Lamp Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2018, Model line: Kona, Model: Hyundai Kona 2018Pages: 540, PDF Size: 9.01 MB
Page 508 of 540

7-60
Onderhoud
Afstellen mistlampen vóór
Het afstellen van de mistlampen vóór
gaat op dezelfde wijze als bij de
koplampen. Controleer of de accu
voldoende geladen is, schakel demistlampen vóór in en stel de
mistlampen af. Verdraai de
schroevendraaier rechtsom of
linksom om de lichtbundel omhoog of
omlaag te verstellen.
OOS077062L
Page 509 of 540

7-61
7
Onderhoud
Richtpunt
■Halogeenlamp
■ LED-lamp
OOS077063L/OOS077063L
Conditie auto Type lamp H1 H2 H3 W1 W2 W3
Zonder bestuurder mmHalogeen 625 617
3321,506 1,320
880
LED 628
1,503
Met bestuurder mmHalogeen 617 608
3231,504 1,320
LED 620 1,503
H1: Hoogte tussen hart gloeilamp en grond (dimlicht)
H2: Hoogte tussen hart gloeilamp en grond (grootlicht)
H3: Hoogte tussen hart gloeilamp en grond
W1: Afstand tussen het hart van beide gloeilampen (dimlicht)
W2: Afstand tussen het hart van beide gloeilampen (grootlicht)
W3: Afstand tussen het hart van beide gloeilampen
Page 510 of 540

7-62
Onderhoud
Dimlicht (links)
1. Stel het dimlicht af zonder dat er iemand in de auto zit.
2. De begrenzingslijn moet samenvallen met de begrenzingslijn in de afbeelding.
3. Bij het afstellen van het dimlicht moet de afstelling in verticale richting worden gedaan na het afstellen in horizontalerichting.
4. Als de auto is uitgerust met koplampverstelling, moeten de koplampen worden afgesteld met de schakelaar voor de koplampverstelling in stand 0.
OOS077065L
■
Gebaseerd op een scherm van 10 meter
1 : Verticale lijn door hart gloeilamp linker mistlamp
2: Horizontale lijn door hart gloeilamp mistlamp
3: Begrenzingslijn
4: Hartlijn auto
5: W3 (mistlamp voor)
6: Verticale lijn door hart gloeilamp rechter mistlamp
7: H3 (mistlamp voor)
8: GROND
Page 511 of 540

7-63
7
Onderhoud
Mistlamp vóór
1. Stel de mistlampen voor af terwijl de bestuurder in de auto zit.
2. De begrenzingslijn moet in het toegestane gebied vallen (gearceerde gedeelte).
OOS077065L
■
Gebaseerd op een scherm van 10 meter
Verticale lijn door hart gloeilamp linker mistlamp
2: Horizontale lijn door hart gloeilamp mistlamp
3: Begrenzingslijn
4: Hartlijn auto
5: W3 (mistlamp voor)
6: Verticale lijn door hart gloeilamp rechter mistlamp
7: H3 (mistlamp voor)
8: GROND
Page 512 of 540

7-64
Onderhoud
Lamp richtingaanwijzer opzij
vervangen
We adviseren u, als de gloeilamp
niet werkt, de auto te latencontroleren door een officiële
HYUNDAI-dealer.
Vervangen van lamp achterlicht
(1) Remlicht/achterlicht
(2) Achterlicht (type A),remlicht/achterlicht (type B)
(3) Richtingaanwijzer
(4) Mistachterlicht (LHD: links)
(5) Achteruitrijlicht (LHD: rechts)
OOS077039
OOS077067L
OOS077040
■ Tipo A (Standard)
OOS077041
■Tipo B (LED)
Page 513 of 540

7-65
7
Onderhoud
Remlicht/achterlicht
1. Zet de motor uit.
2. Open de achterklep.
3. Draai de bevestigingsschroevenvan de lichtunit los met een
kruiskopschroevendraaier. 4. Verwijder de achterlichtunit uit de
carrosserie.
5. Verwijder de fitting uit de lichtunit door deze linksom te draaien tot
de nokjes van de fitting in lijn
liggen met de uitsparingen van delichtunit.
6. Verwijder de lamp uit de fitting door de lamp in te drukken en
deze linksom te draaien tot de
nokjes van de lamp in lijn liggen
met de uitsparingen van de fitting.
Trek de lamp uit de fitting.
7. Plaats een nieuwe lamp in de fitting en draai de lamp tot hij
vastzit. 8. Plaats de fitting in de lichtunit door
de nokjes op de fitting in lijn te
brengen met de uitsparingen in de
lichtunit. Duw de fitting in de
lichtunit en draai de fittingrechtsom.
9. Plaats de lichtunit in de carrosserie.
Achterlicht (Type A)
1. Zet de motor uit.
2. Open de achterklep.
3. Verwijder het deksel met eenplatte schroevendraaier.
OOS077066LOOS077068L
OOS077069L
Page 514 of 540

7-66
Onderhoud
4. Verwijder de fitting uit de lichtunitdoor deze linksom te draaien tot
de nokjes van de fitting in lijn
liggen met de uitsparingen van delichtunit.
5. Verwijder de lamp uit de fitting door de lamp in te drukken en
deze linksom te draaien tot de
nokjes van de lamp in lijn liggen
met de uitsparingen van de fitting.
Trek de lamp uit de fitting.
6. Plaats een nieuwe lamp in de fitting en draai de lamp tot hij
vastzit.
7. Plaats de fitting in de lichtunit door de nokjes op de fitting in lijn te
brengen met de uitsparingen in de
lichtunit. Duw de fitting in de
lichtunit en draai de fittingrechtsom.
8. Plaats de lichtunit in de carrosserie.
Achterlicht/remlicht (Type B)
We adviseren u, als de LED-
verlichting niet werkt, de auto te latencontroleren door een officiële
HYUNNDAI-dealer.
Richtingaanwijzer/achteruitrijlicht/
mistachterlicht
We adviseren u, als deze verlichting
niet werkt, de auto te laten nakijken
door een officiële HYUNNDAI-
dealer.
Gloeilamp derde remlicht
vervangen
Neem, als het derde remlicht niet
werkt, contact op met een officiële
HYUNDAI-dealer.
Vervangen van gloeilamp
kentekenplaatverlichting
1. Wrik het afdekkapje van de lensmet een platte schroevendraaier
voorzichtig los van het huis van de
verlichting.
2. Trek de lamp recht naar buiten.
3. Plaats een nieuwe lamp.
4. Plaats de onderdelen in omgekeerde volgorde.
OOS077042
OOS077043
Page 515 of 540

7-67
7
Onderhoud
Gloeilamp interieurverlichting vervangen
Leeslampje, interieurverlichting, lampje make-upspiegel en bagageruimteverlichting
■Leeslampje (Type A)
OOS077053
OOS077044
■Interieurverlichting (Type A)
■Interieurverlichting (Type B)OOS077054
OOS077045
■Leeslampje (Type B)
■Lampje make-upspiegel
■BagageruimteverlichtingOOS077046
OOS077048
Page 516 of 540

7-68
Onderhoud
ONDERHOUD EXTERIEUR
1. Wrik de lens met een platteschroevendraaier voorzichtig l
os uit het huis van de
interieurverlichting.
2. Trek de lamp naar buiten.
3. Steek een nieuwe lamp in de fitting.
4. Breng de lipjes van de lens in lijn met de uitsparingen in het huis
van de interieurverlichting en klik
de lens vast.
Beschadig de kap, de lip en hetkunststof huis niet.
Exterieur, onderhoud
Onderhoud exterieur - Algemeen
Het is van groot belang bij gebruik
van chemische reinigingsmiddelen of
polish de aanwijzingen op het etiket
van het desbetreffende product op te
volgen. Lees de waarschuwingen en
opmerkingen op het etiket.
Onderhoud van de lak
Wassen
Was uw auto minimaal eenmaal per
maand grondig met lauw of koud
water om de lak tegen roest en
veroudering te beschermen.
Was, nadat u op een stoffige of
modderige weg gereden heeft, de
auto zo snel mogelijk. Besteed hierbij
de nodige zorg aan het verwijderen
van opeengehoopt zout, vuil of
modder. Controleer of de
afvoeropeningen aan de onderzijde
van de portieren en de dorpels open
en schoon blijven. Insecten, teer, sap van bomen,
uitwerpselen van vogels, industrieel
vuil en dergelijke kunnen de lak van
uw auto aantasten als ze niet direct
verwijderd worden.
Zelfs bij het direct verwijderen kan
blijken dat water alleen niet
toereikend is.
Gebruik in dat geval een speciale
autoshampoo.
Spoel de auto na het wassen grondig
af met lauw of koud water. Laat deshampoo niet op de lak opdrogen.
• Gebruik geen agressieve
reinigingsmiddelen, oplos-
middelen of te heet water en was
de auto niet in de volle zon of
wanneer de carrosserie warm is.
• Wees voorzichtig bij het schoonmaken van de zijruiten,
vooral bij gebruik van een
hogedrukreiniger. Er kan namelijk water door de ruiten het interieur
binnendringen.
AANWIJZING
AANWIJZING
■Lamp dashboardkastje
OOS077047
Page 528 of 540

8
Specificaties & Consumenteninformatie
8
Specificaties & Consumenteninformatie
8
Afmetingen .............................................................8-2
Motor .......................................................................8-2
Wattage lampen......................................................8-3
Banden en wielen ..................................................8-4
Belastingsindex en snelheidsindex
banden (Europa) ...................................................8-5
Airconditioningssysteem .......................................8-5
Voertuiggewicht en inhoud bagageruimte .........8-6
Aanbevolen smeermiddelen en hoeveelheden.....8-7
Aanbevolen motorolie (Europa) .....................................8-9
Aanbevolen SAE-viscositeitsindex ................................8-9
Voertuig-identificatienummer (VIN) .................8-11
Voertuigcertificatielabel .....................................8-11
Bandenspanningslabe..........................................8-12
Motornummer .......................................................8-12
Label aircocompressor ........................................8-12
Koudemiddelsticker ..............................................8-13
Conformiteitsverklaring ......................................8-13