Hendel Peugeot Partner Tepee 2017 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2017, Model line: Partner Tepee, Model: Peugeot Partner Tepee 2017Pages: 292, PDF Size: 10.61 MB
Page 56 of 292

54
Partner2VP_nl_Chap03_Pret-a-partir_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap03_Pret-a-partir_ed02-2016
Overgang naar de START-stand van
de motorHet verklikkerlampje "ECO"
gaat uit en de motor wordt
gestart:
-
bij een handgeschakelde
versnellingsbak,
trapt u het
koppelingspedaal volledig in,
-
bij een elektronisch gestuurde
6-versnellingsbak:
●
met de selectiehendel in
stand A of M, wanneer u het
rempedaal loslaat.
●
of met de selectiehendel in
stand N en het rempedaal los,
wanneer u de selectiehendel in
stand A of M zet,
●
of wanneer u de
achteruitversnellin
g inschakelt.
Als u bij een auto met een
handgeschakelde versnellingsbak
in de S
to P-stand een versnelling
inschakelt maar daarbij het
koppelingspedaal niet volledig intrapt,
gaat er een verklikkerlampje branden
of wordt er een melding weergegeven
met het verzoek het koppelingspedaal
helemaal in te trappen, omdat anders
de motor niet gestart kan worden.
Bijzonderheden: automatisch
activeren van de START-stand
Voor uw veiligheid of comfort wordt de
S
t
ARt-stand automatisch geactiveerd
als:
-
u het bestuurderportier opent,
-
de veilig
heidsgordel van de
bestuurder los wordt gemaakt, In dit geval knippert het
lampje "ECO" enkele
seconden om vervolgens te
doven.
Dit is volkomen normaal.
Uitschakelen
In bepaalde gevallen, bijvoorbeeld om
het thermische comfort in het interieur op
peil te houden, kan het nuttig zijn om het
Stop & Start-systeem uit te schakelen.
u kunt deze functie op elk
willekeurig moment uitschakelen
door de schakelaar "ECO OFF"
in te drukken.
Het verklikkerlampje in de schakelaar
gaat branden en er verschijnt een
bericht op het display.
Als u het systeem met de motor in de
S
to P-stand uitschakelt, dan wordt de
motor direct weer gestart.
Opnieuw inschakelen
Druk nogmaals op de schakelaar
"ECO OFF".
Het systeem is dan opnieuw actief; het
verklikkerlampje in de schakelaar gaat
uit en er verschijnt een melding op het
instrumentenpaneel.
Het systeem wordt automatisch
opnieuw ingeschakeld zodra u het
contact weer aanzet.
Storingen
Bij een storing in het systeem
gaat het verklikkerlampje in
de schakelaar "ECO OFF"
eerst knipperen en brandt
vervolgens permanent.
Dit systeem heeft specifieke
kenmerken en maakt gebruik van
een speciale accu (raadpleeg
voor meer informatie het P
eugeot
-
netwerk of een gekwalificeerde
werkplaats).
Het gebruik van een andere dan de
door P
eugeot
voorgeschreven
accu's kan leiden tot storingen in het
systeem.
Laat het systeem door het Peugeot-netwerk
of door een gekwalificeerde werkplaats
controleren.
Als er in de S
to P-stand een storing zou
optreden, kan het zijn dat de motor niet
meer wil aanslaan of direct afslaat. Alle
verklikkerlampjes op het instrumentenpaneel
gaan dan branden. Zet in dat geval het contact
af en start de auto met behulp van de sleutel.
- de snelheid van de auto hoger is dan
25 km/h bij een handgeschakelde
versnellingsbak en hoger dan
11
km/h bij een elektronisch
gestuurde 6-versnellingsbak,
-
bepaalde bijzondere
omstandigheden (laadtoestand accu,
motortemperatuur, rembekrachtiging,
buitentemperatuur enz.) dit niet
toelaten.
Stop & Start
Page 60 of 292

58
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
RICHTINGAANWIJZERS
Functie "snelweg"
Duw de schakelaar één keer omhoog
of omlaag om de richtingaanwijzer aan
de desbetreffende zijde driemaal te
laten knipperen.
VERLICHTING
Links: omlaag duwen tot
voorbij het zware punt.
Rechts: omhoog duwen tot
voorbij het zware punt.
Verlichting vóór en achter
Lichten uit
Automatische verlichting
ParkeerlichtenDimlicht (groen)
Overschakelen van dim- naar
grootlicht
trek de hendel helemaal naar u toe.
V
ergeten verlichting
Wanneer u het contact afzet en
de follow me home-verlichting is
ingeschakeld, doven alle lichten
behalve de dimlichten.
Zie in rubriek 3
het gedeelte
"Cockpit" voor meer informatie
over de verklikkerlampjes.
knipperlichten
Draai deze ring om de
verlichting in te schakelen.
g
rootlicht (blauw)
u
bedient de verlichting
door deze ring in de
stand
"0" (verlichting uit)
te zetten en vervolgens in
de stand van uw keuze.
Als de verlichting aanstaat en er een
voorportier wordt geopend, klinkt er
een geluidssignaal.
Stuurkolomschakelaars
Page 63 of 292

61
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
2 Hoge snelheid (hevige neerslag).
1
Normale snelheid (matige
regenval).
I
Interval.
0
u it.
â
e én keer wissen
(omlaag duwen).
In de
Intervalstand wordt de snelheid
van de wissers aangepast aan de
rijsnelheid.
RUITENWISSERS
HandbedieningAls het contact langer dan één minuut
is afgezet terwijl de schakelaar in
de stand 2, 1
of I stond, dient de
schakelaar weer geactiveerd te
worden.
-
Zet de schakelaar in een
wille
keurige stand.
-
Zet de schakelaar vervolgens in de
gewenste stand. Dek de regensensor
, die zich
achter de binnenspiegel op de
voorruit bevindt, niet af. Inschakelen
Duw de hendel omlaag. Bij het
inschakelen van de automatische
ruitenwissers verschijnt een melding
op het display.
Deactiveren/uitschakelen
Zet de schakelaar in de stand I, 1
of 2.
Als de functie wordt uitgeschakeld,
verschijnt er een melding op het
display.
In het geval van een storing in
de werking van de automatische
ruitenwissers werken de ruitenwissers
in de intervalstand.
Raadpleeg het P
eugeot
-netwerk of
een gekwalificeerde werkplaats om het
systeem te laten controleren.
De ruitenwissers werken automatisch in
de stand AUTO, waarbij de snelheid van
de wissers aan de hoeveelheid neerslag
wordt aangepast.
De werking van de ruitenwissers in andere
standen dan de stand AUTO komt overeen
met die van de handbediende ruitenwissers.
Als het contact meer dan 1 minuut afgezet
is geweest, moet de automatische werking
van de ruitenwissers opnieuw worden
geactiveerd door de schakelaar één keer
omlaag te bewegen.
Zet het contact uit als de auto
gewassen wordt in een wasstraat, om
te voorkomen dat de automatische
ruitenwissers worden ingeschakeld.
Wacht 's winters met het inschakelen
van het automatisch wissen tot de
voorruit ontdooid is.
Automatisch wissen
Stuurkolomschakelaars
eRgoNoMIe en CoMFoRt
4
Page 64 of 292

62
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
Ruitensproeiers
trek de hendel naar u toe, de ruitensproeiers
treden in werking in combinatie met het
tijdelijk inschakelen van de ruitenwissers.
Draai de ring voorbij de
eerste stand, zodat de
ruitensproeier in werking
treedt en vervolgens de
ruitenwisser enige tijd wordt
ingeschakeld.
Wacht 's winters, als de ruit
met sneeuw of ijs bedekt is,
met het inschakelen van de
ruitenwisser achter. Zet eerst de
achterruitverwarming aan, wacht tot de
sneeuw of het ijs begint te smelten en
veeg de ruitenwisser achter schoon.
Zet dan pas de ruitenwisser achter
aan.
Raadpleeg voor het bijvullen
van het reservoir in rubriek 7 het
gedeelte "Niveaus".
Onderhoudsstand ruitenwissers
vóór
Als de ruitenwisserschakelaar binnen
één minuut nadat het contact is
afgezet wordt bediend, bewegen de
ruitenwissers naar de voorruitstijlen.
Deze stand moet worden gebruikt
voor
's winters parkeren en het
vervangen of reinigen van de
ruitenwisserbladen.
Zie in rubriek 8
het gedeelte
"Ruitenwisserbladen vervangen".
Zet het contact aan en bedien
de ruitenwisserschakelaar om de
ruitenwissers na de werkzaamheden
weer in de ruststand te zetten. Draai de ring tot de eerste
stand.
Ruitenwisser achter
Ruitensproeier achter
Stuurkolomschakelaars
Page 79 of 292

77
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
VOORSTOELEN
LengterichtingHoogte van de zitting (bestuurdersstoel)
omhoog: trek de hendel omhoog en
verlicht de druk op de stoel.
o
mlaag: trek de hendel omhoog en
laat uw gewicht op de stoel rusten.
Rugleuning
til de beugel op en schuif de stoel naar
voren of naar achteren tot de gewenste
stand is bereikt.
De volgende verstellin
gen zijn
mogelijk:
trek de hendel naar voren en zet
de rugleuning in de gewenste stand
door met uw rug tegen de leuning te
drukken.
eRgoNoMIe en CoMFoRt
4
Stoelen
Page 85 of 292

83
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
RugleuningverstellingRugleuning in de tafelstand
zetten Rechtop zetten van de rugleuning
Stoel in de neergeklapte stand
zetten Terugzetten van de stoel
- Bedien de hendel om de rugleuning
te verstellen.
-
t
rek aan de hendel om de
rugleuning op de zitting te klappen.
Plaats geen harde of zware
voorwerpen op de tafel. Deze kunnen
bij een noodstop of een aanrijding
veranderen in gevaarlijke projectielen. -
ontgrendel de rugleuning door aan de
hendel te trekken en zet de rugleuning
in de oorspronkelijke stand.
Controleer nadat u de rugleuning
rechtop hebt gezet of deze goed is
vergrendeld.
-
t
rek aan de hendel om de stoel in
de tafelstand te zetten.
-
t
rek de stang aan de achterzijde
van de stoel omhoog om de
achterste verankeringspunten los te
maken.
-
Kantel de complete stoel naar
voren tot hij wordt vergrendeld. -
Duw op de rode hendel.
-
Kantel de stoel omlaag om de
achterste verankeringspunten vast
te zetten.
-
t
rek aan de hendel om de
rugleuning rechtop te zetten.
-
Controleer of het geheel goed is
verankerd.Controleer voor het omlaag
kantelen of er geen voorwerpen
het correct vergrendelen van de
stoelverankeringen verhinderen.
eRgoNoMIe en CoMFoRt
4
Stoelen
Page 86 of 292

84
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
Verwijderen van de stoel
- Schuif indien nodig de voorstoel
naar voren en zet de hoofdsteun
omlaag.
-
Zet de stoel in de neergeklapte
stand.
Gebruiksvoorschrift
Na de verschillende handelingen:
-
verwijder een hoofdsteun niet
zonder deze op te bergen en aan
een steun te bevestigen,
-
controleer of de veilig
heidsgordels
bereikbaar blijven en gemakkelijk
door de passagier kunnen worden
vastgemaakt,
-
ga niet rijden voordat alle
passagiers hun veilig
heidsgordel
hebben vastgemaakt en afgesteld.
Zie hiervoor bij "Neergeklapte
stand".
-
Druk op de rode hendel om de
voorste verankeringspunten los te
maken.
-
Kantel het geheel ongeveer 45°
naar achteren zonder de hendel los
te laten.
-
Laat de hendel los.
-
t
il de stoel
in verticale stand tot
de aanslag van de verankeringen.
-
Zet de stoel weer rechtop door
hem naar voren te kantelen en
vervolgens op te tille
n.
Terugzetten van de stoel
- Kantel de stoel 45° naar voren.
- Plaats de haken tussen de twee
stangen.
-
Kantel de stoel omlaag om de
achterste verankeringspunten vast
te zetten.
-
t
rek aan de hendel om de
rugleuning in de oorspronkelijk
e
stand te zetten.
-
Zet de hoofdsteun omhoog. Controleer voor het omlaag
kantelen of er geen voorwerpen
het correct vergrendelen van de
stoelverankeringen verhinderen.
Stoelen
Page 89 of 292

87
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
Rugleuningverstelling
-
Bedien de hendel om de stand van
de rugleuning te verstellen.
Rugleuning in de tafelstand zetten
-
Duw de hoofdsteun volledig
omlaag.
-
Bedien de hendel om de rugleuning
op de zitting te klappen. Rechtop zetten van de rugleuning
-
o ntgrendel de rugleuning door
aan de hendel te trekken en zet de
rugleuning in de oorspronkelijke
stand.
-
Controleer of de stoel goed
verankerd is.
Stoel in de portefeuillestand zetten
-
Zet de stoel in de portefeuille
stand.
-
t
rek aan de rode riem aan de
achterzijde van de stoel om de
steunen uit de verankerpunten op
de vloer te verwijderen.
-
Kantel de stoel in zijn geheel naar
voren.
Flexibele indeling stoelen
tweede zitrijTerugzetten van de stoel
-
Kantel de stoel in zijn geheel naar
achteren.
Let voordat u de stoel terugklapt
op het volgende:
-
de voeten van een passagier
op de derde zitrij mogen zich
niet op de verankeringspunten
op de vloer bevinden,
-
de stoel moet goed zijn
verankerd op de vloer
,
-
de passagier moet de
veilig
heidsgordel kunnen
gebruiken.
eRgoNoMIe en CoMFoRt
4
Stoelen
Page 90 of 292

88
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
Flexibele indeling stoelen derde zitrij
Rugleuning in de tafelstand zetten
-
Duw de hoofdsteun volledig
omlaag.
-
Bedien de hendel om de rugleuning
op de zitting te klappen.
Rechtop zetten van de rugleuning
-
o ntgrendel de rugleuning door
aan de hendel te trekken en zet de
rugleuning in de oorspronkelijke
stand.
-
Controleer of de stoel goed
verankerd is. T
erugzetten van de stoel
-
Duw op de rode hendel.
-
Klap de stoel in zijn geheel naar
achteren.
Stoel in de portefeuillestand zetten
-
Zet de stoel in de tafelstand.
-
t
il de palinrichting met de rode riem
aan de achterzijde van de stoel op
om de steunen te verwijderen uit de
verankeringspunten op de vloer
.
-
Klap de stoel in zijn geheel naar
voren. Let op het volgende:
-
de stoel moet goed zijn
verankerd op de vloer
,
-
de passagier moet de
veilig
heidsgordel kunnen
gebruiken.
Stoelen
Page 91 of 292

89
Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016Partner2VP_nl_Chap04_ergonomie_ed02-2016
Instappen en uitstappen vanaf
de derde zitrij
Instappen
-
Zet de stoel op de tweede zitrij in
de tafelstand.
Uitstappen
-
Duw de hoofdsteun volledig omlaag.
- Bedien de gele hendel aan de
achterzijde van de rugleuning van
de tweede zitrij.
-
Klap de rugleuning neer in de
tafelstand. Let op de juiste plaatsing van de
middelste veilig
heidsgordel in de
daarvoor bestemde opening in de
hemelbekleding.
-
Zet de stoel in de portefeuille
stand
om de instap te vergemakkelijken. - t
rek aan de rode riem om de stoel
in de portefeuille
stand te zetten.
-
Klap de stoel in zijn geheel naar
voren.
-
Stap uit via het portier
.
Controleer voordat u de stoel
terugzet in de oorspronkelijke
stand of de voeten van een
passagier op de derde zitrij zich
niet op de verankeringspunten
van de stoel op de tweede zitrij
bevinden.
eRgoNoMIe en CoMFoRt
4
Stoelen