ABS Abarth 500 2011 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ABARTH, Model Year: 2011, Model line: 500, Model: Abarth 500 2011Pages: 170, PDF Size: 3.11 MB
Page 131 of 170

130
STARTEN
EN RIJDEN
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
KEN UW
AUTO
VEILIGHEID
LAMPJES
EN BERICHTEN
IN
NOODGEVALLEN
VOORZORGS-
MAATREGELEN
EN ONDERHOUD
RUITENSPROEIERVLOEISTOF
fig. 1
Trek voor het bijvullen van de vloeistof de
dop Dvan het reservoir totdat u een klik
hoort.
Giet vervolgens langzaam een mengsel van
water en TUTELA PROFESSIONAL SC
35 in het reservoir, in de volgende meng-
verhouding:
30% TUTELA PROFESSIONAL SC 35 en
70% water in de zomer.
50% TUTELA PROFESSIONAL SC 35 en
50% water in de winter.
Bij temperaturen onder –20°C TUTELA
PROFESSIONAL SC 35 onverdund ge-
bruiken.
Controleer visueel het niveau van de vloei-
stof in het reservoir.
Sluit de dop Ddoor hem in het midden in
te drukken. MOTORKOELVLOEISTOF
fig. 1
Het niveau van de koelvloeistof moet ge-
controleerd worden bij een koude motor
en moet tussen het MIN- en MAX-merk-
teken op het expansiereservoir staan.
Een te laag niveau bijvullen door een
mengsel van gedemineraliseerd water en
50% PARAFLU UP van FL Selenia lang-
zaam via de vulopening Cvan het expan-
siereservoir te gieten.
Een mengsel van 50 % PARAFLU UP en
50 % gedemineraliseerd water beschermt
tot een temperatuur van –35°C.
Onder uitzonderlijk strenge klimatologi-
sche omstandigheden, verdient het aan-
beveling mengsel van 60% PARAFLU UP
en 40% gedemineraliseerd water te ge-
bruiken.Het motorkoelsysteem ge-
bruikt PARAFLU UP-koel-
vloeistof. Gebruik voor het
eventueel bijvullen vloeistof
met dezelfde specificaties als waarmee
het motorkoelsysteem is gevuld.
PARAFLU UP-koelvloeistof kan niet
worden gemengd met welke andere
koelvloeistof dan ook. Als dit toch ge-
beurt, mag de motor absoluut niet wor-
den gestart en moet u zich tot het
Abarth Servicenetwerk wenden.
Het koelsysteem staat onder
druk. Vervang de dop zono-
dig alleen door een exemplaar van
hetzelfde type, anders kan de werking
van het systeem in gevaar worden ge-
bracht. Draai bij een warme motor de
dop van het expansiereservoir nooit
los: gevaar voor brandwonden.
OPGELET
Rijd niet met een leeg rui-
tensproeierreservoir: de wer-
king van de ruitensproeiers is zeer be-
langrijk voor een goed zicht.
Enkele in de handel verkrijgbare rui-
tensproeiervloeistoffen zijn licht ont-
vlambaar. In de motorruimte bevin-
den zich warme onderdelen die bij
contact de vloeistof kunnen doen ont-
branden.
OPGELET
123-140 ABARTH 500 NL 29-04-2009 11:05 Pagina 130
Page 132 of 170

131
STARTEN
EN RIJDEN
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
KEN UW
AUTO
VEILIGHEID
LAMPJES
EN BERICHTEN
IN
NOODGEVALLEN
VOORZORGS-
MAATREGELEN
EN ONDERHOUD
REMVLOEISTOF fig. 1
Draai de dop Elos: controleer of het rem-
vloeistofniveau nog op het maximum ni-
veau staat.
Het niveau mag nooit het MAX-merkte-
ken overschrijden.
Als vloeistof moet worden bijgevuld, dan
raden wij u aan de remvloeistof te ge-
bruiken die staat vermeld in de tabel
“Vloeistoffen en smeermiddelen” (zie het
hoofdstuk “Technische gegevens”).
OPMERKING Maak de dop van het re-
servoir Een het omringende oppervlak
zorgvuldig schoon.
Wees bij het openen van de dop bijzon-
der voorzichtig zodat er geen vuil in het
reservoir komt.
Gebruik voor het bijvullen altijd een trech-
ter met een ingebouwde filterzeef van
maximaal 0,12 mm.
WAARSCHUWING De remvloeistof is
hygroscopisch (trekt water aan). Daarom
verdient het aanbeveling, als de auto over-
wegend wordt gebruikt in gebieden met
een hoge luchtvochtigheid, de vloeistof va-
ker te vervangen dan in het “Geprogram-
meerd onderhoudsschema” staat aange-
geven.Voorkom contact tussen de
zeer corrosieve remvloeistof
en de lak. Als dit toch gebeurt,
spoel dan onmiddellijk met
water.
De remvloeistof is giftig en
zeer corrosief. Als per onge-
luk remvloeistof wordt gemorst, moe-
ten de betreffende delen onmiddellijk
worden gewassen met water en neu-
trale zeep en daarna met veel water
worden afgespoeld. Bij inslikken dient
onmiddellijk een arts te worden ge-
raadpleegd.
OPGELET
Het symbool πop het re-
servoir geeft aan dat synthe-
tische remvloeistof en geen minerale
vloeistof moet worden gebruikt. Het
gebruik van minerale vloeistoffen
moet absoluut worden vermeden,
omdat de rubbers in het remsysteem
door deze vloeistoffen worden be-
schadigd.
OPGELET
123-140 ABARTH 500 NL 29-04-2009 11:05 Pagina 131
Page 161 of 170

160
STARTEN
EN RIJDEN
ALFABETISCH
REGISTER
KEN UW
AUTO
VEILIGHEID
LAMPJES
EN BERICHTEN
IN
NOODGEVALLEN
VOORZORGS-
MAATREGELEN
EN ONDERHOUD
TECHNISCHE
GEGEVENS
– frontairbag passagierszijde .......... 74
– knie-airbag bestuurderszijde: ..... 75
– zij-airbags
(sidebag - headbag) .................75-76
Alleen voor controle en
herstellen spanning .......................... 105
ASR ......................................................... 56
Auto langere tijd stallen .................... 85
Auto langere tijd stallen .................... 85
Automatische klimaatregeling .......... 31
Autoradio ............................................. 59
Bagageruimte vergroten .................. 48
Bagageruimte........................................ 46
– openen ............................................ 46
– sluiten .............................................. 47
– vergroten ....................................... 48
Bagageruimteverlichting .................... 46
– lamp vervangen ............................. 115
Banden .................................................. 148
– bandenspanning ............................. 150
– onderhoud ..................................... 134
– sneeuw ......................................84-150
– standaard ........................................ 150
– verklaring van de codes
op de banden ................................ 148
Bandenspanning ................................... 150Bedieningsorganen ............................. 37
Bedieningstoetsen ............................... 13
– menu esc......................................... 13
– setup-menu .................................... 13
Bekerhouders ...................................... 40
Bescherming van het milieu .............. 62
– batterij vervangen ......................... 7
Bougies................................................... 145
Brandstof ............................................... 154
– brandstofnoodschakelaar ............ 38
– brandstofverbruik ......................... 157
– inhoud brandstoftank .................. 154
– meter .............................................. 11
– tanken ............................................. 154
Brandstofbesparing ............................. 82
Brandstofmeter ................................... 11
Brandstofnoodschakelaar
(systeem)............................................. 38
Brandstofnoodschakelaar ................... 38
Brandstofsysteem ............................... 146
Buitenverlichting ................................. 34
Buitenverlichting ................................. 34
– lamp achter vervangen ................ 113
Carrosserie.......................................... 137
– bescherming .................................. 137
ABS ...................................................... 53
Accu........................................................132
– accu laden ...................................... 121
– lading accu controleren .............. 132
– nuttige tips ..................................... 133
– starten met een hulpaccu ........... 96
– vervangen ....................................... 132
Achterklep ........................................... 46
Achterklep in noodgevallen
openen ............................................... 47
Achterklep openen.............................. 46
Achterruitensproeier ......................... 36
– bediening ........................................ 36
– vloeistofniveau .............................. 130
Achterruitenwisser ............................ 36
– sproeiers ....................................... 137
– bediening ........................................ 36
– rubbers ........................................... 136
Achterruitverwarming .............28-29-31
Achteruitrijverlichting ........................ 113
Afmetingen ........................................... 151
Afstandsbediening met
radiofrequentie ................................. 159
– extra afstandsbedieningen
Airbags .................................................. 73
– frontairbag bestuurderszijde ...... 74
A
A A A
L L L L
F F F F
A A A A
B B B B
E E E E
T T T T
I I I I
S S S S
C C C C
H H H H
R R R R
E E E E
G G G G
I I I I
S S S S
T T T T
E E E E
R R R R
160-168 ABARTH 500 NL 29-04-2009 11:06 Pagina 160