service FIAT 500L 2018 Instructieboek (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: FIAT, Model Year: 2018, Model line: 500L, Model: FIAT 500L 2018Pages: 280, PDF Size: 4.78 MB
Page 47 of 280

BELANGRIJK
37)De auto is uitgerust met een
aardgassysteem op hoge druk dat
ontworpen is om te werken op nominaal
200 bar. Het is gevaarlijk het systeem
te forceren om met hogere drukwaarden te
werken. Volg voor het slepen of opkrikken
van de auto, de aanwijzingen in de
paragraaf "Slepen van de auto" om
beschadigingen aan de onderdelen van het
aardgassysteem te voorkomen. Neem bij
een storing in het aardgassysteem alleen
contact op met een Fiat dealerbedrijf.
Breng geen wijzigingen aan de configuratie
of onderdelen van het aardgassysteem
aan; deze zijn uitsluitend voor deze auto
ontworpen. Het gebruik van andere
componenten of materialen kan leiden tot
storingen en kan de veiligheid in gevaar
brengen.
38)Bij gebruik van een lakoven moeten de
cilinders uit het voertuig verwijderd worden
en vervolgens worden gemonteerd bij
een Fiat dealer. Hoewel het
aardgassysteem talrijke
veiligheidsvoorzieningen heeft, wordt
geadviseerd de handbediende kranen voor
de cilinders te sluiten, elke keer als de
auto lange tijd niet gebruikt wordt,
getransporteerd wordt op een andere auto
of als het verplaatst wordt in een
noodgeval na pech of een ongeval.
39)Schakel niet om tussen de twee
werkingsmethodes tijdens het starten van
de motor.40)Als er gaslucht wordt waargenomen,
schakel dan over van werking op aardgas
naar werking op benzine en ga onmiddellijk
naar een Fiat Servicepunt om het voertuig
te laten controleren en eventuele
systeemstoringen uit te sluiten.
BELANGRIJK
23)Als, tijdens de werking op aardgas, het
aardgas opraakt, schakelt het systeem
automatisch over op benzine en gaan alle
streepjes in de buurt van de letters CNG
op het display uit. Deze weergave blijft
zo tot de volgende aardgastankbeurt.
24)Onafhankelijk van het laatst gebruikte
brandstoftoevoersysteem, zal het systeem
bij de volgende keer dat de motor gestart
wordt, na de aanvankelijke benzinefase,
automatisch overschakelen naar aardgas.
25)Wanneer omschakelen van benzine
naar aardgas wordt gevraagd, kan tijdens
het starten van de auto een metaalachtig
geluid van de klep die druk opbouwt in het
circuit hoorbaar zijn. Bij de
omschakelingslogica zoals hierboven
beschreven, is een vertraging tussen het
tikkende geluid van de kleppen en het
uitgaan van het groene lampje
volstrekt
normaal.26)In bijzondere gebruiksomstandigheden,
zoals starten en de werking bij lage
omgevingstemperatuur kan het systeem
tijdelijk omschakelen naar de werking
op benzine, zonder dat er een indicatie
verschijnt of een lampje gaat branden. Als
het aardgasniveau in de tank laag is of
als er hoge prestaties gevraagd worden
(bijv. inhalen, volgeladen auto, steile
hellingen) kan het systeem automatisch
omschakelen naar de werking op benzine
om het vereiste motorvermogen te
garanderen; het groene lampje
gaat
branden om dit aan te geven. Wanneer
bovengenoemde omstandigheden niet
langer aanwezig zijn, keert het systeem
automatisch terug naar werking op
aardgas. Het groen lampje
gaat uit. Om
bovenbeschreven automatische
omschakeling te verkrijgen, moet u zich
ervan verzekeren dat er altijd voldoende
brandstof in de benzinetank zit.
27)Op de andere plaatjes (bij de
voertuigdocumenten geleverd) is de
verwachte datum voor de eerste
controle/test van de cilinder aangegeven.
Aardgastankstations zijn niet bevoegd
de cilinders bij te vullen als de
inspectiedatum verstreken is.
45
Page 54 of 280

LAMPJES OP INSTRUMENTENPANEEL
Rode lampjes
Lampje Wat het betekent
REMVLOEISTOF BENEDEN PEIL/HANDREM AANGETROKKEN
Het lampje gaat branden wanneer de contactsleutel naar de stand MAR wordt gedraaid, maar het moet
even later doven.
Remvloeistof beneden peil
Dit lampje gaat branden wanneer het remvloeistofniveau in het reservoir zich onder het minimumpeil
bevindt, bijvoorbeeld door een lek in het remcircuit. Bij sommige versies worden een bericht en een
symbool op het display weergegeven. Herstel het remvloeistofniveau, controleer daarna of het lampje
gedoofd is. Als het lampje blijft branden, contact opnemen met het Fiat Servicenetwerk.
Handrem aangetrokken
Het lampje (of symbool op het display) gaat branden wanneer de handrem wordt aangetrokken. Als de
auto in beweging is, hoort u bij bepaalde versies ook een geluidssignaal. Zet de handrem los, controleer
daarna of het lampje gedoofd is. Als het lampje blijft branden, contact opnemen met het Fiat
Servicenetwerk.
BELANGRIJK Controleer of de handrem toevallig is ingeschakeld als het lampje tijdens het rijden gaat
branden.
STORING EBD
Het lampje gaat branden wanneer de contactsleutel naar de stand MAR wordt gedraaid, maar het moet
even later doven.
Wanneer de lampjes
(rood) en(geel) bij draaiende motor tegelijk gaan branden, dan is er een
storing in het EBD-systeem of is het systeem niet beschikbaar. In dit geval kunnen de achterwielen bij hard
remmen plotseling blokkeren waardoor de auto begint te slippen. Bij sommige versies verschijnt een
speciaal bericht op het display.
Rijd zeer voorzichtig naar de dichtstbijzijnde dealer van het Fiat Servicenetwerk om het systeem
onmiddellijk te laten controleren.
52
KENNISMAKING MET HET INSTRUMENTENPANEEL
Page 55 of 280

Lampje Wat het betekent
STORING AIRBAG
Het lampje gaat branden wanneer de contactsleutel naar de stand MAR wordt gedraaid, maar het moet
even later doven.
Als het lampje permanent blijft branden (op bepaalde versies wordt het symbool
weergegeven), dan is
er een storing in het airbagsysteem.
41) 42)
GORDELVERKLIKKER
(voor bepaalde versies/markten)
Als de contactsleutel in de stand MAR gedraaid is, gaat het lampje gedurende enkele seconden branden
(om aan te geven dat het lampje correct werkt), en als er geen storingen zijn, moet het doven.
Het lampje gaat continu branden wanneer bij stilstaand voertuig de veiligheidsgordel aan bestuurders- of
passagierszijde (indien een passagier aanwezig is) niet is omgelegd. Wanneer met de auto wordt gereden
met niet goed omgelegde veiligheidsgordels, dan gaat het lampje knipperen en klinkt er een geluidssignaal.
Maak in dat geval de veiligheidsgordel vast.
Neem contact op met het Fiat Servicenetwerk om het geluidssignaal van het SBR-systeem (Seat Belt
Reminder) permanent te laten uitschakelen. Het systeem kan te allen tijde via het Instellingenmenu weer
ingeschakeld worden.
BELANGRIJK
41)Als, wanneer de contactsleutel naar MAR is gedraaid, het lampjeniet gaat branden of tijdens het rijden blijft branden, dan is er
mogelijk een storing in de veiligheidssystemen. In dat geval kunnen de airbags of gordelspanners mogelijk niet in werking treden bij een
botsing of, in een zeer beperkt aantal gevallen, per ongeluk in werking treden. Laat het systeem controleren door het Fiat Servicenetwerk
alvorens verder te rijden.
42)Het constant branden van het symbool
duidt een storing van het lampjeop het instrumentenpaneel aan. In dat geval kan een
eventuele storing van het airbagsysteem mogelijk niet aangegeven worden. Laat het systeem controleren door het Fiat Servicenetwerk
alvorens verder te rijden.
53
Page 56 of 280

Lampje Wat het betekent
TE HOGE KOELVLOEISTOFTEMPERATUUR
Het lampje gaat branden wanneer de motor oververhit is. Bij sommige versies verschijnt een speciaal
bericht op het display.
Tijdens een normale rit: breng de auto tot stilstand, zet de motor af en controleer of het
koelvloeistofniveau in het reservoir niet onder het MIN-teken staat. Als dit het geval is, wacht dan tot de
motor is afgekoeld, draai vervolgens langzaam en voorzichtig de dop open, vul koelvloeistof bij en
controleer of het peil tussen het MIN- en MAX-teken op het reservoir staat. Controleer ook op de
aanwezigheid van vloeistoflekken. Als na het starten het lampje (of symbool op het display) opnieuw
aangaat, neem dan contact op met het Fiat Servicenetwerk.
Wanneer de auto onder zware omstandigheden wordt gebruikt (bijv. wanneer er tijdens het
rijden hoge prestaties gevraagd worden):minder snelheid en, als het lampje blijft branden, breng de
auto tot stilstand. Wacht 2 of 3 minuten met draaiende motor en geef ietwat gas om de
koelvloeistofcirculatie te bevorderen. Zet vervolgens de motor af. Controleer of het koelvloeistofpeil correct
is, zoals hiervoor beschreven is.
BELANGRIJK Het is raadzaam om onder zware bedrijfsomstandigheden de motor voor het afzetten enkele
minuten te laten draaien met het gaspedaal iets ingetrapt.
54
KENNISMAKING MET HET INSTRUMENTENPANEEL
Page 57 of 280

Lampje Wat het betekent
DUALDRIVE ELEKTRISCHE STUURBEKRACHTIGING
Tijdens het starten van de motor: wanneer de contactsleutel naar MAR wordt gedraaid, gaat het lampje
branden, maar dit moet na enkele seconden doven. Als het lampje blijft branden, draai dan de
contactsleutel naar STOP en start de motor opnieuw. Als het lampje blijft branden zal er aanzienlijk meer
inspanning nodig zijn om het voertuig te besturen; het sturen blijft echter wel mogelijk. Neem in dit geval zo
snel mogelijk contact op met het Fiat Servicenetwerk.
Tijdens het rijden: als het lampje gaat branden tijdens het rijden, kan de stuurbekrachtiging uitvallen.
Hoewel het mogelijk blijft de auto te besturen, kan het draaien van het stuurwiel meer inspanning vereisen:
neem zo snel mogelijk contact op met het Fiat Servicenetwerk.
BELANGRIJK Onder bepaalde omstandigheden kan het branden van het lampje op het
instrumentenpaneel te wijten zijn aan andere factoren dan de elektrische stuurbekrachtiging. Breng in
dergelijke gevallen de auto tot stilstand (indien in beweging), zet de motor af en wacht ongeveer 20
seconden alvorens de motor opnieuw te starten. Als het lampje continu blijft branden (bij sommige versies
verschijnen er een bericht en een symbool op het display), neem dan contact op met het Fiat
Servicenetwerk.
BELANGRIJK Als de accu werd losgekoppeld moet de stuurbekrachtiging worden geïnitialiseerd. Het
lampje gaat branden om dit aan te geven. Draai voor deze procedure het stuurwiel van het ene uiteinde
naar het andere of rijd gewoon ongeveer honderd meter in een rechte lijn.
55
Page 58 of 280

Gele lampjes
Lampje Wat het betekent
iTPMS
(voor bepaalde versies/markten)
Het lampje gaat branden wanneer de contactsleutel naar de stand MAR wordt gedraaid, maar het moet
even later doven.
Storing iTPMS/iTPMS tijdelijk uitgeschakeld
Het lampje knippert gedurende 75 seconden en blijft daarna constant branden om aan te geven dat het
systeem tijdelijk uitgeschakeld of defect is. Het systeem gaat weer normaal werken zodra de
bedrijfsomstandigheden dat toelaten. Als dat niet het geval is, voer dan na het herstellen van de normale
bedrijfsomstandigheden de resetprocedure uit. Als de storingswaarschuwing zich blijft voordoen, zo snel
mogelijk contact opnemen met een het Fiat Servicenetwerk.
Lage bandendruk
Het lampje gaat continu branden om aan te geven dat de bandendruk lager is dan de aanbevolen waarde
en/of dat de band langzaam druk verliest. Onder deze omstandigheden kunnen de optimale levensduur
van de banden en het brandstofverbruik niet gegarandeerd worden. Het wordt geadviseerd de juiste
bandendruk te herstellen (zie paragraaf "Wielen" in het hoofdstuk "Technische gegevens"). Voer de
Resetprocedure uit zodra de normale bedrijfsomstandigheden van het voertuig hersteld zijn.
BELANGRIJK Rijd niet verder met een of meerdere lege banden, want dit kan de bestuurbaarheid van de
auto in gevaar brengen. Breng het voertuig tot stilstand, voorkom bruusk remmen en sturen.
56
KENNISMAKING MET HET INSTRUMENTENPANEEL
Page 59 of 280

Lampje Wat het betekent
MISTACHTERLICHT
Het lampje gaat branden wanneer het mistachterlicht wordt ingeschakeld.
STORING ABS
Het lampje gaat branden om een systeemstoring aan te geven. In dat geval blijft het remsysteem normaal
werken, maar met uitsluiting van het ABS-systeem.
Rijd zeer voorzichtig wendt u zo snel mogelijk tot het Fiat Servicenetwerk.
ACHTERRUITVERWARMING
Het lampje gaat branden wanneer de achterruitverwarming wordt ingeschakeld.
VOORRUITVERWARMING
(voor bepaalde versies/markten)
Het lampje gaat branden wanneer de voorruitverwarming wordt ingeschakeld.
57
Page 60 of 280

Lampje Wat het betekent
ESC-SYSTEEM
(voor bepaalde versies/markten)
Het lampje gaat branden wanneer de contactsleutel naar de stand MAR wordt gedraaid, maar het moet
even later doven.
Inschakeling ESC-systeem
Inwerkingtreding van het systeem wordt aangegeven door het knipperen van het lampje: dit geeft aan dat
de stabiliteit en de grip van de auto in kritieke toestand verkeren.
Storing ESC-systeem
Als het lampje niet dooft, of blijft branden terwijl de motor loopt, is er een storing in het ESC-systeem
aangetroffen. Neem zo snel mogelijk contact op met het Fiat Servicenetwerk.
Storing Hill Holder
Het lampje gaat branden om te wijzen op een storing in het Hill Holder-systeem. Neem zo snel mogelijk
contact op met het Fiat Servicenetwerk.
UITSCHAKELING ASR-SYSTEEM
Het lampje gaat branden als het ASR-systeem wordt uitgeschakeld (zie het gedeelte "Actieve
veiligheidssystemen” van het "Veiligheidssysteem".
BRANDSTOFRESERVE
Het lampje gaat branden als de hoeveelheid brandstof in de tank 7,5 liter of minder bedraagt.
BELANGRIJK Het lampje knippert om te wijzen op een storing in het systeem. Neem in dat geval contact
op met het Fiat Servicenetwerk om het systeem te laten controleren.
58
KENNISMAKING MET HET INSTRUMENTENPANEEL
Page 61 of 280

Lampje Wat het betekent
STORING INSPUIT-/EOBD-SYSTEEM
Het lampje gaat branden wanneer de contactsleutel naar de stand MAR wordt gedraaid, maar het moet
even later doven.
Als het lampje blijft branden of tijdens het rijden gaat branden, werkt het inspuitsysteem niet goed.
Lampje brandt continu: duidt op een storing in het brandstoftoevoer-/ontstekingssysteem die zou
kunnen leiden tot overmatige uitlaatgasemissies, mogelijk prestatieverlies, slechte rijeigenschappen en een
hoog brandstofverbruik. Onder deze omstandigheden kan met gematigde snelheid verder gereden
worden, maar niet op hoge snelheid en zonder te veel van de motor te eisen. Langdurig gebruik van de
auto met continu brandend lampje kan schade veroorzaken: neem dus zo snel mogelijk contact op met
het Fiat Servicenetwerk.
Het lampje dooft nadat de storing is verdwenen, maar de storing wordt toch door het systeem in het
geheugen opgeslagen.
Lampje knippert (alleen benzinemotoren): duidt op problemen met de katalysator. Laat het gaspedaal
los om het motortoerental te verlagen tot het lampje stopt met knipperen. Rijd verder met gematigde
snelheid en voorkom rijomstandigheden die kunnen leiden tot het opnieuw gaan knipperen van het lampje.
Neem zo spoedig mogelijk contact op met het Fiat Servicenetwerk.
28)
BELANGRIJK
28)Als, wanneer de contactsleutel naar MAR wordt gedraaid, het lampje niet gaat branden, continu blijft branden of gaat knipperen tijdens
het rijden, neem dan zo snel mogelijk contact op met het Fiat Servicenetwerk. De verkeerspolitie kan de uitlaatgasemissie controleren met
behulp van speciale apparatuur. Neem in elk geval de wettelijke voorschriften in acht van het land waarin u rijdt.
59
Page 62 of 280

Lampje Wat het betekent
UITSCHAKELING VAN CITY BRAKE CONTROL - "Collision Mitigation"-SYSTEEM
(voor bepaalde versies/markten)
Het lampje gaat branden als het City Brake Control - "Collision Mitigation"-systeem wordt uitgeschakeld
door de bestuurder of automatisch wordt uitgeschakeld als gevolg van een tijdelijke storing in het systeem.
Neem zo snel mogelijk contact op met het Fiat Servicenetwerk.
VOORGLOEIBOUGIES (Dieselversies)
Dit lampje gaat branden wanneer de contactsleutel in de stand MAR wordt gedraaid. Het lampje dooft
zodra de voorgloeibougies de van tevoren ingestelde temperatuur hebben bereikt. De motor kan worden
gestart zodra het lampje gedoofd is.
BELANGRIJK Bij gemiddelde of hoge omgevingstemperaturen blijft het lampje zeer kort bijna
onwaarneembaar branden.
Storing voorgloeisysteem
Het lampje knippert om aan te geven dat er een storing in het voorgloeisysteem is. Neem zo snel mogelijk
contact op met het Fiat Servicenetwerk.
LPG-BRANDSTOFRESERVE (LPG-versies)
(voor bepaalde versies/markten)
Het lampje gaat branden als de resterende hoeveelheid LPG in de tank minder dan 1/5 van de tankinhoud
bedraagt. Bij sommige versies verschijnt een speciaal bericht op het display.
AARDGASRESERVE (Natural Power versies)
(voor bepaalde versies/markten)
Het lampje gaat branden als de resterende hoeveelheid AARDGAS in de tank minder dan 1/5 van de
tankinhoud bedraagt. Bij sommige versies verschijnt een speciaal bericht op het display.
60
KENNISMAKING MET HET INSTRUMENTENPANEEL