radio OPEL ASTRA J 2018 Handleiding Infotainment (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2018, Model line: ASTRA J, Model: OPEL ASTRA J 2018Pages: 165, PDF Size: 2.71 MB
Page 108 of 165

108Radio●Automatische links DAB-FM : als
deze functie ingeschakeld is,
schakelt het systeem over naar
een overeenkomstige FM-
zender van de actieve DAB-
service (indien beschikbaar) als
het DAB-signaal te zwak is om
door de radio te worden opge‐
vangen.
● Dynamische geluidsaanpas. : als
deze functie geactiveerd is, wordt
het dynamische bereik van het
DAB-signaal gereduceerd. Dat houdt in dat het volume van hard geluid wel, maar dat van zacht
geluid niet wordt gereduceerd.
Daardoor kan het volume van het
Infotainment zo worden afgesteld dat zacht geluid goed hoorbaar is
zonder dat hard geluid te hard
klinkt.
● Frequentieband : na het selecte‐
ren van deze optie kan worden bepaald welke DAB-frequentie‐
bereiken door het Infotainment‐
systeem dienen te worden
ontvangen.
Page 116 of 165

116TrefwoordenlijstAAlgemene aanwijzingen....... 84, 109, 113, 114
Antidiefstalfunctie ........................85
Autostore-lijsten .......................... 100
B
BACK-toets ................................... 93
Basisbediening ............................. 93
C Cd afspelen starten ....................110
CD-speler activeren.................................. 110
belangrijke informatie ..............109
gebruik .................................... 110
CD-speler activeren ....................110
CD-speler gebruiken................... 110
D DAB ............................................ 106
DAB configureren .......................106
De AUX-ingang gebruiken ..........113
De radio gebruiken .......................99
De radio inschakelen ....................99
De USB-poort gebruiken ............114
Digital Audio Broadcasting .........106
E Enhanced Other Networks .........104
EON ............................................ 104F
Favorietenlijst ............................. 101
Frequentiebereikmenu's .............101
Frequentiebereik selecteren .........99
G
Gebruik ................... 92, 99, 110, 113
Geluidsinstellingen .......................96
H Het Infotainmentsysteem in- of uitschakelen .............................. 92
I Infotainment-systeem automatische aanpassing vanhet volume................................. 98
maximaal opstartvolume ...........98
tooninstellingen ......................... 96
volume voor verkeersberichten. 98
volume: instellingen ..................98
Infotainmentsysteem gebruiken ...92
M
Menubediening ............................. 93
Multifunctionele toets ....................93
Mute.............................................. 92
O Opgeslagen audiobestanden afspelen................................... 114
Overzicht bedieningselementen ...86
Page 117 of 165

117RRadio Radio Data System (RDS) ......104
activeren.................................... 99
autostorelijsten ........................ 100
Digital audio broadcasting
(DAB) ...................................... 106
favorietenlijst ........................... 101
frequentiebereik selecteren .......99
frequentiebereikmenu's ...........101
gebruik ...................................... 99
zender zoeken .......................... 99
zenderlijsten ............................ 101
Radio activeren............................. 99
Radio Data System (RDS) ......... 104
RDS ............................................ 104
RDS configureren .......................104
Regionalisatie ............................. 104
V Verkeersberichten ........................98
Volume instellen ........................... 92
Volume-instellingen ......................98
Voor snelheid gecompenseerd volume....................................... 92
Z
Zenderlijsten bijwerken ...............101
Zenders ophalen ................100, 101
Zenders opslaan .................100, 101
Zender zoeken.............................. 99
Page 119 of 165

Inleiding..................................... 120
Radio ......................................... 131
Cd-speler ................................... 140
AUX-ingang ............................... 143
USB-poort .................................. 144
Streaming audio via Bluetooth ...147
Telefoon ..................................... 149
Trefwoordenlijst ......................... 158CD 400plus
Page 120 of 165

120InleidingInleidingAlgemene aanwijzingen.............120
Antidiefstalfunctie ......................121
Overzicht bedieningselementen 122
Gebruik ...................................... 125
Basisbediening .......................... 126
Geluidsinstellingen ....................129
Volume-instellingen ...................130Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u
eersteklas infotainment voor in uw
auto.
Met de FM-, AM- of DAB-radiofunc‐
ties kunt u maximaal 36 zenders op
zes favorietenpagina's opslaan.
Met de ingebouwde audiospeler kunt u genieten van audio- en mp3/
wma-cd's.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als andere audiobronnen op het
Infotainmentsysteem aansluiten; via
kabel of via Bluetooth ®
.
Ook is het Infotainmentsysteem
uitgevoerd met een telefoonportal
waarmee u uw mobiele telefoon
comfortabel en veilig in de auto kunt
gebruiken.
Daarnaast kan het infotainmentsys‐ teem worden bediend met behulp van de bedieningstoetsen op het stuur‐
wiel.
Door het goeddoordachte design van
de bedieningselementen en de
heldere displays kunt u het systeem
gemakkelijk en intuïtief bedienen.Let op
Deze handleiding beschrijft alle voor
de diverse Infotainmentsystemen beschikbare opties en functies.
Bepaalde beschrijvingen, zoals die
voor display- en menufuncties,
gelden vanwege de modelvariant,
landspecifieke uitvoeringen, speci‐
ale uitrusting en toebehoren wellicht niet voor uw auto.
Belangrijke informatie over de
bediening en de
verkeersveiligheid9 Waarschuwing
Het Infotainmentsysteem moet
worden gebruikt zodat er te allen
tijde veilig met de auto kan worden gereden. Zet bij twijfel de auto aan de kant en bedien het Infotain‐
mentsysteem terwijl u stilstaat.
Page 121 of 165

Inleiding121Radio-ontvangst
Tijdens de radio-ontvangst kan gesis,
geruis, signaalvervorming of signaal‐
uitval optreden door:
● wijzigingen in de afstand tot de zender
● ontvangst van meerdere signa‐ len tegelijk door reflecties
● obstakels
Antidiefstalfunctie
Het Infotainmentsysteem is voorzien
van een elektronisch beveiligingssys‐ teem dat het systeem tegen diefstalbeveiligt.
De beveiliging houdt in dat het Info‐
tainmentsysteem alleen in uw auto
werkt en daarom voor een eventuele
dief waardeloos is.
Page 123 of 165

Inleiding1231 RADIO................................. 131
Radio inschakelen of van
frequentiebereik wisselen ...131
2 CD ....................................... 143
Cd/mp3/wma-weergave
starten ................................. 143
3 Achteruit zoeken .................131
Radio: achteruit zoeken ......131
Cd/mp3/wma: informatie
achteruit overslaan .............141
4 Radiozendertoetsen 1...6 ....132
Lang drukken: station
opslaan ............................... 132
Kort drukken: station
selecteren ........................... 132
5 m......................................... 125
Indrukken: uit- en
inschakelen ........................ 125
Infotainment-systeem ......... 125
Draaien: volume
aanpassen .......................... 1256Vooruit zoeken ....................131
Radio: vooruit zoeken .........131
Cd/mp3/wma: nummer
vooruit overslaan ................141
7 AS 1/2 ................................. 132
Automatische
geheugenniveaus
(voorkeuzezenders) ............132
Kort indrukken: autostore-
lijst selecteren .....................132
Lang indrukken: zenders
automatisch opslaan ...........132
8 FAV 1/2/3 ............................ 132
Favorietenlijst
(voorkeuzezenders) ............132
9 TP ....................................... 136
Activeren of deactiveren
verkeersberichten ...............136
Als het infotainment‐
systeem uitgeschakeld is:
weergave van tijd en datum 136
10 Cd uitwerpen ....................... 14111 CONFIG.............................. 130
Instellingenmenu openen ....130
12 INFO ................................... 122
Radio: informatie over de
momenteel afspelende
zender ................................. 131
CD/MP3/WMA: informatie
over de momenteel
geplaatste cd ...................... 141
13 Multifunctionele toets ..........126
Draaien: menu-opties
markeren of numerieke
waarden instellen ...............126
Indrukken: de
gemarkeerde optie
selecteren/inschakelen;
ingestelde waarde
bevestigen; functie uit-/
inschakelen ......................... 126
14 Cd-sleuf ............................... 141
15 BACK .................................. 126
Menu: een niveau terug ......126
Invoer: laatste teken of
complete invoer wissen ......126
Page 124 of 165

124Inleiding16 TONE.................................. 129
Geluidsinstellingen ..............129
17 PHONE ............................... 149
Telefoonhoofdmenu
openen ................................ 152
Mute activeren ....................125
18 AUX ..................................... 143
Van audiobron veranderen . 143Audiobedieningsknoppen aan
stuurwiel
1 qw
Kort indrukken:
telefoongesprek aannemen 149
of nummer in gesprekslijst
kiezen .................................. 152
Lang indrukken:
gesprekslijst tonen ..............152
2 SRC (bron).......................... 125
Indrukken: audiobron
selecteren ........................... 125
Bij actieve radio: omhoog/
omlaag zetten om
volgende/vorige
voorkeurszender te
selecteren ........................... 131
Bij actieve cd-speler:
omhoog/omlaag zetten
om volgende/vorige cd/
mp3/wma-track te
selecteren ........................... 141
Bij actief telefoonportaal:
omhoog/omlaag draaien
om volgende/vorige optie
in oproepenlijst te
selecteren ........................... 152
Bij actieve telefoonportal
en gesprekken in de
wacht: omhoog/omlaag
draaien om tussen
gesprekken te schakelen ....152
3 w
Volume verhogen ................125
4 ─
Volume verlagen .................125
Page 126 of 165

126InleidingStiltefunctie
Druk op PHONE (als het telefoonpor‐
taal beschikbaar is: enkele seconden
indrukken) om het geluid van audio‐
bronnen te onderdrukken.
Mutefunctie annuleren: draai aan m of
druk op PHONE (indien telefoonpor‐
taal beschikbaar: enkele seconden indrukken).
Volumebegrenzing bij hoge
temperaturen
Bij erg hoge temperaturen binnen de
auto beperkt het infotainmentsys‐
teem het maximaal instelbare
volume. Indien nodig wordt het maxi‐
male volume automatisch verlaagd.
Bedieningsstanden
Radio
Druk op RADIO om het radiohoofd‐
menu te openen of te wisselen tussen de verschillende frequentiebereiken.
Druk op de multifunctionele knop om naar de frequentiebereikmenu's met
opties voor zenderselectie te gaan.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de radiofuncties 3 131.Audiospelers
Druk één of meerdere keren op CD of
AUX om naar het hoofdmenu USB,
iPod ®
of AUX (indien beschikbaar) te
gaan of om tussen deze menu's te
wisselen.
Druk op de multifunctionele knop om
naar de betreffende menu's met
opties voor trackselectie te gaan.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van CD-spelerfuncties 3 140, AUX-
functies 3 143, USB-poortfuncties
3 144 en functies voor streaming
audio via Bluetooth 3 147.
Telefoon
Druk kort op PHONE om het telefoon‐
menu te openen.
Druk op de multifunctionele knop om
naar het telefoonmenu met opties
voor het invoeren en selecteren van
nummers te gaan.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de telefoonportal 3 149.Systeeminstellingen
De taal aanpassen
De menuteksten op het display van
het infotainmentsysteem zijn beschik‐
baar in diverse talen.
Druk op CONFIG om het menu
Instellingen te openen.
Selecteer Talen (Languages) in het
menu Instellingen om het betreffende
menu weer te geven.
Kies de gewenste taal voor de menu‐ teksten.
Let op
Voor een gedetailleerde beschrij‐ ving van de menubediening 3 126.
Tijd- en datuminstellingen
Raadpleeg het Instructieboekje voor
een gedetailleerde beschrijving.
Basisbediening
Multifunctionele toets De multifunctionele knop is het
centrale bedieningselement voor de
menu's.
Page 129 of 165

Inleiding129Een tekenreeks invoeren
Tekenreeksen invoeren, bijv. pinco‐
des of telefoonnummers:
Draai aan de multifunctionele knop
om het gewenste teken te markeren.
Druk op de multifunctionele knop om het gemarkeerde teken te bevesti‐
gen.
Het laatste teken in de tekenreeks
kan worden gewist met k op het
display of door op BACK op het instru‐
mentenpaneel te drukken. Door
BACK ingedrukt te houden wordt de
complete invoer verwijderd.
Wijzig de positie van de cursor in de
al ingevoerde tekenreeks door ◀ of ▶
op het display te selecteren.
GeluidsinstellingenIn het geluidsinstellingenmenu kunt u
voor elk radiofrequentiebereik en
voor elke audiospeler afzonderlijk de
geluidskarakteristieken instellen.
Druk op TONE om het geluidsinstel‐
lingenmenu te openen.
Lage, middelhoge en hoge tonen
instellen
Blader door de lijst en selecteer Bas,
Midrange of Treble .
Stel voor de geselecteerde optie de
gewenste waarde in.
Volumeverdeling voor en achter
instellen
Blader door de lijst en selecteer
Fader .
Stel de gewenste waarde in.Volumeverdeling rechts en links
instellen
Blader door de lijst en selecteer
Balans .
Stel de gewenste waarde in.
Een geluidsstijl selecteren Blader door de lijst en selecteer EQ
(equalizer). Het EQ-instellingen -
menu verschijnt.
De getoonde opties bieden voor de
desbetreffende muziekstijl geoptima‐
liseerde voorkeursinstellingen voor
de lage, middelhoge en hoge tonen.
Selecteer de gewenste optie.