air condition Peugeot 301 2015 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2015, Model line: 301, Model: Peugeot 301 2015Pages: 240, PDF Size: 7.01 MB
Page 54 of 240

52
301_nl_Chap03_confort_ed01-2014
7. Luchtopbrengstregeling
F Druk op de toets "Grote
propeller " om de luchtopbrengst
te verhogen.
F
D
ruk op de toets "Kleine
propeller" om de luchtopbrengst
te verlagen.
Uitschakelen van het systeem
F Druk op de toets "Kleine propeller"
van de luchtopbrengstregeling totdat
alle balkjes op het display van de
airconditioning zijn verdwenen.
Hiermee worden alle functies van de
airconditioning uitgeschakeld.
De temperatuur wordt niet meer geregeld, maar
er blijft een kleine luchtstroom gehandhaafd.
Druk op de toets "Grote propeller" van de
luchtopbrengstregeling om het systeem weer in
te schakelen.
Er verschijnen geleidelijk balkjes van de
luchtopbrengst.
Rijd niet te lang met een uitgeschakeld
airconditioningssysteem (kans op
beslaan van de ruiten en vermindering
van de luchtkwaliteit).
De balkjes van de luchtopbrengst verdwijnen
geleidelijk.
Comfort
Page 55 of 240

53
301_nl_Chap03_confort_ed01-2014
Ontwasemen - Ontdooien voorzijde
Deze opdruk op het bedieningspaneel geeft aan in welke stand de knoppen moeten
staan om de voorruit en de zijruiten snel te ontwasemen of te ontdooien.
Met verwarmings-/
ventilatiesysteemMet handbediende
airconditioning (zonder
display)Met elektronische
airconditioning (met
display)
F Zet de knoppen van de luchttemperatuur
en de aanjagersnelheid in de met de
desbetreffende opdruk weergegeven
stand.
F
Z
et de knop van de luchttoevoer in de
stand "Toevoer van buitenlucht"
(
knop naar rechts geschoven).
F
Z
et de knop van de luchtverdeling in de
stand "Voorruit". F
D ruk op deze toets. H
et lampje van de toets gaat
branden.
F
D
ruk nogmaals op deze toets om
de airconditioning uit te zetten.
H
et lampje van de toets gaat uit.
F
Z et de knoppen van de luchttemperatuur
en de aanjagersnelheid in de met de
desbetreffende opdruk weergegeven
stand.
F
Z
et de knop van de luchttoevoer in de
stand "Toevoer van buitenlucht"
(
knop naar rechts geschoven).
F
Z
et de knop van de luchtverdeling in de
stand "Voorruit".
F
S
chakel de airconditioning in door de
desbetreffende toets in te drukken; de
bijbehorende knop gaat branden.
3
Comfort
Page 56 of 240

54
301_nl_Chap03_confort_ed01-2014
Achterruitverwarming
De achterruitver warming kan worden ingeschakeld met de toets op het bedieningspaneel
van de verwarming/ventilatie of de airconditioning.
Aan
De achterruitverwarming werkt uitsluitend bij
draaiende motor.
F
D
ruk op deze toets om de achterruit
en de buitenspiegels (afhankelijk van
de uitvoering) te ontwasemen. Het
controlelampje van de toets gaat branden.
Uit
De achterruitverwarming wordt automatisch
uitgeschakeld om onnodig stroomverbruik te
voorkomen.
F
U k
unt de achterruitver warming ook eerder
uitschakelen door nogmaals op de toets te
drukken. Het controlelampje van de toets
gaat uit.
F
S
chakel, zodra de omstandigheden
het toelaten, de achterruit- en
buitenspiegelverwarming uit (volgens
uitvoering), omdat een geringer
stroomverbruik leidt tot een verlaging van
het brandstofverbruik.
Verwarming onderzijde
voorruit*
Bij koud weer zal, bij het inschakelen van de
achterruitver warming, ook de onderzijde van
de voorruit worden ver warmd om er voor te
zorgen dat de ruitenwissers niet door sneeuw
of ijs op de voorruit vastgeplakt blijven.
Deze functie is actief zodra de
buitentemperatuur lager is dan 0°C.
* Volgens land van bestemming.
Comfort
Page 146 of 240

144
301_nl_Chap09_info-pratiques_ed01-2014
Zekeringen
dashboard
De zekeringkast bevindt zich aan de onderzijde
van het dashboard (linkerzijde).
Toegang tot de zekeringen
F Zie de paragraaf "Toegang tot het gereedschap".
ZekeringnummerStroomsterkteFuncties
F02 5
A Hoogteverstelling koplampen, diagnoseaansluiting,
bedieningspaneel airconditioning.
F09 5
A Alarm, alarm (montage achteraf).
F11 5
A Extra verwarming.
F13 5
A Parkeerhulp, parkeerhulp (montage achteraf).
F14 10
A Bedieningspaneel airconditioning.
F16 15
A Aansteker, 12V-aansluiting.
F17 15
A Autoradio, autoradio (montage achteraf).
F18 20
A Autoradio / Bluetooth, autoradio (montage achteraf).
F19 5
A Monochroom display C.
F23 5
A Plafonniers, kaartleeslampen.
F26 15
A Claxon.
F27 15
A Ruitensproeierpomp.
F28 5
A Stuurslot.
Overzicht zekeringen
Praktische informatie
Page 151 of 240

149
301_nl_Chap09_info-pratiques_ed01-2014
Spaarfase
De spaar fase stuurt de elektrische functies van
de auto aan om het ontladen van de accu te
voorkomen.
Tijdens het rijden kunnen in verband met de
laadtoestand van de accu enkele functies
(airconditioning, achterruitverwarming,
...)
tijdelijk worden uitgeschakeld.
Deze functies worden automatisch
ingeschakeld zodra de laadtoestand van de
accu dit toelaat.
Het is raadzaam de accu los te
koppelen als uw auto langer dan een
maand buiten gebruik is. Accu's bevatten schadelijke stoffen,
zoals zwavelzuur en lood. Accu's
moeten volgens de wettelijke
voorschriften worden afgevoerd en
mogen in geen geval bij het huisvuil
terechtkomen.
Lever lege batterijen en accu's in bij een
speciaal afvalstoffendepot. Bescherm uw ogen en gezicht voordat u
handelingen aan de accu uitvoert.
Voer ingrepen aan de accu uitsluitend
uit in een goed geventileerde ruimte, ver
van open vuur of vonken veroorzakende
bronnen, om elk risico van brand- of
explosiegevaar uit te sluiten.
Probeer niet een bevroren accu op
te laden: de accu moet eerst worden
ontdooid om explosiegevaar uit te sluiten.
Als de accu bevroren is geweest, laat deze
dan eerst controleren, voordat u hem laat
opladen door het PEUGEOT-netwerk
of een gekwalificeerde werkplaats. Zij
controleren of de inwendige componenten
zijn beschadigd en of de behuizing
scheuren vertoont, waardoor giftige
en corrosie-veroorzakende accuzuren
zouden kunnen weglekken.
Keer de polariteiten niet om en gebruik
uitluitend een 12-volt accu.
Maak de accupoolklemmen niet los bij
draaiende motor.
Laad de accu niet op zonder de
accupoolklemmen los te nemen.
Was uw handen als de werkzaamheden
beëindigd zijn.
Het aanduwen om de motor te starten is bij
een auto met een elektronisch gestuurde
versnellingsbak of een automatische
versnellingsbak niet toegestaan.
Laden met behulp van een
acculader
F Maak de accupoolklemmen los.
F
V olg de aanwijzingen van de fabrikant van
de acculader.
F
S
luit de accukabels weer aan, te beginnen
met de (-) kabel.
F Controleer of de accupolen en de klemmen schoon zijn. Indien ze bedekt zijn met een
(witte of groene) oxidatielaag, neem dan de
accukabels los en reinig de polen en klemmen.
Een aantal functies is niet beschikbaar
als de laadtoestand van de accu
onvoldoende is.
9
Praktische informatie
Page 171 of 240

169
301_nl_Chap10_verifications_ed01-2014
Controles
12V-accu
De accu is onderhoudsvrij.
Niettemin is het raadzaam om
regelmatig te controleren of de
accupolen en -klemmen schoon zijn,
vooral bij warm weer en in de winter.
Roetfilter (diesel)
Als het roetfilter vervuild is,
wordt u hierop geattendeerd
door het permanent branden van dit lampje in
combinatie met een waarschuwingsmelding op
het display (volgens uitvoering).
Ga om het roetfilter te regenereren, zodra de
omstandigheden het toelaten, met een snelheid
van minimaal 60
km/h rijden tot het lampje
dooft.
Als het lampje blijft branden is het minimum
brandstofadditiefniveau bereikt: raadpleeg de
paragraaf "Niveau brandstofadditief".
Bij een nieuwe auto kunt u de
eerste paar keer dat het roetfilter
geregenereerd wordt een brandlucht
ruiken; dit is volkomen normaal.
Als langdurig met zeer lage snelheid
wordt gereden of de motor langdurig
stationair draait, kan bij gasgeven
soms rook uit de uitlaat waargenomen
worden. Dit heeft geen invloed op de
prestaties en heeft geen gevolgen voor
het milieu.
Raadpleeg, tenzij anders aangegeven, het onderhoudsschema van de fabrikant dat betrekking heeft op de motoruitvoering van uw auto voor het
controleren van bepaalde onderdelen.
Laat de controles eventueel uitvoeren door het PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
Luchtfilter en interieurfilter
Laat de filters periodiek vervangen
volgens de in het onderhoudsschema
van de fabrikant aangegeven
intervallen.
Oliefilter
Laat bij het olie verversen tevens het
oliefilter vervangen.
Raadpleeg het onderhoudsschema
van de fabrikant voor het
vervangingsinterval van dit
onderdeel.
Raadpleeg voordat u de accukabels
losneemt de rubriek "Praktische informatie"
voor meer informatie over de te nemen
voorzorgsmaatregelen.
Als de omgeving (veel stof...) en het gebruik
(veel stadsverkeer...) daartoe aanleiding
geven, moeten de filters twee keer zo vaak
worden vervangen
.
Een verstopt interieur filter kan de prestaties
van de airconditioning verstoren en
onaangename geuren veroorzaken.
10
Onderhoud
Page 228 of 240

226
301_nl_Chap13_recherche-visuelle_ed01-2014
Cockpit
Motorkapontgrendeling 162
Handgeschakelde versnellingsbak
6
5
Elektronisch gestuurde versnellinsbak
66-69
Automatische transmissie
7
0-73
Schakelindicator
74
USB-aansluiting / Jack-aansluiting
5
7
12V-aansluiting / aansteker
5
7
Zekeringen dashboard
1
42-145
Ruitbediening, blokkering
3
9 Verwarming, ventilatie 4
6- 48
Handbediende airconditioning (zonder display)
4
8- 49
Elektronische airconditioning (met display)
50-52
Ontwasemen / ontdooien vóór
5
3
Ontwasemen / ontdooien achterruit
5
4
Verwarming onderzijde voorruit
5
4
Autoradio / Bluetooth
1
77-208
Autoradio
209-224
Datum/tijd instellen
23
M
onochroom display C (Autoradio /
Bluetooth)
26-29
Plafonniers
89
Binnenspiegel
4
4
Parkeerrem
6
4 Alarmknipperlichten
90
Vergrendelen/ontgrendelen vanuit het interieur
38
Visuele index
Page 231 of 240

229
301_nl_Chap14_index-alpha_ed01-2014
Aanhanger..................................................... 15 4
Aanhangergewichten ............................ 17
2, 174
Aansluiting 12V
............................................... 57
A
ansteker
........................................................ 57
A
BS met elektronische remdrukregelaar
....... 94
A
ccessoires ................................................... 157
Accu
............................................... 147-149, 169
Accu laden
.................................................... 149
Achterruitverwarming
..................................... 54
Achteruitrijlicht
.............................................. 140
Afmetingen
.................................................... 17
5
Afstandsbediening
..............................30, 31, 33
Afzetten van de motor
..................................... 61
Airbags
...................................................... 19, 99
Airbags vóór
...............................
.............99, 102
Airconditioning
...............................
...................8
Alarmknipperlichten
........................................ 90
Alarmsysteem
................................................. 34
Algemeen menu
...............................
.............180
Allesdragers
.................................................. 160
Antiblokkeersysteem (ABS)
............................ 94
A
ntispinregeling (ASR)
...................................95
Armleuning
...................................................... 55
Armleuning vóór
...............................
...............57
Asbak
.............................................................. 55
Audio-aansluitingen
.................57, 187 , 189 , 217
Automatische airconditioning (met display)
.................................................... 47, 50
Automatische transmissie
..............70, 149 , 170
Automatisch inschakelen alarmknipperlichten
...................................... 90
Autoradio
............................................... 17 7, 209
AUX-aansluiting
............................................ 189
Aux-aansluitingen
...............................
..........217 Bagageruimte
..................................................37
Bagageruimte (openen)
..................................30
Banden
..............................................................8
Bandenreparatieset
......................................12 2
Bandenspanning
.......................................8, 176
Bandenspanningscontrole (met set)
.............12 2
Bandenspanning te laag (detectie)
................. 91
B
atterij afstandsbediening
........................32,
33
Batterij afstandsbediening vervangen
............32
Bediening autoradio aan stuurkolom
............179
Bekerhouder
...................................................55
Beladen
.....................................................8, 160
Benzinemotor
................................120, 163 , 171
Binnenspiegel
.................................................44
Bluetooth (handsfree set)
............................. 19
1
Boordcomputer
.........................................24-26
Brandstof
...................................................8, 120
Brandstofniveaumeter
................................... 11
8
Brandstoftank
........................................118, 11 9
Brandstof tanken
....................................118 -12 0
Brandstoftank leeg (diesel)
...........................121
Brandstofverbruik
.............................................8
Brandstofvuldop
............................................118
Brandstofvulklep
................................... 11
8, 11 9
Buitenspiegels ................................................. 43
CD
.................................................................18 4
CD MP3
.................................................185, 18 6
CD-/MP3 -speler
...................................185, 18 6
Centrale vergrendeling
...................................31
Claxon
.............................................................90
Contact
............................................................63
Controles
...............................163, 16 4 , 169, 170
AB
C
Dagteller .......................................................... 22
Dashboardkastje ............................... ..............56
Datum (instellen)
............................................. 23
Datum instellen
............................................... 23
Derde remlicht
............................................... 1
41
Detectie te lage bandenspanning
....... 16,
91, 93
Dieselmotor
.............13, 120 , 121, 16 4 , 173, 174
Dimlicht
................................................... 81,
13 8
Display instrumentenpaneel
.....................10, 74
Eco-mode
...................................................... 150
Eco-rijden (adviezen)
........................................ 8
Elektronische remdrukregelaar (REF)
...........94
Elektronische startblokkering
...................33, 61
Elektronisch gestuurde versnellingsbak
............................. 66, 149 , 170
Elektronisch stabiliteitsprogramma (ESP)
.....95
ESP/ASR
......................................................... 95
Extra ingang
...............................
...........189, 217
Follow me home verlichting
............................ 85
F
unctie snelweg (richtingaanwijzers)
............. 90
D
E
F
.
Index
Page 232 of 240

230
301_nl_Chap14_index-alpha_ed01-2014
Niveau brandstofadditief diesel ....................168
Niveau koelvloeistof ...................................... 167
Niveau remvloeistof
...................................... 16
7
Niveau ruitensproeiervloeistof
......................168
Niveaus controleren
......................165, 167 , 168
Niveaus en controles
.............163 -165 , 167, 168
Noodbediening achterklep
..............................38
Noodprocedure starten
.................................148
Noodremassistentie
........................................ 94
Noodremassistentie (AFU)
.............................94
Nulstelling dagteller
........................................ 2
2
Nulstelling onderhoudsindicator
.....................21
Gereedschap
........................................
12
8
, 129
Gewichten
.............................................
172, 174
Grootlicht
.................................................
81, 137
Halogeenlampen
...........................................
13 6
Handbediende airconditioning (zonder display)
....................................................
47, 48
Handgeschakelde versnellingsbak
.........
65, 170
Handrem
.................................................
64, 170
Handsfree set
................................................
191
Hoofdsteunen verstellen
.................................
41
Hoofdsteunen vóór .......................................... 41
Hoogteverstelling stuurwiel
............................
45
Identificatiegegevens
.................................... 176
Identificatie (stickers)
.................................... 17
6
Indeling bagageruimte
.................................... 58
In
deling interieur
....................................... 55, 56
Inhoud brandstoftank
.................................... 118
Instrumentenpaneel
........................................ 10
In
terieurfilter
.................................................. 169
Interieurfilter (vervangen)
............................. 169
Interieurverlichting
.......................................... 89
ISOFIX (bevestigingen) ..................112, 115 , 11 6
ISOFIX bevestigingen
.................... 112, 115 , 11 6
ISOFIX kinderzitjes
................................ 112 -11 6Kaartleeslampjes
............................................
89
Kentekenplaatverlichting
.............................. 1
41
Kilometerteller
................................................. 2
2
Kinderbeveiliging
...........................
11 0, 11 6 , 117
Kinderen
.........................................
11 0, 113 -11 6
Kinderen (veiligheid)
.....................................
117
Kinderzitjes
............................. 10
3 -105
, 1 0 9 -111
Kinderzitjes (conventioneel)
.........................
109
Kleurcode lak
................................................
176
Klokje
..............................................................
23
Klokje (instellen)
...............................
...............
23
Kofferdeksel sluiten
..................................
31, 37
Koplampen
...............................
...............
81, 13 6
Koplampverstelling
......................................... 86
Kri
k
........................................................
128, 129
G
JACK-aansluiting .................................... 57, 189Make-upspiegel ..............................................56
Matten ...........................................................159
Mat verwijderen
............................................ 15
9
Menustructuren display
................201, 202 , 220
Milieu
...........................................................8, 33
Milieubewust rijden
........................................... 8
M
istachterlicht
.........................................83, 140
Mistlampen vóór
......................................83, 13 9
Monochroom display
............................. 2
01, 220
Monochroom display C (Autoradio / Bluetooth) ...................................................... 26
Monteren allesdragers
..................................160
Motoren
..........................................171, 173 , 174
Motorkap
.......................................................162
M P3 (CD)
..............................................185, 18 6
Multifunctioneel display (met autoradio)
...... 26,
180
Laden accu .................................................... 149
Lampen (vervangen)
.............................13 6, 140
Lampen vervangen
............................... 13
6, 140
Lekke band
.................................................... 12 2
Lichtschakelaar
............................................... 81
L
okaliseren van de auto
..................................31
Luchtfilter
...................................................... 169
Luchtfilter (vervangen)
..................................169
H
I
J
K
L
M
N
Index