service Alfa Romeo MiTo 2017 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: ALFA ROMEO, Model Year: 2017, Model line: MiTo, Model: Alfa Romeo MiTo 2017Pages: 220, PDF Size: 4.37 MB
Page 156 of 220

ACCU
Accu 6 (zie vorige pagina's) vereist niet
dat de elektrolyt met gedestilleerd water
wordt bijgevuld. Een periodieke controle
bij het Alfa Romeo Servicenetwerk is
echter noodzakelijk om de efficiëntie te
verifiëren.
ACCULADING EN ELEKTROLYTNIVEAU
CONTROLEREN
139) 140) 141) 142)
43)
4)
Vervang indien nodig de accu door een
andere originele accu met dezelfde
specificaties. Volg de aanwijzingen van de
fabrikant van de accu voor het
onderhoud.
NUTTIG ADVIES OM DE LEVENSDUUR
VAN DE ACCU TE VERLENGEN
Neem de volgende aanwijzingen in acht
om het snel ontladen van de accu te
voorkomen en de levensduur te
verlengen:
wanneer de auto wordt geparkeerd,
controleer dan of de portieren, de
motorkap en de achterklep goed
gesloten zijn. Hiermee wordt voorkomen
dat de interieurverlichting blijft branden;
schakel de interieurverlichting uit: de
auto is in ieder geval uitgerust met een
systeem voor automatischeuitschakeling van de interieurverlichting;
houd accessoires (bijv. autoradio,
alarmknipperlichten, enz.) niet te lang
ingeschakeld wanneer de motor is
uitgezet;
maak voordat werkzaamheden aan de
elektrische installatie worden
uitgevoerd, de kabel van de minpool op
de accu los.
BELANGRIJK Als het laadniveau
gedurende langere tijd onder 50% blijft,
raakt de accu door sulfatering
beschadigd. Hierdoor verminderen de
capaciteit en het startvermogen.
De accu is in dit geval ook gevoeliger voor
bevriezing (dit kan reeds bij
temperaturen van -10°C gebeuren). Als
het voertuig langere tijd niet gebruikt
wordt, zie dan "Langdurige stilstand van
het voertuig” in het hoofdstuk "Starten
en rijden".
Als men na aanschaf van de auto
elektrische accessoires wil monteren die
constante voeding vereisen (alarm enz.),
of accessoires die de elektrische
installatie zwaar belasten, wordt
geadviseerd contact op te nemen met het
Alfa Romeo Servicenetwerk; het
gekwalificeerde personeel zal dan het
totale stroomverbruik van deze
accessoires beoordelen.
BELANGRIJK
139)Accuvloeistof is giftig en corrosief.
Vermijd contact met huid en ogen. Houd
open vuur en vonkvormende apparaten uit
de buurt van de accu: brand- en
explosiegevaar.
140)Als de accu met onvoldoende vloeistof
werkt, kan dit de accu onherstelbaar
beschadigen en een explosie veroorzaken.
141)Als de auto langdurig gestald moet
worden bij zeer lage temperaturen, verwijder
dan de accu en breng deze naar een
verwarmde plek, om bevriezing te
voorkomen.
142)Bij werkzaamheden aan de accu of in
de buurt van de accu, moeten de ogen altijd
met een speciale bril beschermd worden.
BELANGRIJK
43)Onjuiste installatie van elektrische en
elektronische apparatuur kan leiden tot
ernstige schade aan de auto. Als men na
aanschaf van het voertuig accessoires wil
monteren (diefstalbeveiliging, mobiele
telefoon enz.), ga dan naar een werkplaats
van een Alfa Romeo Servicenetwerk, die de
meest geschikte apparaten zal aanraden en
zal controleren of een accu met een grotere
capaciteit gemonteerd moet worden.
154
ONDERHOUD EN ZORG
Page 157 of 220

BELANGRIJK
4)Accu’s bevatten stoffen die zeer
gevaarlijk zijn voor het milieu. Neem voor
vervanging van de accu contact op met het
Alfa Romeo Servicenetwerk.
HET VOERTUIG OPKRIKKEN
Als de auto opgeheven moet worden,
neem dan contact op met het Alfa Romeo
Servicenetwerk dat uitgerust is met
garagekrikken en hefbruggen.
BELANGRIJK Bij versies met zijskirts
moet men goed opletten bij het plaatsen
van de hefarmen.
CARROSSERIE
TIPS VOOR HET BEHOUD VAN DE
CARROSSERIE
44)
5)
Lak
Werk beschadigingen van de laklaag,
zoals krassen en schuurplekken,
onmiddellijk bij om roestvorming te
voorkomen. Het normale onderhoud van
de lak beperkt zich tot het wassen van de
auto: de frequentie is afhankelijk van het
gebruik van de auto en van de omgeving.
Zo is het bijvoorbeeld raadzaam het
voertuig vaker te wassen in gebieden met
sterke luchtverontreiniging of bij het
rijden over wegen met strooizout.
Bij sommige versies kan de auto op
aanvraag worden uitgerust met een
exclusieve matte lak die, om intact te
blijven, speciale zorg vereist: zie hetgeen
beschreven in de waarschuwing.
45)
Volg onderstaande aanwijzingen om het
voertuig correct te wassen:
verwijder de antenne van het dak
wanneer het voertuig gewassen wordt;
als voor het wassen van de auto
hogedrukreinigers worden gebruikt, houd
dan een afstand van minimaal 40 cm t.o.v.
de carrosserie aan om beschadiging of
aantasting te voorkomen. Onthoud dat
155
Page 189 of 220

RICHTLIJNEN VOOR DE BEHANDELING VAN HET VOERTUIG AAN HET EINDE VAN DE LEVENSDUUR
(indien aanwezig)
Al jaren zet FCA zich volledig in voor de bescherming van het milieu via de continue verbetering van de productieprocessen en de
realisatie van producten die steeds "eco-compatibeler" zijn. Om de klanten de best mogelijke service te garanderen in
overeenstemming met de milieuwetgeving en conform de Europese richtlijn 2000/53/EG inzake de behandeling van voertuigen aan
het einde van hun levensduur, biedt FCA haar klanten de mogelijkheid hun auto aan het einde van zijn levensduur zonder extra kosten
in te leveren. De Europese richtlijn bepaalt namelijk dat het voertuig kan worden ingeleverd zonder kosten voor de laatste houder of
eigenaar als het voertuig geen of een negatieve marktwaarde heeft.
Voor de kosteloze inlevering van het voertuig aan het einde van zijn levensduur kunt u als u een andere auto gaat aanschaffen, zich tot
een van onze dealers of tot een door FCA goedgekeurd inzamelings- en verwerkingsbedrijf wenden. Deze bedrijven zijn zorgvuldig
geselecteerd en bieden kwaliteitsservice voor de inzameling, verwerking en recycling van afgedankte auto’s met respect voor het
milieu.
Voor meer informatie over deze inzamelings- en verwerkingsbedrijven kunt u zich wenden tot een FCA Servicepunt, het
telefoonnummer in het garantieboekje bellen of naar de websites van de verschillende merken van FCA gaan.
187
Page 192 of 220

TIPS, BEDIENING EN ALGEMENE
INFORMATIE
TIPS
148) 149)
49) 50)
Verkeersveiligheid
Zorg ervoor dat u weet hoe de
verschillende systeemfuncties gebruikt
moeten worden voordat u gaat rijden.
Lees de gebruiksaanwijzingen van het
systeem zorgvuldig door voordat u gaat
rijden.
Ontvangstomstandigheden
Tijdens het rijden veranderen de
ontvangstomstandigheden voortdurend.
De ontvangst kan gestoord worden door
de aanwezigheid van bergen, gebouwen
of bruggen, vooral wanneer u ver
verwijderd bent van de zender.
BELANGRIJK Het volume kan toenemen
wanneer verkeersinformatie of nieuws
wordt ontvangen
Zorg en onderhoud
Neem de volgende
voorzorgsmaatregelen in acht zodat het
systeem optimaal blijft werken:
gebruik nooit alcohol, benzine of
producten op petroleumbasis om het
scherm van het display te reinigen;
het display is gevoelig voor krassen,
vloeistoffen en reinigingsmiddelen. Het
display mag niet in contact komen met
scherpe of harde voorwerpen die het
oppervlak ervan kunnen beschadigen.
Oefen tijdens het reinigen geen druk uit
op het display;
voorkom dat vloeistoffen in het
systeem komen: dit kan het systeem op
onherstelbare wijze beschadigen.
VEILIGHEIDSINSTELLINGEN
Kijk alleen naar het scherm wanneer dit
nodig en veilig is. Als u langere tijd naar
het scherm moet kijken, ga dan de weg af
en parkeer op een veilige plek, zodat u
niet tijdens het rijden wordt afgeleid.
Stop onmiddellijk met het gebruik van
het systeem in geval van een storing.
Anders kan het systeem beschadigd
raken. Neem zo snel mogelijk contact op
met het Alfa Romeo Servicenetwerk om
het systeem te laten repareren.
BELANGRIJK
148)Volg onderstaande
veiligheidsvoorschriften, want anders
kunnen de inzittenden ernstig gewond raken
of kan het systeem beschadigd raken.
149)Als het volume te hoog staat, kan dat
gevaarlijk zijn. Stel het volume zo af dat
omgevingsgeluiden (bijv. claxons,
ambulances, politievoertuigen enz.) nog
hoorbaar zijn.
BELANGRIJK
49)Maak het glas van het voorpaneel en
display alleen schoon met een zachte,
schone, droge, anti-statische doek.
Reinigings- en polijstmiddelen kunnen het
oppervlak beschadigen. Gebruik nooit
alcohol, benzine en afgeleide producten.
50)Gebruik het display niet als basis voor
steunen met zuignappen of kleefmiddelen
voor externe navigatiesystemen,
smartphones of dergelijke apparaten.
190
MULTIMEDIA
Page 194 of 220

OVERZICHTSTABEL BEDIENINGSELEMENTEN FRONTPANEEL
Knop Functies Modus
1–Netvoeding aan/uit Knop kort indrukken
Volumeregeling Knop naar links/rechts draaien
2–
Volume in-/uitschakelen (Mute/Pauze) Knop kort indrukken
3–
CD uitwerpen Knop kort indrukken
4CD-sleuf –
5–
Display aan/uit Knop kort indrukken
6–
Selectie afsluiten/naar vorige scherm terugkeren Knop kort indrukken
7 –BROWSE ENTERLijst doorbladeren of op een radiostation afstemmen Knop naar links/rechts draaien
Op display weergegeven optie bevestigen Knop kort indrukken
8 - APPSToegang op aanvullende functies: Tijdweergave,
trip-computer, kompas, buitentemperatuur, instellingen,
Uconnect
™LIVE-services (waar aanwezig)Knop kort indrukken
9 – TELEFOONToegang tot de Telefoonmodus Knop kort indrukken
10 – INSTELLINGEN
(*)Toegang tot het menu met hoofdinstellingen Knop kort indrukken
10–NAV
(**)Toegang tot het Navigatiemenu Knop kort indrukken
11 – MEDIA
Bronselectie: CD, USB/iPod, AUX,
Bluetooth®Knop kort indrukken
12 –RADIOToegang tot de radio-modus Knop kort indrukken
(*) Versies metUconnect™5" Radio LIVE / (**) Versies metUconnect™5" Radio Nav LIVE
192
MULTIMEDIA
Page 200 of 220

voorpaneel of met de volume-instelknop
op het aangesloten apparaat.
BELANGRIJK De functies van het
apparaat dat is verbonden met de
AUX-aansluiting worden rechtstreeks
door het apparaat geregeld.
BELANGRIJK Laat de kabel van de
draagbare speler niet in de
AUX-aansluiting zitten, om mogelijk
geruis van de luidsprekers te voorkomen.
TELEFOONMODUS
Telefoonmodus inschakelen
Druk op de knop PHONE op het
voorpaneel om de Telefoonmodus in te
schakelen. Een bericht op het display
bevestigt aansluiting van de telefoon.
Om de lijst met mobiele telefoons en
ondersteunde functies te lezen, kunt u
naar de website www.driveuconnect.eu
gaan of kunt u bellen met de
klantenservice op het nummer
00800.2532.0000 (het nummer kan per
land verschillen: raadpleeg de tabel in de
paragraaf "Telefoonlijst klantenservice"
in de bijlagenUconnect™).
Belangrijkste functies
Met de knoppen op het display kan men:
het telefoonnummer kiezen (met
behulp van het grafische toetsenbord op
het display);
de contacten in het telefoonboek van
de mobiele telefoon weergeven en bellen;
de contacten uit de registers van
vorige gesprekken weergeven en bellen;
een maximum van 10 telefoons/
audioapparaten koppelen om de toegang
en de verbinding eenvoudiger en sneller
te maken;
gesprekken van het systeem naar de
mobiele telefoon en andersom
overzetten en het geluid van de
microfoon uitschakelen bij
privégesprekken.
Mobiele telefoon koppelen
Ga als volgt te werk voor het koppelen
van de mobiele telefoon:
schakel de functieBluetooth®in op de
mobiele telefoon;
druk op de knop PHONE op het
frontpaneel;
als er nog geen telefoon aan het
systeem gekoppeld is, toont het display
een speciaal scherm;
selecteer "Ja" om het koppelen te
starten en zoek dan naar het
Uconnect™-apparaat op de mobiele
telefoon;
voer, als de mobiele telefoon hierom
vraagt, de PIN-code getoond op het
display van het systeem in op het
toetsenbord van uw telefoon of bevestig
de op de mobiele telefoon getoonde PIN;
vanuit het scherm "Telefoon" kan de
mobiele telefoon altijd gekoppeld
worden door op de knop "Instelling" te
drukken: druk op de knop "Toestel toev."
en ga verder zoals hierboven beschreven;
selecteer "Ja" of "Nee" bij het verzoek
de mobiele telefoon te koppelen als
favoriet apparaat;
OPMERKING Na het updaten van de
telefoonsoftware voor eigen bediening
wordt het aanbevolen de telefoon te
verwijderen uit de lijst apparaten gelinkt
aan de radio, verwijder de koppeling van
het vorige systeem uit de lijst met
Bluetooth®apparaten op de telefoon en
maak een nieuwe koppeling.
Namen/nummers in het telefoonboek
van de mobiele telefoon opslaan
Voordat u de mobiele telefoon koppelt,
controleer dan of de namen van de
contactpersonen in het telefoonboek van
de mobiele telefoon zijn opgeslagen,
zodat ze via het handsfreesysteem in de
auto gebeld kunnen worden.
Telefoongegevens overzetten
(telefoonboek en recente oproepen)
Als de mobiele telefoon over de functie
beschikt om het telefoonboek via
Bluetooth®technologie te verzenden.
Antwoord "Yes"(Ja) wanneer gevraagd
wordt om het telefoonboek naar het
198
MULTIMEDIA
Page 203 of 220

worden gebruikt voor functies (bijv.
routeplanning);
"Naar dag-/nachtkleuren
overschakelen": biedt u de mogelijkheid
om dag- of nachtweergave weer te geven;
"Steminstellingen" biedt u de
mogelijkheid om de soort gesproken
instructies en andere route-instructies in
te stellen die uw systeem voorleest;
"Start": biedt u de mogelijkheid om te
kiezen of het verzoek om instemming
met de verwerking van gegevens, al dan
niet elke keer als het systeem wordt
ingeschakeld, moet worden
weergegeven;
"Navigation updates": raak deze knop
aan als u een USB-apparaat wilt
voorbereiden voor het updaten van de
navigatiekaart.
"APPS"-MODUS
Druk op knop APPS op het frontpaneel
om de volgende werkinstellingen weer te
geven:
Buitentemperatuur
Trip Computer
Klok
Kompas (AlleenUconnect™5" Radio
Nav LIVE-versies)
Uconnect™ LIVE
Instellingen (AlleenUconnect™5"
Radio Nav LIVE-versies)
Uconnect™LIVE SERVICES
Druk op de APPS-knop om toegang tekrijgen tot deUconnect™LIVEapps.
De beschikbare services hangen af van de
configuratie van de auto en de markt.
Om deUconnect™LIVEservices te
gebruiken moet u deUconnect ™LIVE
app downloaden van Google Play of de
Apple Store en registreren met gebruik
van de APP of via de website
www.driveuconnect.eu.
Eerste toegang tot het voertuig
Als u eenmaal bent gestart met
Uconnect™LIVEApp en uw referenties
heeft ingevoerd om toegang te krijgen
totUconnect™ LIVEservices in uw
voertuig moet u de
Bluetooth®koppelen
tussen uw smartphone en het systeem.
Wanneer het registreren is voltooid, zijn
de aangesloten services beschikbaar
door te drukken op het pictogram
Uconnect™LIVEop het systeem.
Voordat u de aangesloten services kunt
gebruiken, moet u eerst de
Bluetooth®
koppeling uitvoeren, daarna de
activeringsprocedure voltooien door de
instructies op te volgen die verschijnen in
deUconnect™LIVEapp.
Instellingen van de Uconnect™ LIVE
services die via de autoradio kunnen
worden beheerd
Uit het speciale radiomenu voor
Uconnect™LIVE serviceskunt u toegang
krijgen tot de sectie "Instellingen" methet pictogram
In deze sectie kunt u de
systeemopties controleren en deze
wijzigen naar uw eigen voorkeur.
Systeemupdates
Als een update voor hetUconnect™LIVE
systeem beschikbaar is terwijl de
Uconnect™LIVEservices worden
gebruikt, dan wordt de bestuurder
hiervan op de hoogte gebracht via een
bericht op het display.
Aangesloten services die kunnen
worden geraadpleegd op het voertuig
De Efficient Drive (waar aanwezig) en
my:Car-applicaties zijn ontwikkeld om de
rijervaring van de klant te verbeteren, en
daarom zijn ze verkrijgbaar op alle
markten waar toegang tot de
Uconnect™LIVEservices mogelijk is.
Bij versies metUconnect™5" Radio Nav
LIVE maakt de toegang tot
Uconnect™LIVE-services het gebruik van
"Live"-services mogelijk.
Efficient Drive
(indien aanwezig)
Met de Efficient Drive-applicatie kan uw
rijgedrag in realtime worden weergeven,
zodat u uw rijstijl kunt verbeteren voor
wat betreft brandstofverbruik en
uitstoot.
Het rijgedrag wordt geëvalueerd door
middel van vier indexen die de volgende
201
Page 205 of 220

overeenstemming met de voorschriften
die in het land waar u rijdt gelden en door
de mobiele telefoon op correcte wijze te
gebruiken.
Multiple choice
In sommige specifieke gevallen kan het
systeem niet op eenduidige wijze de
uitgesproken spraakopdracht bepalen en
vraagt om uit een maximum van vier
alternatieven te kiezen. Het systeem
stelt een genummerde lijst voor van de
beschikbare alternatieven en vraagt de
gebruiker het bijbehorende nummer te
noemen.
DIEFSTALBEVEILIGING
Het systeem is uitgerust met een
diefstalbeveiliging die gebaseerd is op
informatie-uitwisseling met de
elektronische regeleenheid (Body
Computer) in het voertuig. Dit garandeert
maximale veiligheid en voorkomt dat elke
keer dat de stroomvoorziening uitvalt, de
geheime code opnieuw ingevoerd moet
worden. Als de controle een positieve
uitkomst heeft, begint het systeem te
werken.
Als de codes bij de vergelijking niet
overeenkomen of als de elektronische
regeleenheid (Body Computer) wordt
vervangen, dan zal het systeem de
gebruiker vragen om de geheime code inte voeren op de manier die in de volgende
paragraaf is beschreven.
De geheime code invoeren
Wanneer het systeem wordt
ingeschakeld, toont het display, als de
code wordt gevraagd, het opschrift
"Diefstalbeveiligingscode invoeren
a.u.b.", gevolgd door een scherm met een
toetsenbord waarmee de geheime code
kan worden ingevoerd.
De geheime code bestaat uit vier cijfers
van 1 t/m 9: druk voor het invoeren van
het eerste cijfer van de geheime code op
de betreffende knop op de display. Voer
de overige cijfers van de code op
dezelfde manier in. Na het vierde cijfer te
hebben ingevoerd, begint het systeem te
werken. Als er een verkeerde code is
ingevoerd, geeft het systeem "Code
verkeerd" weer om de gebruiker te laten
weten dat de juiste code ingevoerd moet
worden.
Na 3 mislukte invoerpogingen, verschijnt
op het display "Code verkeerd. Radio
geblokkeerd. 30 min. wachten
alstublieft" (de wachttijd wordt
weergegeven). Als dit opschrift is
verdwenen, kan de code opnieuw worden
ingevoerd.
Paspoort autoradio
Dit document is het eigendomsbewijs van
het systeem. In het paspoort van deautoradio staan het model, het
serienummer en de geheime code
aangegeven.
Neem, in geval van zoekraken van het
paspoort van de autoradio, contact op
met het Alfa Romeo Servicenetwerk,
neem uw identiteitsbewijs en de
eigendomsdocumenten van uw auto mee.
BELANGRIJK Bewaar dit
autoradiopaspoort op een veilige plek,
zodat bij diefstal van het systeem de
betreffende informatie aan de bevoegde
instanties gegeven kan worden.
BELANGRIJK
150)Bij het plaatsen van een apparaat
(USB of iPod) in de USB-poort, controleren
of dit de bediening van de handrem niet
hindert.
BELANGRIJK
151)Bij het plaatsen van een apparaat in de
AUX-aansluiting, controleren of dit de
bediening van de handrem niet hindert.
203
Page 216 of 220

Identificatiegegevens
chassisnummer............161
motorcode...............161
typeplaatje met
identificatiegegevens........160
Inbouwvoorbereiding
Isofix-kinderzitje............82
Instrumentenpaneel.............8
Interieur (reiniging)............157
Interieurverlichting............21
Kentekenverlichting (lamp
vervangen)...............115
Kinderen veilig vervoeren.........77
Klimaatregeling...............24
Klimaatregeling / verwarming......24
Knie-airbag bestuurderszijde......86
Koplampen.................34
Hoogteregeling koplampen......20
Lichtbundel afstellen.........34
Krik.....................122
Lampen
typen lampen.............110
Lampjes en berichten...........47
Mechanische sleutel............9
Menuopties.................44
Mistachterlicht...............20
Mistachterlicht/achteruitrijlicht
(lamp vervangen)...........115Mistvoorlichten..............20
lamp vervangen............114
Montage van een Universeel
Isofix-kinderzitje............82
Motor....................162
code...................161
Motorkap..................32
Motorkoelvloeistof...........150
Motorolie (niveau controleren).....150
MSR-systeem...............68
Multimedia
Netvoeding aan/uit..........195
Niveau vloeistof voor
ruitensproeiers/achterruitsproeier
......................150
Niveaus controleren...........145
Parkeerlichten...............19
Parkeersensoren.............103
Plafondverlichting voor..........21
Portieren..................13
Prestaties.................183
Regensensor................23
Reiniging en onderhoud
carrosserie...............155
lederen interieurdelen........157
lederen stoelen............157
stoelen en stoffen bekleding. . . .157
Rem(vloeistofpeil)............150
Richtingaanwijzers.............20Richtingaanwijzers (lamp
vervangen) . ..............114
Richtingaanwijzers achter (lamp
vervangen) . ..............115
Ruitenwisser/-sproeier . .........22
Ruitenwissers/achterruitwisser .22 ,152
Safe Lock (systeem)...........10
SBR-systeem (Seat Belt Reminder).......................74
Schakelindicator..............43
Schemersensor...............19
Service en onderhoud
periodieke controles.........144
Zwaar Gebruik Van De Auto.....144
Set-up-menu . . ..............44
Sleutels....................9
Sleutel met afstandsbediening....9
Sneeuwkettingen. ............172
Sport voorstoelen . ............15
Stadslicht/dimlicht............19
Stadslichten/remlichten (lamp
vervangen) . ..............115
Standaard velgen en banden ......167
Standslichten/dagverlichting (DRL)
(lamp vervangen)...........113
Start&Stop (systeem)..........100
ALFABETISCH REGISTER
Starten met hulpaccu..........129
Stoelen. ...................14
Stuurslot...................11
Stuurwiel ..................17
Page 218 of 220

FCA Italy S.p.A. - MOPAR - Technical Services - Service Engineering
Largo Senatore G. Agnelli, 3 - 10040 Volvera - Torino (Italia)
Druknummer 604.90.009- 04/2016 - 1Editie