air condition Hyundai Santa Fe 2009 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2009, Model line: Santa Fe, Model: Hyundai Santa Fe 2009Pages: 293, PDF Size: 10.54 MB
Page 143 of 293

1
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
133
LET OP:
Als de ruiten in de stand recirculatie of AQS beslaan, moet de luchttoevoer in de stand voor verse lucht of de AQS regeling in destand "OFF" worden geplaatst.
!
Luchtrecirculatie:
Lucht uit het interieur wordt gecirculeerd en afhankelijk van degekozen functie verwarmd of gekoeld.
Uitlaatgas
uitschakelfunctie:
Buitenlucht stroomt de auto in. Als uitlaatgas de auto binnenstroomt wordt automatisch de stand (
)
omgezet naar de stand (
) zodat
geen uitlaatgas meer kan binnendringen.
N.B.: Voor snelle koeling/verwarming kan tijdelijk de recirculatiestand (
)
worden gebruikt Let erop dat langdurig gebruik van de luchtrecirculatie (
) kan leiden
tot bes-lagen voorruit en zijruiten en een verminderde kwaliteit van de lucht in het interieur. 6YB980D1-AXVerwarming en koeling "AFZETTEN"
OCM052099
Druk op de "OFF" toets om het systeem uit te schakelen.
ZB450A1-AX Schakelaar airconditioning
OCM052103
De airconditioning wordt ingeschakeld
door deze schakelaar in te drukken.
CM holl-1b(~143).p65 5/21/2008, 11:57 AM
133
Page 147 of 293

1
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
137KOEL-/WARMHOUDVAK
ZB450D1-AX Tips voor het gebruik
o Als het interieur van de wagen is verwarmd, zet dan enkele minuten de ruiten open zodat de warmelucht naar buiten wordt afgevoerd.
o Indien de airconditioning is
ingeschakeld; houd alle ruitengesloten zodat geen warme lucht kan binnendringen.
o Bij lage snelheden, bijvoorbeeld in druk verkeer, een lagere versnelling inschakelen. Hierdoor neemt hetmotortoerental toe waardoor ook het toerental van de compressor van de airconditioning stijgt.
o Wanneer u lange tijd bergopwaarts rijdt schakel dan de airconditioninguit om te voorkomen dat de motoroververhit raakt.
o In de periode dat de airconditioning weinig wordt gebruikt (winterseizoen) is het aan te bevelen de airconditioning van tijdtot tijd enkele minuten in werking te stellen. Hierdoor wordt het systeem gesmeerd en blijft het in een goede conditie. B750A02CM-GXT(Indien gemonteerd) Blikjes drank of andere voorwerpen
kunnen warm of koel worden gehouden m.b.v. de bedieningsknop van deuitstroomopening in de opbergruimte in de middenconsole.
1. Schakel de aanjager in.
2. Zet de draaiknop van de
luchtverdeling in de stand (
) of
(
).
3. Draai de bedieningsknop van de uitstroomopening in de opbergruimte in de middenconsole naar de stand "open".
➀ ON
➁ OFF
OCM052149
(1)
(2) 4. Zet de temperatuurregeling op
"warm" of "koud". Als het koel-/ warmhoudvak niet wordt gebruikt, zet dan de bedieningsknop in de gesloten stand. Draai de knopomhoog (ROOD) als warme lucht of naar beneden (BLAUW) als koele lucht gewenst is.
CM holl-1b(~143).p65 5/21/2008, 11:57 AM
137
Page 148 of 293

1BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
138
OMG075033
INTERIEURLUCHTFILTER (VOOR VERDAMPER- ENAANJAGERUNIT)
B760A07A-GXT
Het luchtfilter bevindt zich vóór de verdamperunit achter hetdashboardkastje.Het heeft tot doel om te voorkomendat vervuiling uit de buitenlucht in hetinterieur komt.Voor het vervangen van het luchtfilter,zie pagina 6-19.AIRCONDITIONING ACHTERIN
B770A01B-GXT Toets airconditioning achterin (Indien gemonteerd) B770B01CM-GXT Ventilatie achterin (Indien gemonteerd)
De airconditioning achterin kan vanaf een voorstoel worden bediend met deaan/uit-toets. Als de toets wordt ingedrukt, gaat de controlelamp branden en is de airconditioningachterin ingeschakeld. N.B.: De airconditioning, achter, kan alleen worden gebruikt als de airconditioning, voor, is ingeschakeld. De achterste ventilatieroosterbevinden zich in het bekledingspaneel. Beweeg de knop in het midden om de richting van de luchtstoom van linksnaar rechts of omgekeerd te bewegen. De aanjagersnelheid kan worden ingesteld m.b.v. de schuifknop.
OCM052112OCM052114
Verdamperblok
Aanjager
Buitenlucht
Interieurlucht Buitenlucht
Interieurlucht
Verwarmingsrodiateur
CM holl-1b(~143).p65 5/21/2008, 11:57 AM
138
Page 194 of 293

2
HET RIJDEN MET UW HYUNDAI
27
o Het is niet nodig de motor langdurig warm te laten draaien. Zodra de motor gelijkmatig draait kunt u wegrijden. Bij zeer koud weer is het aan te bevelen de motor eeniets langere periode te laten warm draaien.
o Rijd niet met een te laag of een te hoog motortoerental. Rijdt u telangzaam in een hoge versnelling, dan heeft dit tot gevolg dat demotor te zwaar wordt belast. Schakel tijdig een lagere versnelling in. Vermijd een te hoog toerentaldoor de aanbevolen schakelsnelheden aan te houden.
o Gebruik de airconditioning niet onnodig. De airconditioning wordt bediend door de motor waardoor bijgebruik van de airconditioning het brandstofverbruik toeneemt.
o Houd uw wagen in een goede
conditie. Onderhoud uw wagen voor een gunstig brandstofverbruik en lagere onderhoudskosten; zie het onderhoudsoverzicht in hoofdstuk5. Als uw wagen in zware omstandigheden wordt gebruikt, dan is frequenter onderhoud vereist (ziehoofdstuk 5 voor bijzonderheden).
o Houd uw wagen schoon. Voor een maximale levensduur moet uwHyundai schoon worden gehouden en vrij van corrosieve elementen. Laat geen modder, vuil, ijs etc.aankoeken op de onderzijde van de wagen. Dit extra gewicht kan een verhoogd brandstofverbruik entevens corrosie tot gevolg hebben.
o Vervoer geen onnodige bagage.
Extra gewicht heeft een hoger brandstofverbruik tot gevolg.
o Laat de motor niet langer stationair draaien dan nodig is. Zet de motorbij langere wachtperiodes af.BOCHTEN
ZC160A1-AX Vermijd remmen of schakelen in bochten, vooral op natte wegen. Dit voorkomt overmatige bandenslijtage.
CM holl-2.p65 5/20/2008, 8:42 AM
27
Page 202 of 293

2
HET RIJDEN MET UW HYUNDAI
35
!
14. Schakel bij het afdalen van een
helling naar een lagere versnelling om gebruik te maken van de remmende werking van de motor. Bij langdurig heuvelopwaarts rijden moet worden teruggeschakeld naar een lagere versnelling en met gematigde snelheid worden geredenom de kans op overbelasting en oververhitting van de motor te verkleinen.
15. Houd de wagen tijdens een stop
bij heuvelopwaarts rijden niet opzijn plaats door gas te geven. Hierdoor kan de automatische transmissie oververhit raken.Gebruik de voetrem of de parkeerrem.
N.B.: Controleer bij het rijden met aanhanger de olie in de transmissievaker. LET OP:
Als bij het rijden met aanhanger
oververhitting plaatsvindt (tempera-tuurmeter gaat naar het rodegebied), kunnen de volgende maatregelen de oververhitting verminderen of opheffen:
1. Zet de airconditioning uit.
2. Matig de snelheid.
3. Schakel bij het heuvelopwaarts
rijden een lagere versnelling in.
4. Laat de motor bij fileverkeer tijdens stilstaan versneld stationair draaien met de transmissie in neutraal of deparkeerstand.
CM holl-2.p65 5/20/2008, 8:42 AM
35
Page 206 of 293

3IN GEVAL VAN PECH
4
!
6. Verwijder voorzichtig de hulpstart-
kabels in omgekeerde volgorde van aansluiten.
Bij onzekerheid omtrent de reden van
de ontladen accu, moet u hetlaadsysteem laten controleren dooruw Hyundai dealer. 4. Controleer of de V-riem van de
waterpomp ontbreekt. Is dit niethet geval controleer dan of deze strak zit. Is de V-riem in orde, controleer dan de radiateur, deslangen en onder de wagen op koelvloeistoflekkage (Is de airconditioning ingeschakeldgeweest, dan is het gebruikelijk dat er koud water uitstroomt).
WAARSCHUWING:
Houd uw handen uit de buurt van
bewegende delen zoals de ventila- tor en V-riemen terwijl de motor draait.
ALS DE MOTOR TE HEET WORDT
D030A02TB-GXT Staat de koelvloeistoftemperatuurmeter
te hoog, levert de motor weinig vermogen of "pingelt" de motor, danis de motor waarschijnlijk te heet. Ga dan als volgt te werk:
1. Breng de wagen zo snel mogelijk
op een veilige plaats tot stilstand.
2. Plaats bij een automatische transmissie de keuzehandel in stand "P" of bij eenhandgeschakelde versnellingsbak de versnellingshandel in neutraal en trek de handrem aan. Schakeleventueel de airconditioning uit.
3. Bij koelvloeistoflekkage of stoomvorming onder de motorkap; zet de motor dan af. Wacht met het openen van de motorkap totgeen koelvloeistof meer weglekt en er geen stoom zichtbaar is. Is er geen merkbaar verlies van koelvloeistof en geen stoom, laat de motor dan draaien en controleer of de ventilator werkt. Is dit niethet geval zet dan de motor af.
CM holl-3.p65 5/20/2008, 8:43 AM
4
Page 230 of 293

5ONDERHOUDSVOORSCHRIFTEN
4PERIODIEK ONDERHOUD
BESCHRIJVING
ONDERHOUD MOTORREGELSYSTEEM (BENZINEMOTOR) MOTOROLIE EN OLIEFILTER AANDRIJFRIEMEN 2,7 V6 (Automatische spanner, Voor dynamo, Stuurbekrachtiging, Airconditioning) BENZINEFILTER (MPI)*1 BENZINELEIDINGEN, BENZINESLANGEN EN AANSLUITINGEN DISTRIBUTIERIEM BENZINEDAMPSLANG EN TANKVULDOP CARTERVENTILATIE SLANGEN LUCHTFILTERELEMENT LUCHTFILTERELEMENT-ACTIEF KOOFILTER (Indien gemonteerd) KLEPSPELING BOUGIES (MET IRIDIUM BEDEKT)
ZF040A1-HX Onderstaande werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd teneinde van de bedrijfszekerheid van uw wagen
verzekerd te zijn. In verband met eventuele garantieaanspraken moeten de rekeningen van de onderhoudswerkzaamheden worden bewaard.
Het onderhoud afhankelijk van het kilometrage of de tijd wordt uitgevoerd afhankelijk van hetgeen het eerst voorkomt. F030B03CM-GXT V : Vervangen C : Controleren en reinigen, afstellen, repareren of zonodig vervangen
105
84
V
C C C C
1512
V
C C C C 3024
V
C C CC C 4536
V
C C C V V 6048
V
C C C CC C 7560
V
C C C C 9072
V
C C C C VV
NR
12 3 4 5 6 7 8 9
1011KILOMETERS X 1000 MAANDEN
*1 : WANNEER DE AUTO NIET GOED START OF BIJ EEN ONGEWONE BRANDSTOFDRUK, VERVANG DAN DIRECT HET BRANDSTOFFILTER, ONGEACHT HET ONDERHOUDSSCHEMA.
*2 : ELKE 60.000KM : "C", ELKE 120.000 OF 60 MAANDEN : "V"
*3 : CONTROLEER OP OVERMATIG GELUID VAN KLEPSTOTERS EN/OF OVERMATIGE MOTORTRILLINGEN EN STEL ZONODIG AF. CONTROLEREN EN AFSTELLEN ELKE 96.000KM OF 48 MAANDEN
*4 : ELKE 160.000 KM : "V" 120
96
V
C C C CC C
*3 *4
*2
CM holl-5.p65 5/20/2008, 8:44 AM
4
Page 232 of 293

5ONDERHOUDSVOORSCHRIFTEN
6
75 60C C C C C C C C C CV
NR
123 4 5 6 7 89
1011 12 13 14 15 16 17 18 4536
C C C C C C C C C CV 60 48
C C C C C C C C C C C C CV
C C C
BESCHRIJVING
ALGEMEEN ONDERHOUD KOELSYSTEEM *1 KOELVLOEISTOF *2OLIE VERSNELLINGSBAK VLOEISTOF AUTOMATISCHE TRANSMISSIE REMSLANGEN EN REMLEIDINGEN REMVLOEISTOF HANDREM REMBLOKKEN, REMKLAUWEN EN REMSCHIJVEN (VOOR EN ACHTER)UITLAATPIJP EN UITLAATDEMPER BEVESTIGINGSBOUTEN WIELOPHANGING STUURHUIS, VERBINDINGEN EN MANCHETTEN/ONDERSTE FUSEEKOGELS STUURBEKRACHTIGINGSPOMP EN SLANGEN AANDRIJFASSEN EN HOEZEN KOELMIDDEL AIRCONDITIONING INTERIEURLUCHTFILTER (VOOR VERDAMPER EN AANJAGERUNIT) OLIE VERDEELBAK (4WD) OLIE ACHTERASDIFFERENTIEEL (4WD) CARDANAS (4WD)
F030C02CM-GXT V : Vervangen C : Controleren en reinigen, afstellen, repareren of zonodig vervangen
105 84
C C C C C C C C C CV
90 72
C CV
C CCC C C C C C C V
C C C 120
96
C C C C C C C C C C C C CVV
CC
15 12
C C C C C C C C C CV 30 24
C C C C C C C C C C C C CV
C C C
KILOMETERS X 1000 MAANDEN
*1 : BIJ VERVANGING DISTRIBUTIERIEM EN AANDRIJFRIEMEN OOK DE WATERPOMP CONTROLEREN.
*2 : VUL HET KOELSYSTEEM ALLEEN BIJ MET GOEDGEKEURDE KOELVLOEISTOF EN VUL HET KOELSYSTEEM NIET BIJ MET WATER.
EEN ONJUIST KOELVLOEISTOFMENGSEL KAN STORINGEN EN SCHADE AAN DE MOTOR VEROORZAKEN.
*3 : HIJ KAN OOK EERDER VERVANGEN WORDEN ALS U TOCH ONDERHOUD UITVOERT AAN ANDERE ONDERDELEN.
Eerste keer vervangen na 100.000 km of 60 maanden: Vervolgens elke 40.000 km of 24
maanden vervangen *3
CM holl-5.p65 5/20/2008, 8:44 AM
6
Page 234 of 293

6
EENVOUDIG ONDERHOUD
6
Algemene controles ....................................................... 6-4
Voorzorgsmaatregelen bij het onderhoud ...................... 6-5
Oliepeil controleren ........................................................ 6-6
Koelvloeistof controleren ............................................... 6-9Luchtfilter vervangen................................................... 6-11
Ruitenwissers ruitenwisserbladen ..............................6-12
Ruitensproeierreservoir bijvullen .................................6-14
Vloeistofpeil automatische transmissie cont roleren.... 6-15
Algemene controles ..................................................... 6-17
Onderhoud airconditioning ........................................... 6-18
Vervangen van het interieurfilter .................................. 6-19
Zekeringen controleren en vervangen .........................6-20
Accu controleren ......................................................... 6-23
Werking van elektrische koelventilator controleren ..... 6-25
Vloeistofpeil stuur bekrachtiging ................................... 6-25
Aftappen van water in het brandstoffilter..................... 6-26
Koplampafstelling controleren .....................................6-27
Gloeilamp vervangen .................................................. 6-29
Vermogen .................................................................... 6-37
Beschrijving zekeringhouder ....................................... 6-38
CM holl-6.p65 5/20/2008, 8:45 AM
1
Page 237 of 293

6EENVOUDIG ONDERHOUD
4ALGEMENE CONTROLES
SG020C1-FX Interieur De volgende punten moeten worden
gecontroleerd voordat met de wagen wordt gereden:
o Werking van de verlichting
o Werking van de ruitenwissers
o Werking van de claxon
o Werking van de aanjager (en airconditioning, indien gemonteerd)
o Werking en toestand van de
stuurinrichting
o Werking en toestand van de spiegels
o Werking van de richtingaanwijzers
SG020A1-FX Motorruimte onderstaande punten moeten regelmatig worden gecontroleerd:
o Motoroliepeil en conditie
o Transmissie oliepeil en conditie
o Remvloeistofpeil
o Koelvloeistofpeil
o Peil in sproeierreservoir
o Toestand van V-riem
o Toestand van koelvloeistofslangen
o Toestand van luchtfilterelement
o Toestand van uitlaatsysteem
o Vloeistoflekkage
(op of onder componenten)
o Peil en conditie van stuurbekrach- tigingsvloeistof
SG020B1-FX Buitenzijde onderstaande punten moeten
maandelijks worden gecontroleerd:
o Carrosserie van de wagen
o Toestand van de velgen en bevestiging van de wielmoeren
o Toestand van het uitlaatsysteem o Toestand en werking van de
verlichting
o Toestand van de voorruit
o Conditie van de ruitenwissers
o Conditie van de lak en eventuele corrosie
o Vloeistoflekkage
o Toestand van portier en motorkapscharnieren
o Bandenspanning en conditie van
de banden (incl. reservewiel) o Werking van het gaspedaal
o Werking van de remmen, incl. de
handrem
o Werking van de handgeschakelde versnellingsbak, incl. de koppeling
o Werking van de automatische transmissie, incl. het parkeer- mechanisme
o Toestand en werking van de stoelverstelling
o Toestand en werking van de veiligheidsgordels
o Bediening van de zonnekleppen
Als bij deze controles
onregelmatigheden/onjuistheden worden aangetroffen, moet de hulp van een Hyundai dealer wordeningeroepen.
CM holl-6.p65 5/20/2008, 8:45 AM
4