dashboard Hyundai Santa Fe 2010 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2010, Model line: Santa Fe, Model: Hyundai Santa Fe 2010Pages: 409, PDF Size: 30.88 MB
Page 158 of 409

485
Kenmerken van uw auto
Uitstroomopeningen dashboard
De uitstroomopeningen kunnen afzonderlijk
worden geopend of gesloten met het
wieltje.
Met de hendel in de ventilatieroosters
kunt u de richting van de luchtstroom uit
deze ventilatieroosters afstellen, zoals in
de afbeelding is aangegeven.Temperatuurregelknop
Met de temperatuurregelknop kunt u de
temperatuur regelen van de lucht die uit
het ventilatiesysteem stroomt. Draai de
knop naar rechts voor warme of hete
lucht in het passagierscompartiment en
naar links voor koelere lucht.
Luchttoevoertoets
De luchttoevoer wordt gebruikt om de
stand BUITENLUCHT of de stand
RECIRCULATIE te kiezen.
Druk op de desbetreffende toets om de
stand van de luchttoevoer te wijzigen.
OCM052155OCM040142OCM052154
Page 162 of 409

489
Kenmerken van uw auto
Als de stand RECIRCULATIE wordtgebruikt wanneer het
airconditioningssysteem ingeschakeld
is, wordt wel een maximaal koeleffect
bereikt, maar kan het gebruik van deze
stand gedurende een langere tijd ertoe
leiden dat de lucht in het interieur muf
wordt.
Tijdens de werking van de airconditioning ziet u het motortoerental
zo nu en dan iets veranderen wanneer
de aircocompressor inschakelt. Dit is
een normaal verschijnsel tijdens de
werking van het systeem. D230300AFD Interieurfilter
(indien van toepassing)
Het interieurfilter, dat achter het
dashboardkastje is gemonteerd, filtert de
lucht die via het verwarmings- enairconditioningssysteem naar het
interieur wordt gevoerd. Als het filter in de
loop van de tijd verstopt raakt door stof
en andere verontreinigingen, neemt de
luchttoevoer via de uitstroomopeningen
af en kan de voorruit aan de binnenzijdebeslaan, ook al is de stand
BUITENLUCHT gekozen. Laat, als dat
het geval is, het interieurfilter vervangen
door een officiële HYUNDAI Erkend
Reparateur.✽✽AANWIJZING
Vervang het filter overeenkomstig het onderhoudsschema.
Als er onder ongunstige
omstandigheden gereden wordt,
bijvoorbeeld in een stoffige omgeving
of op slechte wegen, moet het
interieurfilter vaker worden
gecontroleerd en indien nodig worden
vervangen.
Als de hoeveelheid uitstromende lucht plotseling sterk vermindert, moet het
systeem door een officiële HYUNDAI
Erkend Reparateur worden
gecontroleerd.
OHM048209
Buitenlucht
Gerecirculeerde lucht
Interieurfilter Aanjager
Verdamper
Kachelradiateur
Page 165 of 409

Kenmerken van uw auto
92
4
Automatische verwarming en
airconditioning
Het automatisch verwarmings- en
ventilatiesysteem wordt bediend door
eenvoudigweg de gewenste temperatuurin te stellen.
De volautomatische temperatuurregeling
regelt het verwarmen en het koelen als
volgt:
1. Druk op toets AUTO. De te gebruiken
uitstroomopeningen, de aanjagersnelheid, de luchtinlaat en de
airconditioning worden automatisch
geregeld op basis van de gekozen
temperatuur. 2. Stel de temperatuurtoets in op de
gewenste temperatuur. Wanneer de
laagst mogelijke temperatuur wordtingesteld, zal de airconditioning
continu blijven werken.
3. Schakel de automatische werking uit door op een willekeurige toets of
schakelaar van het volgende te
drukken:
De geselecteerde functie wordt handmatig bediend terwijl de andere
functies automatisch werken.
Voor uw gemak en om de effectiviteit van
het verwarmings- en ventilatiesysteem te
verbeteren kunt u de toets AUTO
gebruiken en de temperatuur instellen op
22°C/71°F.✽✽ AANWIJZING
Bedek de sensor op het dashboard nooit,
zodat een optimale werking van het
verwarmings- en airconditionings
-systeem gegarandeerd blijft.
OCM040218OCM052098
Page 167 of 409

Kenmerken van uw auto
94
4
Stand DEFROST
De meeste lucht stroomt naar de voorruit en een klein gedeelte stroomt door de
zijruitontwaseming Uitstroomopeningen dashboard
De uitstroomopeningen kunnen afzonderlijk
worden geopend of gesloten met het
wieltje.
Met de hendel in de ventilatieroosters
kunt u de richting van de luchtstroom uit
deze ventilatieroosters afstellen, zoals in
de afbeelding is aangegeven.Temperatuurregelknop
Door de knop volledig naar rechts te
draaien, wordt de temperatuur tot het
maximum verhoogd.
Door de knop volledig naar links te
draaien, wordt de temperatuur tot het
minimum verlaagd.
Door het verdraaien van de knop wordt
de temperatuur in stappen van 0,5°C/1°F
verhoogd of verlaagd.
Wanneer de laagst mogelijke temperatuur
wordt ingesteld, zal de airconditioning
continu blijven werken.
OCM040151OCM040142OCM052101
Page 175 of 409

Kenmerken van uw auto
102
4
D270000AUN
In deze opbergvakken kunnen kleine
voorwerpen voor bestuurder of
passagiers worden bewaard.
D270100AFD
Opbergvak middenconsole
(indien van toepassing)
In deze opbergvakken kunnen kleine
voorwerpen voor bestuurder of
voorpassagier worden bewaard.
Trek de hendel omhoog om het
opbergvak in de middenconsole teopenen.
Koeling dashboardkastje (indien van toepassing)
Blikjes drank of andere voorwerpen
kunnen warm of koel worden gehouden
m.b.v. de bedieningsknop van de
uitstroomopening in de opbergruimte in
de middenconsole.
1. Schakel de aanjager in.
2. Zet de draaiknop van de luchtverdeling in de stand ( )
3. Draai de bedieningsknop van de uitstroomopening in de opbergruimte in de middenconsole naar de stand"open".
(1) ON (2) OFF
OPBERGVAK
WAARSCHUWING -
Brandbare materialen
Bewaar geen aanstekers of andere
brandbare of explosieve materialen
in de auto. Deze kunnen ontploffen
of vlam vatten wanneer de auto
gedurende lange tijd blootgesteld
staat aan hoge temperaturen.
OPMERKING
Laat geen waardevolle spullen achter in de opbergvakken, omdiefstal te voorkomen.
Houd de deksels van de opbergvakken tijdens het rijden
gesloten. Plaats niet te veel voorwerpen in de opbergvakkenom te voorkomen dat de dekselsniet gesloten kunnen worden.
OCM040224OCM052149
Page 176 of 409

4103
Kenmerken van uw auto
4.Zet de temperatuurregeling op "warm"of "koud".
Als het koel-/warmhoudvak niet wordt
gebruikt, zet dan de bedieningsknop inde gesloten stand.
✽✽ AANWIJZING
Tijdens het gebruik van de koelfunctie
kunnen eventueel aanwezige papieren
beschadigd raken als gevolg van
condensatievocht.
D270200AFD
Dashboardkastje
De klep van het dashboardkastje kan
met de hoofdsleutel vergrendeld en
ontgrendeld worden. (indien vantoepassing) Het dashboardkastje gaat automatisch
als er aan de hendel getrokken wordt.
Sluit het dashboardkastje na gebruik. D270300AUN
Opbergvak voor zonnebril
Druk op het afdekkapje om het
opbergvak langzaam te openen. Plaats
uw zonnebril met de glazen naar boven
gericht in het opbergvak. Druk het
opbergvak dicht.
WAARSCHUWING
Houd het dashboardkastje tijdens
het rijden altijd gesloten om de
kans op letsel in geval van eenaanrijding of bij plotseling remmente verminderen.
OCM040214OCM052130
Page 279 of 409

Wat te doen in een noodgeval
2
6
WAARSCHUWINGSSIGNALEN
F010100AUN
Alarmknipperlichten
De alarmknipperlichten dienen ervoor
om de overige weggebruikers te
waarschuwen om extra voorzichtigheid inacht te nemen bij het naderen, inhalen of
passeren van uw auto. Ze dienen te worden gebruikt innoodsituaties of als de auto aan de kant
van de weg tot stilstand is gekomen.
Druk de schakelaar van de
alarmknipperlichten in met het contact in
een willekeurige stand. De schakelaar
alarmknipperlichten bevindt zich in het
dashboard. De schakelaar zorgt ervoor
dat alle knipperlichten geactiveerd
worden.
• De alarmknipperlichten werken
ongeacht of de motor draait of niet.
De richtingaanwijzers werken niet wanneer de alarmknipperlichten
ingeschakeld zijn.
Wees voorzichtig bij het gebruiken van de alarmknipperlichten wanneer de
auto gesleept wordt.
OCM040111
Page 341 of 409

737
Onderhoud
INTERIEURFILTER (INDIEN VAN TOEPASSING)
G170100AXM
Controle filter
Als er veelvuldig met de auto gereden
wordt in druk stadsverkeer of een stoffige
omgeving, moet het filter vaker worden
gecontroleerd en indien nodig worden
vervangen. Als u als eigenaar het filter
zelf wilt vervangen, volg danonderstaande procedure en let eropgeen andere onderdelen tebeschadigen.
Vervang het filter overeenkomstig het onderhoudsschema. Filter vervangen
1. Open het dashboardkastje enverwijder de steunbeugel (1). 2. Verwijder terwijl het dashboardkastje
geopend is de aanslagstukken aan beide zijden.
OCM070015OCM070016
Page 368 of 409

Onderhoud
64
7
Omschrijving Stroomsterkte
zekering Beveiligd onderdeel
11 - - -
12 TAIL RH 10A Achterlichtunit (In)/(Out) rechts, parkeerlicht rechts, Lamp dashboardkastje, ICM-relaiskast (DRL-relais)
13 FR FOG 10A Relais mistlampen voor
14 SENSOR 3 15A G4KE - inspuitventiel 1 - 4, magneetklep dampafvoer, G6DC - PCM, oliedrukregelklep 1/2 (uitlaat/inlaat)
Magneetklep dampafvoer, Klep 1/2 variabel inlaatspruitstuk, D4HB - Motor-ECU
15 TAIL LH 10A Kentekenplaatverlichting, achterlichtunit (In) links Achterlichtunit (Out) links, parkeerlicht links
16 FUEL PUMP 15A Brandstofpomprelais
17 FR WIPER 25A Regensensorrelais, relais ruitenwissers voor, motor ruitenwissers voor Multifunctionele schakelaar (ruitenwissers)
18 TCU 15A PCM (G4KE/G6DC), transmissie-ECU (D4HB), motor-ECU 4WD (D4HB, automaat) Accusensor
19 ABS 10A Multifunctionele servicestekker, ABS-module, motor-ECU 4WD ESP-module, remlichtschakelaar (G6DC),
giersensor, Draadzekeringkast (relais verwarming brandstoffilter)(D4HB), Sensor waarschuwingslampje
brandstoffilter (D4HB)
20 COOLING 10A Relais condensorventilator (G6DC), Voorgloeirelaisunit (D4HB)
21 B/UP LP 10A Relais achteruitrijlicht, schakelaar achteruitrijlicht (G4KE/D4HB)
22 H/LP 10A Relais dimlicht links/rechts, relais mistlampen voor, Relais grootlicht, sensor automatische
koplampverstelling, Servo koplampverstelling links/rechts
23 ECU 10A PCM (G4KE/G6DC), motor-ECU/transmissie-ECU (D4HB), dynamo (G6DC)
Luchtmassameter (D4HB), transmissiestandschakelaar
24 H/LP HI 20A Relais grootlicht
25 SENSOR 1 10A G4KE - remlichtschakelaar, module startblokkering, aircorelais, Brandstofpomprelais, Relais condensorventilator
(Low/High), Krukassensor, oliedrukregelklep 1/2, Nokkenassensor 1/2, lambdasensor (voor) Klep variabel
inlaatspruitstuk G6DC - PCM, aircorelais, brandstofpomprelais, inspuitventiel 1 - 6 D4HB - remlichtschakelaar,
module startblokkering, aircorelais Brandstofpomprelais, Relais condensorventilator (Low/High) Lambdasensor,
regelklep raildruk, Draadzekeringkast (relais 1 verwarmingselement)
Page 379 of 409

775
Onderhoud
G220600AUN
Lamp interieurverlichting
vervangen
1. Wrik de lens met een platteschroevendraaier voorzichtig los uit
het huis van de interieurverlichting.
2. Trek de lamp naar buiten.
3. Steek een nieuwe lamp in de fitting.
4. Breng de lipjes van de lens in lijn met de uitsparingen in het huis van de
interieurverlichting en klik de lens vast.
WAARSCHUWING
Controleer, voordat u de lamp gaat
vervangen, of toets OFF is
ingedrukt om te voorkomen dat u
zich brandt of een schok krijgt.
OPMERKING
Zorg dat de lens, het lipje van de lens en de kunststof behuizing niet
vuil worden of beschadigd raken.
■ Achter (indien van toepassing)
OXM079044/O XM079041/OCM070045
Lamp dashboardkastje (indien van toepassing)
Bagageruimteverlichting (indien van toepassing)
Verlichting zonneklep
Interieurverlichting
OCM070049L/OCM055032/OCM055034/ OCM055033/OXM079043
Kaartleeslampje vóór
■ Vóór