ESP OPEL KARL 2016 Gebruikershandleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: OPEL, Model Year: 2016, Model line: KARL, Model: OPEL KARL 2016Pages: 232, PDF Size: 5.77 MB
Page 149 of 232

OPEL Karl Owner Manual (GMK-Localizing-EU LHD-9231167) - 2016 - crc -
9/10/15
148 Rijden en bedienen
Een Autostop wordt mogelijk minder
beschikbaar, wanneer de
omgevingstemperatuur het vriespunt
nadert.
Bepaalde instellingen van het airco-
systeem kunnen een Autostop
verhinderen. Raadpleeg het hoofd-
stuk Klimaatregeling voor meer
details.
Onmiddellijk na een snelwegrit kan
mogelijk geen Autostop plaats-
vinden.
Nieuwe auto inrijden
0Nieuw
voertuig inrijden 0144
ii.
Ontlaadbeveiliging accu
Om het betrouwbaar opnieuw
starten van de motor te garanderen,
zijn er verschillende ontlaadbeveili-
gingen van de accu ingevoerd als
onderdeel van het stop-start-
systeem.
Stroombesparingsmaatregelen
Tijdens een Autostop worden
verschillende elektrische functies
zoals de extra elektrische
verwarmer of de achterruitverwar-
ming uitgeschakeld of in een stroombesparingsmodus gezet. De
ventilatorsnelheid van het aircosys-
teem wordt verlaagd om stroom te
besparen.
Herstarten van de motor door
de bestuurder
Trap het koppelingspedaal in om de
motor te herstarten.
Het starten van de motor wordt
aangeduid door de naald van de
stationaire toerentalstand op de
toerenteller.
Als de keuzehendel uit neutraal is
gezet voordat u de koppeling heeft
ingetrapt, gaat lampje
#branden
of wordt het als symbool weerge-
geven op het Driver Information
Center.
Controlelamp
# 0Controlelampen
0 64
ii.
Herstarten van de motor door
het stop/start-systeem
De keuzehendel moet in neutraal
staan om automatisch herstarten
mogelijk te maken. Als een van de volgende omstandig-
heden zich voordoet tijdens een
Autostop, dan zal de motor automa-
tisch door het Stop/Start-systeem
worden herstart.
.
Het stop-startsysteem is
manueel uitgeschakeld.
. De motorkap is geopend.
. De veiligheidsgordel van de
bestuurders is losgemaakt en
het bestuurdersportier is
geopend.
. De motortemperatuur is te laag.
. De accu is ontladen.
. Het remvacuüm is niet
voldoende.
. De auto begint te rijden.
. Het klimaatregelsysteem vereist
het starten van de motor.
. De airconditioning wordt
handmatig ingeschakeld.
Als de motorkap niet volledig
gesloten is, verschijnt een
waarschuwingsbericht in het Driver
Information Center.
Page 165 of 232

OPEL Karl Owner Manual (GMK-Localizing-EU LHD-9231167) - 2016 - crc -
9/10/15
164 Rijden en bedienen
4. Verwijder de dop. De dop zitmet een kettinkje aan de auto.
5. Draai de dop na het tanken weer vast. Draai deze
rechtsom vast totdat u een
aantal klikken hoort.
6. Druk het tankdopklepje dicht totdat het vergrendelt.
Aanwijzing
Tik zachtjes op het tankdopklepje
als het tankdopklepje bij tempera-
turen onder het vriespunt niet
opengaat. Probeer vervolgens
nogmaals het tankdopklepje te
openen.
Voorzichtig
Neem overstromende brandstof
onmiddellijk af.
Brandstofverbruik -
CO2-uitstoot
Het brandstofverbruik (gecombi-
neerd) van het model Opel Karl
varieert tussen 4,5 en 4,3 l/100 km.
De CO
2emissie (gecombineerd) ligt
tussen 104 tot 99 g/km.
Raadpleeg voor de specifieke
waarden van uw auto het bij de auto
geleverde EC-keurmerk of andere
bij de auto geleverde voertuigdocu-
menten.
Algemene informatie
De officiële waarden voor brandstof-
verbruik en de specifieke CO
2emissie betreffen het EU-basis-
model met standaarduitrusting. De meting van het brandstofverbruik
en de CO
2-emissie volgens R(EC)
Nr. 715/2007 (geldende versie) gaat
uit van het voertuiggewicht tijdens
bedrijf, conform deze richtlijn.
De cijfers worden alleen vermeld ter
vergelijking tussen verschillende
voertuigvarianten en moeten niet
worden beschouwd als garantie
voor het werkelijke brandstofver-
bruik van een specifiek voertuig.
Accessoires leiden mogelijk tot een
geringe verhoging ten opzichte van
het brandstofverbruik en de
CO
2-emissie die zijn opgegeven.
Bovendien is het brandstofverbruik
afhankelijk van de persoonlijke rijstijl
en van de weg- en verkeersomstan-
digheden.
Page 201 of 232

OPEL Karl Owner Manual (GMK-Localizing-EU LHD-9231167) - 2016 - crc -
9/10/15
200 Verzorging van de auto
1. Verwijder de bagageruimte-af-dekking en til de vloer van de
bagageruimte op. Plaats de
gereedschapskist en het
beschadigde wiel rechtop in de
ruimte voor de gereed-
schapskist.
2. Trek de ontgrendelknop op de hoofdsteun van de achterbank
naar voor.
3. Plaats het lusuiteinde van deband van de gereedschapskist
door de achterbankvergren-
deling. 4. Steek het haakuiteinde van de
band door de lus en trek tot de
band stevig aan de achterbank-
vergrendeling bevestigd is.
5. Trek de rugleuningen van de
achterbank achteruit.
6. Monteer de haak op de achter- klepvergrendeling.
7. Trek de band strak en zet hem vast met behulp van de gesp.
Starthulp gebruiken
Niet starten met behulp van een
snellader.
Bij een ontladen accu kan de motor
worden gestart met hulpstartkabels
en de accu van een andere auto.
{Waarschuwing
Ga bij het werken met hulpstart-
kabels uiterst behoedzaam te
werk. Elke afwijking van de
onderstaande instructies kan
letsel of schade als gevolg van
het exploderen van de accu's en
schade aan de elektrische
systemen van beide auto's tot
gevolg hebben.
Contact met ogen, huid, textiel en
lakwerk vermijden. De vloeistof
bevat zwavelzuur, dat bij direct
contact persoonlijk letsel en
schade aan de auto kan veroor-
zaken.
. De accu nooit aan vonken of
open vuur blootstellen.
Page 204 of 232

OPEL Karl Owner Manual (GMK-Localizing-EU LHD-9231167) - 2016 - crc -
9/10/15
Verzorging van de auto 203
Voorzichtig
Langzaam wegrijden. Schok-
kende bewegingen vermijden.
Buitensporige trekkrachten
kunnen de auto beschadigen.
Als de motor niet loopt, vergen het
remmen en sturen aanzienlijk meer
inspanning.
Schakel de luchtrecirculatie in en
sluit de ramen om te voorkomen dat
uitlaatgassen van het bergingsvoer-
tuig binnendringen.
De auto moet met de neus vooruit
worden gesleept, niet sneller dan 88
km/u. In alle andere gevallen en
wanneer de versnellingsbak defect
is, moet de vooras worden opgetild.
Roep de hulp in van een werkplaats.
Schroef bij aankomst het
sleepoog los.
Afdekking insteken en afdekking
sluiten.
Verzorging van het
uiterlijk
Verzorging exterieur
Sloten
De sloten zijn af fabriek gesmeerd
met een hoogwaardig slotcilin-
dervet. Ontdooimiddelen alleen in
dringende gevallen gebruiken,
omdat ze ontvettend werken en de
werking van de sloten belemmeren.
Na gebruik van ontdooimiddelen, de
sloten door een werkplaats opnieuw
laten smeren.
Wassen
Het lakwerk van de auto staat bloot
aan invloeden van buitenaf. De auto
daarom regelmatig wassen en met
was conserveren. Bij het bezoek
aan de carwash, een programma
met een wasbehandeling selec-
teren.
Vogeluitwerpselen, dode insecten,
boomhars en stuifmeel e.d. onmid-
dellijk verwijderen. Hierin zitten
agressieve bestanddelen bevatten
die lakschade kunnen veroorzaken. Bij een bezoek aan een wasstraat,
de aanwijzingen van de exploitant
opvolgen. Voorruitwissers en achter-
ruitwisser uitschakelen. Auto
vergrendelen zodat de tankvulklep
niet kan worden geopend. Antenne
en accessoires op de buitenkant
van de auto zoals een dakdrager-
systeem verwijderen.
Bij handmatig wassen erop letten
dat ook de binnenkant van de
wielkasten grondig schoongespoten
wordt.
Randen en naden van geopende
portieren, achterklep en motorkap
en de gebieden die erdoor bedekt
worden reinigen.
Reinig glanzende metalen lijsten het
een reinigingsoplossing die voor
aluminium geschikt is, om schade te
voorkomen.
Voorzichtig
Gebruik altijd een reinigings-
middel met een pH-waarde van 4
tot 9.
(Vervolg)