Laden Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch)
[x] Cancel search | Manufacturer: HYUNDAI, Model Year: 2018, Model line: Kona, Model: Hyundai Kona 2018Pages: 540, PDF Size: 9.01 MB
Page 241 of 540

3-157
Kenmerken van uw auto
Roof rack
(indien van toepassing)
Als uw auto is voorzien van een roof
rack, kunt u bagage op het dak
vervoeren.
Plaats, als de auto is uitgerust met
een schuif-/kanteldak, de lading
zodanig op het roof rack dat de
werking van het dak niet wordt
gehinderd.• Neem de juiste
voorzorgsmaatregelen om te
voorkomen dat lading op het
roof rack het dak beschadigt.
• Zorg ervoor dat grote objecten nooit aan de achterzijde of aan
de zijkant buiten de autouitsteken.
AANWIJZING
AANWIJZING
EXTERIEUR
3
OOS047317•Hieronder wordt aangegeven
wat het maximale gewicht is
dat kan worden geladen op
het roof rack. Verdeel de
lading zo gelijkmatig mogelijk
over het roof rack en zet de
lading goed vast.
Er kan schade aan uw auto
ontstaan als u meer bagage
dan toegestaan is op het roof
rack vervoert.
•Het zwaartepunt van de auto
ligt hoger als er zich lading op
het roof rack bevindt.
Vermijd plotseling wegrijden
of remmen, scherpe bochten,
abrupte manoeuvres of hoge
snelheden waardoor u de
macht over het stuur kunt
kwijtraken of de auto over de
kop kan slaan.
•Rijd altijd langzaam en neem
bochten voorzichtig als u
voorwerpen op het roof rack
vervoert.
Sterke windvlagen kunnen
een opwaartse druk aan de
onderzijde van de lading
veroorzaken. Dit geldt met
name voor grote, platte
voorwerpen zoals houtenpanelen of matrassen.
Hierdoor kunnen voorwerpen
van het roof rack vallen en deauto of andere auto's
beschadigen.
•Controleer regelmatig of de
voorwerpen op het roof rack
goed vastzitten om te
voorkomen dat de lading
beschadigd of verloren raakt.
WAARSCHUWING
ROOF 80 kg
RACK EVENLY DISTRIBUTED
Page 260 of 540

4-19
Multimediasysteem
4
• Het gebruik van USB-accessoires,zoals laders of verwarming die
gebruikmaken van USB I/F, kan de
prestaties van het product negatief
beïnvloeden of storingen
veroorzaken. Gebruik de USB-
apparaten en -accessoires niet voor
deze doeleinden.
• Het gebruik van USB-aansluitingen en verlengkabels kan ertoe leiden
dat het audiosysteem van de auto
uw USB-apparaat niet herkent.
Sluit het USB-apparaat rechtstreeks
aan op de multimedia-aansluiting
van uw auto.
• Wanneer u USB-apparaten met een hoge capaciteit gebruikt met
afzonderlijke logische stations,
kunnen er alleen bestanden worden
afgespeeld die op het hoogste
logische station zijn opgeslagen. Als
er applicaties op een USB-apparaat
zijn opgeslagen, kan er mogelijk
niet worden afgespeeld.
• Sommige MP3-spelers, mobiele telefoons, digitale camera's, enz.
(USB-apparaten die niet worden
herkend als apparaat voor mobiele
opslag) werken mogelijk niet goed
wanneer ze worden aangesloten. • Het opladen via de USB-aansluiting
wordt door sommige mobiele
apparaten mogelijk niet
ondersteund.
• Alleen voor standaard USB- apparaten (Metal Cover Type)
wordt de werking gegarandeerd.
• De werking van HDD-, CF- en SD- apparatuur en van USB-sticks wordt
niet gegarandeerd.
• DRM-bestanden (Digital Rights Management) kunnen niet worden
afgespeeld.
• USB-apparaten van het SD- of CF- type en andere USB-apparaten
waarbij een adapter moet worden
gebruikt voor het aansluiten,
worden niet ondersteund.
• Wanneer er USB-HDD's of USB- apparaten worden gebruikt
waarvan de aansluitingen losraken
als gevolg van de trillingen van de
auto (iStick, enz.), kan een juiste
werking ervan niet worden
gegarandeerd. • USB-producten die als
sleutelhangers of
accessoires voor de
mobiele telefoon worden
gebruikt, kunnen de USB-aansluiting
beschadigen en het juist afspelen van
bestanden negatief beïnvloeden.
Gebruik deze niet. Gebruik alleen
producten met een stekkeraansluiting
zoals in de afbeelding aangegeven.
• Wanneer MP3-apparaten of mobiele telefoons tegelijkertijd
worden aangesloten in de AUX-, BT
Audio- of USB-modus, hoort u
mogelijk een knal of doet zich een
storing voor.
Page 262 of 540
![Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch) 4-21
Multimediasysteem
4
In willekeurige volgorde afspelen
Selecteer [Willekeurige] om het in
willekeurige volgorde afspelen, het in
willekeurige volgorde afspelen van
de map of het in willekeurige
v Hyundai Kona 2018 Handleiding (in Dutch) 4-21
Multimediasysteem
4
In willekeurige volgorde afspelen
Selecteer [Willekeurige] om het in
willekeurige volgorde afspelen, het in
willekeurige volgorde afspelen van
de map of het in willekeurige
v](/img/35/16237/w960_16237-261.png)
4-21
Multimediasysteem
4
In willekeurige volgorde afspelen
Selecteer [Willekeurige] om het in
willekeurige volgorde afspelen, het in
willekeurige volgorde afspelen van
de map of het in willekeurige
volgorde afspelen van de categorie
in of uit te schakelen.
• In willekeurige volgordeafspelen: De muziekstukken
worden in willekeurige volgordeafgespeeld.
• Map in willekeurige volgorde afspelen: Alle muziekstukken in de
huidige map worden in willekeurige
volgorde afgespeeld.
• Categorie in willekeurige volgorde afspelen: Alle
muziekstukken in de huidige
categorie worden in willekeurige
volgorde afgespeeld.
Menu
Druk op de toets [MENU]en
selecteer de gewenste functie.
• Informatie: Gedetailleerde informatie over het muziekstuk dat
op dat moment wordt afgespeeld.
• Geluidsinstellingen: De geluidsinstellingen kunnen worden
gewijzigd. Informatie
- Gebruik van de iPod
®
• Gebruik de bij uw iPod ®
geleverde
kabel om de bedieningsfunctie van
de iPod ®
van het audiosysteem te
kunnen gebruiken.
• Wanneer u de iPod ®
tijdens het
afspelen op de auto aansluit, is
mogelijk gedurende één of twee
seconden een hard geluid te horen.
Sluit de iPod ®
op de auto aan nadat
u het afspelen hebt gestopt of
onderbroken.
• Sluit de iPod ®
op de auto aan terwijl
het contact in stand ACC staat om
het opladen te starten.
• Wanneer u de iPod ®
-kabel aansluit,
moet u ervoor zorgen dat u de kabel
goed in de aansluiting drukt.
• Wanneer de EQ-functies van een extern apparaat, zoals een iPod ®
, en
het audiosysteem beide actief zijn,
kunnen de EQ-effecten elkaar
overlappen en leiden tot een
mindere geluidskwaliteit en
vervorming. Schakel indien
mogelijk de EQ-functie uit voor alle
externe apparaten. • Er kan sprake zijn van ruis wanneer
uw iPod ®
of een AUX-apparaat
wordt aangesloten. Koppel het
apparaat los wanneer u dit niet
gebruikt en berg het op.
• Er kan sprake zijn van ruis wanneer het audiosysteem wordt gebruikt
terwijl een iPod ®
of extern AUX-
apparaat is aangesloten op de
aansluiting voor de voeding. Koppel
in deze gevallen de iPod ®
of het
externe apparaat los van de
aansluiting voor de voeding.
• Afhankelijk van de eigenschappen van uw iPod ®
/iPhone ®
wordt het
afspelen mogelijk onderbroken of
kunnen zich storingen voordoen in
het apparaat.
• Mogelijk wordt er niet afgespeeld als uw iPhone ®
via zowel Bluetooth ®
als
USB is verbonden. Selecteer in dit
geval op uw iPhone ®
de Dock-stekker
of Bluetooth ®
om de instellingen voor
de audio-uitgang te wijzigen.
• Als uw softwareversie het communi- catieprotocol niet ondersteunt of als
uw iPod ®
niet wordt herkend als
gevolg van een storing of defect in het
apparaat, kan de iPod ®
-modus niet
worden gebruikt.
i
Page 263 of 540

4-22
Multimediasysteem
•De iPod®
nano (5e generatie) wordt
mogelijk niet herkend als de batterij
bijna leeg is. Laad hem ver genoeg
op voordat u hem gebruikt.
• De volgorde bij het zoeken of afspelen van muziekstukken op de
iPod ®
kan verschillen van de
volgorde op het audiosysteem.
• Als de iPod ®
als gevolg van een
interne storing niet werkt, reset dan
de iPod ®
(raadpleeg de handleiding
van uw iPod ®
).
• Afhankelijk van de softwareversie kan de iPod ®
mogelijk niet met het
systeem worden gesynchroniseerd.
Als de media wordt verwijderd of
losgekoppeld voordat deze is
herkend, keert het systeem mogelijk
niet terug naar de voorgaande
modus (iPod ®
kan niet worden
opgeladen).
• Andere kabels dan die van 1 meter die met iPod ®
-/iPhone ®
-producten
worden meegeleverd, worden
mogelijk niet herkend.
• Wanneer er andere muziek-apps op uw iPod ®
worden gebruikt, werkt
de synchroniseerfunctie van het
systeem mogelijk niet door een
storing in de iPod ®
-applicatie.iPod®
(1) Herhalen
Druk op de toets [1]om het herhalen
in en uit te schakelen.
(2) Willekeurige
Druk op de toets [2]om het afspelen
in willekeurige volgorde in en uit te
schakelen.
(3) Lijst
Druk op de toets [3]om een lijst van
alle muziekstukken te bekijken.
Afspelen
Sluit uw iPod ®
aan op de USB-
aansluiting, druk op de toets [MEDIA] en selecteer [iPod].
Naar een ander muziekstuk gaan
Druk op de toets [SEEK/TRACK]om
het vorige of volgende muziekstuk af te spelen. Houd de toets [SEEK/TRACK]
ingedrukt om het muziekstuk dat op
dat moment wordt afgespeeld terug
of vooruit te spoelen.
Zoek muziekstukken door aan de knop TUNE te draaien en druk op de
knop om af te spelen.
Page 281 of 540

5
Rijden in de winter ............................................5-106Sneeuw en ijs.................................................................5-106
Voorzorgsmaatregelen voor rijden in de winter...5-108
Rijden met een aanhanger (Europa) ..............5-111 Als u gaat rijden met een aanhanger?....................5-112
Uitrusting voor het rijden met een aanhanger .....5-115
Rijden met een aanhanger .........................................5-116
Onderhoud bij het rijden met een aanhanger ......5-120
Massa van de auto ............................................5-121 Overbeladen ...................................................................5-121
Page 290 of 540

5-12
Rijden met uw auto
Stand startknop ActieOpmerkingen
OFF
Breng om de motor uit te schakelen de auto
tot stilstand en druk op de startknop.
Het stuurslot beschermt de auto tegen
diefstal (indien van toepassing). Als het stuurwiel niet correct vergrendeld is
wanneer u het bestuurdersportier opent, zal
er een waarschuwingszoemer klinken.
ACC
Druk de toets Engine Start/Stop als deze in
stand OFF staat in zonder het
koppelingspedaal in te trappen.
Bepaalde elektrische accessoires kunnen
worden gebruikt.
Het stuurslot ontgrendelt. Als u de startknop gedurende meer dan een
uur in stand ACC laat staan, zal de
accuspanning automatisch worden
uitgeschakeld om te voorkomen dat de accu
ontladen raakt.
Als het stuurwiel niet correct wordt
ontgrendeld, zal de startknop niet werken.
Druk op de startknop en beweeg daarbij hetstuurwiel naar rechts en naar links om het
stuurslot te ontgrendelen..
Standen startknop
- Auto met handgeschakelde transmissie
Page 292 of 540

5-14
Rijden met uw auto
Standen startknop
- Auto met Double clutch-transmissieStand startknop Actie Opmerkingen
OFF
Zet de motor uit door op de startknop terwijl
de selectiehendel in stand P (parkeren)staat.
Wanneer u op de startknop drukt terwijl de
selectiehendel niet in stand P (parkeren)
staat, gaat de startknop niet naar stand
OFF, maar naar stand ACC.
Het stuurslot beschermt de auto tegen
diefstal (indien van toepassing). Als het stuurwiel niet correct vergrendeld is
wanneer u het bestuurdersportier opent, zal
er een waarschuwingszoemer klinken.
ACC
Druk op de startknop als de startknop in
stand OFF staat zonder het rempedaal
in te trappen.
Bepaalde elektrische accessoires kunnen
worden gebruikt.
Het stuurslot ontgrendelt. Als u de startknop gedurende meer
dan een uur in stand ACC laat staan,
zal de accuspanning automatisch worden
uitgeschakeld om te voorkomen dat de accu
ontladen raakt.
Als het stuurwiel niet correct wordt
ontgrendeld, zal de startknop niet werken.
Druk op de startknop en beweeg daarbij hetstuurwiel naar rechts en naar links om de
spanning weg te nemen.
Page 298 of 540

5-20
Rijden met uw auto
Bedienen van de koppeling
Het koppelingspedaal moet geheel
worden ingetrapt omdat:
- Starten van de motor De motor kan niet worden gestart
zonder het koppelingspedaal in te
trappen.
- Versnelling inschakelen, één versnelling opschakelen of één
versnelling terugschakelen.
- Stoppen van de motor
Breng de auto op een veilige plaats
tot stilstand en trap het rempedaal en
het koppelingspedaal in. Schakel
vervolgens stand N (neutraal) in en
zet de motor uit.
Laat het koppelingspedaal langzaam
opkomen. Het koppelingspedaal
moet tijdens het rijden altijd geheelzijn losgelaten. Om onnodige slijtage of schade
aan de koppeling te voorkomen:
• Laat tijdens het rijden uw voet
niet op het koppelingspedaal rusten.
• Gebruik de koppeling niet om de auto op zijn plaats te houden op
een helling, bij het wachten voor
een verkeerslicht, enz.
• Trap het koppelingspedaal altijd geheel in om bijgeluiden tijdens
het schakelen of schade te
voorkomen.
• Rijd niet weg in de 2e (tweede) versnelling, tenzij u wegrijdt
vanuit stilstand op een gladdeweg.
• Rijd niet met de auto als deze zwaarder is beladen dan
toegestaan.
• Houd het koppelingspedaal ingetrapt totdat de motor
volledig is gestart. Als u het
koppelingspedaal loslaat,
voordat de motor volledig is
gestart, slaat de motor mogelijk
weer af.
AANWIJZING
•Als de auto niet is voorzien
van een contactslot, komt hij
mogelijk in beweging als de
motor onder de volgende
omstandigheden wordt
gestart.
- de parkeerrem wordt
gedeactiveerd.
- de selectiehendel staat niet in stand N (neutraal).
- het koppelingspedaal is niet volledig ingetrapt.
WAARSCHUWING
Page 315 of 540

5-37
Rijden met uw auto
5
Op wegen met los grind of wegen die niet vlak zijn kan het
antiblokkeersysteem voor een
langere remweg zorgen dan bij
auto’s zonder antiblokkeersysteem.
Het waarschuwingslampje ABS ( ) gaat nadat het contact in stand ON is
gezet enkele seconden branden. Het
ABS voert dan een zelfdiagnose uit
en het lampje zal doven wanneer
alles in orde is. Wanneer het lampje
blijft branden, is er mogelijk een
probleem aanwezig in het ABS. We
adviseren u zo snel mogelijk contactop te nemen met een officiële
HYUNDAI- dealer.Als u op een weg rijdt waar erg
weinig grip is, bijvoorbeeld op een
bevroren wegdek, en voortdurend
de remmen bedient, is het ABS
voortdurend in werking en kan het
waarschuwingslampje ABS ( )gaan branden.
Zet de auto op een
veilige plaats stil en zet de motor uit.
Start de motor opnieuw. Als het
waarschuwingslampje ABS dooft,
is het ABS in orde.
Anders is er mogelijk een storing
in het ABS. We adviseren u zo snel
mogelijk contact op te nemen met
een officiële HYUNDAI-dealer.
Informatie
Als u de auto met een hulpaccu
moet starten doordat de accu is
leeggeraakt, kan het
waarschuwingslampje ABS gaan
branden ( ). Dit komt door de lage
accuspanning. Het betekent niet dat
er een storing in het ABS is. Laat de
accu bijladen voordat u wegrijdt.
Elektronische
stabiliteitsregeling (Electronic
Stability Control-ESC)
(indien van toepassing)
De elektronische stabiliteitsregeling
(ESC) is ontworpen om de stabiliteit
van de auto in bochten te
verbeteren. Het ESC controleert in
welke richting u stuurt en in welke
richting de auto daadwerkelijk
beweegt. De ESC remt de wielen
gericht af en grijpt in in het
motormanagementsysteem om debestuurder te helpen de auto op de
gewenste koers te houden.
i
AANWIJZING
OOS057012
Wanneer het waarschu-
wingslampje ABS ( ) blijft
branden, is er mogelijk een
probleem aanwezig in het ABS. De
rembekrachtiging werkt normaal.Om de kans op ernstig letsel te
beperken adviseren we u zo snel
mogelijk contact op te nemen met
een officiële HYUNDAI-dealer.
WAARSCHUWING
Page 381 of 540

5-103
Rijden met uw auto
5
• Kijk niet rechtstreeks in dekoplampen van tegemoetkomende
auto's. U kunt daardoor tijdelijk
verblind raken en het duurt enkele
seconden voordat uw ogen weer
aan de duisternis gewend zijn.
Rijden in de regen
Regen en natte wegen kunnen het
rijden gevaarlijk maken. Hier volgt
een aantal aandachtspunten voor
het rijden in de regen of op een glad
wegdek:
• Verlaag uw snelheid en bewaarmeer afstand tot uw voorligger.
Door hevige regenval zal het zicht
beperkt worden en de remweg
groter worden.
• Schakel de cruise control (indien van toepassing) UIT.
• Vervang de ruitenwisserbladen als ze strepen achterlaten of bepaalde
stukken overslaan. • Zorg ervoor dat de banden
voldoende profiel hebben.
Wanneer uw banden niet
voldoende profiel hebben, kunnende wielen bij hard remmen op een
nat wegdek gaan slippen waardoor
een ongeval kan ontstaan. Zie
“Profiel" in hoofdstuk 7.
• Schakel uw koplampen in zodat anderen u beter kunnen zien.
• Te snel door grote waterplassen rijden kan uw remmen aantasten.
Als u door plassen moet rijden,probeer dit dan langzaam te doen.
• Trap het rempedaal tijdens het rijden licht in totdat de remmen
weer normaal werken wanneer u
vermoedt dat uw remmen nat
geworden zijn.
Aquaplaning
Als er voldoende water op het
wegdek ligt en u hard genoeg rijdt,kan het contact tussen uw auto en
het wegdek grotendeels of geheel
verloren gaan, waardoor op het
water rijdt. Het beste advies is
LANGZAMER te gaan rijden als de
weg nat is. De kans op aquaplaning neemt
toe naarmate de profieldiepte van
de banden vermindert, zie
“Profiel” in hoofdstuk 7.