 of 367

Werk beschadigingen van de laklaag,
zoals krassen en schuurplekken,
onmiddellijk bij om roestvorming te
voorkomen. Voor het bijwerken mogen
uitsluitend originele lakproducten
worden gebruikt (zie “Plaatje met
informatie over de carrosserielak” in het
hoofdstuk “Technische gegevens”).
Het normale onderhoud van de lak
beperkt zich tot het wassen van de
auto: de frequentie is afhankelijk van
het gebruik van de auto en van de
omgeving.
Zo is het bijvoorbeeld raadzaam de
auto vaker te wassen in gebieden met
sterke luchtverontreiniging of bij het
rijden over wegen met strooizout.
Ga als volgt te werk om het voertuig
correct te wassen:
❒maak de carrosserie eerst nat met
een waterstraal onder lage druk;
❒was de carrosserie met een zachte
spons met een lichte zeepoplossing
en spoel de spons regelmatig uit;
❒spoel goed af met schoon water en
droog met een luchtstraal of een
zeemleren lap.Ga als volgt te werk om het voertuig
correct te wassen in een wastunnel:
❒verwijder de antenne van het dak om
beschadiging ervan te voorkomen;
❒het voertuig moet gewassen worden
met water toegevoegd aan een
reinigingsoplossing;
❒spoel goed af met schoon water om
zeepresten op de carrosserie en de
minder zichtbare delen te
verwijderen.
55)
Droog de minder zichtbare delen (bijv.
randen van portieren, motorkap,
koplampranden) zorgvuldig, aangezien
in deze zones water makkelijker kan
stagneren. Laat het voertuig na het
wassen een tijdje buiten staan zodat
waterresten kunnen verdampen.
Was het voertuig nooit als het in de zon
heeft gestaan of als de motorkap nog
warm is: de glans van de lak kan
afnemen.
De kunststof carrosseriedelen moeten
op dezelfde wijze als de rest van het
voertuig gewassen worden. Parkeer het
voertuig zo min mogelijk onder bomen:
de hars die uit de bomen druppelt,
maakt de lak mat en vergroot de kans
op roestvorming.BELANGRIJK Vogelpoep moet zo snel
en zo goed mogelijk verwijderd worden,
omdat hierin bijzonder agressieve
zuren aanwezig zijn.
5)
Ruiten
Gebruik specifieke
schoonmaakmiddelen voor ruiten.
Gebruik tevens schone doeken om
krassen en beschadigingen te
voorkomen.
BELANGRIJK Veeg het
binnenoppervlak van de achterruit
voorzichtig met een doek af, en volg
hierbij de richting van de elektrische
weerstandsdraden om de
achterruitverwarming niet te
beschadigen.
Motorruimte
Spuit de motorruimte na het
winterseizoen zorgvuldig uit: hierbij mag
de waterstraal niet rechtstreeks op de
elektronische regeleenheden en het
kastje met zekeringen en relais aan de
linkerzijde van de motorruimte
(rijrichting) worden gericht. Laat deze
werkzaamheden uitvoeren door een
gespecialiseerd bedrijf.
251
Page 357 of 367

WAT TE DOEN ALS
Storing Mogelijke oplossing
... EEN BAND LEK IS.Gebruik de Fix&Go bandenreparatiekit. Zie pag. 205.
Vervang de band. Zie pag. 199
... EEN BAND LEEG IS. Herstel de bandenspanning. Zie pag. 269.
... DE PLAFONDVERLICHTING NIET
INSCHAKELT.Vervang het lampje.Zie pag. 218 of neem
contact op met het Fiat
servicenetwerk.
... EEN EXTERNE LAMP (grootlicht,
dimlicht...) NIET INSCHAKELT.Vervang het lampje.Zie pag. 213 of neem
contact op met het Fiat
servicenetwerk.
... DE AFSTANDSBEDIENING NIET WERKT. Vervang de batterijen in de afstandsbediening.Zie pag. 12 of neem contact
op met het Fiat
servicenetwerk.
... EEN ELEKTRISCHE RUIT NIET WERKT.Controleer de betreffende veiligheidszekering.Zie pag. 219 of neem
contact op met het Fiat
servicenetwerk.
Laat de betreffende motor voor het openen/
sluiten van de ruit controleren.Wendt u zich tot het Fiat
servicenetwerk.
... DE MOTOR NIET START OF AFSLAAT
TIJDENS HET RIJDEN.Controleer of er genoeg brandstof in de tank
is; tank zo nodig bij.Zie pag. 109.
...DE DIESELOLIE BEVROREN IS.Gebruik winterdiesel of een geschikt additief. Zie pag. 326
In geval van stilstand van het voertuig, indien
mogelijk de zone van het dieselfilter en de
circuits ervoor en erachter verwarmen.-
Page 358 of 367

Storing Mogelijke oplossing
...VERKEERDE MONTAGE VAN DE AFTER-
MARKET SYSTEMEN.Volg zorgvuldig de aanwijzingen in het
Instructieboek om de correcte werking van
het voertuig niet in gevaar te brengen.Zie pag. 107 of neem
contact op met het Fiat
servicenetwerk.
...STUURINRICHTING GEBLOKKEERD BIJ
STILSTAAND VOERTUIG EN
INGESCHAKELD STUURSLOT.Als het voertuig geparkeerd is met de wielen
volledig gestuurd, dan moet het stuurwiel in
de richting tegengesteld aan die van de
eindstand worden gedraaid, terwijl de sleutel
naar de stand MAR wordt gebracht.-
... DE MOTOR NIET START, DE
STARTMOTOR NIET DRAAIT.De accu zou leeg kunnen zijn, controleer de
laadtoestand van de accu. Voer zo nodig een
noodstart uit.Zie pag. 198.
De accuklem met snelloskoppeling kan
losgekoppeld zijn, controleer de juiste
verbinding met de negatieve accupool.-
De accuzekering kan onderbroken zijn.
Probeer het starten niet te forceren door de
sleutel steeds naar AVV te draaien. Sluit de
accu op geen enkele externe verbruiker aan.Zie pag. 219 of neem
contact op met het Fiat
servicenetwerk.
... DE MOTOR NIET START NA EEN
BOTSING.De brandstoftoevoer kan onderbroken zijn na
activering van de betreffende afsluiter.
Controleer de procedure voor heractivering
van het systeem.Zie pag. 62.
Page 365 of 367

Vloeistoffen en smeermiddelen ....... 324
Vloeistof voor
ruitensproeiers/achterruitsproeier . 241
Vulinhouden ................................... 322
Werkblad/lessenaar ...................... 67
Wielen en banden .......................... 247
Wielen ............................................ 266
Wielophanging ............................... 263
Wieluitlijning ................................... 266
Winterbanden ................................ 195
Wisserbladen voorruit vervangen.... 249
Zekeringen (vervangen) ................. 219
Zijairbags ....................................... 176
Zijschuifruit ..................................... 74
Zonnekleppen ................................ 66
Zwaar gebruik van de auto ............. 236