sproeier OPEL ASTRA J 2017 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2017, Model line: ASTRA J, Model: OPEL ASTRA J 2017Pages: 303, PDF Size: 8.18 MB
Page 210 of 303

208Verzorging van de autoAlgemene informatieAccessoires en modificatiesvan auto
Het wordt geadviseerd alleen gebruik te maken van originele onderdelen,
accessoires en andere uitdrukkelijk
door de fabriek voor uw autotype
goedgekeurde onderdelen. Voor
andere onderdelen kunnen wij – ook
als deze door autoriteiten of anders‐
zins zijn goedgekeurd – niet beoorde‐ len of deze betrouwbaar zijn en er
evenmin garant voor staan.
Bij eventuele aanpassingen, omzet‐
tingen of andere wijzigingen in de
standaard voertuigspecificaties
(waaronder, zonder beperkingen,
softwarematige aanpassingen,
aanpassingen in de elektronische
regeleenheden) wordt de door Opel
geboden garantie mogelijk ongeldig.
Bovendien kunnen dergelijke wijzi‐
gingen het brandstofverbruik, de
CO 2-uitstoot en andere uitstoot van
de auto nadelig beïnvloeden waar‐
door deze mogelijk niet meer voldoetaan de typegoedkeuring en de geldig‐
heid van uw kentekenbewijs in het
geding kan komen.Voorzichtig
Wanneer het voertuig getranspor‐
teerd wordt op een trein of een
takelwagen kunnen de spatlappen beschadigd worden.
Auto stallen
Langdurig stallen Wanneer u de auto meerdere maan‐
den moet stallen:
● Auto wassen en conserveren.
● Conservering van motorruimte en bodemplaat laten controleren.
● Afdichtrubbers reinigen en conserveren.
● Brandstoftank volledig vullen.
● Motorolie verversen.
● Sproeiervloeistofreservoir leeg‐ maken.
● Vorst- en corrosiebestendigheid koelvloeistof controleren.
● Bandenspanning instellen op dewaarde voor maximale belading.
● Auto in een droge en goed geventileerde ruimte parkeren.Eerste versnelling of achteruit‐
versnelling inschakelen of keuze‐ hendel in stand P zetten. Voor‐
komen dat auto kan wegrollen.
● Handrem niet aantrekken.
● Motorkap openen, alle portieren sluiten en auto vergrendelen.
● Poolklem van de minpool van de accu loskoppelen. Erop letten dat
geen van de systemen werkt,
bijv. het diefstalalarmsysteem.
Weer in gebruik nemen
Wanneer u de auto weer in gebruik
neemt:
● Poolklem op de minpool van de accu aansluiten. Elektronica voor
de elektrische ruitbediening
inschakelen.
● Bandenspanning controleren. ● Sproeiervloeistofreservoir vullen.
● Motoroliepeil controleren.
Page 214 of 303

212Verzorging van de auto9Waarschuwing
Vóór het openen van de dop de
motor laten afkoelen. Dop voor‐
zichtig openen zodat de druk lang‐
zaam kan ontsnappen.
Gebruik voor bijvullen een mengsel
van een goedgekeurde geconcen‐
treerde koelvloeistof met schoon
kraanwater; verhouding 1:1. Gebruik
schoon kraanwater als er geen
geconcentreerde koelvloeistof voor‐
handen is. Dop goed vastdraaien.
Koelvloeistofgehalte door een werk‐
plaats laten controleren en oorzaak
van het koelvloeistofverlies laten
verhelpen.
Stuurbekrachtigingsvloei‐ stof
Voorzichtig
Zeer kleine hoeveelheden vuil‐
deeltjes kunnen schade aan de
stuurinrichtingssysteem veroorza‐
ken, waardoor het niet meer goed
werkt. Voorkom dat vuildeeltjes in contact komen met de vloeistof‐zijde van de reservoirdop/peilstok
of dat ze in het reservoir terecht‐
komen.
Het stuurbekrachtigingsvloeistofpeil hoeft in de regel niet te worden
gecontroleerd. Als er bij het sturen
een ongewoon geluid klinkt of als de
stuurbekrachtiging vreemd reageert,
roep dan de hulp van een werkplaats
in.
Sproeiervloeistof
Schoon water vermengd met een
passende hoeveelheid goedge‐
keurde sproeiervloeistof bijvullen die
antivries bevat.
Page 215 of 303

Verzorging van de auto213Voorzichtig
Alleen sproeiervloeistof met
voldoende antivries biedt
voldoende bescherming bij lage
temperaturen of na een plotse‐
linge daling van de temperatuur.
Het gebruik van sproeiervloeistof
dat isopropanol bevat, kan de
buitenlampen beschadigen.
Sproeiervloeistof 3 264.
Remmen
Wanneer de remvoering een mini‐
male dikte heeft, hoort u een piepend
geluid wanneer u remt.
Verder rijden is mogelijk maar laat de remblokken zo spoedig mogelijk
vervangen.
Na de montage van nieuwe remblok‐
ken de eerste paar ritten niet onnodig hard remmen.
Remvloeistof9 Waarschuwing
Remvloeistof is giftig en bijtend.
Contact met ogen, huid, textiel en
lakwerk vermijden.
De remvloeistof moet tussen merkte‐
kens MIN en MAX staan.
Raadpleeg een werkplaats als het
vloeistofpeil lager dan MIN is.
Rem- en koppelingsvloeistof 3 264.
Accu
De accu van de auto is onderhouds‐ vrij mits uw rijstijl zodanig is dat deaccu voldoende wordt opgeladen. Bij
korte ritten en vaak starten kan de
accu ontladen raken. Vermijd het
gebruik van onnodige elektrische
verbruikers.
Batterijen horen niet in het huisvuil
thuis. Ze moeten via speciale inza‐
melpunten gerecycled worden.
Wanneer de auto meer dan vier
weken achtereen stilstaat, kan de
accu ontladen raken. Poolklem van
de minpool van de accu loskoppelen.
Accu van de auto alleen bij uitgescha‐
kelde ontsteking aansluiten en
loskoppelen.
Ontlaadbeveiliging accu 3 131.
Page 234 of 303

232Verzorging van de autoNr.Stroomkring1Motorregelmodule2Lambdasonde3Brandstofinspuiting/ontste‐kingssysteem4Brandstofinspuiting/ontste‐
kingssysteem5–6Spiegelverwarming/diefstala‐
larmsysteem7Ventilatorregeling/motorregel‐
module/transmissieregelmodule8Lambdasonde/motorkoeling9Achterruitsensor10Accusensor11Ontgrendeling kofferruimte12Adaptief rijlicht (AFL)/automati‐
sche verlichting13ABS14Achterruitwisser15Motorregelmodule16StartmotorNr.Stroomkring17Transmissieregelmodule18Verwarmbare achterruit19Elektrische ruitbediening voorin20Elektrische ruitbediening
achterin21Centrale elektrische eenheid,
achter22Grootlicht links (halogeen)23Koplampsproeiers24Rechter dimlicht (xenon)25Linker dimlicht (xenon)26Mistlampen27Verwarming dieselbrandstof28Start-stopsysteem29Elektrische handrem30ABS31Adaptieve cruise control32Airbag33Adaptief rijlicht (AFL)/automati‐
sche verlichting34Uitlaatgasrecirculatie
Page 235 of 303

Verzorging van de auto233Nr.Stroomkring35Buitenspiegel/regensensor36Verwarming en ventilatie37Magneetklep koolstofreservoir38Vacuümpomp39Centrale regelmodule40Voorruitsproeier/achterruits‐
proeier41Grootlicht rechts (halogeen)42Koelventilator43Voorruitwissers44Voorruitwissers45Koelventilator46–47Claxon48Koelventilator49Brandstofpomp50Koplamphoogteregeling/adap‐ tief rijlicht (AFL)51Ventilatieklep52Hulpverwarming/dieselmotorNr.Stroomkring53Transmissieregelmodule/motor‐
regelmodule54Vacuümpomp/instrumenten‐
groep/verwarming ventilatie/
airco
Klik na het vervangen van doorge‐
brande zekeringen het deksel van de
zekeringenkast weer vast.
Wanneer u het deksel van het zeke‐
ringenkastje niet goed sluit, kan een
storing optreden.
Zekeringenkast
instrumentenpaneel
Bij auto's met het stuurwiel links zit
het zekeringenkastje achter het
opbergvak in het instrumentenbord.
Open het opbergvak en druk het naar links om het te ontgrendelen. Klap het
opbergvak omlaag en verwijder het.
Page 268 of 303

266Service en onderhoudSproeiervloeistof
Gebruik uitsluitend voor de auto
goedgekeurde sproeiervloeistof om
schade aan wisserbladen, lakwerk,
kunststof en rubberen onderdelen te
voorkomen. De hulp van een werk‐
plaats inroepen.
Rem- en koppelingsvloeistof
Remvloeistof absorbeert na verloop
van tijd vocht waardoor de remmen
minder efficiënt werken. De remvloei‐ stof moet daarom na het aangegeven interval worden ververst.
Page 300 of 303

298HHalogeenkoplampen .................216
Handbediende ruiten ...................34
Handgeschakelde versnellingsbak ......................155
Handmatige dimfunctie ................32
Handmatige modus ...................153
Handmatige stoelverstelling .........42
Handrem ............................. 155, 156
Handschoenenkastje ...................62
Handzender ................................. 22
Hellingrem ................................. 158
Hoofdsteunen .............................. 39
Hoofdsteunverstelling ....................8
Hulpverwarming.......................... 139
I
Inbouwposities kinderveilig‐ heidssystemen ......................... 58
Indicatie afstand tot voorligger ...177
Info-Displays ................................. 95
In hoogte verstelbare afdekking achterin ..................................... 69
Inhouden ................................... 280
Inklapbare spiegels .....................31
Inleiding ......................................... 3
Instapverlichting ......................... 130
Instrumentengroep ......................83
Instrumentenverlichting .............230
Interactief rijsysteem................... 161Interieurverlichting ..............128, 230
ISOFIX- kinderveiligheidssystemen ........61
K Katalysator ................................. 150Kentekenverlichting ...................229
Keuzehendel ............................. 151
Kilometerteller .............................. 83
Kindersloten ................................. 26 Kinderveiligheids-systemen ..........56
Klimaatregeling ............................ 15
Klimaatregelsystemen ................132
Klok............................................... 80
Koelvloeistof .............................. 211
Koelvloeistof en antivries ............264
Koelvloeistoftemperatuurmeter ...85
Koplampinstelling in het buitenland .............................. 122
Koplampverstelling ....................122
L
Laadsysteem ............................... 89
Lane Departure Warning ......92, 192
Leeslampen ............................... 130
Lekke band ................................. 248
Lichtschakelaar .......................... 119
Lichtsignaal ................................ 121
Luchtinlaat ................................. 141
Luchtroosters .............................. 140M
Meters........................................... 83
Midlevel-display ............................ 95
Mistachterlicht .............................. 94
Mistachterlichten ........................ 127
Mistlamp ...................................... 94
Mistlampen ................................ 221
Mistlampen voor ........................127
Motorgegevens .......................... 272
Motor-ID...................................... 268
Motorkap .................................... 209
Motorolie .................... 210, 264, 269
Motoroliedruk ............................... 93
Motor starten ............................. 144
Motorvermogen verminderd .........94
N Nieuwe auto inrijden ..................143
Niveau sproeiervloeistof te laag ..94
O
Obstakeldetectiesystemen .........180
Olie, motor .......................... 264, 269
OnStar ........................................ 112
Ontlaadbeveiliging accu ............131
Opbergruimte................................ 62
Opbergruimte achter..................... 68
Opbergruimte voorin .....................63
Opbergvakken .............................. 62
Opbergvak middenconsole ..........65
Opbergvak onder passagiersstoel 64
Page 301 of 303

299Opgeslagen instellingen...............23
Opschakelen................................. 91 Overzicht instrumentenpaneel .....11
P Panoramadak .............................. 38
Parkeerhulp ............................... 180
Parkeerlichten ............................ 128
Parkeren .............................. 19, 148
Park pilot met ultrasoonsensoren 180
Partikelfilter ................................. 149
Pech ........................................... 257
Pedaal intrappen .......................... 90
Persoonlijke instellingen ............108
Pollenfilter .................................. 141
Portieren ....................................... 26
Portier open ................................. 95
Prestaties ................................... 275 Profieldiepte ............................... 243
Q
Quickheat ................................... 139
R Radiofrequentie-identificatie (RFID) .................................... 295
Regelbare instrumentenverlichting ...........128
Regeleenheid smartphone .........102
Registreren van autogegevens en privacy ................................ 294Remassistentie .......................... 158
Rem- en koppelingssysteem .......90
Rem- en koppelingsvloeistof ......264
Remmen ............................ 155, 213
Remvloeistof .............................. 213
Reparatie ongevalschade ...........290
Reservewiel ............................... 251
Richtingaanwijzer ........................88
Richtingaanwijzers ..................... 126
Richtingaanwijzers vooraan ......223
Roetfilter ............................... 92, 149
Rugleuning neerklappen .............44
Ruiten ........................................... 33
Rijgedrag en aanhangertips ......201
Rijregelsystemen ........................158
Rijverlichting ..................13, 94, 119
S Service ............................... 141, 263
Service-display ............................ 85
Service-indicatie .......................... 90
Service-informatie ...................... 263
Sjorogen ...................................... 70
Slepen ................................ 201, 257
Sleutel, opgeslagen instellingen ...23
Sleutels ........................................ 21
Sleutels, sloten ............................. 21
Sneeuwkettingen .......................244
Snelheidsbegrenzer ...................165
Snelheidsmeter ............................ 83Spiegelverstelling ..........................9
Sproeiervloeistof ........................212
Startbeveiliging ......................30, 94
Starten en bediening ..................143
Starthulp gebruiken ...................255
Stoelpositie .................................. 41
Stoelverstelling .............................. 7
Stoelverwarming ........................... 48
Stop/Start-systeem .....................145
Storing ....................................... 153
Storingsindicatielamp ..................90
Stroomonderbreking ..................154
Sturen ......................................... 143
Stuurbedieningsknoppen .............76
Stuurbekrachtiging........................ 91
Stuurbekrachtigingsvloeistof ......212
Stuurwiel instellen ........................ 10
Stuurwielverstelling ...................... 76
Symbolen ....................................... 4
T
Tanken ....................................... 197
Te laag brandstofpeil ...................93
Toerenteller ................................. 83
Top-Tether-bevestigingsogen ......61
Traction Control .........................158
Traction Control-systeem UIT ...... 92
Trekhaak............................. 201, 202
Trekstang.................................... 201