airbag Peugeot 208 2014 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2014, Model line: 208, Model: Peugeot 208 2014Pages: 336, PDF Size: 10.17 MB
Page 139 of 336

137
6
Veiligheid
Maak er een gewoonte van om normaal rechtop in de voorstoelen te zitten. Draag altijd een correct afgestelde autogordel. Zorg dat er zich niets bevindt tussen de airbag en de inzittenden (kinderen, huisdieren, objecten...). Dit kan de goede werking van de airbag belemmeren en/of de inzittende bij het opblazen van de airbag verwonden. Laat na een aanrijding of diefstal van uw auto de airbagsystemen controleren. Werkzaamheden aan airbagsystemen mogen uitsluitend door het PEUGEOT-netwerk of door een gekwalificeerde werkplaats worden uitgevoerd. Zelfs als alle bovenstaande voorschriften worden nageleefd, blijft de kans bestaan op letsel of lichte brandwonden aan het hoofd, de borst of de armen als de airbag wordt geactiveerd. De airbag wordt namelijk zeer snel opgeblazen (binnen enkele milliseconden) en loopt vervolgens even snel leeg, waarbij de warme gassen via de daarvoor bestemde openingen naar buiten stromen.
Zijairbags
Bedek de stoelen uitsluitend met daarvoor goedgekeurde stoelhoezen, die in combinatie met actieve zijairbags gebruikt kunnen worden. Voor informatie over de stoelhoezen die geschikt zijn voor uw auto kunt u zich wenden tot het PEUGEOT-netwerk. Raadpleeg de rubriek "Accessoires". Bevestig nooit iets aan de rugleuning van de stoelen (kleding...): dit zou bij het afgaan van de airbags kunnen leiden tot verwondingen aan armen of borstkas. Ga niet onnodig dicht tegen het portierpaneel zitten.
Airbags vóór
Houd het stuur wiel niet aan de spaken vast en laat uw handen niet op het stuurwielkussen rusten. De voorpassagier mag zijn voeten niet op het dashboard laten rusten. Het is raadzaam niet te roken in de auto. Als de airbag wordt opgeblazen, kunnen brandende sigaretten of een pijp brandwonden of ander letsel veroorzaken. Verwijder het stuurwiel nooit, maak geen gaten in de stuur wielbekleding en sla er niet op.
Houd u aan de volgende veiligheidsvoorschriften voor een maximale effectiviteit van de airbags:
Window-airbags
Bevestig nooit iets op de hemelbekleding; dit zou bij het afgaan van de window-airbags kunnen leiden tot hoofdletsel. Demonteer nooit de handgrepen van het dak (indien aanwezig); deze maken deel uit van de bevestiging van de window-airbags.
Page 141 of 336

139
6
Veiligheid
Kinderzitje op de passagiersstoel voor
"Met de rug in de rijrichting" "Met het gezicht in de rijrichting"
Let erop dat de veiligheidsgordel goed aansgespannen is. Zorg ervoor dat het kinderzitje geen ander deel van de auto raakt dan de passagiersstoel.
Passagiersstoel in de hoogste stand en zo ver mogelijk naar achteren. Wanneer een kinderzitje met de rug in de rijrichting op de passagiersstoel voor wordt op de passagiersstoel voor wordt op de passagiersstoel voorgeplaatst, moet de stoel zo ver mogelijk naar achteren worden geschoven, en in de hoogste stand en met de rugleuning rechtop worden gezet. De airbag aan passagierszijde moet zijn uitgeschakeld. Gebeurt dit niet, dan kan het kind bij het afgaan van de airbag levensgevaarlijk gewond raken .
Wanneer een kinderzitje met het gezicht in de rijrichting op de passagiersstoel voor wordt op de passagiersstoel voor wordt op de passagiersstoel voorgeplaatst, moet de stoel zo ver mogelijk naar achteren worden geschoven, en in de hoogste stand en met de rugleuning rechtop worden gezet en mag de airbag aan passagierszijde niet worden uitgeschakeld.
Page 142 of 336

140
Veiligheid
Uitschakelen van de airbag vóór aan passagierszijde
Plaats nooit een kind in een kinderzitje "met de rug in de rijrichting" op de voorpassagiersstoel als de airbag vóór aan passagierszijde is ingeschakeld. Het kind kan in dat geval bij een aanrijding ernstig en zelfs dodelijk gewond raken.
Airbag aan passagierszijde OFF
Dit voorschrift wordt tevens vermeld op de waarschuwingssticker aan beide zijden van de zonneklep aan passagierszijde. Conform de wettelijke voorschriften vindt u op de volgende tabellen deze waarschuwing in alle benodigde talen.
Raadpleeg de rubriek "Airbags" voor meer informatie over het uitschakelen van de airbag vóór aan passagierszijde.
Page 145 of 336

143
6
Veiligheid
De onjuiste bevestiging van een kinderzitje brengt de veiligheid van het kind in gevaar bij een aanrijding. Controleer of er geen veiligheidsgordel of gesp van de veiligheidsgordel onder het kinderzitje zit; dat zou de stabiliteit van het zitje in gevaar kunnen brengen. Zorg ervoor dat de veiligheidsgordels of het tuigje van het kinderzitje, zelfs bij korte ritten, worden vastgemaakt waarbij de speling ten opzichte van het lichaam van het kind zoveel mogelijk moet worden beperkt. Zorg er bij het bevestigen van het kinderzitje met de veiligheidsgordel voor dat de veiligheidsgordel correct tegen het kinderzitje is gespannen en dat de gordel het kinderzitje stevig op zijn plaats houdt. Schuif de passagiersstoel, wanneer deze versteld kan worden, indien nodig naar voren.
Laat bij de achterzitplaatsen altijd voldoende ruimte tussen de voorstoel en: - het kinderzitje "met de rug in de rijrichting", - de voeten van het kind in het kinderzitje "met het gezicht in de rijrichting". Schuif daartoe de voorstoel naar voren en zet de rugleuning ervan, indien nodig, rechter op.
Adviezen voor kinderzitjes
Kinderen voorin
Zorg er voor een optimale bevestiging van het kinderzitje "met het gezicht in de rijrichting" voor dat de afstand tussen de rugleuning van het zitje en de rugleuning van de stoel van de auto zo klein mogelijk is. Laat indien mogelijk de rugleuning van het zitje tegen de rugleuning van de stoel aandrukken. Verwijder de hoofdsteun alvorens een kinderzitje met een rugleuning te plaatsen op een passagiersstoel. Berg de hoofdsteun zorgvuldig op om te voorkomen dat de hoofdsteun door de auto vliegt bij krachtig afremmen. Plaats de hoofdsteun terug zodra het kinderzitje is verwijderd.
De regelgeving met betrekking tot het vervoer van kinderen op de passagiersstoel vóór is per land verschillend. Raadpleeg de in uw land geldende regelgeving. Schakel de airbag aan passagierszijde uit zodra een kinderzitje met de rug in de rijrichting op de voorstoel wordt geplaatst. Het kind kan anders bij het afgaan van de airbag levensgevaarlijk gewond raken.
Plaatsen van een
stoelverhoger
Het bovenste gedeelte van de veiligheidsgordel moet over de schouder van het kind liggen zonder de hals te raken. Controleer of de heupgordel goed over de bovenbenen van het kind ligt. PEUGEOT beveelt aan een stoelverhoger met rugleuning te gebruiken voorzien van een gordelgeleider ter hoogte van de schouder. Laat uit veiligheidsoverwegingen: - geen kinderen zonder toezicht achter in een auto, - nooit een kind of een dier in een auto achter wanneer alle ruiten gesloten zijn en de auto in de zon staat, - de sleutels nooit binnen bereik van de kinderen achter in de auto. Gebruik de kindersloten om te voorkomen dat de portieren en de portierruiten achter per ongeluk geopend worden. Zorg er voor dat de portierruiten achter niet verder dan voor 1/3 deel geopend worden. Plaats zonneschermen om uw jonge kinderen tegen de zon te beschermen.
Page 189 of 336

187
7
Praktische informatie
Accessoires
Een ruime keuze aan accessoires en originele onderdelen wordt u aangeboden door het PEUGEOT-netwerk. Deze accessoires en onderdelen zijn getest en goedgekeurd ten aanzien van bedrijfszekerheid en veiligheid. Ze zijn volledig aangepast aan uw auto, zijn voorzien van een artikelnummer en beschikken over de garantie v a n P E U G E O T.
Ombouwsets
Het is mogelijk om sets te bestellen genaamd "Entreprise" voor het ombouwen van een bedrijfsauto naar een personenauto en omgekeerd.
"Comfort":
windgeleiders, zonneschermen opzij en zonnescherm achter, aansteker, bagagestoppers, kledinghanger voor bevestiging aan de hoofdsteun, middenarmsteun vóór, opbergruimte onder hoedenplank, parkeerhulp voor en achter, ...
"Transportoplossingen":
bak bagageruimte met vakken, bagagenet, allesdragers, fietsendrager voor bevestiging op de trekhaak, fietsendrager voor bevestiging op de allesdragers, skidrager, dakkoffer, ...
* Om te voorkomen dat de pedalen blijven hangen: - controleer of de mat goed op zijn plaats ligt en goed is bevestigd, - leg nooit meerdere matten boven op
elkaar.
"Styling":
aluminium pookknop, achterspoiler, gestyleerde spatlappen, lichtmetalen velgen, wieldoppen, verchroomde buitenspiegelkappen, carrosserieset, drie stylinglijnen (Ligne S, STreet en Graffic), stickers, binnen- en buitenspiegelkappen, bekleding voor handremhendel, lichtmetalen velgen, doppen voor lichtmetalen velgen...
"Veiligheid":
inbraakalarm, graveren van ruiten, wielbouten met slot, zitverhogingen en kinderzitjes, alcolholtest, verbandtrommel, gevarendriehoek, veiligheidsvest, lokalisatiesysteem gestolen auto, bandenreparatieset, sneeuwkettingen, sneeuwsokken, mistlampen vóór, ...
"Bescherming":
matten * , stoelhoezen geschikt voor stoelen met zij-airbags, spatlappen, zijstootlijsten, stootlijsten voor bumpers, aluminium of PVC dorpellijsten...
De trekhaak moet door het PEUGEOT-netwerk of door een gekwalificeerde werkplaats worden gemonteerd.
Page 218 of 336

216
208_papier_nl_Chap10a_BTA_ed02-2013
URGENCE-OPROEP OF ASSISTANCE-OPROEP
Druk in geval van nood langer dan 2 seconden op deze toets. Het knipperen van het groene ledlampje en een geluidssignaal bevestigen dat de oproep naar de alarmcentrale "Peugeot Connect SOS" is verstuurd * .
Het groene ledlampje blijft branden (zonder te knipperen) wanneer de verbinding tot stand is gebracht. Aan het einde van het gesprek gaat het lampje uit.
Bij het aanzetten van het contact, gaat het groene lampje 3 seconden branden. Dit duidt op een goede werking van het systeem.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de aanvraag geannuleerd.
Dit wordt bevestigd door een gesproken bericht.
Druk langer dan 2 seconden op deze toets voor het aanvragen van hulp bij het stranden van de auto.
Een gesproken bericht bevestigt dat de oproep is verstuurd ** .
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de oproep geannuleerd. Het groene ledlampje dooft. De annulering wordt bevestigd met een gesproken bericht.
Om een oproep te annuleren kunt u ook de alarmcentrale "Peugeot Connect SOS" melden dat de oproep per vergissing werd verstuurd.
De alarmcentrale "Peugeot Connect SOS" lokaliseert onmiddellijk uw auto, neemt in uw landstaal contact met u op ** en roept indien nodig de hulp in van de bevoegde hulpdiensten ** . In landen waar de alarmcentrale niet operationeel is of wanneer de lokalisatie uitdrukkelijk is geweiger\
d, wordt de oproep meteen doorgestuurd naar de hulpdiensten (112), zonder lokalisatie.
Wanneer de elektronische eenheid airbags een botsing heeft waargenomen, wordt onafhankelijk van het eventueel afgaan van de airbags, automatisch een noodoproep gedaan.
Het oranje lampje knippert: er is een storing in het systeem.
Het oranje lampje blijft branden: de noodbatterij moet vervangen worden.
Raadpleeg in beide gevallen het PEUGEOT-netwerk.
Wanneer u uw auto buiten het PEUGEOT-netwerk hebt gekocht, raden wij u aan de aanwezigheid van deze diensten bij het netwerk te laten controleren en eventueel confi gureren. In een meertalig land kunt u het systeem laten confi gureren in de offi ciële landstaal van uw voorkeur.
Om technische redenenen, zoals het verbeteren van de diensten PEUGEOT CONNECT, behoudt de constructeur zich het recht voor om op elk willekeurig moment het telematicasysteem in de auto te wijzigen.
* Afhankelijk van de algemene gebruiksvoorwaarden, die u bij uw verkooppun\
t kunt opvragen, en de technische beperkingen van het systeem.
** Afhankelijk van de geografi sche dekking van "Peugeot Connect SOS" en "Peugeot Connect Assistance" en van de offi ciële landstaal die door de eigenaar van de auto is gekozen.
De lijst van de landen waar het systeem werkzaam is en de lijst van besc\
hikbare diensten PEUGEOT CONNECT kunt u bij uw verkooppunt opvragen of op www.peugeot.nl bekijken.
Peugeot Connect SOS Peugeot Connect Assistance
Werking van het systeem
Page 324 of 336

322
Visuele index
Interieur
Indeling bagageruimte 78-79 - hoedenplank - haken - verlichting - riem - sjorogen
Voorstoelen 57-59 Stoelver warming 59 Middenarmsteun vóór 59
Kinderzitjes 138 -146 ISOFIX-kinderzitjes 144-147 Mechanisch kinderslot 148 Elektrisch kinderslot 148
A ir bags 13 4 -137
Indeling interieur 74-77 - verlicht dashboardkastje - 12V-accessoireaansluiting - USB-aansluiting/Jack-aansluiting - matten Uitschakeling airbag vóór passagierszijde 135
Veiligheidsgordels 131-133 Gevarendriehoek 80
Achterbank 60 - 61 Achterzitplaatsen 62
Page 328 of 336

326
Index
Aanhanger.....................................................183Aanhangergewichten ............................205, 210Aansluiting 12V ...............................................75Accessoires...................................................187Accu ...............................................176 -178, 201Accu laden ....................................................178Achterbank ......................................................60Achterruitverwarming .....................................73Achteruitrijlicht ......................................167, 168Afmetingen ....................................................213Afstandsbediening .............................44, 45, 50Airbags ............................................................32Airbags vóór ..........................................Airbags vóór ..........................................Airbags vóór13 4, 137Airconditioning ................................................19Airconditioning (handbediend) .....14, 67, 68, 73Airconditioning met gescheiden regeling .......73Alarmknipperlichten ................................80, 126Alarmsysteem .................................................51Allesdragers ..................................................185Antiblokkeersysteem (ABS) ..........................128Antispinregeling (ASR) ...........................30, 128Armleuning ......................................................74Armleuning vóór ..............................................Armleuning vóór ..............................................Armleuning vóór59Audio-aansluitingen ................................76, 314Audiokabel ....................................................254Automatische airconditioning .............14, 67, 70Automatische ruitenwissers ..................120, 12 2Automatische transmissie ........19, 93, 178, 202Automatisch inschakelen alarmknipperlichten ....................................126Automatisch inschakelen verlichting .....112, 117Autoradio .......................................................305Aux-aansluitingen .........................................314Aux-ingang ...........................................250, 254
Bagageruimte ..................................................55Banden ............................................................19Bandenreparatieset ......................................149Bandenspanning .....................................19, 214Bandenspanningscontrole (met set) .............149Batterij afstandsbediening ........................49, 50Batterij afstandsbediening vervangen ............49Bediening autoradio aan stuurkolom ............220Bekerhouder ...................................................Bekerhouder ...................................................Bekerhouder74Beladen ...................................................19, 185Benzinemotor ........................Benzinemotor ........................Benzinemotor191, 19 6, 203, 205Binnenspiegel .................................................65Bluetooth (handsfree set) .....................260, 291Bluetooth (telefoon) .......................................260Bochtverlichting ............................................11 9Boordcomputer ...................................Boordcomputer ...................................Boordcomputer38, 40, 42Brandstof .................................................Brandstof .................................................Brandstof19, 19 6Brandstofniveaumeter ...................................Brandstofniveaumeter ...................................Brandstofniveaumeter193Brandstoftank ........................................193, 195Brandstof tanken ...........................193, 195, 19 6Brandstoftank leeg (diesel) ...........................197Brandstofverbruik ...........................................19Brandstofvulklep ...................................193, 195Buitenspiegels.................................................64
CD .................................................................250CD MP3 .........................................250, 285-287CD-/MP3 -speler ...................................CD-/MP3 -speler ...................................CD-/MP3 -speler286, 287Centrale vergrendeling ...................................45Claxon ...........................................................127Contact ............................................................81Controle motorolieniveau................................37Controles ...............................191, 192, 201, 202
AB
C
Eco-mode ......................................................179Eco-rijden (adviezen) ......................................19Electronic Stability Program (ESC) ....30, 128, 13 0Elektronische remdrukregelaar (REF) .........128Elektronische startblokkering ...................47, 50Elektronisch gestuurde versnellingsbak ..........19, 85, 89, 96, 178, 202Extra ingang ..................................................314
Follow me home verlichting .............47, 11 6, 117Frequentie (radio) ..................................245, 247Functie snelweg (richtingaanwijzers) ...........126
E
F
DAB (Digital Audio Broadcasting) - Digitale radio.......................................248, 249Dagrijverlichting .............................115, 163 -165Dashboardkastje .............................................75Datum (instellen) .............................................43Derde remlicht ...............................................169Dieselmotor ...................Dieselmotor ...................Dieselmotor192, 19 6, 197, 208, 210Digitale radio - DAB (Digital Audio Broadcasting) .....................................248, 249Dimlicht ..........................................111, 163 -165Display instrumentenpaneel ....21, 22, 38, 40, 84
D
Page 331 of 336

.
329
Index
Tankbeveiliging .............................................195Technische gegevens ..........203, 205, 208, 210Te laag brandstofniveau ...............................193Telefoon ...............................260, 262, 263, 265Temperatuurregeling.......................................70Tijdelijke bandenspanning (met set) .............149Tijd instellen ....................................................43TMC (verkeersinformatie) .............................234Toegang tot de achterbank ( 3 -deurs) ............58Toevoer van buitenlucht ..................................70Touchscreen ...........................................40, 217Trekhaak .......................................................183
T
Veiligheidsgordels ..........................131-13 3, 141Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen ......13 4, 13 8, 13 9, 142, 14 4, 146, 147Ventilatie .......................................14, 19, 66-68Ventilatieroosters ............................................66Vergrendeling kofferdeksel .............................55Verkeersinformatie (TA) .......................235, 284Verkeersinformatie (TMC) ...................234, 235Verklikkerlampjes ................................23, 27, 28Verlichting overdag ........................115, 163 -165Versnellingshendel .........................................19Verwarming .........................................14, 19, 68Voor stoelen .....................................................57
V
W
Zekeringen ....................................................170Zekeringen vervangen ..................................170Zekeringkast dashboard ...............................170Zekeringkast motorruimte .............................170Zij-airbags .............................................13 6, 137Zijknipperlicht ................................................167Zonnescherm (panoramadak) ........................56Zuinig rijden ....................................................19
Z
Uitschakelen airbag passagier .....................Uitschakelen airbag passagier .....................Uitschakelen airbag passagier13 4Updaten risicozones .....................................230USB ...............................................................250USB-aansluiting ......................................76, 288USB-poort .....................................................250
U
Stoelen verstellen ...........................................57Stoelverwarming .............................................59Stop Start ...........42, 73, 96, 176, 19 0, 193, 201Streaming audio Bluetooth ..........250, 253, 290Stuurkolomschakelaars ................................281Stuurslot ..........................................................47Stuurwiel (verstellen) ......................................63Synchroniseren afstandsbediening ................49Synchroniseren van de afstandsbediening ....49
Waarschuwingssignaal sleutel in contact ......81Waarschuwing vergeten verlichting .............114Wassen (adviezen)........................................18 6Wiel demonteren ...........................................15 8Wiel monteren ...............................................15 8Wiel verwisselen ...................................155, 15 6Window-airbags ....................................13 6, 137