stop start Seat Alhambra 2018 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: SEAT, Model Year: 2018, Model line: Alhambra, Model: Seat Alhambra 2018Pages: 340, PDF Size: 7.15 MB
Page 252 of 340

Bedienen
●
Pro beer in g
een geval de wagen met aan-
hangwagen weer "recht te krijgen" door te
accelereren. ATTENTIE
Als u met een aanhangwagen rijdt en een
tr ek h
aak gebruikt die niet door SEAT inge-
bouwd is, dan moet u de Start-Stop-functie
handmatig deactiveren. Als u dat niet doet,
kan er een storing in het remsysteem optre-
den, waardoor een ernstig ongeval veroor-
zaakt kan worden.
● Deactiveer de Start-Stop-functie altijd
handmatig a
ls de aanhangwagen op een niet
door SEAT ingebouwde trekhaak aangekop-
peld is. Let op
● Sch ak
el het alarmsysteem altijd uit voordat
u een aanhangwagen aankoppelt of afkoppelt
››› pag. 123. Doet u dat niet, dan kan de hel-
lingshoeksensor het alarm per ongeluk acti-
veren.
● Rijd met nieuwe motor (gedurende de eer-
ste 1.000 km of
600 mijl) ››› pag. 260 niet
met aanhangwagen.
● SEAT raadt aan de stang met kogelkop naar
binnen te k
antelen als u geen aanhangwagen
gebruikt. Als u van achteren aangereden
wordt, kan de schade aan de wagen door de
ingebouwde stang met kogelkop groter zijn.
● Sommige modellen hebben een trekhaak
voor het s
lepen van wagens nodig. Daarom moet de stang met kogelkop van de trekhaak
altijd in de w
ag
en worden meegenomen. Technische voorwaarden
Als uw wagen al
af fabriek met
een trekhaak
is geleverd, moet er nog een klembeugel
voor de hulpkoppeling of de handrembreek-
kabel worden gemonteerd. Voor de rest is
reeds aan alle technische en wettelijke eisen
voor het rijden met een aanhangwagen vol-
daan.
Gebruik alleen een goedgekeurde trekhaak
voor het toelaatbare totaalgewicht van de te
transporteren aanhangwagen. De trekhaak
moet geschikt zijn voor de wagen en de aan-
hangwagen, en goed op het chassis van de
wagen zijn bevestigd. Gebruik alleen een
trekhaak met demonteerbare stang met ko-
gelkop. Controleer altijd de aanwijzingen van
de fabrikant van de trekhaak en neem die in
acht. Bouw nooit een trekhaak "in die het ge-
wicht verdeelt" of "de lading gelijkmatig ver-
deelt".
In bumper ingebouwde trekhaak
Bouw nooit een trekhaak of de bevestigings-
punten ervan in de bumper in. Een trekhaak
mag het gedrag van de bumper niet beïn-
vloeden. Wijzig het uitlaat- en het remsys-
teem niet. Controleer regelmatig of de trek-
haak goed ingebouwd is. Koelsysteem van motor
Al
s
u met de wagen een aanhangwagen
trekt, moeten de motor en het koelsysteem
harder werken. Het koelsysteem moet vol-
doende koelmiddel bevatten en de toelaat-
bare belasting van het rijden met aanhang-
wagen kunnen weerstaan.
Rem van aanhangwagen
Als de aanhangwagen zijn eigen remsysteem
heeft, dan moet u de geldende wettelijke
voorschriften met betrekking hiertoe in acht
nemen. Het remsysteem van de aanhangwa-
gen mag nooit op het remsysteem van de wa-
gen worden aangesloten.
Kabel van de aanhangwagen
Gebruik altijd een kabel tussen de wagen en
de aanhangwagen ››› pag. 253.
Achterlichten van de aanhangwagen
De achterlichten van de aanhangwagen moe-
ten aan de daarvoor bestemde normen vol-
doen ››› pag. 253.
Sluit de achterlichten van de aanhangwagen
nooit rechtstreeks aan op het elektrische sys-
teem van de wagen. Als u twijfelt of de elek-
trische aansluiting van de aanhangwagen
goed aangesloten is, neem dan contact op
met een gespecialiseerde werkplaats. SEAT
raadt u aan om een Technische Dienst te
raadplegen.
250
Page 286 of 340

Aanwijzingen
Selectieve katalytische reduc-
tie* (AdBlue) In l
eidin
g tot themaIn wagens met "Selective Catalytic Reducti-
on" (Selectiev
e K
atalytische Reductie) wordt
een speciale oplossing van ureum (AdBlue)
in het uitlaatgassysteem geïnjecteerd, voor
een katalysator, om de uitstoot van stikstof-
oxiden te verminderen.
Het verbruik van AdBlue hangt af van de indi-
viduele rijstijl, de temperatuur van het sys-
teem en de omgevingstemperatuur.
AdBlue bevindt zich in een aparte tank in de
voertuig en moet bijgevuld worden bij een of-
ficiële dealer. De vulhoeveelheid van de Ad-
Blue-tank is ongeveer 17 liter.
De AdBlue-vulhoeveelheid moet gecontro-
leerd worden wanneer er servicewerkzaam-
heden worden uitgevoerd. ATTENTIE
Als de AdBlue-vulhoeveelheid te laag is, is
het mog elijk
dat de wagen na het uitschake-
len van het contact niet opnieuw gestart kan
worden. De wagen kan ook niet met een
noodstop of starthulp gestart worden!
● Vul voldoende hoeveelheid AdBlue bij, als
er nog 1.000 km (600 mijlen) te g
aan zijn.
● De AdBlue-tank niet leeg rijden. ATTENTIE
AdBlue is een irriterende en corroderende
vloeis t
of die verwondingen veroorzaken kan
als de vloeistof in contact komt met de huid,
de ogen of de ademhalingsorganen.
● Indien AdBlue in contact komt met de ogen
of de huid, moet min
stens 15 minuten ge-
spoeld worden met ruim water en een arts ge-
raadpleegd worden.
● In geval van inname van AdBlue, dient u de
mond gedurende min
stens 15 minuten te
spoelen met ruim water. Probeer niet te bra-
ken tenzij dit op advies van de arts gebeurt.
Roep onmiddellijk medische hulpverlening
in. VOORZICHTIG
AdBlue beschadigt oppervlakken zoals bij-
voorbeel d g
elakte onderdelen van de wagen,
kunststoffen, kleding en vloerbedekkingen.
Verwijder weggelekte AdBlue zo snel moge-
lijk met een natte doek en voldoende koud
water.
● Als de AdBlue gestold is, verwijder de Ad-
Blue dan met l
auw water en een spons. Waarschuwings- en controlelampjes
Gaat rood branden
De motor kan niet
opnieuw worden ge-
start! Het AdBlue-ni-
veau is te laag.Stop de wagen op een geschik-
te, veilige en vlakke plaats en
vul de minimale hoeveelheid
AdBlue bij ››› pag. 285.
Gaat rood brandensamen met
De motor kan niet
opnieuw worden ge-
start! Storing in het
AdBlue-systeem.Raadpleeg een gespecialiseerde
werkplaats. Laat het systeem na-
kijken.
Gaat geel branden
De reservehoeveel-
heid AdBlue is klein.
Vul AdBlue bij binnen het aan-
gegeven aantal kilometer (of
mijl)
››› pag. 285. SEAT raadt
aan om daarvoor een gespeciali-
seerde werkplaats te raadple-
gen. 284
Page 303 of 340

Controleren en bijvullen
klimaat en bij oudere accu's regelmatig wor-
den g ec
ontr
oleerd. Voor het overige is voor
de accu's geen onderhoud vereist.
De auto's met start-stopwerking ( ››› pag. 219)
zijn uitgerust met een speciale accu, waarop
het opschrift "AGM" ingeslagen is. Om tech-
nische redenen kan in die accu's het zuurpeil
niet gecontroleerd worden.
Voorbereidingen
● Bereid de wagen voor op werkzaamheden
in de motorruimte ›
›› pag. 287.
● Open de motorkap ›››
pag. 287.
Openen van de afdekking van de accu
Naargelang het motortype kunnen de afdek-
kingen van de wagenaccu verschillen:
● In het geval van een afdekking: druk ge
sp
››› afb. 249 A in pijlrichting in en trek de af-
dekk in
g n
aar boven los.
● In het geval van een afdekking: neem de af-
dekkin
g weg door ze opzij te klappen ››› afb.
250.
Accuzuurpeil controleren
● Zorg ervoor dat voldoende verlichting aan-
wezig i
s om de kleuren duidelijk te herken-
nen. Gebruik nooit vlammen of blinkende
voorwerpen als lichtbron. ●
De kl
eurweergave in het ronde kijkglas aan
de bovenzijde van de accu hangt af van het
zuurtepeil.
Kleurweerga-
veNodige handelingen
Lichtgeel of
TransparantHet accuvloeistofpeil is te laag. Laat
de accu in een gespecialiseerde
werkplaats nakijken en zo nodig ver-
vangen.
ZwartHet accuvloeistofpeil is juist. ATTENTIE
Het werken aan de accu kan corrosie, explo-
sie s
en elektrische schokken veroorzaken.
● Houd de accu nooit schuin. Door de openin-
gen v
oor de gassen kan het zuur vrijkomen,
met corrosie tot gevolg.
● Open een accu nooit.
● Raakt u bespat met het zuur, spoel dan on-
middellijk
en gedurende verscheidene minu-
ten uw ogen en huid met veel water. Ga ver-
volgens onmiddellijk naar een arts.
● Ga na inwendig gebruik van accuzuur direct
naar een art
s. De accu laden, vervangen, aansluiten
of
lo
sm
aken Accu laden
De dient
moet
in een gespecialiseerde werk-
plaats worden opgeladen omdat voor het la-
den van deze accu's een technologie wordt
toegepast waarvoor laden met spanningsbe-
grenzing vereist is ››› . SEAT raadt u aan de
Tec hni
sche Dienst te raadplegen.
Accu vervangen
De accu is overeenkomstig de inbouwplaats
ontwikkeld en met veiligheidssystemen uit-
gerust. Als de accu vervangen moet worden,
dient u zich vóór aankoop van de nieuwe ac-
cu bij een SEAT-garage te informeren over de
elektromagnetische compatibiliteit, grootte
en vereisten voor onderhoud, rendement en
veiligheid. SEAT adviseert de vervanging van
de accu uit te laten voeren in een SEAT-gara-
ge.
Gebruik alleen een accu die geen onderhoud
vereist volgens de normen TL 825 06 en VW 7
50 73. De versie van deze normen moet die
van april 2008 of later zijn.
De wagens met Start/Stop-functie ( ›››
pag.
219) zijn uitgerust met een speciale accu.
Om die reden mag die accu enkel vervangen
worden door een andere accu met dezelfde
kenmerken. »
301
Technische gegevens
Aanwijzingen
Bedienen
Noodgevallen
Veiligheid
Page 304 of 340

Aanwijzingen
Accu loskoppelen
A l
s
de accu losgekoppeld moet worden van
de elektrische installatie, dient u het volgen-
de in acht te nemen:
● Schakel het contact en alle stroomverbrui-
kers
uit.
● Vergrendel de wagen alvorens u de accu
loskop
pelt, anders gaat het alarm af.
● Koppel eerst de minkabel en daarna de
plusk
abel los ››› .
A c
c
u aansluiten
● Alvorens de nieuwe accu aangesloten
wordt, moet
en alle stroomverbruikers en het
contact uitgeschakeld worden.
● Verbind eerst de pluskabel en dan de min-
kabel ›
›› .
Na het aan
s
luiten van de accu en het inscha-
kelen van het contact, kunnen verschillende
controlelampjes gaan branden. De lampjes
gaan opnieuw uit na een kort traject met een
snelheid van ong. 15-20 km/u (10-12 mph).
Als de controlelampjes blijven branden, dient
u de wagen te laten nakijken in een gespeci-
aliseerde werkplaats.
Als de accu lange tijd losgekoppeld is geble-
ven, is het mogelijk dat de datum van de vol-
gende controlebeurt niet correct aangegeven
of berekend wordt ››› pag. 105. Volg de maxi-
maal toegestane onderhoudsintervallen op
››› brochure Onderhoudsprogramma. Wagens met Keyless Access
(›››
pag. 120): in-
dien na het loskoppelen van de accu het con-
tact niet ingeschakeld wordt, moet u de wa-
gen langs buiten vergrendelen en ontgrende-
len. Probeer daarna opnieuw het contact in te
schakelen. Als de band te sterk beschadigd
is, roep dan de hulp van de specialist in.
Automatisch uitschakelen van apparaten
Door een intelligente elektrische installatie
worden bij sterke belasting van de accu auto-
matisch verschillende maatregelen getroffen
om het ontladen van de accu's te voorkomen:
● het stationair toerental wordt verhoogd, zo-
dat de dy
namo meer stroom levert.
● zo nodig wordt het vermogen van de krach-
tigst
e stroomverbruikers verlaagd of zelfs
volledig afgesloten.
● Bij het starten van de motor is het mogelijk
dat de s
troomtoevoer van de 12 V stopcon-
tacten en van de sigarettenaansteker korte
tijd onderbroken wordt.
De elektrische installatie kan het ontladen
van de accu niet altijd voorkomen. Dit kan
bijvoorbeeld het geval zijn wanneer het con-
tact gedurende langere tijd ingeschakeld
blijft met uitgezette motor of wanneer de
stads- of parkeerlichten blijven branden ter-
wijl de wagen geparkeerd staat. Waarom wordt de wagenaccu ontladen?
●
Het gedurende lange tijd parkeren van de
wagen
zonder dat de motor draait, vooral
met ingeschakeld contact.
● Gebruik van stroomverbruikers met uitge-
sch
akelde motor.
● Indien de interieurvoorverwarming werkt
›››
pag. 187. ATTENTIE
Het verkeerd vastmaken of gebruiken van de
acc u k
an leiden tot kortsluiting, brand en ern-
stige verwondingen.
● Gebruik uitsluitend accu's die geen onder-
houd ver
eisen, niet ontladen en waarvan de
eigenschappen, specificaties en afmetingen
overeenstemmen met de af fabriek geïnstal-
leerde accu. De specificatie wordt aangege-
ven op de accubehuizing. ATTENTIE
Als een accu wordt geladen, ontstaat een
licht ont
vlambaar knalgas.
● Laad de accu alleen op in goed geventileer-
de ruimten.
● Laad nooit
een bevroren of recent ontdooi-
de accu op
. Een lege accu kan al bij tempera-
turen rond 0°C (+32°F) bevriezen.
● Als een accu bevriest, moet hij vervangen
worden. 302
Page 328 of 340

Trefwoordenlijst
Dakdragersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170 de s t
eu
nen vastmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 171
Dashboard . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 103 airbagsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 277
dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 175
DCC zie Dynamische onderstelregeling . . . . . . . . . 245
De auto duwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
De auto starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25
Detectie van verkeersborden . . . . . . . . . . . 241, 242 aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 244
indicatie op het display . . . . . . . . . . . . . . . . . . 242
inschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 243
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 243
werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 243
De wagen slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 53, 91, 191 aanwijzingen voor het rijden . . . . . . . . . . . . . . . 93
achterste sleepoog . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
voorste sleepoog . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
De wagen verkopen in andere landen/continenten . . . . . . . . . . . . 278
Diagnosesteker . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 264
Dichtschuiven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115 Bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 129
elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
panoramadak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
Dieselolie tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
Digitale klok . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 105
Dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . 236, 237 aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 241
Controlelampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 237
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 236
indicatie in de buitenspiegel . . . . . . . . . . . . . . 238
rijsituaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 239
Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 237 Door water rijden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 214
zout w ater . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 214
Doppen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 308
Draagvermogen van de banden . . . . . . . . 310, 311
Draairichtinggebonden banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 51
Draairichtinggebonden banden . . . . . . . . . . . . . 311
Dynamische lichtbundel-hoogteverstelling . . . . 140
Dynamische onderstelregeling (DCC) . . . . . . . . . 245 bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 245
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 246
Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 245
Dynamo . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 300
E E10 zie Ethanol (brandstof) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
EDS zie Remhulpsystemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
zie ook Elektronisch sperdifferentieel . . . . . . . 214
Eén-portier-ontgrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . 118
Een lampje vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 95 achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99
achterlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99
carrosserie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99
Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 96
halogeenkoplampen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 96
kentekenplaatverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . 101
voorbumper . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 98
xenonkoplamp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 97
Een wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 afsluitende werkzaamheden . . . . . . . . . . . . . . . 52
wielbouten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 48
Elektrisch bedienbare schuifdeur openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 126
sluitkrachtbegrenzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 127
Elektrische kinderbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . 127 Elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
zie Ruit en . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 131
elektrische toestellen . . . . . . . . . . . . . . . . . 191, 254
Elektrische toestellen . . . . . . . . . . . . . . . . . 180, 181
Elektromechanische parkeerrem automatisch uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . 198
elektronisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
inschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
noodstopfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
Elektronisch beheer van het aandrijfkoppel (XDS) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
Elektronische stabiliseringscontrole (ESC) . . . . . 214
Elektronische startblokkering . . . . . . . . . . . . . . . 195 functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Elektronisch sperdifferentieel . . . . . . . . . . . . . . . 214
Elektronisch sperdifferentieel (EDS) . . . . . . . . . . 216
Emissiegegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 315
ESC elektronische stabiliseringscontrole . . . . . . . . 214
Ethanol (brandstof) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
Event Data Recorder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 264
Extra verwarming automatisch uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . 281
zie Interieurvoorverwarming . . . . . . . . . . . . . . 187
F Fietsendrager maximumbelasting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 252
monteren op de stang met kogelkop . . . . . . . 252
Flessenhouders . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 178
Frontairbag aan bijrijderszijde Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20, 76
Frontairbag aan bijrijderszijde buiten werking stellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
Frontale botsingen en natuurkundige wetten . . . 65
326
Page 329 of 340

Trefwoordenlijst
Functiestoringen air c
onditionin
g . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 184
automatische versnellingsbak . . . . . . . . . . . . 205
dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 236
dynamische onderstelregeling (DCC) . . . . . . . 246
katalysator . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 212
rijstrookassistent . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 234
roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 212
wegrijblokkering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Functies van de stoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 152 rugleuning van de bijrijdersstoel neerklappen . . .156
rugmassage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 153
toegangshulp voor de derde zitrij . . . . . . . . . . 154
G Geanodiseerde oppervlakken . . . . . . . . . . . . . . . 271
Gebruikersinformatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 278
Geheugenmodule voor opslaan van ongevalge- gevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 264
Geïntegreerd kinderzitje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 82 inbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
uitbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 84
verloop van de gordel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
Geluiden banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 313
interieurvoorverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . 190
motor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
remhulpsystemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 217
Geluidssignaal veiligheidsgordel niet vastgegespt . . . . . . . . . . 64
Gevarendriehoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85, 139
Gewichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 315
Gewicht van de combinatie . . . . . . . . . . . . . . . . . 258
Gordel spannen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Gordelspanner . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18, 70 onderhoud en afvoer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70 Gordijnen
achter zijruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 142
GRA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232 zie snelheidsregelsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . 34
Grootlichthendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
H
Haak van beweegbare stang met kogelkop een fietsendrager monteren . . . . . . . . . . . . . . 252
Handrem zie Parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
Hefbrug . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 266
Het contact in- en uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . 25
Hoofdsteunen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150 in- en uitbouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
regeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17, 149
Hoofdsteunen regelen hoofdsteunen achter . . . . . . . . . . . . . . . . 17, 149
Hoogteverstelling veiligheidsgordels . . . . . . . . . . 69
Hulpsystemen achteruitrijsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 228
antiblokkeersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 215
antislipregeling (ASR) . . . . . . . . . . . . . . 215, 217
auto Hold . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 218
Bandenspanningscontrolesysteem . . . . . . . . . 246
bandenspanningsindicatie . . . . . . . . . . . . . . . 248
bochtenverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 137
detectie van verkeersborden . . . . . . . . . . . . . . 241
dodehoekhulp (BSD) met uitparkeerhulp(RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 236
dynamische onderstelregeling (DCC) . . . . . . . 245
Elektronisch beheer van het aandrijfkoppel (XDS) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
elektronisch sperdifferentieel (EDS) . . . . . . . . 216
inparkeersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
lane Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 234
Lane Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 234 Launch-Control programma . . . . . . . . . . . . . . . 205
optisc
h parkeersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . 223
park Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
parkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222
rear View Camera . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 228
remassistent (BAS) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 215
rijstrookassistent . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 234
sign Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 241
Snelheidsregelsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
start-Stop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 219
startassistent . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 218
uitparkeerhulp (RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 236
vermoeidheidsherkenning . . . . . . . . . . . . . . . . 244
I
Inbraakbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 122, 123
Info-oproep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 114
In geval van nood . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
Inparkeersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224 automatisch onderbreken . . . . . . . . . . . . . . . . 227
in- of uitschakelen (parkeerplaats verlaten) . . 227
in- of uitschakelen (parkeren) . . . . . . . . . . . . . 226
onderbreking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 226
parkeerplaats verlaten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 227
parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 226
storing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 225
voorbereiding op parkeren . . . . . . . . . . . . . . . 225
Inrijden banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 306
nieuwe motor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 208
remblokken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
instellen hoofdsteunen achter . . . . . . . . . . . . . . . . 17, 149
lichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140
rugleuning van de bijrijdersstoel neerklappen . . .156
stoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 59
327
Page 331 of 340

Trefwoordenlijst
het parkeerlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
In s
t
appen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
instrumentenverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140
knipperlichthendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
leeslampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 141
lichtbundel-hoogteverstelling . . . . . . . . . . . . . 140
lichtschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
mistlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26
rijden in het buitenland . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140
schakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26
Schakelaar alarmlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . 27
schakelaarverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140
stadslicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
Uitstappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 138
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 135
Lichtbundelhoogteverstelling . . . . . . . . . . 103, 140
Licht inschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
Licht uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
Luchtrecirculatiestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 186
Luchtroosters . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 185
M Make-upspiegel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 141
Middenarmleuning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 157
Milieu milieubewust rijden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 209
milieuvriendelijkheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 209
Milieu-advies tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
Mistlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26
mobiel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 263
Mobiele telefoon . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 113, 263 gebruik zonder buitenantenne . . . . . . . . . . . . 264
Motor geluiden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
Inrijden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 208
starthulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 54 Motorcode . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 314
Motor en cont
act . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
12V-stopcontacten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 180
contactslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 192
de motor in werking stellen met Keyless Ac- cess . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 193
motor afzetten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
motor starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 192
niet-geautoriseerde autosleutel . . . . . . . . . . . 192
starten van de motor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194
voorverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 194
wegrijblokkering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
Motorgegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 317
Motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13, 287 openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 289
Motorkoelvloeistof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42 bijvullen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 295
G12 plus-plus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42, 295
G13 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42, 295
het peil controleren . . . . . . . . . . . . . . . . 293, 295
Specificaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42, 295
temperatuurmeter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 294
vulopening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 295
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 294
Motorolie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41, 290 bijvullen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 292
olie-eigenschappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
oliepeil controleren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 291
oliepeilstok . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 291
Specificaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 291
verbruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 291, 292
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 290
Motorregeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211
Motorruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13, 287 accu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43, 299
koelvloeistof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42, 293
motorolie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41, 290, 292 openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 289
remvloei
stof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43, 297
ruitensproeiervloeistofreservoir . . . . . . . 43, 298
Motor starten door slepen . . . . . . . . . . . . . . . . 54, 91
Multi-functie-indicatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
N
Net Bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 169
Nettas van de bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . . 169
Noodgevallen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85 brandblussers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
een doorgebrande zekering vervangen . . . . . . 45
een wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
gevarendriehoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
lampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
lekke band . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 46
noodslepen van de wagen . . . . . . . . . . . . . . . . . 53
Schakelaar alarmlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . 139
startkabels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 54
verbanddoos . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
wagengereedschap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
zekeringen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 44
Noodontgrendeling achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
portieren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Noodsluiten en noodopenen . . . . . . . . . . . . . . . . . 93 achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
bestuurdersportier . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
bijrijdersportier . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
panoramaschuifdak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Noodstopfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
O Octaangetal (benzine) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
Olie-eigenschappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
329
Page 334 of 340

Trefwoordenlijst
een versnelling inschakelen (schakelbak) . . . 202
noodont gr
endelin
g . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
Schakelbak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36, 202
tiptronic . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 204
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 202
Scheidingsnet . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 165
Schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267 Dashboard . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 277
kleeffolies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 269
kunstleer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 276
kussen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 274
motorruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 272
natuurleer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 275
opbergvakken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 276
ruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 269
spiegels inklappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 147
textiel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 273
textielbekledingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 274
Veiligheidsgordels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 277
velgen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 271
wagen wassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267
wassen met een hogedrukreiniger . . . . . . . . . 268
Schuifdeur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 126 elektrisch openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . 126
handmatig openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . 126
kinderbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 127
Schuifladen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 176
SEAT informatiesysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28 structuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28
Selectieve katalytische reductie . . . . . . . . . . . . . 284
Service-intervalindicatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 108
Servicemededeling: raadplegen . . . . . . . . . . . . . 109
Servicestand van de ruitenwisser . . . . . . . . . . . . . 56
Set autosleutels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115
Sigarettenaansteker . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 179
Sign Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 241
Sleepogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 53 Slepen
bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 53
Sleutel met afstandsbediening ont- en vergrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Sleutels afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115
autosleutel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115
Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 116
de batterij vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 116
ont- en vergrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . 10, 119
reservesleutel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115
synchroniseren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 117
Sleutels bij laten maken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115
Slijtagemerktekens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 309
Slijtage van de banden . . . . . . . . . . . . . . . 308, 309
Slotcilinder van het portier . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Sloten ontdooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 272
Sluit- en startsysteem zonder sleutel Keyless Ac- cess
zie Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 120
Sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115 Bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
panoramadak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
Sluitkrachtbegrenzing elektrisch bedienbare schuifdeuren . . . . . . . . 127
panoramadak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
rolgordijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
ruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132
Sneeuwkettingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 52, 316 vierwielaandrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 52
Snelheidscode . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 311
Snelheidsregelsysteem (SRS) . . . . . . . . . . . 34, 232 bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 233
Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
Waarschuwingslampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
Spanningsbegrenzer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70 Sperdifferentieel
zie Remhu lpsystemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
Spraakbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 114
Stabilisatie van het samenstel wagen/aanhan- ger . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 256
Stang met kogelkop van de aanhangwagen elektrisch ontgrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 251
Start-stopsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 219
Startassistent zie Starthulpsystemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 217
Starthulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 54 beschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
pluspool . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
startkabel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Startkabels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 54
Startknop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 193
Statusweergave op het display . . . . . . . . . . . . . . 106 buitentemperatuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 107
detectie van verkeersborden . . . . . . . . . . . . . . 242
Onderhoudsintervallen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 108
Sticker met wagengegevens . . . . . . . . . . . . . . . . 314
Stickers en plaatjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 278
Stoel aantal zitplaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Achterbank . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
achterbank neerklappen . . . . . . . . . . . . . . . . . 161
elektrisch verstelbare voorstoel . . . . . . . . . . . . 16
handmatige instelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
rugleuning van de bijrijdersstoel neerklappen . . .156
stoel met geheugenfunctie . . . . . . . . . . . . . . . 153
toegangshulp voor de derde zitrij . . . . . . . . . . 154
verkeerde zithouding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
verwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 152
Stoelen instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
Stoelverstelling Achterbank . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
Stoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
332
Page 337 of 340

Trefwoordenlijst
railsysteem met bevestigingselementen . . . . 167
Sc heidin
g
snet . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 165
transport van de lading . . . . . . . . . . . . . . . . . . 158
Wagengereedschap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47, 85 componenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86
Inbouwplaats . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
Wagenlak conserveren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270
Wagen omhoogbrengen op de hefbrug . . . . . . . . 50 hefbrug . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 266
Wagen opkrikken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50
Wagen wassen kleeffolies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 269
Was . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 269
Wassen van de wagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267 bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 122, 268
hogedrukreinigers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 268
sensoren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 221, 225
Wasstraat Auto Hold uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 219
startassistent uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . 219
Wat beïnvloedt de rijveiligheid negatief? . . . . . . . 58
Wegrijblokkering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
Wegsleepbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 124
Werking Start-Stop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 219 bij rijden met een aanhangwagen . . . . . . . . . 249
Wielbouten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87, 316 aantrekmoment . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 49
diefstalbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . 47, 86, 87
doppen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 48
losdraaien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 48
Wieldop verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 48
wieldop weer aan . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
Wieldoppen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 Wielen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 303, 316
sneeuwk ettingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 52
wieldop weer aan . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47, 51, 87
Wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87
Winter configuratie van het menu . . . . . . . . . . . . . . . . . 32
extra verwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 187
Winterbanden snelheidslimiet . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 312
vierwielaandrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 312
Winterse omstandigheden bandenspanning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 307
brandstofverbruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 210
diesel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
koplampsproeiers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 143
profieldiepte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 308
rijden met een aanhangwagen . . . . . . . . . . . . 249
ruitensproeiervloeistofreservoir . . . . . . . . . . . 270
sneeuwkettingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 52
strooizout op straat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 144
verwarmbare ruitensproeiers . . . . . . . . . . . . . . 143
winterbanden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 312
Wisselen onderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 260
Wisserbladen schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57
verversen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57
X XDS zie Remhulpsystemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
Z Zekeringen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 44, 94 doorgebrande zekeringen herkennen . . . . . . . . 45
onderscheid op kleur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 44 vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
voorbereidin
g voor vervanging . . . . . . . . . . . . . 45
zekeringkast . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 94
Zendapparatuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 263
Zitplaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Zonnekleppen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 141
Zout water . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 214
335