stop start OPEL CASCADA 2015.5 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2015.5, Model line: CASCADA, Model: OPEL CASCADA 2015.5Pages: 263, PDF Size: 7.6 MB
Page 195 of 263

Verzorging van de auto1939Gevaar
Het ontstekingssysteem en de Xe‐
nonkoplampen werken met een
zeer hoge spanning. Niet aanra‐
ken.
Motorkap
Openen
Aan de ontgrendelingshendel trekkenen in de uitgangspositie terugduwen.
Leg de veiligheidsgrendel links opzijen open de motorkap.
Motorkapsteun vastzetten.
Als de motorkap wordt geopend tij‐
dens een Autostop, wordt de motor om veiligheidsredenen automatischherstart.
Sluiten
Steun vóór het sluiten van de motor‐
kap stevig in de houder duwen.
Laat de motorkap zakken en laat deze vanaf een lage hoogte
(20-25 cm ) in de grendel vallen. Con‐
troleer of de motorkap vergrendeld is.Voorzichtig
Druk de motorkap niet in het slot
om deuken te voorkomen.
Motorolie
Het motoroliepeil op gezette tijden
handmatig controleren om schade
aan de motor te voorkomen. Verge‐
wis u ervan dat de gebruikte olie de juiste specificatie heeft. Aanbevolen
vloeistoffen en smeermiddelen
3 237.
Page 198 of 263

196Verzorging van de autoVoorzichtig
Alleen sproeiervloeistof met vol‐
doende antivries biedt voldoende
bescherming bij lage temperatu‐
ren of een plotselinge daling van
de temperatuur.
Het gebruik van sproeiervloeistof
dat isopropanol bevat, kan de bui‐ tenlampen beschadigen.
Remmen
Wanneer de remvoering een mini‐ male dikte heeft, hoort u een piepend geluid wanneer u remt.
Verder rijden is mogelijk maar laat de remblokken zo spoedig mogelijk ver‐
vangen.
Na de montage van nieuwe remblok‐
ken de eerste paar ritten niet onnodig hard remmen.
Remvloeistof9 Waarschuwing
Remvloeistof is giftig en bijtend.
Contact met ogen, huid, textiel en
lakwerk vermijden.
De remvloeistof moet tussen de
merktekens MIN en MAX staan.
Raadpleeg een werkplaats als het
vloeistofpeil lager dan MIN is.
Rem- en koppelingsvloeistof 3 237.
Accu
Auto's zonder stop-startsysteem zijnuitgerust met een loodzuuraccu. Au‐
to's met stop-startsysteem zijn uitge‐
rust met een AGM-accu die geen
loodzuuraccu is.
De accu van de auto is onderhouds‐ vrij mits uw rijstijl zo is dat de accu
voldoende wordt opgeladen. Bij korte
ritten en veelvuldig starten kan de
accu ontladen raken. Vermijd het ge‐
bruik van onnodige elektrische ver‐
bruikers.
Batterijen horen niet in het huisvuil
thuis. Ze moeten via speciale inza‐
melpunten gerecycled worden.
Wanneer de auto meer dan 4 weken
achtereen stilstaat, kan de accu ont‐
laden raken. Poolklem van de min‐
pool van de accu loskoppelen.
Page 199 of 263

Verzorging van de auto197
Accu van de auto alleen bij uitgescha‐
keld contact aansluiten en loskoppe‐
len.
Ontlaadbeveiliging accu 3 125.
Accu vervangen Let op
Elke afwijking van de in dit hoofdstuk gegeven instructies kan leiden tot
een tijdelijke uitschakeling van het
stop- startsysteem.
Let er bij het vervangen van de accu
op dat er bij de pluspool geen lucht‐
roosters open zijn. Als er in dit gebied een ventilatieopening open is, moet
deze met een afdekkap worden afge‐ sloten en moet de ventilatie bij de
minpool worden geopend.
Uitsluitend accu's gebruiken waarbij
de zekeringenkast boven de accu kan
worden gemonteerd.
Zorg bij auto's met een Stop/Start-
systeem dat de AGM-accu (Absorp‐
tive Glass Mat) weer wordt vervangen
door een AGM-accu.
U kunt een AGM-accu herkennen aan
het label op de accu. Wij bevelen het
gebruik aan van een originele Opel accu.
Let op
Als u een andere AGM-accu ge‐
bruikt dan de originele Opel accu is
het mogelijk dat het Stop/Start-sys‐
teem slechter presteert.
Het wordt geadviseerd de accu door
een werkplaats te laten vervangen.
Stop-startsysteem 3 139.
Accu opladen9 Waarschuwing
Bij auto's met een stop-startsys‐
teem moet u ervoor zorgen dat het oplaadvermogen geen 14,6 volt
overschrijdt wanneer u een accu-
oplader gebruikt. Anders kan de
accu beschadigd raken.
Starthulp gebruiken 3 229.
Waarschuwingssticker
Page 210 of 263

208Verzorging van de auto
Nr.Stroomkring1Motorregelmodule2Lambdasonde3Brandstofinspuiting, ontste‐
kingssysteem4Brandstofinspuiting, ontste‐
kingssysteem5–6Spiegelverwarming7Aanjagerregeling8Lambdasonde, motorkoeling9Achterruitsensor10Accusensor11Ontgrendeling kofferruimte12Adaptief rijlicht (AFL), automati‐
sche verlichting13ABS-kleppen14–15Motorregelmodule16Startmotor17TransmissieregelmoduleNr.Stroomkring18Verwarmbare achterruit19Elektrische ruitbediening voorin20Elektrische ruitbediening
achterin21Relais- en zekeringhouder
achter22Grootlicht links (halogeen)23Koplampsproeiers24Rechter dimlicht (xenon)25Linker dimlicht (xenon)26Mistlampen27Verwarming dieselbrandstof28Start-stopsysteem29Elektrische handrem30ABS-pomp31–32Airbag33Adaptief rijlicht (AFL), automati‐
sche verlichting34Uitlaatgasrecirculatie
Page 261 of 263

259
Portier open ................................. 98
Prestaties ................................... 246
Profieldiepte ............................... 218
Q Quickheat ................................... 133
R
Radiofrequentie-identificatie (RFID) ..................................... 254
Regelbare instrumentenverlichting ...........123
Registreren van autogegevens en privacy ................................ 253
Remassistentie .......................... 154
Rem- en koppelingssysteem .......93
Rem- en koppelingsvloeistof ......237
Remmen ............................ 152, 196
Remvloeistof .............................. 196
Reservewiel ............................... 226
Richtingaanwijzer ........................92
Richtingaanwijzers ..................... 121
Richtingaanwijzers vooraan ......202
Roetfilter ............................... 95, 143
Rugleuning neerklappen .............51
Ruiten ........................................... 32
Rijgedrag en aanhangertips ......186
Rijhoogte .................................... 137
Rijregelsystemen ........................155
Rijverlichting .......................... 13, 97S
Selectieve katalysatorreductie ....144
Service ............................... 135, 236
Service-display ............................ 89
Service-informatie ...................... 236
Sjorogen ...................................... 77
Slepen ................................ 185, 231
Sleutel, opgeslagen instellingen ...23
Sleutels ........................................ 21
Sleutels, sloten ............................. 21
Sneeuwkettingen .......................219
Snelheidsbegrenzer ...................160
Snelheidsmeter ............................ 87 Softtop ......................................... 35
Spiegelverstelling ..........................9
Sproeiervloeistof ........................195
Startbeveiliging ......................30, 97
Starten en bedienen ...................137
Starthulp gebruiken ...................229
Stoelpositie .................................. 48
Stoelverstelling ........................7, 49
Stop/Start-systeem .....................139
Storing ....................................... 150
Storing elektrische handrem .........94
Storingsindicatielamp ..................93
Stroomonderbreking ..................150
Sturen ......................................... 136
Stuurbedieningsknoppen .............80
Stuurbekrachtiging........................ 94Stuurwiel instellen ........................ 10
Stuurwielverstelling ...................... 80
Symbolen ....................................... 4
T
Tanken ....................................... 182
Te laag brandstofpeil ...................96
Toerenteller ................................. 88
Top-Tether-bevestigingsogen ......70
Traction Control .........................155
Traction Control-systeem UIT....... 95
Trekhaak............................. 185, 187
Trekstang.................................... 185
Typeplaatje ................................ 239
U Uitlaatgassen ............................. 143
Uitrol-brandstofafsluiter .............139
Uitstapverlichting .......................124
Uw autogegevens ..........................3
V
Van banden- en velgmaat veranderen ............................. 219
Vaste luchtroosters ....................134
Veiligheidsgordel ...........................9
Veiligheidsgordels .......................55
Velgen en banden .....................213
Ventilatie ............................... 55, 126
Verbanddoos ............................... 78