radio OPEL ZAFIRA C 2016.5 Handleiding Infotainment (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2016.5, Model line: ZAFIRA C, Model: OPEL ZAFIRA C 2016.5Pages: 181, PDF Size: 2.91 MB
Page 156 of 181

156Radio
Activeer de gewenste berichtcatego‐
rieën.
Er kunnen diverse berichtcategorieën tegelijk worden geselecteerd.
Let op
De volgende opties zijn alleen be‐ schikbaar als RDS op Aan wordt ge‐
zet.
Radio Data System (RDS) RDS is een dienst van FM-zenders
die het vinden van de gewenste zen‐
der en een storingsvrije ontvangst
aanzienlijk vereenvoudigt.
Voordelen van RDS
● Op het display verschijnt de pro‐ grammanaam van de geselec‐
teerde zender i.p.v. de frequen‐
tie.
● Tijdens het zoeken naar zenders
stemt het Infotainmentsysteem
alleen af op RDS-zenders.
● Het Infotainmentsysteem stemt altijd af op de zendfrequentie van
de ingestelde zender met de
beste ontvangst via AF (alterna‐
tieve frequentie).
● Afhankelijk van de ontvangen zender geeft het Infotainment‐
systeem radiotekst weer die bijv.
informatie over het actuele pro‐
gramma kan bevatten.
Configureren van RDS Druk op CONFIG om het menu
Instellingen te openen.
Selecteer Radio-instellingen en ver‐
volgens RDS-opties .
Zet RDS op Aan of Uit.
Let op
Na het uitschakelen van RDS wordt
deze functie automatisch weer inge‐ schakeld bij het afstemmen op een
andere zender (via de zoekfunctie of een voorkeuzeknop).
Let op
De volgende opties zijn alleen be‐
schikbaar als RDS op Aan wordt ge‐
zet.
Page 157 of 181

Radio157RDS-opties
In- en uitschakelen van regio-
instelling
Soms zenden RDS-zenders op ver‐
schillende frequenties programma's
uit die regionaal van elkaar verschil‐
len.
Zet Regionaal op Aan of Uit.
Als de regio-instelling is ingescha‐ keld, worden er uitsluitend alterna‐
tieve frequenties (AF) met dezelfde
regionale programma's geselecteerd.
Is de regio-instelling uitgeschakeld,
worden alternatieve frequenties voor
de zenders geselecteerd zonder re‐
kening te houden met regionale pro‐
gramma's.
RDS-scrolltekst
Sommige RDS-zenders gebruiken de regel van de programmanaam voor
het tonen van eventuele extra infor‐
matie.
Om te voorkomen dat extra informatie
wordt weergegeven:
Zet Geen rollende displaytekst op
Aan .Radiotekst
Als de RDS-functie wordt geactiveerd en er momenteel een RDS-zender
wordt ontvangen, verschijnt er infor‐
matie over het huidige programma en
de momenteel beluisterde muzeik‐
track onder de naam van het pro‐
gramma.
Toon of verberg deze informatie door Radio-tekst op Aan of Uit te zetten.
TA-volume
Het volume van verkeersberichten
(TA) kan vooraf worden ingesteld.
Voor een gedetailleerde beschrijving
3 150.
Radioverkeerinformatieservice (TP = verkeersprogramma)
Zenders met radioverkeerinformatie‐
service zijn RDS-zenders die ver‐
keerinformatie uitzenden.
Het in- en uitschakelen van de radio‐
verkeerinformatieservice
In- en uitschakelen van de stand-by verkeersberichtenfunctie van het In‐
fotainmentsysteem:
Druk op TP.● Is de radioverkeerinformatieser‐
vice ingeschakeld, wordt [ ] weer‐
gegeven in het radiohoofdmenu.
● Alleen zenders met radioverkeer‐
informatieservice worden ont‐vangen.
● Is het huidige station geen zen‐ der met radioverkeerinformatie‐
service, wordt een zoekopdracht
gestart naar de volgende zender
met radioverkeerinformatieser‐
vice.
● Wordt een zender met radiover‐ keerinformatieservice gevonden,
wordt [TP] weergegeven in het
radiohoofdmenu.
● Verkeersberichten worden afge‐ speeld op het ingestelde TA-vo‐
lume 3 150.
● Als verkeersinformatie is inge‐ schakeld, wordt het afspelen van
de cd-/mp3 voor de duur van het
verkeersbericht onderbroken.
Alleen naar verkeersberichten
luisteren
Schakel de radioverkeerinformatie‐
service in en draai het volume van het Infotainmentsysteem helemaal terug.
Page 158 of 181

158RadioBlokkeren van verkeersberichten
Ga als volgt te werk om een verkeers‐
bericht, bijv. tijdens het afspelen van
cd/mp3, te blokkeren:
Druk op TP of de multifunctionele
knop om het annuleringsbericht op
het display te bevestigen.
Het verkeersbericht wordt geannu‐
leerd, maar de verkeersinformatie
blijft ingeschakeld.
Digital Audio Broadcasting
DAB zendt radiozenders digitaal uit.
DAB-zenders worden aangeduid met
de programmanaam i.p.v. met de
zendfrequentie.Algemene informatie
● Met DAB kunnen verschillende programma's (diensten) op de‐
zelfde frequentie worden uitge‐
zonden (ensemble).
● Naast hoogwaardige diensten voor digitale audio is DAB ook in
staat om programmagerela‐
teerde gegevens en een veelheid
aan andere dataservices uit te
zenden, inclusief reis - en ver‐
keersinformatie.
● Zolang een bepaalde DAB-ont‐ vanger een signaal van een zen‐
der op kan vangen (ook al is het
signaal erg zwak), is de geluids‐
weergave gewaarborgd.
● Bij een slechte ontvangst wordt het volume automatisch lager ge‐zet om onaangename geluiden te
vermijden.
● Als het DAB-signaal te zwak is om door de radio te worden op‐
gevangen, wordt de weergave
geheel onderbroken. Dit pro‐
bleem kan worden vermeden
door in het menu DAB-instellin‐gen Automatische groeplinks en/
of Automatische links DAB-FM te
activeren.
● Interferentie door zenders op na‐
burige frequenties (een ver‐
schijnsel dat typisch is voor AM-
en FM-ontvangst) doet zich bij
DAB niet voor.
● Als het DAB-signaal door natuur‐
lijke obstakels of door gebouwen
wordt weerkaatst, verbetert dit de ontvangstkwaliteit van DAB, ter‐
wijl AM- en FM-ontvangst in die
gevallen juist aanmerkelijk ver‐
zwakt.
● Na het inschakelen van DAB-ont‐
vangst blijft de FM-tuner van het
Infotainmentsysteem op de ach‐
tergrond actief en zoekt voortdu‐
rend naar de best ontvangbare
FM-zenders. Als TP 3 156 geac‐
tiveerd is, worden er verkeersbe‐
richten doorgegeven van de FM-
zender die de beste ontvangst
heeft. Deactiveer TP als DAB-
ontvangst niet door FM-verkeers‐ berichten moet worden onder‐
broken.
Page 159 of 181

Radio159DAB configureren
Druk op CONFIG .
Selecteer Radio-instellingen en ver‐
volgens DAB-instellingen .
In het configuratiemenu zijn de vol‐
gende opties beschikbaar:
Automatisch ensemble koppelen
Wanneer deze functie geactiveerd is, schakelt het systeem over op de‐
zelfde service van een ander DAB- ensemble als het DAB-signaal te
zwak is om door de radio te worden
opgevangen.
Zet de functie op Aan of Uit.
Automatisch koppelen DAB-FM
Als deze functie ingeschakeld is, schakelt het systeem over naar een
overeenkomstige FM-zender van de
actieve DAB-service als het DAB-sig‐ naal te zwak is om door de radio te
worden opgevangen.
Zet de functie op Aan of Uit.
Dynamisch audioaanpassing
Als deze functie geactiveerd is, wordt
het dynamische bereik van het DAB-
signaal gereduceerd. Dat houdt in dathet volume van hard geluid wordt ge‐
reduceerd en dat van zacht geluid
wordt verhoogd. Daardoor kan het
volume van het Infotainmentsysteem
zo worden afgesteld dat zacht geluid
goed hoorbaar is zonder dat hard ge‐ luid te hard klinkt.
Zet de functie op Aan of Uit.
Bereik selecteren
Selecteer de menuoptie Bandkeuze
om het betreffende menu weer te ge‐
ven.
Om te definiëren welke DAB-golfbe‐
reiken door het Infotainmentsysteem
moeten worden ontvangen, activeert
u één van de opties:
L-band : 1452 - 1492 MHz, grond- en
satellietradio
Band III : 174 - 240 MHz, grondradio
Beide
Page 170 of 181

170Telefoontelefoneren verboden is, als demobiele telefoon interferentie ver‐
oorzaakt of als er zich gevaarlijke
situaties kunnen voordoen.
Bluetooth
Het telefoonportal is gecertificeerd door de Bluetooth Special Interest
Group (SIG).
Meer informatie over de specificatie
vindt u op internet op
http://www.bluetooth.com
Bluetooth-verbindingBluetooth is een radiografische norm
voor het draadloos verbinden van
bijv. een telefoon met andere appa‐
ratuur. Gegevens zoals een telefoon‐ boek, gesprekslijsten, de naam van
de netwerkoperator en de sterkte van
de verbinding kunnen worden over‐
gedragen. Welke functies er beschik‐ baar zijn hangt af van het type tele‐
foon.
Om een Bluetooth-verbinding met het telefoonportaal tot stand te kunnen
brengen, moet de Bluetooth-functie
van de mobiele telefoon zijn inge‐
schakeld en moet de mobiele tele‐ foon in de stand "zichtbaar" worden
gezet. U vindt een gedetailleerde be‐
schrijving in de gebruiksaanwijzing
van de mobiele telefoon.
Bluetooth inschakelen
Druk op CONFIG om het menu
Instellingen te openen.
Selecteer Telefooninstellingen .
Zet
Bluetooth op Aan .
Een Bluetooth-apparaat koppelen
Druk op CONFIG om het menu
Instellingen te openen. Selecteer Te‐
lefooninstellingen en vervolgens
Apparaat koppelen .
Het volgende display verschijnt.
Zodra het telefoonportaal van het In‐
fotainmentsysteem wordt gedetec‐
teerd, verschijnt het in de apparaten‐
lijst van uw Bluetooth-toestel. Selec‐
teer het telefoonportaal.
Voer op verzoek de pincode op uw
Bluetooth-toetsel in. De apparaten
worden gekoppeld en verbonden.
Page 175 of 181

Telefoon175Het telefoonboek wissen
Als u alle vermeldingen in het tele‐
foonboek van het Infotainmentsys‐ teem wilt wissen, drukt u op 7 / i .
Selecteer Telefoonboek en dan Alles
wissen .
Bellijsten gebruiken
Alle inkomende, uitgaande of gemiste
oproepen worden geregistreerd in bij‐
behorende bellijsten.
Druk in het actieve telefoonhoofd‐
menu op de multifunctionele knop om
Menu telefoon te openen. Selecteer
Gesprekslijsten .
Het volgende scherm verschijnt.Selecteer de gewenste bellijst, bijv.
Gemiste oproepen . Er verschijnt een
menu met de bijbehorende bellijst.
Telefoongesprek initiëren: selecteer
de gewenste lijstvermelding. Het sys‐ teem kiest het betreffende telefoon‐
nummer.
Telefoonnummer opnieuw kiezen
Het systeem kan het laatst gekozen
telefoonnummer opnieuw kiezen.
Druk op 7 op het stuurwiel om naar
het menu Opnieuw kiezen te gaan.
Druk op 7 om een telefoonnummer te
gaan kiezen.
Druk op xn op het stuurwiel om het
menu Opnieuw kiezen te verlaten.
Gebruik eventueel de multifunctio‐ nele knop om op het display Nee te
selecteren.
Inkomend telefoongesprek
Als er bij een inkomende oproep een audiomodus, bijv. de radio- of cd-mo‐
dus, actief is, wordt het geluid van de
betreffende audiomodus onderdrukt
en blijft dit zo totdat het gesprek wordt beëindigd.Oproep beantwoorden: selecteer
Aannemen op het display.
Oproep weigeren: selecteer
Weigeren op het display.
Tweede inkomende oproep
Als er tijdens een gesprek nog een
oproep binnenkomt, verschijnt er een
bericht.
Tweede oproep beantwoorden en
huidig gesprek beëindigen: selecteer
Aannemen op het display.
Tweede oproep weigeren en huidig
gesprek voortzetten: selecteer
Weigeren op het display.
Beltoon wijzigen
Druk op CONFIG om het menu
Instellingen te openen.
Selecteer Telefooninstellingen ,
Geluid & Signalen en vervolgens
Beltoon . Er verschijnt een lijst met alle
beschikbare beltonen.
Selecteer de gewenste beltoon.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van het beltoonvolume 3 150.
Page 176 of 181

176TelefoonFuncties tijdens een
telefoongesprek
Tijdens een telefoongesprek ver‐
schijnt het hoofdmenu op het display.
Selecteer Menu op het display om
naar het menu Verbonden te gaan.
Selecteer Ophangen op het display
om het gesprek te beëindigen.
Privémodus activeren
Selecteer Gesprek via handset in het
menu Verbonden om het gesprek
door te schakelen naar de mobiele te‐
lefoon.
Selecteer Menu op het display en
daarna Gesprek doorschakelen om
het gesprek terug te schakelen naar
het Infotainmentsysteem.
Microfoon deactiveren/activeren
Stel Mic dempen in op Aan in het
menu Verbonden . De beller kan u niet
meer horen.
Stel Mic dempen weer op Uit in om de
microfoon weer in te schakelen.Mobiele telefoons en
CB-zendapparatuur
Installatie-instructies en
bedieningsrichtlijnen
De installatie-instructies die eigen zijnaan de auto en de bedieningsrichtlij‐
nen van de mobiele telefoon- en
handsfreefabrikant moeten in acht
worden genomen wanneer u een mo‐
biele telefoon installeert en bedient.
Anders kunt u de voertuigtypegoed‐
keuring ongeldig maken (EU-richtlijn
95/54/EC).
Aanbevelingen voor probleemloze
werking:
● De buitenantenne moet profes‐ sioneel worden geïnstalleerd om
het maximaal mogelijke bereik te krijgen.
● Maximaal zendvermogen: 10 watt
● De mobiele telefoon moet op een
geschikte plek worden geïnstal‐
leerd. Zie de betreffende opmer‐
king in het instructieboekje, het
hoofdstuk Airbagsysteem .Laat u informeren over de voorziene
montageposities voor de buitenan‐
tenne of de toestelhouder en de mo‐
gelijkheden tot gebruik van toestellen met een zendvermogen van meerdan 10 watt.
Het gebruik van een handsfree-carkit
zonder buitenantenne voor mobiele
telefoons type GSM 900/1800/1900
en UMTS is alleen toegestaan, wan‐
neer het maximale zendvermogen
van de mobiele telefoon niet groter is
dan 2 watt bij GSM 900 en niet groter
is dan 1 watt bij de andere types.
Voor veiligheidsredenen mag u geen
telefoon gebruiken terwijl u rijdt. Zelfs het gebruik van een handsfree-tele‐
foon vormt een afleiding tijdens het rijden.9 Waarschuwing
Gebruik van zendapparatuur en
mobiele telefoons die niet aan de
bovenstaande normen voor mo‐
biele telefoons voldoen en radio's
is alleen toegestaan met een bui‐ tenantenne op de auto.
Page 178 of 181

178TrefwoordenlijstAAlgemene aanwijzingen..... 140, 160, 163, 164, 169
Algemene informatie................... 167 AUX-ingang ............................. 163
Bluetooth-muziek ....................167
CD-speler ................................ 160
Infotainment-systeem ..............140
Telefoon .................................. 169
USB-poort ............................... 164
Antidiefstalfunctie ......................141
Audiobedieningsknoppen aan stuurwiel .................................. 142
Automatische volumeregeling ....150
Autostore-lijsten .......................... 152
Zenders oproepen ...................152
Zenders opslaan .....................152
AUX-functie activeren .................163
AUX-ingang Algemene informatie ...............163
Bediening ................................ 163
Inschakelen ............................. 163
Volume aanpassen .................163
B Basisbediening ........................... 146
Bediening ........................... 167, 173
AUX-ingang ............................. 163
Bluetooth-muziek ....................167
CD-speler ................................ 161Menu....................................... 146
Radio ....................................... 151
Telefoon .................................. 173
USB-poort ............................... 165
Bedieningselementen Infotainment-systeem ..............142
Stuurwiel ................................. 142
Telefoon .................................. 169
Bedieningspaneel Infotainment ..142
Bel Beltoon .................................... 173
Functies tijdens het gesprek ...173
Inkomend gesprek ..................173
Telefoongesprek initiëren ........173
Beltoon Beltoon selecteren ..................173
Beltoonvolume ........................ 150
Blokkeren van verkeersberichten 156
Bluetooth Bluetooth-muziek ....................167
Bluetooth-verbinding ...............170
Telefoon .................................. 173
Bluetooth-muziek Algemene informatie ...............167
Bediening ................................ 167
Inschakelen ............................. 167
Voorwaarden ........................... 167
Bluetooth-verbinding ..................170
Bijwerken zenderlijst ...................153
Page 179 of 181

179CCategorielijst ............................... 153
Cd afspelen starten ....................161
Cd-menu ..................................... 161
CD-speler Algemene informatie ...............160
Cd afspelen starten .................161
Cd plaatsen ............................. 161
Cd-menu ................................. 161
Een cd verwijderen .................161
Gebruik.................................... 161
Inschakelen ............................. 161
CD-speler activeren ....................161
D DAB ............................................ 158
Datuminstellingen .......................145
De radio inschakelen ..................151
Digital Audio Broadcasting .........158
Dynamisch audioaanpassing .....158
F
Favoriete lijsten .......................... 153
Zenders oproepen ...................152
Zenders opslaan .....................152
Favorietenlijst ............................. 152
Frequentiebereikmenu's .............153
Frequentiebereik selecteren .......151
Functie Opnieuw kiezen .............173G
Gebruik ............... 145, 151, 161, 163
AUX-ingang ............................. 163
Bluetooth-muziek ....................167
CD-speler ................................ 161
Menu ....................................... 146
Radio ....................................... 151
Telefoon .................................. 173
USB-poort ............................... 165
Geluidsinstellingen .....................149
Gesprekkenlijsten .......................173
H Handsfree telefoonmodus activeren.................................. 173
I
Infotainmentsysteem inschakelen ............................. 145
M Maximaal opstartvolume............. 150
Menubediening ........................... 146
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur .................176
Multifunctionele toets ..................146
Mute............................................ 145
N Noodoproep ................................ 172O
Opgeslagen audiobestanden afspelen................................... 165
Overzicht bedieningselementen. 142
R Radio Afstemmen op zender .............151
Autostorelijsten........................ 152
Bereik selecteren ....................158
Bijwerken zenderlijst ...............153
Categorielijst ........................... 153
Configureren van RDS ............156
DAB configureren ....................158
DAB-berichten ......................... 153
Digital audio broadcasting
(DAB) ...................................... 158
Dynamisch audioaanpassing ..158
Favoriete lijsten ...............152, 153
Frequentiebereik selecteren ...151
Frequentiebereikmenu's.......... 153
Gebruik.................................... 151
Inschakelen ............................. 151
Radio Data System (RDS) ......156
Radioverkeerinformatieservice 156 Regio-instelling........................ 156
Verkeersberichten ...................156
Zender zoeken ........................ 151
Zenderlijsten............................ 153
Page 180 of 181

180Zenders oproepen...................152
Zenders opslaan .....................152
Radio activeren........................... 151
Radio Data System (RDS) ......... 156
Radioverkeerinformatieservice ...156
RDS ............................................ 156
Regio-instelling ........................... 156
S Streaming audio via Bluetooth activeren.................................. 167
Systeeminstellingen Fabrieksinstellingen
terugzetten .............................. 145
Taal ......................................... 145
Tijd- en datuminstellingen .......145
Voertuiginstellingen .................145
T
Taalinstellingen........................... 145
TA-volume .................................. 150
Telefoon Algemene informatie ...............169
Bedieningselementen .............169
Beltoon selecteren ..................173
Bluetooth ................................. 169
Bluetooth-verbinding ...............170
Een telefoonnummer kiezen ...173
Functies tijdens het gesprek ...173
Gesprekkenlijsten.................... 173
Inkomend gesprek ..................173Inschakelen............................. 173
Noodoproepen ........................ 172
Opmerkingen........................... 169
Telefoonboek .......................... 173
Telefoonnummer opnieuw
kiezen ...................................... 173
Voorwaarden ........................... 173
Telefoonboek .............................. 173
Tijdinstellingen ............................ 145
U USB-functie activeren .................165
USB-menu .................................. 165
USB-poort Activering ................................ 165
Algemene informatie ...............164
Bediening ................................ 165
Opmerkingen........................... 164
USB-apparaat aansluiten ........164
USB-apparaat verwijderen ......165
USB-menu............................... 165
V Verkeersberichten ......................156
Volume Automatische volumeregeling. 150
Beltoonvolume ........................ 150
Maximaal opstartvolume .........150
Stiltefunctie.............................. 145
TA-volume ............................... 150
Volume instellen ......................145Volumebeperking bij hoge
temperaturen ........................... 145
Voor snelheid
gecompenseerd volume ..........150
Volume-instellingen ....................150
Z
Zenderlijsten ............................... 153
Zenders oproepen ......................152
Zenders opslaan .........................152
Zender zoeken............................ 151