ESP TOYOTA PROACE VERSO 2017 Instructieboekje (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: TOYOTA, Model Year: 2017, Model line: PROACE VERSO, Model: TOYOTA PROACE VERSO 2017Pages: 504, PDF Size: 74.22 MB
Page 266 of 504

266
ProaceVerso_nl_Chap07_info-pratiques_ed01-2016
Eco-mode
De eco-mode bepaalt de maximale gebruiksduur van een aantal functies om te voorkomen dat de
accu ontladen raakt.
Nadat de motor is afgezet, kunt u een aantal elektrische functies zoals het audio- en
telematicasysteem, de ruitenwissers, dimlichten, plafonniers, ... nog in totaal maximaal 40 minuten
gebruiken.
Inschakelen van de eco-mode
Een melding op het display van het
instrumentenpaneel geeft aan dat de eco-mode
is ingeschakeld en worden de actieve functies
in de ruststand gezet.
Als u op het moment dat de eco-mode wordt
ingeschakeld aan het telefoneren bent, kan het
gesprek nog gedurende ongeveer 10 minuten
worden voortgezet via de handsfree set van uw
autoradio.
Uitschakelen van de eco-mode
De functies worden automatisch weer
ingeschakeld als de motor gestart wordt.
Start om de functies direct weer te kunnen
gebruiken de motor en laat deze draaien:
- minder dan tien minuten om de functies
ongeveer vijf minuten te kunnen gebruiken,
- meer dan tien minuten om de functies
ongeveer dertig minuten te kunnen
gebruiken.
Neem de tijd die nodig is voor het starten van
de motor in acht om een juiste lading van de
accu te garanderen.
Vermijd het herhaaldelijk en continu starten van
de motor om de accu bij te laden.
Als de accu ontladen is, kan de motor niet
gestart worden.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over de 12V-accu .
Spaarfase
De spaar fase stuurt de elektrische functies van
de auto aan om het ontladen van de accu te
voorkomen.
Tijdens het rijden kunnen in verband met de
laadtoestand van de accu enkele functies
(airconditioning, achterruitverwarming, ...)
tijdelijk worden uitgeschakeld.
Deze functies worden automatisch
ingeschakeld zodra de laadtoestand van de
accu dit toelaat.
Praktische informatie
Page 273 of 504

273
ProaceVerso_nl_Chap07_info-pratiques_ed01-2016
Niveaus controleren
Let bij werkzaamheden onder de motorkap goed op, want bepaalde delen van de motor kunnen zeer heet zijn (kans op brandwonden) en de
motorventilateur kan ieder moment aanslaan (zelfs bij afgezet contact).
Motorolieniveau
Het motorolieniveau kan bij aangezet
contact worden gecontroleerd
via de motorolieniveaumeter op
het instrumentenpaneel (volgens
uitvoering) of met de oliepeilstok.Controle met de oliepeilstok
De plaats van de oliepeilstok is aangegeven
op de desbetreffende afbeelding van de
motorruimte.
F Trek aan het gekleurde uiteinde om de
oliepeilstok volledig uit de schacht te
trekken.
F Veeg de peilstok af met een schone, niet
pluizende doek.
F Steek de oliepeilstok weer volledig in de
schacht en trek hem er weer uit om het
oliepeil te controleren: het oliepeil is correct
als het tussen de merktekens A en B ligt.
Controleer deze niveaus regelmatig en respecteer de voorwaarden zoals vermeld in het onderhoudsschema van de fabrikant. Vul indien nodig bij, tenzij anders aangegeven.
Als een peil/niveau aanmerkelijk daalt, laat dan het desbetreffende systeem nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
A = MA XI
De controle van het motorolieniveau is alleen
betrouwbaar als de auto op een horizontale
ondergrond staat en de motor ten minste
30 minuten niet heeft gedraaid.
Het is normaal dat u tussen twee
onderhoudsbeurten door olie moet bijvullen.
Toyota adviseert u om elke 5000 km het
olieniveau te controleren en, indien nodig, olie
bij te vullen. B = MINI
Als u ziet dat het oliepeil boven het
merkteken A of onder het merkteken B ligt,
star t de motor dan niet .
- Als het niveau hoger is dan het streepje
MAX (risico op beschadiging van de
motor), neem dan contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
- Als het oliepeil lager is dan het merkteken
MINI , vul dan altijd motorolie bij.
7
Praktische informatie
Page 287 of 504

287
ProaceVerso_nl_Chap08_En-cas-de-panne_ed01-2016
Reparatiemethode
1. Afdichting van het lek
F Rol de witte slang G volledig uit.
F Draai de dop van de witte slang los.
F Sluit de witte slang aan op het ventiel van
de lekke band. F
Sluit de stekker van de compressor aan op
de 12V-aansluiting in de auto.
F Start de motor en laat deze draaien.
Let op: dit product is schadelijk bij
inname en irriterend voor de ogen.
Houd het middel buiten het bereik van
kinderen.
Ver wijder het voor werp dat de lekkage
heeft veroorzaakt niet uit de band.
Schakel de compressor niet in voordat
de witte slang is aangesloten op het
ventiel van de band: het afdichtmiddel
wordt anders buiten de band gespoten.
F
Zet het contact af.
F Zet de schakelaar A in de stand
"Reparatie".
F Controleer of de schakelaar B in de
stand "O" staat.
8
Storingen verhelpen
Page 288 of 504

288
ProaceVerso_nl_Chap08_En-cas-de-panne_ed01-2016
Als er na ongeveer 5 tot 7 minuten geen
druk is, betekent dit dat de band niet te
repareren is. Neem voor hulp contact
op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
F
Activeer de compressor door de
schakelaar B in de stand "I" te zetten, tot
de bandenspanning 2,0 bar bedraagt.
Het afdichtmiddel wordt onder druk in
de band gespoten; neem gedurende
deze handeling de slang niet los van de
aansluiting (kans op spatten). F
Ver wijder de set en draai de dop van de
witte slang vast.
Zorg ervoor dat restanten van de vloeistof
niet op of in de auto terecht kunnen komen.
Houd de set binnen handbereik.
2. Op spanning brengen
F Zet de schakelaar A in de stand
"Bandenspanning".
F Rol de zwarte slang H volledig uit.
F Sluit de zwarte slang aan op het ventiel van
de gerepareerde band.
F Maak direct een rit van ongeveer vijf
kilometer met matige snelheid (tussen
20 en 60 km/h), zodat het afdichtmiddel het
lek kan dichten.
F Zet de auto stil en controleer de reparatie
en de bandenspanning met de set.
Storingen verhelpen
Page 328 of 504

328
ProaceVerso_nl_Chap10a_BTA_ed01-2016
ERA-GLONASS emergency call system (Indien aanwezig)
Wanneer de elektronische
eenheid airbags een botsing heeft
gedetecteerd, wordt onafhankelijk van
het eventueel afgaan van de airbags,
automatisch een noodoproep gedaan.
Noodoproep met lokalisatiefunctie
Druk in geval van nood langer dan
2 seconden op deze toets.
Het knipperen van het groene LED-
lampje en een gesproken bericht
bevestigen dat de oproep naar de
helpdesk van "Noodoproep met
lokalisatiefunctie" is verstuurd*.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken, wordt de
oproep geannuleerd.
Het groene LED-lampje dooft.
De oproep wordt ook geannuleerd door, op ieder willekeurig
moment, de toets langer dan 8 seconden in te drukken.
Het groene LED-lampje blijft branden (zonder te
knipperen) wanneer de verbinding tot stand is gebracht.
Aan het einde van het gesprek gaat het lampje uit.
Deze oproep wordt beheerd door de helpdesk
van "Noodoproep met lokalisatiefunctie" die
de informatie over de lokalisatie van de auto
ontvangt en een waarschuwing kan zenden
naar de gekwalificeerde hulpdiensten.
In landen waar de helpdesk niet operationeel
is of wanneer de lokalisatie uitdrukkelijk
is geweigerd, wordt de oproep meteen
doorgestuurd naar de hulpdiensten (112),
zonder lokalisatie.*
Deze diensten zijn afhankelijk van bepaalde
voorwaarden en beschikbaarheid.
Raadpleeg het Toyota-netwerk.
Audio en telematica
Page 329 of 504

329
ProaceVerso_nl_Chap10a_BTA_ed01-2016
Pechhulp met lokalisatiefunctie
Om technische redenenen, zoals het
verbeteren van de telematicadiensten
aan de klant, behoudt de fabrikant zich
het recht voor om op elk willekeurig
moment het telematicasysteem in de
auto te wijzigen.
Bij een storing in het systeem kan er
wel met de auto worden gereden. Druk langer dan 2 seconden op
deze toets voor het aanvragen
van hulp bij het stranden van de
auto.
Een gesproken bericht bevestigt
dat de oproep is verstuurd*.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken,
wordt de aanvraag geannuleerd.
Dit wordt bevestigd door een gesproken
bericht.Geolokalisatie
U kunt de geolokalisatie uitschakelen door gelijktijdig
op de toetsen "Noodoproep met lokalisatiefunctie"
en "Pechhulp met lokalisatiefunctie" te drukken en
vervolgens op "Pechhulp met lokalisatiefunctie" te
drukken om te bevestigen.
Druk om de geolokalisatie weer in te schakelen
nogmaals gelijktijdig op de toetsen "Noodoproep
met lokalisatiefunctie" en "Pechhulp met
lokalisatiefunctie" en vervolgens op "Pechhulp
met lokalisatiefunctie" om te bevestigen.
Als het oranje lampje blijft branden, moet de
noodbatterij worden vervangen.
In beide gevallen kan er mogelijk geen
noodoproep of pechhulpoproep worden
verstuurd.
Raadpleeg zo snel mogelijk een erkend
reparateur.
Werking van het systeem
Bij het aanzetten van het
contact gaat het groene lampje
3 seconden branden. Dit duidt
op een goede werking van het
systeem.
Het knipperen en vervolgens
doven van het oranje lampje duidt
op een storing in het systeem.
* Deze dienst is afhankelijk van bepaalde
voorwaarden en beschikbaarheid.
Raadpleeg het Toyota-netwerk.
.
Audio en telematica
Page 331 of 504

331
ProaceVerso_nl_Chap10b_NAC-1_ed01-2016
Toyota Pro Touch with navigation system
GPS-navigatie - Connectiviteit - Multimedia-autoradio - Bluetooth®-telefoon
Inhoud
Basisfuncties 332
Stuurkolomschakelaars 334
Menu's 335
Gesproken commando's 336
Navigatie 342
Online navigatie 358
Connectiviteit 368
Radio Media 378
Telefoon 390
Instellingen 402
Veelgestelde vragen 412
Dit systeem is zodanig gecodeerd dat het uitsluitend in uw auto
functioneert. Om veiligheidsredenen mag de bestuurder handelingen die
zijn volledige aandacht vragen, zoals het koppelen van een
Bluetooth-telefoon aan het Bluetooth-handsfree systeem van de
autoradio, uitsluitend uitvoeren bij stilstaande auto
en aangezet
contact.
De overgang naar de waakfase wordt aangekondigd door een
melding over de eco-mode. Raadpleeg de desbetreffende
rubriek voor meer informatie over de eco-mode .
.
Audio en telematica
Page 334 of 504

334
ProaceVerso_nl_Chap10b_NAC-1_ed01-2016
Stuurkolomschakelaars
Media (kort indrukken): veranderen
van multimediabron.
Telefoon (kort indrukken): gesprek
aannemen.
Tijdens telefoongesprek (kor t
indrukken): toegang tot het
telefoonmenu.
Telefoon (ingedrukt houden):
inkomend gesprek weigeren, gesprek
beëindigen; als de telefoon niet
wordt gebruikt: toegang tot het menu
Telefoon. Verlagen van het volume.
Gesproken commando's
:
Kort indrukken: gesproken
commando's van het systeem.
Ingedrukt houden: gesproken
commando's van de smartphone via
het systeem. Geluid onderbreken/herstellen.Radio
(draaien): automatisch zoeken
van de vorige/volgende zender.
Media (draaien): vorige/volgende
track, scrollen door lijsten.
Kort indrukken : bevestigen van een
selectie. Indien niets geselecteerd:
toegang tot de geheugens.
Radio : weergeven van de zenderlijst.
Media : weergeven van de track list.
Radio, ingedrukt houden : bijwerken
van de zenderlijst.
Verhogen van het volume.
Audio en telematica
Page 336 of 504

336
ProaceVerso_nl_Chap10b_NAC-1_ed01-2016
Gesproken commando's
Basisfuncties
Stuurwieltoetsen Informatie - gebruik
Druk op de spraaktoets
en zeg wat u wilt na de
pieptoon. U kunt mij altijd
onderbreken door op deze
toets te drukken. Als u er nogmaals
op drukt ter wijl ik op een commando
wacht, wordt ons gesprek beëindigd.
Als u opnieuw wilt beginnen, zegt u
"annuleren". Als u iets ongedaan wilt
maken, zegt u "terug". Om te allen
tijde informatie en tips te krijgen, zegt
u "help". Als u mij vraagt iets te doen
en er mist informatie, zal ik u een paar
voorbeelden geven om u er stap voor
stap doorheen te lopen. U krijgt meer
informatie in "dialoogmodus beginner".
U kunt de dialoogmodus op "expert"
zetten als u zich zeker voelt.
Neem de volgende aanwijzingen
in acht om ervoor te zorgen dat het
systeem uw gesproken commando's
altijd herkent:
-
spreek met een normale stem de
woorden volledig uit, zonder uw
stem te verheffen.
- wacht voordat u spreekt altijd op de
"piep" (geluidssignaal),
- houd voor een optimale werking
de ruiten en, indien aanwezig,
het schuifdak gesloten om
storende geluiden van buitenaf te
voorkomen,
- vraag uw passagiers voordat u
gesproken commando's geeft om
even niet te praten. De gesproken commando's zijn
beschikbaar in 12 talen (Engels, Frans,
Italiaans, Spaans, Duits, Nederlands,
Portugees, Pools, Turks, Russisch,
Arabisch en Braziliaans). De taal
van uw keuze kan van tevoren in het
systeem worden ingesteld.
De gesproken commando's voor
"Navigeer naar adres" en "POI
weergeven in de stad" zijn niet
beschikbaar voor het Arabisch.Voorbeeld van een "gesproken
commando" voor het navigatiesysteem:
"
Navigeer naar adres,
Kerkstraat 11, Amsterdam" .
Voorbeeld van een "gesproken
commando" voor de radio en de
multimediafuncties:
"Artiest "Madonna afspelen" .
Voorbeeld van een "gesproken
commando" voor de telefoon:
"Bel Jan" .
Druk kort op deze toets om de functie
gesproken commando's te activeren.
Audio en telematica
Page 337 of 504

337
ProaceVerso_nl_Chap10b_NAC-1_ed01-2016
Algemene gesproken commando's
Deze commando's kunnen vanaf elke schermpagina worden gegeven nadat op de stuur wieltoets voor de gesproken commando's of de telefoon
is gedrukt, behalve als er een telefoongesprek bezig is."Gesproken commando's" Aanwijzingen
Help
Ik kan u met allerlei onderwerpen helpen.
U kunt bijvoorbeeld zeggen: "hulp bij telefoon", "hulp bij navigatie", "hulp bij media" of
"hulp bij radio". Om een overzicht te krijgen over hoe de spraakdialoog werkt, kunt u
zeggen "hulp bij spraakcommando's".
Help voor gesproken commando's
Help voor navigatie
Help voor radio
Help voor multimedia
Help voor telefoon
Zet dialoogmodus op <...>
Selecteer de modus "beginner" of "expert".
Selecteer profiel <...> Selecteer profiel 1, 2 of 3.
Ja Zeg "ja" als het klopt. Anders zegt u "nee" en dan beginnen we opnieuw.
Nee
.
Audio en telematica