key Hyundai Genesis Coupe 2011 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2011, Model line: Genesis Coupe, Model: Hyundai Genesis Coupe 2011Pages: 377, PDF Size: 35.65 MB
Page 93 of 377

Kenmerken van uw auto
18
4
D050202ABK
Met schakelaar portiervergrendeling
Schakel deze in door de toets
portiervergrendeling in te drukken.
Als op het rechter deel (1) van de
schakelaar wordt gedrukt, worden alle
portieren vergrendeld.
Als op het linker deel (2) van de schakelaar wordt gedrukt, worden alle
portieren ontgrendeld.
Als de contactsleutel in het contactslot zit (of de Smart Key zich in de auto
bevindt) en een portier is geopend,
kunnen de portieren niet worden
vergrendeld met het rechter deel (1)
van de schakelaar centrale
vergrendeling.
WAARSCHUWING -
Portieren
De portieren moeten tijdens het rijden altijd volledig gesloten en
vergrendeld blijven om het
onverwachts openen van de
portieren te voorkomen.
Vergrendelde portieren schrikken
ook mogelijke indringers afwanneer de auto langzaam rijdtof stopt.
Let bij het openen van portieren goed op of er geen ander verkeer
aankomt. Anders kan er schadeof letsel ontstaan.
OBK049006
Bestuurdersportier
WAARSCHUWING -
Ontgrendelde auto
Als u de auto niet vergrendeld
achterlaat, geeft u gelegenheid tot
diefstal. Verwijder altijd de
contactsleutel, bedien de
parkeerrem, sluit alle ruiten en
vergrendel alle portieren als u uw
auto onbeheerd achterlaat.
WAARSCHUWING -
Kinderen alleen achterlaten
Een afgesloten auto kan binnenin
erg warm worden, waardoor
achtergelaten kinderen ofhuisdieren die niet uit de auto
kunnen komen, letsel kunnen
oplopen. Bovendien kunnen
kinderen ernstig gewond raken
door het bedienen van bepaalde
systemen in de auto. Laat kinderen
en huisdieren nooit zonder toezicht
achter in de auto.
Page 95 of 377

Kenmerken van uw auto
20
4
D070100ABK-EE
Openen van de achterklep
Druk gedurende ten minste 1 seconde
op de achterklepontgrendelknop van
de afstandsbediening (of de Smart
Key) om de achterklep te openen.
Trek aan de ontgrendelhendel in de auto om de achterklep van binnenuit teopenen.
Als de achterklep is ontgrendeld, kan deze worden geopend door de hendel
omhoog te trekken.
Als de achterklep wordt geopend en gesloten, zal hij automatisch worden
vergrendeld.
✽✽ AANWIJZING
In een koud en nat klimaat werken de
portiervergrendeling enportiermechanismen mogelijk niet doorbevriezingsverschijnselen.D070200ABH
Sluiten van de achterklep
Laat de achterklep, om hem te sluiten,
zakken en druk hem vervolgens aan
totdat hij wordt vergrendeld. Probeer de
achterklep omhoog te trekken om tecontroleren of hij goed dichtzit.
ACHTERKLEP
WAARSCHUWING
De achterklep klapt naar boven
open. Zorg dat er zich geen
voorwerpen of personen bij de
achterzijde van de auto bevinden
als u de achterklep opent.
OPMERKING
Controleer of de achterklep is gesloten voordat u met de auto gaatrijden. Er kan schade ontstaan aande gasdempers van de achterklep
en de bevestigingsmaterialen, als ude achterklep niet sluit voordat ugaat rijden.
OPMERKING
Wanneer de auto rijdt, dient de
achterklep altijd volledig gesloten te zijn. Als met een (half) geopendeachterklep wordt gereden, kunnen schadelijke uitlaatgassen in het
interieur binnendringen.
OBK049007
Page 131 of 377

Kenmerken van uw auto
56
4
D150315AHD
Waarschuwingslampje
open achterklep
Dit waarschuwingslampje gaat branden
als de achterklep niet goed is gesloten
(in alle standen van het contact).
D150316AUN
Waarschuwingslampjeopen portier
Dit waarschuwingslampje gaat branden
als een portier niet goed gesloten is (in
alle standen van het contact). D150317ABH
Controlelampje
startblokkeersysteem
(indien van toepassing)
Zonder Smart Key-systeem
Dit lampje gaat branden als de sleutel in
het contact gestoken wordt en naar
stand ON wordt gedraaid.
Op dat moment kunt u de motor starten. Het lampje dooft nadat de motor isaangeslagen. Laat het systeem controleren door een
officiële HYUNDAI-dealer wanneer hetlampje gaat knipperen als het contact instand ON staat en de motor nog niet is
gestart. Met Smart Key-systeem
Als een van de volgende situaties zich
voordoet bij uitvoeringen met de Smart
Key, gaat het controlelampje van het
startblokkeersysteem branden, knipperenof uit.
Wanneer de Smart Key zich in de auto
bevindt, als de toets ENGINE START/
STOP in stand ACC of ON staat, zal
het lampje ongeveer 30 seconden
branden om aan te geven dat u de
motor kunt starten. Wanneer de Smart
Key zich echter niet in de auto bevindt,
knippert het lampje een paarseconden als u op de toets ENGINE
START/STOP drukt, om aan te geven
dat u de motor niet kunt starten.
Laat het systeem nakijken door een officiële HYUNDAI-dealer als hetcontrolelampje slechts 2 seconden
brandt en daarna uitgaat wanneer u de
toets ENGINE START/STOP in de stand
ON zet en de Smart Key zich in de auto
bevindt.
Wanneer de accu bijna leeg is, en als de toets ENGINE START/STOP wordt
ingedrukt, knippert het lampje en kunt u
de motor niet starten. U kunt de motor
echter wel starten door de Smart Key in
de Smart Key-houder te plaatsen. Als er
een storing zit in onderdelen van het
Smart Key-systeem, knippert het
controlelampje.
Page 134 of 377

459
Kenmerken van uw auto
Controlelampje SET
Het controlelampje gaat branden als de functie
(SET- of RES+)van de cruise
control is ingeschakeld. Het controlelampje SET in het
instrumentenpaneel gaat branden als de
cruise control-schakelaar
(SET- of RES+)wordt ingedrukt.
Het controlelampje SET brandt niet als
de cruise control-schakelaar (CANCEL)
is ingedrukt of als het systeem is
uitgeschakeld. D150327ABH
Waarschuwingszoemer "sleutel in
contactslot" (indien van toepassing)
Zonder Smart Key-systeem
Als het bestuurdersportier wordt geopend en de contactsleutel zich nog in
het contactslot bevindt (stand ACC of
LOCK), zal de waarschuwingszoemer
"sleutel in contactslot" klinken. Dit om te
voorkomen dat u de auto afsluit en de
sleutel in het contactslot laat zitten. De
zoemer klinkt totdat de sleutel wordt
verwijderd, het contact in stand ON wordt
gezet of het bestuurdersportier wordtgesloten. Met Smart Key-systeem
Als het bestuurdersportier wordt
geopend en de Smart Key zich nog in de
auto bevindt terwijl de startknop in de
stand ACC staat of nog in de Smart Key-
houder is geplaatst terwijl de startknop inde stand OFF staat, zal de
waarschuwingszoemer "sleutel in
contactslot" klinken. De zoemer klinkt
totdat de Smart Key uit de houder wordt
verwijderd of het bestuurdersportier
wordt gesloten. D150330AEN
Waarschuwing te hoge
snelheid (indien van
toepassing)
Waarschuwingslampje te hoge snelheid
Als u harder dan 120 km/h rijdt, gaat het
waarschuwingslampje voor een te hoge
snelheid knipperen. Dit dient om te
voorkomen dat u te hard rijdt.
Waarschuwingszoemer te hoge snelheid
Als u harder dan 120 km/h rijdt, klinkt
gedurende ongeveer 5 seconden de
waarschuwingszoemer voor een te hoge
snelheid. Dit dient om te voorkomen dat
u te hard rijdt.
SET120km/h
Page 135 of 377

Kenmerken van uw auto
60
4
D150338BEN
Controlelampje KEY OUT
(indien van toepassing)
Wanneer de toets ENGINE START/
STOP in stand ACC of ON staat, wordtdoor het systeem gecontroleerd of de
Smart Key aanwezig is als een portier
open is. Als de Smart Key zich niet in de
auto bevindt, gaat het lampje knipperen
en als alle portieren zijn gesloten, klinkt
de zoemer ook gedurende ongeveer 5
seconden. Het lampje gaat uit terwijl de
auto rijdt. Houd de Smart Key in de auto.
KEY
OUT
Page 139 of 377

Kenmerken van uw auto
64
4
D180000AUN
De alarmknipperlichten moeten worden
gebruikt als u door omstandigheden
gedwongen bent de auto op een
gevaarlijke plaats tot stilstand te
brengen. Zet, als u de auto innoodsituaties tot stilstand moet brengen,
de auto zo ver mogelijk naast de rijbaan.
De alarmknipperlichten worden
ingeschakeld door de schakelaar voor de
alarmknipperlichten in te drukken.
Hierdoor gaan alle richtingaanwijzers
tegelijk knipperen. De
alarmknipperlichten werken ook als desleutel niet in het contactslot zit.
Druk nogmaals op de schakelaar voor de
alarmknipperlichten om ze uit te
schakelen. D190100ABH
Energiebesparingsfunctie
Deze functie voorkomt dat de accu
ontladen raakt. Het systeem schakelt
automatisch de parkeerlichten uit
wanneer de contactsleutel verwijderd
wordt of wanneer het portier aan
bestuurderszijde wordt geopend.
De parkeerlichten worden automatisch uitgeschakeld als de auto in het donker
langs de kant van de weg geparkeerd
wordt.
Volg onderstaande procedure als de
parkeerlichten moeten blijven branden
wanneer de contactsleutel is
verwijderd:
1) Open het portier aan
bestuurderszijde.
2) Schakel de parkeerlichten UIT en AAN met de lichtschakelaar op de
stuurkolom. Follow me home koplampen
(indien van toepassing)
Als u het contact in de stand ACC of OFF
zet met ingeschakelde koplampen,
blijven de koplampen gedurende
ongeveer 20 minuten branden. De
koplampen worden echter 30 seconden
nadat het bestuurdersportier is geopend
of gesloten uitgeschakeld.
De koplampen kunnen worden
uitgeschakeld door tweemaal op de
vergrendeltoets van de
afstandsbediening (of Smart Key) te
drukken of door de lichtschakelaar in de
stand UIT te zetten.
Neem voor het uit- of inschakelen van
deze functie contact op met een officiële
Hyundai-dealer.
ALARMKNIPPERLICHTEN
OBK049044
VERLICHTING
OPMERKING
Wanneer de bestuurder het voertuig
via een ander portier dan het bestuurdersportier verlaat, werkt deenergiebesparingsfunctie niet en doven de follow me home-
koplampen niet automatisch. Hierdoor kan de accu ontladenraken. Schakel in dit geval delampen uit voordat u het voertuig
verlaat.
Page 140 of 377

465
Kenmerken van uw auto
Welkomstfunctie koplampen
(indien van toepassing)
Als u waneer de koplampen zijn
ingeschakeld of in de stand AUTO staan
en alle portieren (en de achterklep) zijn
gesloten op de ontgrendeltoets van de
afstandsbediening (of de Smart Key)
drukt, gaat het parkeerlicht gedurende
ongeveer 15 seconden branden. Als u op
de vergrendel- of ontgrendeltoets van de
afstandsbediening (of de Smart Key)
drukt, dooft het parkeerlicht direct.D190400AUN
Bediening verlichting
De lichtschakelaar heeft een stand voor
het dimlicht en het parkeerlicht.
Draai, om de verlichting te bedienen, de
knop op het uiteinde van de
combischakelaar naar een van de
volgende standen: (1) Stand O / OFF
(2) Stand parkeerlicht(3) Stand dimlicht
(4) Stand automatische verlichting(indien van toepassing) D190401ABH
Stand parkeerlicht ( )
Als de lichtschakelaar in de stand
parkeerlicht staat (1e stand), branden de
achterlichten, de kenteken
-plaatverlichting. de dashboardverlichting
en het controlelampje van het achterlicht,
(indien van toepassing)
OBK049046N
OAM049041
Type B Type A
OBK049045N
OBK049045
Type B Type A
Page 149 of 377

Kenmerken van uw auto
74
4
D210000AEN
D210100ABK
Kaartleeslampje
Druk het lampglas van het
kaartleeslampje in om het lampje in of uit
te schakelen. Dit lampje heeft een
gerichte lichtbundel waarmee de
bestuurder en de voorpassagier in het
donker een kaart of iets anders kunnen
lezen. : De verlichting gaat branden
als er een portier (of de
achterklep) wordt geopend,
ongeacht de stand van het
contact. Als de portieren
worden ontgrendeld met deafstandsbediening (of de
Smart Key) blijft de verlichting
gedurende ongeveer 30
seconden branden als er geen
portier wordt geopend. De
verlichting gaat ongeveer 30
seconden na het sluiten van
het portier langzaam uit.
Als het contact in stand ON
staat of alle portieren worden
vergrendeld, zal de
interieurverlichting echter
onmiddellijk uitgaan. Als er
een portier wordt geopendterwijl het contact in stand
ACC of LOCK staat, blijft de
verlichting nog ongeveer 20
minuten branden. Als er echter
een portier wordt geopendterwijl het contact in stand ON
staat, blijft de verlichting
continu branden.
INTERIEURVERLICHTING
OPMERKING
Laat de interieurverlichting niet te
lang branden als de motor nietdraait.
Hierdoor kan de accu ontladenraken.
WAARSCHUWING
Gebruik de interieurverlichting niet wanneer u in het donker rijdt.
Doordat de interieurverlichting het
zicht kan beperken, kunnen
ongevallen ontstaan OBK049055N
Page 225 of 377

511
Rijden met uw auto
E040100ABK
1. Zorg ervoor dat u de Smart Key bij uhebt of laat deze in de auto.
2. Controleer of de parkeerrem goed is geactiveerd.
3. Handgeschakelde transmissie - Tr a p
het koppelingspedaal volledig in en zet
de versnellingspook in de vrijstand.
Houd het koppelingspedaal en het
rempedaal ingetrapt terwijl u de motor
start.
Automatische transmissie - Zet de
selectiehendel in stand P. Trap het
rempedaal volledig in.
De motor kan ook worden gestart met de selectiehendel in stand N.
4. Druk de toets ENGINE START/STOP in.
5. Laat bij extreme kou (lager dan -18ºC) of wanneer de auto een aantal dagen
niet is gebruikt, de motor warmdraaien
zonder het gaspedaal in te trappen.
Of de motor nu warm is of koud, hij
dient gestart te worden zonder het
gaspedaal in te trappen. Zelfs als de Smart Key zich in de auto
bevindt, maar op enige afstand van u,zal de motor mogelijk niet aanslaan.
Als het contact in de stand ACC of ON staat terwijl een portier geopend is,
controleert het systeem of de Smart
Key aanwezig is. Als de Smart Key niet
in de auto aanwezig is en alle portierenzijn gesloten, zal de
waarschuwingszoemer gedurende
ongeveer 5 seconden klinken. Zorg dat
de Smart Key in de auto is wanneer
stand ACC is ingeschakeld of de motor
draait.
WAARSCHUWING
De motor zal starten wanneer u op
de startknop drukt, maar alleen
wanneer de Smart Key zich in de
auto bevindt. Laat kinderen enmensen die niet bekend zijn met de
auto de startknop en aanverwante
onderdelen niet aanraken.OPMERKING
Probeer de selectiehendel niet in stand P te zetten wanneer de motor
tijdens het rijden afslaat. Als deverkeersomstandigheden hettoelaten kunt u de selectiehendel in stand N (vrijstand) zetten terwijl de
auto nog rijdt en vervolgens de toetsENGINE START/STOP indrukken omte proberen de motor opnieuw te
starten.
Page 339 of 377

Onderhoud
54
7
Dashboard (zekeringkast bestuurderszijde)
Omschrijving Stroomsterkte
Beveiligd onderdeel
zekering
ABS 7.5A ESP-schakelaar & schakelaar mistachterlicht, regelmodule ESP, regelmodule ABS,
multifunctionele servicestekker
CLUSTER/ESCL 7.5A Regelmodule Smart Key, PDM, toets sportstand, BCM, instrumentenpaneel (controlelampje),
multifunctionele schakelaar (Afstandsbediening)
ESCL 10A PDM, regelmodule Smart Key
ESCL SW 10A Sleutelhangerhouder, Start/Stoptoets
START 10A PDM, verbindingsblok E/R (startrelais), contact, contactslot, ICM-relaiskast (relais claxon alarmsysteem)
P/OUTLET(FR) 15A 12V-aansluiting voor
P/OUTLET 15A 12V-aansluiting achterste deel middenconsole
AUDIO/ESCL 7.5A Audiosysteem, multifunctionele monitor, schakelaar elektrisch verstelbare en inklapbare buitenspiegels, BCM,
PDM, regelmodule Smart Key
A/BAG 15A Airbagmodule
T/SIG 10A Schakelaar alarmknipperlichten
B/UP LP 10A Schakelaar achteruitrijlicht (MT), verbindingsblok E/R links (relais achteruitrijlicht)
HAZARD 10A Schakelaar alarmknipperlichten, ICM-relaiskast (relais alarmknipperlichten)
STOP LP 15A Remlichtschakelaar
AUTO SHIFT LOCK 7.5A Verbindingsblok E/R links (multifunctionele servicestekker), diagnosestekker, toets sportstand, sleutelsolen oid
FOG LP(RR) 10A ICM-relaiskast (relais mistachterlicht)
P/SEAT(LH) 30A Schakelaar elektrisch verstelbare bestuurdersstoel
DR LOCK 10A Relais VERGRENDELEN/ONTGRENDELEN PORTIER
A/BAG IND 7.5A Instrumentenpaneel (controlelampje airbag)
ECU 10A Motor-ECU, TCM, remlichtschakelaar, startrelais (AT (G4KF)), koppelingsschakelaar cruise control
A/CON 7.5A BCM, module klimaatregeling, sensor temperatuur in auto, aanjagerrelais