service FIAT FREEMONT 2013 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2013, Model line: FREEMONT, Model: FIAT FREEMONT 2013Pages: 384, PDF Size: 5.28 MB
Page 35 of 384

Bereik tot lege tank
Geeft de geschatte afstand weer die nog kan worden
afgelegd met de brandstof die in de tank aanwezig is.
Deze geschatte afstand wordt bepaald door een gewo-
gen gemiddelde van het huidige en gemiddelde brand-
stofverbruik in relatie tot het huidige brandstofpeil in
de tank. Het bereik tot lege tank kan niet worden
gereset met de selectieknop.
OPMERKING:Aanmerkelijke veranderingen in de
rijstijl of de belading van de auto zullen een groot effect
hebben op de afstand die de auto kan afleggen, onge-
acht het getoonde bereik tot lege tank.
Als het bereik tot lege tank lager is dan de geschatte
rijafstand van 48 km, verandert het scherm en ver-
schijnt het bericht "LOW FUEL" (laag brandstofpeil).
Dit bericht wordt continu getoond totdat brandstof-
tank leeg is. Het bericht "LOW FUEL" (laag brandstof-
peil) verdwijnt en er verschijnt een nieuw bereik tot
lege tank nadat voldoende brandstof is getankt.
l/100 km
Deze weergave toont tijdens het rijden het huidige
verbruik in l/100 km in een staafdiagram. Hierdoor
wordt het brandstofverbruik continu tijdens het rijden
bewaakt, zodat u uw rijstijl kunt aanpassen om minder
brandstof te verbruiken. (afb. 10) VOERTUIGSNELHEID
Druk op de OMHOOG- of OMLAAG-knop en houd
deze ingedrukt totdat de melding "Vehicle Speed"
(Voertuigsnelheid) verschijnt in het EVIC. Druk op de
selectieknop om de huidige snelheid weer te geven
in mph of km/h. Door nogmaals op de selectieknop te
drukken schakelt u tussen weergave in mph of km/u.
OPMERKING:
Als u de maateenheid wijzigt in het
menu "Vehicle Speed" (voertuigsnelheid), verandert de
maateenheid niet in het EVIC.
RITINFORMATIE
Druk op de OMHOOG- of OMLAAG-knop en houd
deze ingedrukt totdat de melding "Trip info" (ritinfor-
matie) verschijnt in het EVIC en druk dan op de
(afb. 10) Staafdiagram l/100 km
29
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN
RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 36 of 384

selectieknop. Door op de selectieknop te drukken
terwijl "Trip Info" (Ritinformatie) wordt gemarkeerd,
zal het EVIC op één scherm zowel Trip A (Rit A), als
Trip B (Rit B), als de Elapsed Time (Verstreken tijd)
tonen. Als u één van deze drie functies wilt terugstel-
len, drukt u op de OMHOOG- of OMLAAG-knop om
de functie die u wilt resetten te markeren (selecteren).
Door op de selectieknop te drukken wordt alleen de
geselecteerde functie teruggesteld. De drie functies
kunnen alleen één voor één worden teruggesteld. De
volgende ritfuncties worden getoond in het EVIC:
Trip A (Rit A)
Trip B (Rit B)
Elapsed Time (Verstreken tijd)
In de tripfunctiemodus wordt de volgende informatie
weergegeven:
Trip A (Rit A)
Toont de totale afstand voor Trip A die werd afgelegd
sinds de laatste reset.
Trip B (Rit B)
Toont de totale afstand voor Trip B die werd afgelegd
sinds de laatste reset.Elapsed Time (Verstreken tijd)
Toont de totale reistijd die is verstreken sinds de
laatste reset. De verstreken tijd neemt toe wanneer
het contact in de stand ON/RUN staat.
Het scherm resetten
Reset vindt alleen plaats als er een resetbare functie
wordt getoond. Druk eenmaal kort op de selectieknop
om de resetbare functie tw wissen.
BANDENSPANNING
Druk de OMHOOG- of OMLAAG-knop en houd deze
ingedrukt totdat het bericht "Tire BAR" (Bandenspan-
ning in BAR) verschijnt in het EVIC. Druk op de
selectieknop om een grafiek van de auto weer te geven
waar in de hoeken de waarde van de bandenspanning is
aangegeven.
VOERTUIGINFORMATIE
(INFORMATIEFUNCTIES VOOR DE KLANT)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de OMHOOG- of OMLAAG-knop en houd
deze ingedrukt totdat de melding "Vehicle Info" (infor-
matie over de auto) verschijnt in het EVIC en druk dan
op de selectieknop. Druk op de OMHOOG- en
OMLAAG-knop om door de beschikbare informatie-
schermen te bladeren.
Koelvloeistoftemperatuur
Toont de huidige temperatuur van de koelvloeistof.
30
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 37 of 384

Olietemperatuur
Toont de daadwerkelijke temperatuur van de olie.
Oliedruk
Toont de huidige oliedruk.
Versnellingsbaktemperatuur
Toont de huidige temperatuur van de versnellingsbak.
Bedrijfsuren motor
Geeft het aantal uren weer dat de motor in bedrijf is
geweest.
BERICHTEN
Druk in het hoofdmenu op de OMHOOG- of
OMLAAG-knop en houd deze ingedrukt totdat het
bericht "Messages: XX" (Berichten: XX) gemarkeerd
verschijnt in het EVIC. Als er meer dan één bericht is,
kunt u door op de selectieknop te drukken een opge-
slagen waarschuwingsbericht weergeven. Druk op de
OMHOOG- en OMLAAG-knop als er meer dan één
bericht is om de overige opgeslagen berichten weer te
geven. Als er geen berichten zijn, gebeurt er niets als u
op de selectieknop drukt.
TURN MENU OFF (MENU UITSCHAKELEN)
Selecteer deze optie in het hoofdmenu met de
OMLAAG-knop. Door op de selectieknop te drukken
verdwijnt het menuscherm uit het beeld. Als u op een
van de vier stuurwielknoppen drukt, verschijnt het
menu weer in beeld.Uconnect Touch™ INSTELLINGEN
TOETSEN
De toetsen bevinden zich aan de linker- en rechterzijde
van het Uconnect Touch™ 4.3 scherm. Bovendien
bevindt zich in het midden van het instrumentenpaneel,
rechts van de toetsen van de klimaatregeling, een
Scroll/Enter-draaiknop. Draai aan de knop om door de
menu's te bladeren of instellingen te selecteren (bijv.
30, 60, 90). Druk een of meerdere keren op het midden
van de draaiknop om een instelling te wijzigen (bijv.
ON/OFF (aan/uit)).
SCHERMTOETSEN
Schermtoetsen bevinden zich op het Uconnect
Touch™ scherm.
PERSOONLIJK TE PROGRAMMEREN
FUNCTIES — INSTELLINGEN Uconnect
Touch™ 4.3
In deze modus kunt u de toetsen en schermtoetsen
gebruiken om via het Uconnect Touch™ systeem toe-
gang te krijgen tot de programmeerbare functies waar-
mee de auto mogelijk os uitgerust, zoals Display
(Scherm), Clock (Klok), Safety/Assistance (Veiligheid/
hulp), Lights (Verlichting), Doors & Locks (Portieren en
sloten), Heated Seats (Stoelverwarming) (voor be-
paalde uitvoeringen/landen), Engine Off Operation
(Stroom bij uitgeschakelde motor), Compass Settings
31
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN
RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 38 of 384

(Kompasinstellingen), Audio and Phone/Bluetooth set-
tings (Audio- en telefoon-/Bluetooth-instellingen).
OPMERKING:Er kan telkens slechts één onderdeel
van het aanraakscherm tegelijk worden weergegeven.
Druk op de toets "Settings" om toegang te krijgen tot
het Settings scherm, gebruik de schermtoetsen Page
Up / Down om door de volgende instellingen te scrol-
len. Kies de gewenste insteltoets om aan de hand van
de beschrijving op de volgende pagina's de instelling te
wijzigen. (afb. 11) (afb. 12) Display (scherm)
Helderheid
Druk op de schermtoets Brightness (Helderheid) om
dit scherm te veranderen. Wanneer u toegang tot dit
scherm hebt kunt u de helderheid ervan bij in- of
uitgeschakelde koplampen regelen. Stel de helderheid
in met de schermtoetsen + en - of door een punt op de
schaal tussen de schermtoetsen + en - te selecteren en
op de schermtoets met de pijl naar links te drukken.(afb. 11)
1 — Uconnect Touch™ 4.3 instellingentoets
(afb. 12) Uconnect Touch™ 4.3 schermtoetsen
32
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 39 of 384

Modus (voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Mode (Modus) om dit scherm
te veranderen. In dit scherm kunt u een van de auto-
matische scherminstellingen selecteren. Om de status
van de modus te veranderen drukt u op de scherm-
toets Day (Dag), Night (Nacht) of Auto en laat deze
weer los. Druk vervolgens op de schermtoets met de
pijl naar links.
Taal
Druk op de schermtoets Language (Taal) om dit
scherm te veranderen. In dit scherm kunt u een van de
drie talen voor de schermweergave selecteren, met
inbegrip van de ritfuncties en het navigatiesysteem
(voor bepaalde uitvoeringen/landen). Druk op de toets
German (Duits), French (Frans), Spanish (Spaans), Ita-
lian (Italiaans), Dutch (Nederlands) of English (Engels)
om de gewenste taal te selecteren. Druk vervolgens op
de schermtoets met de pijl naar links. Alle verdere
informatie wordt getoond in de taal van uw keuze.
Eenheden
Druk op de schermtoets Units (Eenheden) om dit
scherm te veranderen. Wanneer u toegang hebt tot dit
scherm kunt u de eenheden van het EVIC, kilometer-
teller en het navigatiesysteem (voor bepaalde
uitvoeringen/landen) van Amerikaanse in metrische
eenheden veranderen en omgekeerd. Druk op US of
Metric (Metrisch); druk vervolgens op de schermtoetsmet de pijl naar links. Als u doorgaat wordt de geselec-
teerde eenheid weergegeven.
Reactie op spraakbediening
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Voice Response (Reactie op
spraakbediening) om dit scherm te veranderen. Wan-
neer u toegang tot dit scherm hebt, kunt u de instel-
lingen van Voice Response Length (Lengte voor reactie
op spraakbediening) wijzigen. Druk om de Voice Res-
ponse Length (Lengte voor reactie op spraakbediening)
te wijzigen op de schermtoets Brief (Kort) of Long
(Lang) en druk vervolgens op de schermtoets met de
pijl naar links.
Pieptonen aanraakscherm
Druk op de schermtoets Touch Screen Beep (Piepto-
nen aanraakscherm) om dit scherm te veranderen.
Wanneer u toegang tot dit scherm hebt, kunt u
schermtoetstonen in- of uitschakelen. Druk, om het
geluid bij aanraking te veranderen, op de schermtoets
On (Aan) of Off (Uit). Druk daarna op de schermtoets
met de pijl naar links.
Clock (klok)
Tijd instellen
Druk op de schermtoets Set Time (Tijd instellen) om
dit scherm te veranderen. Wanneer u toegang tot dit
scherm hebt kunt u de weergegeven tijd veranderen.
33
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN
RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 40 of 384

Druk, om uw keuze te maken, op de schermtoets Set
Time (Tijd instellen), stel de uren en minuten met de
schermtoetsen 'omhoog' en 'omlaag', selecteer AM ('s
ochtends) of PM ('s middags), selecteer 12 hr of 24 hr
en druk tot slot op de schermtoets met de pijl naar
links wanneer alle keuzes zijn gemaakt.
Show Time Status (Tijdstatus tonen)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Show Time Status (Tijdstatus
tonen) om dit scherm te veranderen. Wanneer u toe-
gang tot dit scherm hebt kunt u de digitale klok in de
statusbalk in- of uitschakelen. Als u de instelling Show
Time Status (Tijdstatus tonen) wilt wijzigen, drukt u
kort op de schermtoets On (Aan) of Off (Uit) en
daarna op de schermtoets met de pijl naar links.
Sync Time (Tijd synchroniseren)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Sync Time (Tijd synchronise-
ren) om dit scherm te veranderen. Wanneer u toegang
tot dit scherm hebt, kunt u de tijd automatisch door de
radio laten instellen. Druk, om de instelling Sync Time
(Tijd synchroniseren) te veranderen, op de scherm-
toets On (Aan) of Off (Uit). Druk daarna op de
schermtoets met de pijl naar links.Safety / Assistance (veiligheid/hulp)
Park Assist (parkeerhulp)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Park Assist om dit scherm te
veranderen. De parkeersensoren achter tasten het
gebied achter de auto af op obstakels indien de versnel-
lingspook in de achteruitversnelling staat en de snel-
heid lager is dan 18 km/u. Het systeem kan worden
ingesteld met Sound Only (alleen geluid), Sound and
Display (beeld en geluid) of worden uitgeschakeld. Als
u de Park Assist-status wilt wijzigen, drukt u kort op de
knop Off, Sound Only of Sounds and Display en daarna
op de schermtoets met de pijl naar links.
Hill Start Assist
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Hill Start Assist om dit
scherm te veranderen. Wanneer deze functie is gese-
lecteerd, is het Hill Start Assist (HSA) systeem actief.
Raadpleeg "Elektronisch remsysteem" in "Starten en
rijden" voor informatie over de werking en de bedie-
ning van het systeem. Druk, om uw keuze te maken, op
de schermtoets Hill Start Assist. Druk vervolgens op
de schermtoets met de pijl naar links.
34
UW AUTO VEILIGHEID
S
TARTEN EN RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 41 of 384

Lights (Verlichting)
Uitschakelvertraging koplampen
Druk op de schermtoets Headlight Off Delay (uitscha-
kelvertraging koplampen) om dit scherm te verande-
ren. Als u deze functie selecteert, kunt u kiezen of bij
uitstappen de koplampen nog 0, 30, 60 of 90 seconden
blijven branden. Druk, om de status van de Headlight
Off Delay (uitschakelvertraging koplampen) te veran-
deren op de schermtoets 0, 30, 60 of 90. Druk daarna
op de schermtoets met de pijl naar links.
Illuminated Approach (Verlichting bij nadering)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Illuminated Approach (Ver-
lichting bij nadering) om dit scherm te veranderen. Als
deze functie is geselecteerd, zullen de koplampen wor-
den ingeschakeld en gedurende 0, 30, 60, of 90 secon-
den blijven branden wanneer de portieren worden
ontgrendeld via de afstandsbediening. Druk, om de
status van de Illuminated Approach (Verlichting bij
nadering) te veranderen op de schermtoets 0, 30, 60 of
90. Druk daarna op de schermtoets met de pijl naar
links.
Headlights with Wipers (koplampen inschakelen
met ruitenwissers) (voor bepaalde uitvoeringen/
landen)
Druk op de schermtoets Headlights with Wipers (kop-
lampen inschakelen met ruiteenwissers) om dit schermte veranderen. Als deze functie is ingeschakeld en de
koplampschakelaar in de stand AUTO is gezet, gaan de
koplampen na ongeveer 10 seconden branden nadat de
ruitenwissers zijn ingeschakeld. Wanneer de koplam-
pen via deze functie zijn ingeschakeld, gaan ze uit
wanneer u de ruitenwissers uitschakelt. Druk, om uw
keuze te maken, op de schermtoets Headlights with
Wipers (koplampen inschakelen met ruitenwissers).
Druk vervolgens op de schermtoets met de pijl naar
links.
Auto High Beams (automatisch grootlicht)
"SmartBeam™" (voor bepaalde uitvoeringen/
landen)
Druk op de schermtoets Auto High Beams (automa-
tisch grootlicht) om dit scherm te veranderen. Wan-
neer u deze functie selecteert, zal het grootlicht onder
bepaalde omstandigheden automatisch uitgeschakeld
worden. Druk, om uw keuze te maken, op de scherm-
toets Auto High Beams (automatisch grootlicht). Druk
vervolgens op de schermtoets met de pijl naar links.
Raadpleeg "Verlichting/SmartBeam™(voor bepaalde
uitvoeringen/landen)” in “Uw auto” voor meer infor-
matie.
Flash Headlights with Lock (Knipperen bij ver-
grendelen) (voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Flash Headlights with Lock
35
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN
RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 42 of 384

(Knipperen bij vergrendelen) om dit scherm te veran-
deren. Wanneer deze functie geselecteerd is, knippe-
ren de richtingaanwijzers voor en achter wanneer u de
portieren vergrendelt of ontgrendelt via de afstandsbe-
diening. Druk, om uw keuze te maken, op de scherm-
toets Flash Headlights with Lock (Knipperen bij ver-
grendelen). Druk vervolgens op de schermtoets met
de pijl naar links.
Doors & Locks (portieren en sloten)
Auto Unlock on Exit (Portieren ontgrendelen bij
uitstappen) (voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Auto Unlock on Exit (Portie-
ren ontgrendelen bij uitstappen) om dit scherm te
veranderen. Wanneer u deze functie selecteert, wor-
den alle portieren ontgrendeld wanneer de auto stil-
staat, de schakelhendel in de stand PARK of NEUTRAL
staat en het bestuurdersportier wordt geopend. Druk,
om uw keuze te maken, op de schermtoets Auto
Unlock on Exit (automatisch ontgrendelen bij uitstap-
pen). Druk vervolgens op de schermtoets met de pijl
naar links.
Flash Lights with Lock (Lichten knipperen bij
vergrendelen) (voor bepaalde uitvoeringen/
landen)
Druk op de schermtoets Flash Lights with Lock (Lich-
ten laten knipperen bij vergrendelen/ontgrendelen) om
dit scherm te veranderen. Wanneer deze functie gese-lecteerd is, knipperen de richtingaanwijzers voor en
achter wanneer u de portieren vergrendelt of ontgren-
delt via de afstandsbediening. Druk, om uw keuze te
maken, op de schermtoets Flash Lights with Lock
(Lichten laten knipperen bij vergrendelen/
ontgrendelen). Druk vervolgens op de schermtoets
met de pijl naar links.
Remote Door Unlock Order (Volgorde van por-
tieren ontgrendelen met afstandsbediening) (voor
bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Remote Door Unlock Order
(Volgorde van portieren ontgrendelen met afstandsbe-
diening) om dit scherm te veranderen. Als u
Unlock
Driver Door Only On 1st Press (alleen bestuur-
dersportier na eerste keer drukken ontgrendelen) se-
lecteert, wordt alleen het bestuurdersportier ontgren-
deld bij de eerste druk op de ontgrendeltoets op de
afstandsbediening. Als u Driver Door 1st Press (be-
stuurdersportier bij eerste keer drukken) selecteert,
moet u twee keer op de ontgrendelknop van de af-
standsbediening drukken om de andere portieren te
ontgrendelen. Wanneer de optie Unlock All Doors
On 1st Press (alle portieren ontgrendelen bij eerste
keer drukken) is geselecteerd, wordt alle portieren
ontgrendeld bij de eerste druk op de ontgrendelknop
van de afstandsbediening.
36
UW AUTO
VEILIGHEID
S
TARTEN EN RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 43 of 384

OPMERKING:Wanneer de auto is uitgerust met
Keyless EnterNGo™ (Passive Entry) en het EVIC is
geprogrammeerd om alle portieren na eenmaal druk-
ken te ontgrendelen, dan zullen alle portieren worden
ontgrendeld, ongeacht welke portierhandgreep wordt
vastgepakt. Als "Driver Door 1st Press" (Ontgrendel
bestuurdersportier na één keer drukken) is gepro-
grammeerd, wordt alleen het bestuurdersportier ont-
grendeld wanneer dit wordt vastgepakt. Wanneer bij
Passive Entry de functie "Driver Door 1st Press" (Ont-
grendel bestuurdersportier na één keer drukken) is
geprogrammeerd en de handgreep meer dan één keer
wordt aangeraakt, wordt het bestuurdersportier ge-
opend. Als eerst de bestuurdersportier is geopend, dan
kunnen de overige portieren ontgrendeld worden met
behulp van de ontgrendel-/vergrendelschakelaar in de
auto (of met de afstandsbediening). Passive Entry (Keyless Enter-N-Go™)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Passive Entry om dit scherm
te veranderen. Met deze functie kunt u portieren van
uw auto vergrendelen en ontgrendelen zonder dat u op
de vergrendel- en ontgrendelknoppen van de afstands-
bediening hoeft te drukken. Druk, om uw keuze te
maken, op de schermtoets Passive Entry. Druk vervol-
gens op de schermtoets met de pijl naar links. Zie de
paragraaf "Keyless EnterNGo™" in het hoofdstuk
"Uw auto".
Stoelverwarming (voor bepaalde
uitvoeringen/landen)
Auto Heated Seats (Automatische stoelverwar-
ming) (voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Auto Heated Seats (automa-
tische stoelverwarming) om dit scherm te veranderen.
Als deze functie is ingeschakeld, zal de verwarming van
de bestuurdersstoel automatisch inschakelen wanneer
de temperatuur lager dan 4,4°C is. Druk om deze
functie te selecteren op de schermtoets Auto Heated
Seats (automatische stoelverwarming), kies On (Aan)
of Off (Uit) en druk vervolgens op de schermtoets met
de pijl naar links.
37
UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 44 of 384

Engine Off Options (opties voor
uitgeschakelde motor)
Uitschakelvertraging koplampen
Druk op de schermtoets Headlight Off Delay (uitscha-
kelvertraging koplampen) om dit scherm te verande-
ren. Als u deze functie selecteert, kunt u kiezen of bij
uitstappen de koplampen nog 0, 30, 60 of 90 seconden
blijven branden. Druk, om de status van de Headlight
Off Delay (uitschakelvertraging koplampen) te veran-
deren op de schermtoets 0, 30, 60 of 90. Druk daarna
op de schermtoets met de pijl naar links. Engine Off Power Delay (vertraging voedings-
spanning bij uitgeschakelde motor)
(voor bepaalde uitvoeringen/landen)
Druk op de schermtoets Engine Off Power Delay
(uitschakelvertraging voeding bij motor uit) om dit
scherm te veranderen. Als deze functie is geselecteerd,
blijven de schakelaars voor elektrische raambediening,
de radio, het Uconnect™ Phone systeem (voor be-
paalde uitvoeringen/landen), het dvd-videosysteem
(voor bepaalde uitvoeringen/landen), het elektrisch be-
dienbare zonnedak (voor bepaalde uitvoeringen/
landen) en de aansluitcontacten nog maximaal 10 mi-
nuten werken nadat de contactschakelaar in de stand
OFF is gezet. Door het openen van een voorportier
wordt deze functie uitgeschakeld. Druk, om de status
van de functie Engine Off Power Delay (uitschakelver-
traging voeding bij motor uit) te veranderen, op de
schermtoets 0 seconden, 45 seconden, 5 minuten of 10
minuten. Druk daarna op de schermtoets met de pijl
naar links.
38
UW AUTO VEILIGHEID
S
TARTEN EN RIJDENWAARSCHU-
WINGSLAMPJES EN MELDINGEN
NOODGEVALLENSERVICE EN
ONDERHOUDTECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD