service Alfa Romeo MiTo 2012 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ALFA ROMEO, Model Year: 2012, Model line: MiTo, Model: Alfa Romeo MiTo 2012Pages: 262, PDF Size: 5.31 MB
Page 20 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO19
1
Storing Alfa Romeo-CODE/Storing diefstalalarm (geel)
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Het lampje (of het symbool op het display) gaat bran-
den (op enkele uitvoeringen verschijnt ook een melding op het dis-
play) bij een storing in het Alfa Romeo CODE-systeem of het dief-
stalalarm (voor bepaalde uitvoeringen/markten): wendt u in dat
geval zo snel mogelijk tot het Alfa Romeo Servicenetwerk.
Inbraakpoging
Als het lampje gaat knipperen of als bij bepaalde uitvoeringen het
symbool op het display gaat branden (er verschijnt ook een mel-
ding), dan is er een inbraakpoging gesignaleerd. Wendt u zo snel
mogelijk tot het Alfa Romeo Servicenetwerk.
Y
Voorgloei-installatie (dieseluitvoeringen) (geel)
Als u de contactsleutel in stand MAR draait, gaat het
lampje branden. Het lampje dooft als de voorgloeibou-
gies de vooraf ingestelde temperatuur hebben bereikt. U kunt de
motor starten zodra het lampje gedoofd is.
BELANGRIJK Bij een gematigde of hoge buitentemperatuur kan het
lampje zeer kort branden.m
Water in dieselfilter
(dieseluitvoeringen) (geel)
Het lampje gaat tijdens het rijden continu branden (er
verschijnt ook een melding op het display) als er water
in het brandstoffilter aanwezig is.c
Water in het brandstofsysteem kan het inspuit- systeem ernstig beschadigen en de motor kan on-regelmatig gaan draaien. Als het lampje
cop het
instrumentenpaneel gaat branden (en er verschijnt ook een melding op het display), wendt u dan zo snel moge-lijk tot het Alfa Romeo Servicenetwerk om het systeemte laten aftappen. Als het lampje direct na het tanken gaatbranden, bestaat de mogelijkheid dat er tijdens het tan-ken water in de brandstoftank is gekomen: zet in dit ge-val de motor direct uit en wendt u tot het Alfa Romeo Ser-vicenetwerk.
Storing voorgloei-installatie
(dieseluitvoeringen)
Het lampje gaat knipperen (op enkele uitvoeringen verschijnt ook
een melding op het display) als er een storing is in de voorgloei-in-
stallatie. Wendt u zo snel mogelijk tot het Alfa Romeo Servicenet-
werk om de storing te laten verhelpen.
Page 22 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO21
1
Storing schemersensor
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Op enkele uitvoeringen verschijnen een melding en
een symbool op het display als er een storing is in de
schemersensor.1
Brandstofreser ve – Beperkte actieradius (geel)
Het lampje gaat branden als er nog 5 tot 7 liter brand-
stof aanwezig is. Als de actieradius kleiner is dan circa
50 km (of gelijke waarde in mijl), verschijnt op enkele uitvoerin-
gen een waarschuwing op het display.
Storing parkeersensoren
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Op enkele uitvoeringen verschijnen een melding en
een symbool op het display als er een storing is in de
parkeersensoren.
Storing regensensor
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Op enkele uitvoeringen verschijnen een melding en
een symbool op het display als er een storing is in de
regensensor.u
ç
t
Als het lampje knippert tijdens het rijden, wendt u dan tot het Alfa Romeo Servicenetwerk.
Cruise-Control (groen)
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Als u de sleutel in stand MAR draait, gaat het lampje
branden, maar het moet na enkele seconden doven als de
cruise-control niet geactiveerd is. Als u de knop van de Cruise-con-
trol in stand ON draait, gaat het lampje branden (zie de paragraaf
„Cruise-control” in dit hoofdstuk). Op het display verschijnt de bij-
behorende melding.Ü
Storing Dynamic Suspension (actieve schokdempers)
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Op enkele uitvoeringen verschijnt er een melding + sym-
bool op het display als er een storing is in het systeem van de ac-
tieve schokdempers. Wendt u zo snel mogelijk tot het Alfa Ro-
meo Servicenetwerki
Page 24 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO23
1
Te lage bandenspanning
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Het lampje (of het symbool op het display) gaat bran-
den (op enkele uitvoeringen verschijnt op het display een
melding en er klinkt een akoestisch signaal) als de spanning van
een of meer banden onder een bepaalde drempelwaarde komt.
Op deze manier waarschuwt het TPMS-systeem de bestuurder op
het mogelijk leeglopen van de band(en) en dus op een mogelij-
ke lekke band.
BELANGRIJK Rijd niet verder met een of meerdere zachte banden
omdat de rijveiligheid van de auto in gevaar kan worden gebracht.
Stop de auto zonder bruusk te remmen en vermijd heftige stuur-
bewegingen. Vervang het wiel door het noodreservewiel (voor be-
paalde uitvoeringen/markten) of repareer de band met de daar-
voor bestemde reparatieset (zie de paragraaf „Wiel verwisselen”
in hoofdstuk „4”) en wendt u zo snel mogelijk tot het Alfa Romeo
Servicenetwerk.n
Storing Start&Stop
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Het lampje gaat branden als er een storing is in het Start&Stop-
systeem.
Storing regensensor
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Zie hetgeen beschreven is voor lampje
u.
Storing parkeersensoren
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Zie hetgeen beschreven is voor lampje
t.
Storing schemersensor
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Het lampje gaat branden als er een storing is in de schemersensor.
Page 32 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO31
1
Het menu bestaat uit de volgende onderdelen:
– MENU
– BEEP SNELHEID
– SCHEMERSENSOR (voor bepaalde uitvoeringen/markten)
– REGENSENSOR (voor bepaalde uitvoeringen/markten)
– GEGEVENS TRIP B
– TIJD INSTELLEN
– DATUM INSTELLEN
– EERSTE PAGINA (voor bepaalde uitvoeringen/markten)
– ZIE RADIO
– AUTOCLOSE
– MEETEENHEID
– TAAL
– VOLUME WAARSCHUWINGEN
– VOLUME TOETSEN
– BEEP GORDELS
– SERVICE
– BAG PASSAGIER
– DAGVERLICHTING
– INSTAPVERLICHTING
– MENU VERLATEN
OPMERKING Op auto’s met navigatiesysteem (voor bepaalde uit-
voeringen/markten) worden enkele onderdelen op het display van
het navigatiesysteem weergegeven.Een menupunt selecteren in het hoofdmenu
zonder submenu:
– als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u in het hoofdmenu
de instelling selecteren die u wilt wijzigen;
– met de knop + of – (door de knop telkens in te drukken) kan
de nieuwe instelling worden geselecteerd;
– als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u de instelling op-
slaan en tegelijkertijd terugkeren naar het eerder geselecteerde
menupunt in het hoofdmenu.
Een menupunt selecteren in het hoofdmenu
met submenu:
– als u de knop MENU ESC kort indrukt, wordt het eerste menu-
punt van het submenu weergegeven;
– met de knop + of – (door de knop telkens in te drukken) kunt
u alle menupunten van het submenu doorlopen;
– als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u het menupunt van
het submenu selecteren en verschijnt het betreffende instellin-
genmenu;
– met de knop + of – (door de knop telkens in te drukken) kan
de nieuwe instelling van dit menupunt in het submenu worden ge-
selecteerd;
– als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u de instelling op-
slaan en tegelijkertijd terugkeren naar het daarvoor geselecteer-
de menupunt in het submenu.
Page 40 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO39
1
Volume waarschuwingen
(Instelling volume geluidssignaal
storingen/waarschuwingen)
Het volume van het akoestische signaal (buzzer) dat klinkt voor
het melden van een storing of waarschuwing, kan ingesteld wor-
den op 8 niveaus.
Ga voor het instellen van het gewenste volume als volgt te werk:
– druk kort op de knop MENU ESC; op het display knippert het
„niveau” van het ingestelde volume;
– druk op de knop + of – om de instelling uit te voeren;
– druk kort op de knop MENU ESC om terug te keren naar het
menuscherm of houd de knop even ingedrukt om terug te keren
naar het beginscherm zonder op te slaan.
Vol. toetsen (Volumeregeling knoppen)
Deze functie regelt de volume-instelling (op 8 niveaus) van het ge-
luidssignaal dat klinkt als de knop MENU ESC even ingedrukt wordt
gehouden om een submenu te verlaten en terug te keren naar het
mogelijk van het beginmenu.
Ga voor het instellen van het gewenste volume als volgt te werk:
– druk kort op de knop MENU ESC; op het display verschijnt het
“niveau” van het ingestelde volume;
– druk op de knop + of – om de instelling uit te voeren; tijdens
de instelling is een geluidssignaal hoorbaar waarvan het volume
overeenkomt met de gekozen instelling;
– druk kort op de knop MENU ESC om terug te keren naar het
vorige menuscherm of houd de knop even ingedrukt om terug te
keren naar het beginscherm zonder op te slaan.
Op uitvoeringen met instelbaar multifunctioneel display wordt het
volumeniveau weergegeven door streepjes.
Buzz. Gordels (Herinschakeling buzzer
voor melding SBR-systeem)
De functie wordt alleen weergegeven als het SBR-systeem door
het Alfa Romeo Servicenetwerk is uitgeschakeld (zie de paragraaf
„SBR-systeem” in hoofdstuk „2”).
Page 41 of 262

40WEGWIJS IN UW AUTO
Ser vice (Geprogrammeerd onderhoud)
Met deze functie kan worden weergegeven hoeveel kilometers
of dagen nog resteren voordat een servicebeurt moet worden uit-
gevoerd.
Met de functie Service kan ook worden aangegeven bij welke ki-
lometerstand (of mijlstand) de motorolie ververst moet worden.
Ga voor het raadplegen van deze aanwijzingen als volgt te werk:
– druk kort op de knop MENU ESC; op het display knippert de
afstand in km of mijl, afhankelijk van de instelling (zie de para-
graaf „Meeteenheid afstand”);
– druk kort op de knop MENU ESC om terug te keren naar het
menuscherm of houd de knop even ingedrukt om terug te keren
naar het beginscherm.BELANGRIJK Het „Onderhoudsschema” voorziet elke 30.000 km
(benzine-uitvoeringen) of elke 35.000 km (dieseluitvoeringen) in
een servicebeurt. Deze weergave verschijnt automatisch, als de
sleutel in stand MAR staat, vanaf 2.000 km (of gelijke waarde
in mijl) voor de servicebeurt. De weergave wordt elke 200 km (of
gelijke waarde in mijl) weergegeven. Onder de 200 km wordt
de weergave met kleinere intervallen weergegeven. De weerga-
ve in km of mijl is afhankelijk van de ingestelde meeteenheid.
Als u dicht bij de volgende servicebeurt bent en u de contactsleu-
tel in stand MAR draait, verschijnt op het display het opschrift „Ser\
-
vice” gevolgd door het aantal kilometers/mijlen dat resteert tot
de volgende servicebeurt. Wendt u tot het Alfa Romeo Servicenet-
werk voor het uitvoeren van de werkzaamheden van het Onder-
houdsschema en voor het op nul zetten van deze weergave (reset).
Page 48 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO47
1
Draai in dat geval de sleutel in stand STOP en vervolgens in stand
MAR; als de motor geblokkeerd blijft, probeer het dan opnieuw
met de andere geleverde sleutels. Als u er ook na deze handelin-
gen nog niet in slaagt de motor te starten, wendt u dan tot het
Alfa Romeo Servicenetwerk.
Als het lampje Ytijdens het rijden gaat
branden
❍Als het lampje Ygaat branden, betekent dit dat het systeem
zichzelf controleert (bijv. bij een vermindering van de spanning).
❍Als het lampje Yblijft branden, wendt u dan tot het Alfa
Romeo Servicenetwerk.
DE SLEUTELS
CODE CARD (voor bepaalde uitvoeringen/markten)
Bij de sleutels wordt ook de CODE card fig. 13 geleverd waarop
de mechanische code A en de elektronische code B staan vermeld.
Bewaar de codes op een veilige plaats, maar niet in de auto.
Bij krachtige stoten kunnen de elektronische com- ponenten in de sleutel beschadigd worden.
fig. 13A0J0212m
A
B
Page 50 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO49
1
Portieren en achterklep ontgrendelen
Druk kort op de knop Ë: de portieren en de achterklep worden ont-
grendeld, de plafondverlichting wordt tijdelijk ingeschakeld en de
richtingaanwijzers knipperen twee keer (voor bepaalde uitvoerin-
gen/markten).
Als de brandstofnoodschakeling is ingeschakeld, worden de por-
tieren automatisch ontgrendeld.
Als u de portieren vergrendelt en een of meer portieren of de ach-
terklep zijn niet goed gesloten, dan gaan het lampje en de rich-
tingaanwijzers snel knipperen.
Portieren en achterklep vergrendelen
Druk kort op de knop Á: de portieren en de achterklep worden ver-
grendeld, de plafondverlichting dooft en de richtingaanwijzers knip-
peren een keer (voor bepaalde uitvoeringen/markten).
Als een of meer portieren niet goed gesloten zijn, wordt de ver-
grendeling niet uitgevoerd. Dit wordt aangegeven door het snel
knipperen van de richtingaanwijzers (voor bepaalde uitvoerin-
gen/markten). De portieren worden vergrendeld als de achterklep
geopend is.
Als sneller dan 20 km/h wordt gereden, dan worden de portie-
ren automatisch vergrendeld als deze functie is ingesteld (alleen
bij instelbaar multifunctioneel display).
Als de portieren worden vergrendeld, gaat het bewakingslampje
A-fig. 16 enkele seconden branden en daarna knipperen (bewa-
kingsfunctie).
Achterklep openen
Druk de knop Rin om op afstand de achterklep te ontgrende-
len. Het openen van de achterklep wordt aangegeven door het
twee keer knipperen van de richtingaanwijzers.
EXTRA AFSTANDSBEDIENINGEN BESTELLEN
Het systeem kan maximaal 8 afstandsbedieningen herkennen. Als
u een nieuwe afstandsbediening nodig hebt, wendt u dan tot het
Alfa Romeo Servicenetwerk en neem de CODE-card (voor bepaal-
de uitvoeringen/markten), een identiteitsbewijs en het kente-
kenbewijs van de auto mee.
fig. 16A0J0027m
Page 51 of 262

50WEGWIJS IN UW AUTO
BATTERIJ VAN DE SLEUTEL MET
AFSTANDSBEDIENING VERVANGEN
Ga als volgt te werk:
❍druk op knop A-fig. 17 en klap de metalen sleutelbaard uit;
draai de schroef C op
:m.b.v. een kleine schroevendraaier;
❍trek de batterijhouder D naar buiten en vervang de batterij E;
let daarbij goed op de polariteit; plaats de batterijhouder D in
de sleutel en draai de schroef C op
Á.
fig. 17A0J0073m
Lege batterijen zijn schadelijk voor het milieu. Zemoeten in daarvoor bestemde containers wordengedeponeerd of kunnen ingeleverd worden bij het
Alfa Romeo Servicenetwerk, die voor de verwerking zorgt.
Page 54 of 262

WEGWIJS IN UW AUTO53
1DIEFSTALALARM
(voor bepaalde uitvoeringen/markten)
WANNEER GAAT HET ALARM AF
Het diefstalalarm wordt in de volgende gevallen geactiveerd:
❍bij het onbevoegd openen van de portieren, de motorkap en
de achterklep (omtrekbeveiliging);
❍bij een illegale startpoging (contactsleutel in stand MAR);
❍als de kabels van de accu worden onderbroken;
❍als er bewegende voorwerpen in het interieur aanwezig zijn
(volumetrische beveiliging);
❍bij het optillen/kantelen van de auto (voor bepaalde uitvoe-
ringen/markten).
Het inschakelen van het diefstalalarm wordt aangegeven met een
akoestisch en zichtbaar signaal (de richtingaanwijzers gaan enkele
seconden knipperen). De wijze waarop het systeem in werking
treedt, hangt af van het land waarin gereden wordt. Toch is een
maximum aantal cycli voorzien voor de akoestische en zichtbare
signalen. Na een alarmsignalering schakelt het systeem over naar
de normale bewakingsfunctie.
BELANGRIJK De startblokkering wordt uitgevoerd door de Alfa Ro-
meo CODE en wordt automatisch ingeschakeld als de contactsleutel
uit het start-/contactslot wordt genomen.
BELANGRIJK De werking van het diefstalalarm verschilt per land.
ALARM INSCHAKELEN
Richt bij gesloten portieren, achterklep en motorkap en contactslot
in stand STOP of met uitgenomen sleutel, de sleutel met af-
standsbediening in de richting van de auto. Druk op de knop
Á
en laat de knop los. Er is een zichtbaar en akoestisch signaal (be-
halve bij uitvoeringen voor bepaalde markten) en de portieren wor-
den vergrendeld.
Het inschakelen van het alarm wordt voorafgegaan door een zelf-
diagnose: als er een storing is, geeft het systeem nogmaals een
akoestisch en/of optisch signaal via het lampje op het dashboard.
Als ongeveer 4 seconden na het inschakelen van het alarm een
tweede akoestisch signaal en/of zichtbaar signaal via het lampje
op het dashboard wordt gegeven, dan moet het systeem worden
uitgeschakeld door op knop
Ëte drukken. Controleer of de por-
tieren, de motorkap en de achterklep goed gesloten zijn en scha-
kel het alarm opnieuw in met de knop
Á.
Als bij goed gesloten portieren, motorkap en achterklep het sys-
teem een akoestisch signaal uitzendt, dan is er een storing ge-
signaleerd in de werking van het systeem. Wendt u tot het Alfa Ro-
meo Servicenetwerk.