AUX Alfa Romeo MiTo 2013 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ALFA ROMEO, Model Year: 2013, Model line: MiTo, Model: Alfa Romeo MiTo 2013Pages: 312, PDF Size: 11.43 MB
Page 263 of 312

INLEIDING .................................................................................... 261
TIPS ........................................................................................... 261
TECHNISCHE GEGEVENS .......................................................... 262
BASIC LEVEL SYSTEEM ............................................................... 262
MEDIUM LEVEL SYSTEEM ........................................................... 262
BOSE HI-FI LEVEL SYSTEEM ......................................................... 263
SNELGIDS .................................................................................... 264
ALGEMENE FUNCTIES ................................................................ 265
RADIOFUNCTIES ........................................................................ 266
CD-FUNCTIES ............................................................................ 266
Media Player FUNCTIES (alleen bijBlue&Me™) ......................... 267
BEDIENINGSTOETSEN OP STUURWIEL ......................................... 268
ALGEMENE INFORMATIE .............................................................. 270
FUNCTIES EN INSTELLINGEN ........................................................ 272
INSCHAKELING AUTORADIO ..................................................... 272
UITSCHAKELING AUTORADIO .................................................... 272
RADIOFUNCTIES KIEZEN ............................................................ 272
CD-FUNCTIE KIEZEN .................................................................. 272
GEHEUGENFUNCTIE AUDIOBRON ............................................. 272
VOLUMEREGELING .................................................................... 273
MUTE/PAUSE FUNCTIE (volume op nul stellen) ............................. 273
GELUIDSINSTELLINGEN .............................................................. 273
TOONREGELING (lage/hoge tonen) ............................................ 274
BALANSREGELING ..................................................................... 274
FADERREGELING ........................................................................ 274
LOUDNESSFUNCTIE ................................................................... 275
PRESET/USER/CLASSIC/ROCK/JAZZ FUNCTIES .......................... 275
FUNCTIE USER EQ SETTINGS ...................................................... 276
MENU ....................................................................................... 276AF SWITCHING functie .............................................................. 276
TRAFFIC INFORMATION functie .................................................. 278
REGIONAL MODE functie .......................................................... 279
MP3 DISPLAY functie ................................................................... 279
SPEED VOLUME functie .............................................................. 280
RADIO ON VOLUME functie ........................................................ 280
TELEFOONFUNCTIE ................................................................... 281
AUX OFFSET functie .................................................................... 281
RADIO OFF functie .................................................................... 282
SYSTEM RESET functie ................................................................. 282
VOORBEREIDING VOOR INBOUW TELEFOON............................ 282
DIEFSTALBEVEILIGING ................................................................ 282
RADIO (TUNER) ............................................................................ 284
INLEIDING ................................................................................. 284
KEUZE GOLFBAND..................................................................... 284
VOORKEUZETOETSEN ............................................................... 284
OPSLAG VAN LAATST BELUISTERDE STATION .............................. 284
AUTOMATISCHE AFSTEMMING .................................................. 285
HANDMATIGE AFSTEMMING ..................................................... 285
AUTOSTORE FUNCTIE ................................................................ 285
ONTVANGST VAN NOODBERICHTEN ........................................ 286
EON FUNCTIE (Enhanced Other Network) .................................... 286
STEREO-UITZENDINGEN ............................................................ 286
CD-SPELER.................................................................................... 286
INLEIDING ................................................................................. 286
KEUZE VAN DE CD-SPELER ......................................................... 286
INBRENGEN/UITWERPEN VAN DE CD........................................ 286
DISPLAY-INFORMATIE ................................................................. 287
KEUZE VAN NUMMER (vooruit/achteruit) .................................... 287
SNEL VOORUIT-/TERUGSPOELEN VAN NUMMERS...................... 287
PAUZE-FUNCTIE ......................................................................... 288
259AUTORADIO
OVERZICHT
Page 264 of 312

CD MP3-SPELER ............................................................................ 288
INLEIDING ................................................................................. 288
MP3 WERKING .......................................................................... 288
KEUZE VAN MP3-SESSIES OP HYBRIDE DISKS ............................. 289
DISPLAY-INFORMATIE ................................................................. 290
KEUZE VAN VOLGENDE/VORIGE MAP ....................................... 290
STRUCTUUR VAN DE MAPPEN .................................................... 290AUX (uitsluitend bij hetBlue&Me™ systeem) ................................. 291
INLEIDING ................................................................................. 291
AUX MODUS ............................................................................. 291
PROBLEEMOPLOSSING ................................................................. 291
ALGEMEEN ................................................................................ 291
CD-SPELER ................................................................................. 291
LEZEN VAN MP3-BESTAND ......................................................... 292
260
AUTORADIO
Page 269 of 312

ALGEMENE FUNCTIESToets Functies Modus
ON/OFFInschakelen Toets kort indrukken
Uitschakelen Toets kort indrukken
Volumeregeling Knop linksom/rechtsom draaien
FM ASKeuze radiobron FM1, FM2, FM Autostore Toets kort opeenvolgend indrukken
AMKeuze radiobron MW1, MW2 Toets kort opeenvolgend indrukken
MEDIAKeuze CD/Media Player bron (alleen metBlue&Me
™)/
AUX (alleen metBlue&Me
™, voor bepaalde
versies/markten)Toets kort opeenvolgend indrukken
Volume in-/uitschakelen (MUTE/PAUSE) Toets kort indrukken
AUDIOAudioregelingen: lage tonen (BASS), hoge tonen (TREBLE),
balans rechts/links (BALANCE), balans voor/achter
(FADER)Menu inschakelen: toets kort indrukken
Keuze van type regeling: toets
of
indrukken Waarden instellen: toets
of
indrukken
MENURegeling geavanceerde functiesMenu inschakelen: toets kort indrukken
Keuze van type regeling: toets
of
indrukken Waarden instellen: toets
of
indrukken
265AUTORADIO
Page 272 of 312

BEDIENINGSTOETSEN OP STUURWIEL(voor bepaalde uitvoeringen/markten)Toets Functies Modus
AudioMute aan/uit (Radio werking) of Pauzefunctie bij MP3 of
Media Player werking (alleen bijBlue&Me
™)Toets kort indrukken
+Toename volume Toets indrukken
–Afname volume Toets indrukken
SRCKeuze van golfband (FM1, FM2, FMT, FMA, MW) en audiobron;
Radio, MP3 of Media Player (alleen bijBlue&Me
™) /AUX (alleen
bijBlue&Me
™) (voor bepaalde versies/markten)Toets indrukken
fig. 2
A0J0052
268
AUTORADIO
Page 275 of 312

MP3 CD-speler
❒Functie MP3-Info (ID3-TAG);
❒Keuze van map (vorige/volgende);
❒Keuze van nummer (vooruit/achteruit);
❒Nummers snel vooruit-/terugspoelen;
❒Functie MP3-Display: weergave van mapnaam, ID3-TAG
informatie, verstreken tijd vanaf het begin van het nummer,
bestandsnaam;
❒Afspelen van audio- of gegevens-CD, CD-R en CD-RW.
Audiogedeelte
❒Mute/Pause functie;
❒Soft-Mute functie;
❒Loudness functie (behalve uitvoeringen met Bose HI-FI systeem);
❒Grafische 7-bands equalizer (behalve uitvoeringen met Bose
HI-FI systeem);
❒Gescheiden regeling hoge/lage tonen;
❒Balansregeling linker/rechter kanalen.Media Player gedeelte (alleen bij Blue&Me™)
Zie voor de functies van de Media Player hetBlue&Me™
supplement.
AUX (alleen met Blue&Me™)
(voor bepaalde uitvoeringen/markten, waar aanwezig)
❒Selectie AUX-bron;
❒AUX Offset functie: afstelling volume van draagbaar apparaat
op dat van een van de andere bronnen;
❒Draagbare speler afspelen.
271AUTORADIO
Page 277 of 312

VOLUMEREGELINGDraai aan de ON/OFF knop om het volume te regelen.
Als het volumeniveau wordt gewijzigd tijdens het uitzenden van
verkeersinformatie, dan blijft deze nieuwe instelling slechts
gehandhaafd tot het einde van deze verkeersinformatie.MUTE/PAUSE FUNCTIE
(volume op nul stellen)Druk kortstondig op de
toets op de Mute-functie te activeren. Het
volume zal geleidelijk afnemen en het opschrift “RADIO Mute” zal
getoond worden (bij radiogebruik) of “PAUSE” (bij gebruik van de
CD-speler).
Druk opnieuw op detoets om de Mute-functie uit te schakelen.
Het volume wordt geleidelijk verhoogd tot het eerder ingestelde
niveau.
Wanneer het volumeniveau wordt gewijzigd met de hiervoor
bestemde toetsen, dan wordt de Mute-functie uitgeschakeld en het
volume ingesteld op het nieuwe gekozen niveau.
Bij geactiveerde Mute-functie, wordt deze genegeerd wanneer
verkeersinformatie binnenkomt (als de TA-functie is geactiveerd) of
als een alarmbericht wordt ontvangen. De functie wordt weer
ingeschakeld wanneer het bericht beëindigd is.
GELUIDSINSTELLINGENDe functies van het audiomenu zijn afhankelijk van de
geactiveerde bron: AM/FM/CD/Media Player (alleen bij
Blue&Me™) /AUX (alleen bijBlue&Me™, voor bepaalde
versies/markten).
Druk kortstondig op de AUDIO toets om de audiofuncties te
veranderen.
Na de eerste druk op de AUDIO toets, toont de display de waarde
van het bass-niveau voor de op dat moment ingeschakelde bron
(bijv. bij gebruik van FM, toont de display het opschrift "FM Bass
+2").
Gebruik de
of
toets om door de menufuncties te lopen.
Gebruik voor het wijzigen van de instelling van de gekozen functie
de
of
toets. De huidige status van de gekozen functie
verschijnt op de display.
De functies waarin het menu voorziet zijn:
❒BASS (regeling van lage tonen);
❒TREBLE (regeling hoge tonen);
❒BALANCE (regeling balans rechts/links);
❒FADER (regeling balans voor/achter);
❒LOUDNESS (behalve uitvoeringen met Bose HI-FI systeem)
(inschakelen/uitschakelen functie LOUDNESS);
❒EQUALIZER (behalve uitvoeringen met Bose HI-FI systeem)
(inschakeling en selectie fabrieksinstellingen equalizer);
❒USER EQUALISER (behalve uitvoeringen met Bose HI-FI systeem)
(gepersonaliseerde equalizerinstellingen).
273AUTORADIO
Page 280 of 312

FUNCTIE USER EQ SETTINGS(equalizerinstellingen alleen als de USER-instelling
gekozen is)
(behalve uitvoeringen met Bose HI-FI systeem)
Selecteer voor een persoonlijke equalizerinstelling met de
of
toets "User" en druk op de MENU-toets.
Op de display verschijnt een grafiek met 7 staafjes, waarbij elk
staafje een frequentie voorstelt.
Kies het te veranderen staafje met de
of
toets; het gekozen
staafje begint te knipperen en kan geregeld worden met de
of
toets.
Druk opnieuw op de AUDIO-toets om de instelling op te slaan. De
display toont de op dat moment ingeschakelde bron, gevolgd door
de tekst "USER". Als bijvoorbeeld “FM” wordt gebruikt, toont de
display de tekst “FM EQ User”.
MENUFuncties menutoetsen
Druk kortstondig op de MENU-toets voor het inschakelen van de
MENU-functie. De display toont het eerste instelbare menu-item
(AF) ("AF Switching On" op de display).
Gebruik de
of
toets om door de menufuncties te lopen.
Gebruik voor het wijzigen van de instelling van de gekozen functie
de
of
toets.
De huidige status van de gekozen functie verschijnt op de display.De functies waarin het menu voorziet zijn:
❒AF SWITCHING (ON/OFF);
❒TRAFFIC INFORMATION (ON/OFF);
❒REGIONAL MODE regionale programma's (ON/OFF);
❒MP3 DISPLAY (CD MP3 display-instellingen);
❒SPEED VOLUME (automatische snelheidsafhankelijke
volumeregeling) (behalve uitvoeringen met Bose HI-FI systeem);
❒RADIO ON VOLUME (in/-uitschakeling limiet radiovolume);
❒SPEECH VOLUME (instelling telefoonvolume) (behalve
uitvoeringen met Bose HI-FI systeem) (voor bepaalde
versies/markten);
❒AUX OFFSET (afstelling volume van draagbaar apparaat op dat
van een van de andere bronnen)(voor bepaalde
versies/markten);
❒RADIO OFF (uitschakelwijze);
❒SYSTEM RESET Druk opnieuw op de Menu-toets om de Menu-
functie te verlaten.
OpmerkingDe instellingen AF SWITCHING, TRAFFIC
INFORMATION en REGIONAL MODE zijn alleen bij FM mogelijk.
276
AUTORADIO
Page 285 of 312

TELEFOONFUNCTIE(instelling telefoonvolume)
(alleen met Blue&Me™ systeem)
Met functie Speech volume aanwezig in het Menu
Door aan de linker ON/OFF toets/knop te draaien of op de
knoppen
/
te drukken, kan met deze functie het volume van
de telefoon en vanBlue&Me™ ingesteld worden (instellingen van
1 tot 40) of uitgeschakeld worden (OFF-instelling) (behalve de
functie Media Player).
Op het display wordt de huidige functiestatus weergegeven:
❒"Speech Off": functie uitgeschakeld.
❒"Speech volume 23": functie ingeschakeld met volume-instelling
23.
Zonder functie Speech volume aanwezig in het Menu
Wanneer er een inkomend telefoongesprek is, wordt het geluid via
de radio overgezet naar het audiosysteem van de auto.
Het geluid van het inkomende telefoontje heeft altijd een vast
volume, maar dit kan tijdens het gesprek aangepast worden met
de ON/OFF toets/knop.
Indien, terwijlBlue&Me™ gebruikt wordt, het volume van het
telefoongesprek veranderd wordt, wordt dit weergegeven op het
radiodisplay, in het geheugen opgeslagen en bewaard voor alle
volgende telefoongesprekken tot de motor wordt uitgeschakeld.Bij ingeschakelde RADIO ON VOLUME functie, wanneer de motor
opnieuw wordt gestart:
❒als de radio uitgeschakeld werd met eenBlue&Me™ volume
lager dan 12, wordt hetBlue&Me™ volume automatisch
ingesteld op 12 voor het volgende telefoongesprek;
❒als de radio werd uitgeschakeld met een volume van
Blue&Me™ hoger dan 25, wordt het volume van
Blue&Me™ automatisch voor het volgende telefoongesprek
ingesteld op 25;
❒als de radio werd uitgeschakeld met een volume van
Blue&Me™ tussen 12 en 25, zal het volume vanBlue&Me™
voor het volgende telefoongesprek het volume zijn dat eerder
door de gebruiker werd ingesteld.
Als, daarentegen, de RADIO ON VOLUME functie is
uitgeschakeld, behoudt de radio de laatste instelling.
AUX OFFSET functie(aanpassing volume van draagbaar apparaat aan
dat van andere bronnen)
(voor bepaalde versies/markten)
Met deze functie kan het volume van de AUX-bron, afhankelijk van
het aangesloten apparaat, aangepast worden aan dat van andere
bronnen.
Om de functie in te schakelen, op de MENU-toets drukken en “AUX
offset” kiezen.
Druk op de
of
toets om het volume te verhogen of verlagen
(ingesteld van–6tot+6).
281AUTORADIO
Page 288 of 312

RADIO (TUNER)INLEIDINGWanneer de autoradio wordt ingeschakeld, dan wordt de
audiobron ingeschakeld die vóór het uitschakelen beluisterd werd:
Radio, CD, CD MP3 of Media Player (alleen bijBlue&Me™) of
AUX (alleen bijBlue&Me™, voor bepaalde versies/markten).
Druk, om de radio te kiezen wanneer naar een andere audiobron
wordt geluisterd, kortstondig op de toets FM AS of AM, afhankelijk
van de gewenste golfband.
Zodra de Radio is ingeschakeld, toont de display de naam (alleen
RDS-stations), de frequentie van het gekozen station, de gekozen
golfband (bijv. FM1) en het nummer van de voorkeuzetoets (bijv.
P1).KEUZE GOLFBANDDruk bij ingeschakelde radio meerdere malen kort op de toets FM
AS of AM om de gewenste golfband te kiezen.
Elke keer dat op de toets wordt gedrukt, worden de volgende
golfbanden na elkaar gekozen:
❒Door op de FM AS-toets te drukken: “FM1”, “FM2” of “FMA”;
❒Door op de AM-toets te drukken: “MW1, MW2”.
Elke band wordt met zijn naam op de display aangegeven. Er zal
afgestemd worden op het laatst gekozen station op de betreffende
golfband.
De FM-band is onderverdeeld in: FM1, FM2 of "FMA"; de FMA-
golfband is gereserveerd voor de stations die automatisch met de
AutoSTore-functie worden opgeslagen.
VOORKEUZETOETSENDe toetsen met de nummer 1 t/m 6 worden voor het instellen van
de volgende voorkeuzestations gebruikt:
❒18 op de FM-golfband (6 op FM1, 6 op FM2, 6 op FMT of
"FMA") (bij sommige uitvoeringen);
❒12 op de MW-golfband (6 op MW1, 6 op MW2).
Kies voor het luisteren naar een voorkeuzestation, de gewenste
golfband en druk vervolgens kort op de betreffende voorkeuzetoets
(1 t/m 6).
Door langer dan 2 seconden op de voorkeuzetoets te drukken,
wordt het station waarop is afgestemd opgeslagen.
De opslagfase wordt bevestigd door een geluidssignaal.OPSLAG VAN LAATST BELUISTERDE
STATIONDe radio slaat automatisch het laatst gekozen station op elke
golfband op, waarop wordt afgestemd wanneer de radio wordt
ingeschakeld of wanneer van golfband wordt gewisseld.
284
AUTORADIO
Page 295 of 312

AUX (uitsluitend bij het
Blue&Me™ systeem)(voor bepaalde versies/markten)INLEIDINGDit hoofdstuk beschrijft uitsluitend de varianten voor wat betreft de
werking van de AUX-bron: zie voor een beschrijving van de
werking van de autoradio het hoofdstuk "Functies en Instellingen".AUX MODUSDruk, om de AUX-bron te activeren, meerdere malen op de
MEDIA-toets of op de SRC-toets op het stuurwiel tot deze bron
wordt weergegeven.
BELANGRIJK
De functies van het apparaat dat aangesloten is op het AUX-
stopcontact worden rechtstreeks geregeld door het apparaat zelf;
het is niet mogelijk om nummer/map/playlist te veranderen met de
bedieningstoetsen van de radio of die op het stuurwiel.
Laat de kabel van uw draagbare speler niet in het AUX-stopcontact
zitten, om mogelijk geruis van de luidsprekers te voorkomen.
OPMERKING: het AUX-stopcontact is niet ingebouwd in de radio.
Zie hetBlue&Me™ Supplement en de Snelgids voor de plaats
van het AUX-stopcontact.
PROBLEEMOPLOSSINGALGEMEENLaag volume
De Fader-functie moet zijn ingesteld op de waarden "F" (voor), om
te voorkomen dat het uitgangsvermogen van de autoradio
vermindert en het volume wordt uitgezet als de fader is ingesteld
op R+9.
Bron kan niet geselecteerd worden
Er is geen geluidsdrager ingebracht.
Breng de af te spelen CD of CD MP3 in.CD-SPELERDe CD wordt niet afgespeeld
De CD is vuil. Maak de CD schoon.
Er zitten krassen op de CD. Probeer een andere CD te gebruiken.
De CD kan niet ingebracht worden
Er is al een CD ingebracht. Druk op de
toets en verwijder de
CD.
291AUTORADIO