service Alfa Romeo Giulietta 2011 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ALFA ROMEO, Model Year: 2011, Model line: Giulietta, Model: Alfa Romeo Giulietta 2011Pages: 297, PDF Size: 9.15 MB
Page 178 of 297

174
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Halogeenlampen mag u uitsluitend aanraken op
het metalen gedeelte. Als u de bol met uw vin-
gers aanraakt, zal de lichtopbrengst van de lamp
teruglopen en kan ook de levensduur beperkt worden.
Als u de bol per ongeluk toch hebt aangeraakt, moet u de
bol schoonwrijven met een doekje met alcohol en daar-
na laten drogen.
Modificaties of reparaties aan de elektrische in-
stallatie die niet correct worden uitgevoerd en
waarbij geen rekening wordt gehouden met de
technische specificaties van het systeem, kunnen storin-
gen in de werking en zelfs brand veroorzaken.
Halogeenlampen bevatten gas onder druk. Bij
breuk kunnen er glassplinters wegschieten.
Door de hoge voedingsspanning mogen defecte
gasontladingslampen (Bi-Xenon) uitsluitend ver-
vangen worden door gespecialiseerd personeel: le-
vensgevaar! Wendt u tot het Alfa Romeo Servicenetwerk.
BELANGRIJK Bij lage buitentemperaturen of hoge luchtvochtigheid
of na een hevige regenbui of na het wassen kunnen de koplam-
punits of de achterlichtunits beslagen zijn en/of kunnen er in de
units condensdruppels ontstaan. Dit is een natuurlijk verschijnsel als
gevolg van het verschil in temperatuur en vochtigheidsgraad voor
en achter het lampenglas. Het duidt niet op een defect en heeft geen
invloed op de normale werking van de verlichtingsunits. De wa-
sem verdwijnt snel vanaf het midden van de verlichtingsunit gelei-
delijk naar de randen, als de verlichting wordt ingeschakeld.
GLOEILAMP VERVANGEN
ALGEMENE AANWIJZINGEN
❍Controleer voordat u een lamp vervangt of de contacten niet
zijn geoxideerd;
❍vervang een defecte lamp door hetzelfde type met hetzelfde
vermogen;
❍controleer na het vervangen van een gloeilamp in de koplamp
altijd of de lamp nog goed is afgesteld;
❍als een lamp niet brandt, controleer dan eerst of de zekering
niet doorgebrand is, voordat u de lamp vervangt: zie voor de
plaats van de zekeringen de paragraaf „Zekeringen vervan-
gen” in dit hoofdstuk.
Page 181 of 297

177
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
GLOEILAMP BUITENVERLICHTING
VERVANGEN
KOPLAMPUNITS fig. 131
In de koplampunits zijn de gloeilampen voor de buitenverlich-
ting/dagverlichting (D.R.L.), het grootlicht, het dimlicht en de rich-
tingaanwijzer opgenomen. De lampen zijn op de volgende wijze
geplaatst:
A. Buitenverlichting/dagverlichting en grootlicht;
B. Dimlicht;
C. Richtingaanwijzers.
BUITENVERLICHTING/DAGVERLICHTING (D.R.L.)
Dit zijn LED’s. Wendt u voor de vervanging van deze lampen tot
het Alfa Romeo Servicenetwerk.
GROOTLICHT
Gloeilamp vervangen:
❍verwijder het deksel A-fig. 131;
❍trek de stekker A-fig. 132 los en plaats de lippen B naar buiten;
❍verwijder en vervang de lamp C;
❍monteer de nieuwe lamp, controleer of hij goed vastzit, maak
de lippen B vast en sluit de stekker A aan;
❍monteer het deksel A-fig. 131.
fig. 131A0K0201mfig. 132A0K0202m
Page 182 of 297

178
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
DIMLICHT
Gloeilamp vervangen:
❍verwijder het deksel B-fig. 131;
❍trek de stekker A-fig. 133 los, duw de lip B naar voren en maak
de lip los door hem in de richting van het interieur te duwen;
❍verwijder en vervang de lamp C;
❍monteer de nieuwe lamp, controleer of hij goed vastzit, maak
de lip B vast en sluit de stekker A aan;
❍monteer het deksel B-fig. 131.
RICHTINGAANWIJZERS
Voor
Draai voor het vervangen van de lamp, deksel C-fig. 131 ¼ slag
linksom en vervang de lichtunit + lamphouder A-fig. 134.
Flankrichtingaanwijzers
Dit zijn LED’s. Wendt u voor de vervanging van deze lampen tot
het Alfa Romeo Servicenetwerk.
MISTLAMPEN
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Wendt u voor het vervangen van deze lampen tot het Alfa
Romeo Servicenetwerk.
fig. 133A0K0203mfig. 134A0K0204m
Page 183 of 297

179
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
ACHTERLICHTUNITS
Hierin zijn de lampen van de buitenverlichting, de remlichten, de
richtingaanwijzers (lampen in de vaste achterlichtunit), het ach-
teruitrijlicht en het mistachterlicht (lampen in de lampunit op de
achterklep) opgenomen.
Vaste achterlichtunit verwijderen
Ga als volgt te werk:
❍open de achterklep en draai de bevestigingsschroef A-fig. 135
van de achterlichtunit los;
❍trek de unit met beide handen in de richting van de pijlen (zie
fig. 135);
❍sluit de stekker aan en ga verder met het vervangen van de
betreffende lamp.
ACHTERLICHTEN/REMLICHTEN
Dit zijn LED’s. Wendt u voor de vervanging van deze lampen tot
het Alfa Romeo Servicenetwerk.
RICHTINGAANWIJZERS
Draai bij gedemonteerde verlichtingsunit voor het vervangen van
de lamp, de twee schroeven A-fig. 136 los, verwijder de lamphouder
en vervang vervolgens de lamp B.
fig. 135A0K0184mfig. 136A0K0205m
Page 185 of 297

181
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
DERDE REMLICHT
Dit zijn LED’s en ze bevinden zich op de in de achterklep geïnte-
greerde spoiler. Wendt u voor de vervanging van deze lampen tot
het Alfa Romeo Servicenetwerk.
KENTEKENPLAATVERLICHTING
Gloeilamp vervangen:
❍verwijder het lampenglas A-fig. 139;
❍draai de lamphouder B-fig. 140 rechtsom, verwijder en ver-
vang de lamp C.
fig. 139A0K0147mfig. 140A0K0146m
Page 188 of 297

184
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
VERLICHTING DASHBOARDKASTJE
Gloeilamp vervangen:
❍open het dashboardkastje en verwijder de lichtunit A-fig. 147;
❍open het beschermdeksel B en vervang de lamp;
❍sluit het beschermdeksel B op het lampenglas;
❍monteer het plafondlampje A door het eerst aan een zijde in
de juiste stand te plaatsen en vervolgens de andere zijde aan
te drukken, totdat de borging inklikt.
fig. 147A0K0172m
ZONNEKLEPVERLICHTING
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Wendt u voor de vervanging van deze lampen tot het Alfa Romeo
Servicenetwerk.
Page 191 of 297

187
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Als de zekering opnieuw doorbrandt, wendt u dan
tot het Alfa Romeo Servicenetwerk.
Vervang een defecte zekering nooit door ander
materiaal.
Vervang een zekering nooit door een zekering met
een hogere stroomsterkte (ampère); BRANDGEVAAR.
Als een hoofdzekering (MAXI-FUSE, MIDI-FUSE,
MEGA-FUSE) doorbrandt, wendt u dan tot het
Alfa Romeo Servicenetwerk.
Controleer, voordat u een zekering vervangt, of
de contactsleutel uit het contactslot is genomen
en alle stroomverbruikers uitstaan en/of zijn uit-
geschakeld.
Als een zekering van de veiligheidssystemen (air-
bagsysteem, remsysteem), de aandrijving van de
auto (motormanagementsysteem, regelsysteem
van de versnellingsbak) of de stuurinrichting doorbrandt,
wendt u dan tot het Alfa Romeo Servicenetwerk.
Page 194 of 297

190
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Zekeringenkast in bagageruimte
De zekeringenkast (fig. 157) bevindt zich links in de bagageruimte onder de bekleding aan de zijkant. Wendt u zo nodig tot het Alfa
Romeo Servicenetwerk.
fig. 157A0K0045m
Page 200 of 297

196
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
OPKRIKKEN VAN DE AUTO
Als de auto omhoog gezet moet worden, wendt u dan tot een ves-
tiging van het Alfa Romeo Servicenetwerk; deze beschikt over een
garagekrik of hefbrug.
BELANGRIJK Let bij de uitvoeringen met side-skirts extra op het
plaatsen van de hefarmen van de hefbrug.
SLEPEN VAN DE AUTO
Het sleepoog dat bij de auto is geleverd, bevindt zich in de ge-
reedschaphouder in de bagageruimte.
SLEEPOOG BEVESTIGEN
Haak dopje A met de hand los door op de onderzijde te drukken,
pak sleepoog B uit het vak in de gereedschaphouder en draai het
sleepoog geheel op de schroefdraadpen voor (fig. 159) of achter
(fig. 160).
Draai voor het slepen de sleutel in stand MAR en
vervolgens in STOP zonder de sleutel uit het con-
tactslot te verwijderen. Als de contactsleutel uit
het contactslot wordt genomen, schakelt automatisch
het stuurslot in waardoor het onmogelijk wordt de au-
to te besturen.
fig. 159A0K0136mfig. 160A0K0137m
Page 203 of 297

199
WEGWIJS
IN UW AUTO
VEILIGHEID
STARTEN
EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENSI
ALFABETISCH
REGISTER
ONDERHOUD EN ZORG
BELANGRIJKE TIPS
❍Bij 2000 km voor de volgende onderhoudsbeurt verschijnt er
een bericht op het display.
❍De servicebeurten van het geprogrammeerd onderhoud zijn
door de fabrikant voorgeschreven. Het niet uitvoeren van de-
ze servicebeurten kan het vervallen van de garantie tot ge-
volg hebben.
❍Het verdient aanbeveling eventuele kleine defecten onmid-
dellijk door het Alfa Romeo Servicenetwerk te laten verhel-
pen en daarmee niet te wachten tot de volgende servicebeurt.
GEPROGRAMMEERD ONDERHOUD
Doelmatig onderhoud is een beslissende factor voor een lange le-
vensduur, de beste prestaties en een zo zuinig mogelijk gebruik
van de auto.
Om dit te realiseren heeft Alfa Romeo een reeks controle- en on-
derhoudsbeurten samengesteld die om de 30 000 km (uitvoerin-
gen 1.4 benzine) en om de 35 000 (uitvoering 1750 Turbo Ben-
zine en dieseluitvoeringen) moeten worden uitgevoerd.
Toch is het altijd nodig om voor de servicebeurt bij 30 000/
35 000 km en tussen twee servicebeurten in aandacht te schen-
ken aan hetgeen beschreven is in het Onderhoudsschema (bijv.
het regelmatig controleren van de vloeistofniveaus, de banden-
spanning enz.).
De werkzaamheden van het geprogrammeerd onderhoud kunnen
door het Alfa Romeo Servicenetwerk tegen vaste tarieftijden wor-
den uitgevoerd. Eventuele reparaties die nodig blijken tijdens het
uitvoeren van de diverse inspecties en controles van het gepro-
grammeerd onderhoud, worden uitsluitend na toestemming van
de klant uitgevoerd.
Als de auto vaak wordt gebruikt voor het trekken van aanhangers,
moeten er kortere intervallen worden aangehouden voor de werk-
zaamheden van het geprogrammeerd onderhoud.