audio OPEL ASTRA K 2017.5 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2017.5, Model line: ASTRA K, Model: OPEL ASTRA K 2017.5Pages: 503, PDF Size: 11.43 MB
Page 216 of 503

214InfotainmentsysteemLet op
Als u de spraakherkenning start, kan
het een voordeel zijn om de Lang-
instelling te gebruiken. Als u meer
ervaring hebt met het systeem, kan
het voordelen hebben om de instel‐
ling Kort te gebruiken.Tips "Wat kan ik zeggen?" weergeven
Zet afhankelijk van of uw mogelijke
spraakcommando's op het scherm
wilt laten weergeven Tips "Wat kan ik
zeggen?" weergeven op Aan of Uit.
Spraakdoorschakel-toepassing
Via de spraakdoorschakel-toepas‐
sing van het infotainmentsysteem
hebt u toegang tot de spraakherken‐
ningscommando's op uw smart‐
phone.
De beschikbaarheid van deze functie
is afhankelijk van uw smartphone.
Bezoek onze website voor meer infor‐ matie over de compatibiliteit.
Gebruik
Geïntegreerde spraakherkenning
Spraakherkenning activeren Let op
Tijdens een actief telefoongesprek is
spraakherkenning niet beschikbaar.Activeren door de knop w op het stuur
in te drukken
Druk op w op het stuurwiel.
Het audiosysteem wordt onderdrukt,
u wordt geïnstrueerd om een
commando te geven en op het Info-
Display of op het Driver Information
Center verschijnen helpmenu's met
de belangrijkste commando's die
momenteel beschikbaar zijn.
Zodra de spraakherkenning gereed is voor gesproken commando's, klinkt
er een pieptoon. Het spraakherken‐
ningssymbool in de rechter boven‐
hoek van het helpmenu verandert van
wit naar rood.
U kunt nu een spraakcommando geven om een systeemfunctie te star‐ ten (bijvoorbeeld een vooraf inge‐
stelde radiozender afspelen).Activeren via de schermtoets
SPRAAK op het middendisplay
Selecteer SPRAAK op de interactieve
selectiebalk van een van de hoofd‐
menu's op het middendisplay.
Het audiosysteem wordt onderdrukt,
u wordt gevraagd een commando te
zeggen en op het middendisplay
verschijnt een helpmenu met de
belangrijkste commando's die
momenteel beschikbaar zijn.
Zodra de spraakherkenning gereed is
voor gesproken commando's, klinkt
er een pieptoon. Het spraakherken‐ ningssymbool rechts in het helpmenu verandert van zwart naar rood.
U kunt nu een spraakcommando
geven. Zie bovenstaande beschrij‐
ving.
Volume van gesproken vragen
aanpassen
Druk ! of # op het stuurwiel omhoog
(hoger volume) of omlaag (lager
volume).
Page 224 of 503

222Infotainmentsysteem
Let op
Gemiste oproepen zijn rood gemar‐
keerd in de recente oproepenlijst en
zijn aangeduid met een 9 naast het
telefoonpictogram in het toepas‐ singsoverzicht.
Selecteer een van de telefoonnum‐ mers in de recente gesprekkenlijst.
Het nummer wordt gebeld.
Favorieten
Geef de favorietenpagina weer.
Blader indien nodig door de pagina's.
Selecteer de gewenste favorieten-
schermtoets.
Voor een gedetailleerde beschrijving
3 167.
Inkomend telefoongesprek
Telefoongesprek aannemen
Is er een radio- of mediabron actief
als er een gesprek binnen komt, dan
wordt de audiobron gedempt. Dit blijft
zo tot het gesprek wordt beëindigd.
De naam en telefoonnummer van de
beller worden onderop het scherm
getoond.
Oproep beantwoorden: selecteer
Beantw. in het bericht.
Telefoongesprek afwijzen
Oproep weigeren: selecteer
Negeren in het bericht.
Beltoon wijzigen
Druk HOME en selecteer vervolgens
het pictogram INSTELLINGEN .
Selecteer BlueTooth om het betref‐
fende submenu weer te geven en selecteer vervolgens Beltonen. Er
wordt een lijst met alle aan het info‐ tainmentsysteem gekoppelde tele‐
foons weergegeven.
Kies de gewenste telefoon. Er wordt
een lijst weergegeven met alle belto‐
nen voor de betreffende telefoon.
Selecteer de gewenste beltoon.
Functies tijdens een
telefoongesprek
Tijdens een telefoongesprek wordt
het gespreksscherm weergegeven.
Page 231 of 503

Infotainmentsysteem229Navigatie?Ik heb een bestemmingsadres
ingevoerd, maar er verschijnt een
foutmelding. Wat doe ik verkeerd?
! Het navigatiesysteem gaat bij het
invoeren van een adres van een
bepaalde volgorde uit. Afhankelijk
van het land waarin het adres zich bevindt, kan er een andere invoer‐
volgorde vereist zijn. Bij adressen
in andere landen, dient als laatste
ook het land te worden ingevoerd.
Gedetailleerde beschrijving 3 200.? Hoe kan ik de actieve routebege‐
leiding annuleren?
! Selecteer
MENU op de interac‐
tieve selectiebalk en vervolgens
Annuleer route om de routebege‐
leiding te annuleren.
Gedetailleerde beschrijving 3 206.
Audio
? Hoe kan ik de audiobron wijzigen?
! Door herhaaldelijk op
RADIO te
drukken, kunt u tussen alle beschikbare radiobronnen (AM/
FM/DAB) wisselen. Door herhaal‐delijk op MEDIA te drukken, kunt u
tussen alle beschikbare media‐
bronnen omschakelen.
Gedetailleerde beschrijving van
radio 3 180, cd 3 184, externe
apparatuur 3 187.? Hoe kan ik in radiozenders of
media-muziek zoeken?
! Om in radiozenders of mediamu‐
ziek te zoeken, bijvoorbeeld in
afspeellijsten of albums, selecteert
u BLADEREN op het audio‐
scherm.
Gedetailleerde beschrijving van
radio 3 180, cd 3 185, externe
apparatuur 3 188.
Overige
? Hoe kan ik de prestaties van de
spraakherkenning verbeteren?
! Het spraakherkenningssysteem is
ontworpen om natuurlijk uitgespro‐
ken commando's te begrijpen.
Wacht tot u de pieptoon hoort voor u gaat spreken. Probeer natuurlijk
te spreken, niet te snel of te hard.
Gedetailleerde beschrijving 3 212.? Hoe kan ik de prestaties van het
aanraakscherm verbeteren?
! Het aanraakscherm is drukgevoe‐
lig. Probeer met name als u iets
versleept de druk van uw vinger
gelijk te houden.
Gedetailleerde beschrijving 3 162.
Page 232 of 503

230InfotainmentsysteemInfotainmentsystee
mInleiding ..................................... 154
Algemene aanwijzingen ..........154
Antidiefstalfunctie ....................155
Overzicht bedieningselementen .............156
Gebruik .................................... 161
Basisbediening .......................... 162
Geluidsinstellingen ..................175
Volume-instellingen .................176
Systeeminstellingen ................176
Radio ......................................... 180
Gebruik .................................... 180
Zender zoeken ........................ 180
Favorietenlijst .......................... 246
Radio Data System (RDS) ......181
Digital Audio Broadcasting ......183
Externe apparaten .....................187
Algemene informatie ...............187
Audio afspelen ......................... 188
Afbeeldingen weergeven .........253
Films afspelen ......................... 189
Smartphone-applicaties gebruiken ................................ 190Spraakherkenning .....................212
Algemene informatie ...............212
Gebruik .................................... 214
Telefoon ..................................... 217
Algemene aanwijzingen ..........217
Bluetooth-verbinding ...............217
Noodoproep ............................. 220
Bediening ................................ 220
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur ...............227Inleiding
Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u
eersteklas infotainment voor in uw
auto.
Met de radiofuncties kunt u maximaal
25 zenders op vijf favorietenpagina's
instellen.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als andere audiobronnen op hetInfotainmentsysteem aansluiten; via
kabel of via Bluetooth ®
.
Ook is het infotainmentsysteem uitge‐
voerd met een telefoonportal waar‐
mee u uw mobiele telefoon comforta‐ bel in de auto kunt gebruiken.
U kunt ook specifieke smartphone-
apps via het Infotainmentsysteem
bedienen.
Optioneel kunt u het infotainmentsys‐
teem bedienen met de knoppen op
het aanraakscherm of stuurwiel, of
door middel van spraakherkenning
(indien uw mobiele telefoon dit onder‐ steunt).
Page 235 of 503

Infotainmentsysteem2331Display / aanraakscherm ....162
2 Beginmenu .......................... 162
Knoppen op het scherm
voor toegang tot:
AUDIO : audiofuncties
GALLERIJ : afbeeldings-
en filmfuncties
TELEFOON : mobiele-
telefoonfuncties
PROJECTIE : telefoonweergave
NAV : BringGo ®
app
INSTELLINGEN :
systeeminstellingen
OnStar : OnStar Wi-Fi-
instellingen .......................... 161
3 Tijd-, datum- en tempera‐
tuuraanduiding ....................176
4 g
Kort indrukken:
telefoonmenu openen .........220of telefoonweergave‐
functie openen (indien
geactiveerd) ........................ 190
Lang indrukken:
spraakherkenning activeren 212
5 v
Kort indrukken: ga naar de volgende zender als de
radio actief is ....................... 180
of ga naar het volgende
nummer wanneer externe
apparaten actief zijn ............188
Lang indrukken: omhoog
zoeken als de radio actief is 180
of snel vooruit als externe
apparaten actief zijn ............188
6 m
Kort indrukken: infotain‐
mentsysteem inschakelen
indien uitgeschakeld ...........161
of systeem onderdrukken
indien ingeschakeld ...........161Lang indrukken: infotain‐
mentsysteem uitschakelen . 161
Draaien: volume aanpassen 161
7 t
Kort indrukken: ga naar de vorige zender als de radio
actief is ................................ 180
of ga naar het vorige
nummer wanneer externe
apparaten actief zijn ............188
Lang indrukken: omlaag
zoeken als de radio actief is 180
of snel achteruit als
externe apparaten actief zijn 188
8 ;
Kort indrukken: startmenu
openen ................................ 161
Lang indrukken: telefoon‐
weergavefunctie openen
(indien geactiveerd) ............190
Page 236 of 503

234InfotainmentsysteemAfstandsbediening op stuurwiel
1qw
Kort indrukken: open
OnStar-menu mits geen
telefoon verbonden .............161
of neem gesprek aan mits
telefoon verbonden .............217
of laatste nummer in
oproeplijst bellen wanneer
telefoonmenu wordt
weergegeven ...................... 220
of wisselen tussen
gesprekken als
gesprekken in de wacht
staan ................................... 220
Lang indrukken:
spraakherkenning activeren 212
2 SRC (bron) .......................... 161
Indrukken: audiobron
selecteren ........................... 161
Omhoog/omlaag draaien:
volgende/vorige
voorkeurszender
selecteren als de radio
actief is ................................ 180
of volgende/vorige
nummer/hoofdstuk/
afbeelding selecteren
wanneer externe
apparaten actief zijn ............188of volgende/vorige
nummer in oproeplijst
selecteren als de
telefoonportal actief en de
oproeplijst geopend is .........220
Omhoog/omlaag draaien
en vasthouden: snel door
de items in de oproeplijst
bladeren .............................. 220
3 +
Indrukken: harder zetten
4 –
Indrukken: zachter zetten
5 xn
Indrukken: gesprek
beëindigen/weigeren ...........220
of spraakherkenning
uitschakelen ........................ 212
of mutefunctie activeren/
deactiveren ......................... 161
Page 237 of 503

Infotainmentsysteem235GebruikBedieningselementen
Het infotainmentsysteem wordt
bediend met behulp van functietoet‐
sen, een aanraakscherm en op het
display weergegeven menu's.
Invoer kan naar keuze plaatsvinden
via:
● de centrale bedieningseenheid op het bedieningspaneel 3 156
● het aanraakscherm 3 162
● audioknoppen op het stuurwiel 3 156
● de spraakherkenning 3 212
Het infotainmentsysteem in- of uitschakelen
Druk op X. Na het inschakelen wordt
de laatst geselecteerde Infotainment‐ bron actief.Automatisch uitschakelen
Wanneer het infotainmentsysteem
met X is ingeschakeld terwijl het
contact is uitgeschakeld, dan wordt
het 10 minuten na de laatste invoer
automatisch weer uitgeschakeld.
Volume instellen Draai X. De actuele instelling
verschijnt op het display.
Bij het inschakelen van het infotain‐ mentsysteem wordt automatisch het
laatst geselecteerde volume inge‐
steld, mits dit het maximale inscha‐
kelvolume niet overschrijdt. Voor een
gedetailleerde beschrijving 3 176.
Voor snelheid gecompenseerd
volume
Na inschakeling van het volume met
snelheidscompensatie 3 176 wordt
het volume automatisch zodanig
aangepast dat u geen geluid van het
wegdek of van de rijwind hoort.
Mute
Druk op X om het geluid van het info‐
tainmentsysteem te onderdrukken.Druk nogmaals op X om de mute‐
functie te beëindigen. Het laatst gese‐ lecteerde volume wordt weer inge‐
steld.
Bedieningsstanden
Druk op ; om het startmenu weer te
geven.
Let op
Voor een gedetailleerde beschrij‐
ving van de werking van het menu
via het aanraakscherm 3 162.
AUDIO
Selecteer AUDIO op het scherm om
het hoofdmenu van de laatst geselec‐ teerde audiomodus te openen.
Page 238 of 503

236InfotainmentsysteemSelecteer Bron op het scherm om de
interactieve selectiebalk weer te
geven.
Om naar een andere audiomodus te
gaan: druk op een van de opties van de interactieve selectiebalk.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van:
● Radiofuncties 3 180
● Externe apparaten ( USB,
Bluetooth ) 3 188
Let op
Druk in de bovenste regel van een willekeurig scherm op A om snel
naar het audioscherm te gaan dat
momenteel actief is.
GALLERIJ
Selecteer GALLERIJ om het afbeel‐
dingen- en filmmenu te openen voor
de opgeslagen bestanden van een
extern apparaat zoals een USB-stick of smartphone.
Selecteer l of m om het afbeeldin‐
gen- of filmmenu weer te geven.
Selecteer de gewenste afbeelding of
het filmbestand voor weergave op het display.Voor een gedetailleerde beschrijving
van:
● Afbeeldingsfuncties 3 253
● Filmfuncties 3 189
TELEFOON
Voordat u de telefoonportal kunt
gebruiken, moet een verbinding tot
stand worden gebracht tussen het
infotainmentsysteem en de mobiele telefoon.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van het opzetten en het tot stand
brengen van een Bluetooth-verbin‐
ding tussen het infotainmentsysteem
en een mobiele telefoon 3 217.
Als de mobiele telefoon is verbonden,
selecteer dan TELEFOON om het
hoofdmenu van de telefoonportal
weer te geven.
Page 242 of 503

240InfotainmentsysteemLet op
U kunt alleen door pagina's bladeren als er meerdere pagina's beschik‐
baar zijn.
Om van de ene pagina naar de
andere te bladeren:
● Plaats uw vinger op een willekeu‐
rige plek van het scherm en
beweeg hem naar links om naar
de vorige pagina te gaan of naar
rechts om naar de volgende
pagina te gaan.
Let op
Oefen een gelijkmatige druk uit en
beweeg uw vinger met een
constante snelheid.
● Druk op q of p op het scherm.
Let op
In volgende hoofdstukken worden
de stappen voor het bladeren door
pagina's via het aanraakscherm
beschreven als "...blader
naar...pagina...".Geluidsinstellingen
In het geluidsinstellingenmenu
kunnen de toonkarakteristieken
worden ingesteld. Het menu is
toegankelijk vanuit elk audiohoofd‐
menu.
Open het geluidsinstellingenmenu
met Menu op de onderste regel van
het betreffende audiohoofdmenu.
Blader zo nodig door de lijst met
menuopties en selecteer Geluidsin‐
stellingen . Het betreffende menu
verschijnt.Equalizermodus
Gebruik deze instelling voor een opti‐ maal geluid voor het genre, bijv.
Rock of Klassiek .
Selecteer de gewenste geluidsstijl in
de interactieve selectiebalk onderaan het scherm. Als u Aangepast kiest,
kunt u de volgende instellingen hand‐ matig aanpassen.
Bass
Met deze instelling kunt u de lage
frequenties van de audiobronnen
versterken of dempen.
Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Midden
Met deze instelling kunt u de midden‐
frequenties van de audiobron verster‐
ken of dempen.
Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Hoge ton.
Met deze instelling kunt u de hoge
frequenties van de audiobronnen
versterken of dempen.
Page 243 of 503

Infotainmentsysteem241Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Balance en fader instellen
Gebruik de illustratie rechts van het menu om balance en fader in te stel‐len.
Druk op het bijbehorende punt in de
afbeelding om het punt in het interieur
te bepalen waar het geluidsniveau
het hoogst is. Ook kunt u de rode
marker naar het gewenste punt
verschuiven.
Let op
De instellingen voor balance en
fader gelden voor alle audiobron‐
nen. Deze kunnen niet apart voor
elke audiobron worden ingesteld.
Volume-instellingen
Maximaal opstartvolume
aanpassen
Druk op ; en selecteer vervolgens
Instellingen .
Selecteer Radio, blader door de lijst
en selecteer vervolgens Max.
inschakelvolume .Druk op + of - om de instelling aan te
passen.
Snelheidsgecompenseerd
volume aanpassen
Druk op ; en selecteer vervolgens
Instellingen .
Selecteer Radio, blader door de lijst
en selecteer vervolgens Automatisch
volume .
Selecteer een van de opties in de lijst
om de mate van volumeaanpassing
te wijzigen.
Uit : geen hoger volume bij een toene‐
mende snelheid.
Hoog : maximale verhoging van het
volume bij een toenemende snelheid.
Geluidsfeedbackfunctie voor
bediening activeren of
deactiveren
Als de geluidsfeedbackfunctie is geactiveerd, hoort u een pieptoon als
een schermtoets of menuoptie wordt
bediend.
Druk op ; en selecteer vervolgens
Instellingen .Selecteer Radio en blader in de lijst
naar Geluidsterugmelding bij
aanraken .
Druk op de schermtoets naast
Geluidsterugmelding bij aanraken om
de functie te activeren of deactiveren.
Volume van verkeersinformatie Stel het gewenste volume van de
verkeersinformatie in wanneer een
verkeersbericht door het systeem
wordt gegeven. De desbetreffende
instelling wordt dan door het systeem opgeslagen.