audio FIAT FREEMONT 2012 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2012, Model line: FREEMONT, Model: FIAT FREEMONT 2012Pages: 356, PDF Size: 8.41 MB
Page 170 of 356

(geluid uit): als het pictogram "Mute" verschijnt, is
het geluid voor kanaal 2 gedempt met behulp van de
MUTE-toets op de afstandsbediening.
4. Modus kanaal 2 – Geeft de huidige bron voor kanaal 2 weer.
5. Actie van knop ENTER kanaal 2 – Als de knop ENTER op de afstandsbediening wordt ingedrukt
terwijl de toets "INPUT FILE #" (bestandnummer
invoeren) te zien is op het scherm, toont het
scherm een numeriek toetsenbord waarmee u een
specifiek muzieknummer op gegevens-cd's en een
harde schijf kunt invoeren (zie het hoofdstuk "Menu
numeriek toetsenbord" van deze handleiding). An-
dere actie van knop ENTER – "INPUT TRK #" om
een specifiek muzieknummer op audio-cd's in te
voeren.
6. Afstandsbediening vergrendeld — Als het picto- gram verschijnt, is de werking van de afstandsbedie-
ning uitgeschakeld.
7. Klok — Toont de tijd.
8. Gedeelde status kanaal 1 – Als dit pictogram ver- schijnt, is het geluid voor kanaal 1 ook te horen op
de radio en door de luidsprekers van de auto.
Menu Selecteren modus (afb. 114)
De eerste druk op de MODE-toets toont het menu
Selecteren modus op het scherm (afbeelding 114). De
huidige modus is altijd de standaardkeuze. De modus
kan met behulp van de afstandsbediening worden ge-
wijzigd in kanaal/scherm 1 of kanaal/scherm 2. Met de navigatietoetsen (
▴,▾ ,▸ ,◂ ) van de afstandsbe-
diening navigeert u door de beschikbare modi en drukt
u vervolgens op de ENTER-toets van de afstandsbedie-
ning om de modus te selecteren. Er is ook een andere
manier om de modus te wijzigen: druk meermaals op
de MODE-toets tot de gewenste modus wordt aange-
geven en druk vervolgens op de ENTER-toets van de
afstandsbediening om de modus te selecteren.
Als in een systeem met één scherm een videomodus
(bijv. DVD-video, Aux-video etc.) actief is en kanaal/
scherm 1 wordt geselecteerd met de keuzeschakelaar
van de afstandsbediening, wordt het menu Selecteren
modus weergegeven wanneer de eerste keer op de
knop MODE van de afstandsbediening wordt gedrukt.
(afb. 114) Menu selecteren modus
164
UW AUTOVEILIGHEIDCORRECT
GEBRUIK VAN
DE AUTOWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGENNOODGEVALLENONDERHOUD
TECHNISCHE
SPECIFICATIES
INHOUD
Page 172 of 356

Beeldinstellingen (afb. 117)
Wanneer u een videobron (dvd-video met disk in
afspeelmodus, Aux-video, enz.) bekijkt, activeert u het
menu Display Settings (Beeldinstellingen) door op de
toets SETUP van de afstandsbediening te drukken.
Deze instellingen bepalen de weergave van het beeld
op het scherm. De fabrieksinstellingen zijn bedoeld
voor optimale weergave,waardoor het onder normale
omstandigheden niet nodig is deze instellingen te wij-zigen.
Om de instellingen te wijzigen drukt u op de navigatie-
toetsen van de afstandsbediening (▴,▾ ) om een optie te
selecteren en drukt u vervolgens op de navigatietoet-
sen van de afstandsbediening ( ▸,◂ ) om de waarde van
de geselecteerde optie te wijzigen. Om alle standaard-
waarden van de instellingen te herstellen, kiest u de menuoptie Default Settings (Standaardinstellingen) en
drukt u op de ENTER-toets van de afstandsbediening.
De diskfuncties regelen de instellingen van de externe
dvd-speler (voor bepaalde uitvoeringen/markten) voor
de dvd die in de externe speler wordt bekeken.
Luisteren naar audio met gesloten scherm
Alleen luisteren naar het audiodeel van het kanaal, met
het scherm gesloten:
Stel het geluid in op de gewenste bron en het ge-
wenste kanaal.
Sluit het beeldscherm.
Om de huidige audiomodus te wijzigen drukt u op de toets MODUS van de afstandsbediening. Hierdoor
wordt automatisch de volgende beschikbare audio-
modus geselecteerd zonder het menu Mode Select
(Modus kiezen) te gebruiken.
Als het scherm weer wordt geopend, gaat het beeld- scherm automatisch aan en wordt het juiste scherm-
menu of medium weergegeven.
Als het scherm is gesloten en u geen geluid hoort,
controleer dan of hoofdtelefoon is ingeschakeld (het
lampje ON brandt) en de keuzeschakelaar van de
hoofdtelefoon op het gewenste kanaal staat. Wanneer
de hoofdtelefoon is ingeschakeld, druk dan op de aan/
uit-toets van de afstandsbediening om het geluid in te
schakelen. Indien u nog steeds niets hoort, controleer
dan of de batterijen in de hoofdtelefoons niet leeg zijn.(afb. 117) Weergave videoscherminstellingen
166
UW AUTOVEILIGHEIDCORRECT
GEBRUIK VAN
DE AUTOWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGENNOODGEVALLENONDERHOUD
TECHNISCHE
SPECIFICATIES
INHOUD
Page 173 of 356

Waarom verandert de modus van het scherm
automatisch?
Om de bediening van het VES™ zo eenvoudig mogelijk
te houden en de bestuurder zo weinig mogelijk af te
leiden, zijn er bepaalde momenten waarop het scherm
(de schermen) automatisch overschakelt (overschake-
len) naar de dvd-modus. Dit gebeurt wanneer:
er een disk in de dvd-speler (indien aanwezig) wordtgeplaatst
de knop PLAY op het front van de dvd-speler wordt ingedrukt nadat de stop- of pauze-toets is ingedrukt,
of bij
AM/FM-selectie via radio.
Indien de auto geen aparte dvd-speler heeft, schakelt
(schakelen) het scherm (de schermen) in de volgende
gevallen automatisch over naar de diskmodus van de
radio.
Een disk plaatsen in de radio-cd/dvd-speler
AM/FM-selectie via radio
AUX-aansluitingen
Voor elk beeldscherm is er een hulpingang (Aux-
aansluiting) die men kan gebruiken om meegebrachte
geluids- of beeldapparatuur op het VES™ aan te slui-
ten. Apparaten die op de Aux-ingangen kunnen wor-
den aangesloten, zijn bijv. draagbare muziekspelers,
videocamera's, videorecorders, spelcomputers en an-
dere apparaten met audio en/of video-uitgangen. De
Aux-aansluitingen bevinden zich normaal op de achter- kant van de middenconsole of in één van de zijpanelen
achter in de auto.
Als een extern apparaat op de AUX-
ingang wordt aangesloten, dient u re-
kening te houden met de standaard
kleurencode voor de aansluitingen
van VES™:
1. Video in (geel)
2. Linker audio in (wit)
3. Rechter audio in (rood)
Ingangen voor audio- en video-apparatuur
(AUX) gebruiken
Doe het scherm omlaag en druk vervolgens op de knop POWER van de afstandsbediening om het
scherm in te schakelen.
Steek de geluids- en/of video-uitgangen van het ex- terne apparaat met het volume op hard, in de ingang
voor randapparatuur (AUX) (let erop dat u de kleu-
rencodes correct gebruikt: video is geel, linker audio
is wit en rechter audio is rood). Navigeer vervolgens
naar de modus VES AUX1 of VES AUX2 in het
scherm Selecteren modus.
Om de AUX-modus te verlaten, gebruikt u de knop MODE op de afstandsbediening. (Raadpleeg de in-
structies in hoofdstuk "Menu Selecteren modus" van
deze handleiding.)
167UW AUTOVEILIGHEIDCORRECT
GEBRUIK VAN
DE AUTOWAARSCHU-WINGSLAMPJES
EN MELDINGENNOODGEVALLENONDERHOUD TECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD
Page 284 of 356

LocatiePatroon-
zekering Minize-
kering Omschrijving
F107 10 A rood Achteruitrijcamera –
Voor bepaalde
uitvoeringen/
markten
F108 15 A
blauw Instrumentenpaneel
F109 10 A rood Airconditioning /
HVAC
F110 10 A rood Regelaar voor vast-
houden inzittende
F112 10 A rood Reserve
F114 20 A geel Aanjager / motor
airconditioning ach-
terin
F115 20 A geel Motor achterruitwis-ser
F116 30 A roze Achteruitverwarming(EBL)
F117 10 A rood Verwarmde spiegels
F118 10 A rood Regelaar voor vast-
houden inzittende
F119 10 A rood Regelmodule stuur-
kolom
LocatiePatroon-
zekering Minize-
kering Omschrijving
F120 10 A rood Vierwielaandrijving –
Voor bepaalde
uitvoeringen/
markten
F121 15 A
blauw Draadloze ontste-kingsnode
F122 25 amp
Blanco Module bestuur-
dersportier
F123 25 amp
Blanco Module passagier-
sportier
F124 10 A rood Spiegels
F125 10 A rood Regelmodule stuur-
kolom
F126 10 A rood Audioversterker
F127 20 A geel Trekhaak – Voor bepaalde
uitvoeringen/
markten
F128 15 A
blauw Radio
F129 15 A
blauw Video/dvd – Voorbepaalde
uitvoeringen/
markten
F130 15 A
blauw Klimaatregeling /
instrumentenpaneel
278
UW AUTO
VEILIGHEIDCORRECT
GEBRUIK VAN
DE AUTOWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGEN
NOODGEVALLENONDERHOUD
TECHNISCHE
SPECIFICATIES
INHOUD
Page 350 of 356

Stuurbekrachtiging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 131
Stuurslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20,61
Stuurwiel, instelbaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Verstelbare stuurkolom . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Stuurbedieningselementen audio . . . . . . . . . . . . . . 148
Systeem, navigatie (uconnect™ gps) . . . . . . . . . . . . 147
Tanken, brandstof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 169
Technische gegevens Brandstof (Benzine) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 330
Olie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 330
Telescopische stuurkolom . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Temperatuurmeter, motorkoeling . . . . . . . . . . . . . . . 8
Temperatuurregeling, automatisch (ATC) . . . . . . . . . 71
Thuiskomertje, kleine reserveband . . . . . . . . . . . . . 321
Tips voor de veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 210
TIREFIT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 264
Toerenteller . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Tractie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 231
Tractiecontrole . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125
Transmissie Automatisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 223
Trekken achter een motorhome . . . . . . . . . . . . . . 244
Turbo afkoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 218
UCI-schakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 168
Uitlaatgas, waarschuwing . . . . . . . . . . . . . 114,210,305
Uitlaatsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 210,305
Universeel gebruikersinterface (UCI)-schakelaar . . . . 168
Vastgelopen voertuig heen en weer schommelen . . . 282
Vastgereden voertuig bevrijden . . . . . . . . . . . . . . . 282
Veiligheid van het voertuig controleren . . . . . . . . . . 210 Veiligheid, uitlaatgassen . . . . . . . . . . . . . . . . . 114,210
Veiligheidscontrole aan de buitenkant van het
voertuig . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
Veiligheidscontrole in het voertuig . . . . . . . . . . . . . 211
Veiligheidscontroles . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 210
Veiligheidsgordel waarschuwingslampje . . . . . . . . . . 184
Veiligheidsgordel, onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . 316
Veiligheidsgordels . . . . . . . . . . . . . . . . . . 172,173,211
Achterzetels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 173
Controle . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211
Gordelspanners . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 179
Hoogteverstelling voorste gordels . . . . . . . . . . . 177
Instructies voor gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
Kinderen beveiligen . . . . . . . . . . . . . 186,189,192,196
Ontwarren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 177
Voorste zetel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 173,174
Waarschuwingslampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
Zwangere vrouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 185
Veiligheidssloten voor kinderen (portier) . . . . . . . . . 106
Veranderingen/wijzigingen, voertuig . . . . . . . . . . . . . . 5
Verdronken motor starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
Vergrendelingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213 Motorruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 118
Vergrendelingsplaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
Verhoogde ongevalreactiefunctie . . . . . . . . . . . . . . 206
Verhoogzitje voor kinderen . . . . . . . . . . . . . . . . . 190
Verlicht instapsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 83
Versnellingen, bereik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 225
Versnellingsbak Additieven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 311
Automatisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 311
Filter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 312
Handgeschakeld . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 221,312
344
UW AUTO
VEILIGHEIDCORRECT
GEBRUIK VAN
DE AUTOWAARSCHU-
WINGSLAMPJES
EN MELDINGENNOODGEVALLENONDERHOUD
TECHNISCHE
SPECIFICATIESINHOUD