airbag OPEL ADAM 2017.5 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2017.5, Model line: ADAM, Model: OPEL ADAM 2017.5Pages: 249, PDF Size: 7.36 MB
Page 115 of 249

Verlichting113KoplampverstellingHandmatig instellen
koplampreikwijdte
U kunt de lichtbundelhoogte aanpas‐
sen aan de belading om verblinding
te voorkomen: draai het kartelwiel‐
tje ? in de gewenste stand.
0:zitplaatsen voorin bezet1:alle zitplaatsen bezet2:alle zitplaatsen bezet en bagage
in de bagageruimte3:bestuurdersstoel bezet en
bagage in de bagageruimteKoplampinstelling in het
buitenland
Het asymmetrische dimlicht biedt
meer zicht op de rand van de weg aan de passagierskant.
Stel bij het rijden in landen met links‐
rijdend verkeer de koplampen bij om
tegenliggers niet te verblinden.
Draai de stelknop op beide koplamp‐
huizen 1
/4 slag rechtsom om de toeris‐
tenmodus in te stellen.
Dagrijlicht
Het dagrijlicht maakt de auto overdag
beter zichtbaar.
Deze gaat bij het inschakelen van het
contact automatisch branden.
Alarmknipperlichten
Om in te schakelen ¨
indrukken.
De alarmlichten worden automatisch
ingeschakeld wanneer de airbags bij
een ongeval in werking treden.
Page 118 of 249

116VerlichtingLet op
Bij een ongeval waarbij de airbags geactiveerd worden gaat de vloer‐
verlichting automatisch aan.
Plafondverlichting
De spot in de binnenverlichting gaat
aan wanneer de koplampen worden
ingeschakeld.
De plafondverlichting verlicht de
schakelconsole indirect.
Sfeerverlichting
De sfeerverlichting bestaat uit indi‐
recte verlichting in de portieren, in het dashboard onder de verwarmings- en ventilatiemodule en in de voeten‐
ruimte van de passagier. 8 kleuren
kunnen worden geselecteerd via een
toets in de dakconsole.
Toets indrukken met ingeschakeld contact:
m één keer kort
indrukken:aan of uitS herhaalde‐
lijk kort
indrukken:de kleuren veran‐
deren stapsgewijsS lang
indrukken:kleuren verande‐
ren voortdurend
De sfeerverlichting kan met het kartel‐
wieltje A samen met de instrumen‐
tenverlichting worden gedimd 3 115.
De geselecteerde kleur blijft bij de
volgende keer inschakelen van het
contact.
De sfeerverlichting licht bij het
uitschakelen van het contact automa‐
tisch op en dooft na het openen van
een portier. m indrukken na uitscha‐
kelen van het contact, de sfeerver‐
lichting blijft gedurende 60 minuten
aan.
Sterrenhemel
De sterrenhemel bestaat uit ongeveer
64 LED's. De intensiteit ervan kan
worden gedimd met een toets in de
dakconsole.
Page 137 of 249

Rijden en bediening135Schakel als de auto op een
aflopende helling staat de
achteruitversnelling in voordat
u de contactsleutel lostrekt.
Bovendien de voorwielen naar
de stoeprand toedraaien.
● Sluit de ramen en het schuif‐ dak.
● Trek de contactsleutel uit het contactslot. Stuurwiel
verdraaien totdat het stuurslot
merkbaar vergrendelt.
Voor auto's met geautomati‐
seerde versnellingsbak kan de
sleutel alleen uit het contactslot worden verwijderd wanneer de
handrem is aangetrokken.
● Vergrendel de auto.
● Diefstalalarmsysteem inschake‐ len.
● Koelventilatoren kunnen ook na het afzetten van de motor in
werking treden 3 170.
Voorzichtig
Na een rit waarbij met hoge motor‐
toerentallen of met hoge motorbe‐
lasting werd gereden, de motor
vóór het afzetten gedurende een
korte tijd met lage belasting laten
draaien of gedurende ca.
30 seconden stationair laten
draaien om de turbolader te
beschermen.
Let op
Bij een ongeval waarbij airbags
worden geactiveerd, wordt de motor automatisch uitgeschakeld als het
voertuig binnen een bepaalde tijd tot
stilstand komt.
Uitlaatgassen9 Gevaar
Motoruitlaatgassen bevatten het
giftige en bovendien kleur- en
geurloze koolmonoxide dat bij
inademen levensgevaarlijk kan zijn.
Wanneer uitlaatgassen in de
passagiersruimte dringen, de
ruiten openen. Oorzaak van de
storing door een werkplaats laten
verhelpen.
Niet met een geopende achterklep
rijden, aangezien er dan uitlaat‐
gassen de passagiersruimte
binnen kunnen dringen.
Katalysator
De katalysator vermindert de
hoeveelheid schadelijke stoffen in de
uitlaatgassen.
Page 242 of 249

240KlantinformatieiPhone®
, iPod ®
, iPod touch ®
, iPod
nano ®
, iPad ®
en Siri ®
zijn gedepo‐
neerde handelsmerken van Apple
Inc.Aupeo! GmbH
AUPEO ®
is een gedeponeerd
handelsmerk van Aupeo! GmbH.Bluetooth SIG, Inc.
Bluetooth ®
is een gedeponeerd
handelsmerk van Bluetooth SIG, Inc.DivX, LLC
DivX ®
en DivX Certified ®
zijn gedepo‐
neerde handelsmerken van DivX,
LLC.EnGIS Technologies, Inc.
BringGo ®
is een gedeponeerd
handelsmerk van EnGIS Technolo‐
gies, Inc.Google Inc.
Android™ en Google Play™ Store
zijn handelsmerken van Google Inc.Stitcher Inc.
Stitcher™ is een handelsmerk van
Stitcher, Inc.Verband der Automobilindustrie e.V.
AdBlue ®
is een gedeponeerd
handelsmerk van de VDA.Registratie van
voertuigdata en privacy
Event Data Recorders(EDR)
Gegevensopslagmodules in de
auto
Een groot aantal elektronische
componenten van uw auto bevat
gegevensopslagnodules waarin tech‐ nische gegevens over de conditie van
de auto, gebeurtenissen en fouten
tijdelijk of permanent worden opge‐
slagen. Over het algemeen documen‐
teert de technische onformatie de
conditie van onderdelen, modules,
systemen of de omgeving:
● bedrijfsomstandigheden van systeemcomponenten (bijv.
vulniveaus)
● statusberichten van de auto en de componenten ervan (bijv.
aantal wielomwentelingen / rota‐
tiesnelheid, afremming, dwars‐
acceleratie)
● storingen en defecten in belang‐ rijke systeemcomponenten● reacties van de auto in bepaalderijsituaties (bijv. afgaan van
airbag, activering van stabiliteits‐ regeling)
● omgevingsomstandigheden (bijv. temperatuur)
Deze gegevens zijn uitsluitend tech‐
nisch en helpen fouten identificeren
en corrigeren alsook de functies van
de auto optimaliseren.
Bewegingsprofielen die afgelegde
routes aangeven, kunnen niet met
deze gegevens worden gemaakt.
Als diensten worden gebruikt (bijv.
reparaties, serviceprocessen, garan‐
tiegevallen, kwaliteitsborging)
kunnen medewerkers van het servi‐
cenetwerk (met inbegrip van de fabri‐ kant) deze technische informatie
lezen in de gebeurtenis- en foutgege‐
vensopslagmodules waarbij speciale
diagnostische apparaten worden
gebruikt. Zo nodig ontvangt u verdere informatie bij deze werkplaatsen.
Nadat een fout gecorrigeerd is,
worden de gegevens uit de foutop‐
slagmodule verwijderd of worden ze
constant overschreven.
Page 244 of 249

242TrefwoordenlijstAAanbevolen vloeistoffen en smeermiddelen ..............219, 224
Aanduidingen op banden ..........191
Aansteker .................................... 82
Accessoires en modificaties van auto ........................................ 168
Accu ........................................... 173
Achterlichten .............................. 180
Achterruitverwarming ................... 32
Achteruitrijlichten .......................115
Afmetingen auto ........................231
Airbag deactiveren ....................... 47 Airbag-deactivering ...................... 89
Airbag en gordelspanners ...........89
Airbaglabel.................................... 42
Airbagsysteem ............................. 42
Airconditioning ........................... 120
Airconditioning regelmatig aanzetten ............................... 128
Alarmknipperlichten ...................113
Algemene richtlijnen voor het rijden ....................................... 129
Andere auto slepen ...................212
Antiblokkeersysteem .................141
Antiblokkeersysteem (ABS) .........91
Asbakken ..................................... 82
Autogegevens ............................ 224
Autokrik....................................... 189
Automatische dimfunctie .............30Automatische verlichting ............ 112
Automatisch vergrendelen ...........25
Auto ontgrendelen .........................6
Auto slepen ................................ 211
Auto stallen ................................. 169
Autostop ..................................... 132
B Bagageruimte ........................ 25, 66
Bagageruimte-afdekking .............67
Bandenreparatieset ...................198
Bandenspanning .......................191
Bandenspanningscontrolesys‐ teem .................................. 92, 192
Bandenspanningswaarden ........233
Batterijspanning .........................103
Bedieningsorganen ......................75
Bekerhouders .............................. 54
Bekleding .................................... 216
Beladingsinformatie .....................72
Beslagen lampglazen ................115
Bestuurdersondersteuningssys‐ temen ...................................... 146
Beveiliging van de auto ................26
Binnenspiegels ............................. 29
Binnenverlichting ...............115, 184
Blindehoeksysteem ....................159
Bolle vorm .................................... 28
Boordgereedschap .....................189
Boordinformatie .........................100
Page 245 of 249

243Brandstof.................................... 161
Brandstofkeuzeschakelaar ..........84
Brandstofmeter ............................ 83
Brandstofverbruik - CO 2-uitstoot. 167
Brandstof voor benzinemotoren 161
Brandstof voor rijden op LPG .....162
Buitenspiegels .............................. 28
Buitentemperatuur .......................78
Buitenverlichting .........................111
C Car Pass ...................................... 21
Centrale vergrendeling ................22
Claxon ................................... 13, 76
Code ........................................... 100
Colour-Info-Display .......................99
Conformiteitsverklaring ...............234
Contactslotstanden ....................130
Controlelampen ......................82, 85
Controle over de auto ................129
Controles .................................... 170
Cruise control ...................... 93, 146
D
Dagrijlicht ................................... 113
Dagteller ...................................... 83
Dakbelasting ................................. 72
Dakdrager .................................... 71
Diefstalalarmsysteem ..................26
Dimlicht of grootlicht ...................111
Draagsysteem achterzijde ............56Driepuntsgordel ........................... 40
Driver Information Center .............93
E Eerste hulp ................................... 71
Elektrisch bediende ruiten ...........30
Elektrische aansluitingen .............81
Elektrische verstelling ..................28
Elektrisch systeem...................... 185
Elektronische rijprogramma's ....140
Elektronische stabiliteitsregeling en Traction Control-systeem .....91
Elektronische stabiliteitsregeling (ESC) ...................................... 144
Elektronische stabiliteitsregeling UIT ...............91
Elektronisch klimaatregelsysteem ..............122
Erkenning van software ..............236
Event Data Recorders (EDR) .....240
F
Fietsendrager ............................... 56
Flex-Fix-systeem .......................... 56
Frontaal airbagsysteem ...............45
G
Geautomatiseerde versnellingsbak .......................137
Gebruik van deze handleiding .......3
Gedeponeerde handelsmerken ..239Geluidssignalen .........................102
Gereedschap ............................. 189
Gevaar, Waarschuwing en Voorzichtig ................................. 4
Gevarendriehoek .........................70
Gloeilamp vervangen ................176
Gordels ......................................... 39
Gordelverklikker ........................... 88
Gordijnairbagsysteem .................. 46
Graphic-Info-Display .....................99
Grootlicht ............................. 93, 112
H Halogeenkoplampen .................176
Handgeschakelde modus ..........140
Handgeschakelde versnellingsbak ......................136
Handmatige dimfunctie ................29
Handrem ............................. 141, 142
Handschoenenkastje ...................54
Handzender ................................. 21
Hellingrem ................................. 142
Hoofdsteunen .............................. 34
Hoofdsteunverstelling ....................8
I
Inbouwposities kinderveilig‐ heidssystemen ......................... 50
Inductief opladen ..........................81
Info-Displays ................................. 93
Inhouden ................................... 232
Page 248 of 249

246Wis-/wasinstallatie voorruit ..........76
Wisserblad vervangen ...............175
Z
Zekeringen ................................. 185
Zekeringenkast in motorruimte ..186
Zekeringenkast instrumentenpaneel ...............188
Zonnedak ..................................... 32 Zonnekleppen .............................. 32
Zijdelings airbagsysteem .............45
Zijmarkeringslichten.................... 111
Zijrichtingaanwijzers ..................183