USB OPEL INSIGNIA 2016 Handleiding Infotainment (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2016, Model line: INSIGNIA, Model: OPEL INSIGNIA 2016Pages: 129, PDF Size: 2.38 MB
Page 53 of 129

Navigatie53Let op
In een map mogen alleen submap‐
pen of alleen POI-bestanden wor‐
den opgeslagen. Een combinatie
van beide wordt niet goed in het sys‐
teem geïmporteerd.
Na het downloaden van op die manier gerangschikte persoonlijke POI-ge‐
gevens in het Infotainmentsysteem
(zie beschrijving van downloaden
hieronder), ziet u in het Mijn POI's-
menu een lijst met submenu's die u
kunt selecteren.
Na het selecteren van een submenu
en eventuele verdere submenu's ver‐
schijnt de betreffende lijst met geïm‐
porteerde POI-categorieën.
POI-gegevens downloaden in het
Infotainmentsysteem
Sluit het USB-apparaat met uw ge‐ bruikerspecifieke POI-gegevens aan
op de USB-poort 3 40 van het Info‐
tainmentsysteem.
Er verschijnt een bericht waarin u
wordt gevraagd het downloaden te
bevestigen.Na het bevestigen worden de POI-
gegevens naar het Infotainmentsys‐
teem gedownload.
De gedownloade POI's zijn vervol‐
gens selecteerbaar als bestemmin‐
gen in het Mijn POI's-menu, zie "Een
markant punt selecteren" in het
hoofdstuk "Bestemmingsinvoer"
3 53.
Invoer van de bestemming De navigatietoepassing biedt diverse
opties voor het instellen van een be‐
stemming met routebegeleiding.
Druk op ; en selecteer vervolgens
NAV om de navigatiekaart weer te ge‐
ven.
Selecteer BESTEMM. op de interac‐
tieve selectiebalk en selecteer een
van de verschillende opties voor
adresinvoer.
Directe invoer bestemming
Druk op het invoerveld op de boven‐
ste menuregel. Er verschijnt een toet‐
senbord.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de toetsenborden 3 17.
Voer een adres of zoekterm in en be‐ vestig uw invoer.
Er worden twee lijsten met mogelijke
bestemmingen aangemaakt. Druk op
de bovenste schermregel op het tab‐
blad Adres of POI om tussen de lijsten
te wisselen.
Adreslijst:
Page 72 of 129

72Telefoontelefoneren verboden is, als demobiele telefoon interferentie ver‐
oorzaakt of als er zich gevaarlijke
situaties kunnen voordoen.
Bluetooth
Het telefoonportal is gecertificeerd door de Bluetooth Special Interest
Group (SIG).
Meer informatie over de specificatie
vindt u op internet op
http://www.bluetooth.com
Bluetooth-verbindingBluetooth is een radiografische norm
voor het draadloos verbinden van
bijv. mobiele telefoons, iPod/iPhone-
modellen of andere apparaten.
Voor het maken van een Bluetooth-
verbinding met het Infotainmentsys‐
teem moet de Bluetooth-functie van
het Bluetooth-apparaat geactiveerd
zijn. Voor nadere informatie verwijzen
wij u naar de gebruiksaanwijzing van
het Bluetooth-apparaat.
Via het Bluetooth-instellingenmenu
worden koppelingen (uitwisselen van
pincodes tussen Bluetooth-apparaat
en Infotainmentsysteem) tot stand
gebracht en de Bluetooth-apparatuur
met het Infotainmentsysteem verbon‐ den.
Bluetooth-instellingenmenuDruk ; en selecteer vervolgens het
pictogram INSTELLINGEN .
Selecteer BlueTooth om het betref‐
fende submenu weer te geven.
Een apparaat koppelen
Opmerkingen ● Aan het systeem kunnen maxi‐ maal vijf apparaten worden ge‐
koppeld.
● Er kan slechts één gekoppeld ap‐
paraat tegelijk met het infotain‐ mentsysteem worden verbon‐
den.
● Koppelen is in de regel slechts één keer noodzakelijk, tenzij het
apparaat van de lijst met gekop‐
pelde apparaten wordt gewist.
Als het apparaat eerder verbon‐den was, brengt het Infotain‐
mentsysteem automatisch een verbinding tot stand.
● Bij werken via Bluetooth wordt de
accu van het apparaat aanzienlijk
belast. Sluit het apparaat daarom
aan op een USB-poort, zodat het wordt opgeladen.
Koppelen via de toepassing
Instellingen
1. Druk ; en selecteer vervolgens
het pictogram INSTELLINGEN .
Selecteer BlueTooth om het be‐
treffende submenu weer te ge‐
ven.
2. Selecteer Apparaat verbinden .
Selecteer eventueel
Apparaatbeheer om de appara‐
tenlijst weer te geven en selecteer vervolgens Apparaat verbinden .
3. Op het Infotainmentsysteem ver‐ schijnt er een melding met de
naam en de pincode van het Info‐
tainmentsysteem.
4. Activeer het zoekproces in het te koppelen Bluetooth-apparaat.
Page 84 of 129

84Veelgestelde vragen?Hoe kan ik de naam van mijn fa‐
vorieten wijzigen, ze wissen of ver‐
plaatsen?
! Druk op
;, selecteer het picto‐
gram INSTELLINGEN op het
Startscherm, Radio op de instellin‐
genlijst en vervolgens Favorieten
beheren om de favorieten te her‐
noemen, wissen of verplaatsen.
Gedetailleerde beschrijving 3 18.? Waar worden favorieten opgesla‐
gen en hoe kan ik ze een andere
naam geven?
! De favorieten worden opgeslagen
in de favorietenlijst. Om een favo‐
riet een nieuwe naam te geven, se‐
lecteert u de betreffende scherm‐
toets in de favorietenrij. In be‐
paalde schermen is de favorieten‐
lijst verborgen zodat andere in‐
houd beter kan worden weergege‐ ven. Selecteer op deze schermen
n rechtsonder op het scherm en
sleep de interactieve selectiebalk met een vinger omhoog.
Gedetailleerde beschrijving 3 18.Navigatie? Ik heb een bestemmingsadres in‐
gevoerd, maar er verschijnt een
foutmelding. Wat doe ik verkeerd?
! Het navigatiesysteem gaat bij het
invoeren van een adres van een
bepaalde volgorde uit. Afhankelijk
van het land waarin het adres zich
bevindt, kan er een andere invoer‐ volgorde vereist zijn. Bij adressen
in andere landen, dient als laatste
ook het land te worden ingevoerd.
Gedetailleerde beschrijving 3 53.? Hoe kan ik de actieve routebege‐
leiding annuleren?
! Selecteer
MENU op de interac‐
tieve selectiebalk en vervolgens
Annuleer route om de routebege‐
leiding te annuleren.
Gedetailleerde beschrijving 3 59.
Audio
? Hoe kan ik de audiobron wijzigen?
! Door herhaaldelijk op
RADIO te
drukken, kunt u tussen alle be‐
schikbare radiobronnen (AM/FM/
DAB) wisselen. Door herhaaldelijkop MEDIA te drukken kunt u tus‐
sen alle beschikbare mediabron‐ nen (USB, iPod, Bluetooth audio,
cd, AUX) wisselen.
Gedetailleerde beschrijving van
radio 3 32, CD 3 37, externe ap‐
paratuur 3 40.? Hoe kan ik in radiozenders of me‐
dia-muziek zoeken?
! Om in radiozenders of mediamu‐
ziek te zoeken, bijvoorbeeld in af‐
speellijsten of albums, selecteert u
BLADEREN op het audioscherm.
Gedetailleerde beschrijving van
radio 3 32, CD 3 38, externe ap‐
paratuur 3 42.
Overige
? Hoe kan ik de prestaties van de
spraakherkenning verbeteren?
! Het spraakherkenningssysteem is
ontworpen om natuurlijk uitgespro‐
ken commando's te begrijpen.
Wacht tot u de pieptoon hoort voor u gaat spreken. Probeer natuurlijk
te spreken, niet te snel of te hard.
Gedetailleerde beschrijving 3 65.
Page 86 of 129

86TrefwoordenlijstAAanraakscherm ............................ 14
Adresboek .................................... 53
Algemene aanwijzingen 6, 37, 45, 71
Algemene informatie ..............40, 65
AUX ........................................... 40
Bluetooth-muziek ......................40
CD ............................................. 37
Infotainment-systeem ..................6
Navigatie ................................... 45
Radio ......................................... 32
Telefoonportal ........................... 71
USB ........................................... 40
Antidiefstalfunctie ..........................7
Audio afspelen .............................. 42
Audiobestanden ........................... 40
Automatische volumeaanpassing Automatisch volume ..................27
Automatisch volume .....................27
Auto Set ........................................ 28
AUX .............................................. 40
AUX activeren............................... 42
B Balans........................................... 26
Bas ............................................... 26
Basisbediening ............................. 14
Contacten .................................. 23
Favorieten ................................. 18
Interactieve selectiebalk ............16Lettertekenherkenningsveld ......17
Startscherm ............................... 16
Toepassingenbalk .....................16
Toetsenblok............................... 17
Toetsenbord .............................. 17
Bediening...................................... 75 Aanraakscherm ......................... 14
AUX ........................................... 42
Bluetooth-muziek ......................42
CD ............................................. 38
Contacten .................................. 23
Favorieten ................................. 18
Infotainment-systeem ................12
Navigatiesysteem ......................46
Radio ......................................... 32
Telefoon .................................... 75
Toetsenborden .......................... 17
USB ..................................... 42, 43
Bediening aanraakscherm ............14
Bedieningselementen Infotainment-systeem ..................8
Stuurwiel ..................................... 8
Bedieningspaneel Infotainment ......8
Bediening van het menu ...............16
Begeleiding .................................. 59
Beltoon ......................................... 75
Bestandsindelingen Audiobestanden ........................40
Filmbestanden........................... 40
Page 87 of 129

87Bluetooth-muziek..........................40
Bluetooth-verbinding ....................72
C Categorielijst ................................. 32
CD-speler ..................................... 37
CD-speler activeren ......................38
Contacten ............................... 23, 53
Aanpassen ................................ 23
Opslaan ..................................... 23
Opvragen .................................. 23
D DAB .............................................. 35
DAB-koppeling.............................. 35
Datum ........................................... 28
Diakritische tekens .......................17
Digital Audio Broadcasting ...........35
Displaymodus ............................... 28
E
EQ ................................................ 26
Equaliser....................................... 26
F
Fabrieksinstellingen terugzetten ...28
Fader ............................................ 26
Favorieten..................................... 18 Clusterdisplay............................ 18
Naam wijzigen ........................... 18
Opslaan ..................................... 18Opvragen.................................. 18
Weergave .................................. 18
Wissen ...................................... 18
Favorieten opslaan .......................18
Favorieten opvragen ....................18
Favorieten weergeven ..................18
Filmbestanden .............................. 40
Films ............................................. 43
Films afspelen .............................. 43
Frequentielijst ............................... 32
G
Gebruik ................. 12, 32, 38, 46, 67
Aanraakscherm ......................... 14
AUX ........................................... 42
Bluetooth-muziek ......................42
CD ............................................. 38
Infotainment-systeem ................12
Navigatiesysteem ......................46
Telefoon .................................... 75
USB ..................................... 42, 43
Geluidsinstellingen .......................26
H
Het Infotainmentsysteem activeren.................................... 12
Het navigatiesysteem activeren ...46
Home-toets ................................... 16I
Infotainmentsysteem inschakelen 12
Intellitext ....................................... 35
Interactieve selectiebalk ...............16
Invoer van de bestemming ..........53
K Kaarten ......................................... 46
Kalibratie van het aanraakscherm 28
Klokdisplay ................................... 28
Koppelen ...................................... 72
L
L-Band .......................................... 35
Lettertekenherkenningsveld .........17
Lijst met afslagen.......................... 59
M
Maximaal inschakelvolume........... 27
Meldingen ..................................... 16
Middenbereik ................................ 26
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur ...................81
Mute.............................................. 12
N Navigatie....................................... 59 Bestemmingsinvoer................... 53
Contacten ............................ 23, 53
Favorieten ................................. 18
Gesproken instructies ...............59
Page 89 of 129

89Recente oproepen....................75
Tekstberichten........................... 78
Telefoonboek ...................... 23, 75
Telefoonboek .......................... 23, 75
Telefoongesprek Afwijzen ..................................... 75
Initiëren ..................................... 75
Opnemen .................................. 75
Telefoonportal activeren ...............75
Telefoonweergave ........................44
Telefoonweergave activeren ........44
TMC-stations (verkeersinforma‐ tiekanalen)................................. 45
Toepassingenbalk ........................16
Toetsenblok .................................. 17
Toetsenbord Alfabetisch toetsenbord ............17
Toetsenbord symbolen .............17
Toetsenborden ............................. 17
TP ................................................. 33
Treble ........................................... 26
Trip met routepunten ....................53
Tijd ................................................ 28
U USB .............................................. 40
USB activeren......................... 42, 43V
Valetmodus Ontgrendelen ............................ 28
Vergrendelen ............................ 28
Veelgestelde vragen .....................83
Verkeersincidenten .......................59
Verkeersinformatie .......................33
Volume Automatisch volume ..................27
Maximaal inschakelvolume .......27
Stiltefunctie................................ 12
Volume instellen ........................12
Volume-instellingen ......................27
Z
Zenderlijst ..................................... 32
Zender zoeken.............................. 32
Page 92 of 129

92InleidingInleidingAlgemene aanwijzingen...............92
Antidiefstalfunctie ......................... 93
Overzicht bedieningselementen ..94
Gebruik ........................................ 97Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u eer‐
steklas infotainment voor in uw auto.
Met de FM-, AM-, of DAB-radiofunc‐
ties kunt u op diverse favorietenpagi‐
na's een groot aantal zenders op‐
slaan.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als alternatieve audiobron op
het infotainmentsysteem aansluiten,
bijv. een iPod, USB-apparaten of an‐ dere externe apparaten; via een ka‐
bel of via Bluetooth.
Het digitale geluidssysteem heeft di‐
verse vooraf ingestelde equaliser-
modi, waarmee u het geluid kunt op‐
timaliseren.
Ook is het Infotainmentsysteem uit‐ gevoerd met een Telefoonportaal
waarmee u uw mobiele telefoon com‐
fortabel in de auto kunt gebruiken.
Daarnaast kan het Infotainmentsys‐
teem worden bediend met behulp van
het bedieningspaneel of de knoppen op het stuur.Let op
Deze handleiding beschrijft alle voor
de diverse Infotainmentsystemen
beschikbare opties en functies. Be‐
paalde beschrijvingen, zoals die
voor display- en menufuncties, gel‐
den vanwege de modelvariant,
landspecifieke uitvoeringen, speci‐
ale uitrusting en toebehoren wellicht niet voor uw auto.
Belangrijke informatie over de
bediening en de
verkeersveiligheid9 Waarschuwing
Rijd altijd veilig wanneer u het in‐
fotainment-systeem gebruikt.
Stop bij twijfel de auto voordat u het infotainment-systeem bedient.
9 Waarschuwing
In sommige gebieden zijn eenrich‐
tingsstraten en andere wegen en
inritten (bijv. voetgangerszones) waar u niet mag inrijden niet op de
Page 98 of 129

98InleidingVoor snelheid gecompenseerd
volume
Na inschakeling van het voor snel‐
heid gecompenseerd volume 3 101
wordt het volume automatisch zoda‐
nig aangepast dat er geen geluid van het wegdek of van de wind hoorbaar
is.
Stiltefunctie
Druk op m voor het dempen van de
audiobronnen.
Draai aan m om de mute-functie te
annuleren.
Bedieningsmodi
Radio
Druk op RADIO om het radiohoofd‐
menu te openen of te wisselen tussen de verschillende golfbereiken.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de radiofuncties 3 104.
CD-speler
Druk herhaaldelijk op MEDIA om de
cd-speler te activeren.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de functies van de cd-speler
3 111.Externe apparaten
Druk herhaaldelijk op MEDIA om de
afspeelmodus van een verbonden ex‐
tern apparaat (bijv. USB-apparaat, iPod of smartphone) te activeren.
Voor een gedetailleerde beschrijving
over het aansluiten en bedienen van
externe apparaten 3 114.
Telefoon
Druk op ; om het Startscherm weer
te geven.
Selecteer TEL. om een Bluetooth-
verbinding tussen het Infotainment‐ systeem en een mobiele telefoon tot
stand te brengen.
Bij het tot stand brengen van een ver‐ binding verschijnt het hoofdmenu van
de telefoonmodus.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de werking van de mobiele tele‐
foon via het Infotainmentsysteem
3 121.
Als er geen verbinding tot stand kan
worden gebracht, verschijnt er een
bericht met die strekking. Voor een
gedetailleerde beschrijving van het
opzetten en het tot stand brengen vaneen Bluetooth-verbinding tussen het
Infotainmentsysteem en een mobiele
telefoon 3 118.
Page 114 of 129

114Externe apparatenExterne apparatenAlgemene informatie..................114
Audio afspelen ........................... 115Algemene informatie
Onder de armsteun in de middencon‐
sole bevinden zich een AUX- en USB-
poort voor het aansluiten van externe apparatuur. Een gedetailleerde be‐
schrijving over het omhoog zetten
van de armsteun vindt u in de Gebrui‐ kershandleiding.
Let op
Deze poort moet u altijd schoon- en
drooghouden.
AUX-ingang
U kunt bijvoorbeeld een iPod, smart‐ phone of een ander randapparaat op
de AUX-ingang aansluiten.
Na het aansluiten op de AUX-ingang
wordt het audiosignaal van het rand‐
apparaat via de luidsprekers van het
Infotainmentsysteem verzonden.
Het volume en de geluidsinstellingen
kunnen via het Infotainmentsysteem
worden aangepast. Alle andere be‐
dieningsfuncties werken via het rand‐
apparaat zelf.Een apparaat aansluiten/loskoppelen
Gebruik de volgende kabel om het
randapparaat op de AUX-ingang van
het Infotainmentsysteem aan te slui‐
ten:
3-polig voor audiobron.
Ontkoppel het AUX-apparaat door
een andere functie te selecteren en
dan het AUX-apparaat te verwijderen.
Audiofunctie AUX
Het Infotainmentsysteem kan de mu‐
ziekbestanden afspelen die op ex‐
terne apparaten staan, bijv. op een
iPod of smartphone.
USB-poort Op de USB-poort kunt u een MP3-
speler, USB-opslagstation, iPod of
smartphone aansluiten.
Na het aansluiten op de USB-poort werken de bovenvermelde apparaten
via de knoppen en menu's van het In‐ fotainmentsysteem.
Page 115 of 129

Externe apparaten115Let op
Niet alle modellen mp3-spelers, USB-drives, iPods of smartphones
worden ondersteund door het Info‐
tainmentsysteem.
Een apparaat aansluiten/loskoppelen
Sluit het USB-apparaat of IPod aan
op de USB-poort. Gebruik voor de
iPod de juiste aansluitkabel. De mu‐
ziekfunctie start automatisch.
Let op
Bij het verbinden van een niet-lees‐
baar USB-apparaat of een iPod ver‐
schijnt er een bijbehorende foutmel‐ ding en schakelt het Infotainment‐
systeem automatisch terug naar de
vorige functie.
Ontkoppel het USB-apparaat of de
IPod door een andere functie te se‐
lecteren en daarna het USB-opslag‐
medium te verwijderen.Voorzichtig
Koppel het toestel tijdens het af‐
spelen niet los. Hierdoor kan het
toestel of het Infotainmentsysteem beschadigd raken.
Audiofunctie USB
Het Infotainmentsysteem kan mu‐
ziekbestanden op USB-opslagmedia
of iPod/iPhone-producten afspelen.
Bluetooth Bluetooth-compatibele audiobronnen
(bijv. mobiele telefoons voor muziek,
mp3-spelers met Bluetooth enz.) die
de Bluetooth-muziekprofielen A2DP
en AVRCP ondersteunen, werken
draadloos op het Infotainmentsys‐
teem.
Een apparaat aansluiten
Vind een gedetailleerde beschrijving
van de Bluetooth-verbinding 3 118.
Audiofunctie Bluetooth
Het Infotainmentsysteem kan mu‐
ziekbestanden op Bluetooth-appara‐
tuur zoals een iPod of Smartphone
afspelen.
Bestandsindelingen
Er wordt alleen apparatuur onder‐
steund die volgens FAT32, NTFS of
HFS+ zijn geformatteerd.Let op
Sommige bestanden worden wel‐
licht niet goed afgespeeld. Dit kan
worden veroorzaakt door een ander
opnameformaat of de staat van het
bestand.
Bestanden van online-winkels met digitaal rechtenbeheer (DRM) kun‐
nen niet worden afgespeeld.
Het Infotainmentsysteem kan de vol‐ gende audiobestanden op externe
apparaten afspelen/weergeven.
Audiobestanden
De afspeelbare audiobestandsinde‐
lingen zijn .mp3, .wma, .aac en .aif.
Bij het afspelen van een bestand met ID3 tag-informatie kan het Infotain‐
mentsysteem informatie weergeven,
bijv. over de titel van de track en de
artiest.
Audio afspelen
Afspelen starten
Aansluiten van het apparaat 3 114.
Druk herhaaldelijk op MEDIA om de
gewenste mediabron te selecteren.