infotainment OPEL AMPERA E 2018 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2018, Model line: AMPERA E, Model: OPEL AMPERA E 2018Pages: 279, PDF Size: 6.51 MB
Page 115 of 279

Infotainmentsysteem1131Display/aanraakscherm ......118
2 m (knop)
Draaien: volume
aanpassen .......................... 114
3 m (toets)
Kort indrukken: stiltefunctie . 114
of schakel de stiltefunctie
uit als deze actief is ............114
of schakel de lage
energiemodus uit als deze
actief is ................................ 114
Lang indrukken: lage
energiemodus inschakelen . 114
4 p
Indrukken: het
beginscherm van het info‐
tainmentsysteem tonen .......118
5 t / v
Kort indrukken: ga naar de vorige of volgende zender
als de radio actief is ............126of ga naar het vorige of
volgende nummer
wanneer externe
apparaten actief zijn ............133
Lang indrukken: omhoog
of omlaag zoeken als de
radio actief is ....................... 126
of snel achteruit of voorruit
wanneer externe
apparaten actief zijn ............133Afstandsbediening op stuurwiel
1w
Kort indrukken: open
OnStar-menu mits geen
telefoon verbonden .............114
of open het telefoonmenu ...143
of neem gesprek aan mits
telefoon verbonden .............143
Lang indrukken:
spraakherkenning
activeren ............................. 139
Page 116 of 279

114Infotainmentsysteem2Vijfstandenknop
Druk op de knoppen:
menu's in het Driver
Information Center bedienen 85
3 n
Indrukken: oproep
beëindigen / weigeren .........143
of spraakherkenning
uitschakelen ........................ 139
of mutefunctie in- /
uitschakelen ........................ 114
Druk o FAV n of FAV o om de lijst
met favorieten te openen of een van
de opgeslagen favorieten te kiezen.
Druk op de toets rechts aan de
achterkant van het stuurwiel om het
volume aan te passen.
Gebruik Bedieningselementen
Het Infotainmentsysteem kan op
verschillende manieren werken.
Invoer kan naar keuze plaatsvinden via:
● de centrale bedieningseenheid op het bedieningspaneel 3 112
● het aanraakscherm 3 118
● audioknoppen op het stuurwiel 3 112
● de spraakherkenning 3 139
Het infotainmentsysteem in- of
uitschakelen
Het infotainmentsysteem wordt auto‐
matisch ingeschakeld wanneer de
auto wordt ingeschakeld. Na het
inschakelen wordt de laatst geselec‐
teerde Infotainmentbron actief.
Automatisch uitschakelen
Wanneer het infotainmentsysteem
met X is ingeschakeld terwijl de auto
is uitgeschakeld, dan wordt het
10 minuten na de laatste invoer auto‐
matisch weer uitgeschakeld.
Lage energiemodus
Er is een lage energiemodus om de
hoogspanningsaccu te sparen.
Page 117 of 279

Infotainmentsysteem115Indien gewenst, kunt u het display
uitschakelen terwijl het geluid actief blijft.
Houd X ingedrukt. Er verschijnt een
bericht dat de lage energiemodus is
ingeschakeld. Bevestig het bericht
om het scherm uit te schakelen.
Druk op X om de lage energiemodus
uit te schakelen.
Als het peil van de hoogspannings‐ accu tot onder het niveau in het auto- instellingenmenu valt, raadt het info‐
tainmentsysteem aan het display en
het geluid uit te schakelen.
Let op
Voor een gedetailleerde beschrij‐ ving van het instellen van het peil
van de hoogspanningsaccu 3 88.
Er verschijnt een bericht dat de lage
energiemodus is ingeschakeld.
Bevestig het bericht om het display en het geluid uit te schakelen.
Druk op X om de lage energiemodus
uit te schakelen.Volume instellen
Draai X. De actuele instelling
verschijnt op het display.
Bij het inschakelen van het infotain‐ mentsysteem wordt automatisch het
laatst geselecteerde volume inge‐
steld, mits dit het maximale inscha‐
kelvolume niet overschrijdt. Voor een
gedetailleerde beschrijving 3 121.
Voor snelheid gecompenseerd
volume
Na inschakeling van het volume met
snelheidscompensatie 3 121 wordt
het volume automatisch zodanig
aangepast dat u geen geluid van het
wegdek of van de rijwind hoort.
Mute
Druk op X om het geluid van het info‐
tainmentsysteem te onderdrukken.
Druk nogmaals op X om de mute‐
functie te beëindigen. Het laatst gese‐ lecteerde volume wordt weer inge‐
steld.Klokweergave op volledig scherm
Raak op elk willekeurig scherm het
tijdsveld aan om een klok op het volle‐
dige scherm te zien.
Tik op u om terug naar het vorige
scherm te gaan.
Bedieningsstanden Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Page 118 of 279

116Infotainmentsysteem
Audio
Selecteer Audio op het scherm om
het hoofdmenu van de laatst geselec‐ teerde audiomodus te openen.
Selecteer Geluidsbron op het scherm
om de bronnenlijst op te roepen.Om naar een andere audiomodus te
gaan: druk op een van de items in de
lijst.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van:
● Radiofuncties 3 125
● Externe apparaten ( USB,
Bluetooth , iPod , AUX ) 3 133
Galerie
Selecteer Galerie om de afbeelding
en het filmmenu te openen voor
bestanden die op een USB-apparaat
zijn opgeslagen.
Selecteer y of z om het afbeeldin‐
gen- of filmmenu weer te geven. Selecteer de gewenste afbeelding of
het filmbestand voor weergave op het display.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van:
● Afbeeldingsfuncties 3 135
● Filmfuncties 3 136
Telefoon
Voordat u de telefoonportal kunt
gebruiken, moet een verbinding tot
stand worden gebracht tussen het
infotainmentsysteem en de mobiele telefoon.
Page 119 of 279

Infotainmentsysteem117Voor een gedetailleerde beschrijving
van het opzetten en het tot stand
brengen van een Bluetooth-verbin‐
ding tussen het infotainmentsysteem
en een mobiele telefoon 3 140.
Als de mobiele telefoon is verbonden,
selecteer dan Telefoon om het hoofd‐
menu van de telefoonportal weer te
geven.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de werking van de mobiele tele‐
foon via het infotainmentsysteem
3 143.
Projectie
Maak verbinding met uw smartphone
om specifieke apps van uw smart‐ phone op het infotainmentsysteem
weer te geven.
Selecteer Projectie om de weergave‐
functie te starten.
Afhankelijk van de smartphone die is
verbonden, verschijnt er een hoofd‐
menu met verschillende apps die u
kunt selecteren.
Voor een gedetailleerde beschrijving
3 138.
Instellingen
Selecteer Instellingen om een menu
met de verschillende systeemgerela‐
teerde instellingen te openen, bijvoor‐ beeld om Akoestische feedback bij
aanraking te deactiveren.
OnStar
Selecteer OnStar om het OnStar-
menu te openen.
Voor een gedetailleerde beschrijving
3 98.
Page 120 of 279

118InfotainmentsysteemBasisbedieningHet display van het infotainmentsys‐
teem heeft een aanraakgevoelig
oppervlak voor rechtstreekse interac‐ tie met de getoonde menubedie‐
ningsorganen.Voorzichtig
Gebruik geen puntige of harde
voorwerpen zoals balpennen,
potloden en dergelijke voor het aanraakscherm.
v schermtoets
Selecteer v linksboven in het scherm
of druk op p op het naamplaatje om
het startscherm van het infotainment‐ systeem op te roepen.
1 schermtoets
Selecteer 1 om het overzichts‐
scherm met applicaties te openen.
u schermtoets
Selecteer u bij het navigeren door de
menu's in het betreffende submenu
om naar het bovenliggende menu
terug te gaan.
Een schermtoets of menuoptie
selecteren
Druk op een schermtoets of menu‐
optie.
De betreffende systeemfunctie wordt
geactiveerd, er verschijnt een bericht
of een submenu met verdere opties.
Let op
In de volgende hoofdstukken
worden de stappen voor selecteren
van een schermtoets of een menu‐
optie via het aanraakscherm
beschreven als "...selecteer
Een functie activeren
Tik op de gewenste menuoptie.
Afhankelijk van de vorige instelling
verandert de schermtoets naast de
menuoptie in de activerings- of deac‐
tiveringsmodus.
Page 121 of 279

Infotainmentsysteem119Let op
In de volgende hoofdstukken
worden de stappen voor activeren
van een schermtoets of een menu‐
optie via het aanraakscherm
beschreven als "...activeer
Door lijsten scrollen
Zijn er meer items dan er op het
scherm kunnen worden weergege‐
ven, dan kan er door de lijst worden
geschoven.Om door een lijst met menuopties te
bladeren kunt u:
● Raak de lijst op een willekeurige plek aan en schuif hem omhoogof omlaag.
Let op
Oefen een gelijkmatige druk uit en
beweeg uw vinger met een
constante snelheid.
● Beweeg de schuif van de schuif‐ balk aan de linkerkant van de lijstmet uw vinger omhoog of
omlaag.
Let op
In de volgende hoofdstukken
worden de stappen voor het blade‐
ren naar een optie uit de lijst via het
aanraakscherm beschreven als
"...blader naar
Het beginscherm van het
infotainmentsysteem bewerken
Druk op p om het startscherm van
het infotainmentsysteem weer te
geven en selecteer vervolgens
Bewerken . Er verschijnt een scherm
met mogelijke indelingen van het
beginscherm.
Selecteer de gewenste indeling. De indeling wordt gewijzigd.
Als u Aangepaste indeling selecteert,
verschijnt er een scherm met geper‐
sonaliseerde indelingsinstellingen.
Raak de verschillende schermgebie‐
den aan en maak de indeling naar uw wens.
Snel naar het menu Audio of
Telefoon
Met het symbool w in de bovenste
regel van sommige menu's kunt u
rechtstreeks naar het hoofdmenu van de actieve audiobron springen.
Page 122 of 279

120Infotainmentsysteem
Wanneer er een oproep gaande is en
het telefoonscherm wordt niet weer‐
gegeven, staat er een snelkoppe‐
lingspictogram waarmee u recht‐
streeks naar het telefoonhoofdmenu
kunt springen.
Geluidsinstellingen
In het geluidsinstellingenmenu
kunnen de toonkarakteristieken
worden ingesteld. Het menu is
toegankelijk vanuit elk audiohoofd‐
menu.
Selecteer Menu en activeer het
tabblad Audio instelling om het menu
met tooninstellingen te openen.
Selecteer Geluidsinstellingen om het
betreffende menu weer te geven.
Bas
Met deze instelling kunt u de lage
frequenties van de audiobronnen
versterken of dempen.
Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Midden
Met deze instelling kunt u de midden‐
frequenties van de audiobron verster‐ ken of dempen.
Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Hoge tonen
Met deze instelling kunt u de hoge
frequenties van de audiobronnen
versterken of dempen.
Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Balans en fader instellen
Gebruik de illustratie rechts van het menu om balance en fader in te stel‐
len.
Druk op het bijbehorende punt in de
afbeelding om het punt in het interieur
te bepalen waar het geluidsniveau
het hoogst is.
Equalizermodus
Gebruik deze instelling voor een opti‐ maal geluid voor het genre, bijv.
Rock of Klassiek .
Page 123 of 279

Infotainmentsysteem121Activeer de gewenste klankstijl. Als u
Aangepast kiest, kunt u de tooninstel‐
lingen handmatig aanpassen.
BOSE premium audio
Als het systeem met BOSE premium
audio is uitgerust, zijn er slechts twee equalizerinstellingen beschikbaar.
Activeer Spraak als u wilt dat de toon‐
instellingen automatisch worden
ingesteld. Activeer Aangepast als u
de tooninstelling handmatig wilt
instellen.
Volume-instellingen
Maximaal opstartvolume
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen , Radio-
instellingen en vervolgens Maximaal
startvolume .
Druk op + of - om de instelling aan te
passen.Voor snelheid gecompenseerd
volume
Het volume kan automatisch aan het
snelheidsgeluidsniveau van de auto
worden aangepast.
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Audio en activeer vervol‐
gens de gewenste audiobron. Selec‐
teer Menu en activeer het tabblad
Audio instelling . Selecteer
Automatische volumeregeling om het
desbetreffende submenu weer te
geven.
Selecteer een van de opties in de lijst
om de mate van volumeaanpassing
te wijzigen.
Uit : geen harder volume bij een
toenemende snelheid.
Hoog : maximaal hard volume bij een
toenemende snelheid.Functie Audible touch feedback
Als de geluidsfeedbackfunctie is
geactiveerd, hoort u een pieptoon als
een schermtoets of menuoptie wordt
bediend.
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen en blader in de
lijst naar Akoestische feedback bij
aanraking .
Druk op de schermtoets naast
Akoestische feedback bij aanraking
om de functie te activeren of deacti‐
veren.
Page 124 of 279

122InfotainmentsysteemAudiosignalenAudiosignalen zijn korte geluidseffec‐
ten die bepaalde systeemhandelin‐
gen aangeven.
Configuratie
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen en vervolgens
Radio-instellingen . Activeer of deac‐
tiveer Audiosignalen .
Volume audiosignalen
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen en vervolgens
Radio-instellingen . Selecteer Volume
audiosignalen om het betreffende
submenu weer te geven.
Pas het volume naar wens aan.
Let op
De instelling Volume audiosignalen
is alleen beschikbaar als
Audiosignalen is ingeschakeld.Volume van verkeersinformatie
Stel het gewenste volume van deverkeersinformatie in wanneer een
verkeersbericht door het systeem
wordt gegeven. De desbetreffende
instelling wordt dan door het systeem opgeslagen.
Systeeminstellingen
De onderstaande instellingen hebben
betrekking op het hele systeem. Alle
andere instellingen worden op onder‐
werp in de betreffende hoofdstukken
van deze handleiding beschreven.
Datum- en tijdinstellingenDruk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen en vervolgens
Tijd en datum om het betreffende
submenu weer te geven.
Automatisch instellen
Selecteer Automatisch instellen om
aan te geven of de datum en tijd auto‐
matisch of handmatig worden inge‐
steld.
Selecteer Uit - Handbediend om de
datum en tijd automatisch in te stel‐
len.
Selecteer Uit - Handbediend om de
datum en tijd handmatig in te stellen.
Als Automatisch instellen op Uit -
Handbediend wordt ingesteld, zijn de
submenu-opties Tijd instellen en
Datum instellen beschikbaar.