Gordel Peugeot Partner 2020 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2020, Model line: Partner, Model: Peugeot Partner 2020Pages: 260, PDF Size: 7.76 MB
Page 136 of 260

134
Rijden
Driver Attention Alert
Afhankelijk van de uitvoering kan de "Driver
Attention Warning" gecombineerd worden met
de "Driver Attention Alert".
Met behulp van een boven aan de
voorruit geplaatste camera beoordeelt het
systeem de waakzaamheid, vermoeidheid of
afleidingen van de bestuurder door afwijkingen in
de koers van de auto ten opzichte van de
wegmarkeringen te signaleren.
Dit systeem is vooral geschikt voor auto(snel)
wegen (snelheden hoger dan 65 km/h).
In eerste instantie wordt de bestuurder
gewaarschuwd door de melding “ Voorzichtig!”,
samen met een geluidssignaal.
Als het systeem drie waarschuwingen heeft
gegeven, geeft het systeem een nieuwe
waarschuwing met de melding " Doorrijden
gevaarlijk: Las een rustpauze in!", en wordt
het geluidssignaal harder.
Let er bij slecht weer en in de winter altijd op
dat de sensoren niet met modder, sneeuw of
ijs bedekt zijn.
Plak geen stickers of andere voorwerpen op
het gedeelte van de buitenspiegels waar het
waarschuwingsgebied zich bevindt of op de
detectiezones op de voor- en achterbumper,
omdat de dodehoekbewaking dan mogelijk
niet goed werkt.
actieve
dodehoekbewaking
Als aanvulling op het permanent branden
van het lampje in de buitenspiegel aan de
desbetreffende zijde, geeft het systeem bij het
overschrijden van een rijstrookmarkering met
ingeschakelde richtingaanwijzers een rukje aan
het stuurwiel om u te helpen een aanrijding met
het voertuig in de dode hoek te voorkomen.
Dit systeem is de combinatie van de Lane
Keeping Assist en de dodehoekbewaking.
Deze twee functies moeten ingeschakeld en
storingsvrij zijn.
De snelheid van de auto moet tussen 65 en
140
km/h liggen.
Deze functies zijn met name geschikt voor het
rijden op autowegen en snelwegen.
Raadpleeg de desbetreffende rubrieken voor
meer informatie over de Lane Keeping Assist
en de dodehoekbewaking.
Dit systeem is een hulpmiddel voor de
bestuurder die desondanks altijd zijn
aandacht op het verkeer moet blijven
vestigen.
Systeem voor detecteren
van onoplettendheid
Lees de algemene adviezen over het gebruik
van de rij- en parkeerhulpsystemen.
Neem een pauze wanneer u moe bent en in elk
geval elke 2 uur.
Afhankelijk van de uitvoering bevat de functie
alleen het systeem "Driver Attention Warning"
of daarnaast ook het systeem "Driver Attention
Alert".
Deze systemen zijn absoluut niet
bedoeld om de bestuurder wakker te
houden of te voorkomen dat de bestuurder
achter het stuur in slaap valt.
Het is altijd de verantwoordelijkheid van de
bestuurder om de auto aan de kant te zetten
als hij/zij vermoeid is.
Activeren/Deactiveren
Deze functie kan worden
geactiveerd of
gedeactiveerd via het configuratiemenu van de
auto.
De status van de functie wordt opgeslagen bij
het afzetten van het contact.
Driver Attention Warning
Het systeem geeft een waarschuwing
zodra het detecteert dat de bestuurder
langer dan twee uur heeft gereden met een
snelheid van meer dan 65
km/h zonder dat hij
een pauze heeft genomen.
Deze waarschuwing bestaat uit een melding die
de bestuurder adviseert een pauze te nemen, en
een geluidssignaal.
Als de bestuurder dit advies niet opvolgt, wordt
de waarschuwing elk uur herhaald tot de auto
wordt stilgezet.
Het systeem wordt gereset als aan een van de
volgende voorwaarden is voldaan:
–
de auto staat gedurende meer dan 15 minuten
stil met draaiende motor
,
–
het contact is enkele minuten afgezet
geweest,
–
de veiligheidsgordel van de bestuurder is
losgemaakt en het portier is geopend.
Zodra de snelheid lager is dan 65 km/h,
gaat het systeem over in de wachtstand.
De rijtijd wordt opnieuw berekend zodra de
snelheid hoger is dan 65
km/h.
Page 248 of 260

246
Trefwoordenregister
Menustructuren display 209
Milieu
7, 33, 65
Mistachterlicht
67, 171
Mistlampen
170
Mistlampen vóór
67, 168
Monteren allesdragers ~ Allesdragers
monteren
149–150
Motoren
185–187
Motorkap
150–151
Motorkapsteun
150–151
Motorolie
152
MP3 (CD)
195
Multiflex bank ~ Cabine Extenso
54
Multifunctioneel display (met autoradio)
190
N
Navigatiesysteem 223–225
Neerklappen stoelen achter
48
Niveau AdBlue®
153
Niveau brandstofadditief diesel ~
Brandstofaddititiefniveau
153–154
Niveau koelvloeistof ~
Koelvloeistofniveau
17, 153
Niveau remvloeistof ~
Remvloeistofniveau
153
Niveau ruitensproeiervloeistof ~
Ruitensproeiervloeistofniveau
72, 153
Niveaus controleren
151–153
Niveaus en controles
151–153
Noodbediening achterklep
32
Noodbediening portieren 24, 31
Noodoproep ~ Urgence-oproep
75–77
Noodprocedure starten
175
Noodremassistentie ~
Brake Assist System (BAS)
80, 128
Noodremassistentie (AFU) ~
Brake Assist System (BAS)
80
O
Oliefilter 154
Oliefilter (vervangen)
154
Olieniveau
152
Oliepeilstok
152
Olieverbruik
152
Onder de motorkap ~ Motorruimte
151
Onderhoud (adviezen)
158
Onderhoudsadviezen
158
Onderhoudscontroles
17, 154
Onderhoudsindicator ~
Onderhoudsintervalindicator
17
Ontdooien
46, 62
Ontgrendelen
24, 27–29
Ontgrendelen van binnenuit ~
Interieur ontgrendelen
33–35
Ontluchten brandstofsysteem ~
Brandstofsysteem ontluchten
160
Ontwasemen
62
Ontwasemen achter ~
Achterruitverwarming
45, 63
Opbergvak boven voorruit
50
Opbergvakken 50
Openen bagageruimte ~
Bagageruimte openen
24
Openen motorkap ~ Motorkap, openen
150
Openen portieren ~ Portieren openen
24
Opschakelindicator
108
Overzicht zekeringen ~
Zekeringentabel
172–174
P
Parkeerhulp achter 135
Parkeerhulp achter met grafische
weergave en geluidssignalen
135
Parkeerhulpsystemen
(algemene adviezen)
11 2
Parkeerhulp vóór
136
Parkeerhulp zijkant
136
Parkeerlichten
67, 69, 168–170
Plafonnier
66
Plafonnier achter
66
Plafonniers
66
Plafonnier voor
66
Portieren sluiten
25, 29–30
Profielen
212, 238
Programmeerbare snelheidsregelaar
120
Programmeerbare verwarming
38, 63–65
Pyrotechnische gordelspanners
85
Page 250 of 260

248
Trefwoordenregister
Supervergrendeling 30–31
Surround Rear Vision
138
Synchroniseren afstandsbediening
33
Synchroniseren van de afstandsbediening ~
Afstandsbediening synchroniseren
33
T
Tankbeveiliging 144–145
Technische gegevens
185–187
Te laag brandstofniveau ~
Brandstofniveau
143–144
Telefoon
51, 196–198, 210–212, 234–237
Teller
11 3
Temperatuurregeling
60
Tijdelijke bandenspanning (met set) ~
Banden, noodreparatie
161, 163
Tijd instellen
213, 239
TMC (verkeersinformatie)
225
Toegang tot het reservewiel
164–165
Toevoer van buitenlucht ~ Luchttoevoer
(bediening)
60
Trailer Stability Management (TSM)
81
Trekhaak
81, 146
Tweepersoons voorbank
46–48, 84
Tweezitsbank vóór
46–48
U
Uitgebreide verkeersbordherkenning 11 7
Uitneembaar luik
54
Uitschakelen airbag passagier ~
Passagiersairbag uitschakelen
87, 91
Uitschakelen ASR/CDS (ESC)
80
USB
193, 207, 228, 233
USB-aansluiting
50, 193, 207, 228, 233
USB-poort
193, 207, 233
V
Veiligheidsgordels 84–85, 92
Veiligheidsvoorzieningen
voor kinderen
87, 89–92
Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen ~
Kinderen
(veiligheidsvoorzieningen)
87, 89–92
Ventilatie
58–59, 63–65
Ventilatieroosters
58
Verbonden apps
229–230
Vergrendelen
24–25, 29–30
Vergrendeling van binnenuit
33–35
Verkeersinformatie (TA)
191
Verkeersinformatie (TMC)
225
Verklikkerlampjes
67
Verklikkerlampjes ~ Controlelampjes
11
Verklikkerlampjes ~
Waarschuwingslampjes
11
Verklikkerlampje veiligheidsgordel bestuurder
niet vastgemaakt ~ Gordellampje
85
Verklikkerlampje veiligheidsgordels ~
Gordel (lampje)
85
Verlichting
67
Verlichting overdag ~
Dagrijverlichting
69, 168–169
Verversen
152
Vervuiling van het roetfilter (diesel)
154
Verwarming
58–59, 62–65
Video
233
Volledig ontgrendeld
26, 28
Voorruitverwarming
62–63
Voorstoelen
42–44, 46–48
W
Waarschuwing kans op aanrijding 126–127
Waarschuwing oplettendheid
bestuurder
134–135
Waarschuwingssignaal sleutel in contact
99
Waarschuwing vergeten verlichting
68
Wassen
11 3
Wassen (adviezen)
158–159
Webbrowser
225, 230
Wiel demonteren
165–167
Wiel monteren
165–167
Wiel verwisselen
161, 164
WiFi-netwerkverbinding
230–231
Window-airbags
88–89
Z
Zekeringen 172–174
Zekeringen vervangen
172–174
Zekeringkast dashboard
172