airbag OPEL CASCADA 2015 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2015, Model line: CASCADA, Model: OPEL CASCADA 2015Pages: 255, PDF Size: 7.51 MB
Page 107 of 255

Instrumenten en bedieningsorganen105
■ Cruise control
■ Snelheidsbegrenzer
■ Parkeerhulpsystemen
■ Verlichting, gloeilampen vervangen
■ Wis-/wasinstallatie
■ Portieren, ruiten
■ Softtop
■ Bagageruimte, kofferdeksel
■ Afstandsbediening
■ Veiligheidsgordels
■ Airbagsystemen
■ Motor en versnellingsbak
■ Bandenspanning
■ Dieselpartikelfilter
■ Accustatus
Berichten op het
Colour-Info-Display
Sommige belangrijke berichten kun‐
nen tevens verschijnen op het
Colour-Info-Display. Druk op de mul‐
tifunctionele knop om een bericht te bevestigen. Sommige berichten ver‐
schijnen slechts enkele seconden
lang als pop-up.Geluidssignalen
Bij het starten van de motor oftijdens het rijden
Er klinkt slechts één geluidssignaal
tegelijk.
Het geluidssignaal voor niet gedra‐
gen veiligheidsgordels geniet de pri‐
oriteit boven alle andere geluidssig‐
nalen.
■ Wanneer de veiligheidsgordel niet wordt gedragen.
■ Als bij het wegrijden een van de portieren of het kofferdeksel niet
goed gesloten is.
■ Als de softtop niet geheel geopend of gesloten is.
■ Als het deksel van de softtop niet geheel gesloten is.
■ Als de afscheiding bagageruimte bij
het bedienen van de softtop inge‐
klapt is.
■ Wanneer u met aangetrokken handrem een bepaalde snelheid
overschrijdt.■ Als er bij het bedienen van de soft‐ top een bepaalde snelheid wordt
overschreden.
■ Wanneer een geprogrammeerde snelheid of snelheidslimiet wordt
overschreden.
■ Wanneer er een waarschuwings‐ bericht verschijnt op het Driver In‐
formation Centre.
■ Wanneer de parkeerhulp een ob‐ stakel herkent.
■ Bij een onbedoelde rijstrookwissel.
■ Als het roetfilter de maximale ver‐ zadigingsgraad bereikt.
Bij het parkeren van de auto en/ of het openen van het
bestuurdersportier ■ Als de contactsleutel nog in het contactslot steekt.
■ Bij ingeschakelde buitenverlichting.
Tijdens een Autostop ■ Als het bestuurdersportier geopend
is.
Page 121 of 255

Verlichting119
De alarmlichten worden automatisch
ingeschakeld wanneer de airbags bij
een ongeval in werking treden.
Richtingaanwijzershendel omhoog=rechter rich‐
tingaanwijzersig‐
naalhendel omlaag=linker richtingaan‐
wijzersignaal
Als de hendel voorbij het weerstands‐
punt wordt geduwd, blijft de richting‐
aanwijzer ingeschakeld. Bij het terug‐ draaien van het stuurwiel gaat derichtingaanwijzer automatisch uit.
Om driemaal te knipperen, bijv. om
van rijstrook te wisselen, de hendel
tot tegen het weerstandspunt duwen
en loslaten.
Wanneer er een aanhangwagen is aangekoppeld, knippert de richting‐
aanwijzer zes keer wanneer u de hen‐
del indrukt tot u een weerstand voelt en u de hendel weer loslaat.
Voor langer richting aanwijzen de
hendel tot tegen het weerstandspunt
duwen en vasthouden.
Schakel de richtingaanwijzer hand‐
matig uit door de hendel in de oor‐
spronkelijke stand te zetten.Mistlampen voor
Bediening met toets >.
Lichtschakelaar in stand AUTO: bij
het inschakelen van de mistlampen
worden de koplampen automatisch
ingeschakeld.
Page 123 of 255

Verlichting121Binnenverlichting
Regelbare
instrumentenverlichting
Wanneer de rijverlichting aanstaat,
kunt u de lichtsterkte van de volgende lampen regelen:
■ Instrumentenverlichting
■ sfeerverlichting
■ plafondverlichting
■ Info-Display
■ Verlichte schakelaars en bedie‐ ningselementen.
Draai aan het kartelwiel A en houd dit
vast totdat de gewenste lichtsterkte is bereikt.
Bij auto’s met een lichtsensor kan de
helderheid alleen worden aangepast
wanneer de rijverlichting aanstaat en
de lichtsensor nachtelijke omstandig‐
heden detecteert.
Binnenverlichting De voorste en achterste interieurver‐
lichting worden bij het in- en uitstap‐ pen vanzelf ingeschakeld en doven
met enige vertraging.
Let op
Bij een ongeval waarbij de airbags
geactiveerd worden gaat de vloer‐
verlichting automatisch aan.Voorste interieurverlichting
Bedien de wipschakelaar:
w=automatisch in- en uit‐
schakelendruk op u=aandruk op v=uit
Plafondverlichting
De spot in de interieurverlichting gaat aan wanneer de koplampen worden
ingeschakeld.
Sfeerverlichting De sfeerverlichting bestaat uit indi‐
recte verlichting in de portieren en
rond de keuzehendel.
Page 142 of 255

140Rijden en bedieningDe elektrische handrem is aan‐
getrokken wanneer controle‐
lamp m oplicht 3 92.
■ Zet de motor af.
■ Wanneer de auto vlak of op een
oplopende helling staat, dan
vóór het verwijderen van de
contactsleutel de eerste ver‐
snelling inschakelen of de keu‐ zehendel in stand P zetten. Op
een oplopende helling boven‐
dien de voorwielen van de
stoeprand wegdraaien.
Wanneer de auto op een aflo‐
pende helling staat, dan vóór
het verwijderen van de contact‐
sleutel de achteruitversnelling
inschakelen of de keuzehendel
in stand P zetten. Bovendien de
voorwielen naar de stoeprand toedraaien.
■ Sluit de ramen en de softtop.
■ De contactsleutel verwijderen. Stuurwiel verdraaien totdat het
stuurslot merkbaar vergrendelt.Bij auto's met automatische ver‐ snellingsbak kan de sleutel al‐
leen worden verwijderd met de
keuzehendel in stand P.
■ Vergrendel de auto.
■ Diefstalalarmsysteem inschakelen.
Let op
Bij een ongeval waarbij airbags wor‐
den geactiveerd, wordt de motor au‐
tomatisch uitgeschakeld als het
voertuig binnen een bepaalde tijd tot stilstand komt.
Uitlaatgassen9 Gevaar
Motoruitlaatgassen bevatten het
giftige en bovendien kleur- en
geurloze koolmonoxide dat bij in‐
ademen levensgevaarlijk kan zijn.
Wanneer uitlaatgassen in de pas‐
sagiersruimte dringen, de ruiten openen. Oorzaak van de storing
door een werkplaats laten verhel‐
pen.
Niet met een geopende achterklep
rijden, aangezien er dan uitlaat‐
gassen de passagiersruimte bin‐
nen kunnen dringen.
Roetfilter
Het roetfilter verwijdert schadelijke
roetdeeltjes uit de uitlaatgassen. Het
systeem heeft een zelfreinigende
functie die tijdens het rijden automa‐
tisch wordt geactiveerd, zonder dat
hier een bericht over verschijnt. Het
filter wordt geregenereerd door ach‐
tergebleven roetdeeltjes periodiek bij
Page 204 of 255

202Verzorging van de auto
Nr.Stroomkring1Motorregelmodule2Lambdasonde3Brandstofinspuiting, ontste‐
kingssysteem4Brandstofinspuiting, ontste‐
kingssysteem5–6Spiegelverwarming7Aanjagerregeling8Lambdasonde, motorkoeling9Achterruitsensor10Accusensor11Ontgrendeling kofferruimte12Adaptief rijlicht (AFL), automati‐
sche verlichting13ABS-kleppen14–15Motorregelmodule16Startmotor17TransmissieregelmoduleNr.Stroomkring18Verwarmbare achterruit19Elektrische ruitbediening voorin20Elektrische ruitbediening
achterin21Relais- en zekeringhouder
achter22Grootlicht links (halogeen)23Koplampsproeiers24Rechter dimlicht (xenon)25Linker dimlicht (xenon)26Mistlampen27Verwarming dieselbrandstof28Start-stopsysteem29Elektrische handrem30ABS-pomp31–32Airbag33Adaptief rijlicht (AFL), automati‐
sche verlichting34UitlaatgasrecirculatieNr.Stroomkring35Elektrisch bediende ruiten,
regensensor, buitenspiegel36Verwarming en ventilatie37–38Vacuümpomp39Regelmodule brandstofsysteem40Wis-/wasinstallatie voor41Grootlicht rechts (halogeen)42Koelventilator43Voorruitwissers44–45Koelventilator46–47Claxon48Koelventilator49Brandstofpomp50Koplamphoogteregeling, adap‐
tief rijlicht (AFL)51–52Hulpverwarming, dieselmotor
Page 206 of 255

204Verzorging van de auto
Nr.Stroomkring1Displays2Regelmodule carrosserie, rijver‐
lichting3Regelmodule carrosserie, rijver‐
lichting4Infotainmentsysteem5Infotainmentsysteem, instru‐
ment612 V-aansluiting, aansteker712 V-aansluiting8Carrosserieregelmodule,
dimlicht linksNr.Stroomkring9Carrosserieregelmodule,
dimlicht rechts10Carrosserieregelmodule,
portiersloten11Aanjager12Elektrisch verstelbare bestuur‐
dersstoel13Elektrisch verstelbare passa‐
giersstoel14Diagnosestekker15Airbag16Kofferdekselrelais17Airconditioningssysteem18Servicediagnose19Carrosserieregelmodule, remlichten, achterlichten, interi‐
eurverlichting20–21Instrumentenpaneel22Ontstekingssysteem23CarrosserieregelmoduleNr.Stroomkring24Carrosserieregelmodule25–26Extra 12 V-aansluiting kofferbak
Zekeringenkast in
bagageruimte
De zekeringenkast zit links in de ba‐
gageruimte achter een deksel.
Verwijder het deksel.
Page 248 of 255

246Klantinformatie
Krik
Vertaling van de oorspronkelijke
conformiteitsverklaring
Conformiteitsverklaring conform EG-
richtlijn 2006/42/EC
Bij deze verklaren wij dat het product: Productaanduiding: Krik
Type/GM onderdeelnummer:
13348505, 13504504
voldoet aan de bepalingen van richt‐
lijn 2006/42/EC.
Gehanteerde technische normen:GMN9737=KrikkenGM 14337=Standaarduitrus‐
ting krik - hardwa‐
retestsGMN5127=Voertuigintegriteit
- takelen en op‐
krikken bij onder‐
houdsstationGMW15005=Standaarduitrus‐
ting krik en reser‐
veband, boordtestISO TS 16949=Kwaliteitsbor‐
gingssystemenOndergetekende is bevoegd tot het
samenstellen van de technische do‐
cumentatie.
Rüsselsheim, 31 januari 2014
was getekend
Hans-Peter Metzger
Engineering Group Manager Chassis & Structure
Adam Opel AG
D-65423 RüsselsheimRegistratie van
voertuigdata en privacy
Event Data Recorders
(EDR)
De auto is uitgerust met een aantal
complexe systemen die verschillende autogegevens bewaken en controle‐
ren. Sommige gegevens kunnen tij‐
dens normaal gebruik worden opge‐
slagen om het repareren van gecon‐
stateerde storingen te ondersteunen,
andere gegevens worden alleen op‐
geslagen bij een aanrijding of bij een
bijna-aanrijding door modules in uw
voertuigsystemen die beschikken
over een opnamefunctie voor gebeur‐
tenisgegevens, zoals de airbagregel‐
module.
De systemen kunnen diagnosegege‐
vens opslaan over de staat van de
auto (bijv. oliepeil of kilometerstand)
en informatie over deze wijze waarop
de auto werd bediend (bijv. motortoe‐
rental, gebruik van het remsysteem
en gebruik van de veiligheidsgor‐ dels).
Page 250 of 255

248TrefwoordenlijstAAanbevolen vloeistoffen en smeermiddelen ..............231, 235
Aanduidingen op banden ..........207
Aanhanger trekken ....................179
Aansteker .................................... 85
Accessoires en modificaties van auto ........................................ 184
Accu ........................................... 190
Achterlichten .............................. 197
Achterruitverwarming ................... 34
Achteruitkijkcamera ...................169
Achteruitrijlichten .......................120
Actieve hoofdsteunen ...................47
Adaptief rijlicht (AFL) .........115, 194
Adaptive Forward Lighting ...........96
Afmetingen auto ........................240
Afslagverlichting ......................... 115
Airbag deactiveren ....................... 63
Airbag-deactivering ...................... 91
Airbaglabel.................................... 58
Airbags, gordelspanners en rolbeugels.................................. 91
Airbagsysteem ............................. 58
Airconditioning ........................... 125
Airconditioning regelmatig aanzetten ............................... 133
Alarmknipperlichten ...................118
Algemene informatie .................. 179Algemene richtlijnen voor het rijden ....................................... 134
Andere auto slepen ...................225
Antiblokkeersysteem .................146
Antiblokkeersysteem (ABS) .........93
Armsteun ...................................... 54
Armsteun met opbergruimte ........72
Asbakken ..................................... 85
Autogegevens ............................ 235
Autokrik....................................... 206
Automatische dimfunctie .............31
Automatische verlichting ............ 112
Automatische versnellingsbak ...142
Automatisch vergrendelen ...........24
Auto ontgrendelen .........................6
Auto slepen ................................ 224
Auto stallen ................................. 184
B
Bagageruimte ........................ 25, 73
Bandenreparatieset ...................213
Bandenspanning .......................207
Bandenspanningscontrolesys‐ teem .................................. 95, 208
Bandenspanningswaarden ........242
Batterijspanning .........................106
Bedieningsorganen ......................79
Bekerhouders .............................. 71
Bekleding .................................... 228
Beladingsinformatie .....................77
Page 251 of 255

249
Beslagen lampglazen ................120
Bestuurdersondersteuningssys‐ temen ...................................... 153
Beveiliging van de auto ................26
Binnenspiegels ............................. 31
Binnenverlichting ...............121, 200
Blindehoeksysteem ....................167
Bolle vorm .................................... 29
Boordgereedschap .....................206
Boordinformatie .........................104
Brandstof .................................... 176
Brandstofmeter ............................ 87
Brandstofverbruik - CO 2-uitstoot 178
Brandstof voor benzinemotoren 176
Brandstof voor dieselmotoren ...176
Buitenspiegels .............................. 29
Buitentemperatuur .......................82
Buitenverlichting .........................111
C Car Pass ...................................... 20
Centrale vergrendeling ................22
Claxon ................................... 14, 80
Code ........................................... 104
Conformiteitsverklaring ...............244
Contactslotstanden ....................135
Controlelampen ......................86, 89
Controle over de auto ................134
Controles .................................... 185
Cruise control ...................... 96, 153D
Dagrijlicht ................................... 115
Dagteller ...................................... 87
Diefstalalarmsysteem ..................27
Dieselbrandstofsysteem ontluchten .............................. 192
Dimlicht of grootlicht ...................111
Driepuntsgordel ........................... 57
Driver Information Center .............97
E EHBO ........................................... 77
Elektrisch bediende ruiten ...........32
Elektrische aansluitingen .............85
Elektrische handrem .............93, 147
Elektrische stoelverstelling ..........52
Elektrische verstelling ..................29
Elektrisch systeem...................... 200
Elektronische rijprogramma's ....144
Elektronische stabiliteitsregeling en Traction Control-systeem .....94
Elektronische stabiliteitsregeling (ESC) .........150
Elektronische stabiliteitsregeling UIT ...............94
Elektronisch klimaatregelsysteem ..............127
Event Data Recorders (EDR) .....246F
Frontaal airbagsysteem ...............62
Frontaanrijdingswaarschuwing ...156
G
Gebruik van deze handleiding .......3
Geluidssignalen .........................105
Gereedschap ............................. 206
Gevaar, Waarschuwing en Voorzichtig ................................. 4
Gevarendriehoek .........................76
Gloeilamp vervangen ................192
Gordelverklikker ........................... 91
Graphic-Info-Display, Color-Info-Display ...................102
Grootlicht ............................. 96, 112
Grootlichtassistentie .............96, 113
H
Halogeenkoplampen .................193
Handgeschakelde versnellingsbak ......................145
Handmatige dimfunctie ................31
Handmatige modus ...................143
Handrem ............................. 146, 147
Handschoenenkastje ...................70
Handzender ................................. 21
Hellingrem ................................. 148
Hoofdsteunen .............................. 46
Page 254 of 255

252
Versnellingsbakdisplay ..............142
Verstelbare luchtroosters ........... 132
Vertraagde uitschakeling stroom 135
Verwarmde spiegels ....................30
Verwarmd stuurwiel .....................80
Verwarming ................................. 54
Verwarmings- en ventilatiesysteem .................... 124
Verwerking van sloopauto .........185
Verzorging .................................. 226
Verzorging exterieur ..................226
Verzorging interieur ...................228
Vloerafdekking bagageruimte ......76
Voertuiggewicht .........................240
Voertuigidentificatienummer ......233
Voordat u wegrijdt ........................ 17
Voorligger gedetecteerd ...............96
Voorruit ......................................... 31
Voorstoelen .................................. 48
Voorverwarming .......................... 94
W
Waarschuwingslampen ................86
Werkzaamheden uitvoeren .......185
Wieldoppen ................................ 213
Wiel verwisselen ........................217
Windgeleider................................. 42 Winterbanden ............................ 207
Wis-/wasinstallatie .......................14Wis-/wasinstallatie voorruit ..........81
Wisserblad vervangen ...............192
Z
Zekeringen ................................. 200 Zekeringenkast in bagageruimte 204
Zekeringenkast in motorruimte ..201
Zekeringenkast instrumentenpaneel ...............203
Zonnekleppen .............................. 34
Zijdelings airbagsysteem .............62
Zijmarkeringslichten.................... 111
Zijrichtingaanwijzers ..................198