MPG YAMAHA VERSITY 300 2005 Instructieboekje (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: YAMAHA, Model Year: 2005, Model line: VERSITY 300, Model: YAMAHA VERSITY 300 2005Pages: 84, PDF Size: 3.55 MB
Page 7 of 84

INHOUDSOPGAVE
Zekeringen vervangen .................. 6-27
Koplampgloeilamp vervangen ...... 6-28
Gloeilamp in voorste
richtingaanwijzer vervangen ..... 6-29
Gloeilamp voor remlicht/achterlicht
of van gloeilamp voor achterste
richtingaanwijzer vervangen ..... 6-30
Gloeilamp in kentekenverlichting
vervangen ................................. 6-30
Problemen oplossen ..................... 6-31
Storingzoekschema’s ................... 6-32
VERZORGING EN STALLING
VAN DE SCOOTER............................ 7-1
Verzorging ......................................7-1
Stalling ............................................7-3
SPECIFICATIES ................................8-1
GEBRUIKERSINFORMATIE.............. 9-1
Identificatienummers ......................9-1
Page 66 of 84

PERIODIEK ONDERHOUD EN KLEINERE REPARATIES
6-28
6
LET OP:
DCA10640
Gebruik geen zekering met een hoger
ampèrage dan is voorgeschreven, om
ernstige schade aan het elektrisch sys-
teem en mogelijk brandgevaar te vermij-den.
3. Draai de contactsleutel naar “” en
schakel het betreffende elektrisch cir-
cuit in om te zien of de apparatuur
werkt.
4. Als de zekering direct opnieuw door-
brandt, vraag dan een Yamaha dealer
het elektrisch systeem te controleren.
DAU23841
Koplampgloeilamp vervangen De koplamp op dit model heeft een halo-
geen gloeilamp. Vervang de koplampgloei-
lamp als volgt als deze is doorgebrand.
1. Verwijder stroomlijnpaneel A samen
met de koplampunit. (Zie pagina 6-7.)
2. Maak de koplampstekker los en ver-
wijder dan de gloeilampkap.
3. Verwijder de gloeilamphouder door
deze in te duwen en linksom te draaien
en verwijder vervolgens de defecte
gloeilamp.
WAARSCHUWING
DWA10790
Koplampgloeilampen worden zeer heet.
Houd daarom brandbare producten uit
de buurt van een koplampgloeilamp en
raak het lampglas niet aan zolang dit nietis afgekoeld.
4. Breng een nieuwe koplampgloeilamp
aan en zet deze dan vast met de gloei-
lamphouder. Voorgeschreven zekeringen:
Hoofdzekering:
30.0 A
Backup-zekering:
3.0 A
Koplampzekering:
15.0 A
Zekering radiatorkoelvin:
15.0 A
Zekering signaleringssysteem:
15.0 A
Zekering ontstekingssysteem:
7.5 A
Circuitzekering aansluitcontact voor
accessoires:
3.0 A
1. Gloeilampkap
2. Koplampstekker
2 1
ZAUM0461
1. Gloeilamphouder
1
ZAUM0462ZAUM0463
Page 67 of 84

PERIODIEK ONDERHOUD EN KLEINERE REPARATIES
6-29
6
LET OP:
DCA10660
Raak het glas van de koplampgloeilamp
niet aan zodat dit vetvrij blijft, anders kan
de doorzichtigheid van het glas, de lich-
tintensiteit en de levensduur nadelig
worden beïnvloed. Wrijf eventuele ver-
ontreinigingen en vingerafdrukken op
het gloeilampglas weg met een doekjegedrenkt in alcohol of thinner.
5. Breng de gloeilampkap aan en sluit
dan de koplampstekker aan.
6. Monteer het stroomlijnpaneel samen
met de koplampunit.
7. Vraag indien nodig een Yamaha
dealer de koplamplichtbundel af te
stellen.
DAUT1260
Gloeilamp in voorste
richtingaanwijzer vervangen LET OP:
DCA10670
Het is aan te bevelen dit werk uit te latenvoeren door een Yamaha dealer.
1. Zet de scooter op de middenbok.
2. Verwijder stroomlijnpaneel A. (Zie pa-
gina 6-7.)
3. Verwijder de lampfitting (samen met
de gloeilamp) door deze linksom te
draaien.
4. Verwijder de defecte gloeilamp door
deze in te drukken en linksom te
draaien.
5. Breng een nieuwe gloeilamp aan in de
fitting, druk de lamp aan en draai
rechtsom tot hij stuit.6. Breng de lampfitting aan (samen met
de gloeilamp) door deze rechtsom te
draaien.
7. Breng het stroomlijnpaneel aan.
1. Raak het glas van de gloeilamp niet aan.
1
ZAUM0464
1. Fitting gloeilamp richtingaanwijzer
1
ZAUM0465
Page 81 of 84

INDEX
AAandachtspunten voor veilig
motorrijden ........................................... 1-4
Accu...................................................... 6-26
Accuspanningmeter/temperatuurmeter
voor koelvloeistof.................................. 3-3
Antidiefstal-alarmsysteem (optie) ........... 3-7BBagagehaak ......................................... 3-14
Banden ................................................. 6-18
Bougie, controleren .............................. 6-10
Brandstof .............................................. 3-10
Brandstofniveaumeter ............................ 3-3
Brandstofverbruik, tips voor een
zuinig .................................................... 5-3CCarburateur,afstellen ............................ 6-17
Claxonschakelaar ................................... 3-7
Contactslot/stuurslot ............................... 3-1
Controlelampje dimlicht .......................... 3-2
Controlelampje grootlicht ........................ 3-2
Controlelampjes...................................... 3-2
Controlelampjes richtingaanwijzers ........ 3-2
Controlelijst voor gebruik ........................ 4-2DDimlichtschakelaar ................................. 3-7
Display, multifunctioneel ......................... 3-4GGasgreep en gaskabel, controleren en
smeren ............................................... 6-23
Gelijkstroom aansluitcontact voor
accessoires ........................................ 3-17
Gereedschapsset ................................... 6-1Gloeilamp in remlicht/achterlicht of
gloeilamp richtingaanwijzer (achter),
vervangen ........................................... 6-30
Gloeilamp kentekenverlichting,
vervangen ........................................... 6-30
Gloeilamp richtingaanwijzer (voor),
vervangen ........................................... 6-29
IIdentificatienummers ............................... 9-1
Inrijperiode .............................................. 5-3KKabels, controleren en smeren ............. 6-23
Klepspeling............................................ 6-18
Koelvloeistof .......................................... 6-14
Koplampgloeilamp, vervangen .............. 6-28LLichtsignaalschakelaar ............................ 3-7
Locaties van onderdelen ......................... 2-1
Luchtfilter en luchtfilterelementen in
v-snaarbehuizing, reinigen .................. 6-15MMiddenbok en zijstandaard,
controleren en smeren ........................ 6-24
Modelinformatiesticker ............................ 9-2
Motorolie ............................................... 6-11NNoodstopschakelaar ............................... 3-7OOpbergcompartiment ...................3-12, 3-13PParkeren..................................................5-4
Periodiek smeer- en
onderhoudsschema .............................. 6-2
Problemen oplossen .............................6-31
RRemhendel, achterrem ........................... 3-9
Remhendels, smeren............................ 6-23
Remmen ................................................. 5-2
Remvloeistofniveau, controleren .......... 6-21
Remvloeistof, verversen ....................... 6-22
Richtingaanwijzerschakelaar .................. 3-7SSchakelaar alarmverlichting.................... 3-8
Schokdemperunits, afstellen................. 3-14
Sleutelnummer........................................ 9-1
Slotcompartiment .................................. 3-13
Snelheidsmeter ....................................... 3-2
Sneller en langzamer rijden .................... 5-2
Specificaties............................................ 8-1
Stalling .................................................... 7-3
Starten van de motor .............................. 5-1
Startknop ................................................ 3-8
Startspersysteem .................................. 3-15
Storingzoekschema’s............................ 6-32
Stroomlijn- en framepanelen,
verwijderen en aanbrengen .................. 6-6
Stuurschakelaars .................................... 3-7
Stuursysteem, controleren .................... 6-25TTankdop .................................................. 3-9UUitlaatkatalysator .................................. 3-11VVeiligheidsinformatie............................... 1-1
Versnellingsbakolie ............................... 6-13
Verzorging .............................................. 7-1
Voertuigidentificatienummer ................... 9-1