ET waarde MAZDA MODEL CX-5 2016 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: MAZDA, Model Year: 2016, Model line: MODEL CX-5, Model: MAZDA MODEL CX-5 2016Pages: 805, PDF Size: 8.7 MB
Page 377 of 805

OPMERKING
lHet Smart Brake Support remhulpsysteem (SBS) functioneert wanneer aan alle
volgende voorwaarden is voldaan:
lHet contact op ON wordt gezet.lHet Smart Brake Support remhulpsysteem (SBS) is ingeschakeld.lDe rijsnelheid is ongeveer 15 km/h of sneller.lDe relatieve snelheid tussen uw auto en het voorliggende voertuig is ongeveer 15
km/h of hoger.
lDe Dynamische stabiliteitsregeling (DSC) werkt niet.
lHet Smart Brake Support remhulpsysteem (SBS) functioneert mogelijk niet onder de
volgende omstandigheden:
lAls u uw auto snel laat accelereren en dit een voorliggend voertuig dicht nadert.lDe auto met dezelfde snelheid rijdt als het voorliggende voertuig.lHet gaspedaal ingetrapt wordt.lHet rempedaal is ingedrukt.lHet stuurwiel gedraaid wordt.lDe keuzehendel bediend wordt.lDe richtingaanwijzer gebruikt wordt.lWanneer het voorliggende voertuig niet uitgerust is met achterlichten of de
achterlichten niet branden.
lWanneer waarschuwingen en berichten, zoals die voor een vuile voorruit, verband
houdend met de vooruitrijcamera (FSC)/lasersensor (voor), in de multi-
informatiedisplay worden getoond.
lHoewel de objecten waardoor het systeem geactiveerd wordt vierwielige voertuigen
zijn, is het mogelijk dat de radarsensor de volgende objecten bespeurt, bepaalt dat
deze obstakels zijn en het Smart Brake Support remhulpsysteem (SBS) activeert.
lObjecten op de weg bij de ingang van een bocht (zoals vangrails en
sneeuwbanken).
lEr verschijnt een voertuig in de tegengestelde rijstrook bij het rijden om een hoek
of het maken van een bocht.
lBij het rijden over een smalle brug.lBij het rijden onder een lage poort of door een tunnel of smalle poort.lBij het inrijden van een ondergrondse parkeergarage.lMetalen voorwerpen, oneffenheden of uitstekende voorwerpen op de weg.lAls u plotseling dicht bij een voorliggend voertuig komt.lBij het rijden op plaatsen waar hoog gras is of weiland.lTweewielige voertuigen zoals motorfietsen of fietsen.lVoetgangers of niet-metalen objecten zoals bomen.
lWanneer het systeem in werking is, wordt de gebruiker op de hoogte gesteld door de
multi-informatiedisplay.
Tijdens het rijden
i-ACTIVSENSE
4-213
Page 397 of 805

Bandenspanningcontrolesysteem
lHet bandenspanningcontrolesysteem (TPMS) controleert de bandenspanning van alle
vier banden. Als de bandenspanning van één of meerdere banden te laag is, waarschuwt
het systeem de bestuurder door middel van het waarschuwingslampje van het
bandenspanningcontrolesysteem in de instrumentengroep (de waarschuwing wordt ook
getoond op de display op de type A
*1instrumentengroep) en een pieptoon. Het systeem
controleert de bandenspanning indirect op basis van de gegevens die door de ABS
wielsnelheidssensors worden verzonden.
Om het systeem correct te kunnen laten werken, dient het systeem met de
voorgeschreven bandenspanning (waarde op bandenspanningslabel) geïnitialiseerd te
worden. Volg de procedure en voer de initialisatie uit.
*1 Zie Type A type op pagina 4-38.
lBij auto's met een type A*1instrumentengroep, de toestand van de auto controleren of
de auto door een deskundige reparateur laten inspecteren, bij voorkeur een officiële
Mazda reparateur, overeenkomstig de indikatie.
*1 Zie Type A type op pagina 4-38.
lSysteemdefecten of bedrijfstoestanden worden aangeduid door een waarschuwing.
Zie Waarschuwings/indikatielampjes op pagina 4-38.
Zie Waarschuwingszoemer voor bandenspanning op pagina 7-55.
ABS wielsnelheidssensor
Tijdens het rijden
Bandenspanningcontrolesysteem
4-233
Page 423 of 805

qGebruik van het parkeerhulpsensorsysteem
De schakelaar kan geactiveerd worden wanneer het contact op ON staat, de keuzehendel in
een andere stand dan achteruit (R) staat en de rijsnelheid ongeveer 10 km/h of minder is.
Wanneer de parkeersensorschakelaar wordt ingedrukt, wordt een pieptoon gegeven, wordt
de hindernisdetectieaanduiding
íop het audioscherm getoond en gaat het indikatielampje
in de schakelaar branden.
Indikatielampje
OPMERKING
Als het systeem geannuleerd wordt, zal de werking ervan niet automatisch hersteld
worden wanneer de rijsnelheid tot 10 km/h of minder is afgenomen.
Voorwaarde voor sensordetectie
Het systeem kan gebruikt worden wanneer het contact op ON staat en de
parkeerhulpsensorschakelaar ingeschakeld is.
Het systeem zal vervolgens functioneren wanneer de keuzehendel in de achteruit (R) gezet
wordt.
De sensoren kunnen hindernissen opsporen onder de volgende omstandigheden:
Sensor Conditie
Voorste sensorDe keuzehendel staat in een stand behalve achteruit (R) en de rijsnelheid is ongeveer
10 km/h of minder.
Voorste hoeksensor De rijsnelheid is ongeveer 10 km/h of minder.
Achterste sensor De keuzehendel staat in de achteruit (R).
Achterste hoeksensorDe keuzehendel staat in de achteruit (R) en de rijsnelheid is ongeveer 10 km/h of
minder.
Het systeem wordt onder de volgende omstandigheden uitgeschakeld:
lDe parkeersensorschakelaar wordt ingedrukt terwijl de parkeersensor in werking is.
lDe rijsnelheid is 10 km/h of hoger.
Tijdens het rijden
Parkeersensorsysteem
4-259íBepaalde modellen.
Page 454 of 805

lDe voorwaarden waaronder een DVD
video kan worden afgespeeld kunnen
vooraf bepaald zijn, afhankelijk van de
bedoelingen van de ontwerper van de
disc-software. Het is mogelijk dat
functies niet werken zoals bedoeld
door de gebruiker, aangezien deze
DVD speler functioneert
overeenkomstig de bedoelingen van de
softwareontwerper. Raadpleeg altijd de
instrukties die zijn meegeleverd met de
disc die u gaat afspelen.
lGefabriceerd onder licentie van Dolby
Labouratories, Inc.. Dolby en het
dubbel-D symbool zijn handelsmerken
van Dolby Labouratories.
OPMERKING
lVideogegevens (DVD-Video/DVD-
VR bestanden) die geschreven zijn
naar DVD/DVD-R/DVD
R/DVD-
RW/DVD
RW kunnen worden
afgespeeld.
lDit apparaat is geschikt voor
weergave van dubbellaagse DVD/
DVD-R.
lRegionummer voor dit apparaat is
[2] of [3] (regionummer is
afhankelijk van bestemmingsgebied).
lDVD-Video/DVD-VR bestanden die
geschreven zijn onder andere dan de
aangegeven specificaties worden
mogelijk niet normaal weergegeven
of de bestandsnamen of mapnamen
worden mogelijk niet correct
getoond.
Markeringen op disc
Op discs of verpakkingen worden de
volgende markeringen aangegeven:
Mark Betekenis
NTSC PALGeeft een kleuren-TV
systeem aan
(zendsysteem is afhanke-
lijk van bestemmingsge-
bied).
Geeft het aantal
audiosporen aan.
Het getal geeft het aantal
audio-opnamen aan.
Geeft het aantal
ondertitelde talen aan.
Het getal geeft het aantal
opgenomen talen aan.
Aantal hoeken.
Het getal geeft het aantal
opgenomen hoeken aan.
Geeft de schermmodi aan
die kunnen worden
geselecteerd.
“16:9”geeft een breed
scherm aan en“4:3”geeft
een standaard scherm aan.
Geeft de regiocode aan
voor waar een disc kan
worden afgespeeld.
ALL geeft wereldwijd
gebruik aan en een getal
geeft gebruik op basis van
regio aan.
Woordenlijst
DVD-Video
DVD-Video is een
videobeeldopslagstandaard zoals bepaald
door het DVD forum.
5-26
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
Page 456 of 805

lDe bestandsextensie is mogelijk niet
aanwezig, afhankelijk van het
besturingssysteem van de computer,
versie, software of instellingen. Voeg in
dit geval de bestandsextensie“.ogg”
toe aan het einde van de bestandsnaam
en schrijf deze vervolgens op de disc.
qBedieningstips voor USB apparaat
Dit apparaat geeft audiobestanden als
volgt weer:
ExtensieAfspelen met dit
apparaat
.mp3 MP3
.wma WMA
.aac
AAC .m4a
.wav
*1
.ogg*1OGG
*1 Type C/Type D
OPGELET
Gebruik geen audiobestandsextensie
voor andere bestanden dan
audiobestanden. Ook de
audiobestandsextensie niet veranderen.
Anders zal het apparaat het bestand niet
correct herkennen wat ruis of een defect
kan veroorzaken.
OPMERKING
lOok al voldoet het audiobestand aan
bovenstaande norm, bestaat de kans
dat weergave niet mogelijk is,
afhankelijk van het type en de
toestand van het USB flash-
geheugen.
lEen door auteursrecht beschermd
WMA/AAC bestand kan in deze
installatie niet worden afgespeeld.
lDe volgorde van de muziekgegevens
die zijn opgeslagen in het apparaat
kunnen verschillen van de
weergavevolgorde.
lOm verlies of beschadiging van
opgeslagen gegevens te voorkomen
wordt het aangeraden altijd een
reservekopie van uw gegevens te
maken.
lAls een apparaat de maximale
waarde voor elektrische
stroomverbruik van 1.000 mA
overschrijdt, bestaat de kans dat het
apparaat niet werkt of oplaadt
wanneer dit wordt aangesloten.
lIn de USB modus het USB apparaat
niet uittrekken (trek dit enkel uit in
de FM/AM radio of CD modus).
lHet apparaat zal niet functioneren als
de gegevens door een wachtwoord
beveiligd zijn.
lMP3/WMA/AAC/OGG*1bestanden
die geschreven zijn onder andere dan
de aangegeven specificaties worden
mogelijk niet normaal weergegeven of
de bestands-/mapnamen worden
mogelijk niet correct getoond.
*1 Type C/Type D
5-28
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
Page 461 of 805

AanduidingInstelwaarde
Linksom
draaienRechtsom
draaien
AF
*1
(Instellen van de
alternatieve
frequentie (AF))Uit Aan
REG
*1
(Instellen van het
regionaal
programma
(REG))Uit Aan
ALC
(Automatische
afstelling van het
volume)Niveau
verlagenNiveau
verhogen
BASS
(Lage tonen)Afname van de
lage tonenToename van
de lage tonen
TREB
(Hoge tonen)Afname van de
hoge tonenToename van
de hoge tonen
FADE
(Volumebalans
voor/achter)Verplaatsing
van het geluid
naar vorenVerplaatsing
van het geluid
naar achteren
BAL
(Volumebalans
links/rechts)Verplaatsing
van het geluid
naar linksVerplaatsing
van het geluid
naar rechts
BEEP
(Audiobedieningsgeluid)Uit Aan
BT SETUP
*2Selecteer modus
12Hr
24Hr
(12-uur/24-uur
tijdsinstelling)12Hr
(Knippert)24Hr
(Knippert)
*1 Type B
*2 Afhankelijk van het model is het
mogelijk dat deze functie niet
beschikbaar is.
OPMERKING
Als de display gedurende enkele
seconden niet wordt bediend, keert deze
terug naar de vorige display. Voor het
terugstellen van de lage tonen, hoge
tonen, fade en balans, de
audioregelknop gedurende 2 seconden
ingedrukt houden. Het apparaat geeft
een pieptoon en“CLEAR”wordt
getoond.
AF (Instellen van de alternatieve
frequentie (AF)) (Type B)
De AF functie van het Radio Data
Systeem (RDS) kan op aan of uit worden
ingesteld.
Zie Bediening van de radio (Type B) op
pagina 5-40.
REG (Instellen van het regionaal
programma (REG)) (Type B)
De REG functie van het Radio Data
Systeem (RDS) kan op aan of uit worden
ingesteld.
Zie Bediening van de radio (Type B) op
pagina 5-40.
ALC (Automatische afstelling van het
volume)
De automatische niveauregeling (ALC)
regelt automatisch het audiovolume
overeenkomstig de rijsnelheid. Naarmate
de rijsnelheid hoger wordt, neemt het
volume toe. ALC heeft ALC OFF en
modi ALC LEVEL 1 tot 7. ALC LEVEL
7 is het maximale niveau tot waarbij het
volume kan toenemen. Selecteer de
modus al naargelang de
rijomstandigheden.
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
5-33
Page 481 of 805

qVolume/Display/Geluid regelaars
Volumeschakelaar CommanderschakelaarAudiobedieningsschakelaar
Volumeregelknop
Afstelling van het volume
Draai de volumeregelknop van de
commanderschakelaar. De
volumeschakelaar op het stuurwiel kan
ook worden ingedrukt.
Displayinstelling
Selecteer het
pictogram op het
thuisscherm en toon het Instellingen
scherm.
Selecteer het
tabblad om het item
te selecteren dat u wilt wijzigen.
Display UIT/Klok
De middendisplay kan uitgeschakeld
worden. Selecteer
om
de display uit te schakelen.
Wanneer
wordt
geselecteerd, wordt de middendisplay
uitgeschakeld en wordt de klok getoond.
De middendisplay kan als volgt weer
terug ingeschakeld worden:
lRaak de middendisplay aan.
lBedien de commanderschakelaar.
Dag/nacht (Modus) scherm instellen
Het dag- of avondscherm kan worden
geselecteerd.
: Schakelt het scherm automatisch
over al naargelang de conditie van de
koplampverlichting
*1
: Dagscherm instellen
: Nachtscherm instellen
*1 Wanneer de verlichtingsdimmer wordt
uitgeschakeld, blijft de display
constant op dagscherm ingesteld.
Helderheidafstelling
Stel de helderheid van de middendisplay
af met behulp van de schuifregelaar.
Contrastafstelling
Stel het contrast van de middendisplay af
met behulp van de schuifregelaar.
Displayinstelling terugstellen
Alle scherminstelwaarden kunnen
teruggesteld worden op hun
begininstellingen.
1. Selecteer
.
2. Selecteer
.
Afstelling van het audiogeluid
Selecteer het
pictogram op het
thuisscherm en toon het Instellingen
scherm.
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
5-53
Page 482 of 805

Selecteer hettabblad om het item
te selecteren dat u wilt wijzigen.
Aanduiding Instelwaarde
Bas
(Lage tonen)
zijde: Benadrukking
lage tonen
zijde: Vermindering
van de lage tonen
Treble
(Hoge tonen)
zijde: Benadrukking
hoge tonen
zijde: Vermindering
van de hoge tonen
Fade
(Volumebalans
voor/achter)Voor: Verhoging
voorluidsprekervolume
Achter: Verhoging
achterluidsprekervolume
Balans
(Volumebalans
links/rechts)Rechts: Verhoging
rechter
luidsprekervolume
Links: Verhoging linker
luidsprekervolume
Auto Level Contr
*2
(Automatische afstelling
van het volume)Uit―Afstelling op zeven
niveaus
Bose
®Centerpoint*3
(Automatische afstelling
van het surroundniveau)Aan/Uit
Bose
®AudioPilot*3
(Automatische afstelling
van het volume)Aan/Uit
Pieptoon
(Audiobedieningsgeluid)Aan/Uit
*2 Standaard audio
*3 Bose
®geluidsinstallatie
Auto Level Contr (Automatische
afstelling van het volume)
De automatische niveauregeling (ALC) is
een functie die automatisch het
audiovolume en de geluidskwaliteit regelt
overeenkomstig de rijsnelheid. Het
volume neemt toe overeenkomstig de
toename in de rijsnelheid en neemt af al
naargelang de snelheid van de auto
minder wordt.Bose
®Centerpoint (Automatische
afstelling van het surroundniveau)
Centerpoint
®*4maakt het mogelijk dat
autobezitters hun bestaande CD's en
MP3's kunnen beluisteren met Bose
®
surroundgeluid.
Speciaal geconstrueerd met het oog op de
unieke eisen die worden gesteld aan het
reproduceren van surroundgeluid in een
auto.
Zet stereosignalen om in meervoudige
kanalen waardoor bij het reproduceren
van het geluid een grotere mate van
precisie wordt verkregen.
Een verbeterd algoritme voor het
gelijktijdig creëren van een breder, ruimer
geluidsveld.
*4 Centerpoint
®is een gedeponeerd
handelsmerk van Bose Corporation.
Bose
®AudioPilot (Automatische
afstelling van het volume)
Tijdens het rijden kunnen
achtergrondgeluiden het beluisteren van
muziek hinderen.
AudioPilot
®*5technologie voor
geluidshindercompensatie stelt de muziek
continu af om te compenseren voor
achtergrondgeluid en rijsnelheid.
Dit reageert alleen op aanhoudende
geluidshinder en niet op geluidshinder die
zich met tussenpozen voordoet, zoals bij
snelheidsdrempels.
Een verbeterd DSP algoritme geeft
snellere en meer effectieve compensatie
bij afwijkende situaties, zoals bij het
rijden op een zeer oneffen wegdek of met
hoge snelheden.
*5 AudioPilot
®is een gedeponeerd
handelsmerk van Bose Corporation.
5-54
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
Page 498 of 805

OPMERKING
lOm veiligheidsredenen worden
tijdens het rijden geen beelden
getoond.
lSchuif devan de controller om
de controller te verplaatsen.
lAls de modus wordt overgeschakeld
naar DVD modus nadat het afspelen
van de DVD is gestopt, begint het
afspelen opnieuw zonder dat het
DVD menuscherm wordt getoond.
Instellen van de DVD functies
Instellingen voor geluidskwaliteit en
aspectverhouding kunnen worden
uitgevoerd.
Instellen van de geluidskwaliteit
1. Selecteer het
pictogram.
2. Selecteer
voor het
afstellen van de geluidskwaliteit.
Zie Volume/Display/Geluidsregelaars
op pagina 5-53.
Instellen van de aspectverhouding
1. Selecteer het
pictogram.
2. Selecteer
.
3. Selecteer een gewenste
aspectverhouding.
Instellen van de beeldkwaliteit
Helderheid, contrast, tint en
kleurdichtheid kunnen worden afgesteld.Wanneer het
pictogram wordt
geselecteerd, worden de volgende
tabbladen aan de onderzijde van het
scherm getoond.
Tabblad Functie
Schermhelderheid kan
worden afgesteld met gebruik
van de schuifregelaar.
Schermcontrast kan worden
afgesteld met gebruik van de
schuifregelaar.
Kleurtoon van het scherm
kan worden afgesteld met
gebruik van de
schuifregelaar.
Schermkleur kan worden
afgesteld met gebruik van de
schuifregelaar.
Scherminstellingen kunnen
gereset worden naar de
standaardwaarden.
Selecteer
.
qGebruik van de ingang voor extra
apparatuur/USB poort
Audio kan weergegeven worden via de
autoluidsprekers door in de handel
verkrijgbare draagbare audioapparatuur
aan te sluiten op de ingang voor extra
apparatuur.
Gebruik een in de handel verkrijgbare,
impedantievrije (3,5
) stereo
ministekkerkabel.
Ook kan audio weergegeven worden via
de audio-installatie van de auto door een
USB apparaat de USB poort aan te
sluiten.
Zie AUX/USB modus op pagina 5-75.
5-70
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
Page 521 of 805

Gracenote®Eindgebruikersovereenkomst
Deze toepassing of dit apparaat bevat software van Gracenote, Inc., Emeryville, Californië
(“Gracenote”). De software van Gracenote (de“Gracenote Software”) maakt het mogelijk
om met dit apparaat CD's en/of muziekbestanden te herkennen en informatie over muziek,
zoals naam, artiest, spoor en titelgegevens (“Gracenote-gegevens”) te verkrijgen van
online-servers of ingebedde databases (collectief,“Gracenote-servers”) en andere functies
uit te voeren. U mag Gracenote-gegevens uitsluitend gebruiken via de bedoelde
toepassings- of apparaatfuncties voor eindgebruikers.
U verklaart dat u Gracenote-gegevens, de Gracenote-software en Gracenote-servers
uitsluitend zult gebruiken voor persoonlijke niet-commerciële doeleinden. U verklaart de
Gracenote-software of enige Gracenote-gegevens niet af te staan, te kopiëren, over te
dragen of te verzenden aan derden. U VERKLAART DAT U GRACENOTE-GEGEVENS,
DE GRACENOTE-SOFTWARE OF GRACENOTE-SERVERS NIET ZULT
GEBRUIKEN OF EXPLOITEREN OP ANDERE WIJZE DAN HIER UITDRUKKELIJK
IS BESCHREVEN.
U verklaart dat uw niet-exclusieve licenties voor gebruik van de Gracenote-gegevens, de
Gracenote-software en de Gracenote-servers ongeldig worden zodra u zich niet houdt aan
deze beperkingen. Als uw licenties ongeldig worden, verklaart u afstand te doen van enig
en alle gebruik van de Gracenote-gegevens, de Gracenote-software en de Gracenote-
servers. Gracenote behoudt alle rechten op Gracenote-gegevens, de Gracenote-software en
de Gracenote-servers, inclusief alle eigendomsrechten. Onder geen enkele voorwaarde is
Gracenote aansprakelijk voor betalingen aan u voor informatie die door u beschikbaar is
gesteld. U stemt ermee in dat Gracenote, Inc. zijn rechten onder deze overeenkomst
tegenover u kan afdwingen, direct onder zijn eigen naam.
De Gracenote service gebruikt een unieke identificatie voor het opvragen van gegevens
voor statistische doeleinden. Het doel van een willekeurig toegewezen numerieke
identificatie is dat Gracenote opvragen kan tellen zonder informatie over uw identiteit.
Raadpleeg de webpagina voor meer informatie over het privacybeleid van Gracenote voor
de Gracenote service.
De Gracenote-software en alle items van de Gracenote-gegevens worden aan u in licentie
gegeven“IN DE STAAT WAARIN DEZE VERKEREN”.
Gracenote aanvaardt geen aansprakelijkheid en biedt geen garanties, noch uitdrukkelijk,
noch impliciet, ten aanzien van de juistheid van enige Gracenote-gegevens afkomstig van
de Gracenote-servers. Gracenote behoudt zich het recht voor gegevens van de Gracenote-
servers te verwijderen of gegevenscategorieën naar eigen goeddunken te wijzigen. Er
wordt geen garantie gegeven dat de Gracenote-software of Gracenote-servers zonder fouten
zijn of dat de werking van de Gracenote-software of Gracenote-servers niet zal worden
onderbroken. Gracenote is niet verplicht u enige nieuwe verbeterde of aanvullende
gegevenstypen of categorieën te verstrekken die Gracenote eventueel in de toekomst wil
bieden en is gerechtigd zijn services op elk gewenst moment te beëindigen.
Interieurvoorzieningen
Audio-installatie
5-93