ESP Peugeot Rifter 2019 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: PEUGEOT, Model Year: 2019, Model line: Rifter, Model: Peugeot Rifter 2019Pages: 316, PDF Size: 9.71 MB
Page 25 of 316

23
Waarschuwings- resp.
verklikkerlampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
+
+
Emissieregelsysteem
SCRBrandt permanent
wanneer het contact wordt
aangezet, in combinatie
met van een geluidssignaal
en een melding.Er is een storing in het SCR-
emissieregelsysteem. Deze waarschuwing verdwijnt zodra de uitstoot van
uitlaatgassen weer aan de normen voldoet.
Het AdBlue® -lampje
knippert zodra het
contact is aangezet,
in combinatie met het
permanent branden
van het lampje
Ser vice en het lampje
zelfdiagnose motor, een
geluidssignaal en een
melding met betrekking
tot de actieradius.Afhankelijk van het weergegeven
bericht kunt u
nog 1100 km rijden
voordat het systeem het starten
van de motor blokkeert. Voer (3) zo snel mogelijk uit om te voorkomen dat de
motor niet meer kan worden gestar t.
Het AdBlue® -lampje
knippert zodra het
contact is aangezet,
in combinatie met het
permanent branden
van het lampje
Ser vice en het lampje
zelfdiagnose motor, een
geluidssignaal en een
melding.Een startblokkering voorkomt
het opnieuw starten van de
motor (limiet toegestane rijfase
overschreden na bevestiging
van een storing in het
emissieregelsysteem).Voer om de motor weer te kunnen starten (2) uit.
1
Instrumentenpaneel
Page 26 of 316

24
Waarschuwings- resp.
verklikkerlampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
Service Brandt tijdelijk in
combinatie met de
weergave van een
melding. Er zijn één of meer kleine
storingen gedetecteerd waarbij
geen specifiek lampje gaat
branden. Identificeer de oorzaak van de storing met behulp van
de melding op het instrumentenpaneel.
Bepaalde storingen kunt u
zelf verhelpen, zoals een
geopend portier of het begin van verzadiging van het
r o e t f i l t e r.
Bij andere problemen, zoals een storing in het
bandenspanningscontrolesysteem, (3) uitvoeren.
Permanent, in combinatie
met de weergave van
een melding.Er zijn één of meer ernstige
storingen gedetecteerd waarbij
geen specifiek lampje gaat branden.Identificeer de oorzaak van de storing met behulp van
de melding op het instrumentenpaneel en voer dan
(3) uit.
+
Het verklikkerlampje Ser vice
Service brandt permanent
en de onderhoudssleutel
knippert en brandt
vervolgens permanent.Het onderhoudsinterval is
overschreden. Alleen bij uitvoeringen met een BlueHDi-dieselmotor.
Laat de onderhoudswerkzaamheden aan uw auto zo
snel mogelijk uitvoeren.
Permanent, in combinatie met
de weergave van de melding
"Storing parkeerrem".De functie automatisch vrijzetten
van de elektrische parkeerrem is
niet beschikbaar.Voer (2) uit.
+ Storing (met
elektrische
parkeerrem)
Permanent, in
combinatie met de
weergave van de
melding "Storing
parkeerrem". U kunt de auto niet meer met de
parkeerrem op zijn plaats houden
ter wijl de motor draait.
Als het handmatig aantrekken en vrijzetten niet
mogelijk is, is de hendel van de elektrische
parkeerrem defect.
De automatische functies moeten te allen tijde worden
gebruikt: ze worden automatisch geactiveerd bij een
storing in de hendel.
Voer (2) uit.
Instrumentenpaneel
Page 27 of 316

25
Waarschuwings- resp.
verklikkerlampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
+
+ Storing (met
elektrische
parkeerrem)
Permanent, in
combinatie met de
weergave van de
melding "Storing
parkeerrem". De parkeerrem is defect; de
handmatige en elektrische
bediening werken mogelijk niet
meer.
Om bij stilstand de auto op zijn plaats te houden:
F
T
rek aan de hendel en houd deze ongeveer 7 tot
15
seconden aangetrokken tot het lampje op het
instrumentenpaneel gaat branden.
Als deze procedure niet werkt, beveilig uw auto dan op
de volgende wijze tegen wegrollen:
F
P
arkeer de auto op een vlakke ondergrond.
F
B
ij auto's met een handgeschakelde
versnellingsbak: schakel een versnelling in.
F
B
ij auto's met een automatische transmissie:
selecteer P en plaats de meegeleverde wielblokken
voor en achter een van de wielen.
Voer ver volgens (2) uit.
Mistachterlicht Permanent. Het lampje brandt.
+
Storing van de
remsystemen (met
Post Collision
Safety Brake
(PCSB)) Permanent.
Voer snel (3) uit.
+ Storing met
betrekking tot
de airbags of
pyrotechnische
gordelspanners
(met Post Collision
Safety Brake
(PCSB)) Permanent.
Voer snel (3) uit.
1
Instrumentenpaneel
Page 28 of 316

26
Waarschuwings- resp.
verklikkerlampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
Groene lampjes
Stop & Star tPermanent.Wanneer de auto stopt, zet het Stop & Start-
systeem de motor in de STOP-stand.
Knippert tijdelijk. De STOP-modus is momenteel niet
beschikbaar of de START-modus wordt
automatisch geactiveerd.
Hill Assist Descent
Control Permanent.
De functie is geactiveerd, maar er wordt
niet voldaan aan alle voor waarden voor
de regeling (hellingspercentage, te hoge
snelheid, ingeschakelde versnelling).
Knippert. De functie begint met regelen. De auto wordt afgeremd; de remlichten gaan
branden tijdens de afdaling.
Eco-mode Permanent.De eco-mode is actief. Bepaalde parameters worden afgesteld om
brandstof te besparen.
Automatische
ruitenwissers Permanent.
De automatische stand van de ruitenwissers
vóór is geactiveerd.
Mistlampen vóór Permanent.De mistlampen vóór zijn ingeschakeld.
Parkeerlichten Permanent.De verlichting is ingeschakeld.
Richtingaanwijzers
Richtingaanwijzers
met geluidssignaal.De richtingaanwijzers zijn ingeschakeld.
Instrumentenpaneel
Page 29 of 316

27
Waarschuwings- resp.
verklikkerlampjeStatus
Oorzaak Acties/Opmerkingen
Dimlicht Permanent.De verlichting is ingeschakeld.
+
of Grootlichtassistent
Permanent.De functie is geactiveerd via het touchscreen
(menu Auto/Rijden).
De lichtschakelaar staat in de stand "AUTO".
Blauwe lampjes
Grootlicht Permanent.De verlichting is ingeschakeld.
Zwarte/witte pictogrammen
Voet op rempedaal Permanent.Het rempedaal wordt niet of niet stevig
genoeg ingetrapt.Automatische transmissie: voordat u bij
draaiende motor de parkeerrem vrijzet en de
keuzeschakelaar uit de stand P haalt.
Voet op
koppelingspedaal Permanent.
Stop & Start: de overschakeling naar de
START-stand wordt afgewezen, omdat het
koppelingspedaal niet volledig wordt ingetrapt. Trap het koppelingspedaal volledig in.
Automatische
ruitenwissers Permanent.
De automatische stand van de ruitenwissers
vóór is geactiveerd.
(1) : Zet de auto zo snel mogelijk stil op een
veilige plaats en zet het contact af. (3)
: Ga naar het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.
(2): Neem contact op met het PEUGEOT-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
1
Instrumentenpaneel
Page 30 of 316

28
Indicatoren
Onderhoudsindicator
De onderhoudsindicator wordt weergegeven op het
instrumentenpaneel. Afhankelijk van de uitvoering van
de auto:
-
g
eeft de kilometerteller de resterende afstand
tot de eerstvolgende onderhoudsbeurt aan of de
afgelegde afstand sinds het verstrijken van het
onderhoudsinterval, voorafgegaan door het teken "-".
Waarschuwings- resp.
verklikkerlampje Status
OorzaakActies/
Opmerkingen
De weergegeven afstand (in kilometers of mijlen)
wordt berekend op basis van het aantal afgelegde
kilometers en de verstreken tijd sinds de laatste
onderhoudsbeurt.
De waarschuwing kan ook worden weergegeven als
het einde van het onderhoudsinterval in tijd nadert.
OnderhoudssleutelGaat tijdelijk branden
bij het aanzetten van
het contact. De afstand tot de
eerstvolgende
beurt is tussen de
3000
en 1000
km.
Permanent, bij het
aanzetten van het
contact.
De onderhoudsbeurt
moet binnen
1000 km worden
uitgevoerd.Laat spoedig een
onderhoudsbeurt
aan uw auto
uitvoeren.
+
Onderhoudssleutel
knippertKnippert en brandt vervolgens
permanent, bij het aanzetten
van het contact.
(Bij BlueHDi-uitvoeringen met
dieselmotor, in combinatie
met het verklikkerlampje
Service).Het
onderhoudsinterval
is overschreden. Laat zo spoedig
mogelijk een
onderhoudsbeurt
aan uw auto
uitvoeren.
Nulstelling onderhoudsindicator- verschijnt een waarschuwingsmelding, hetzij om
de resterende afstand en tijd tot de eerstvolgende
onderhoudsbeurt aan te geven, hetzij om aan te
geven dat het onderhoudsinterval verstreken is.
Na elke onderhoudsbeurt moet de
onderhoudsindicator weer op nul gezet worden.
F
Z
et het contact af.
F
D
ruk op deze knop en houd deze ingedrukt.
F
Z
et het contact aan; de kilometerteller
begint terug te tellen,
F
L
aat de knop los als het display
=0
aangeeft; de sleutel verdwijnt.
Als u
na deze handeling de accu wilt
loskoppelen, vergrendel dan de auto en
wacht minimaal vijf minuten. Het op nul
zetten van de onderhoudsindicator zal
anders niet worden opgeslagen.
Opvragen van onderhoudsinformatie
U kunt op elk moment de onderhoudsinformatie
weergeven.
Instrumentenpaneel
Page 33 of 316

31
AdBlue®-actieradiusindicatoren
Deze actieradiusindicatoren zijn uitsluitend
aanwezig bij auto's met een BlueHDi-
dieselmotor.
Zodra de reser vevoorraad van het AdBlue
®-
reser voir is aangesproken of een storing in het
SCR-systeem is gedetecteerd, verschijnt bij
het aanzetten van het contact een indicator die
aangeeft hoeveel kilometer u
nog ongeveer
kunt rijden voordat het opnieuw starten van de
motor automatisch wordt geblokkeerd.
Als de motor mogelijk niet opnieuw
kan worden gestart door een te laag
AdBlue
®-niveau
Het wettelijk verplichte
startblokkeringssysteem wordt
automatisch geactiveerd zodra het
AdBlue
®-reservoir leeg is.
Actieradius groter dan 2400 km
Als het contact wordt aangezet, wordt er geen
informatie over de actieradius weergegeven.
Druk op deze knop om de actieradius tijdelijk
weer te geven.
Met 1,6 BlueHDi (Euro 6.1) motor
Actieradius tussen 2400 en 600 km
A ctieradius kleiner dan 600 km
Zodra het contact wordt aangezet, gaat
het lampje branden in combinatie met een
geluidssignaal en een melding (bijvoorbeeld
" Vul AdBlue bij: starten onmogelijk over x km")
die aangeeft hoeveel kilometer of mijl u
nog
kunt rijden met de resterende hoeveelheid
vloeistof.
Tijdens het rijden wordt de melding elke
300
km weergegeven zolang er geen vloeistof
is bijgevuld.
Het minimumniveau is bereikt; vul zo snel
mogelijk vloeistof bij.
Zodra het contact wordt aangezet, gaat
dit lampje branden in combinatie met
het permanent branden van het lampje
Ser vice, een geluidssignaal en een melding
(bijvoorbeeld " Vul AdBlue bij: starten
onmogelijk over x km") die aangeeft hoeveel
kilometer of mijl u
nog kunt rijden met de
resterende hoeveelheid vloeistof.
Tijdens het rijden wordt de melding elke
30
seconden herhaald zolang er geen AdBlue
is bijgevuld. Vul zo snel mogelijk vloeistof bij om te
voorkomen dat het reservoir helemaal leeg
raakt en de motor niet meer gestart kan
worden.
Star ten geblokkeerd vanwege te weinig
AdBlue
®
Het AdBlue®-reser voir is leeg: het starten van
de motor wordt geblokkeerd door het wettelijk
verplichte startblokkeringssysteem.
Om de motor weer te kunnen starten moet
het reser voir met minimaal 5
liter AdBlue
®
worden gevuld.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over AdBlue
® (BlueHDi-
motoren) , in het bijzonder met betrekking
tot het bijvullen.
Als het contact wordt aangezet, gaat dit lampje
samen met het lampje Ser vice knipperen
in combinatie met een geluidssignaal en de
melding " Vul AdBlue bij: starten onmogelijk".
1
Instrumentenpaneel
Page 56 of 316

54
Elektrisch uitklappen
De spiegels worden weer elektrisch uitgeklapt
zodra de auto ontgrendeld wordt met de
afstandsbediening of de sleutel. Trek als
de spiegels zijn ingeklapt met behulp van
de schakelaar A de schakelaar naar de
middenstand.Het automatisch in- en uitklappen van
de buitenspiegels bij het vergrendelen/
ontgrendelen kan worden gedeactiveerd.
Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.
Indien nodig kunt u
de buitenspiegels
handmatig inklappen.
Buitenspiegels met
ver warming
F Druk op de toets van de achterruitverwarming. Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over het ontwasemen en
ontdooien van de achterruit
.
Binnenspiegel
De binnenspiegel is voorzien van een
antiverblindingsstand waardoor de spiegel
donkerder wordt en de bestuurder minder hinder
onder vindt van bijvoorbeeld de zon en van de
koplampen van achteropkomend verkeer.
Handbediende uitvoering
Afstellen
F
S tel de spiegel af zoals deze in de dagstand
staat.
Dag-/nachtstand
" Elektrochromatische "
binnenspiegel
F Trek aan het hendeltje om de spiegel in de
nachtstand te zetten.
F
D
uw het hendeltje naar voren om de spiegel
terug te zetten in de dagstand. Dankzij een sensor die de hoeveelheid licht die
vanaf de achterzijde van de auto op de spiegel
valt meet, gaat de binnenspiegel geleidelijk en
automatisch over van de dag- in de nachtstand.
Zodra de achteruitversnelling wordt
ingeschakeld, wordt de spiegel in de
dagstand gezet voor een maximaal zicht
naar achteren.
Observatiespiegel achterste inzittenden
De observatiespiegel in aangebracht boven
de binnenspiegel. Met deze spiegel kunt u de
achterpassagiers observeren en hen tijdens
gesprekken aankijken zonder achterom
te moeten kijken of de binnenspiegel te
hoeven verstellen. De spiegel kan eenvoudig
verwijderd worden om verblinding van
achteropkomend verkeer te voorkomen.
Ergonomie en comfort
Page 70 of 316

68
Bagagenet voor hoge
belading
Het net, dat aan de bovenste bevestigingen
en de onderste sjorogen of de nokken wordt
vastgemaakt, zorgt er voor dat de auto tot aan
het dak kan worden beladen:
-
A
chter de achterbank (2e zitrij).
-
A
chter de voorstoelen (zitrij 1) wanneer de
achterbank is neergeklapt.
Controleer bij het plaatsen van het net of
de gespen van de riemen zichtbaar zijn
vanuit de bagageruimte; hierdoor is het
makkelijker de riemen te ontspannen of
aan te spannen.
Bevestigen achter 1e zitrij
F Open de kapjes van de bovenste bevestigingen 1 .
F
R
ol het bagagenet voor hoge belading uit.
F
P
laats een van de uiteinden van de metalen
stang van het net in de desbetreffende
bovenste bevestiging 1 , en doe ver volgens
hetzelfde met de tweede stang,
F
T
rek de riemen er volledig uit.
F
W
ikkel elke riem om stang 3 onder de
zitting van de voorstoel (1e zitrij) en
bevestig ver volgens elke veerhaak aan de
betreffende riemring.
Bevestigen achter 2e zitrij
F Klap de bagageafdekking in of verwijder deze.
F O pen de kapjes van de bovenste
bevestigingen 2 .
F
R
ol het bagagenet voor hoge belading uit.
F
P
laats een van de uiteinden van de metalen
stang van het net in de desbetreffende
bovenste bevestiging 2 , en doe ver volgens
hetzelfde met de tweede stang.
F
B
evestig de haak van elk van de riemen van
het net aan het desbetreffende onderste
sjoroog 4 (op de laadvloer).
F
S
pan de riemen aan.
F
C
ontroleer of het net goed is bevestigd en
gespannen.
F Klap de achterbank neer.
F S pan de riemen aan zonder de bank weer
op te klappen.
F
C
ontroleer of het net goed is bevestigd en
gespannen.
Ergonomie en comfort
Page 90 of 316

88
ofAutomatisch wissen (omlaag
duwen en vervolgens loslaten).
Eén keer wissen (de hendel even
naar u
toe trekken).
Ruitensproeiers voorruit
F Trek de hendel van de ruitenwisserschakelaar naar u toe.
De ruitensproeiers en ruitenwissers werken
zolang er aan de hendel wordt getrokken.
Wanneer de ruitensproeiers stoppen, wissen
de ruitenwissers nog één keer.
Bij auto's met automatische
airconditioning wordt tijdens het bedienen
van de ruitensproeiers vóór automatisch
de luchttoevoer afgesloten om een
onaangename geur in het interieur te
voorkomen.
De ruitensproeiers zijn in de uiteinden van elke
ruitenwisserarm geïntegreerd.
De ruitensproeier vloeistof wordt over de
gehele lengte van het ruitenwisserblad op de
voorruit gesproeid. Dit zorgt voor beter zicht en
een lager verbruik van ruitensproeiervloeistof.
In sommige gevallen, afhankelijk van de
samenstelling of kleur van de vloeistof en het
omgevingslicht is het sproeien van de vloeistof
nauwelijks merkbaar. Bedien de ruitensproeiers niet zolang het
reservoir van de ruitensproeiervloeistof
leeg is; kans op beschadiging van de
ruitenwisserbladen.
Bedien de ruitensproeiers alleen als er geen
risico is van bevriezing van de vloeistof op de
voorruit; hierdoor zou het zicht namelijk kunnen
afnemen. Gebruik 's winters altijd producten
die voldoende tegen vorst beschermd zijn.
Vul nooit bij met water.
Ruitenwisser achter
Ring voor de selectie van de ruitenwisser achter:
Uit.
Intervalstand (wissnelheid afhankelijk
van de rijsnelheid).
Wissen en sproeien (gedurende
enige tijd).
Bij achteruitrijden
Als de ruitenwissers vóór zijn ingeschakeld
op het moment dat u
de achteruitversnelling
inschakelt, wordt automatisch de ruitenwisser
achter ingeschakeld.
Inschakelen/uitschakelen
De functie kan worden in-
en uitgeschakeld via het
configuratiemenu van de auto.
Deze functie is standaard geactiveerd.
Deactiveer de automatische werking van
de ruitenwisser achter bij sneeuwval of
strenge vorst en bij montage van een
fietsendrager op de achterklep.
Speciale stand van de
ruitenwissers vóór
In deze stand kunnen de ruitenwisserbladen
worden gereinigd of ver vangen. De stand kan
tevens 's winters (ijs, sneeuw) worden gebruikt
om de ruitenwisserbladen los te zetten van de
voorruit.
Verlichting en zicht