stop start Peugeot Partner 2019 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2019, Model line: Partner, Model: Peugeot Partner 2019Pages: 312, PDF Size: 9.61 MB
Page 5 of 312

3
bit.ly/helpPSA
.
.
Rijadviezen 115
Starten – afzetten van de motor 1 16
Diefstalbeveiliging
120
Handbediende parkeerrem
1
21
Elektrische parkeerrem
1
21
Hill Start Assist
1
24
Handgeschakelde 5-versnellingsbak
1
25
Handgeschakelde 6-versnellingsbak
1
26
Automatische transmissie
1
26
Schakelindicator
1
30
Stop & Start
1
30
Verkeersbordherkenningssysteem
133
Snelheidsbegrenzer
1
37
Programmeerbare snelheidsregelaar
1
39
Adaptieve snelheidsregelaar
1
42
Snelheden opslaan
1
49
Active Safety Brake met Collision Risk Alert
en intelligente noodremassistentie
1
50
Active Lane Departure Warning System
1
53
Dodehoekbewaking
157
Vermoeidheidsherkenningssysteem
1
59
Parkeerhulp
160
Achteruitrijcamera
1
63
Surround Rear Vision
1
64
Bandenspanningscontrolesysteem
167Compatibiliteit van brandstoffen 1
70
Brandstoftank 171
Tankbeveiliging diesel
1
72
Sneeuwkettingen
173
Trekhaak
1
73
Overbelastingsindicator
1
75
Ec o - m o d e
176
Allesdragers/imperiaal
177
M o t o r k a p
17
7
M o t o r e n
178
Niveaus controleren
1
79
Controles
1
81
AdBlue
® (BlueHDi) 1 83
Onderhoudstips 186
Brandstoftank leeg (diesel)
1
87
Boordgereedschap
187
Bandenreparatieset
1
89
Reservewiel
191
Een lamp vervangen
1
95
Een zekering vervangen
2
01
12V- ac c u
203
Slepen
206Afmetingen
208
Technische gegevens motoren en
aanhangergewichten
210
Identificatie
2
17
Rijden
Praktische informatie
In geval van pech Technische gegevens
Toegang tot aanvullende video's
Index
Audio en telematica
Bluetooth-audiosysteem
PEUGEOT Connect Radio
PEUGEOT Connect Nav
.
Inhoudsopgave
Page 7 of 312

5
Cockpit3
Claxon
4
Instrumentenpaneel
5
Alarm
Plafonnier
Binnenspiegel of scherm
voor weergave van Surround Rear Vision
Toetsen noodoproep en pechhulpoproep
6
Monochroom display in
combinatie met audiosysteem
Touchscreen in combinatie
met PEUGEOT Connect
Radio of PEUGEOT Connect Nav
7
USB-aansluiting
8
Verwarming
Handbediende airconditioning
Automatische
airconditioning met gescheiden regeling
Ontwasemen – ontdooien
voorruit en voorste zijruiten
Ontwasemen – ontdooien achterruit
1
Ontgrendelingshendel motorkap
2
Zekeringen dashboard
9
Elektrische parkeerrem
Knop "START/STOP"
10
Versnellingsbakbediening
11
12V-aansluiting
12
230V-aansluiting
13
Dashboardkastje
USB-aansluiting (in het dashboardkastje)
14
Opbergruimte
15
Uitschakelen van de airbag
vóór aan passagierszijde
(aan de zijkant van het
dashboardkastje, bij geopend portier)
.
Overzicht
Page 8 of 312

6
Stuurkolomschakelaars
1
Schakelaar verlichting/richtingaanwijzers
Knop voor wijziging van
weergave Surround Rear
Vision/activering spraakherkenning
2
Schakelaar ruitenwissers/
ruitensproeiers/boordcomputer
3
Toetsen voor het selecteren van de
multimediabron (SRC), het beheren
van muziek ( LIST) en het beheren van
telefoongesprekken (" telefoon"-opdruk)
4
Toetsen snelheidsbegrenzer/snelheidsregelaar/
adaptieve snelheidsregelaar
5
Rolknop voor het selecteren
van de weergavemodus van
het instrumentenpaneel
6
Spraakbediening
Volumeregeling
7
Bediening audiosysteem
Schakelaarpaneel aan de zijkant
Handmatige hoogteverstelling
koplampen
DSC-/ASR-systeem Stop & Start
Parkeerhulp
Extra verwarming/ventilatie
Active Lane Departure Warning
System
Bandenspanningscontrole-
systeem
Elektrische kinderbeveiliging
Overzicht
Page 21 of 312

19
Waarschuwings- resp.
lampjeStatus
OorzaakActies/Opmerkingen
Roetfilter (diesel) Brandt permanent, in combinatie met
een geluidssignaal en een melding
van de kans op verstopping van het
r o e t f i l t e r. Het roetfilter begint
verzadigd te raken.
Ga als de omstandigheden het toelaten het
roetfilter regenereren door met een snelheid
van meer dan 60
km/h te rijden tot het lampje
dooft.
Brandt permanent, in combinatie met
een geluidssignaal en de melding
van een te laag additiefniveau voor
het roetfilter. Het minimumniveau van het
additiefreservoir is bereikt.
Vul zo snel mogelijk bij: voer (3) uit.
Airbags Brandt permanent. Een van de airbags of
gordelspanners is defect.Voer (3) uit.
Airbag
voorpassagier (ON) Brandt permanent.
De airbag vóór aan
passagierszijde is ingeschakeld.
De schakelaar staat in de stand
"
ON ".Plaats in dit geval GEEN kinderzitje
met de " rug in de rijrichting " op de
voorpassagiersstoel – risico op zwaar
letsel!
Airbag
voorpassagier
(OFF) Brandt permanent.
De airbag vóór aan
passagierszijde is uitgeschakeld.
De schakelaar staat in de stand
"
OFF ".U kunt een kinderzitje met de "rug in de
rijrichting" plaatsen, behalve in het geval van
een storing in het airbagsysteem (brandend
lampje Airbags).
Dynamische
stabiliteitscontrole
(DSC) en
antispinregeling
(ASR) Brandt permanent.
De functie is uitgeschakeld.
Druk op de knop om de functie weer in te
schakelen.
De functie DSC/ASR wordt automatisch
ingeschakeld als de motor wordt gestart en als
een snelheid van ongeveer 50 km/h wordt bereikt.
+Collision Risk
Aler t /Active Safety
Brake Branden permanent.
Storing in het systeem. Als deze lampjes gaan branden nadat de
motor is afgezet en opnieuw is gestart, voer
dan (3) uit.
1
Instrumentenpaneel
Page 28 of 312

26
Waarschuwings- resp.
lampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
Groene lampjes
Stop & Star tBrandt permanent.Wanneer de auto tot stilstand komt, zet het Stop
& Start-systeem de motor in de STOP-stand.
Knippert tijdelijk. De STOP-stand is momenteel niet
beschikbaar of de START-stand wordt
automatisch geactiveerd.
Hill Assist Descent
Control Brandt permanent.
De functie is geactiveerd, maar er wordt
niet voldaan aan alle voor waarden voor
de regeling (hellingspercentage, te hoge
snelheid, ingeschakelde versnelling).
Knippert. De functie begint met regelen. De auto wordt afgeremd; de remlichten gaan
branden tijdens de afdaling.
Eco-modus Brandt permanent.De eco-modus is actief. Bepaalde parameters worden afgesteld om
brandstof te besparen.
Automatische
ruitenwissers Brandt permanent.
De automatische stand van de ruitenwissers
vóór is geactiveerd.
Mistlampen vóór Brandt permanent.De mistlampen vóór zijn ingeschakeld.
Parkeerlichten Brandt permanent.De lampen branden.
Richtingaanwijzers
Knipperen met
geluidssignaal.De richtingaanwijzers zijn ingeschakeld.
Instrumentenpaneel
Page 29 of 312

27
Waarschuwings- resp.
lampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
Dimlicht Brandt permanent.De lampen branden.
+
of Grootlichtassistent
Brandt permanent.De functie is geactiveerd via het touchscreen
(menu Auto/Rijden).
De lichtschakelaar staat in de stand "AUTO".
Blauwe lampjes
Grootlicht Brandt permanent.De lampen branden.
Zwarte/witte lampjes
Voet op rempedaal Brandt permanent.Geen of onvoldoende druk op het rempedaal. Bij een automatische transmissie: om bij
draaiende motor voor het vrijzetten van de
parkeerrem de transmissie uit stand P te
halen.
Voet op de
koppeling Brandt permanent.
Stop & Start: de START-stand wordt niet
geactiveerd omdat het koppelingspedaal niet
volledig wordt ingetrapt. Trap het koppelingspedaal volledig in.
Automatische
ruitenwissers Brandt
permanent.De automatische stand van de ruitenwissers
vóór is geactiveerd.
(1) : zet de auto zo snel mogelijk stil op een
veilige plaats en zet het contact af. (3)
: ga naar een PEUGEOT-dealer of een
gekwalificeerde werkplaats.
(2): neem contact op met een PEUGEOT-
dealer of een gekwalificeerde werkplaats.
1
Instrumentenpaneel
Page 36 of 312

34
Weergave van informatie
Deze functies worden na elkaar weergegeven.
- Dagelijks aantal afgelegde kilometers
Dagteller.
-
Actieradius.
-
Ac
tueel brandstofverbruik.
-
G
emiddelde snelheid.
-
T
eller van het Stop & Start-systeem.
-
I
nformatie over de
snelheidslimietherkenning.
F
D
ruk op deze knop op het uiteinde van de
ruitenwisserschakelaar .
F
O
f druk op de rolknop op het stuur wiel.
Traject resetten
De reset wordt uitgevoerd als het traject wordt
weergegeven. F
D
ruk langer dan twee seconden op
deze toets op het uiteinde van de
ruitenwisserschakelaar .
F
D
ruk langer dan twee seconden op de
rolknop op het stuurwiel.
Enkele definities...
Actieradius
(km of mijl)
Aantal kilometers dat u nog met de
resterende hoeveelheid brandstof kunt
rijden (afhankelijk van het gemiddelde
verbruik over de laatste afgelegde
kilometers).
Deze waarde kan variëren door een
gewijzigde rijstijl of het rijden op
een helling, waardoor het actuele
brandstofverbruik aanzienlijk kan wijzigen. Na het tanken van minimaal 5
liter brandstof
wordt de actieradius opnieuw berekend en
weergegeven als deze meer dan 100 km
bedraagt.
Wanneer tijdens het rijden streepjes in plaats van waarden
worden weergegeven, dient u contact met het PEUGEOT-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats op te nemen.
Actueel brandstofverbruik
(l/100 km, km/l of mpg)
B erekend over de laatste seconden.
Deze functie wordt alleen weergegeven bij
snelheden vanaf 30
km/h.
Gemiddeld brandstofverbruik
(l/100 km, km/l of mpg)B erekend sinds de laatste nulstelling
van de trajectgegevens .
Gemiddelde snelheid
(km/h of mph)
Berekend sinds de laatste nulstelling
van de trajectgegevens.
F
D
ruk langer dan twee seconden op deze
toets.
Als de actieradius minder dan 30
km bedraagt,
verschijnen streepjes op het display.
Instrumentenpaneel
Page 37 of 312

35
Afgelegde afstand
(km of mijl)Berekend sinds de laatste nulstelling
van de trajectgegevens.
Teller Stop & Start-systeem
(minuten/seconden of uren/minuten)
Als uw auto is uitgerust met Stop & Start,
registreert een teller hoelang de STOP-stand
tijdens een traject is geactiveerd.
De teller wordt elke keer als u het contact
aanzet weer op nul gezet.
Datum en tijd instellen
Zonder audiosysteem
U kunt de datum en tijd via het display van het
instrumentenpaneel instellen. F
H
oud deze toets ingedrukt.
F
D
ruk op een van deze toetsen
om de te wijzigen instelling te
selecteren.
F
D
ruk kort op deze toets om te
bevestigen.
F
D
ruk op een van deze toetsen
om de instelling te wijzigen en
bevestig nogmaals om de nieuwe
instelling op te slaan.
Met audiosysteem
F Druk op de toets MENU om het hoofdmenu
weer te geven.
F
D
ruk op de toets " 7" of " 8" om het menu
"Persoonlijke instelling – configuratie" weer
te geven en druk ver volgens op OK.
F
D
ruk op de toets " 5" of " 6" om het menu
"Configuratie display" weer te geven en
druk ver volgens op OK.
F
D
ruk op de toets " 5" of " 6" om de regel
"Datum en tijd instellen" te selecteren en
druk ver volgens op OK.
F
D
ruk op de toets " 7" of " 8" om de te
wijzigen instelling te selecteren. Bevestig
uw keuze door op de toets OK te drukken.F
P
as de instellingen één voor één aan en
bevestig met de toets OK.
F
D
ruk op de toets "
5" of " 6" en ver volgens
op de toets OK om het vakje OK te
selecteren en bevestig of druk op de toets
Te r u g om te annuleren.
Met PEUGEOT Connect
Radio
F Selecteer het menu Instellingen
in de bovenste menubalk van het
touchscreen.
F
Sel
ecteer " Systeemconfiguratie ".
F
Sel
ecteer " Datum en tijd ".
F
Sel
ecteer " Datum" of "Tijd".
F
S
electeer het formaat van de weergave.
F
W
ijzig de datum en/of de tijd met het
numerieke toetsenbord.
F
Be
vestig met " OK".
Met PEUGEOT Connect Nav
Het instellen van de datum en tijd is alleen
mogelijk als de GPS-synchronisatie is
uitgeschakeld.
F
S
electeer het menu Instellingen
in de bovenste balk of zijbalk van
het touchscreen.
1
Instrumentenpaneel
Page 39 of 312

37
Sleutel
Conventionele sleutel
De sleutel kunt u gebruiken om de centrale
vergrendeling via het slot te bedienen om de
auto te ontgrendelen of vergrendelen.
Dezelfde sleutel dient ook voor het openen
en sluiten van de tankdop en het starten of
afzetten van de motor.
Sleutel met afstandsbediening
Met de sleutel met afstandsbediening kunt
de auto ontgrendelen of vergrendelen door
de centrale vergrendeling te bedienen via het
portierslot of met de afstandsbediening.
De sleutel met afstandsbediening dient tevens
voor de lokalisatie van de auto, het openen
en sluiten van de tankdop en het starten of
afzetten van de motor, en maakt deel uit van de
diefstalbeveiliging.De knoppen van de afstandsbediening
werken niet meer als het contact aan
staat.
Uitklappen/inklappen van de sleutel
Wanneer u deze knop niet indrukt, kan de
afstandsbediening beschadigd raken.
Keyless entry and start
F Druk op deze knop om de sleutel uit of in te klappen. te ontgrendelen of vergrendelen.
De afstandsbediening dient tevens voor de
lokalisatie en het starten van de auto en maakt
deel uit van de diefstalbeveiliging.
Met de "Keyless entry and start"-
afstandsbediening op zak
Met dit systeem kunt u de auto ontgrendelen en
vergrendelen en de motor starten ter wijl u de
afstandsbediening op zak houdt.
De handsfree-functies werken niet en de
portieren kunnen niet worden geopend als
het contact A AN (stand Accessoires) is
gezet met de knop "START/STOP".
Raadpleeg de desbetreffende rubriek
voor meer informatie over het star ten
en afzetten van de motor, en in het
bijzonder de stand A AN van het contact.
Met de afstandsbediening kunt u de centrale
vergrendeling bedienen om de auto op afstand
2
Toegang tot de auto
Page 41 of 312

39
Programmeren
Zonder audiosysteem
Met audiosysteem of touchscreen
Het activeren en deactiveren van
de selectieve ontgrendeling vindt
plaats via het configuratiemenu
van de auto.
Volledig ontgrendelen
Met de sleutel
F Om de selectieve ontgrendeling van de cabine of de laadruimte
te activeren, of om deze te
deactiveren en de volledige
ontgrendeling weer te activeren,
moet u het contact aanzetten
en deze toets langer dan twee
seconden ingedrukt houden.
Ter bevestiging klinkt een geluidssignaal
en wordt, afhankelijk van de uitvoering, een
melding weergegeven. F
S
teek om de auto volledig
te ontgrendelen
de sleutel in het slot en draai deze in de
richting van de voorzijde van de auto.
F
T
rek ver volgens aan de portiergreep om het
portier te openen.
Het alarmsysteem (indien aanwezig) wordt
niet uitgeschakeld. Het alarm zal worden
geactiveerd door het openen van een portier
en kan worden uitgeschakeld door het contact
aan te zetten.Met de afstandsbediening
F Druk op een van deze knoppen om de auto te ontgrendelen.
Als u deze knop ingedrukt houdt,
worden de ruiten geopend
(afhankelijk van de uitvoering van
uw auto). De ruit stopt zodra de
knop wordt losgelaten.
Het ontgrendelen wordt bevestigd door
het gedurende ongeveer 2
seconden snel
knipperen van de richtingaanwijzers.
Afhankelijk van de uitvoering van uw
auto worden gelijktijdig de buitenspiegels
uitgeklapt.
Met de Keyless entry and start-
afstandsbediening op zak
F Leg, om de auto te ontgrendelen, ter wijl u
de afstandsbediening op zak hebt binnen de
detectiezone A, uw hand op de achterzijde
van een van de handgrepen (voorportier,
handbediende schuifdeur of achterdeur).
F
T
rek aan de handgreep om het portier of de
deur te openen.
F
P
laats, om de auto te ontgrendelen, met de
afstandsbediening binnen de detectiezone
A , uw hand achter de handgreep van de
achterdeur.
Met achterdeuren
2
Toegang tot de auto