park assist Seat Ateca 2018 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: SEAT, Model Year: 2018, Model line: Ateca, Model: Seat Ateca 2018Pages: 364, PDF Size: 7.42 MB
Page 257 of 364

Systemen ter ondersteuning van de bestuurder
Bediening van de dodehoekhulp
(BSD) met uitp
ark
eerhulp (RCTA)De dodehoekhulp (BSD) met uitparkeerhulp
(RCTA) in- en uit
s
chakelen
De dodehoekhulp met uitparkeerhulp kan
worden in- en uitgeschakeld via het menu Assistenten op het scherm van het instru-
mentenpaneel met behulp van de bedie-
ningselementen op het stuur. Indien de wa-
gen is uitgerust met multifunctionele camera,
is toegang ook mogelijk met de toets van de
bestuurdershulpsystemen op de grootlicht-
hendel.
Menu Assistenten openen.
● Dode Hoek
● Exit Assist
Indien het
selectievakje van het instrumen-
tenpaneel aangevinkt is , wordt de functie
automatisch geactiveerd wanneer het contact
wordt ingeschakeld.
Zodra de dodehoekhulp klaar is voor werk-
ing, gaat de indicatie in de buitenspiegels bij
wijze van bevestiging kort branden.
De laatst uitgevoerde instelling van het sys-
teem blijft actief wanneer het contact op-
nieuw wordt ingeschakeld.
Indien de dodehoekhulp automatisch werd
gedeactiveerd, kan het systeem enkel op- nieuw worden geactiveerd na het uitschake-
len en w
eer in
schakelen van het contact.
Automatisch uitschakelen van de dodehoek-
hulp (BSD)
De radarsensoren van de dodehoekhulp met
uitparkeerhulp worden o.m. automatisch uit-
geschakeld wanneer wordt gedetecteerd dat
een van de sensoren permanent is afgedekt.
Dit kan bijv. het geval zijn indien er voor de
sensoren een laag sneeuw of ijs is.
Op het display van het instrumentenpaneel
verschijnt een bericht.
Rijden met een aanhangwagen
De dodehoekhulp en uitparkeerhulp worden
automatisch uitgeschakeld en kunnen niet
weer worden ingeschakeld indien de in de fa-
briek gemonteerde trekhaak elektrisch is
aangesloten op een aanhangwagen of verge-
lijkbaar systeem.
Zodra de bestuurder begint te rijden met een
elektrisch aangesloten aanhangwagen, ver-
schijnt er een bericht op het scherm van het
instrumentenpaneel waarin wordt aangege-
ven dat de dodehoekhulp en uitparkeerhulp
zijn uitgeschakeld. Indien de bestuurder de
dodehoekhulp en uitparkeerhulp wenst te
gebruiken na het loskoppelen van de aan-
hangwagen, moeten deze systemen opnieuw
worden geactiveerd in het overeenkomstige
menu. Is de trekhaak niet gemonteerd in de fabriek,
dan moeten de dodehoek
hulp en uitparkeer-
hulp handmatig worden gedeactiveerd wan-
neer met aanhangwagen wordt gereden.
SEAT rijprogramma's (SEAT Dri-
ve Profi
le)*
Gerelateerde video Afb. 212
Zelfstandig rij-
den Inleiding
De bestuurder heeft dankzij SEAT Drive Profi-
l
e de k
euz
e uit vier profielen of modi, Eco,
Normal , Sport en Individual , waarbij
het gedrag van de diverse functies van de
wagen wordt aangepast voor uiteenlopende
rijervaringen.
In de versie 4Drive zijn daarnaast ook de pro-
fielen Offroad en Snow beschikbaar. »
255
Technische gegevens
Aanwijzingen
Bedienen
Noodgevallen
Veiligheid
Page 270 of 364

BedienenIn het geval van rechte
parkeerplaatsenIn het geval van schui-ne parkeerplaatsen
Niet sneller rijden dan ca.40 km/u (25 mpu) bij het
passeren van de parkeer- plaats.Niet sneller rijden dan ca.20 km/u (12 mpu) bij het
passeren van de parkeer- plaats.
Een afstand tussen 0,5 en 2,0 meter aanhouden bij het passeren van de parkeerplaats.
Lengte van de parkeer-
plaats: lengte van de auto + 0,8 meterBreedte van de parkeer-
plaats: breedte van de au- to + 0,8 meter
Niet sneller rijden dan ca. 7 km/u (4 mpu) bij het inpar-
keren. Parkeren
Voer de volgende handelingen uit:
1.
Er moet voldaan zijn aan alle nodige voorwaar-
den om te kunnen inparkeren met het inparkeer-
systeem
››› pag. 267 en de parkeermodus moet
geselecteerd zijn ››› pag. 265.
2.
Kijk naar de weergave op het scherm van het in-
strumentenpaneel of de parkeerplaats gedetec-
teerd werd als "geschikt" en de juiste positie be-
reikt werd om te parkeren ››› afb. 220
of ››› afb.
221 .
De parkeerplaats zal beschouwd zijn als "ge-
schikt" als op het scherm van het instrumenten-
paneel de aanwijzing om te parkeren 5
ver-
schijnt.
3.Stop de auto en schakel na een korte pauze de
achteruitversnelling in.
Voer de volgende handelingen uit:
4.Laat het stuur los ››› in Inleiding tot thema op
pag. 263.
5.
Let op het volgende bericht: Stuurhulp ac-
tief. Let op omgeving.
Terwijl u de omgeving goed in het oog houdt, ac-
celereert u voorzichtig tot maximaal 7 km/u (4
mpu).
Tijdens het parkeermanoeuvre neemt het sys-
teem enkel het sturen over. Als bestuurder moet
u accelereren, zo nog koppelen, van versnelling
veranderen en remmen.
6.
Keer terug tot het continue signaal van de ParkPi-
lot klinkt.
OF: keer terug tot op het scherm van het instru-
mentenpaneel de aanwijzing van vooruitrijden
verschijnt ››› afb. 220
of ››› afb. 221 .
OF: keer terug tot op het scherm van het instru-
mentenpaneel de melding Park Assist be-
eindigd verschijnt.
De voortgangsbalk 7 geeft de afstand aan die
moet worden afgelegd ››› pag. 267.
7.
Trap het rempedaal in tot het inparkeersysteem
klaar is met draaien aan het stuur.
OF: tot het symbool verdwijnt van het scherm
van het instrumentenpaneel.
8.Eerste versnelling inschakelen.
Voer de volgende handelingen uit:
9.
Rijd vooruit tot het continue signaal van de Park-
Pilot klinkt.
OF: rijd vooruit tot op het scherm van het instru-
mentenpaneel de aanwijzing van achteruitrijden
verschijnt.
Het inparkeersysteem rijdt de auto vooruit en
achteruit tot hij in het midden van de parkeer-
plaats staat ››› afb. 220
of ››› afb. 221 .
10.
Voor een optimaal resultaat wacht u aan het eind
van elk manoeuvre tot het inparkeersysteem
klaar is met draaien aan het stuur.
Het parkeermanoeuvre eindigt wanneer een over-
eenkomstige melding verschijnt op het scherm
van het instrumentenpaneel en eventueel een ge-
luidssignaal klinkt. Let op
Indien tijdens het parkeren het manoeuvre
vroe g
tijdig beëindigd wordt, is het resultaat
mogelijk niet optimaal. 268
Page 272 of 364

Bedienen In het geval van rechte parkeerplaatsen
9.
Rijd vooruit tot het continue signaal van de Park-
Pilot klinkt.
OF: rijd vooruit tot op het scherm van het instru-
mentenpaneel de aanwijzing van achteruitrijden
verschijnt.
Het inparkeersysteem rijdt de auto vooruit en
achteruit tot de parkeerplaats verlaten kan wor-
den.
10.
De auto kan de parkeerplaats verlaten wanneer
een overeenkomstige melding verschijnt op het
scherm van het instrumentenpaneel en eventu-
eel een geluidssignaal klinkt.
Neem de besturing over met de draaihoek die
door het inparkeersysteem werd afgesteld.
11.Verlaat de parkeerplaats terwijl u rekening houdt
met het verkeer.
Automatische remingreep van het in-
p
ark
eer
systeem Het inparkeersysteem helpt de bestuurder in
bep
aal
de g
evallen met remmen.
Het is altijd de verantwoordelijkheid van de
bestuurder om op tijd te remmen ››› .
Aut om
ati
sche remingreep om de toegestane
snelheid niet te overschrijden
Om te vermijden dat de toegestane snelheid
van ca. 7 km/u (4 mpu) wordt overschreden bij het in- en uitparkeren, kan een automati-
sche r
emingreep plaatsvinden. Na de auto-
matische remingreep kunnen de manoeuvres
voor het in- of uitparkeren voortgezet wor-
den.
Er vindt slechts één automatische remin-
greep plaats voor elke poging tot in- of uit-
parkeren. Indien opnieuw de snelheid van ca.
7 km/u (4 mpu) wordt overschreden, wordt
de overeenkomstige handeling onderbroken.
Automatisch bedienen van de remmen om
schade te verminderen
In bepaalde omstandigheden kan het inpar-
keersysteem de auto automatisch afremmen
bij een obstakel, door het rempedaal kort te
bedienen en blijven bedienen ››› . Vervol-
g en
s
moet de bestuurder het rempedaal in-
trappen.
Een automatische remingreep om de schade
te beperken leidt ertoe dat het parkeerma-
noeuvre wordt beëindigd. ATTENTIE
De automatische remingreep van het inpar-
keer sy
steem mag nooit aanleiding zijn tot
het nemen van grotere risico's. Ondanks het
systeem moet de bestuurder te allen tijde op-
merkzaam blijven.
● Het inparkeersysteem heeft een aantal be-
perking
en die eigen zijn aan het systeem. In
bepaalde situaties werkt de automatische re- mingreep mogelijk enkel op beperkte wijze of
helem
aa
l niet.
● Blijf altijd paraat om de auto op elk ogen-
blik t
e remmen.
● Het automatisch remmen stopt na ongeveer
1,5 seconde. Rem
vervolgens zelf de auto. Parkeerhulp Plus (Park Pilot)*
Be s
chrijving Afb. 223
Weergegeven gedeelte. Het
parkeerhulpsysteem Plus assisteert de
be s
tuurder tijdens het manoeuvreren en in-
parkeren middels visuele en akoestische
meldingen over gedetecteerde obstakels
voor en achter de auto.
De voor- en achterbumpers beschikken over
geïntegreerde ultrasoonsensoren. Zodra ze
een obstakel detecteren, wordt dat gemeld
270
Page 278 of 364

Bedienen
Manoeuvreerremfunctie* 3 Enkel geldig met Parkeerhulp Plus
Z odr
a een obstakel wordt herkend tijdens het
achteruitrijden, wordt het noodremmen geac-
tiveerd door de manoeuvreerremfunctie. Af-
hankelijk van de uitrusting kan de manoeu-
vreerremfunctie het noodremmen ook active-
ren tijdens het vooruitrijden.
De functie noodremmen dient om de kans op
botsingen tot een minimum te beperken. De
rijsnelheid mag niet hoger zijn dan 10 km/u.
De manoeuvreerremfunctie is in-/uitgescha-
keld wanneer het parkeerlicht brandt/niet
brandt. Indien een noodremmen actief is,
blijft de functie inactief tot er wordt gescha-
keld.
De beperkingen van de parkeerhulp zijn van
toepassing.
De manoeuvreerremfunctie wordt ingesteld
in het Easy Connect-systeem met de toets en de functietoetsen
S
ETUP en
P ark
er
en en manoeuvreren .
● on – maakt het gebruik van de manoeu-
vr
eerremfunctie mogelijk.
● off – maakt het
gebruik van de ma-
noeuvreerremfunctie niet mogelijk.
Tijdelijk uitschakelen van het noodremmen
● Wanneer de functie wordt uitgeschakeld
met de t oets
Manoeuvreerremfunctie op hetscherm van
Park
eerhu
lp van het Easy Con-
nect-systeem.
● Wanneer een van de portieren, bagage-
ruimte of ac
hterklep worden geopend.
Parkeerhulp (Park Pilot)* Bes
chrijving Afhankelijk van de wagenuitrusting, helpen
ver
s
chillende assistentiesystemen bij het in-
parkeren en manoeuvreren.
Het parkeerhulpsysteem achter is een akoes-
tische assistent die waarschuwt voor obsta-
kels die zich achter de wagen bevinden.
De bumper achter is voorzien van sensoren.
Zodra ze een obstakel detecteren, wordt dat
gemeld met geluidssignalen en visueel in het
Easy Connect-systeem.
Indien het Top View Camera*-systeem geïn-
stalleerd is, zal de parkeerhulp achter akoes-
tisch waarschuwen voor objecten die zich in
de buurt van de achterzijde van de wagen be-
vinden; op het scherm van Easy Connect ver-
schijnt het beeld van de Top View Camera*,
hetgeen reeds een waarheidsgetrouw beeld
geeft van de objecten rond de wagen.
Zorg ervoor dat de sensoren niet afgedekt
worden door stickers, resten, vuil enz. omdat
dan de werking van het systeem negatief wordt beïnvloed. Reinigingsinformatie
›› ›
pag. 302.
Het detectiebereik van de sensoren achter-
aan is ongeveer:
zijkant0,60 m
centrale zone1,60 m Naarmate een obstakel wordt genaderd,
wor
dt
het interval tussen de akoestische sig-
nalen korter. Zodra u het obstakel tot zo'n
0,30 m bent genaderd, hoort u een constant
signaal: niet doorrijden (of achteruitrijden)
››› ,
››
›
!
A l
s
u afstand houdt tot het obstakel, wordt
het waarschuwingsvolume binnen ca. 4 se-
conden gereduceerd (niet van toepassing op
de toon van het constante signaal).
In-/uitschakelen
Bij het kiezen van de achteruit wordt de par-
keerhulp automatisch ingeschakeld. Dit
wordt bevestigd met een kort akoestisch sig-
naal.
Zodra de achteruitversnelling wordt ontkop-
peld, wordt de parkeerhulp uitgeschakeld. ATTENTIE
● Houd altijd het
verkeer en de directe omge-
ving van de wagen ook zelf in de gaten. De
hulpsystemen kunnen de oplettendheid van 276
Page 351 of 364

Trefwoordenlijst
Bestuurdersinformatiesysteem bedienin g met
de ruit
enwisserhendel . . . . . . . 37
motorolietemperatuurmeter . . . . . . . . . . . . . . . 43
Bevestigingsogen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 175
Bijrijder zie Juiste zithouding . . . . . . . . . . . . . . . 76, 77, 78
Bijzonderheden aanslepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 102, 103
hogedrukreinigers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 292
omgevingscamerasysteem (Top View Camera) . . .282
rijden met een aanhangwagen . . . . . . . . . . . . 295
slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 102, 104
Binnenaanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
Binnenspiegel zelfdimmend . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 164
Binnenverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32
Biodiesel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 310
Bodem van de bagageruimte . . . . . . . . . . . . . . . 177
Boordcomputer zie Bestuurdersinformatiesysteem . . . . . . . . . . 37
Brandstof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 58, 309 besparing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
brandstofmeter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125
diesel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 310
ethanol . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 309
tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 309
verbruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 334
Brandstof besparen inertiestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 210
Brandstofverbruik uitschakelen door inertie . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
waarom neemt het verbruik toe? . . . . . . . . . . . 216
BSD zie Dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
BSD Plus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 245
Buitenaanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7, 8
Buitenantenne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 299 Buitenspiegels
buiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 164
instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
rijden met een aanhangwagen . . . . . . . . . . . . 290
Verwarmbare . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 164
Buitentemperatuur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
C Camera Lane Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 243
schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 258, 302
Cd-rom-speler (navigatiesysteem) . . . . . . . . . . . 170
Centrale vergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132 alarmsysteem uitgeschakeld . . . . . . . . . . . . . . 142
Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
knop centrale vergrendeling . . . . . . . . . . . . . . 135
noodvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 149
Schuif-/kanteldak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 149
sleutel met afstandsbediening . . . . . . . . . . . . 134
veiligheidsontgrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
Verstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 135
Centrale wieldop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66
Cetaangetal (diesel) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 310
Claxon . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Climatronic . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 52
Comfortfunctie van de knipperlichten . . . . . . . . 154
Coming Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 156
Connectivity Box . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 130
Contact . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Contactslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30, 191 zie Startknop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 193
Controlelampjes bergafdaalhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 221
dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
kogelkop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 291
snelheidsbegrenzer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 225 trekhaak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 289
uitparkeerhu
lp (RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
Cruisecontrol . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45, 224
Cruise control . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
Cruisecontrol bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 225
waarschuwings- en controlelampje . . . . . . . . . 224
D
Dagteller terugzetten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 124
Dakbelasting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 180 technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 180
Dakdrager . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 178
Dakdragersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 178 dwarsdragers bevestigen . . . . . . . . . . . . . . . . . 179
Dashboard . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47
dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170
De auto starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
De batterij vervangen van de autosleutel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 141
Defecte lampen een lampje vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 110
De motor voorverwarmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
De voorairbag uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 91
De wagen slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . 70, 102, 104 achterste sleepoog . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 105
automatische versnellingsbak . . . . . . . . . . . . 104
bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 102, 104
met trekhaak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
rijadviezen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 106
Schakelbak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
sleepkabel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
trekhaak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
verbod om te slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
vierwielaandrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
voorste sleepoog . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 105
349
Page 352 of 364

Trefwoordenlijst
Dichtschuiven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132 ac ht
erk
lep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 145
glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 314
ruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
Diesel motorolie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 315
roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
voorverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Dieselolie roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 310
voorverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 191
Digitale klok . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 121
Display van de radio: schoonmaken . . . . . . . . . . 304
Dodehoekhulp (BSD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250 aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 255
Controlelampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
indicatie in de buitenspiegel . . . . . . . . . . . . . . 251
rijsituaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 253
Werking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 251
DSG . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 204
DSG-versnellingsbak: zie Automatische versnellingsbak . . . . . . . . . . 204
Dynamische lichtbundel-hoogteverstelling . . . . 159
E E10 zie Ethanol (brandstof) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 309
Easy Connect . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34, 127
Easy Connect-systeem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 127
Easy Open . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136 bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140
EDS zie Elektronisch sperdifferentieel . . . . . . . . . . 200 Een lampje vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 110
achterlic ht in de achterklep . . . . . . . . . . . . . . . 114
achterlicht in zijpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 114
dimlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 111
Grootlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 112
kentekenverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115
knipperlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 112
mistlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 112
Een wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66 afsluitende werkzaamheden . . . . . . . . . . . . . . . 69
Efficiency-programma besparingstips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
extra verbruikers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
Elektrische apparaten zie Stopcontact . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 171
Elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . 18, 148 comfortopenen en -sluiten . . . . . . . . . . . . . . . 149
Elektro-mechanische besturing . . . . . . . . . . . . . . 211 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211
Elektromechanische parkeerrem . . . . . . . . . . . . . 197 aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 197
automatische inschakeling . . . . . . . . . . . . . . . 197
automatisch uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . 197
noodstopfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 197
Elektronisch beheer van het aandrijfkoppel (XDS) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 201
Elektronische automatische blokkering . . . . . . . 200
Elektronische stabiliseringscontrole (ESC) . . . . . 200
Elektronische startblokkering . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Elektronisch sperdifferentieel . . . . . . . . . . . . . . . 200
Emergency Assist zie Noodhulpsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 248
Emissiegegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 333
Energiemanagement . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 214 ESC
elektroni sche stabiliseringscontrole . . . . . . . . 200
rem voor meervoudige aanrijdingen . . . . . . . . 201
Sport-modus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 202
Ethanol (brandstof) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 309
Event Data Recorder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 98
Extra verbruikers (efficiency-programma) . . . . . . . 43
Extra verwarming zie Interieurvoorverwarming . . . . . . . . . . . . . . 187
F Fietsendrager maximumbelasting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 292
monteren op de wegklapbare kogelkop . . . . . 292
Filehulpsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 247 functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 248
situaties waarin het moet worden uitgescha-keld . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 247
Frontairbag aan bijrijderszijde Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Frontairbag aan bijrijderszijde buiten werking stellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22
Frontale botsingen en natuurkundige wetten . . . 84
Front Assist aanwijzingen op het display . . . . . . . . . . . . . . 229
zie ook Noodremhulpsysteem . . . . . . . . . . . . . 229
Full-LED koplampen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 110
Functie Coming Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 156
Functie Leaving Home . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 157
Functiestoringen automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . 234
glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . . . . 262
katalysator . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
koppeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211
Noodremhulpsysteem (Front Assist) . . . . . . . . 230
350
Page 353 of 364

Trefwoordenlijst
roetfilter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
tr ek
h
aak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 294
verversen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211
G Geluiden automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . 234
banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 69, 323
ESC . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 202
interieurvoorverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . 190
parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
remmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
Geluidssignaal lichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 153
veiligheidsgordel niet vastgegespt . . . . . . . . . . 81
waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . 125
Gevarendriehoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 158
Gewichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 334
Glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150 functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
openen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
rolgordijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
sluitkrachtbegrenzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 152
Gordel spannen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 86
Gordelspanners . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20, 86 Controlelampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 92
GRA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
Grootlichtassistent . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 155
Grootlichthendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 154
Grote Onderhoud Service . . . . . . . . . . . . . . . . . . 315
H
Handbediende airconditioning . . . . . . . . . . . . . . . 54
Handrem zie Parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 197 HDC
zie B ergafdaalhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 221
Het contact in- en uitschakelen . . . . . . . . . . 30, 191
Hoedenplank opbergen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
Hoofdairbags beschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
veiligheidsaanwijzingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 91
Hoofdsteunen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19 achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
hoofdsteunen achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
hoofdsteunen voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 79
regeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 166
voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 79
Hoofdsteunen regelen hoofdsteunen voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 166
Hoofdsteunen uit- en inbouwen . . . . . . . . . . . . . 166
Hulp bij het achteruit parkeren . . . . . . . . . . . . . . 276
Hulpsystemen ACC . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 233
Auto Hold-functie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222
automatische afstandsregeling . . . . . . . . . . . . 233
bandencontrole . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 328
bandenspanningscontrolesysteem . . . . . . . . . 327
bandenspanningsindicatie . . . . . . . . . . . . . . . 329
bergafdaalhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 221
dodehoekhulp (BSD) met uitparkeerhulp(RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
filehulpsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 247
hulp bij het achteruit parkeren . . . . . . . . . . . . 276
inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . . . . 262
noodhulpsysteem (Emergency Assist) . . . . . . 248
noodremmen (Front Assist) . . . . . . . . . . . . . . . 229
omgevingscamerasysteem (Top View Camera) . . .279
parkeerhulp Plus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270
snelheidsbegrenzer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 225
Snelheidsregelsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
systeem van verkeerstekenherkenning . . . . . 258 uitparkeerhulp (RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 250
vermoeidheidsherk
enning . . . . . . . . . . . . . . . . 261
I
Inbraakbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . 15, 132, 140
Indicatie van de versnellingen . . . . . . . . . . . . . . . 42
Inertiestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 210
Infotainmentsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34
Inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . . . . . . 262 automatische remingreep . . . . . . . . . . . . . . . . 270
automatisch onderbreken . . . . . . . . . . . . . . . . 264
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 262
recht parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267
schuin parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267uitparkeren (enkel rechte parkeerplaatsen) . . 269
voortijdig beëindigen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 264
voorwaarden om te parkeren . . . . . . . . . . . . . . 267
voorwaarden om uit te parkeren . . . . . . . . . . . 269
Inrijden nieuwe banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 323
nieuwe motor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 212
nieuwe remblokken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
Inspectiebeurt . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 315
Instapverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 157
instellen CAR-menu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34, 127
hoofdsteunen achterin . . . . . . . . . . . . . . . 80, 166
hoofdsteunen voorin . . . . . . . . . . . . . . . . 79, 166
lichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 159
stoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76
Stoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 165
Instrumenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 121
Instrumentenpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 121 display . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 121, 122
instrumenten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 121
kilometerteller . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 124
menu's . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
351
Page 356 of 364

Trefwoordenlijst
Noodgevallen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99 ac c
u
vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 322
bandenafdichtset . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99
een doorgebrande zekering vervangen . . . . . . 64
een wiel verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 66
lampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64
lekke band . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64
noodontgrendeling en -vergrendeling . . . . . . 101
noodprogramma automatische versnellings- bak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 211
noodslepen van de wagen . . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Schakelaar alarmlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . 158
startkabels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71
wagengereedschap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 99
zekeringen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 63
Noodhulpsysteem (Emergency Assist) . . . . . . . . 248 aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 248
uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 248
Noodontgrendeling achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17
Noodontgrendeling en -vergrendeling . . . . . . . . 101
Noodremhulpsysteem aanwijzingen op het display . . . . . . . . . . . . . . 229
bedienen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 231
beperkingen van het systeem . . . . . . . . . . . . . 232
functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 230
radarsensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 231
tijdelijk uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 232
Noodstopfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
Noodvergrendeling van het bijrijdersportier . . . . 16
O Octaangetal (benzine) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 309
Olie-eigenschappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60
Omgevingscamerasysteem (Top View Camera) . 279 bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
display . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282 gebruiksaanwijzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 282
menu's . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
modi
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 283
Omgevingsverlichting een lampje vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 110
Omschakelknop Schakelaar alarmlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . 158
Onderdelenset . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 299
Onderhoudsintervallen . . . . . . . . . . . . . . . . 44, 315
Onderhoudsmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 300
Onderhoud van de wagen natuurleer . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 306
servicestand van de ruitenwisserbladen . . . . . 72
Onluchtingsgleuven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 173
ont- en vergrendelen met afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
met de knop voor de centrale vergrendeling . 135
met Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
Opberglade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170
Opbergvak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170, 171 dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170
verlichting dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . 160
voorstoel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170
Opbergvakken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 170
Openen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132 achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 145
glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 314
rolgordijn (glazen dak) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
ruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
tankklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 308
Openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15, 132 achterklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
achterklep met elektrisch openen en sluiten . 145 glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
in de slotc
ilinder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
met afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
met de knop voor de centrale vergrendeling . 135
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 314
ruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 148
tankklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 308
Oppoetsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 302
Opslag van ongevalgegevens . . . . . . . . . . . . . . . . 98
Overzicht van het bestuurdersgedeelte stuur links . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
stuur rechts . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Overzicht van het bijrijdersgedeelte stuur links . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
stuur rechts . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
P
Panoramaschuifdak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18 comfortopenen en -sluiten . . . . . . . . . . . . . . . 149
zie ook Glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 150
Park Assist zie Inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . 262
Parkeerhulp automatische aansturing . . . . . . . . . . . . . . . . . 273
de aanwijzingen en akoestische signalen aan-passen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 275, 279
hulp bij het achteruit parkeren . . . . . . . . . . . . 276
omgevingssignaal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270
parkeerhulp plus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270
rijden met een aanhangwagen . . . . . . . . . . . . 275
sensoren en camera: schoonmaken . . . . . . . . 302
storing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 275, 279
trekhaak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 279
visuele aanwijzing . . . . . . . . . . . . . . . . . 274, 278
zie Inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . . . . . 262
zie ook Parkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . 270, 276
354
Page 357 of 364

Trefwoordenlijst
Parkeerhulpsysteem zie
P
arkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270, 276
Parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198, 208 met het inparkeersysteem (Park Assist) . . . . . 267
Parkeren (automatische versnellingsbak) . . . . . 207
ParkPilot zie Parkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270, 276
Passagiers achterin zie Juiste zithouding . . . . . . . . . . . . . . . 76, 77, 78
Pedalen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 80
Peddels (automatische versnellingsbak) . . . . . . 207
Peil controleren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 58
Portieren kinderbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 142
openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Portiergreep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15, 119
Portierslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Press & Drive de motor starten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 195
startknop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 193
Profieldiepte van de banden . . . . . . . . . . . . . . . . 325
R Radarsensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 231, 236
Ramen elektrisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18, 148
ijs verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 303
RCTA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 254 zie Uitparkeerhulp (RCTA) . . . . . . . . . . . . . . . . 250
Rear Traffic Alert . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 254
Rear view camera . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 285
Regelmatig onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 300 binnenzijde . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 304
Buitenzijde . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 300
Regensensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 163 controle van de functie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 163
Remassistent . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200 Remmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
elektroni sche parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . 197
nieuwe remblokken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
noodstopfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 198
remassistent . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 200
rembekrachtiger . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 199
remvloeistof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 319
Remvloeistof . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Rem voor meervoudige aanrijdingen . . . . . . . . . 201
Reparatiewerkzaamheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . 299
Reserveonderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 299
Reservoir bijvullen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 308
Rijden door water rijden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 217
Met aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . 295, 335
rijden in het buitenland . . . . . . . . . . . . . . . . . . 159
slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 106
veilig . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 75
zuinig . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 213
Rijden in het buitenland koplampen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 159
Rijden met een aanhangwagen zie Aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 288
zie ook Trekhaak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 288
Rijmodus . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 256
Rijprofiel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 256
Risico's als de veiligheidsgordels niet omge- daan worden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 84
Ritgegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37 geheugen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 39
overzicht van gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40
Roetfilter functiestoring . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
Roetfilter (diesel) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 216
Rolgordijn glazen dak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 151
sluitkrachtbegrenzing (glazen dak) . . . . . . . . 152 Rugleuning achterstoel
neerklap pen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 168
terugklappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 168
Ruiten ijs verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 303
Ruitensproeier . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 61
Ruitensproeiervloeistof bijvullen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 319
controleren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 319
vulhoeveelheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 320
Ruitenwisser achter . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 33, 161
Ruitenwisserbladen vervangen . . . . . . . . . . 72, 102
Ruitenwissers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 33, 161 bijzonderheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 162
functies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 162
koplampsproeiers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 162
Regensensor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 163
ruitenwisserhendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 161
servicestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
verwarmbare sproeiers . . . . . . . . . . . . . . . . . . 162
wisserblad neerklappen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
wisserblad omhoog zetten . . . . . . . . . . . . . . . . 72
Ruitenwissersbladen voor en achter . . . . . . . . . . 102 schoonmaken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73
servicestand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 72
verversen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73
S
Safelock . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 140 zie ook Inbraakbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . 132
Schakelbak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 203 slepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104
Schakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50 automatisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50
een versnelling inschakelen (schakelbak) . . . 203
kick-down . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 257
Schakelbak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 50, 203
355