zekeringen Lancia Ypsilon 2014 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: LANCIA, Model Year: 2014, Model line: Ypsilon, Model: Lancia Ypsilon 2014Pages: 307, PDF Size: 13.3 MB
Page 189 of 307

EEN LAMP VERVANGENALGEMENE INSTRUCTIES
❒Controleer alvorens een lamp te vervangen of de
contacten zijn geoxideerd;
❒Vervang defecte lampen door exemplaren van
hetzelfde type en vermogen;
❒controleer na vervanging van een gloeilamp in
de koplamp altijd of de koplampafstelling
goed is;
❒als een lamp niet functioneert, controleer dan of
de betreffende zekering is doorgebrand alvorens
de lamp te vervangen. Om de zekeringen te
vinden wordt verwezen naar de paragraaf
“Zekeringen vervangen” in dit hoofdstuk;
BELANGRIJK
Wijzigingen of reparaties aan het
elektrisch systeem die niet correct
zijn uitgevoerd en waarbij geen rekening
wordt gehouden met de technische
systeemgegevens, kunnen storingen in de
werking en zelfs brand tot gevolg hebben.
BELANGRIJK
In halogeenlampen bevindt zich gas
onder druk.
185WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Ga als volgt te werk:
❒Als de spuitbus A fig. 128 op de compressor is
aangesloten, dient u op de vrijgaveknop L te
drukken om hem te verwijderen;
❒sluit de slang aan op het ventiel van de band;
❒controleer de spanning op de drukmeter;
❒als de spanningswaarde te laag is, breng dan de
elektrische stekker in de aanstekeraansluiting
aan en start de compressor.
BELANGRIJK Druk op de luchtafvoerknop M om
de eventuele overspanning van de band te regelen.
fig. 128
L0F0306
ALLEEN VOOR CONTROLEREN EN
HERSTELLEN SPANNING
De compressor kan ook worden gebruikt voor het
controleren en mogelijk herstellen van de
bandenspanning.
Page 201 of 307

DASHBOARDKASTVERLICHTING
Ga als volgt te werk om de lamp te vervangen:
❒open het dashboardkastje en verwijder het
lampje A fig. 150;
❒open het deksel B en vervang de lamp;
❒dek het lampenglas af met de beschermkap B;
❒monteer het plafondlampje A door eerst het
lampje aan een zijde correct te monteren en
vervolgens de andere zijde ervan aan te
drukken, zodat het hoorbaar vastklikt.
ZEKERINGEN VERVANGENALGEMENE INFORMATIE
Het elektrische systeem wordt beveiligd door
zekeringen: bij een storing of bij oneigenlijk
gebruik van het systeem brandt de zekering door.
Controleer eerst of de zekering is doorgebrand
wanneer een elektrisch onderdeel niet meer werkt:
de geleidende band A fig. 151 mag niet
onderbroken zijn. Als dit wel het geval is, dan
moet de zekering worden vervangen door een
nieuw exemplaar met dezelfde stroomsterkte
(zelfde kleur).
B = zekering intact;
C = zekering met doorgebrande geleidende band.
Neem het tangetje D uit de zekeringenkast op
de linkerzijde van het dashboard om de
zekeringen te vervangen.
fig. 150
L0F0065
fig. 151
L0F0005
197WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Page 202 of 307

Voor een overzicht van de zekeringen wordt
verwezen naar de zekeringentabel in de volgende
pagina’s.
BELANGRIJK
Als de zekering opnieuw doorbrandt,
neem contact op met het Lancia
Servicenetwerk.
BELANGRIJK
Vervang een doorgrande zekering
nooit door metalen draden of ander
materiaal.
BELANGRIJK
Vervang een zekering nooit door een
exemplaar met een hogere
stroomsterkte (ampère); BRANDGEVAAR
BELANGRIJK
Als een hoofdzekering (MEGA-FUSE,
MIDIFUSE, MAXI-FUSE) doorbrandt,
neem dan contact op met het Lancia
Servicenetwerk.
BELANGRIJK
Alvorens een zekering te vervangen,
moet men controleren of de
contactsleutel uit het slot is genomen en of
alle stroomverbruikers uit staan en/of zijn
uitgeschakeld.
BELANGRIJK
Als een hoofdzekering voor
veiligheidsinrichtingen
(airbagsysteem, remsysteem), motorsystemen
(motorsysteem, transmissiesysteem) of
stuurinrichting doorbrandt, neem dan
contact op met het Lancia Servicenetwerk.
198WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Page 203 of 307

Op het deksel zijn de identificatienummers van de
elektrische onderdelen die met de zekeringen
overeenkomen aangegeven. Zorg na vervanging
van de zekering voor een correcte montage van het
deksel C op de zekeringenkast.
Als de motorruimte moet worden
schoongewassen, voorkom dan dat de
waterstraal van de spuit rechtstreeks
op de zekeringenkast in de motorruimte komt.
fig. 152
L0F0170
fig. 153
L0F0094
199WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
TOEGANG TOT DE ZEKERINGEN
Zekeringenkast in de motorruimte
Deze zekeringenkast bevindt zich naast de accu
fig. 154: ga voor toegang tot de zekeringen als
volgt te werk:
❒plaats het deksel A fig. 152 opzij;
❒draai schroef A fig. 153los, maak de lipjes B los
en verwijder deksel C door het naar boven te
trekken.
Page 205 of 307

fig. 155
L0F0248
201WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Zekeringenkast op het dashboard
De regeleenheid bevindt zich aan de linkerkant
van de stuurkolom en de zekeringen zijn
makkelijk bereikbaar via het onderste deel van het
dashboard.
De zekeringen bevinden zich in de zekeringenkast
getoond in fig. 155.
Page 206 of 307

fig. 157
L0F0212
202WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Zekeringenkast in de bagageruimte
De zekeringenkast bevindt zich links in de
bagageruimte onder het deksel aan de zijkant A
fig. 156.
De zekeringen bevinden zich in de zekeringenkast
getoond in fig. 157.
fig. 156
L0F0128
Page 208 of 307

ZEKERINGENKAST INSTRUMENTENPANEEL
fig. 155APPARATEN ZEKERING AMPERE
+15 Hoogteregeling koplampen F13 5
+15 bediening via ingeschakeld contactslot met
blokkering tijdens starten van motorF31 5
+30 Klimaatregeleenheid, Blue&Me
TM
-regeleenheid,
EOBD-aansluiting, radio-inbouwvoorbereidingF36 10
+15 schakelaar op rempedaal (NO) F37 7,5
Centrale portiervergrendeling F38 20
Tweeweg-ruitensproeierpomp F43 20
Elektrische ruitbediening bestuurderszijde F47 20
Elektrische ruitbediening passagierszijde F48 20
+15 Schuifdak, stoelverwarming, regen-/
schemersensor, bediening elektrische spiegels, F49 7,5
+15 Radio-inbouwvoorbereiding, klimaatregeleen-
heid, schuifdak, parkeerregeleenheid, rempedaals-
chakelaar (NC), koppelingspedaalschakelaar (NC),
achteruitrijlichten, koplampsproeierbobineF51 5
+30 Instrumentenpaneel F53 7,5
+15 = plusklem vanaf contactsleutel
+30 = directe plusklem accu (niet vanafcontactsleutel)
204WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTENNOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
bedieningsverlichting, AUX-aansluiting
Page 305 of 307

W
elcome movement ............ 9
Wielen en banden
– bandenspanning ............. 247
– een wiel vervangen ......... 174
– Fix&Go Automatic (kit) . 180
– reservewiel ..................... 243
– Wielen en banden ........... 226
Wielen
– velgen en banden............ 243
Wielophanging .................... 242
Zekeringenkasten
(ligging) ............................ 198
Zekeringen
– overzicht zekeringen ....... 203
– Zekeringenkast in de
bagageruimte ................. 20
– Zekeringenkast in de
motorruimte ................... 198
– Zekeringenkast op het
dashboard ...................... 200
– zekeringen vervangen ..... 197Zekeringen vervangen......... 197
Zijairbag) ........................... 141
Zijairbag............................. 141
Zijairbags (zijairbag -
hoofdairbag) ..................... 141
Zitplaatsen ........................... 29
– Instelmogelijkheden ......... 29
Zonnekleppen ...................... 68
301WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENSALFABETISCH
REGISTER
2