USB OPEL KARL 2016.5 Handleiding Infotainment (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2016.5, Model line: KARL, Model: OPEL KARL 2016.5Pages: 85, PDF Size: 1.59 MB
Page 38 of 85

38Telefoontelefoneren verboden is, als demobiele telefoon interferentie ver‐
oorzaakt of als er zich gevaarlijke
situaties kunnen voordoen.
Bluetooth
De telefoonportal is gecertificeerd
door de Bluetooth Special Interest
Group (SIG).
Meer informatie over de specificatie
kunt u op internet op http://www.blue‐
tooth.com vinden
Bluetooth-verbinding
Bluetooth is een standaard voor het
draadloos verbinden van bijv. mo‐
biele telefoons, smartphones, iPod/
iPhone-modellen en andere appara‐
ten.
Via het menu Bluetooth worden Blue‐
tooth-apparaten met het infotain‐
mentsysteem gekoppeld (uitwisselen
van pincode tussen Bluetooth-appa‐
raat en infotainmentsysteem) en ver‐
bonden.
Menu Bluetooth
Druk op ; en selecteer vervolgens
INSTELLINGEN .
Selecteer Bluetooth om het Blue‐
tooth-menu weer te geven.
Een apparaat koppelen
Opmerkingen ● U kunt maximaal tien apparaten met het systeem koppelen.
● Er kan slechts één gekoppeld ap‐
paraat tegelijk met het infotain‐
mentsysteem worden verbon‐
den.
● Koppelen is in de regel slechts één keer noodzakelijk, tenzij het
apparaat van de lijst met gekop‐
pelde apparaten wordt gewist.
Als het apparaat eerder verbon‐
den was, brengt het infotainment‐ systeem de verbinding automa‐
tisch tot stand.
● Door de bediening van Bluetooth
wordt de accu van het apparaat
aanzienlijk belast. Sluit het appa‐ raat daarom aan op een USB-
poort, zodat het wordt opgela‐
den.
Een nieuw apparaat koppelen 1. Activeer de Bluetooth-functie van het Bluetooth-apparaat. Raad‐
pleeg voor meer informatie de ge‐ bruiksaanwijzing van het Blue‐
tooth-apparaat.
2. Druk op ; en selecteer vervol‐
gens INSTELLINGEN op het info‐
display.
Selecteer Bluetooth en dan
Apparaatbeheer om het betref‐
fende menu weer te geven.
Page 44 of 85

44TelefoonSelecteer v op het scherm of druk op
qw op het stuurwiel.
Snelkiesnummers gebruiken
Snelkiesnummers die op de mobiele
telefoon zijn opgeslagen, kunt u ook
met het toetsenblok van het telefoon‐
hoofdmenu kiezen.
Druk op ; en selecteer vervolgens
TELEFOON .
Houd het desbetreffende getal op het toetsenblok ingedrukt om de oproep
te starten.
Inkomend telefoongesprek
Een oproep aannemen
Als er bij een inkomende oproep een
audiomodus, bijv. de radio- of USB-
modus, actief is, wordt het geluid van de audiobron onderdrukt en blijft dit
zo totdat het gesprek wordt beëin‐
digd.
Er verschijnt een melding met het te‐
lefoonnummer of de naam van de bel‐
ler (indien beschikbaar).
Selecteer v in het bericht of druk op
qw op het stuurwiel om de oproep te
beantwoorden.
Een oproep weigeren
Selecteer J in het bericht of druk op
xn op het stuurwiel om de oproep
te weigeren.
Beltoon wijzigen
Druk op ; en selecteer vervolgens
INSTELLINGEN .
Selecteer Bluetooth en dan Beltonen
om het betreffende menu weer te ge‐
ven. Er verschijnt een lijst met alle ge‐ koppelde apparaten.
Kies het gewenste apparaat. Er wordt
een lijst weergegeven met alle belto‐
nen voor dit apparaat.
Selecteer een van de beltonen.
Functies tijdens het gesprek Tijdens een telefoongesprek ver‐
schijnt het hoofdmenu op het display.
Handsfree-modus tijdelijk
deactiveren
Activeer m om het mobiele telefoon‐
gesprek te vervolgen.
Deactiveer m om terug te keren naar
de handsfree-modus.
Page 48 of 85

48TrefwoordenlijstAAfbeeldingen weergeven ..............32
Afbeeldingsbestanden ..................28
Afbeelding via USB activeren .......32
Algemene aanwijzingen ...........6, 37
Algemene informatie ..............28, 36
AUX ........................................... 28
Bluetooth ................................... 28
DAB ........................................... 25
Infotainmentsysteem ...................6
Smartphone-applicaties ............28
Telefoon .................................... 37
USB ........................................... 28
Antidiefstalfunctie ..........................7
Audio afspelen .............................. 30
Audiobedieningsknoppen aan stuurwiel ...................................... 8
Audiobestanden ........................... 28
Audio via AUX activeren ...............30
Audio via iPod activeren ...............30
Audio via USB activeren ...............30
Automatisch volume .....................17
AUX Algemene informatie .................28
Apparaat aansluiten ..................28
Audiomenu AUX........................ 30
B Basisbediening ............................. 14
Bediening...................................... 41Externe apparaten ....................28
Menu ......................................... 14
Radio ......................................... 21
Telefoon .................................... 41
Bedieningselementen Infotainmentsysteem ...................8
Stuurwiel ..................................... 8
Bedieningspaneel Infotainment ......8
Beginmenu ................................... 14
Bel Beltoon ...................................... 41
Functies tijdens het gesprek .....41
Inkomend gesprek ....................41
Telefoongesprek initiëren ..........41
Beltoon Beltoon wijzigen ........................41
Beltoonvolume .......................... 17
Bestandsindelingen Afbeeldingsbestanden ..............28
Audiobestanden ........................28
Filmbestanden........................... 28
Bluetooth Algemene informatie .................28
Apparaat aansluiten ..................28
Bluetooth-verbinding .................38
Koppelen ................................... 38
Menu Streaming audio via
Bluetooth ................................... 30
Telefoon .................................... 41
Bluetooth-verbinding ....................38
Page 49 of 85

49DDAB .............................................. 25
Digital Audio Broadcasting ...........25
Display-instellingen................. 32, 33
F
Favoriete lijsten Zenders ophalen .......................23
Zenders opslaan .......................23
Favorietenlijst ............................... 23
Filmbestanden .............................. 28
Films afspelen .............................. 33
Film via USB activeren .................33
G
Gebruik ............................. 11, 21, 36
AUX ........................................... 28
Bluetooth ................................... 28
iPod ........................................... 28
Menu ......................................... 14
Radio ......................................... 21
Telefoon .................................... 41
USB ........................................... 28
Geluidsinstellingen .......................16
I
Infotainmentsysteem inschakelen 11
Intellitext ....................................... 25
iPod .............................................. 28
Apparaat aansluiten ..................28
iPod-audiomenu ........................30K
Koppelen ...................................... 38
M
Maximaal opstartvolume............... 17 Menubediening ............................. 14
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur ...................45
Mute.............................................. 11
N Noodoproep .................................. 40
O Oproepenhistorie ..........................41
Overzicht bedieningselementen .....8
R
Radio Afstemmen op zender ...............21
DAB configureren ......................25
DAB-berichten ........................... 25
Digital audio broadcasting
(DAB) ........................................ 25
Favoriete lijsten ......................... 23
Frequentiebereik selecteren .....21
Gebruik...................................... 21
Inschakelen ............................... 21
Intellitext .................................... 25
Radio Data System (RDS) ........24
RDS configureren...................... 24Regio-instelling.......................... 24
Regionaal .................................. 24
Zender zoeken .......................... 21
Zenders ophalen .......................23
Zenders opslaan .......................23
Radio activeren............................. 21
Radio Data System (RDS) ........... 24
RDS .............................................. 24
Regio-instelling ............................. 24
Regionaal ..................................... 24
S Selectie van frequentiebereik .......21
Smartphone .................................. 28
Telefoonweergave ....................34
Smartphone-applicaties gebruiken .................................. 34
Snelkiesnummers .........................41
Spraakherkenning ........................36
Stemherkenning ........................... 36
Streaming audio via Bluetooth activeren.................................... 30
Systeeminstellingen...................... 18
T
Telefoon Algemene informatie .................37
Beltoon selecteren ....................41
Bluetooth ................................... 37
Bluetooth-verbinding .................38
Een nummer invoeren ...............41
Page 50 of 85

50Functies tijdens het gesprek.....41
Hoofdmenu Telefoon ................41
Inkomend gesprek ....................41
Noodoproepen .......................... 40
Oproepenhistorie ......................41
Snelkiesnummer .......................41
Telefoonboek ............................ 41
Telefoon activeren ........................41
Telefoonboek ................................ 41
Telefoonweergave ........................34
Telefoonweergave activeren ........34
U USB Afbeeldingenmenu USB ............32
Algemene informatie .................28
Apparaat aansluiten ..................28
Audiomenu USB........................ 30
Filmmenu USB .......................... 33
V
Volume Automatisch volume ..................17
Beltoonvolume .......................... 17
Maximaal opstartvolume ...........17
Stiltefunctie................................ 11
Volume aanraakpiep .................17
Volume instellen ........................11
Volume TP ................................ 17Volumebegrenzing bij hoge
temperaturen ............................. 11
Voor snelheid
gecompenseerd volume ............17
Volume aanraakpiep ....................17
Volume-instellingen ......................17
Volume TP .................................... 17
Z Zenders ophalen .......................... 23
Zenders opslaan ........................... 23
Zender zoeken.............................. 21
Page 52 of 85

52InleidingInleidingAlgemene aanwijzingen...............52
Antidiefstalfunctie ......................... 53
Overzicht bedieningselementen ..54
Gebruik ........................................ 59Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u eer‐
steklas infotainment voor in uw auto.
Met de functies van de radiotuner
kunt u op verschillende favorietenpa‐
gina's een groot aantal zenders op‐
slaan.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als alternatieve audiobron op
het infotainmentsysteem aansluiten,
bijv. een iPod, USB-apparaten of an‐ dere externe apparaten; via een ka‐
bel of via Bluetooth.
Het digitale geluidssysteem heeft di‐
verse vooraf ingestelde equalizer‐
modi, waarmee u het geluid kunt op‐
timaliseren.
Ook is het infotainmentsysteem uit‐
gevoerd met een telefoonportal waar‐
mee u uw mobiele telefoon comforta‐ bel in de auto kunt gebruiken.
Daarnaast kan het infotainmentsys‐
teem worden bediend met behulp van
het bedieningspaneel of de knoppen
op het stuur.Indien uw mobiele telefoon dit onder‐ steunt, kan het systeem ook door
middel van spraakherkenning worden
bediend.
Let op
Deze handleiding beschrijft alle voor
de diverse Infotainmentsystemen beschikbare opties en functies. Be‐
paalde beschrijvingen, zoals die
voor display- en menufuncties, gel‐
den vanwege de modelvariant,
landspecifieke uitvoeringen, speci‐
ale uitrusting en toebehoren wellicht
niet voor uw auto.
Belangrijke informatie over de
bediening en de
verkeersveiligheid9 Waarschuwing
Rijd altijd veilig wanneer u het in‐
fotainment-systeem gebruikt.
Stop bij twijfel de auto voordat u het infotainment-systeem bedient.
Page 70 of 85

70Externe apparatenExterne apparatenAlgemene informatie....................70
Audio afspelen ............................. 72Algemene informatie
De AUX- en USB-aansluiting voor ex‐ terne apparaten bevindt zich op de
middenconsole.
Aan de achterkant van de midden‐
console bevinden zich twee USB-
aansluitingen die speciaal zijn be‐ stemd voor oplaadapparaten.
Let op
Houd de aansluitingen altijd schoon en droog.
AUX-ingang
U kunt bijvoorbeeld een iPod, smart‐
phone of een ander extern apparaat
op de AUX-ingang aansluiten.
Na het aansluiten op de AUX-ingang
wordt het audiosignaal van het rand‐
apparaat via de luidsprekers van het
infotainmentsysteem verzonden.
Het volume en de geluidsinstellingen kunnen via het infotainmentsysteem
worden aangepast. Alle andere be‐ dieningsfuncties werken via het rand‐
apparaat zelf.Het infotainmentsysteem kan de mu‐
ziekbestanden afspelen die op ex‐
terne apparaten staan, bijv. op een
iPod of smartphone.
Een apparaat aansluiten/loskoppelen
Gebruik de volgende kabel om het
randapparaat op de AUX-ingang van
het infotainmentsysteem aan te slui‐ ten:
3-polig voor audiobron.
Ontkoppel het AUX-apparaat door
een andere functie te selecteren en
dan het AUX-apparaat te verwijderen.Voorzichtig
Koppel het toestel tijdens het af‐
spelen niet los. Hierdoor kan het
toestel of het Infotainmentsysteem beschadigd raken.
USB-poort
Op de USB-poort kunt u een MP3-
speler, USB-opslagstation, iPod of
smartphone aansluiten.
Page 71 of 85

Externe apparaten71Na het aansluiten op de USB-poortwerken de bovenvermelde apparaten
via de knoppen en menu's van het in‐ fotainmentsysteem.
Let op
Niet alle modellen mp3-spelers, USB-drives, iPods of smartphones
worden door het infotainmentsys‐
teem ondersteund.
Het infotainmentsysteem kan mu‐
ziekbestanden op USB-opslagmedia
of iPod/iPhone-producties afspelen.
Een apparaat aansluiten/loskoppelen
Sluit het USB-apparaat of IPod aan
op de USB-poort. Gebruik voor de
iPod de juiste aansluitkabel.
Let op
Bij het verbinden van een niet-lees‐
baar USB-apparaat of een iPod ver‐ schijnt er een bijbehorende foutmel‐ ding en schakelt het Infotainment‐
systeem automatisch terug naar de
vorige functie.
Ontkoppel het USB-apparaat of de
IPod door een andere functie te se‐
lecteren en daarna het USB-opslag‐
medium te verwijderen.Voorzichtig
Koppel het toestel tijdens het af‐
spelen niet los. Hierdoor kan het
toestel of het Infotainmentsysteem beschadigd raken.
MTP-apparaatinstellingen
In het instellingenmenu kunt u aan‐ vullende instellingen aanpassen voor apparaten die via het MTP zijn aan‐
gesloten.
Druk in een actieve audiobron op
MENU , blader door de lijst en selec‐
teer Indstillinger (Settings) . Selecteer
Telefoonverbinding (alleen MTP) .
Als u wilt dat het apparaat alleen via
de USB-poort wordt opgeladen, moet u Alleen opladen activeren. Als u naar
de USB-audiobron omschakelt terwijl deze instelling is geactiveerd, wordt u
gewaarschuwd met een oplaadbe‐
richt.
Als u muziekbestanden wilt afspelen
die op het apparaat zijn opgeslagen,
moet u Alleen mappen met muziek
scannen of Alle mappen scannen ac‐
tiveren.
Bluetooth
Bluetooth-compatibele audiobronnen
(bijv. mobiele telefoons voor muziek,
mp3-spelers met Bluetooth enz.) die
de Bluetooth-muziekprofielen PBAP,
HFP, A2DP en AVRCP ondersteu‐
nen, werken draadloos op het info‐
tainmentsysteem.
Het infotainmentsysteem kan de mu‐ ziekbestanden afspelen die op Blue‐
tooth-apparaten staan, zoals een
iPod of smartphone.
Een apparaat aansluiten/loskoppelen
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de Bluetooth-verbinding 3 76.
Bluetooth-apparatenlijst
Activeer de Bluetooth-audiobron,
druk op MENU en selecteer vervol‐
gens Bluetooth-apparaten beheren
om naar de Bluetooth-apparatenlijst
te gaan.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de Bluetooth-apparatenlijst
3 76.
Page 72 of 85

72Externe apparatenBestandsindelingenEr worden alleen apparaten onder‐
steund die zijn geformatteerd in de
FAT16/32 bestandssystemen.
Let op
Sommige bestanden worden wel‐
licht niet goed afgespeeld. Dit kan
worden veroorzaakt door een ander
opnameformaat of de staat van het
bestand.
Bestanden van online-winkels met
digitaal rechtenbeheer (DRM) kun‐ nen niet worden afgespeeld.
De volgende MP3- en WMA-bestan‐
den kunnen worden afgespeeld:
● Transmissiesnelheid: 8 kbps ~ 320 kbps
● Samplingfrequentie: 48 kHz, 44,1 kHz, 32 kHz (voor mpeg-1)
en 24 kHz, 22,05 kHz, 16 kHz
(voor mpeg-2)
MP3-bestanden die gebruik maken van VBR, kunnen worden afge‐
speeld.Bij het afspelen van een bestand met
ID3 tag-informatie (versie 1.0, 1.1,
2.2, 2.3 en 2.4) kan het infotainment‐ systeem informatie weergeven, bijv.
over de titel van de track en de artiest.
Audio afspelen
Weergave starten
Aansluiten van het apparaat 3 70.
Druk herhaaldelijk op MEDIA om de
gewenste mediabron te selecteren.
Voorbeeld: USB-bron.
Let op
De onderstaande bedieningsfunc‐
ties zijn niet beschikbaar voor AUX-
apparaten.
Functietoetsen
Naar het vorige of volgende bestand
gaan
Druk op t of v om het vorige of
volgende nummer af te spelen.
Als, zodra het nummer wordt afge‐
speeld, binnen 5 seconden op t
wordt gedrukt, gaat het systeem naar het begin van het huidige nummer.
Snel vooruit of achteruit gaan
Houd t of v ingedrukt om snel
voor- of achteruit te spoelen.
Afspeelvolgorde Druk in het desbetreffende audiobron
op MENU en blader door de lijst naar
Willekeurige volgorde .
Stel Willekeurige volgorde in op
AAN om de nummers op het apparaat
in willekeurige volgorde af te spelen.
Stel Willekeurige volgorde in op UIT
om de nummers in de normale volg‐
orde af te spelen.
Page 74 of 85

74SpraakherkenningSpraakherkenningAlgemene informatie....................74
Gebruik ........................................ 74Algemene informatie
Via de spraakdoorschakel-toepas‐ sing van het infotainmentsysteem
hebt u toegang tot de spraakherken‐
ningscommando's op uw smart‐
phone. Zie de gebruikershandleiding
van uw smartphone om te controleren of uw smartphone deze functie on‐
dersteunt.
Om de spraakdoorschakel-toepas‐
sing te kunnen gebruiken, moet de
smartphone op het infotainmentsys‐
teem zijn aangesloten via een USB-
kabel 3 70 of via Bluetooth 3 76.
Gebruik
Spraakherkenning activeren Houd qw op het stuurwiel ingedrukt
om een spraakherkenningssessie te
starten. Er verschijnt een spraakbe‐
sturingsbericht op het scherm.
Zodra er een pieptoon heeft geklon‐
ken kunt u een commando uitspre‐
ken. Raadpleeg voor informatie over
ondersteunde commando's de ge‐
bruiksaanwijzing van uw smartphone.Volume van gesproken commando's
aanpassen
Draai aan m op het bedieningspaneel
of druk op + / - rechts op het stuurwiel
om het volume van de gesproken in‐
structies hoger of lager te zetten.
Spraakherkenning deactiveren Druk op xn op het stuurwiel. Het
spraakbesturingsbericht verdwijnt, de
spraakherkenningssessie wordt be‐
eindigd.