audio OPEL AMPERA E 2018 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2018, Model line: AMPERA E, Model: OPEL AMPERA E 2018Pages: 279, PDF Size: 6.51 MB
Page 136 of 279

134InfotainmentsysteemDruk op l om het afspelen te hervat‐
ten.
Volgende of vorige track afspelen
Druk op v om de volgende track af
te spelen.
Druk, zodra de track wordt afge‐
speeld, binnen de eerste seconden
op t om terug te gaan naar de
vorige track.
Terug naar het begin van de huidige
track gaan
Druk, wanneer de track wordt afge‐
speeld, na enkele seconden op t.
Snel vooruit en achteruit gaan
Houd t of v ingedrukt. Laat de
toets los om naar de normale afspeel‐ modus terug te keren.
Tracks in willekeurige volgorde
afspelen
Druk op n om de tracks in willekeu‐
rige volgorde af te spelen. De
schermtoets verandert in o.
Druk nogmaals op o om de functie
Willekeurige volgorde te deactiveren
en terug te gaan naar de normale
afspeelmodus.Tracks steeds opnieuw afspelen
Tik op } en selecteer een van de
opties in het vervolgkeuzemenu.
Alles herhalen : alle beschikbare
bestanden worden herhaaldelijk
afgespeeld.
Nummer herhalen : de huidige song
wordt herhaaldelijk afgespeeld.
Herhalen uit : de herhaalfunctie wordt
uitgeschakeld.
Zoek naar audio-functie
Selecteer Menu om het betreffende
audiomenu op te roepen en selecteer het tabblad Zoek naar audio .Er verschijnen verschillende catego‐
rieën waarin de songs gesorteerd
zijn, bijv. Afspeellijsten , Artiesten of
Albums .
Selecteer de gewenste categorie en
subcategorie (indien beschikbaar).
De geselecteerde bestanden worden
aan de afspeellijst toegevoegd.
Selecteer de track om de weergave te
starten.
Selecteer Afspelend om van het audi‐
omenu naar het audiohoofdscherm
terug te keren.
Songlijst
De songlijst bevat de songs die op de
actieve mediabron zijn opgeslagen.
Afhankelijk van eerdere selecties
worden songs van een album of een
afspeellijst getoond. Als er geen
keuze is gemaakt, worden alle songs
op alfabetische volgorde weergege‐
ven.
Activeer het tabblad = om de song‐
lijst weer te geven. Selecteer de
gewenste song.
Page 137 of 279

Infotainmentsysteem135Favorieten
U kunt favoriete audiobronnen hand‐
matig in de favorietenlijst opslaan. In
de favorietenlijst kunnen maximaal
15 favorieten worden opgeslagen.
Een song opslaan
Activeer de gewenste mediabron en
de song.
Activeer het tabblad < om de favor‐
ietenlijst weer te geven. Houd het
item op de lijst enkele seconden inge‐ drukt. De song die nu wordt afge‐
speeld, wordt als lijstitem opgesla‐
gen.
U kunt ook t op het scherm of in een
lijst selecteren. De favoriet wordt
opgeslagen en de schermtoets
verandert in s.
U verwijdert een song door het betref‐
fende lijstitem naar rechts te schui‐
ven. De favoriet wordt uit de favorie‐
tenlijst verwijderd.
Of tik op s. De favoriet wordt uit de
lijst verwijderd en de schermtoets
verandert in t.Songs ophalen
Activeer het tabblad < om de favor‐
ietenlijst weer te geven.
Selecteer op het scherm de voorkeu‐ zeknop waaronder de gewenste song
opgeslagen is.
Audio-instellingen
Activeer de gewenste audiobron en
selecteer Menu.
Selecteer het tabblad Audio
instelling . Pas de instellingen naar
wens aan.
Selecteer Afspelend om van het audi‐
omenu naar het audiohoofdscherm
terug te keren.
Afbeeldingen weergeven
U kunt afbeeldingen bekijken vanaf
een USB-apparaat dat op de USB-
poort is aangesloten.
Let op
Uit veiligheidsoverwegingen zijn
bepaalde functies uitgeschakeld
tijdens het rijden.Afbeeldingsfunctie activeren
Als het apparaat nog niet met het info‐
tainmentsysteem verbonden is,
verbind het apparaat dan 3 131.
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Galerie om het media‐
hoofdmenu te openen.
Selecteer y om het afbeeldingen‐
hoofdmenu te openen en een lijst met opgeslagen afbeeldingen op het
USB-apparaat weer te geven. Selec‐
teer de gewenste afbeelding. Als
deze in een map is opgeslagen,
selecteer dan eerst deze map.
Page 144 of 279

142Infotainmentsysteem6. Het infotainmentsysteem en hetapparaat zijn gekoppeld.
Let op
Na het koppelen van het Bluetooth-
apparaat geeft ? naast het Blue‐
tooth-apparaat aan dat de telefoon‐
functie geactiveerd is en geeft > aan
dat de functie Streaming audio via
Bluetooth geactiveerd is.
7. Het telefoonboek wordt automa‐ tisch naar het infotainmentsys‐
teem gedownload. Afhankelijk
van de telefoon moet het Infotain‐ mentsysteem toegang verkrijgen
tot het telefoonboek. Bevestig zo
nodig de berichten op het Blue‐
tooth-apparaat.
Als deze functie niet door het
Bluetooth-apparaat wordt onder‐
steund, verschijnt er een bijbeho‐
rend bericht.
Een gekoppeld apparaat
verbinden
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.Selecteer Instellingen . Selecteer
Bluetooth telefoon en dan Apparaten
om het betreffende menu weer te
geven.
Selecteer het Bluetooth-apparaat dat
u wenst te koppelen. Het apparaat is
verbonden.
Verbinding van apparaat
verbreken
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen . Blader door de
lijst en selecteer Apparaten voor het
betreffende menu.
Selecteer het momenteel verbonden
Bluetooth-apparaat. Er verschijnt een
bericht dat u moet beantwoorden.
Bevestig het bericht om het apparaat
te ontkoppelen.
Een apparaat wissen Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.Selecteer Instellingen . Blader door de
lijst en selecteer Apparaten voor het
betreffende menu.
Selecteer Verwijderen naast het
Bluetooth-apparaat dat u wilt verwij‐
deren. Er verschijnt een bericht dat u
moet beantwoorden.
Bevestig het bericht om het apparaat
te verwijderen.
Contacten opnieuw
synchroniseren
De contactenlijst kan via het menu Instellingen opnieuw worden gela‐
den.
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen . Selecteer
Bluetooth telefoon gevolgd door
Contacten apparaat opnieuw
synchroniseren . De contactenlijst
wordt opnieuw gesynchroniseerd.
Page 148 of 279

146InfotainmentsysteemSnelkiesnummers gebruiken
Snelkiesnummers die op de mobiele
telefoon zijn opgeslagen, kunt u ook
met het toetsenblok van het telefoon‐
hoofdmenu kiezen.
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Telefoon.
Houd het desbetreffende getal op het
toetsenblok ingedrukt om de oproep
te starten. Voor tweecijferige snel‐
kiestoetsen, selecteert u het eerste
cijfer en houd u vervolgens het
tweede cijfer ingedrukt.
Inkomend telefoongesprek
Een oproep aannemen
Als er bij een inkomende oproep een
audiomodus, bijv. de radio- of USB-
modus, actief is, wordt het geluid van
de audiobron onderdrukt en blijft dit
zo tot de oproep is beëindigd.
U beantwoordt de oproep door v in
het bericht bovenop het scherm te
selecteren of door op w op het stuur‐
wiel te drukken.Het tabblad Z verschijnt, met daarop
informatie over de oproep.
Een oproep weigeren
U weigert de oproep door @ in het
bericht bovenop het scherm te selec‐
teren of door op n op het stuurwiel
te drukken.
Privacy-instellingen
Wanneer er een oproep binnenkomt,
verschijnt er een bericht op de info‐
tainmentdisplay met de naam en het
nummer van de beller (indien
beschikbaar). Als Privacy is geacti‐
veerd, verschijnt informatie over de
beller alleen in de instrumentengroep.
Druk op p en selecteer 1 linksboven
in het scherm om het overzichts‐
scherm met de applicaties op te
roepen.
Selecteer Instellingen en vervolgens
Bluetooth telefoon . Activeer of deac‐
tiveer Privacy .
Functies tijdens het gesprek Tijdens een telefoongesprek
verschijnt het hoofdmenu op het
display.Handsfree-modus tijdelijk
deactiveren
Activeer m om het gesprek via de
mobiele telefoon te vervolgen.
Deactiveer m om terug te keren naar
de handsfree-modus.
Microfoon tijdelijk deactiveren
Activeer n om de microfoon uit te
schakelen.
Deactiveer n om de microfoon weer
te activeren.
Een oproep in de wacht zetten
Tijdens een actieve telefoonoproep
verandert de schermtoets t in
Wacht. .
Selecteer Wacht. om de oproep in de
wacht te zetten.
Telefoongesprek beëindigen
Selecteer @ om het gesprek te
beëindigen.
Voicemailbox
U kunt uw voicemailbox via het info‐ tainmentsysteem bedienen.
Page 159 of 279

Rijden en bediening157Elektronische sleutel moet in de auto
aanwezig zijn.
Als de auto niet start, plaats de elek‐
tronische sleutel dan in het zendervak
in de middenconsole.
Voertuig starten en stoppen 3 158.De auto inschakelen
Schakel de auto uit en trap het rempe‐
daal in; door een keer op POWERm
te drukken, wordt de auto ingescha‐
keld. Als 4 in de instrumentengroep
oplicht, kan er met de auto worden gereden. Dit kan bij extreem lage
temperaturen zo'n 15 seconden in
beslag nemen.De auto uitschakelen
Zet de auto in P, druk kort op
POWER m in de servicemodus of
wanneer de motor draait en de auto stilstaat. Sommige functies blijven
actief tot het bestuurdersportier wordt
geopend.
Als de auto niet in de stand P staat
wanneer hij wordt uitgeschakeld,
wordt P automatisch geselecteerd,
voordat de auto wordt uitgeschakeld.Er klinkt een geluidssignaal bij het
openen van het bestuurdersportier
tijdens het inschakelen van de auto.
Druk altijd op POWERm om de auto
uit te schakelen alvorens uit te stap‐
pen.Uitschakelen in noodsituatie tijdens
het rijden
Als de auto tijdens het rijden in een
noodsituatie moet worden uitgescha‐
keld, drukt u langer dan
twee seconden op POWERm of drukt
u tweemaal kort binnen
vijf seconden.
Voertuig starten en stoppen 3 158.
Onderhoudsmodus
Deze elektrische modus is beschik‐
baar voor onderhoud en diagnose en ter controle van de functie van het
lampje "onderhoud spoedig" die voor
emissiemetingen nodig kan zijn.
Door de auto uit te schakelen, het
rempedaal niet in te trappen, en
POWER m langer dan vijf seconden
ingedrukt te houden, wordt de auto in
de onderhoudsmodus gezet. De instrumenten en audiosystemen
werken zoals wanneer de auto is
ingeschakeld, maar u kunt niet met de auto rijden. In de onderhoudsmodus
start het aandrijvingssysteem niet.
Druk nogmaals op POWERm om de
auto uit te schakelen.Voorzichtig
De servicemodus ontlaadt de 12
V-autoaccu. Gebruik de service‐
modus niet gedurende langere
tijd, om te voorkomen dat de motor
niet start.
Bediening bij storing
Als de auto vanwege een bijna lege
batterij in de elektronische sleutel niet
start, verschijnt er een bericht in het
Driver Information Center.
Ga als volgt te werk om alsnog te
rijden:
1. Open de middenconsole en verwijder de kleine opbergbak.
Plaats de elektronische sleutel in
de houder met de knoppen naar
de onderkant van de auto gericht.
Andere voorwerpen, bijvoorbeeld andere sleutels, transponder,
Page 272 of 279

270TrefwoordenlijstAAan/Uit-knop ............................... 156
Aanbevolen vloeistoffen en smeermiddelen ....................... 256
Aanduidingen op banden ..........242
Accessoires en modificaties van auto ........................................ 221
Accu ........................................... 228
Accumeter .................................... 77
Achterlichten .............................. 231
Achterruitverwarming ................... 36
Achteruitkijkcamera ...................194
Achteruitrijlichten .......................107
Actieradius totaal ..........................80
Actieve noodrem......................... 177
Afbeeldingen weergeven ............135
Afbeeldingsbestanden ................131
Afbeelding via USB activeren .....135
Afmetingen auto ........................261
Airbag deactiveren ....................... 51 Airbag-deactivering ...................... 81
Airbag en gordelspanners ...........81
Airbaglabel.................................... 46
Airbagsysteem ............................. 46
Airconditioning regelmatig aanzetten ............................... 154
Alarmknipperlichten ...................106
Algemene aanwijzingen .....110, 140
Algemene informatie ..131, 139, 219
AUX ......................................... 131Bluetooth................................. 131
DAB ......................................... 129
Infotainment-systeem ..............110
Smartphone-applicaties ..........131
Telefoon .................................. 140
USB ......................................... 131
Algemene richtlijnen voor het rijden ............................... 155, 156
Andere auto slepen ...................251
Antiblokkeersysteem .................165
Antiblokkeersysteem (ABS) .........82
Antidiefstalfunctie ......................111
Armsteun ................................ 41, 43
Armsteun met opbergruimte ........60
Audio afspelen ............................ 133
Audiobedieningsknoppen aan stuurwiel .................................. 112
Audiobestanden ......................... 131
Audio via USB activeren .............133
Automatische dimfunctie .............34
Automatische verlichting ............ 104
Automatisch vergrendelen ...........26
Automatisch volume ...................121
Auto ontgrendelen .........................4
Auto optakelen ........................... 221
Auto slepen ................................ 250
Auto stallen ................................. 222
AUX Algemene informatie ...............131
Apparaat aansluiten ................131
Page 273 of 279

271BBagageruimte ........................ 29, 61
Bagageruimte-afdekking .............62
Banden ...................................... 241
Bandenspanning .......................243
Bandenspanningscontrolesys‐ teem .................................. 83, 244
Bandenspanningswaarden ........261
Basisbediening ........................... 118
Batterijspanning ........................... 94
Bediening ................... 143, 161, 162
Externe apparaten ..................131
Menu ....................................... 118
Radio ....................................... 125
Telefoon .................................. 143
Bedieningselementen Infotainment-systeem ..............112
Stuurwiel ................................. 112
Bedieningsorganen ......................68
Bedieningspaneel Infotainment ..112
Bedrijfsmodi elektrisch voertuig ..161
Beginmenu ................................. 118
Bekerhouders .............................. 59
Bekleding .................................... 254
Bel Beltoon .................................... 143
Functies tijdens het gesprek ...143
Inkomend gesprek ..................143
Telefoongesprek initiëren ........143
Beladingsinformatie .....................65Beltoon
Beltoon wijzigen ......................143
Beltoonvolume ........................ 121
Beslagen lampglazen ................107
Bestandsindelingen Afbeeldingsbestanden ............131
Audiobestanden ......................131
Filmbestanden......................... 131
Bestuurdersondersteuningssys‐ temen ...................................... 171
Beveiliging van de auto ................30
Binnenverlichting .......................108
Blindehoeksysteem ....................190
Bluetooth Algemene informatie ...............131
Apparaat aansluiten ................131
Bluetooth-verbinding ...............140
Koppelen ................................. 140
Menu Streaming audio via
Bluetooth ................................. 133
Telefoon .................................. 143
Bluetooth-verbinding ..................140
Bolle vorm .................................... 32
Boordgereedschap .....................241
Boordinformatie ........................... 93
BringGo ...................................... 138
Buitenspiegels .............................. 32
Buitentemperatuur .......................71
Buitenverlichting .........................103C
Centrale vergrendeling ................21
Claxon ................................... 11, 69
Conformiteitsverklaring ...............262
Controlelampen ......................77, 80
Controle over de auto ................156
Controles .................................... 223
Cruise control ...................... 84, 171
D
DAB ............................................ 129
Dagrijlicht ................................... 106
Dakbelasting ................................. 65
Dakdrager .................................... 64
De botsingssticker ......................160
Diefstalalarmsysteem ..................30
Digital Audio Broadcasting .........129
Dimlicht of grootlicht ...................103
Display-instellingen ............135, 136
Draairichtingsgebonden banden 241
Driepuntsgordel ........................... 45
Driver Information Center .............85
E Economisch rijden ......................155
Efficiencymeter ............................. 77
Elektrisch bediende ruiten ...........35
Elektrische aandrijving .........14, 162
Elektrische aansluitingen .............72
Elektrische handrem .............82, 166
Elektrische handrem defect ..........82
Page 275 of 279

273Koplampverstelling ....................106
Koppelen .................................... 140
L Laadsysteem ............................... 81
Lane keep assist ..................83, 201
Leeslampen ............................... 108
Lichtschakelaar .......................... 103
Lichtsignaal ................................ 105
Locatie-gebaseerd laden ............207
Luchtinlaat ................................. 154
M Maximaal opstartvolume............. 121
Menubediening ........................... 118
Meters........................................... 77
Mistachterlicht ...................... 84, 107
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur .................147
Motorgegevens .......................... 260
Motorkap .................................... 224
Mute............................................ 114
N
Nieuwe auto inrijden ..................156
Noodoproep ................................ 143
O Obstakeldetectiesystemen .........182
OnStar .......................................... 98
Ontlaadbeveiliging accu ............109Opbergruimte................................ 59
Opbergvakken .............................. 59
Opbergvak middenconsole ..........60
Opgeslagen instellingen ...............20
Oplaadkabel ............................... 215
Oplaadmodus selecteren ...........207
Oplaadstatus .............................. 214
Oplaadtarief selecteren ..............207
Opladen ...................................... 203
Opladen negeren ........................207
Oproepenhistorie ........................143
Overbelasting elektrisch systeem .................................. 233
Overzicht bedieningselementen. 112
Overzicht instrumentenpaneel .......8
P
Panoramazichtsysteem ..............193
Parkeerhulp ............................... 182
Parkeerlichten ............................ 107
Parkeren .............................. 14, 160
Park pilot met ultrasoonsensoren 182
Pech ........................................... 250
Persoonlijke instellingen ..............94
Pollenfilter .................................. 154
Portieren ....................................... 29
Portier open ................................. 85
Prestaties ................................... 260
Profieldiepte ............................... 246Programmeerbaar laden ............207
Programmeerbaar opladen ........207
R
Radio Afstemmen op zender .............126
DAB configureren ....................129
DAB-berichten ......................... 129
Digital audio broadcasting
(DAB) ...................................... 129
Favoriete lijsten .......................126
Frequentiebereik selecteren ...125
Gebruik.................................... 125
Inschakelen ............................. 125
Intellitext .................................. 129
Radio Data System (RDS) ......128
RDS configureren.................... 128
Regio-instelling........................ 128
Regionaal ................................ 128
Zender zoeken ........................ 126
Radio activeren........................... 125
Radio Data System (RDS) ......... 128
Radiofrequentie-identificatie (RFID) ..................................... 269
RDS ............................................ 128
REACH ....................................... 263
Regelbare instrumentenverlich‐ ting ......................................... 108
Regeneratief remmen ...........79, 168
Regio-instelling ........................... 128
Page 276 of 279

274Regionaal................................... 128
Registratie van voertuigdata en privacy ..................................... 268
Remmen ............................ 165, 227
Remsysteem ................................ 82
Remvloeistof ...................... 227, 256
Reparatie ongevalsschade .........264
Richtingaanwijzer ........................80
Richtingaanwijzers ..................... 106
Richtingaanwijzers vooraan ......231
Ruiten ........................................... 34
Rijden met één pedaal ...............162
Rijmodi........................................ 161
Rijregelsystemen ........................169
Rijverlichting .......................... 10, 84
S Selectie van frequentiebereik .....125
Service ............................... 154, 255
Service-display ............................ 80
Service-indicatie .......................... 82
Service-informatie ...................... 255
Sjorogen ...................................... 63
Sleutel, opgeslagen instellingen ...20
Sleutels ........................................ 16
Sleutels, sloten ............................. 16
Smartphone ................................ 131
Telefoonweergave ..................138
Smartphone-applicaties gebruiken ................................ 138Sneeuwkettingen .......................248
Snelheidsbegrenzer .............84, 173
Snelheidsmeter ............................ 77
Snelkiesnummers .......................143
Software-update .........................267
Spiegelverstelling ..........................6
SPORT-modus ............................ 83
Spraakherkenning ......................139
Sproeiervloeistof ........................226
Startbeveiliging ......................32, 84
Starten en bedienen ...................156
Starthulp gebruiken ...................248
Stemherkenning ......................... 139
Stoelpositie .................................. 39
Stoelverstelling .............................. 5
Stoelverwarming Stoelverwarming, achter ...........43
Stoelverwarming, voor ..............42
Streaming audio via Bluetooth activeren.................................. 133
Stroomtarievenschema............... 207
Stuurbedieningsknoppen .............68
Stuurwiel instellen .......................... 7
Stuurwielverstelling ...................... 68
Symbolen ....................................... 3 Systeeminstellingen.................... 122T
Telefoon Algemene informatie ...............140
Beltoon selecteren ..................143
Bluetooth ................................. 140
Bluetooth-verbinding ...............140
Een nummer invoeren .............143
Functies tijdens het gesprek ...143
Hoofdmenu Telefoon ..............143
Inkomend gesprek ..................143
Noodoproepen ........................ 143
Oproepenhistorie ....................143
Snelkiesnummer .....................143
Telefoonboek .......................... 143
Telefoon activeren ......................143
Telefoonboek .............................. 143
Telefoonweergave ......................138
Topsnelheid ................................ 242
Traction Control .........................169
Traction Control-systeem UIT....... 83 Trekken............................... 219, 250
Typeplaatje ................................ 258
Tijdelijke oplaadmodus annuleren ................................ 207
Tijdelijke oplaadmodus negeren. 207
Page 277 of 279

275UUitstapverlichting .......................109
USB Afbeeldingenmenu USB ..........135
Algemene informatie ...............131
Apparaat aansluiten ................131
Audiomenu USB .....................133
Filmmenu USB ........................ 136
V Van banden- en velgmaat veranderen ............................. 247
Vaste luchtroosters ....................154
Veiligheidsgordel ...........................6
Veiligheidsgordels .......................43
Velgen en banden .....................241
Ventilatieopeningen ....................153
Verbanddoos ............................... 64
Vergrendelingssysteem ...............30
Verkeersbordherkenning ......85, 198
Verlichting zonneklep ................108
Verstelbare luchtroosters ........... 153
Vertraagde uitschakeling stroom 158
Vertraagde vergrendeling .............25
Verwarmde spiegels ....................34
Verwarmd stuurwiel .....................68
Verwarming ........................... 42, 43
Verzorging .................................. 252
Verzorging exterieur ..................252
Verzorging interieur ...................254Vloerafdekking bagageruimte ......62
Voertuig gereed ............................ 84
Voertuiggewicht .........................260
Voertuigidentificatienummer ......258
Voertuig starten en stoppen .......158
Voetgangersbescherming voor ..180
Voetgangersdetectie ....................84
Volume Automatisch volume ................121
Beltoonvolume ........................ 121
Maximaal opstartvolume .........121
Stiltefunctie.............................. 114
Volume aanraakpiep ...............121
Volume instellen ......................114
Volume TP .............................. 121
Volumebegrenzing bij hoge
temperaturen ........................... 114
Voor snelheid
gecompenseerd volume ..........121
Volume aanraakpiep ..................121
Volume-instellingen ....................121
Volume TP .................................. 121
Voordat u wegrijdt ........................ 14
Voorligger gedetecteerd ...............84
Voorruit ......................................... 34
Voorstoelen .................................. 39W
Waarschuwing kruisend verkeer achter ...................................... 196
Waarschuwingslampen ................77
Waarschuwing voetgangersvei‐ ligheid .................................. 11, 69
Waarschuwing wisselen van rijstrook.................................... 191
Wasstraatmodus......................... 162
Werkzaamheden uitvoeren .......223
Wieldoppen ................................ 247
Winterbanden ............................ 242
Wis-/wasinstallatie .......................12
Wis-/wasinstallatie achterruit .......70
Wis-/wasinstallatie voorruit ..........69
Wisserblad vervangen ...............229
X Xenonkoplampen ......................231
Z
Zekeringen ................................. 234 Zekeringenkast in motorruimte ..235
Zekeringenkast instrumentenpaneel ...............238
Zelfdichtende banden .................241
Zender zoeken............................ 126
Zitrijen achterin ............................. 43
Zonnekleppen .............................. 36
Zijdelings airbagsysteem .............50